Aangemaakte reacties

10 berichten aan het bekijken - 61 tot 70 (van in totaal 718)
  • Auteur
    Reacties
  • In reactie op: Incest #259435
    Mark
    Moderator

      MANDY (33) WERD MISBRUIKT DOOR HAAR OPA: ‘DAT MONSTER WAS ÓÓK MIJN GROTE VRIEND’

      Mandy Sleijpen (33) werd van haar achtste tot haar veertiende seksueel misbruikt door haar opa. Soms zelfs terwijl haar oma naast hen lag te slapen. Toen het misbruik uitkwam, viel de familie uiteen.

      “Mijn oma zei: ‘Ik kan hem als mens toch niet laten vallen. Zo erg was het toch niet?’”

      MANDY
      Toen Mandy op de musicalacademie zat, maakte ze eens een voorstelling over een meisje dat seksueel werd misbruikt. Na de voorstelling kwamen regelmatig vrouwen naar haar toe, die vertelden dat ze hetzelfde hadden meegemaakt. “Daardoor dacht ik: zie je, ik ben niet de enige, seksueel misbruik komt veel vaker voor dan we denken.”

      Om duidelijk te maken wat de impact van seksueel misbruik bij kinderen is, zette ze tijdens de coronacrisis een stichting op: ‘Wij zijn M’, waarin ‘M’ zowel staat voor ‘misbruikt’ als ‘machteloos’, ‘moedig en mooi’. Die laatste twee zijn eigenschappen waar Mandy zelf nog jaren na het misbruik mee heeft geworsteld.

      OPA
      “Als jong meisje kwam ik wekelijks over de vloer bij mijn opa en oma”, vertelt ze. “Als mijn oma weg was om dansles te geven, vroeg hij vaak wanneer ik weer langskwam. Dat vonden mijn ouders op dat moment niet gek. We hadden een goede band. Hij was mijn grote vriend.”

      De eerste keer dat Mandy seksueel werd misbruikt herinnert ze zich nog goed. “We keken tv. Ik was een jaar of acht en lag bij hem op schoot. Hij was over mijn rug aan het wrijven en stak op een gegeven moment zijn hand in mijn onderbroek. ‘Mandy’, zei hij toen, ‘dit mag niet van de politie. Als dit uitkomt gaan we samen de gevangenis in’. Daar schrok ik enorm van. De gevangenis zag ik als een eng iets, dus besloot ik ter plekke: wat er ook gebeurt, ik ga nooit iets vertellen.”

      WC
      De jaren daarna ging haar opa steeds verder. Mandy: “Als het dan weer gebeurd was, sloeg zijn stemming vaak om. Alsof hij dan ineens besefte dat hij iets ergs deed. Ik sloot me dan op in de wc, dat was mijn veilige plek. Ondertussen stond hij voor de deur te tieren: ‘Jij bent een hoer, jij hebt dit zelf uitgelokt’.”

      Het misbruik gebeurde voornamelijk als ze alleen waren. Een enkele keer was haar nichtje erbij. En soms zat hij aan haar als ze ’s ochtends bij haar opa en oma in bed kwam liggen tijdens een logeerpartijtje. “Ik ging bewust tussen hen in liggen”, zegt Mandy. “Zo wist ik zeker dat het bij aanraken bleef en voorkwam ik dat hij kans zag om mijn kamer in te glippen en mij weer te verkrachten.”

      EEN MONSTER, EEN VRIEND
      Al die jaren sprak ze met niemand over het misbruik. “Het was mijn grootste angst dat het uit zou komen. Ik was bang dat ik mijn familie kwijt zou raken, maar ook om opa kwijt te raken. Als puber maakte ik mezelf wijs dat hij was ingehuurd, dat hij dit moést doen van iemand anders. Ik wilde hem gewoon echt niet zien als dader. Hij was mijn vriend, maar ook een monster.”

      Toen Mandy veertien was, verbrak ze het stilzwijgen. “Mijn ouders lagen op dat moment in scheiding. Daar had ik het heel moeilijk mee, omdat daardoor mijn enige veilige plek uit elkaar viel. Tijdens een les geschiedenis heb ik toen tegen een vriendinnetje verteld wat er was gebeurd. Het gekke is dat ik op dat moment zelfs nog even dacht, is dit wel echt zo?. Al die tijd had ik het bij me gedragen. Door het uit te spreken werd het ineens realiteit.”

      ‘HET IS MIJN VADER’
      Het vriendinnetje schakelde direct de vertrouwensdocent in en een leraar Duits bij wie Mandy zich op haar gemak voelde. Ze voerden wekelijks gesprekken, totdat Mandy liet vallen dat het misbruik niet iets was uit het verleden, maar nog steeds plaatsvond. Daarop werden – ondanks hevig protest van Mandy – direct haar ouders opgebeld en gevraagd naar school te komen.

      “Toen mijn ouders te horen kregen dat ik werd misbruikt, zei mijn moeder meteen: ‘Het is mijn vader hè?’ Voor haar vielen ineens de puzzelstukjes in elkaar. Ze had misschien wel aangevoeld dat er iets niet klopte, maar heeft nooit toegegeven aan die gedachte.”

      PROSTAATKANKER
      “Na het gesprek belde mijn moeder haar drie zussen op en zijn we samen naar mijn opa en oma gegaan. Hij gaf direct alles toe, maar verdedigde zich ook. ‘Ze kwam zelf bij mij op schoot zitten, hè’. Mijn tante vroeg of hij ook aan haar dochter had gezeten. ‘Ja, ja, een paar keer geloof ik’, antwoordde hij.”

      “Oma zette hem vervolgens het huis uit, maar toen hij later prostaatkanker bleek te hebben, nam ze hem terug. ‘Ik kan hem als mens niet laten vallen’, zei ze. ‘Zo erg was het toch niet?’.”

      LIEFDE
      Zo erg was het natuurlijk wél. Mandy leerde afgelopen jaren – mede dankzij verschillende vormen van therapie en coaching – dat ze niet ‘onwijs vies en smerig was’, zoals ze zelf geloofde. “Ik heb jarenlang gewalgd van mezelf en was overtuigd dat iedereen dat deed. Ik mocht bijvoorbeeld ook geen jurkjes aan van mezelf, want daarmee gaf ik mannen eigenlijk ‘toestemming’ om mij te verkrachten als zij dat wilden. Zo voelde dat echt.”

      Hoewel het inmiddels wat beter gaat en Mandy ook heeft geleerd dat ze mag, én kan genieten van intimiteit, blijft dat een moeilijk iets. “Ik heb nog nooit een relatie gehad, op dat gebied heb ik nog veel te winnen. Al weet ik nu dat dat ook oké is. Het belangrijkste is dat ik mijn innerlijke kind – dus wie ik vroeger was – leer omarmen. Dat ik dat kind de liefde kan geven die ik in mijn jeugd zo heb gemist.”

      FAMILIE
      Mandy heeft aangifte gedaan en haar opa is veroordeeld. Hij zat een tijdje in de gevangenis en woont inmiddels weer thuis. Mandy’s ouders, broers en zijzelf hebben het contact verbroken. Eén andere tante spreekt Mandy’s oma nog af en toe op neutraal terrein, maar de rest van de familie komt nog altijd ‘gewoon’ over de vloer. “Dat vind ik schrijnend. Vooral voor m’n nichtje dat ook door hem is misbruikt. Ze hebben zoiets van ‘we moeten door, hij doet het vast niet meer’. Maar ja”, zegt Mandy, “Dat zei hij tegen mij ook altijd.”

      Door het opzetten van de stichting komen er weer veel emoties bovendrijven, maar behoefte om haar opa daarmee te confronteren heeft Mandy niet. “Ik kan geen boosheid voelen richting hem. De enige reden om hem ooit nog te zien zou zijn om te laten zien dat de machtsverhoudingen zijn omgedraaid”, besluit ze. “Ik ben niet meer het kind van toen. Ik ben nu de sterkste.”

      Ben of ken je iemand die te maken heeft gehad met (seksueel) misbruik en ben je op zoek naar informatie, steun of lotgenoten, kijk dan op wijzijnm.nl.

      Bron: linda.nl

      In reactie op: Sexting, sextortion & shaming #259433
      Mark
      Moderator

        Moeders getuigen: de vernietigende impact van online seksueel misbruik


        Slachtoffer Lisa: ‘Wat ik heb meegemaakt, maken duizenden jongeren elk jaar mee.’ ‘Op sociale media speelt een soort cockpiteffect, zoals beschreven bij gevechtspiloten: je ziet je slachtoffers niet.’ © Serge Baeken

        Naarmate onze levens zich steeds meer online afspelen, neemt ook het fenomeen van de wraakporno toe. Ondanks de medewerking van de grote internetplatforms blijft het haast onmogelijk om de ongewenste verspreiding van intieme beelden tegen te houden. ‘Er is bijna geen enkele school in Vlaanderen waar dit niet gebeurt.’

        Lisa Geudens zat met haar ouders in een restaurant aan de andere kant van de wereld toen ze plots haar vriend aan de lijn kreeg. Ze kreeg te horen dat haar ex zonet naaktfoto’s van haar op een Instagramaccount had gezet. ‘Ik was in shock’, vertelt ze. ‘Ik ben in huilen uitgebarsten. Ik heb het meteen aan mijn ouders verteld, en hun gesmeekt om even geen vragen te stellen en mij te helpen. Ik was totaal in shock.’ Geudens was op dat moment 17 jaar oud.

        Anderhalve maand voordien had ze het uitgemaakt met haar eerste vriend, na drie jaar van wat ze zelf ‘een toxische relatie’ noemt. ‘Tijdens die relatie heeft hij me onder meer gepusht om naakt- foto’s door te sturen’, zegt Geudens. ‘Liefde maakt blind, dus ik deed wat hij vroeg, hoewel ik me er eigenlijk niet goed bij voelde. Ik stuurde hem foto’s via Snapchat, omdat ze daar na verloop van tijd verdwijnen. Maar hij nam er blijkbaar screenshots van. Ik ben er later ook achter gekomen dat hij die foto’s met zijn vrienden deelde.’

        Samen met haar zus slaagde Geudens erin om haar ex onder druk te zetten. De beelden werden redelijk snel verwijderd. Met het besef dat haar beelden door tal van toenmalige medescholieren gezien waren, had ze ondertussen leren leven. Omdat ze geen zin had in gerechtelijke procedures die maanden of zelfs jaren konden aanslepen, besloot ze uiteindelijk geen klacht in te dienen.

        Lisa is een van de vele slachtoffers van wraakporno die nooit in de statistieken zullen terechtkomen. Er bestaan nauwelijks betrouwbare cijfers over hoe vaak het fenomeen voorkomt. Bij het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen (IGVM), dat sinds juli 2020 meerderjarige slachtoffers van wraakporno begeleidt, werden de voorbije elf maanden 85 dossiers geopend. Bij Child Focus kwamen het afgelopen jaar 65 procent meer meldingen van online seksueel misbruik binnen dan in 2019. Volgens Olivier Bogaert, commissaris bij de Computer Crime Unit van de federale politie, registreerde de politie in 2020 maar liefst 597 klachten wegens wraakporno. Ter vergelijking: in 2014 waren dat er slechts 7. ‘Dit is slechts het topje van de ijsberg’, zegt Bogaert. ‘Het dark number is ontzettend groot.’

        Wraakporno is een slecht gekozen term. Porno wordt gemaakt voor consumptie en impliceert medewerking en een publiek.
        Onlinereputatiemanager Willem van Lynden

        Wraakporno is typisch – maar niet uitsluitend – een probleem van de jongere generaties, die seksualiteit steeds vaker ook online beleven. ‘Dit is een generatie waarin het verschil tussen online en offline bijna volledig is weggevallen’, zegt Catherine Van de Heyning, die als hoogleraar fundamentele rechten en substituut-procureur des Konings bij het parket in Mechelen het fenomeen wraakporno onderzoekt aan de Universiteit Antwerpen. ‘Onder jongeren is het schering en inslag. Er is bijna geen enkele school in Vlaanderen waar dit niet gebeurt.’

        Weinig scholen weten goed hoe ze met het nieuwe fenomeen moeten omgaan. ‘Dat is een van de redenen waarom Child Focus is gestart met de website sexting.be, zegt Niels Van Paemel, beleidsadviseur van Child Focus. ‘Stel: er gaat een naaktfoto van een meisje rond in een school. Soms krijgen wij dan telefoon: “We hebben alvast de politie gebeld, maar wat nu?” Dan zeggen wij meestal: “Stuur de politie alvast terug. Die kan er niet voor zorgen dat die foto niet langer wordt gedeeld.” Op zo’n moment moet je vooral luisteren naar het slachtoffer en door gesprekken in de klas ervoor zorgen dat de keten van verspreiding wordt verbroken.’

        Wraakporno plaatst ook vertrouwenspersonen voor dilemma’s. ‘Het begint tegenwoordig zelfs al in het eerste middelbaar’, klinkt het bij een leerlingenbegeleidster die actief is in het Antwerpse stedelijk onderwijs. ‘Ik krijg geregeld meisjes over de vloer die in alle staten zijn omdat er intieme beelden van hen circuleren. Het gaat haast altijd op dezelfde manier: ze beginnen te chatten met onbekenden, die hun vertrouwen winnen en hen dan gaandeweg aanmoedigen om steeds uitdagender foto’s te sturen.’ Het probleem doet zich opvallend vaak voor bij leerlingen met een islamitische achtergrond. ‘Veel moslimmeisjes kunnen er niet mee naar hun ouders. Ze beseffen dat ze het risico lopen om verstoten te worden als die beelden uitkomen. Schooldirecties willen daarmee vaak onmiddellijk naar de politie, en de politie gaat dan altijd naar de ouders. Ik weiger dat pertinent, want dat willen die meisjes juist te allen prijze voorkomen.’

        Eveline
        België heeft sinds 2016 een wettelijk kader om ‘het niet-consensueel verspreiden van intieme beelden’, zoals wraakporno in het strafwetboek heet, aan te pakken. In 2020 keurde het federale parlement unaniem een wet goed die wraakporno strenger bestraft. Wie tegen de wil van de betrokkene seksueel getinte beelden of opnames verspreidt, riskeert een celstraf tot vijf jaar.

        Overigens stuit de term ‘wraakporno’ nogal wat experts tegen de borst. ‘Het is een heel slecht gekozen term’, zegt Willem van Lynden, jurist bij MediaMaze, een Nederlands bedrijf gespecialiseerd in onlinereputatiemanagement voor slachtoffers van online- shaming en woordvoerder van de stichting Stop Online Shaming (SOS). ‘Porno wordt gemaakt voor consumptie en impliceert medewerking en een publiek. Hier gaat het vaak om beelden die niet bedoeld zijn om breed bekeken te worden. Wraak suggereert dan weer dat het slachtoffer iets heeft gedaan dat moet worden gewroken.’ Van Lynden pleit ervoor om de term ‘online seksueel misbruik’ breder ingang te doen vinden. ‘Woorden doen ertoe voor wie dit meemaakt en hoe het grote publiek ernaar kijkt.’ De in overgrote meerderheid mannelijke daders worden volgens Van Lynden doorgaans ook niet gedreven door wraak. ‘Ze doen het om stoer te doen, te pochen tegenover vrienden, of om een filmpje voor een ander filmpje te kunnen ruilen.’

        In Vlaanderen raakte het concept wraakporno ingeburgerd in september vorig jaar, toen een (mannelijke) student onder de alias Eveline naaktfilmpjes ontfutselde aan verschillende bekende Vlamingen. De filmpjes werden gretig gedeeld via WhatsApp en andere geëncrypteerde kanalen. Dat een aantal van die BV’s uiteindelijk gerechtelijke actie heeft ondernomen, waarbij de dader relatief snel werd gevat, heeft wraakporno wel het brede maatschappelijke debat in getrokken. ‘Het heeft veel Vlamingen doen beseffen dat het doorsturen van zulke filmpjes gewoon strafbaar is’, aldus Van de Heyning.

        Tegelijk ziet Van de Heyning negatieve effecten. ‘In de reacties hoorde je vaak dat die BV’s het zelf hadden gezocht, en dat ze die beelden beter niet hadden gemaakt. Op die manier geef je de boodschap mee dat slachtoffers van wraakporno zelf schuld hebben aan wat hun overkomt. Dat is absoluut niet zo. Mensen hebben het recht om intieme beelden van zichzelf te maken. Sexting is doodnormaal onder jongeren. Het is deel van de seksuele ontwikkeling en het is totaal onrealistisch om te denken dat jongeren ermee zullen ophouden omdat het soms uit de hand loopt.’

        Over het algemeen zijn de slachtoffers van wraakporno (jonge) vrouwen. Uit een internationaal onderzoek uit 2018 blijkt dat het in 92 procent van de gevallen over beelden van vrouwen gaat. Uit alle internationale onderzoeken wordt ook duidelijk dat de overgrote meerderheid van de wraak- pornoverspreiders mannen zijn. Alleen bij zogenaamde sextortion, waarbij mensen worden afgeperst met zelfgemaakte naaktbeelden, zijn mannen vaker de dupe. En soms is wraakporno gewoon een wapen in handen van criminelen. RTL-journalist Daniël Verlaan ontdekte in 2018 een waar wraakpornonetwerk waarin duizenden Nederlandse en Vlaamse gebruikers beelden met elkaar deelden. Door met een alias in de chatkamers binnen te breken, stelde Verlaan vast dat tussen de gebruikers een ware ruileconomie was ontstaan. ‘Het was bijna alsof ze Pokémonkaarten met elkaar ruilden’, aldus Verlaan. ‘Hoe vaker de beelden gedeeld werden, hoe minder ze waard werden. De kostbaarste beelden, die vaak slechts in het bezit van één persoon zijn, worden original content genoemd.’

        Bepaalde gebruikers gingen bijzonder ver om aan beeldmateriaal te raken. ‘De gebruikers wisselden onderling tips uit om telefoons en accounts te hacken’, vertelt Verlaan. ‘Ze maakten valse profielen aan om tienermeisjes om de tuin te leiden. Er was zelfs een jongen bij die de computer van zijn eigen nichtje had gehackt om aan intieme beelden te komen.’ Verlaan ergert zich aan de manier waarop het verspreiden van intieme beelden vergoelijkt wordt. ‘Dit zijn gewoon criminelen’, benadrukt Verlaan. ‘Het zijn mannen die door het verzamelen van intieme beelden macht willen vergaren over hun slachtoffers, en het zelfs aan- durven om losgeld te eisen. Ze weten donders goed dat ze levens kapot- maken.’

        Heel wat dorpsgenoten nemen het me kwalijk dat ik een klacht heb ingediend, en vinden dat ik me aanstel. Het is echt verbazend hoe weinig mensen snappen hoe slopend dit is.
        Slachtoffer Lore*

        Brute pech
        Van overheidswege ligt de nadruk sterk op preventie. Wie geen herkenbare naaktbeelden van zichzelf maakt, loopt niet het risico om het slachtoffer van wraakporno te worden, zo luidt de logica. Dat klopt maar tot op zekere hoogte. Niet zelden gebruiken daders Photoshop, waarmee ze het hoofd van hun slachtoffers op een naakt lichaam monteren. Soms gebeurt het ook dat oude naaktbeelden die de betrokkene allang was vergeten opeens zonder aanwijsbare reden online komen te staan. ‘Onlangs kwam een vrouw bij ons aankloppen’, vertelt onlinereputatiemanager Van Lynden, ‘van wie het toenmalige vriendje oude naaktfoto’s had geüpload. Die vrouw had inmiddels kinderen van een jaar of acht. Die zitten natuurlijk ook de hele dag op een tablet, en riskeren dus op naaktfoto’s te stoten die mama twaalf jaar geleden heeft gemaakt. Als je dan niet ingrijpt, is het een kwestie van tijd voor ook al je collega’s die foto’s hebben gezien.’

        En sommige slacht- offers hebben gewoon brute pech. Dat geldt bijvoorbeeld voor Lore*, die eind juni 2018 via een vriend een filmpje kreeg doorgestuurd. Op dat filmpje van een tiental seconden is het gezicht te zien van een vrouw die anale seks heeft. Het filmpje ging vergezeld van Lores naam, haar Facebookprofielfoto en een campagnefoto van toen ze enkele jaren eerder deelnam aan lokale verkiezingen. De vrouw in het filmpje lijkt op Lore, maar heeft een andere stem en accent.

        Toen Lore aangifte deed, kreeg ze te horen dat de politie machteloos stond, omdat WhatsApp-berichten niet traceerbaar zijn. Lore postte een bericht op Facebook waarin ze uitlegde dat de beelden niet van haar waren, en riep op om de beelden niet te delen. Een dag later kreeg ze telefoon van een journalist van Het Nieuwsblad, die haar meldde dat het filmpje hem via verschillende kanalen had bereikt. ‘Pas op dat moment begon het me te dagen dat dit niet meteen zou overwaaien’, zucht Lore. ‘Plots besefte ik dat heel pornokijkend Vlaanderen die beelden met mijn naam erbij had gezien. Ze circuleerden blijkbaar al meer dan twee maanden op het internet.’

        In de daaropvolgende weken drong de omvang van de verspreiding pas goed tot haar door. Haar Facebook- account werd overspoeld met tientallen berichten van wildvreemden die met haar wilden afspreken. Ze besloot meteen al haar accounts af te sluiten. In de gemeente waar ze woont en een leidinggevende functie heeft, gingen de beelden gepaard met allerlei roddels. ‘Ik kreeg te horen dat ik mijn man bedroog. Er werden mails naar mijn werk gestuurd. Familieleden werden de hele tijd op dat filmpje aangesproken.’ Lore en haar echtgenoot trokken zich terug in hun cocon. ‘We zijn het eerste jaar amper buiten geweest. Overal waar je komt, heb je het gevoel dat mensen je herkennen en uitlachen.’

        Het filmpje bleek afkomstig van het dark web, en was eerder dat jaar terechtgekomen in een ludieke WhatsAppgroep waarin plaatselijke middenstanders seksfilmpjes deelden. Een van de leden van die groep bemerkte in zo’n filmpje een vrouw die wat op Lore leek, en voegde er tot hilariteit van de groepsleden haar foto’s aan toe. Vervolgens stuurde een lid van de groep de beelden en foto’s door naar een andere WhatsAppgroep. Van daaruit verspreidden de beelden en de foto’s zich als een lopend vuurtje. In die groepen zaten verschillende dorpsgenoten die Lore goed kent. ‘Het is verbazend dat zo veel mensen – ook mensen die me kennen – dat filmpje zijn blijven doorsturen.’

        Vorig jaar werden twee leden van de oorspronkelijke WhatsApp-groep veroordeeld tot een symbolische schadevergoeding. ‘Wat me nog het meeste pijn doet, is dat er bij de daders geen schuldbesef is’, zegt Lore. ‘Er zijn heel wat dorpsgenoten die het mij kwalijk nemen dat ik een klacht heb ingediend, en die vinden dat ik me aanstel. Het is verbazend hoe weinig mensen snappen hoe slopend dit is. Ik ben er bijna aan onderdoor gegaan, en het waren niet eens mijn beelden.’

        Pornhub
        Sinds april vorig jaar kunnen slachtoffers aankloppen bij het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen (IGVM). Dat voorziet in gratis juridische bijstand, en helpt ook om beelden te verwijderen. ‘Slachtoffers die contact met ons opnemen, zijn doorgaans niet op zoek naar een juridische procedure’, zegt Liesbet Stevens, hoogleraar seksueel strafrecht aan de KU Leuven en adjunct-directeur van het IGVM. ‘Hun eerste vraag is altijd: haal die beelden zo snel mogelijk offline.’

        Sinds vorig jaar werkt het instituut samen met internetplatforms als Facebook, Google, YouTube, WhatsApp en Pornhub. Het IGVM is bovendien in het bezit van de status trusted flagger, waardoor het op platforms voorrang krijgt wanneer het een verzoek indient om beelden te verwijderen. Facebook en PornHub kunnen bepaalde beelden bovendien hashen, zodat ze automatisch verwijderd worden als ze online worden geplaatst. Ook is het mogelijk om ervoor te zorgen dat zoekmotoren bepaalde websites en pagina’s niet langer opnemen in hun zoekopdrachten, zodat de beelden minder goed vindbaar worden.

        Het is bijna alsof daders Pokémonkaarten ruilen. Hoe vaker de beelden worden gedeeld, hoe minder ze waard worden.
        RTL-journalist Daniël Verlaan

        De nieuwe wet op wraakporno bepaalt dat internetdiensten met een rechterlijk bevel verplicht kunnen worden om binnen de zes uur de beelden te verwijderen. ‘Dat klinkt mooi, maar in de praktijk gaat het veel te traag’, zegt Stevens. ‘Het duurt minstens 48 uur voor je zo’n rechterlijk bevel vasthebt, en vaak nog langer.’

        Sneller gaat het als het IGVM zelf meteen dubieus beeldmateriaal signaleert. Dan slagen platforms er doorgaans redelijk goed in om beelden binnen de wettelijke termijn van zes uur te verwijderen. Die termijn is enorm belangrijk, zegt Stevens. ‘Als je zulke beelden niet snel genoeg verwijdert, is het onmogelijk om ze helemaal weg te krijgen. Dan blijft er altijd wel iets staan op de een of andere obscure website.’ Door een gebrek aan middelen beschikt het IGVM voorlopig evenwel niet over een permanentiedienst zoals Child Focus die heeft. In het weekend en buiten de kantooruren zijn slachtoffers aangewezen op de website van het IGVM (www.igvm-iefh.belgium.be), waar ze uitleg kunnen vinden over hoe ze de beelden eigenhandig offline kunnen zetten.

        Stevens toont zich voorlopig wel tevreden over de medewerking die de meeste internetplatforms verlenen. Die verliep aanvankelijk zeker niet altijd en overal van harte. Pornhub, de megapornowebsite die lange tijd alle protesten van slachtoffers naast zich neerlegde, schoot pas in actie nadat de creditcardbedrijven Visa en Mastercard ermee dreigden de betalingen voor de website niet meer te verwerken. Meer dan 70 procent van alle video’s op de website – het ging om miljoenen filmpjes – werd intussen verwijderd omdat Pornhub niet kon waarborgen dat de mensen op de beelden wel degelijk hun toestemming hadden gegeven. De enige grote speler die nog steeds halsstarrig elke vorm van samenwerking weigert, is Twitter. Begin december startte het IGVM zelfs een rechtszaak tegen Twitter. Er is ook nog het probleem dat het IGVM met tal van ‘kleinere’ platforms geen contact heeft, wat de volledige verwijdering van de beelden moeilijker maakt.

        Maar terwijl het openbare internet, op voorwaarde dat er voldoende wordt gemonitord, steeds vlotter kan worden schoongeveegd, blijft het nog steeds onmogelijk om op te treden tegen beelden die circuleren via versleutelde groepen op apps als WhatsApp, Signal, TikTok of Telegram. ‘Daar zijn we de strijd aan het verliezen’, zegt onderzoekster Catherine Van de Heyning. ‘Omdat die berichten versleuteld zijn, is het voor die platforms zelfs technisch onmogelijk om beelden te detecteren en te verwijderen.’

        ‘Het is een dilemma’, erkent ze. ‘Voor burgers is het een goede zaak dat je via encryptie veilig kunt communiceren, maar het geeft natuurlijk ook de mogelijkheid aan criminelen om zonder enige controle om het even wat te delen. Het is moeilijk om daar een goed evenwicht in te vinden.’

        Dat ondervindt ook Willem van Lynden. ‘Een mogelijkheid is dat platforms als WhatsApp bepaalde gebruikers blokkeren of dat de hele groep waarin de beelden worden gedeeld, wordt verwijderd. Maar de content die daarin is gedeeld, blijft natuurlijk wel op de telefoontjes staan van de mensen die het aan elkaar hebben verzonden. Er is dus altijd de mogelijkheid dat het opnieuw wordt gedeeld. Zelfs als de bewuste beelden in een cloud worden bewaard, is het heel lastig, zo niet onmogelijk, om tegen bijvoorbeeld Apple te zeggen: “Jongens, kunnen jullie dit filmpje weghalen?” Om privacyredenen willen die niet in de bestanden van hun gebruikers rondneuzen. Al geloof ik wel dat we in de toekomst die cloudhostingproviders zullen kunnen aanspreken.’

        Wanhoopsdaden
        Voorlopig is het nog zo dat slachtoffers moeten leren te leven met de angst en onzekerheid dat ongewenst gedeelde naaktbeelden op elk moment opnieuw kunnen opduiken. Met name voor minderjarige slachtoffers is die wetenschap vaak zwaar om te dragen. Ze slaan volledig in paniek, melden zich ziek op school, sluiten zich af, en maken in het allerergste scenario een einde aan hun leven.

        Dat drama overkwam Zara Chiarolini, de moeder van de 14-jarige Maëlle, die eind januari 2020 zelfmoord pleegde. ‘Mijn dochter had een naaktfilmpje van zichzelf gestuurd naar, laten we zeggen, haar vriendje, al weten we niet of er echt een amoureuze relatie was’, vertelt Chiarolini, die lesgeeft op de school in Jumet waar Maëlle schoolliep. ‘Die jongen heeft dat filmpje gedeeld met heel wat vrienden, op allerhande pornosites… Zo is het ontelbare keren bekeken. Nadat het was verspreid, heeft Maëlle tonnen beledigingen en haatboodschappen op haar eigen socialemediakanalen over zich heen gekregen. Het filmpje is een eerste keer gedeeld eind november 2019. Vervolgens is de storm wat gaan liggen. Nadien is de video nog eens gedeeld in januari. Ik denk dat ze toen moet hebben gedacht dat het nooit zou stoppen. Ze zag geen oplossing meer. Het was ook je reinste wraakporno. Hij wilde haar straffen omdat ze in zijn ogen hun relatie te luchtig opnam.’

        Dat weet de moeder nú, maar op het moment van de feiten verkeerde ze in volstrekte onwetendheid. ‘Ik heb dat allemaal ontdekt de dag dat ik mijn dochter dood in haar kamer heb aangetroffen. Dat is het gevaar met cyberpesten. Het speelt zich af in een virtuele wereld waartoe volwassenen nauwelijks of geen toegang hebben. Bovendien veroorzaakt het delen van naaktbeelden bij tienermeisjes een gigantisch gevoel van schaamte. Die schaamte zorgt ervoor dat slachtoffers geen hulp zoeken en drijft hen soms tot een wanhoopsdaad.’

        De dood van Maëlle bracht in Franstalig België een publiek debat over wraakporno en cyberpesten op gang. ‘Ik kan verder niet veel details geven’, zegt Chiarolini. ‘De rechtszaak tegen de hoofdverdachte loopt op dit moment nog.’

        Met andere ouders die een kind verloren door zelfmoord als gevolg van cyberpesten, bestuurt Chiarolini de vzw Les MOTs de TOM. Die staat ouders bij die niet weten wat ze moeten doen als hun kind slachtoffer wordt, biedt hulp aan slachtoffers en voert campagnes in scholen.

        ‘Er is nog veel werk aan de winkel, op alle vlakken’, zegt Chiarolini. ‘Als je kind is overleden, voel je je totaal verloren. In mijn geval is de politie zelf een onderzoek begonnen en vond het parket dat de bewijslast zwaar genoeg woog om de daders te vervolgen. Maar dat is lang niet bij alle ouders zo. Bovendien is dit soort onderzoek door het gebruik van pseudoniemen en anonieme accounts erg lastig en tijdrovend. Het onderzoek naar de dood van Maëlle heeft meer dan een jaar geduurd.’

        Een jongen van 15 kun je niet in de gevangenis stoppen, beseft de moeder, maar ze hoopt wel dat de jeugdrechter een voorbeeld zal stellen: ‘De schaamte moet van kant veranderen. Jongeren moeten leren dat er onlinerechten en onlineplichten zijn. Op sociale media speelt een soort cockpiteffect, zoals beschreven bij gevechtspiloten in de Tweede Wereldoorlog: je ziet je slachtoffers niet, vaak ken je ze niet eens persoonlijk. Je kunt ze dus volstrekt anoniem en zonder enige empathie bombarderen.’

        Niet alleen beelden kunnen vernietigen, maar ook woorden, in de vorm van geruchten en toespelingen. Daarover getuigt Maria Isabel Villalobos, een Boliviaanse die met haar Belgische echtgenoot in Waver, in Waals-Brabant woont. Haar dertienjarige dochter Maeva pleegde op 13 januari 2020 op een zondagnacht zelfmoord, terwijl haar ouders en drie broers en zussen rustig lagen te slapen. ‘We waren die zondag nog allemaal samen naar de film gegaan. Ze had dat weekend ook een nieuwe tas in de solden gekocht, waarin we haar schoolspullen zondagavond hadden overgeladen’, vertelt Villalobos in haar zitkamer, waar grote foto’s en een geschilderd portret van haar overleden dochter hangen. ‘Die avond zat ze nog laat voor school te werken. Ik ben gaan slapen. Toen ik ‘s ochtends vroeg opstond om voor iedereen ontbijt te maken en het licht aandeed, heb ik haar in de mezzanine gevonden.’

        Ze moet hebben gedacht dat het nooit zou stoppen. Ze zag geen oplossing meer.
        De moeder van de 14-jarige Maëlle, die zelfmoord pleegde

        Niemand in het gezin wist hoezeer Maeva leed onder de onlinepesterijen van haar voormalige vriendengroep op school. ‘Achteraf hebben we vernomen dat er veel gedoe was met een jongen, met wie ze close was. Maar Maeva was een vrolijk, slim en supersociaal meisje. Ze hield van dansen, hing de clown uit in de klas en verstopte voor iedereen hoe slecht ze zich voelde. Pas na haar dood kregen wij, via mails, filmpjes en spraakberichten van vriendinnen die zich schuldig voelden omdat ze niets hadden gedaan om het pesten en de seksuele roddels te stoppen, een zicht op wat er was gebeurd. Zo kwamen we te weten hoe ze tot het allerlaatste moment haar vrienden had gesmeekt ermee op te houden.’ Op haar socialemediakanalen was Maeva, een tiener met lange, sluike bruine haren, die hield van mooie kleren en er wat ouder uitzag dan haar leeftijd, maandenlang voor vuile hoer, slet en erger uitgemaakt.

        ‘We wisten dat Maeva ruzie had met vriendinnen, maar niet hoe hard of in welke zin. Toch hebben we dat bij de school aanhangig gemaakt in november, maar die wuifde het weg’, zegt Villalobos. ‘Wat online gebeurde, vond de school niet haar verantwoordelijkheid. Bovendien was het heel lastig voor Maeva, want het kwam uit de hoek van haar eigen vrienden, en die wil je natuurlijk niet verklikken.’

        Niet alleen de houding van de school, ook die van de politie liet volgens de ouders van het meisje te wensen over. ‘Pas zeven maanden na haar dood kregen we haar telefoon en tablet terug, zonder dat ze er iets mee hadden gedaan. Wij zijn zelf ook pas gehoord door de politie nadat we contact hadden gehad met de procureur des Konings.’

        Alsof het verlies van hun dochter op zich nog niet ondraaglijk genoeg was, werden de ouders ook nog geconfronteerd met roddels en verzinsels over hun gezin op sociale media, verspreid door klasgenoten van Maeva in doorzichtige pogingen om zichzelf van alle verantwoordelijkheid vrij te pleiten. Huiselijke problemen zouden de oorzaak zijn van Maeva’s suïcide. Intussen heeft de politie het familiale hoofdstuk in het onderzoek zonder gevolg afgesloten, en spitst het onderzoek zich alleen nog toe op pesterijen.

        Cultuuromslag
        Onderzoekster Catherine Van de Heyning benadrukt dat ook de zogenaamde tweede verspreiders – mensen die een wraakpornofilmpje ontvangen en dat weer doorsturen – strafbaar zijn in België. ‘De wet maakt geen onderscheid tussen hen en de oorspronkelijke verspreider’, aldus de ondezoekster. ‘Iedereen die een wraakpornofilmpje ontvangt en vervolgens doorstuurt, pleegt een strafbaar feit. In theorie zou half Vlaanderen dus gestraft kunnen worden omdat ze de Eveline-filmpjes van de BV’s hebben doorgestuurd.’ Bovendien ligt de bewijslast in België bij de dader. Wie intieme beelden van anderen verspreidt, moet kunnen bewijzen dat hij of zij daarvoor expliciet toelating heeft gekregen.

        Een veelvoorkomend probleem bij het daadwerkelijk vervolgen van daders, als slachtoffers al de moed vinden om bij de politie een klacht in te dienen, is bewijsmateriaal. ‘Mijn belangrijkste advies aan slachtoffers van wraakporno is om zo veel mogelijk screenshots te nemen van de beelden die circuleren en van de beledigingen die je online te verduren krijgt’, zegt Olivier Bogaert van de federale politie. ‘Slachtoffers hebben vaak de neiging om die zo snel mogelijk te deleten. Ze komen dan wel een klacht indienen, maar zonder screenshots kunnen we ons geen goed beeld vormen van de beschadigingsoperatie die aan de gang is.’

        Tegelijk leert de ervaring dat beelden doorgaans niet eeuwig circuleren. ‘Het gaat vaak relatief snel weer liggen’, zegt Van de Heyning. ‘Veelal worden jongeren die het meemaken inderdaad enkele maanden gepest, maar vaak is het daarna voorbij. Dat is natuurlijk héél moeilijk om aan een tiener uit te leggen, want op dat moment is dat allesoverheersend, en op die leeftijd lijkt een maand een eeuwigheid. Maar de tijd dat je er nog jarenlang bij elke sollicitatie mee werd geconfronteerd, is voorbij. Hoe cru het ook klinkt: de buitenwereld vergeet die beelden sneller dan het slachtoffer.’

        Er wacht politiediensten een heuse uitdaging om hun aanwezigheid op platforms waar naaktbeelden worden gedeeld op te voeren, al was het maar om te sensibiliseren. Momenteel is een groot deel van het internet immers het Wilde Westen. Jongeren lijken zich wel steeds vaker tegen wraakporno te wapenen. Met name door ervoor te zorgen dat beide partijen beelden van hun sextingpartner in hun bezit hebben, wordt gehoopt op een soort wederzijds afschrikeffect. Van de Heyning benadrukt dat een betere vervolging sowieso geen wonderoplossing is. ‘Een groot deel van de oplossing zal maatschappelijk zijn’, voorspelt ze. ‘Wie vandaag wraakporno verspreidt, wordt daar nauwelijks op aangesproken. Het moet duidelijk worden dat dit echt niet kan. Daders zouden sociaal in de ban moeten worden gedaan. En ook hier geldt de boodschap die bij #MeToo zo vaak wordt gebruikt: educate your sons. ‘

        Lisa Geudens benadrukt dat ze met haar getuigenis niet op zoek is naar medelijden. ‘Wat er met mij is gebeurd, is enorm kut en heel stom, maar ik heb niets verkeerds gedaan. Ik heb intieme beelden in vertrouwen naar iemand gestuurd, en die heeft daar misbruik van gemaakt. Het is zijn schuld. Ik heb niets gedaan waarover ik me moet schamen. Wat ik heb meegemaakt, maken duizenden jongeren elk jaar mee. Ik wil laten zien dat dit mijn leven niet bepaalt

        * Lore is een schuilnaam.

        Bron: knack.be

        Mark
        Moderator

          De dochter (10) van Jan werd misbruikt door een kinderlokker: ‘Ze liep vier weken met dat geheim’


          Het begint vaak met een ogenschijnlijk onschuldige vraag… © Gezienus Bruining

          Ga nooit met vreemde mensen mee: daar waarschuwt elke ouder zijn kind voor. Maar wat doe je als ze wél bij een onbekende in de auto stappen en worden misbruikt? Het overkwam de dochter van Jan. ,,Het is geen schande, je mag erover praten.”

          Een zonnige dag, voorjaar 2020. Lisa, dan tien jaar, belt met de vader van een vriendinnetje aan bij haar ouderlijk huis in Zwolle. Haar moeder doet open. ,,Lisa wil jullie iets vertellen”, zegt de man tegen haar. Met die vijf woorden verandert het leven van de familie drastisch.

          Ze neemt Lisa mee naar de bank in de woonkamer. Het meisje vertelt over wat haar een paar weken eerder overkwam. Dat ze bij een meneer in de auto stapte, voor een lift naar huis. Dat hij haar meenam naar een stil plekje achter een school. Dat hij haar vroeg aan hem te zitten. Ze zei nee, maar hij dwong haar met zijn woorden.

          Ik haal haar bijna altijd op van sporten. Maar die dag was ik aan het klussen
          Jan, vader van Lisa

          Even later wandelt Lisa’s moeder ontdaan de werkkamer van vader Jan binnen. ,,Lisa is misbruikt”, vertelt ze geëmotioneerd. Niet alleen Lisa’s leven, ook dat van haar ouders, broer en zusje staat even stil. Hoe verder? Hun basisgevoel van veiligheid is in één klap weg.

          Niks gemerkt
          Medio maart 2020 worden Zwolle en Apeldoorn opgeschrikt door een man die meisjes van rond de 10 jaar zou lastigvallen. Met woorden als ‘wil je een lift’, ‘wil je geld’, ‘wil je een snoepje’ en ‘wil je mijn piemel zien voor 50 euro’ probeerde hij ze zijn auto in te lokken. Hoewel de politie de dader uiteindelijk pakt, maakt hij verschillende slachtoffers. Onder wie Lisa.

          Jan zit, ruim een jaar later, kalm aan de houten keukentafel in zijn huis. Voor hem staat een dampend kopje pas gezette koffie, zijn handen liggen in elkaar gevouwen op het tafelblad. ,,Ik haal haar bijna altijd op van sporten. Maar die dag was ik aan het klussen. Ik vroeg of ze het een keertje zelf kon. Dat lukte wel, dacht ze.”

          Vier weken lang liep ze met een geheim rond, ik denk dat ze het wilde wegstoppen. Of dat ze ons niet van slag wilde maken
          Jan, vader van Lisa

          Hij is even stil. ,,’s Middags kwam ze thuis, we hebben niks aan haar gemerkt. Ze begroette me en liep het huis in. Vier weken lang liep ze met een geheim rond.” Hij schraapt zijn keel. ,,Ik denk dat ze het wilde wegstoppen. Of dat ze ons niet van slag wilde maken.”

          Hij ademt diep in. ,,Je vertelt altijd aan je kinderen dat ze niet met vreemden mogen meegaan. Die waarschuwing is zo fel, maar wat gebeurt er als je wel instapt? Soms heeft iemand te veel macht. Durf je geen nee te zeggen. We moeten onze kinderen vertellen dat het soms overmacht kan zijn. Dat is geen schande, dat kan gebeuren. Je mag erover praten.”

          De rechtszaak van kinderlokker Tim van E.
          De man die Lisa seksueel misbruikte en verschillende andere meisjes aansprak, wordt op 19 april 2020 opgepakt. Tijdens de inhoudelijke zitting stelt Tim van E. ‘uit verveling’ jonge meisjes te benaderen, nadat hij werkloos thuis komt te zitten vanwege corona. Lisa’s moeder spreekt Van E. geëmotioneerd toe. ,,Je hebt je op een walgelijke manier aan haar opgedrongen en zo het vertrouwen van haar in de mens kapotgemaakt”, zegt ze. De verdachte ontkent dat hij Lisa heeft misbruikt.

          Van E. wordt veroordeeld tot 9 maanden celstraf, waarvan 6 voorwaardelijk. Het knaagt dat hij niet heeft bekend, vertelt Jan. ,,Het enige wat ik wil, is erkenning. Die gaf hij niet. Soms heb ik de neiging hem te schrijven: waarom heb je nooit bekend? Ik wil het verhaal afmaken, rondbreien in mijn hoofd. Maar het blijft kortsluiting. Ik denk wel eens: hadden ze het dan mis, was er nóg een kinderlokker actief? Het kan bijna niet. Toch ga je dat denken.”

          Slachtofferadvocaat Maartje Schaap, die Lisa’s ouders bijstond in de zaak, ziet vaak dat slachtoffers het liefst een bekentenis willen. ,,Liever nog dan dat de dader achter de tralies verdwijnt. Dan kunnen ze het verhaal afsluiten en verdergaan.” Jan: ,,Hij is geen monster, hij doet tegen zijn wil in slechte dingen. Maar ik wil wel van hem horen dát hij het heeft gedaan.”

          Van de kinderen die seksueel worden misbruikt, wordt ‘slechts’ 15 procent misbruikt door een onbekende. De rest wordt juist misbruikt door iemand die ze wél kennen, blijkt uit cijfers van het Centrum Seksueel Geweld (CSG), dat professionele hulp biedt aan slachtoffers van seksueel misbruik.

          Dat ziet ook Lidewijde van Lier, adviseur zeden bij de nationale politie. Al is volgens Van Lier het aantal kinderen dat door een totaal onbekende op straat wordt benaderd en misbruikt nog veel lager dan die 15 procent. ,,Gelukkig komt dat erg weinig voor. Wel zien we dat kinderen vaker via sociale media worden benaderd en slachtoffer worden van een online-kinderlokker.”

          Acute stressreactie
          Het gebeurt regelmatig dat kinderen seksueel misbruik niet onmiddellijk met hun ouders delen, vertelt Iva Bicanic, klinisch psycholoog en hoofd van het CSG. ,,Ze zijn zich er soms van bewust hoeveel stress zo’n gebeurtenis teweeg kan brengen in een gezin, zijn bang gemaakt door de pleger of willen het vergeten. Elk kind reageert anders. Wat ik wil benadrukken: het is niet de schuld van de ouders dat kinderen het niet vertellen.”

          Kinderen vertonen in de eerste paar weken na de gebeurtenis vaak acute stressreacties. Bicanic: ,,Ze slapen slecht, zijn prikkelbaar, kunnen zich niet concentreren, eten gaat moeizaam. Na verloop van tijd moet dat zich wel weer herstellen.”

          Ze zat in de tuin, in de boomhut. Vertelde dat er dingen waren gebeurd die ze niet wilde
          Jan, vader van Lisa

          Jan merkt dat Lisa de eerste paar weken na het voorval sneller geïrriteerd was. ,,En ze was meer in zichzelf gekeerd. Maar dat is achteraf. We dachten dat het door corona was: we zaten net in de lockdown, alles ging dicht. Ook dat doet wat met een kind.”

          Confronterend
          Lisa vertelt haar verhaal uiteindelijk aan de zus van een vriendinnetje, wanneer ze daar aan het spelen is. ,,En zij vertelde het gelijk aan haar ouders, die direct onze kant opkwamen.” Nadat zijn vrouw aangeslagen zijn kantoor binnenkomt, haast Jan zich richting zijn dochter. Hij slaakt een diepe zucht. ,,Ze zat in de tuin, in de boomhut. Vertelde dat er dingen waren gebeurd die ze niet wilde.” Hij laat een stilte vallen. ,,Het was bizar te beseffen dat dat kan gebeuren. In nog geen twintig minuten tijd, op een drukke zaterdagmiddag.”

          Zijn stem wordt schor. ,,Ik had gehoopt dat ik haar veilig door haar jeugd kon begeleiden en dat is niet gelukt. Ze heeft iets heftigs moeten meemaken en dat is confronterend.”

          Rust bewaren en niet pushen
          Hoewel het enorm heftig is als je kind vertelt seksueel misbruikt te zijn, benadrukt Bicanic dat het belangrijk is dat ouders rust bewaren. ,,Dat is héél moeilijk, maar wel wenselijk. Kinderen schrikken als ouders gestrest en geëmotioneerd reageren. Voor een kind ligt de lading van seks nog niet op zo’n ervaring, die snapt nog niet wat zo’n gebeurtenis betekent.”

          Ook onderstreept de klinisch psycholoog dat ouders hun kind niet constant moeten pushen om te vertellen wát er precies is gebeurd. ,,Ouders willen er vaak met hun kind over praten. Maar een jong kind wil dat niet, wil niet dat ouders de hele tijd verdrietig of gespannen raken als ze erover vertellen.”

          De kinderverhoorkamer
          De ouders van Lisa doen onmiddellijk aangifte bij de politie, nadat hun dochter vertelt over het misbruik in de auto. Lisa wordt verhoord in de speciale kinderverhoorkamer in Nijverdal. ,,Daar kwam veel uit. Ze is daar heel fijn begeleid.”

          Hoe werkt dat? Zedenspecialist Lidewijde van Lier: ,,De zedenrechercheur verzamelt de nodige informatie. We gaan met de ouders in gesprek: welke uitspraken heeft het kind gedaan? Als het kind ouder dan 4 en jonger dan 12 is, kunnen we in een speciaal studioverhoor voor kinderen meer informatie krijgen. Maar dat doen we alleen als het kind het zelf ook wil.”

          Als zo’n studioverhoor plaatsvindt, krijgen de ouders in de tussentijd de vraag het kind niet te ondervragen over het gebeurde. Van Lier: ,,Een bijna onmogelijke taak, maar de kans dat het kind onbedoeld wordt beïnvloed, is groot. Dat kan weer beïnvloeden wat het kind vertelt in het verhoor. We willen ze het verhaal zo zuiver mogelijk laten vertellen.”

          De speciale verhoorders stellen het kind eerst op het gemak, doen vaak eerst even een spelletje of een puzzel en praten daarna met het kind over wat er is gebeurd. ,,Als het kind aangeeft niet te willen praten, houdt het op.” Wil het kind wel praten, dan neemt de verhoorder een open houding aan: ,,Wat het kind spontaan vertelt, is meestal de betrouwbaarste informatie. We stellen heel open vragen, zo min mogelijk suggestief.”

          Jan neemt een slokje koffie. ,,Lisa vertelt wat ze wil vertellen. We willen niet te veel peuteren, het niet te veel oprakelen. Maar ik had wel behoefte het mee te beleven.” Daarom gaat Jan zelf op zoek naar antwoorden: wat is er die bewuste zaterdagmiddag precies gebeurd? Hij belt met de patatzaak in de buurt, waar Lisa met de man langsreed. Hij zoekt op plekken waar camera’s hangen, om zo de dader te achterhalen.

          Want de man is op dat moment nog niet opgepakt. ,,We lazen in de krant dat er een kinderlokker in de buurt actief was. Ik wilde het zó graag delen, benadrukken dat mensen moesten oppassen, omdat onze dochter er al slachtoffer van werd. Maar dan weet iedereen het. Dat is precies wat we willen voorkomen.”

          Alleen fietsen
          Want Lisa moet in de eerste plaats Lisa zijn, in plaats van ‘dat meisje dat is misbruikt’. Daarom zijn de namen van Jan en Lisa in dit artikel ook gefingeerd. ,,We willen graag dat Lisa eigenaar blijft van het verhaal, dat zij kan bepalen hoeveel anderen het weten. Dat is heel lastig. Soms raken we de controle over het verhaal even kwijt.”

          We zien een meisje met veerkracht. Ze fietste laatst voor het eerst weer alleen van school naar huis. Alweer een overwin­ning
          Jan, vader van Lisa

          Zoals laatst, als Lisa met een groepje meiden naar huis fietst. Het laatste stukje moet ze alleen. ,,Ga je alleen naar huis fietsen?”, vraagt een vriendin verbaasd. Lisa slaat dicht en moet huilen. Daarom vertelt haar vriendin aan de andere meisjes wat Lisa is overkomen. Jan: ,,Gelukkig konden we het snel oplossen: we zijn met die meiden gaan praten en daardoor werd het verhaal weer gesloten. Maar het zorgt wel voor spanning. Bij Lisa en bij ons.”

          Jan ziet in zijn dochter geen ‘zielig vogeltje’, ondanks het gebeurde. ,,We zien een meisje met veerkracht. Dingen groeien langzaam weer. Ze fietste laatst voor het eerst weer alleen van school naar huis. Alweer een overwinning. Het is allemaal op haar aangeven. Af en toe polsen we voorzichtig even waar ze zich goed bij voelt.”

          Volgens Bicanic is het belangrijk de kinderen niet te erg te beschermen, hoewel ze zich na seksueel misbruik onveilig kunnen voelen. ,,Je moet doen wat je vroeger ook deed. Het normale leven oppakken, hoe moeilijk ook. Laten ervaren dat er ook mooie dingen zijn, op onderzoek laten gaan. Best lastig, je kind loslaten in de wereld. Maar anders blijft hij of zij angstig.”

          Eerste vriendje
          Volgens de psycholoog speelt in de achterhoofden van ouders vaak nog lang mee dat het misbruik op latere leeftijd een rol kan spelen. ,,Ze denken: misschien dat het weer opkomt als ze puber of moeder is. Je wil dat het onderwerp bespreekbaar blijft, maar ook weer niet teveel. Dat is zoeken.”

          Jan tekent rondjes op een wit papiertje dat voor hem ligt. ,,Voor zover we weten, speelt het op dit moment geen rol meer. Maar misschien schiet het nog wel eens door haar hoofd. En je weet het niet hè, als Lisa straks haar eerste vriendje of vriendinnetje krijgt. Het kan dan weer opkomen. Daar peins je wel over.”

          Hij kijkt op. Glimlacht. ,,Maar als ik haar nu zie, zie ik mijn dromerige dochter weer, net als vroeger. Ze maakt weer plezier, durft weer stukjes alleen te fietsen. Het is stapje voor stapje.”

          EMDR-therapie
          Volgens klinisch psycholoog Iva Bicanic lopen kinderen na seksueel misbruik ‘een relatief groot risico’ op posttraumatische stressstoornis (PTSS). ,,Vooral als ze heel erg bang zijn geweest, bijvoorbeeld als ze het gevoel hadden écht niet weg te kunnen. Ook bepalend is hoe het met het kind ging voordat dit gebeurde en hoe de omgeving reageert op het verhaal.”

          Blijft het kind last houden van wat er is gebeurd, dan kan het baat hebben bij traumabehandeling bij de GGZ. ,,Sommige kinderen hebben nog beelden in hun hoofd van wat er is gebeurd, wat had kunnen gebeuren. Dat is goed te behandelen met de EMDR-therapie.” Lisa kreeg ook EMDR (Eye Movement Desensitization and Reprocessing) vertelt haar vader. ,,Dat heeft enorm geholpen.”

          Bij die therapie wordt de cliënt gevraagd zich de gebeurtenis opnieuw voor de geest te halen, maar ondertussen wordt een ‘afleidende stimulus’ ingezet. Denk aan de hand van de therapeut, die heen en weer gaat. Of geluiden door een koptelefoon. De therapeut vraagt de cliënt wat er naar boven komt. Door de sessie te herhalen, kan de herinnering langzamerhand kracht en emotionele lading verliezen.

          Bron: ad.nl

          In reactie op: Incest #259257
          Mark
          Moderator

            LYNELLE WERD JARENLANG MISBRUIKT DOOR HAAR STIEFVADER: “IK KAMPTE MET VEEL WOEDE”

            Elk jaar worden er zo’n 100.000 Nederlanders slachtoffer van seksueel geweld. Hoe belangrijk het is om na een nare seksuele ervaring hulp te zoeken, weet ook Lynelle. Zij werd van haar elfde tot haar vijftiende misbruikt door haar stiefvader. Ze kampte met veel schuld- en schaamtegevoelens, maar weet nu inmiddels dat zijn gedrag niet oké was. Door therapie heeft ze geleerd om veel meer naar haar eigen gevoel te luisteren.

            GRENSOVERSCHRIJDEND GEDRAG
            Toen Lynelle zo’n tien jaar was, kreeg haar moeder een nieuwe relatie. “Het zat eigenlijk vanaf het begin al niet goed tussen ons, want hij was heel bazig”, vertelt Lynelle. “Pas wat later begon het grensoverschrijdend gedrag.” Haar stiefvader raakte dan bijvoorbeeld haar kont of borsten aan. Als Lynelle daar dan wat van zei, werd hij heel boos. “In het begin durfde ik nog boos te worden, maar dan werd ik heel erg gestraft door hem. Waardoor ik op een gegeven moment zoiets had van: het heeft toch geen zin om er iets tegenin te brengen.”

            Het gedrag van haar stiefvader ging van kwaad tot erger. Zo werd Lynelle gedwongen seksuele handelingen bij hem te verrichten en werd ze uiteindelijk verkracht.

            BANG
            Tegen haar moeder durfde Lynelle een lange tijd niks te zeggen. Haar stiefvader had haar namelijk een schuldgevoel aangepraat. Omdat de relatie tussen haar moeder en biologische vader ook helemaal niet fijn was, speelde haar stiefvader – met wie haar moeder twee kinderen had gekregen- daarop in. “Hij zei: ‘Als jij iets zegt dan zullen jouw zusjes geen vader meer hebben en dan maak je je moeder ongelukkig.”

            Tegelijkertijd maakte hij Lynelle ook heel erg bang. “Hij zei dat hij me altijd zou weten te vinden. Of als hij vast zou komen te zitten dat zijn vrienden me altijd zouden vinden.”‘

            POLITIE
            Op haar vijftiende kon Lynelle het misbruik niet meer voor zichzelf houden en besloot ze haar moeder in te lichten. Die nam het meteen heel serieus. “Zij heeft eigenlijk meteen de politie gebeld en vanaf daar is alles automatisch verder gegaan.” Wat volgde was forensisch onderzoek en een rechtszaak.

            Lynelle kampte destijds met veel verwarrende gevoelens. “Ik kampte met veel woede en boosheid waar ik niet echt ergens mee terecht kon.” Ze ging wel naar verschillende therapeuten, maar omdat ze zich bij hen niet fijn voelde, kwam ze daar niet veel verder mee. “Eigenlijk ben ik in de jaren daarna zelf hulp gaan zoeken.”

            Het heeft even geduurd maar uiteindelijk vond Lynelle de hulp waarbij ze zich echt fijn voelde. Dat heeft haar heel erg geholpen. “Uiteindelijk ben ik via via bij die therapeut terechtgekomen. Zij nam echt de tijd voor mij. Het draaide echt om mij en waar ik op dat moment behoefte aan had.” Lynelle heeft in therapie onder andere geleerd om naar haar eigen gevoel te luisteren en weer fijne associaties te hebben met seks, zodat ze niet wéér over haar grenzen heen hoeft te gaan. Ze wil anderen graag helpen en inspireren om óók hulp te zoeken.

            SLACHTOFFERS
            Omdat haar stiefvader slechts anderhalf jaar vast heeft gezeten, is hij alweer op vrije voeten. Lynelle is niet per se bang dat hij nu achter haar aan gaat komen, maar wel dat hij nieuwe slachtoffers maakt. Ze kwam er namelijk achteraf achter dat ze niet zijn enige slachtoffer is geweest.

            Door het jarenlange misbruik vindt Lynelle het nog steeds lastig om mensen te vertrouwen. Haar stiefvader was iemand die door veel mensen als een ‘leuke, sociale man’ werd gezien. “Iedereen mocht mijn stiefvader, dus ik hou altijd in mijn achterhoofd dat iedereen zoiets kan doen.”

            Lynelle weet nu hoe belangrijk het is om hulp te zoeken en hoopt met haar verhaal anderen te kunnen inspireren om dat ook te doen: “Je kunt het niet alleen”

            HULP ZOEKEN
            Klinisch psycholoog Iva Bicanic, initiatiefnemer en landelijk coördinator van het Centrum Seksueel Geweld, legt uit waarom het zo belangrijk is om hulp te zoeken als je te maken hebt gehad met seksueel geweld. Hoe sneller je hulp zoekt, hoe beter. In die situatie liggen er voor jou als slachtoffer namelijk nog veel kansen op medisch gebied en forensisch vlak. “Maar ook vanuit psychologisch oogpunt biedt het voordelen om je snel te melden om problemen later te voorkomen.”

            Helaas is dat in veel gevallen makkelijker gezegd dan gedaan, bijvoorbeeld omdat je wel hulp wil zoeken, maar het niet durft. Maar ook als het langer geleden is gebeurd en je merkt dat je vastloopt als gevolg van het misbruik, moet je hulp zoeken. “Bijvoorbeeld als je slecht slaapt of angstig, somber of suïcidaal bent. Of als je gaat rommelen met eten of grijpt naar middelen.”

            Volgens Bicanic moet je vooral niet denken dat je je aanstelt. “Elke vorm van seksuele grensoverschrijding kan problemen geven. En de helft van de mensen loopt vast. Dus het is helemaal niet raar als je daarvoor hulp zoekt. Of het nou één keer is gebeurd of 10 keer, toen je klein was of kortgeleden. Het is juist heel goed dat je hulp zoekt en krijgt als je dat nodig hebt na een nare seksuele ervaring.”

            HULP VINDEN
            Gelukkig hoef je nare seksuele ervaringen niet in je eentje te verwerken. Op watkanmijhelpen.nl kun je lezen welke vormen van hulp er zijn, wat anderen hebben meegemaakt en heeft geholpen, en wat jij kunt doen als je recent of langer geleden een nare seksuele ervaring hebt meegemaakt.

            De eerste stap in het hulpproces is dat er duidelijk moet worden waar je last van hebt. Dat kan bijvoorbeeld een medisch, psychisch of seksueel probleem zijn. “Je huisarts of het Centrum Seksueel Geweld kan je hierbij helpen. Je kunt ook chatten met een medewerker van het Centrum Seksueel Geweld om jouw probleem te beschrijven. Als je weet wat je grootste probleem is, kan er gerichte hulp worden gezocht.”

            Bicanic begrijpt dat het spannend is om de stap naar hulp te zetten. “Soms lukt het niet omdat het moment te vroeg is in je leven. Of je denkt dat je het nu echt niet kan. Dat geeft niet. Dan kijk je over een tijdje gewoon of het moment dan wel goed is. Soms kan je ook je naasten of je vrienden vragen om samen met jou naar de huisarts te gaan. Of samen bellen of chatten met het Centrum Seksueel Geweld. Je hoeft het niet alleen te doen.”

            Bron: funx.nl

            Op de website kun je ook een interview met Lynelle beluisteren.

            In reactie op: PTSS & CPTSS #258965
            Mark
            Moderator

               

              Wie heeft er geen last van stress? Geen zorgen, een beetje stress is best gezond. Ons lichaam zit namelijk prachtig in elkaar. We hebben een bijzonder robuust stress-systeem dat wel een stootje kan hebben. Van een flinke adrenaline-rush herstel je dan ook tamelijk snel. Maar het wordt een ander verhaal als je last krijgt van langdurige stress. In plaats van dat je lichaam herstelt kan het blijven sudderen in de stresstoestand. Op lange termijn word je hierdoor kwetsbaarder voor ziektes, kwaaltjes en zelfs psychische stoornissen. Psychiater Christiaan Vinkers (Amsterdam UMC) ziet dit steeds vaker en wil dan ook graag het stress-systeem resetten.

              ► Wil je meer weten over de RESET-studie waar Christiaan over vertelt? Check dan deze website: http://www.jeugdtraumadepressie.nl

              In reactie op: Therapieën, behandelingen & traumaverwerking #258946
              Mark
              Moderator

                EMDR-therapie bij angsten en trauma’s wint aan populariteit: hoe werkt het precies?

                Heb je grote angst voor een auto-ongeluk, een hondenbeet of om te stikken? Ga je gebukt onder een traumatische ervaring? In zo’n geval kan EMDR een oplossing zijn. De therapie wint aan populariteit. ,,Dankzij deze therapie heb ik geen paniekaanvallen meer.”

                De eerste paniekaanval weet de 28-jarige Linda* uit Breda nog als de dag van gisteren. Na een drukke werkweek reed ze naar Amsterdam voor een verjaardagsfeestje. Ze was al een beetje gestrest, moest opschieten en kwam ook nog eens in een file terecht. ,,Toen ik eenmaal op die verjaardag was, voelde ik ineens heel veel emotie opkomen. Het was een kleine ruimte met veel mensen. Een gevoel van angst en paniek overviel me.”

                Trigger
                Haar ademhaling was hoog, alle gesprekken gingen langs Linda heen. Ondanks de drukke ruimte voelde ze zich alleen. Niemand had iets door. ,,Eenmaal thuis werd ik wel weer rustig, maar ik kreeg het gevoel steeds vaker. Zodra ik op een drukke plek kwam, bijvoorbeeld in een restaurant, kreeg ik zo’n heftige lichamelijke reactie. Daarvoor ging ik twee keer per week uiteten en stond mijn agenda vol met borrels. Vanaf dat moment voelde het letterlijk als overleven. Drukte, veel mensen om me heen en alleen al de gedachte daaraan was voor mij een trigger om een paniekaanval te krijgen.”

                Tijdens zingen of neuriën heb je een bepaalde ademhaling die je niet kunt beïnvloe­den. Dat hielp mij
                Linda*

                Ze kende verhalen van mensen om haar heen die al eens EMDR-therapie hadden gehad voor bijvoorbeeld vliegangst. Linda hoopte dat het haar ook zou helpen en ging naar de dokter. Die verwees haar door naar een psycholoog en gaf voor de tussentijd de tip om op een moeilijk moment een liedje te neuriën of zingen. ,,Omdat je dan een bepaalde ademhaling hebt die je niet kunt beïnvloeden. Dat hielp mij. Net als het naar iemand uitspreken dat je een paniekgevoel hebt.”

                Last van schouders
                Ze kon snel bij de psycholoog terecht waar ze een sessie EMDR-therapie kreeg. ,,Ik had er zin in, want ik wist dat ik dit nodig had om een vervelende periode af te sluiten. Ook was ik benieuwd wat het met me zou doen. Na de sessie viel al meteen een last van mijn schouders.”

                De herinnering aan bijvoorbeeld die verjaardag is er bij Linda nog wel, maar ze voelt er geen emotie meer bij. Het voelt ‘neutraal’, zonder angst, paniek of onzekerheid. ,,Ik zie mezelf nu op die verjaardag zitten zonder dat ik er iets bij voel. Daarvoor moest ik huilen bij die gedachte en dacht ik: help me. Sindsdien heb ik geen paniekaanvallen meer gehad en ook niet de angst om ze te krijgen. Ik zou het iedereen aanraden.”

                Hoe werkt EMDR in de hersenen?
                EMDR (Eye Movement Desensitization and Reprocessing) is ruim dertig jaar geleden ontdekt door de Amerikaanse psychologe Francine Shapiro. Sinds een jaar of twintig wordt de behandeling in Nederland toegepast. Volgens Annemieke Driessen, voorzitter van de Vereniging EMDR Nederland, wordt bij een Posttraumatische Stressstoornis (PTSS) EMDR-therapie als eerste keuzebehandeling uitgevoerd. Maar inmiddels is aangetoond dat de therapie ook effectief kan zijn bij andere klachten die het gevolg zijn van het meemaken van nare gebeurtenissen, zoals een ernstige ziekte, mishandeling, brand of verlies van een dierbare.

                Na zo’n gebeurtenis kunnen klachten als herbelevingen, vermijdingsgedrag, schaamte en somberheid ontstaan. Als Driessen EMDR toepast, vraagt ze de nare herinnering op te halen. Daardoor komt die in het werkgeheugen, het actieve deel van het brein terecht. ,,Tegelijkertijd laat je de cliënt taken uitvoeren, zoals het volgen van een lampje of de vingers van de therapeut. In sommige gevallen werken we ook met geluiden of het oplossen van rekensommen. Die taken gaan als het ware de concurrentiestrijd aan met de herinnering. Het werkgeheugen heeft maar bepaalde capaciteit. De herinnering delft het onderspit en verliest daardoor de emotionele lading en spanning.”

                Alle typen angsten en trauma’s
                In principe kunnen alle problemen die samenhangen met een beangstigende herinnering worden behandeld met EMDR. Zo heeft Bridget van Zundert, GZ-psycholoog bij Impegno in Breda en Rotterdam, onlangs een Syrische vluchteling kunnen helpen met EMDR. Hij had op zijn vluchtroute nare ervaringen gehad en droeg die als een last met zich mee. Maar ze heeft ook cliënten kunnen helpen na een ongeluk, langdurig huiselijk geweld en seksueel misbruik. ,,Eigenlijk alle kleuren en typen aan angsten en trauma’s zie ik voorbij komen. Ook mensen met specifieke fobieën.”

                Ik zie alle kleuren en typen aan angsten en trauma’s voorbijko­men
                Bridget van Zundert, GZ-psycholoog

                Steeds vaker komen mensen op haar afdeling met de specifieke vraag om EMDR-therapie. ,,Ze horen van anderen hoe effectief het is en dat het goed en snel werkt.” Ze vertelt dat de behandeling vooral wordt ingezet bij de gevolgen van enkelvoudige trauma’s die vasthangen aan een bepaald beeld van een nare gebeurtenis. De herinnering aan het trauma breekt ze in brokjes waarmee Van Zundert aan de gang gaat.

                Spanning
                Ze vraagt de cliënt om aan de gebeurtenis te denken. ,,Iedere scène van de film die spanning geeft, wordt op stilgezet. Dan vraag ik hoe hoog de spanning is op een schaal van een tot tien. Dat beeld houden we vast en tegelijkertijd komt de afleiding in vorm van piepjes of het volgen van een lichtbalk. Na een tijdje vraag ik weer hoe hoog de spanning is. We gaan net zolang door tot we op nul uitkomen en het af kunnen sluiten. Dat gebeurt meestal in een tot vijf sessies.”

                In sommige gevallen is het trauma te complex om het bij Impegno te behandelen. Doordat het bijvoorbeeld verschillende ervaringen zijn geweest die jarenlang hebben plaatsgevonden, zoals bij seksueel misbruik of pesten. Van Zundert vergelijkt het met een volle boekenkast waarin ieder boek staat voor een traumatische gebeurtenis. Op zo’n moment verwijst Impegno de cliënt soms door naar bijvoorbeeld het Psychotrauma Expertise Centrum Psytrec in Bilthoven en Weert. Dat centrum is gespecialiseerd in de behandeling van Posttraumatische Stressstoornis na traumatische ervaringen.

                *De naam Linda is gefingeerd uit privacyoverwegingen. Haar echte naam is bekend bij de redactie.

                Bron: bndestem.nl

                Mark
                Moderator

                  SANDRA’S DOCHTER WERD VERKRACHT: ‘MIJN WERELD STOND STIL’

                  Uit cijfers van Amnesty International blijkt dat in Nederland één op de vijf vrouwen zegt dat er ooit iemand zonder toestemming haar lichaam binnendrong. Het overkwam ook Sandra’s veertienjarige dochter.

                  De traumatische gebeurtenis vond tweeëneenhalf jaar geleden plaats. Sandra wil haar verhaal delen, om zo aandacht te vragen voor dit maatschappelijke probleem.

                  LOVERBOY
                  “Mijn dochter ging bij een vriendin logeren die in een loverboy-circuit bleek te zitten. Die avond gingen ze bij verschillende mensen langs. Een jongen vroeg mijn dochter of ze bij hem wilde komen zitten. Ze had door dat wat er om haar heen gebeurde niet in de haak was, maar hij gaf haar een veilig gevoel.”

                  Maar wat een gezellige logeerpartij met een vriendin had moeten zijn, eindigde in een nachtmerrie. “Hij gaf haar de keuze: ‘Of je pijpt me of ik verkracht je’. Ze was nog maagd en ik had haar geleerd dat sex iets moois is, wat je alleen hebt als je daaraan toe bent.”

                  MISBRUIKT EN VERKRACHT
                  De jongen, later bleek dat hij achttien was, misbruikte en verkrachtte haar. “Ze heeft zich verzet en hem weggeduwd, maar uiteindelijk bevroor ze. Wat er toen gebeurd is, weet ze niet precies. Ze werd als het ware wakker en dacht: ‘Shit, wat is er gebeurd?’. Haar broek was naar beneden en ze zag bloed.”

                  Haar dochter maakt zich zo snel mogelijk uit de voeten en neemt haar tante in vertrouwen. Samen vertellen ze haar moeder over de traumatische gebeurtenis.

                  FOUTE FILM
                  “Mijn wereld stond stil. Alsof je in een foute film belandt. Dit raakt je als moeder ten diepste. Ik zag hoe vies ze zich voelde. Ik ben hulpverlener en wist dat ze inhoudelijk niet meteen alles tegen mij uit de doeken moesten doen. Anders zou de politie misschien zeggen dat ze bepaalde dingen van mij had moeten zeggen. Ik heb haar vastgehouden en we hebben samen de politie gebeld.”

                  De politie was binnen twintig minuten ter plaatse. Mijn dochter ging in gesprek met de zedenpolitie. Daar mochten wij niet bij zijn, maar de vragen die ze stelden vond ik schokkend. Wat had ze aan gehad? Een shirt, een blouse, een broek, een rok? Had ze haar haar los en droeg ze make-up? Alsof ze het aan zichzelf te danken had.”

                  FORENSISCH ONDERZOEK
                  Een forensisch onderzoek volgt. “Ze vond het vreselijk gênant. De zedenpolitie wilde dat ze aangaf wat hij met haar had gedaan. Ze moest het aanwijzen, maar ook verwoorden. Van top tot teen werd ze gefotografeerd. Benen wijd, billen wijd. Ze kreeg een morning after pil, hiv-medicatie en soa-controles.”

                  Van januari tot oktober 2019 stapten in totaal 1224 mensen naar de politie vanwege verkrachting. Daarvan leidden 499 zaken tot een aangifte. 172 zaken leidden tot een rechtszaak en slechts 102 zaken leidden tot een veroordeling, zo is te lezen op de website van Amnesty International. “De politie schrikt in gesprekken enorm af waardoor veel slachtoffers van dit traject afzien.”

                  THERAPIE
                  De rechtszaak van Sandra’s dochter had niet de gewenste uitkomst. De rechter sprak de man vrij omdat er – ondanks de blauwe blekken en inwendige bloedingen – niet genoeg bewijs was van dwang. Het OM nam hier geen genoegen mee en ging in hoger beroep. Die zaak loopt nog.

                  Haar dochter heeft het ondertussen zwaar. “Ze is gediagnosticeerd met PTSS, heeft paniekaanvallen en nachtmerries. Regelmatig dissocieert ze. Hiervoor heeft ze therapie gehad. Binnenkort gaat ze een intens traject in van exposure-therapie, EMDR en PMT. Ze heeft het er moeilijk mee, maar wil het graag aanpakken.”

                  AMNESTY INTERNATIONAL
                  Sandra is inmiddels actief als activist voor Amnesty International en maakt zich hard voor de Let’s Talk about YES-campagne, waarmee wordt gestreden voor verandering van de verkrachtingswet en betere bescherming van verkrachtingsslachtoffers.

                  “Het verjaren van dit soort zaken moet worden afgeschaft. Veel slachtoffers schamen zich en stappen daarom niet meteen naar de politie. Daarnaast moet worden vastgelegd dat sex tegen je wil altijd verkrachting is. Niet alleen als er geweld in het spel is.”

                  SLACHTOFFERBESCHERMING
                  Nu is het volgens de wet zo dat er bewijs moet zijn van dwang. Terwijl zeventig procent van de slachtoffers bevriest, een natuurlijk overlevingsmechanisme. In plaats van dat een slachtoffer zou moeten bewijzen dat hij of zij zich heeft verzet tegen de sex, zou de vermeende dader moeten bewijzen dat hij of zij er alles aan heeft gedaan om zeker te weten dat de ander ook sex wilde.

                  “In plaats van ‘nee’ moet de dader ‘ja’ te horen krijgen. Daarmee voorkom je waarschijnlijk geen verkrachtingen, maar daarmee verstevig je de positie van het slachtoffer.”

                  Bron: linda.nl

                  In reactie op: Incest #258785
                  Mark
                  Moderator

                    Angélique (50) werd mishandeld en misbruikt: ‘Iedereen vond me vast een slecht kind’

                    Een duivelskind werd ze genoemd, en zo behandelden haar ouders haar ook. Angélique van Deursen (50) werd jarenlang mishandeld en misbruikt. Het kreeg haar niet kapot, al had dat weinig gescheeld. ‘Mijn man leerde me dat ik geen slaag kreeg als ik iets liet vallen.’

                    ‘Als kind had ik voor mijn gevoel twee vaders. Overdag was mijn vader een boze man die me al slaag gaf als ik de deur iets te hard dichtdeed. Meestal wist ik niet eens wat ik verkeerd had gedaan. “Rotkind” of “duivelskind” noemde hij me. En dan was er de nachtvader, die naar mijn kamertje kwam, me uitkleedde en met zijn vingers overal aan en in zat. Dan was ik zijn ‘kleine poppedijntje’, zijn ‘lieve blonde meisje’.

                    Toen ik naar de basisschool ging, was mijn vader alleen nog maar boos en agressief; lieve woordjes waren er niet meer. Verschillende keren per week verkrachtte hij me, om de haverklap kreeg ik straf. Dan werd ik urenlang in de gangkast opgesloten, soms zelfs dagen. In de ochtend kreeg ik geen ontbijt, en regelmatig kreeg ik twee of drie dagen achter elkaar geen avondeten.

                    Alleen
                    We woonden met z’n drieën in een rijtjeshuis in Helmond. Ik had een mooie kamer, in de kleuren van die tijd: bruin met oranje. Mijn ouders gaven me Playmobil, barbies en Lego. Omdat ik niet met andere kinderen mocht omgaan, speelde ik altijd alleen. Een gelukkig gezinnetje met Barbie en Ken en hun kindje. Als ik door het raam keek en andere kinderen buiten zag spelen, voelde ik me heel eenzaam.

                    Zo gespannen als een veer lag ik ’s nachts met het dekbed over me heen te luisteren naar de geluiden in huis

                    Op school was ik een stil kind. Behalve op de dagen dat ik thuis werd doodgezwegen; dan ratelde ik juist aan één stuk door, alsof ik mezelf ervan moest overtuigen dat ik nog bestond. Ik was doodsbang voor mijn vader en leefde 24 uur per dag in angst. Hij was maar 1.63 meter, maar in mijn beleving was hij een reus. Zo gespannen als een veer lag ik ’s nachts met het dekbed over me heen te luisteren naar de geluiden in huis. Ik kende elke kraak van de trap, hoorde aan de voetstappen of het mijn vader of moeder was die naar boven kwam.

                    Mijn moeder, die vanaf mijn 13de meedeed aan het seksueel misbruik, was een grijze muis en een timide vrouw, vooral op de achtergrond aanwezig. Als ik uit school kwam, zat ze klaar met thee en koekjes, en vroeg ze hoe het was geweest. Daardoor heb ik lang in de veronderstelling geleefd dat zij wél lief voor me was. Pas later besefte ik dat dat beeld niet klopte. Want zij vertelde mijn vader wat ik allemaal verkeerd had gedaan en ze wist dat hij me daarvoor zou straffen. Ik denk dat ze het wel handig vond als ik de klos was, want dan bleef zij zelf buiten schot. Zíj was het ook die mij op mijn knieën met een schuursponsje de vloer liet schrobben en me met een tandenborstel de wc en badkamer liet schoonmaken.

                    Fantasiewereld
                    In die tijd begon het dissociëren: als ik werd geslagen of verkracht, raakten mijn geest en lichaam van elkaar losgekoppeld. In mijn hoofd vluchtte ik naar een fantasiewereld van elfjes. Als het voorbij was en ik weer terugkeerde in mijn lichaam, borg ik wat er was gebeurd op in een laatje in mijn hoofd, om de volgende dag op school weer ‘normaal’ te kunnen functioneren. Als kind leerde ik die laatjes dicht te houden en te doen alsof er niets aan de hand was.

                    Omdat mijn ouders me voortdurend vertelden dat ik niets waard was, dacht ik dat mijn straf terecht was – ik was een duivelskind en had dit verdiend. Dat gevoel werd bevestigd doordat andere volwassenen in onze omgeving niet ingrepen. Ik herinner me nog dat mijn vader me in het bijzijn van mijn moeders familie zó hard sloeg dat mijn oma uitriep: je slaat haar nog dood! Ook in de supermarkt sloeg hij me een keer tegen de grond terwijl er bekenden in de buurt waren. Maar niemand deed iets. En ik schaamde me kapot; iedereen vond me vast een slecht kind.

                    Hoewel mijn cijfers goed genoeg waren om naar het vwo te gaan, stuurden mijn ouders me naar de dichterbij gelegen mavo. Nog steeds was het verboden om te gaan met mijn klasgenoten. Het huishouden doen, huiswerk maken, mishandeld en vernederd worden, ’s nachts het misbruik – op een gegeven moment hield ik het niet meer vol. De laatjes in mijn hoofd liepen over. Mijn cijfers kelderden enorm. Soms dissocieerde ik ook in de klas, dan zat ik voor me uit te staren en was ik volkomen onbereikbaar. En om mijn blauwe plekken te verbergen, meldde ik me vier keer per maand ongesteld om onder de gymles uit te komen. Dat viel mijn docenten op, en een van hen nam me apart. Huilend bekende ik dat ik werd mishandeld, maar over het misbruik durfde ik nog niet te vertellen. De directeur nam me tijdelijk in huis en schakelde Jeugdzorg in. Maar de gezinsvoogd, die vooral contact had met mijn ouders, besloot dat ik terug naar huis moest. Ik was 15 en had geen keuze. Ook na een tweede ontsnappingspoging werd ik teruggestuurd. Wat voelde ik me in de steek gelaten. Het geweld en misbruik gingen gewoon door.

                    Afscheidsbrief
                    Ik was inmiddels 17 toen mijn vader mij na een avond trompet spelen bij de harmonie – het enige wat ik buitenshuis mocht doen – bedreigde met een mes en me dwong een afscheidsbrief te schrijven. Hij had zijn reumapillen opgespaard en wilde dat ik zelfmoord pleegde. Misschien kreeg mijn moeder spijt, want ze riep mijn vader naar beneden, en op dat moment rende ik op mijn sokken het huis uit. Wat er verder is gebeurd die nacht of de dagen erna, weet ik niet meer. Geen enkel gevoel of beeld is me bijgebleven.

                    Ik werd in een internaat geplaatst. Psychische hulp kreeg ik daar niet. In hun methode stond contact tussen dader en slachtoffer centraal, dus werd er contact onderhouden met mijn ouders. De politieagent bij wie ik aangifte deed, kende mijn ouders ook en kwam bij ze op de koffie. Hij deed niets met mijn verhaal. Geen onderzoek, geen verhoor. Mijn vader leek onschendbaar, en dat zéí hij ook tegen me: “Niemand kan mij pakken.”

                    Ik kreeg twintig jaar ‘therapie’ zonder te kunnen praten over wat ik had meegemaakt

                    Toen ik na anderhalf jaar uit het internaat kwam, regelden mijn ouders een appartement voor mij in Helmond, waarvan ze zelf een sleutel hielden. Mijn vader wachtte me na sluitingstijd op bij de supermarkt waar ik werkte of bezocht me ’s nachts.

                    Zo ging het door tot mijn 25ste, tot 4 september 1995 om precies te zijn. Op die dag maakte hij de fout mij met een mes in mijn gezicht en mijn arm te snijden. De dag erna op mijn werk geloofde mijn baas me niet toen ik zei dat ik was gevallen. Ook de wijkagent trapte er niet in. Ik brak en vertelde hen alles. De politie bracht me naar de crisisopvang. Eindelijk, éíndelijk hield het op.

                    Er volgden jaren van therapie voor mijn posttraumatisch stresssyndroom. Eerst mocht ik niet over mijn ervaringen praten van de hulpverleners omdat ik moest ‘stabiliseren’. Later zeiden ze dat erover praten te veel zou oprakelen. Kortom, ik kreeg twintig jaar ‘therapie’ zonder te kunnen praten over wat ik had meegemaakt.

                    Vertrouwen
                    Alleen met Tonnie, mijn man, sprak ik erover. We ontmoetten elkaar een jaar nadat het misbruik ophield. Al snel vertelde ik hem in grote lijnen wat mij was overkomen, maar hij liet zich daar niet door afschrikken. “Wat doe jij nou,” vroeg hij toen we net samenwoonden en hij mij onder de douche mezelf zag schrobben met een schuursponsje, zoals ik thuis had moeten doen. Hij leerde me dat er washandjes bestaan en dat er geen slaag volgde als ik iets kapot liet vallen. Door zijn liefde en begrip groeide langzaam mijn vertrouwen.

                    Omdat de therapie me niet verder hielp, kreeg ik steeds meer last van nachtmerries, herbelevingen en dissociaties. Door een geur of een herinnering veranderde ik geestelijk soms ineens in een angstig meisje van 8, en zwierf ik verward over straat. In sommige periodes werd ik wel een paar keer per week door de politie thuisgebracht. Dat was zwaar, ook voor Tonnie. Ik raakte mijn baan kwijt en werd volledig afgekeurd. Ik kwam nergens meer. Ik wilde niet dood, maar dit onmenselijke leven wilde ik ook niet meer. Ik liet een brief en een cd achter met muziek voor mijn begrafenis en ging op weg naar het spoor, op een kwartiertje lopen van ons huis. Als de wijkagent me niet op tijd had onderschept, was ik hier niet meer geweest.

                    Toen ik Dirk kreeg, was ik al twintig jaar niet meer alleen ergens naartoe geweest. Nu ga ik, samen met hem, bijna elke dag alleen op pad

                    Mijn vechtlust keerde terug toen ik via sociale media contact kreeg met lotgenoten. Sommigen zaten net zo diep als ik, maar er waren ook slachtoffers die wél in staat waren geweest weer een leven op te bouwen. Zie je wel, dacht ik, het kán.

                    Iemand bracht me in contact met een goede therapeut – eindelijk iemand die wel naar me luisterde. Ook kreeg ik een hulphond, een koningspoedel die werd getraind om te herkennen wanneer ik begon te dissociëren. Zodra ik als een angstig meisje in mijn stoel begin te wiegen, legt Dirk zijn kop op mijn schoot en krabbelt hij met zijn poot. Door contact met me te maken brengt hij me terug naar het hier en nu. Toen ik Dirk kreeg, was ik al twintig jaar niet meer alleen ergens naartoe geweest. Nu ga ik, samen met hem, bijna elke dag alleen op pad. Hij merkt het eerder dan ik als de situatie me te spannend wordt, en geeft me dan een seintje dat we de rust moeten opzoeken.

                    Boos
                    Wat me ook heeft geholpen is het schrijven van mijn eerste boek, Het duivelskind, samen met journalist Maria Genova. Na dat boek heb ik veel steunbetuigingen gekregen. Een tante schreef me een brief van drie kantjes. Ze zei dat de familie wel wist dat er van alles aan de hand was, maar dat je je, zeker in die tijd, niet bemoeide met andermans opvoeding. Ook andere ooms en tantes hebben toegegeven dat ze ervan wisten en dat ze achter mijn boek stonden. Het is moedig om dat na zo’n lange tijd toe te geven, maar tegelijk kan ik er ook boos over worden dat nooit iemand iets heeft gedaan. Had die agent destijds doorgepakt met mijn aangifte en mijn familie verhoord, dan was mijn vader waarschijnlijk wél veroordeeld geweest.

                    De berichtjes van lotgenoten en hulpverle­ners die iets aan mijn verhaal hebben gehad, geven betekenis aan mijn bestaan
                    Een goede vriendin vroeg me of ik mijn vader niet nog eens wilde spreken. Omdat ik dat niet aandurfde, zocht zij hem op. Op haar vraag hoe het was om te leven met het feit dat hij zijn dochter 25 jaar lang had misbruikt, antwoordde hij: “Dat wilde ze zelf!” Voor mij was dat heel dubbel; ik was blij dat hij eindelijk aan iemand bekende dat hij dat heeft gedaan, maar hij gaf mij dus de schuld.

                    Mijn posttraumatische stressstoornis gaat nooit meer weg en ik heb er ook veel lichamelijke klachten aan overgehouden, onder meer een rughernia, waardoor ik een scootmobiel nodig heb. Maar ik kan er nu beter mee leven en zelfs weer plezier hebben en genieten van kleine dingen. Zoals vanochtend, toen ik met Dirk door het park vlak bij mijn huis reed en de bloesembomen in bloei zag staan.

                    Tonnie en ik hebben geen kinderen gekregen, maar samen zijn we gelukkig. Geslachtsgemeenschap hebben we niet, dat kan ik niet, nog steeds niet. Gelukkig zijn er meer manieren om intiem te zijn. We hebben daar samen een ontdekkingstocht in doorgemaakt en een manier gevonden die ons past.

                    Ik doe weer vrijwilligerswerk, zit in het bestuur van de wijkraad en geef lezingen over wat ik heb meegemaakt. De berichtjes van lotgenoten en hulpverleners die iets aan mijn verhaal hebben gehad, geven betekenis aan mijn bestaan. Daarom zou ik tegen iedereen die iets soortgelijks heeft meegemaakt willen zeggen: geef de moed niet op. Er is écht weer leven mogelijk.’

                    Over Ik was het duivelskind

                    Het verhaal over de jeugd van Angélique van Deursen is in 2013 opgetekend in Het duivelskind. Eind vorige maand verscheen opvolger Ik was het duivelskind, over haar volwassen leven. De twee boeken zijn geschreven onder het pseudoniem Angel van der Vecht, samen met journalist Maria Genova, en verschenen bij Just Publishers. Bij getuigenisverhalen van slachtoffers wordt de waarheidsgetrouwheid nog weleens in twijfel getrokken. Hoe gaat Maria Genova te werk? ‘Als het te gruwelijk wordt, geloven mensen het soms niet. Voor mijn boeken zoek ik altijd naar schriftelijke bewijzen, rechtszaken en bronnen die ik kan spreken. Bij Angélique was dat er allemaal. Voor het tweede boek zijn nog meer bewijzen verzameld, omdat meer mensen zich hebben gemeld en de vader van Angelique heeft bekend. Het menselijk geheugen is nooit onfeilbaar. Ik heb met Angelique afgesproken: alles wat je niet zeker weet, schrijven we niet op.’

                    Bron: gelderlander.nl

                     

                    In reactie op: Ruinerwold-kinderen seksueel misbruikt door vader #258553
                    Mark
                    Moderator

                      Slot Ruinerwold-docu: ‘Ik heb de afgelopen tien jaar met een masker op geleefd’


                      Israel, Mar Jan en Edino, drie van de vier oudste kinderen van Van D. (Rechten: eigen foto)Israel, Mar Jan en Edino, drie van de vier oudste kinderen van Van D. (Rechten: eigen foto)

                      “Eigenlijk heb ik altijd maar één ding gewild en dat is gewoon normaal zijn.” Mar Jan is zichtbaar geëmotioneerd als ze het zich realiseert. Het is maart 2021. Het bizarre verhaal over het gezin waaruit ze komt, is inmiddels bijna anderhalf jaar bekend. “Ik ben een beetje leeg en op zoek naar rust. Ik kan nu aan mijn eigen leven gaan bouwen. Die rust heb ik ook, nu het geheim weg is.”

                      Noch zij, noch haar broers Shin en Edino, die het inmiddels wereldberoemde gezin in 2008, 2009 en 2010 verlieten, hadden er voor oktober 2019 met anderen over gepraat. Geen van hun vrienden kende hun hele verhaal. Edino: “Ik denk dat ik de afgelopen tien jaar grotendeels met een masker op heb geleefd.”

                      In een extra online-aflevering van de documentaire De kinderen van Ruinerwold van Jessica Villerius vertellen de oudste kinderen hoe en wanneer zij zijn weggelopen in de periode voordat het gezin naar Ruinerwold verhuisde in 2010. In het gezin onderwierp godsdienstwaanzinnige Gerrit Jan van D. zijn negen kinderen aan zijn strenge regime, waarin de angst regeerde en waar vrijheidsberoving, geweld en seksueel misbruik aan de orde van de dag waren. In de ogen van de oudste vier tenminste. De jongeren staan, op één na, nog steeds achter hun vader.

                      ‘Niemand wist wat er echt aan de hand was’
                      Behalve hun verleden hebben de oudste drie kinderen nog een ding gemeen: sinds hun vertrek bij hun vader, broertjes en zusjes – hun moeder overleed al in 2004 – hadden ze tot oktober 2019 nooit aan iemand hun hele verhaal verteld. Dat veranderde toen Israel wegliep uit de Ruinerwoldboerderij, hulp zocht en de jongere broer en zusjes met vader Van D. werden gevonden.

                      Edino: “Iedereen in mijn omgeving was verbaasd toen dit naar buiten kwam. ‘Huh, jij?’ ‘Hoe dan?’ Ze hadden het nooit verwacht. “Ik heb in het verleden verteld dat mijn vader was vertrokken naar een klooster in Oostenrijk. Later heb ik wel verteld dat ik zelf vertrokken ben, omdat de situatie niet langer houdbaar was, maar niemand in mijn omgeving wist wat er echt aan de hand was.”

                      ‘Je kunt niet doen alsof het niet gebeurd is’
                      Mar Jan (30) is in 2008 de eerste die het gezin verlaat. “Sinds mijn moeder overleden was, ben ik vrijwel constant afgezonderd geweest van de rest van de familie. Ik maakte er geen deel van uit. Ik zat als het ware mijn tijd uit. Ik zat in een kamer met niks en dacht: wat doe ik hier nog?”

                      Ze is 18 als ze vertrekt. “De eerste weken was het overleven. Ik was geen kind meer, maar ik wist ook niet goed waar ik moest aankloppen voor hulp.” Toch komt ze goed terecht, maar ze heeft ook nog steeds last van alles wat haar overkomen is, zegt ze. “Niemand wil constant met het verleden bezig zijn, maar ik kan niet doen alsof het niet gebeurd is.”


                      Gerrit Jan van D. met zijn oudste vier kinderen in de jaren ’90 (Rechten: BNNVARA/De kinderen van Ruinerwold)

                      “We hebben alle drie last van dingen waar we nu nog steeds mee dealen, al lijkt dat voor veel mensen niet zo, omdat we gewoon meedraaien in de samenleving”, vervolgt Mar Jan. “Er zijn dingen waar we tegenaan lopen en waardoor we achterlopen op mensen van onze eigen leeftijd. Dat zie ik met de jongeren nu ook. Ik heb me er nu bij neergelegd, maar zeker tot ver na mijn twintigste heb ik het gevoel gehad dat andere mensen meer kansen kregen, waardoor ze dingen konden doen die ik niet kon.”

                      “Ik kon pas later aan een opleiding beginnen. Dat had met geld te maken; ik had geen vangnet. Het kost dan voor je gevoel meer moeite om ergens te komen waar anderen al vanzelfsprekend zijn. Ik had bijvoorbeeld al veel meer werkervaring kunnen hebben. En nu zit ik ook alweer anderhalf jaar werkloos thuis, want je kunt er niet bij werken als je zoveel te verwerken hebt.”

                      Slaapzak in de bosjes
                      Een jaar na haar verlaat broer Shin (31) het gezin. Hij is depressief, omdat hij van zijn vader niks anders mag doen dan werken en slapen. Hij woont dan met onder andere klusjesman Josef B. en zijn broer Edino in een loods in Meppel, die ook gebruikt wordt als werkplaats. Vader Van D. belooft steeds dat er betere tijden aanbreken, maar langzaam dringt de werkelijkheid tot Shin door. “Opeens besefte ik: over twintig jaar zit ik hier nog steeds hetzelfde te doen, dan kan ik beter weggaan.”

                      Ineens was ik van alles verlost. Ik kreeg het ultieme vrijheidsgevoel. ”
                      Oudste zoon Shin

                      Ondanks de angst dat zijn vader hem zal vinden, vertrekt hij op een avond met een rugzak met wat kleding erin en wat geld dat hij uit de portemonnee van Josef steelt. “Eerst had ik nog wel in mijn achterhoofd dat mijn vader misschien gelijk had. Dat hij toch de Messias was en ik alles kapotmaakte door weg te gaan.”

                      Hij zet toch door en loopt die nacht van Meppel naar Zwolle, waar hij op een bankje slaapt en ‘s ochtends een trein naar Utrecht pakt. Daar zwerft hij een half jaar rond. “Ik had me nog nooit zo vrij gevoeld. Ik sliep eerst met mijn slaapzak in de bosjes, ik had een radio en was superblij. Ineens was ik van alles verlost. Ik kreeg het ultieme vrijheidsgevoel. Dat heb ik daarna nooit meer zo gehad.”

                      Via een vriendin, die hij leert kennen als hij in een daklozenopvang belandt, krijgt hij uiteindelijk een kamer en ook vindt hij werk. “Ik ben nu tien jaar weg en ik heb geen baan meer en geen opleiding afgemaakt die ik leuk vond. En nu pas begin ik me af te vragen wat ik wil gaan doen.” Shin heeft al zeven jaar therapie vanwege zijn terugkerende depressies als gevolg van de ellende uit zijn verleden. Het vaakst van allemaal werd hij het slachtoffer van geweld en vernedering. Hij woonde als tiener onder meer een tijd lang in een hondenhok.

                      Foute keuzes
                      In 2010, voor het gezin naar Ruinerwold verhuist, vlucht ook Edino (28). “Ik was in paniek. Josef was boodschappen aan het doen en ik dacht: dit is mijn enige kans. Ik heb een tas gepakt en ben weggerend.” Hij gaat eerst naar zijn zus, met wie hij via Hyves stiekem contact heeft gezocht en woont daarna een paar weken bij broer Shin. Uiteindelijk vraagt hij studiefinanciering aan en verhuist hij voor een studie in Groningen naar Baflo.

                      “Ik wist dat ik de huur kon betalen, maar mijn schoolgeld lukte niet en ik reisde elke dag zwart met de trein. Als ik nu de muziek hoor waar ik toen veel naar luisterde, ben ik weer terug in die trein met dat eenzame gevoel. Ik had me in de schulden gewerkt, omdat ik niet geleerd had met geld om te gaan en ik had ineens ontzettend veel vrijheid, waardoor ik redelijk wat foute keuzes heb gemaakt.”

                      Terug naar Ruinerwold
                      Na flink wat omzwervingen belandt hij in Zwolle. Door de jaren heen gaat hij regelmatig naar Ruinerwold. “Ik ben heel vaak langs de boerderij gereden en heb vaak op afstand op een bankje gezeten met een verrekijker, die ik er speciaal voor had gekocht. Dan ging ik zitten kijken. Eerst was ik heel bang dat ik gespot zou worden, maar later dacht ik: nou dan zien ze me maar…”


                      In deze boerderij in Ruinerwold woonde het gezin van Gerrit Jan van D. (Rechten: RTV Drenthe/Fred van Os)

                      Edino lijkt vrolijk en gelukkig, maar hij heeft net als Shin ook last van depressieve gevoelens. Shin tegen hem: “Jij bent heel sociaal, je hebt heel veel mensen om je heen verzameld en je onderhoudt de contacten ook. Soms denk ik, waar haal je de energie vandaan? Maar doordat je met je omgeving bezig bent, vergeet je je eigen problemen. Ik heb minder mensen om me heen verzameld en trek me automatisch meer terug. Dan komen die gevoelens meer naar boven. Bij jou zit het wat dieper.”

                      Nieuwe vrijheid
                      Edino erkent dat. “Maar vanuit onze opvoeding in ons geleerd dat zelfmedelijden hebben fout is. Als ik denk aan waar ik de meeste straf voor heb gehad, is het voor mezelf zielig vinden. Met veel dingen ben ik wel gelukkig hoor. Als ik kijk wat mij de afgelopen zeven jaar gered heeft, dan zijn het mijn kinderen. Door hen heb ik al die jaren niet kunnen terugvallen.”

                      “Ik denk dat, nu het eindelijk allemaal openbaar is, de weg vrij is om te kijken wie we zijn en wat we willen”, besluit Shin. “We zaten tot nu toe op een plek die gecreëerd was, omdat het leven zo is gegaan. Nu hebben we de kans om te zeggen: ‘Dit willen we en we zijn vrij om dat te gaan doen.”

                      Bron: rtvdrenthe.nl

                      In reactie op: Ruinerwold-kinderen seksueel misbruikt door vader #258552
                      Mark
                      Moderator

                        Slot Ruinerwold-docu: ‘Ik heb de afgelopen tien jaar met een masker op geleefd’


                        Israel, Mar Jan en Edino, drie van de vier oudste kinderen van Van D. (Rechten: eigen foto)Israel, Mar Jan en Edino, drie van de vier oudste kinderen van Van D. (Rechten: eigen foto)

                        “Eigenlijk heb ik altijd maar één ding gewild en dat is gewoon normaal zijn.” Mar Jan is zichtbaar geëmotioneerd als ze het zich realiseert. Het is maart 2021. Het bizarre verhaal over het gezin waaruit ze komt, is inmiddels bijna anderhalf jaar bekend. “Ik ben een beetje leeg en op zoek naar rust. Ik kan nu aan mijn eigen leven gaan bouwen. Die rust heb ik ook, nu het geheim weg is.”

                        Noch zij, noch haar broers Shin en Edino, die het inmiddels wereldberoemde gezin in 2008, 2009 en 2010 verlieten, hadden er voor oktober 2019 met anderen over gepraat. Geen van hun vrienden kende hun hele verhaal. Edino: “Ik denk dat ik de afgelopen tien jaar grotendeels met een masker op heb geleefd.”

                        In een extra online-aflevering van de documentaire De kinderen van Ruinerwold van Jessica Villerius vertellen de oudste kinderen hoe en wanneer zij zijn weggelopen in de periode voordat het gezin naar Ruinerwold verhuisde in 2010. In het gezin onderwierp godsdienstwaanzinnige Gerrit Jan van D. zijn negen kinderen aan zijn strenge regime, waarin de angst regeerde en waar vrijheidsberoving, geweld en seksueel misbruik aan de orde van de dag waren. In de ogen van de oudste vier tenminste. De jongeren staan, op één na, nog steeds achter hun vader.

                        ‘Niemand wist wat er echt aan de hand was’
                        Behalve hun verleden hebben de oudste drie kinderen nog een ding gemeen: sinds hun vertrek bij hun vader, broertjes en zusjes – hun moeder overleed al in 2004 – hadden ze tot oktober 2019 nooit aan iemand hun hele verhaal verteld. Dat veranderde toen Israel wegliep uit de Ruinerwoldboerderij, hulp zocht en de jongere broer en zusjes met vader Van D. werden gevonden.

                        Edino: “Iedereen in mijn omgeving was verbaasd toen dit naar buiten kwam. ‘Huh, jij?’ ‘Hoe dan?’ Ze hadden het nooit verwacht. “Ik heb in het verleden verteld dat mijn vader was vertrokken naar een klooster in Oostenrijk. Later heb ik wel verteld dat ik zelf vertrokken ben, omdat de situatie niet langer houdbaar was, maar niemand in mijn omgeving wist wat er echt aan de hand was.”

                        ‘Je kunt niet doen alsof het niet gebeurd is’
                        Mar Jan (30) is in 2008 de eerste die het gezin verlaat. “Sinds mijn moeder overleden was, ben ik vrijwel constant afgezonderd geweest van de rest van de familie. Ik maakte er geen deel van uit. Ik zat als het ware mijn tijd uit. Ik zat in een kamer met niks en dacht: wat doe ik hier nog?”

                        Ze is 18 als ze vertrekt. “De eerste weken was het overleven. Ik was geen kind meer, maar ik wist ook niet goed waar ik moest aankloppen voor hulp.” Toch komt ze goed terecht, maar ze heeft ook nog steeds last van alles wat haar overkomen is, zegt ze. “Niemand wil constant met het verleden bezig zijn, maar ik kan niet doen alsof het niet gebeurd is.”


                        Gerrit Jan van D. met zijn oudste vier kinderen in de jaren ’90 (Rechten: BNNVARA/De kinderen van Ruinerwold)

                        “We hebben alle drie last van dingen waar we nu nog steeds mee dealen, al lijkt dat voor veel mensen niet zo, omdat we gewoon meedraaien in de samenleving”, vervolgt Mar Jan. “Er zijn dingen waar we tegenaan lopen en waardoor we achterlopen op mensen van onze eigen leeftijd. Dat zie ik met de jongeren nu ook. Ik heb me er nu bij neergelegd, maar zeker tot ver na mijn twintigste heb ik het gevoel gehad dat andere mensen meer kansen kregen, waardoor ze dingen konden doen die ik niet kon.”

                        “Ik kon pas later aan een opleiding beginnen. Dat had met geld te maken; ik had geen vangnet. Het kost dan voor je gevoel meer moeite om ergens te komen waar anderen al vanzelfsprekend zijn. Ik had bijvoorbeeld al veel meer werkervaring kunnen hebben. En nu zit ik ook alweer anderhalf jaar werkloos thuis, want je kunt er niet bij werken als je zoveel te verwerken hebt.”

                        Slaapzak in de bosjes
                        Een jaar na haar verlaat broer Shin (31) het gezin. Hij is depressief, omdat hij van zijn vader niks anders mag doen dan werken en slapen. Hij woont dan met onder andere klusjesman Josef B. en zijn broer Edino in een loods in Meppel, die ook gebruikt wordt als werkplaats. Vader Van D. belooft steeds dat er betere tijden aanbreken, maar langzaam dringt de werkelijkheid tot Shin door. “Opeens besefte ik: over twintig jaar zit ik hier nog steeds hetzelfde te doen, dan kan ik beter weggaan.”

                        Ineens was ik van alles verlost. Ik kreeg het ultieme vrijheidsgevoel. ”
                        Oudste zoon Shin

                        Ondanks de angst dat zijn vader hem zal vinden, vertrekt hij op een avond met een rugzak met wat kleding erin en wat geld dat hij uit de portemonnee van Josef steelt. “Eerst had ik nog wel in mijn achterhoofd dat mijn vader misschien gelijk had. Dat hij toch de Messias was en ik alles kapotmaakte door weg te gaan.”

                        Hij zet toch door en loopt die nacht van Meppel naar Zwolle, waar hij op een bankje slaapt en ‘s ochtends een trein naar Utrecht pakt. Daar zwerft hij een half jaar rond. “Ik had me nog nooit zo vrij gevoeld. Ik sliep eerst met mijn slaapzak in de bosjes, ik had een radio en was superblij. Ineens was ik van alles verlost. Ik kreeg het ultieme vrijheidsgevoel. Dat heb ik daarna nooit meer zo gehad.”

                        Via een vriendin, die hij leert kennen als hij in een daklozenopvang belandt, krijgt hij uiteindelijk een kamer en ook vindt hij werk. “Ik ben nu tien jaar weg en ik heb geen baan meer en geen opleiding afgemaakt die ik leuk vond. En nu pas begin ik me af te vragen wat ik wil gaan doen.” Shin heeft al zeven jaar therapie vanwege zijn terugkerende depressies als gevolg van de ellende uit zijn verleden. Het vaakst van allemaal werd hij het slachtoffer van geweld en vernedering. Hij woonde als tiener onder meer een tijd lang in een hondenhok.

                        Foute keuzes
                        In 2010, voor het gezin naar Ruinerwold verhuist, vlucht ook Edino (28). “Ik was in paniek. Josef was boodschappen aan het doen en ik dacht: dit is mijn enige kans. Ik heb een tas gepakt en ben weggerend.” Hij gaat eerst naar zijn zus, met wie hij via Hyves stiekem contact heeft gezocht en woont daarna een paar weken bij broer Shin. Uiteindelijk vraagt hij studiefinanciering aan en verhuist hij voor een studie in Groningen naar Baflo.

                        “Ik wist dat ik de huur kon betalen, maar mijn schoolgeld lukte niet en ik reisde elke dag zwart met de trein. Als ik nu de muziek hoor waar ik toen veel naar luisterde, ben ik weer terug in die trein met dat eenzame gevoel. Ik had me in de schulden gewerkt, omdat ik niet geleerd had met geld om te gaan en ik had ineens ontzettend veel vrijheid, waardoor ik redelijk wat foute keuzes heb gemaakt.”

                        Terug naar Ruinerwold
                        Na flink wat omzwervingen belandt hij in Zwolle. Door de jaren heen gaat hij regelmatig naar Ruinerwold. “Ik ben heel vaak langs de boerderij gereden en heb vaak op afstand op een bankje gezeten met een verrekijker, die ik er speciaal voor had gekocht. Dan ging ik zitten kijken. Eerst was ik heel bang dat ik gespot zou worden, maar later dacht ik: nou dan zien ze me maar…”


                        In deze boerderij in Ruinerwold woonde het gezin van Gerrit Jan van D. (Rechten: RTV Drenthe/Fred van Os)

                        Edino lijkt vrolijk en gelukkig, maar hij heeft net als Shin ook last van depressieve gevoelens. Shin tegen hem: “Jij bent heel sociaal, je hebt heel veel mensen om je heen verzameld en je onderhoudt de contacten ook. Soms denk ik, waar haal je de energie vandaan? Maar doordat je met je omgeving bezig bent, vergeet je je eigen problemen. Ik heb minder mensen om me heen verzameld en trek me automatisch meer terug. Dan komen die gevoelens meer naar boven. Bij jou zit het wat dieper.”

                        Nieuwe vrijheid
                        Edino erkent dat. “Maar vanuit onze opvoeding in ons geleerd dat zelfmedelijden hebben fout is. Als ik denk aan waar ik de meeste straf voor heb gehad, is het voor mezelf zielig vinden. Met veel dingen ben ik wel gelukkig hoor. Als ik kijk wat mij de afgelopen zeven jaar gered heeft, dan zijn het mijn kinderen. Door hen heb ik al die jaren niet kunnen terugvallen.”

                        “Ik denk dat, nu het eindelijk allemaal openbaar is, de weg vrij is om te kijken wie we zijn en wat we willen”, besluit Shin. “We zaten tot nu toe op een plek die gecreëerd was, omdat het leven zo is gegaan. Nu hebben we de kans om te zeggen: ‘Dit willen we en we zijn vrij om dat te gaan doen.”

                        Bron: rtvdrenthe.nl

                      10 berichten aan het bekijken - 61 tot 70 (van in totaal 718)