Aangemaakte reacties

25 berichten aan het bekijken - 1 tot 25 (van in totaal 590)
  • Auteur
    Berichten
  • In reactie op: Petitie 'Lijm de zorg' #248287

    Mark
    Moderator

    Manifest Lijm de Zorg heeft 50.000 handtekeningen en kan naar de Kamer

    Het manifest Lijm de Zorg dat maandag geïntroduceerd werd door hulpverleners en patiënten heeft in ruim vijf dagen tijd meer dan 50.000 handtekeningen opgeleverd. Coördinator Louis de Mast vertelt in gesprek met NU.nl dat het manifest binnenkort naar de Tweede Kamer gaat, maar dat het voorlopig nog openblijft om nog meer steun te werven.

    Lijm de Zorg had 40.000 handtekeningen nodig om het manifest aan de Kamer te mogen overhandigen. Dat gaat na het debat in de Tweede Kamer over wachtlijsten in de geestelijke gezondheidszorg (ggz) gebeuren, verzekert De Mast.

    Voor het zover is, hoopt hij dat er in totaal 90.000 handtekeningen geplaatst zijn. “Zo lang is de wachtlijst. Het zou een mooi symbolisch aantal zijn. Er worden momenteel nog veel handtekeningen gezet.”

    Volgens De Mast zijn er veel reacties binnengekomen van “Charlottes” in Nederland. Daarmee refereert De Mast aan Charlotte Bouwman, een van de initiatiefnemers die sinds maandagochtend iedere dag urenlang voor het ministerie zat. Haar wachttijd voor de juiste hulp was opgelopen tot boven de achthonderd dagen.

    Bij het manifest ontving De Mast veel soortgelijke reacties. “Veel handtekeningen zijn afkomstig van patiënten die jarenlang moesten wachten op de juiste hulp en aan het einde van de rit ‘te complex’ bevonden werden. Dan zit er niets anders op dan weer achteraan de wachtrij aan te sluiten.”

    Overigens zit Bouwman zaterdag en zondag niet voor het ministerie. “Charlotte heeft een paar rustdagen: het ministerie is immers toch gesloten. Zo kan zij even bijkomen van een hectische week”, aldus De Mast. Maandag om 9.00 uur neemt zij weer plaats voor het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

    De Mast baalt dat zowel het ministerie als zorgverzekeraars en -aanbieders geen verantwoordelijkheid durven te nemen. “Ze wijzen naar elkaar. Zorgverzekeraars hebben een wettelijke zorgplicht, zegt het ministerie. Maar de zorgverzekeraars roepen dat er te weinig specialistische plaatsen beschikbaar zijn. Aanbieders daarvan vragen al tijden om extra personeel en geld van het ministerie. Het is een schrijnende situatie.”

    Een helpdesk is een tussenoplossing, vindt De Mast. “Laat daar iemand de regie nemen en de zorg organiseren. Breng de verantwoordelijkheid terug naar waar die hoort: op het ministerie.

    Bron: nu.nl

    In reactie op: Sexting, sextortion & shaming #248279

    Mark
    Moderator

    3FM SPECIAL OVER ONLINE MISBRUIK – VRIJDAG 24 JANUARI 2020

    Naar aanleiding van de berichtgeving rondom Kaj van der Ree willen we bij NPO 3FM, net als alle andere betrokken partijen, nogmaals benadrukken dat we erg geschrokken zijn. Als publieke zender vinden we het belangrijk om een actueel thema als online seksueel grensoverschrijdend gedrag te bespreken met onze luisteraars. Daarom hebben we samen met BNNVARA besloten om op vrijdagavond 24 januari, tijdens het voormalige tijdslot van Kaj van der Ree, een 3FM Special te maken rondom dit thema. Tijdens deze uitzending willen we een open gesprek voeren met deskundigen en luisteraars. Iedereen die vragen heeft of ervaringen wil delen over online seksualiteit, is welkom bij 3FM. Tijdens deze twee uur (22:00 – 00:00) zal Eva Koreman de presentatie op zich nemen en in gesprek gaan met luisteraars en deskundigen rondom dit thema.

    Beluister de uitzending op npo3fm.nl >>


    Mark
    Moderator

    „Houding Jehovah’s Getuigen heel schadelijk”

    Er is een cultuuromslag nodig binnen de gemeenschap van de Jehovah’s Getuigen, zegt Berna van der Zouwen, oprichter en voorzitter van het Reformatorisch Meldpunt voor seksueel misbruik. „Het verzwijgen en niet melden van seksueel misbruik brengt slachtoffers veel schade toe.”
    Van der Zouwen reageert hiermee op het rapport van de Universiteit Utrecht (UU) over seksueel misbruik binnen de Jehovah’s Getuigen dat donderdag openbaar werd.

    Leden van de geloofsgemeenschap melden beschuldigingen van misbruik niet of met tegenzin aan de politie, blijkt uit het rapport. Onderzocht zou moeten worden of de Jehovah’s Getuigen verplicht kunnen worden om misbruik te melden, omdat zij een „gesloten gemeenschap” zijn.

    In totaal hebben 751 onderzoeksdeelnemers ervaringen gedeeld van seksueel misbruik. Daarbij gaat 4 procent over misbruik door een ouderling; het merendeel van het misbruik vond plaats buiten de kerk, in de familiekring of bij leden thuis.

    Het aantal meldingen valt Van der Zouwen tegen. „Het genootschap telt 30.000 leden. Uit onderzoek blijkt dat een op de drie jongeren te maken krijgt met misbruik. Ik vrees dat dit aantal van 751 nog maar het topje van de ijsberg is.” Het Reformatorisch Meldpunt is een anoniem en laagdrempelig contactpunt voor slachtoffers van seksueel misbruik in reformatorische kring.

    Wat Van der Zouwen opvalt, is dat driekwart van de slachtoffers vindt dat ze door de geloofsgemeenschap onvoldoende zijn geholpen. „Dat zie je helaas vaker in gesloten groepen. Mensen willen niet met het seksueel misbruik voor de dag komen, omdat ze bang zijn dat dit het beeld van de groep beschadigt. Die houding berokkent veel schade.”

    Ook in de kerk komt Van der Zouwen dit groepsmechanisme regelmatig tegen. „Slachtoffers wordt afgeraden om aangifte te doen. We praten erover, spreken vergeving uit en daarmee is de zaak afgedaan, denken mensen. Maar ze vergeten dat dit de eenzaamheid van slachtoffers alleen maar vergroot.”

    Cultuuromslag
    Dat de onderzoekers aandringen op het instellen van een meldpunt voor seksueel misbruik binnen de gemeenschap van de Jehovah’s Getuigen vindt de coördinator positief. „Ik zou deze gemeenschap zeker aanraden om zo’n meldpunt in te stellen. Dat zou dan wel onafhankelijk moeten zijn. Seksueel misbruik laten onderzoeken door leden van de eigen kerk lijkt mij heel complex en geeft geen goed signaal af aan slachtoffers.”

    Er is volgens Van der Zouwen een cultuuromslag binnen de Jehovah’s Getuigen nodig. „Dat ze erkennen dat seksueel misbruik bij hen voorkomt, dat ze naast slachtoffers gaan staan en daar ook naar handelen. Zo’n omslag heeft tijd nodig.”

    Zaken die meer openheid kunnen creëren bij de Jehovah’s Getuigen zijn de aanhoudende publiciteit en de slachtofferverhalen die nu naar buiten komen, zegt Van der Zouwen. „Bij de Rooms-Katholieke Kerk heeft het vijftien jaar geduurd, maar er is nu sprake van een duidelijke kentering in de omgang met seksueel misbruik. De paus kondigde vorig jaar aan dat een kardinaal uit zijn ambt werd gezet vanwege misbruik. Zo’n uitspraak doet slachtoffers goed.”

    Bron: rd.nl (niet op zondag)


    Mark
    Moderator

    Zonder Frank Huiting was er nooit een onderzoek gekomen naar misbruik bij Jehovah’s Getuigen

    Zonder de openheid en inzet van Frank Huiting, was er nooit een onderzoek gekomen naar misbruik bij Jehovah’s Getuigen. ‘Dit is een enorme ontlading.’

    De eerste keer dat Frank Huiting zich realiseerde dat hij moest opstaan tegen misbruik bij Jehovah’s Getuigen, was hij dertig jaar oud en stond hij midden op de stoep in een woonwijk in Groningen. Hij had net een gesprek achter de rug met hooggeplaatste Jehovah’s Getuigen bij wie hij al jarenlang het misbruik uit zijn jeugd aankaartte.

    Hij hoopte op excuses of maat­regelen, maar het gesprek ging vooral over Huitings vergevingsbereidheid. Na afloop stond hij buiten, op de stoep, in de kou. Tegen zijn ouders die mee waren, zei hij: “Die Jehovah’s Getuigen gaan nog van mij horen”. Die voorspelling is uitgekomen, op een manier die hij zelf ook niet helemaal zag aankomen.

    Huiting was het eerste misbruik­slachtoffer dat zijn verhaal deed in Trouw, toen nog onder de gefingeerde naam ‘Mark’. Enkele maanden ­later, gesterkt door de vele verhalen van lotgenoten die loskwamen, ­besloot hij uit de anonimiteit te treden. Met een aantal andere ex-­Getuigen richtte hij de stichting ­Reclaimed Voices op, die zich sinds 2017 inzet voor een betere bescherming van kinderen bij de Jehovah’s Getuigen.

    De ophef rond de verschijning van het onderzoek door de Universiteit Utrecht – de Jehovah’s Getuigen probeerden dit tegen te houden met een kort geding – beleefde Huiting ‘als een rollercoaster’. Dat de rechter het verzoek van de getuigen niet honoreerde, zorgde voor een vreugdesprongetje bij Huiting. “Dit is de kroon op vele inspanningen.”

    Wat doet het met u dat de Jehovah’s Getuigen het onderzoek lasterlijk en onjuist vinden?
    “Ik denk aan de kindertjes die daar opgroeien. En dan zie ik dat het bestuur zo’n waardevol document naast zich neerlegt, er als het ware op spuugt. Terwijl we het hier hebben over de toekomst van kinderen! Dat vinden zij ontzettend belangrijk, dat zeggen ze steeds. Maar dat rijmt niet met hoe ze nu reageren.”

    Bent u niet bang dat het onderzoek juist bewustwording in de gemeenschap gaat tegenwerken, omdat het bestuur de conclusies presenteert als leugens van Satan?
    “Er zijn genoeg Jehovah’s Getuigen die kritisch ingesteld zijn, die dat niet zomaar geloven. Wij hebben als stichting veel contact met mensen die nog onderdeel van de gemeenschap zijn, en we horen dat er een soort tweedeling ontstaat: tussen jonge mensen die willen dat de organisatie transparanter omgaat met misbruik, en de oudere garde die niets wil veranderen. Dus wat dat betreft heb ik hoop dat er toch verandering van binnenuit zal komen.”

    Kunt u de reactie van de Jehovah’s Getuigen verklaren?
    “Zij zijn er oprecht van overtuigd dat ze geen probleem hebben. Dat heeft te maken met hun ware-religie-denken. Ze stellen zich boven de wereld, boven de overheid. Ze moeten God meer gehoorzamen dan mensen. Wie is het WODC, wie is het ministerie om hun te vertellen hoe zij het moeten doen. Hun manier is Bijbels en wordt daarmee gezegend.”

    Deze dagen moeten voor u confronterend geweest zijn. Hoe gaat het nu met u, twee jaar na het eerste artikel?
    “Het was de afgelopen dagen een rollercoaster, maar het gaat heel goed. Door de contacten met andere slachtoffers ben ik echt gegroeid. Ik heb een fase gehad waarin ik heel boos was, ik had zoiets van: die gemeenschap moet verboden worden. Gek genoeg ben ik meer barmhartigheid voor ze gaan voelen, terwijl zij zich juist agressiever en afwijzender opstellen. Ik merkte dat bijvoorbeeld aan hoe ik keek naar de piepjonge advocaat die de internationale advocaat ondersteunde. Die jongen is zelf Jehovah’s Getuige en advocaat in de zorg. Ik vroeg mij af: wat heeft het voor impact op zo’n jongen dat hij op zo’n enorme case gezet wordt. Niet alleen voor zijn plek in de gemeenschap, maar ook voor zijn carrière in de buitenwereld. Weet hij wel waar hij mee bezig is.”

    Ik kan mij ook voorstellen dat u na de afgelopen dagen de deur definitief sluit voor de Jehovah’s Getuigen.
    “Ik ben zeker niet blij met hun standpunt, maar ze zijn niet afgeschreven. Ik wil nog steeds graag met hen praten. Ik begrijp de emoties op sociale media, waar mensen schrijven dat die organisatie opgeknoopt moet worden, maar met woede bereiken we niets. Wel met dialoog.”

    Bron: trouw.nl


    Mark
    Moderator

    Jehova’s Getuigen reageren laks op meldingen van seksueel misbruik in eigen kring

    De gemeenschap van Jehova’s Getuigen treedt vaak niet goed op bij meldingen van seksueel misbruik in de eigen gelederen. Slachtoffers zijn ontevreden over de interne behandeling van hun klachten en doen nauwelijks aangifte bij de politie. Dit blijkt uit een onderzoek naar de streng religieuze gemeenschap in opdracht van minister Sander Dekker voor Rechtsbescherming.

    Een moment van gebed tijdens een congres van Jehovah’s Getuigen in Bergen. Beeld Marcel Van Den Bergh
    Nooit eerder liet de Nederlandse overheid zo’n onderzoek uitvoeren bij een religieuze groepering. Dekker spreekt van een uitermate zorgelijk beeld. De Universiteit Utrecht, die het onderzoek uitvoerde, adviseert het kabinet de mogelijkheden voor een wettelijke aangifteplicht te onderzoeken. Ook moet er een ‘verscherpt vervolgonderzoek’ komen.

    De onderzoekers, die uitsluitend hebben bekeken hoe de Jehova’s omgaan met seksueel misbruik, kregen 751 meldingen binnen. Die gingen over incest, aanrandingen, verkrachtingen of ongewenste seks binnen de relatie. Van de meldingen betroffen er 292 eigen ervaringen. De overige meldingen kwamen van personen die weet hadden van misbruik bij iemand anders. Circa 48 procent van de slachtoffers was lid van de gemeenschap toen ze hun verhaal deelden.

    Van die slachtoffers heeft 27 procent aangifte gedaan bij de politie. Het gesloten karakter van de gemeenschap houdt veel ervaringen van misbruik binnen de muren van het hoofdkwartier in Emmen. Daar krijgen de ouderlingen vaak wel te horen wat er is gebeurd, maar 75 procent van de slachtoffers is niet tevreden over de klachtbehandeling.

    Meldpunt
    De onderzoekers pleiten voor een extra meldpunt voor slachtoffers van misdrijven, waarover de Jehova’s jaarlijks verslag moeten uitbrengen. Dekker zegt daarover met het bestuur in gesprek te gaan.

    Aanvankelijk zouden de resultaten van het onderzoek donderdagochtend worden gepubliceerd. De Jehova’s probeerden die publicatie met een kort geding te voorkomen. In hun ogen hebben de onderzoekers vooringenomen gehandeld, waardoor het rapport feitelijk en wetenschappelijk onjuist zou zijn. De advocaat van de gemeenschap sprak van een lasterlijk en zeer beledigend rapport voor de dertigduizend leden.

    Op uitdrukkelijk verzoek van de advocaat van de Jehova’s vond het kort geding woensdag plaats achter gesloten deuren. Volgens ex-leden was dat illustratief voor de cultuur in de gemeenschap: een ondoordringbaar bastion dat elk contact met de buitenwereld mijdt.

    Toch heeft de gemeenschap zich gedurende het onderzoek ook meewerkend opgesteld: het bestuur verzocht de leden per brief om mee te werken aan het onderzoek. Maar nadat de leden de conclusies hadden mogen inzien, stelden ze alles in het werk om publicatie te dwarsbomen. De rechter veegde donderdag alle aangevoerde argumenten van tafel.

    Eigen rechtssysteem
    ‘Dit onderzoek bevestigt het cultuurprobleem binnen de Jehova’s’, zegt Raymond Hintjens (42), voormalig lid van de gemeenschap en voorzitter van Reclaimed Voices, een stichting die de belangen van de slachtoffers verdedigt.

    De Jehova’s behandelen misdrijven via een eigen rechtssysteem. ‘Alle misdrijven worden intern afgehandeld, volgens de procedures die zij menen te lezen in de Bijbel’, zegt Hintjens. ‘Die procedures zijn zwaar in het nadeel van het slachtoffer: zonder tweede getuige kan de berechting niet eens doorgaan. Er is veel te weinig aandacht voor de hulp die een slachtoffer nodig heeft. De wijze waarop Jehova’s met klachten omgaan, is vaak nog traumatischer dan het misdrijf zelf, zo hoor ik in de gesprekken die ik heb met slachtoffers.’

    In 2007 stapte Hintjens uit de gemeenschap, omdat hij op mannen valt en dat niet kon uiten binnen de gemeenschap. Zelf heeft hij geen ervaring met seksueel misbruik. ‘Op allerlei fora las ik verhalen over misbruik waarvan de rillingen je over de rug lopen. Dat liet mij niet onberoerd. Daarom ben ik me actief gaan inzetten om slachtoffers te steunen.’

    Het onderzoek is gericht op de omgang met seksuele misdrijven, maar volgens Hintjens spelen er ook andere problemen. ‘Het cultuurprobleem speelt ook een rol bij huiselijk geweld. Die zaken worden op precies dezelfde manier opgelost als misdrijven met seksueel geweld. Het is niet mogelijk om openlijk kritiek te uiten.’

    Bron: volkskrant.nl

    In reactie op: Alles over het seksueel wangedrag van Kaj van der Ree #248226

    Mark
    Moderator

    Presentator Kaj van der Ree diep door het stof na beschuldigingen seksueel wangedrag: ‘Spijt van domme fouten’

    PROGRAMMA’S GESCHRAPT
    BNNVARA heeft de programma’s van Kaj van der Ree geschrapt na beschuldigingen van seksueel wangedrag. De presentator en vlogger (28) reageert nu zelf voor het eerst en gaat diep door het stof na alle beschuldigingen aan zijn adres. Op sociale media werd hij de afgelopen dagen door jonge vrouwen beticht van het sturen van naaktfoto’s en pikante berichten. De vrouwen waren op dat moment minderjarig. Van der Ree geeft zijn misdragingen toe. ,,Ik zie in dat ik domme fouten heb gemaakt.”

    In een via zijn woordvoerder verspreid statement stelt Van der Ree: ,,De afgelopen dagen is naar buiten gekomen dat ik in het verleden via sociale media enkele seksueel getinte contacten heb gehad met toen nog minderjarige meisjes. Ik was vereerd door de aandacht die ik kreeg en was mij toen niet bewust van de implicaties van mijn gedrag.”

    Hij ziet nu in dat hij ‘domme fouten’ heeft gemaakt. ,,Ik bied daarvoor mijn oprechte excuses aan, in de eerste plaats aan de jonge vrouwen die het betreft. Daarnaast besef ik dat ik mijn omgeving ernstig heb teleurgesteld. Ik hoop dat zowel de jonge vrouwen als anderen mij kunnen vergeven. Maar ik snap het ook dat organisaties op dit moment niet meer met mij willen samenwerken.”

    De NPO stopt met onmiddellijke ingang met de uitzendingen van Proefkonijnen na ophef over Van der Ree. De publieke omroep stopt ook met zijn vrijdagavondshow Skaj is The Limit op 3FM. Ook het Rode Kruis, waarvoor Van der Ree al jaren ambassadeur is, neemt afstand van de vlogger. ,,,Als hulporganisatie nemen we zaken als seksuele misstanden uiterst serieus. We willen dit graag zorgvuldig uitgezocht hebben. Seksuele misstanden naar minderjarige kinderen kunnen we niet tolereren”, aldus een zegsman. RTL staakt de samenwerking met Van Ree. De vlogger werkt incidenteel voor het YouTube-programma Nieuwspunt (RTL). ,,Hij zal niet meer te zien zijn bij Nieuwspunt.”

    ‘Het zal niet meer gebeuren’
    Kaj van der Ree in zijn verklaring: ,,Ik hoop dat mensen willen begrijpen dat ik behalve een bekende mediapersoonlijkheid ook een gewone jonge man ben die een aantal fouten heeft gemaakt en daar lessen uit wil trekken. Seksueel getint verkeer met minderjarigen heb ik achter mij gelaten, en ik kan verzekeren dat het ook niet meer zal gebeuren. Het feit dat ik via social media enkele seksueel getinte contacten heb gehad, wil echter niet zeggen dat alles wat over mij wordt beweerd ook juist is.”

    En: ,,Wat ik verkeerd heb gedaan, kan ik helaas niet ongedaan maken. Wel kan ik proberen om met behulp van mijn bekendheid en mijn ervaring anderen te behoeden voor het maken van dezelfde fouten. Op die manier wil ik graag ook nog iets positiefs halen uit een bijzonder nare episode met grote gevolgen.” Van der Ree zelf is niet bereikbaar voor commentaar. ,,Daar ziet hij van af”, aldus zegsman Dick van der Meer.

    Op sociale media beweren jonge vrouwen dat ze op minderjarige leeftijd seksueel getinte berichten van de vlogger hebben ontvangen. Ook zou de 28-jarige Kaj enkele jaren geleden naaktfoto’s hebben gestuurd en om naaktfoto’s hebben gevraagd bij jonge meisjes die toen 13, 14 en 15 jaar oud waren. De seksueel getinte chatberichten kwamen vrijdagavond door een uitzending van RTL Boulevard op straat te liggen.

    Kaj lag deze week ook al onder vuur omdat hij zich maanden geleden in een interview hardop had afgevraagd of Nikkie Tutorials transgender is. Toen zij eerder deze week uit de kast kwam als transgender, dook het gesprek weer op en kreeg Kaj op social media de volle laag voor het ‘outen’ van de YouTube-ster. Hij bood op Instagram zijn excuses aan.

    Bron: ad.nl

    In reactie op: Alles over het seksueel wangedrag van Kaj van der Ree #248225

    Mark
    Moderator

    3FM komt met thema-uitzending na seksueel wangedrag Kaj van der Ree

    NPO 3FM maakt een thema-uitzending naar aanleiding van het seksueel grensoverschrijdend gedrag van presentator Kaj van der Ree. De radiozender zendt die vrijdagavond uit op het voormalige tijdslot van Kaj.

    De 28-jarige Kaj van der Ree raakte vorige week in opspraak nadat jonge vrouwen op social media hadden gezegd op minderjarige leeftijd seksueel getinte berichten van de presentator en YouTuber te hebben ontvangen. Een van deze meiden deed bij het AD haar verhaal.

    ,,Als publieke zender vinden we het belangrijk om een actueel thema als online seksueel grensoverschrijdend gedrag te bespreken met onze luisteraars. Daarom hebben we samen met BNNVARA besloten om op vrijdagavond 24 januari, tijdens het voormalige tijdslot van Kaj van der Ree, een 3FM Special te maken rondom dit thema”, aldus de 3FM tegenover BuzzE.

    ,,Tijdens deze uitzending willen we een open gesprek voeren met deskundigen en luisteraars. De presentatie is in handen van Eva Koreman. Iedereen die vragen heeft of ervaringen wil delen over online seksualiteit, is welkom bij 3FM.”

    Programma’s geschrapt
    BNNVARA stopte per direct met het tv-programma Proefkonijnen, waarvan Kaj medepresentator was, en zijn radioshow Skaj Is The Limit nadat het nieuws bekend werd. Het Rode Kruis zette Kaj maandag na jaren aan de kant als ambassadeur.

    De vlogger bood zaterdag in een verklaring zijn excuses aan en gaf toe ‘domme fouten’ te hebben gemaakt.

    Bron: ad.nl


    Mark
    Moderator
    Topic starter

    Oud-radio-dj blijft vastzitten voor mensenhandel en prostitutienetwerk met minderjarige jongens

    De voormalig radio-dj Romeo A. en zijn kompaan Nico L. blijven voorlopig vastzitten op verdenking van het ronselen en aanzetten tot prostitutie van (deels) minderjarige jongens. Dat heeft de rechtbank in Utrecht donderdag bepaald. Beide mannen zouden vanuit hun woningen in Utrecht een illegaal bordeel hebben gerund.

    De slachtoffers moesten volgens het Openbaar Ministerie eerst met de verdachten op ‘proefdates’. Als zij bevielen, regelden zij prostituanten. ,,Het gaat om heel veel klanten”, verklaarde de officier van justitie tijdens de zitting over deze mensenhandel.

    Een jongen die minderjarig was toen hij werd ‘geworven’, zou hebben aangegeven dat hij meer dan tweehonderd klanten zou hebben gehad. Het zou gaan om zeker twaalf (deels minderjarige) slachtoffers.

    Het is niet de eerste keer dat de twee mannen betrokken zouden zijn bij ontuchtzaken. Romeo A. (64), oud-dj van de AVRO, stond al eerder voor de rechter. Tweemaal werd hij veroordeeld tot tbs met voorwaarden. Hij heeft nu niet willen meewerken aan het onderzoek van het Pieter Baan Centrum.

    Over drie maanden komt de zaak inhoudelijk voor. De rechtbank heeft hiervoor 10, 14 en 16 april gereserveerd.

    Bron: ad.nl


    Mark
    Moderator

    Online Seksueel Misbruik: Hoe bescherm je je kind?

    Seksueel misbruik is een serieus onderwerp en de grootste nachtmerrie van iedere ouder. Toch komt dit helaas nog veel voor – met name online. Het internet is een gigantische open markt van informatie. Het geeft een grote mate van vrijheid, wat helaas ook de mogelijkheid geeft aan criminelen, child groomers en andere ongewenste figuren om te doen wat ze willen. Het is belangrijk dat we kinderen zo ver mogelijk van zulke praktijken weghouden. Vandaar dat we in dit artikel aandacht besteden aan online seksueel misbruik van kinderen en hoe dit zo goed mogelijk voorkomen kan worden.

    Wat is online seksueel misbruik?
    Laptop met huilend gezichtjeSeksueel misbruik in al zijn vormen is een serieuze zaak. Hoe onprettig het ook is om over na te denken, het feit blijft dat ook kinderen hier de dupe van kunnen worden. Bij seksueel misbruik wordt een persoon gedwongen seksuele handelingen te verrichten of ondergaan. Ook bedreiging en geestelijke mishandeling kunnen hieronder vallen. Volgens het Openbaar Ministerie is er sprake van seksueel misbruik wanneer er een leeftijds- of machtsverschil tussen de personen is. Dit is dus altijd het geval als het gaat om een kind en een volwassene.

    Net als vele andere vormen van criminaliteit, is ook seksueel misbruik een online leven gaan leiden. Het internet biedt een vrij platform waarop mensen gemakkelijk met elkaar in contact kunnen komen. Dit is in veel gevallen een groot voordeel, maar zorgt er ook voor dat we minder controle hebben over de mensen waar onze kinderen mee praten. Ook online kunnen kinderen overgehaald worden tot seksueel contact. Dit gaat op verschillende manieren: een vreemde kan een kind online proberen te bevrienden en ze daarna overhalen tot een fysieke ontmoeting. Ook kan een vreemde vragen om foto’s van het kind. Vaak zijn ook deze seksueel getint, waardoor ze officieel een vorm van kinderporno zijn.

    Hoe vaak komt online seksueel misbruik voor?
    Gelukkig is online seksueel misbruik van kinderen niet iets dat je zomaar op de eerste zoekpagina van Google tegenkomt. Alsnog is het een gigantisch probleem. Brits onderzoek wees in 2017 uit dat de hoeveelheid websites met beelden van misbruikte kinderen erop in één jaar met 37% was gestegen tot bijna 80.000 websites. Dit is een forse stijging. Het grootste probleem is dat veel van de eigenaren van deze websites ongestraft blijven, omdat ze steeds beter weten hoe ze online anoniem moeten blijven. De online anonimiteit en privacy die veel mensen vandaag de dag willen hebben, wordt dus in dit geval misbruikt om misdaden te plegen. Uit het onderzoek bleek eveneens dat 65% van de websites met beelden van misbruikte kinderen erop uit Europa afkomstig was, met Nederland als de grootste aanbieder.

    Dit is niet de enige manier waarop seksueel misbruik plaatsvindt. Kinderen kunnen op allerlei manieren worden gemanipuleerd via het internet. Het is niet bekend hoeveel kinderen er precies slachtoffer zijn van zulk misbruik, zoals bijvoorbeeld loverboypraktijken en grooming. Veel van dergelijk misbruik vindt namelijk plaats zonder dat ouders zich daar bewust van zijn en zonder dat er melding van wordt gemaakt. Ook de kinderen zelf hebben niet altijd door wat er precies speelt: die geloven dat ze met leeftijdsgenootjes aan het praten zijn in plaats van met volwassenen die bijvoorbeeld heimelijk opnames maken.

    De grootste online risico’s voor kinderen
    Om voorbereid te zijn en je kind op een effectieve manier te beschermen, is het het best om jezelf allereerst goed te informeren. We leggen hier kort de meest voorkomende online gevaren uit die raakvlakken hebben met online seksueel misbruik.

    Online loverboys

    De term ‘loverboys’ is bij velen al bekend. Een loverboy is een jongen of man die achter meisjes aanzit om ze de prostitutie in te lokken. Vaak doen ze dit door het meisje verliefd op hen te laten worden en ze te verwennen. Ze geven haar dan veel aandacht en liefde en kopen bijvoorbeeld dure cadeautjes voor ze. Vervolgens proberen ze het meisje over te halen seks te hebben met anderen, vaak in ruil voor geld. In feite zijn loverboys dus eigenlijk mensenhandelaren. Overigens zijn er ook zogenaamde lovergirls: meisjes en vrouwen die anderen tot prostitutie proberen over te halen.

    Vroeger zochten loverboys (en girls) vaak hun slachtoffers in het echte leven, maar tegenwoordig gebeurt dit steeds vaker online. Ze vinden iemand via een chat of via social media, praten een tijdje met het toekomstige slachtoffer, flirten wat en vragen uiteindelijk om een naaktfoto. Als het slachtoffer deze foto stuurt, kan de loverboy beginnen met chanteren. Doordat dit nu vaak online gebeurt, gaat alles ook veel sneller: binnen een dag kan een loverboy een meisje al tot prostitutie gedwongen hebben.

    Verspreiden van naaktfoto’s
    Alhoewel loverboys naaktfoto’s vaak puur als chantagemiddel gebruiken, komt het ook vaak voor dat naaktfoto’s zonder toestemming verspreid worden. Als de naaktfoto een minderjarig kind laat zien, is dit automatisch kinderporno, wat verboden is. In principe zijn zelfs tieners van onder de achttien die naaktfoto’s van zichzelf naar een vriend of vriendin sturen dus in feite strafbaar voor het verspreiden van kinderporno.

    Dit sturen van naaktfoto’s, ookwel sexting genoemd, gebeurt onder jongeren vrij veel. Sommige specialisten vinden dat dit tegengehouden zou moeten worden, terwijl anderen van mening zijn dat het juist gezond is dat jongeren op zo’n manier hun seksualiteit leren ontdekken. Hoe dan ook, het risico dat naaktfoto’s verder worden verspreid, bestaat altijd. Als iets eenmaal online staat, kan het lastig zijn om het er weer volledig af te halen. Het is dan ook belangrijk dat jij en je kinderen je hiervan bewust zijn.

    Het verspreiden van naaktfoto’s van je kind kan verschrikkelijke gevolgen hebben. Het kind kan zich ontzettend alleen en kwetsbaar voelen. Wellicht beloven ze allerlei dingen te doen die ze niet willen doen om de foto weg te krijgen, zoals vaak het geval is bij loverboys. In sommige gevallen ziet het kind zelfs geen uitweg meer behalve zelfmoord.

    Online chatrooms
    Op chatwebsites als Chatroulette en Omegle kun je als gebruiker chatten met vreemden van over de hele wereld. Daarbij wordt doorgaans ook een video- en audioverbinding tot stand gebracht, zodat je elkaar kan zien en horen. Helaas zitten er de nodige onzedelijke figuren op deze chatsites. Zo zijn er mensen die aan zelfbevrediging doen en dit ook duidelijk in beeld brengen tijdens de chat. Jongeren worden veelal verleid om hierin mee te gaan, en vaak lukt dit. Helpwanted.nl benadrukt dat er ontzettend veel ongepast beeldmateriaal van jongeren wordt verzameld op sites als Chatroulette en Omegle. Dit beeldmateriaal belandt vaak op pornosites en op het dark web.

    Grooming op het internet
    Volwassen man en jong meisje met telefoonsNaast loverboys en het onbedoeld verspreiden van naaktfoto’s is ook grooming een risico om voor uit te kijken. Grooming, ook ‘cybergrooming’ of ‘child grooming’ genoemd, is een vorm van kinderlokken die online plaatsvindt. Volwassenen maken via het internet contact met kinderen (vaak onder de zestien jaar) en proberen die kinderen langzaam over te halen tot seksuele handelingen. Groomers zijn te vinden op bijna elke site waar veel kinderen zijn. Denk hierbij aan spelletjesplatformen zoals Habbo en Minecraft, maar ook aan populaire social media zoals Instagram en Twitter.

    Veel slachtoffers van grooming zijn tussen de elf en vijftien jaar. Groomers zoeken de kinderen op die kwetsbaar lijken. Vaak onderzoeken ze eerst de social media-kanalen van het kind om een idee te krijgen van zijn of haar hobbies en interesses. Deze informatie gebruiken ze dan vervolgens om contact te leggen. Een belangrijk onderdeel van grooming is het opbouwen van een relatie met het kind. In eerste instantie is dit een vriendschap. Soms doen de groomers zich dan ook voor als leeftijdsgenootjes. Ze vertellen verhalen en luisteren naar het kind. Zodra er een band van vertrouwen is opgebouwd, slaat de groomer zijn slag.

    Er zijn twee manieren waarop groomers misbruik van een kind maken. De eerste is beperkt tot online contact en gaat over het uitwisselen van seksueel getinte berichten, foto’s of filmpjes. Bij de tweede manier is het doel om een daadwerkelijke ontmoeting te plannen om het kind fysiek seksueel uit te buiten. In veel opzichten lijkt grooming op het gedrag van loverboys. Het doel van groomers is vaak echter seksueel contact met het kind, terwijl een loverboy aan het kind wil verdienen door hem of haar de prostitutie in te trekken.

    Hoe weet je of je kind online seksueel misbruikt wordt?
    Het kan erg lastig zijn om online seksueel misbruik te detecteren. Kinderen kunnen zich schamen of bang zijn dat ouders kwaad zullen worden. Wellicht hebben ze zelf (nog) niet eens door dat ze zich in een erg gevaarlijke situatie bevinden. Dit kan voor ouders erg lastig zijn. Er is geen zekere manier waarop je erachter kan komen of je kind ergens mee zit. Toch zijn er een aantal tekenen die veel kinderen die (online) seksueel misbruikt worden tonen. We sommen ze hier voor je op.

    • Niet willen praten/geheimzinnig doen: Als je kind zich erg gesloten opstelt, kan het zijn dat een misbruiker tot ze is doorgedrongen en ze heeft laten beloven dat ze niemand over hun contact vertellen.
    • Snel afgeleid: Wanneer je kind constant is afgeleid, kan dit verschillende redenen hebben. Eén mogelijke verklaring is dat ze niet goed in hun vel zitten omdat er online iets onprettigs gebeurt. Vooral als je kind andere tekenen uit dit rijtje vertoont, is het belangrijk dit serieus te nemen.
    • Gekluisterd aan hun telefoon of social media: Dit is weliswaar voor veel kinderen, tieners en volwassenen het geval. Alsnog kan dit meer betekenen: als je kind erg gestrest wordt zodra hij of zij geen toegang tot het internet meer heeft, kan dit een teken zijn van online manipulatie.
    • Plannen om iemand online te ontmoeten: Zodra een kind plannen heeft om iemand die ze online hebben ontmoet, ook in het echt te ontmoeten, loopt het kind een groot risico. Zeker als dit op locaties is waar ze normaal gesproken niet naartoe zouden gaan.
    • Nieuwe spullen: Heeft je kind allerlei nieuwe spullen zoals kleren, spellen of zelfs een smartphone en kan of wil ze niet uitleggen hoe ze dat heeft betaald? Dan kan het zijn dat ze onder invloed is van een groomer of loverboy.

    Dit zijn slechts een paar veelvoorkomende gedragingen die ouders op kunnen vallen bij kinderen die online misbruikt worden. Nog altijd kan het ontzettend lastig zijn om gevallen van seksueel misbruik te herkennen. Het best is om constant met je kind te blijven praten en de communicatie open te houden. Bovendien is het altijd beter om dit van tevoren zo goed mogelijk te proberen te voorkomen.

    Hoe voorkom je online seksueel misbruik?
    Online seksueel misbruik van kinderen is verschrikkelijk. We moeten er alles aan te doen om het te voorkomen. 96% van de scholieren tussen de 12 en 16 jaar is actief op social media en is dus erg vatbaar voor dit soort criminelen. Bovendien zijn gratis chatrooms zoals bij spelletjes en apps zoals WhatsApp haast onmogelijk te controleren en reguleren. Deze messaging apps en social media zijn haast niet meer weg te denken zijn uit ons dagelijks leven. Ook kinderen komen hier al vroeg mee in aanraking, en dat is niet per se slecht. Niet deelnemen kan zelfs leiden tot sociale uitsluiting. Daarom is het niet slim om je kind helemaal te verbieden gebruik te maken van deze services.

    Wat je wél kunt doen, is jezelf en je kind zo goed mogelijk voorbereiden. Met bescherming kan je kind dan alsnog genieten van alle voordelen van het internet en social media. Hier volgen een aantal tips die je wellicht kunnen helpen.

    Informeer je kind over loverboys en groomers
    Kennis is het beste wapen dat je je kind mee kunt geven. Geef ze de juiste informatie, zodat ze zich bewust zijn van de positieve én negatieve kanten van social media en messaging apps. Vertel ze dat mensen zich online gemakkelijk als iemand anders voor kunnen doen. Laat ze weten dat er gevaarlijke figuren op al hun favoriete websites loeren. Afhankelijk van hun leeftijd hoef je uiteraard niet in detail te gaan over wat loverboys en groomers precies doen. Alsnog is het belangrijk je kind te leren dat er slechte mensen zijn die online eerst misschien heel aardig lijken, maar hem of haar daarna op verschillende manieren pijn proberen te doen. Vertel ze bovendien dat ze online nóóit verplicht zijn om dingen te doen die ze niet willen, zoals een foto van zichzelf sturen.

    Praat over online vrienden
    Kinderen vinden het vaak fijn om hun belevingen te delen met hun ouders. Moedig dit ook zeker aan. Hebben ze een nieuw spelletje ontdekt? Vraag daar dan naar. Hebben ze nieuwe vrienden gemaakt? Ga hier op in. Door een open gesprek aan te gaan en regelmatig te vragen hoe je kind het internet ervaart en wat voor dingen hij of zij allemaal meemaakt, is de kans groter dat je het merkt als er iets niet pluis is. Sommige kinderen, vooral als ze wat ouder worden, willen steeds meer informatie voor zich houden. Dit is normaal, dus vecht hier niet te veel tegen. Vandaar dat het belangrijk is om een gewoonte te maken van het delen van informatie en verhalen over ervaringen, zodat ze op latere leeftijd misschien niet meer alles, maar toch een deel van hun online leven met je delen.

    Laat ze niet zomaar (naakt)foto’s sturen
    Vrijheid op het internet kan heel goed zijn: het geeft ons vrijheid van meningsuiting en toegang tot ontzettend veel informatie. Toch zijn een aantal strengere regels voor je kind vaak geen slecht idee. Een belangrijke regel die in vele gevallen het beste nageleefd kan worden, gaat over het versturen van foto’s. Loverboys kunnen seksueel getinte foto’s gebruiken als chantagemiddel. Groomers vragen ook vaak om foto’s. Dit proces kan een tijdje duren: eerst wordt er misschien een foto gevraagd om te ‘checken of je wel echt bent wie je zegt dat je bent’. Langzaamaan worden deze foto’s dan steeds erger. Bovendien kunnen zelfs onschuldige foto’s verspreid en misbruikt worden.

    Om dit te voorkomen, is het verstandig om met je kind af te spreken dat ze nooit zomaar foto’s van zichzelf naar anderen versturen. Dit geldt voor zowel vreemden als bekenden. Laat ze bijvoorbeeld eerst even naar jou komen om te vragen of het oké is dat ze een bepaalde foto versturen. Opnieuw wordt dit op oudere leeftijd wat lastiger. Voor meer informatie verwijzen we je naar ons artikel over sexting.

    Laat je kind weten dat ze altijd met je kunnen praten
    Het contact met je kind moet niet alleen vanuit jou komen. Idealiter zou een open gesprek tussen ouder en kind het best zijn. Zo kun jij hen informeren over de risico’s van het online leven en kunnen zij jou vertellen over alles wat ze op het internet tegenkomen. Om dit zo goed mogelijk voor elkaar te krijgen, is het belangrijk je kind te laten weten dat ze altijd bij jou terecht kunnen. Vertel ze dat je ze niet zult veroordelen. Maak ook duidelijk dat je uiteindelijke doel is dat zij op een goede, plezierige en veilige manier online kunnen zijn. Dit werkt niet bij ieder kind en wordt waarschijnlijk steeds lastiger naarmate ze ouder worden, maar toch is het de moeite waard om open gesprekken in ieder geval te stimuleren.

    Geef je kind nuttige contactinformatie
    Het kan zijn dat je kind zich schaamt en het daardoor ontzettend moeilijk vindt met jou of andere bekenden over hun problemen te praten. In dit geval is het belangrijk dat zij andere netwerken hebben om op terug te kunnen vallen. Geef ze de contactinformatie van de politie en van handige platformen zoals Meldknop.nl en Helpwanted.nl, waar ze zelf kunnen zien wat ze het beste kunnen doen in hun situatie. Het liefst heb je waarschijnlijk dat je kind gelijk naar jou toekomt, maar dit is niet altijd even realistisch. Een (online) vangnet van officiële instanties die te hulp kunnen schieten is dan ontzettend belangrijk. De stap die je kind moet zetten om hulp te krijgen lijkt op die manier wellicht een stuk kleiner, waardoor het makkelijker wordt om die te nemen.

    Gebruik digitaal ouderlijk toezicht
    Vooral bij jongere kinderen kan het handig zijn wat meer controle te hebben over hun internetgebruik. Hier is digitaal ouderlijk toezicht een goede oplossing voor. Met veel programma’s die ouderlijk toezicht bieden, kun je zien welke websites je kind bezoekt, hoe lang ze op het internet zitten en wie ze online ontmoeten. Soms kun je tijdslimieten instellen en zelfs toegang tot bepaalde apps toestaan of weigeren. Door de berichten die je kind uitwisselt met vreemden goed in de gaten te houden, ben je beter voorbereid op mogelijke problemen die zich voordoen. Naarmate je kinderen opgroeien en gaan puberen, zullen ze steeds minder ouderlijk toezicht nodig hebben en willen. Het is verstandig om dit ook te accepteren.

    Meld online seksueel misbruik onmiddellijk
    Laptop met UitroeptekenVermoed je dat iemand seksueel misbruik probeert te maken van je kind? Twijfel dan vooral niet en neem onmiddellijk contact op met officiële instanties die je verder kunnen helpen. Hierbij is het ook belangrijk dat je enige informatie die je hebt, veilig opslaat. Voert iemand een ongepast gesprek met je kind in een chat op een website? Laat de computer dan aanstaan en sluit de pagina niet. Zo heb je meer bewijs.

    Vaak is het verstandig om de politie in te schakelen en mogelijk aangifte te doen. Vraag hierbij dan vooral naar een digitaal expert. Deze weet vaak beter hoe ze zo’n zaak aan moeten pakken zodat het proces sneller gaat. Aangifte doen betekent in de praktijk helaas niet altijd dat er onmiddellijk actie wordt ondernomen. Toch is het beter om professionele hulp in te schakelen zodat er melding is gemaakt van de misbruiker in kwestie. Wellicht is jouw kind niet het enige slachtoffer dat hij benaderd heeft.

    In het kort: Hoe bescherm je je kind tegen online seksueel misbruik?
    Slachtoffer worden van online seksueel misbruik is iets waar je niet aan wilt denken, zeker niet als het slachtoffer mogelijk je eigen kind is. Alsnog is het belangrijk dat je je bewust bent van de gevaren die je kind op het internet tegen kan komen. Loverboys en groomers proberen het vertrouwen van kinderen te winnen om dat vervolgens te misbruiken en ze aan te zetten tot seksuele handelingen. Ook kunnen naaktfoto’s onbedoeld worden verspreid en een grote impact op het leven van je kind hebben. Om je kind hiertegen te beschermen, kun je het best goed met ze in gesprek gaan, ze goede contactinformatie van instanties bieden en mogelijk ouderlijk toezicht gebruiken. Vermoed je dat je kind seksueel misbruikt wordt? Twijfel dan niet en neem meteen contact op met de politie. Check ook op Meldknop.nl wat het beste plan van aanpak is.

    Bron: vpngids.nl

    In reactie op: Oprah’s 2020 Vision Tour in Fort Lauderdale #247841

    Mark
    Moderator
    Topic starter

    LADY GAGA OPENHARTIGER DAN OOIT OVER VERKRACHTINGEN EN ZELFVERWONDING

    Openhartiger dan ooit vertelt Lady Gaga over haar mentale gezondheid, hoe ze als tiener meerdere keren werd verkracht en hoe ze worstelt met chronische pijn. Gaga was te gast bij Oprah Winfrey’s 2020 Vision: Your Life in Focus Tour.

    CHRONISCHE PIJN
    De zangeres is altijd al open geweest over haar mentale gezondheid, maar stelt zich in het diepte-interview met Oprah Winfrey helemaal open. Tijdens het gesprek vertelt ze over haar fibromyalgie, een aandoening waardoor ze last heeft van chronische pijn in haar spieren en bindweefsel. “Terwijl ik hier zit, heb ik van top tot teen pijn”, zegt ze. Volgens Gaga komt het door het “mentale trauma” dat ze heeft opgelopen door haar verleden.

    “Toen ik negentien was, werd ik meerdere keren verkracht. Ik ontwikkelde een posttraumatische stress-stoornis, doordat ik het trauma niet verwerkte. Ik begon intense pijn te voelen, alsof mijn lichaam de pijn die ik voelde na mijn verkrachtingen opnieuw beleefde, maar ik had niemand die me hielp. Ik had geen therapeut, psychiater en zelfs geen dokter.”

    In het interview vertelt de zangeres dat het steeds erger werd. “Ik werd ineens bekend en reisde van hotelkamer naar limo naar podium. Ik stopte het weg, waardoor ik het niet kon verwerken.”

    ZELFVERWONDING
    Ook vertelt ze dat ze zichzelf vroeger heeft verwond. “Daar had ik twee redenen voor: als je je snijdt, voel je voor een halve seconde verlichting van de pijn die je ergens anders voelt. Maar ik verloor de controle. De andere reden was dat ik mensen wilde laten zien dat ik pijn had, dat ik hulp nodig had”, zegt Gaga. Hoewel ze vertelt dat medicatie haar enorm heeft geholpen tegen de depressie en zelfverwonding, wil ze niet zeggen welke medicatie ze slikt. Ze vindt dat iedereen persoonlijk advies moet krijgen van een therapeut.

    “Het is tijd dat we mentale problemen behandelen als echte ziektes. De komende jaren verzamel ik de beste wetenschappers, dokters, psychiaters en professors om dit soort problemen aan te pakken en deze gezondheidscrisis de wereld uit te helpen.” Winfrey en Gaga werken voor AppleTV+ aan een documentaire over mentale gezondheid.

    Bron: linda.nl

    In reactie op: Seksueel misbruikt door een vrouw #247793

    Mark
    Moderator

    Spreek ook vrouwelijke geweldsplegers aan

    ‘Ook na #MeToo blijven we halsstarrig blind voor de mannelijke slachtoffers en de vrouwe­lijke plegers van seksueel geweld. Al sinds de jaren 90 weten we dat mannen – net als vrouwen – slachtoffer worden, maar we doen er niets mee. Ze zijn weliswaar met minder, maar het gaat wel om veel mensen. Nederlands onderzoek geeft aan dat een op de vijf mannen tegen zijn wil gezoend of betast werd. Een op de zestien werd ooit gedwongen tot manuele, orale, vaginale of anale seks. Net als bij vrouwen dragen ze daar, bijna altijd in stilte, de gevolgen van.’

    Lees dit premium artikel verder op standaard.be of als lid van LSG in het ledendeel.

    In reactie op: Vallen is als vliegen – Manon Uphoff #247301

    Mark
    Moderator
    Topic starter

    ‘Ik ken méér dan genoeg redenen om hier heel lang je mond over te houden’

    Lang heeft Manon Uphoff liefdevol over haar ouders gesproken, maar er is veel veranderd sinds Vallen is als vliegen, de roman over het misbruik in haar jeugd. ‘We gaat het er godverdomme over hébben.’

    Het woord misbruik valt niet één keer in Vallen is als vliegen en het woord incest slechts eenmaal gekscherend: ‘incest, de musical’. Gekscherend ja, terwijl je denkt dat dat helemaal niet kan met zo’n onderwerp, maar auteur Manon Uphoff (57) heeft met het thema wel meer uitgehaald dat niet vaak eerder is vertoond: ze heeft een roman geschreven als een Hiëronymus Bosch-schilderij waar om te huilen en te lachen valt, te genieten als het ware, terwijl de ware gebeurtenissen erachter niet te genieten zijn. Seksueel misbruik door een vader in een groot gezin. Vier dochters onder wie ‘ondergetekende’ ofwel MM, de verteller in Vallen is als vliegen, die als kleuter al onderworpen worden aan – ja, aan alles wat de lezer zich bij misbruik voorstellen kan, maar wat in het boek nauwelijks rechttoe, rechtaan benoemd wordt. Hoewel sommige passages waar de lezer langzaamaan naartoe wordt geleid – ‘Bitte noch ein wenig geduld’, tart Uphoff – weinig te raden overlaten.

    Haar boek, verschenen op 19 maart van dit jaar, werd meteen door recensenten herkend als een huzarenstuk en een meesterwerk. Een bestseller werd het ook; niet eerder verkocht ze zoveel exemplaren van een titel, de negende druk is net verschenen, terwijl ze sinds haar debuut Begeerte in 1995 toch al zestien boeken schreef.

    Is er een leven vóór en een leven na Vallen is als Vliegen?
    ‘Er is heel veel leven vóór, ja, namelijk 57 jaar.’ Uphoff, achter een kop koffie in een Utrechts café, lacht: ‘En ik moet je zeggen: ik begin me ernstig te verheugen op een leven er ná. Sinds 19 maart staat alles, elke dag, in het teken ervan. Lezingen, interviews, dit gesprek ook weer, ik begin me zo onderhand te ergeren aan mezelf. Ik zal blij zijn als het boek een leven los van mij gaat leiden.’

    Is dat ook omdat je niet de rest van je leven de schrijfster wil zijn van juist dít boek, met dit onderwerp?
    ‘Dat zou ik jammer vinden, ja, als dit het enige boek is waar ik aan verbonden blijf. Dan ben je eigenlijk opgeborgen, daar zit ik niet op te wachten. Ook omdat ik denk dat ik nog meer te vertellen heb.’

    ‘Ik werk nu aan een filmscenario, een heel ander verhaal, waarmee ik ook al bezig was vóór Vallen is als vliegen. Maar ik moest dat opzij leggen, want dit boek stond gewoon te gillen om geschreven te worden, het drong zich dwars door al het andere heen. Al was het deels een bad trip, een heel donker en ingewikkeld proces om alles van vroeger onder ogen te durven zien. Wat ik geprobeerd heb in het boek is teruggaan naar dat warrige, chaotische, grenzeloze, begrensde gezin met zijn eigen wetten en regels, dat gezin waar een wereld wordt gecreëerd die gewoon de wereld is die je ként als kind. Niks goed of slecht of dader of slachtoffer – dat zijn beoordelingscriteria die je pas later ontwikkelt. Bij uitstek níét daar, in dat gezin.’

    Dat gezin heet in het boek het gezin Holbein, met aan het hoofd vader Henri Elias Henrikus (HEHH), moeder Anna Alida en dertien kinderen: vijf uit het eerste huwelijk van vader, twee uit het eerste huwelijk van moeder en de zes kinderen die ze samen nog krijgen, van wie MM ofwel ‘ondergetekende’ de op twee na jongste én de oogappel van vader is. Het decor van MM’s jeugd is dat van de jeugd van Manon Uphoff: een bovenwoning in de Utrechtse wijk Lombok, vader – ‘een heer’– die ‘s ochtends met zijden stropdas naar kantoor gaat, moeder – veel volkser en een Sophia Loren-achtige schoonheid – die thuisblijft, rokend in de achterkamer met MM’s veel oudere halfzussen, Toddiewoddie en Henne Vuur.

    Het is in 2015 dat de halfzus die model staat voor Henne Vuur, 69 jaar dan, overlijdt. Op diezelfde dag krijgt Manon Uphoff in bad een huilbui die nooit meer lijkt op te houden. En ze wordt woedend. Op zichzelf, omdat ze haar oudere halfzus nauwelijks meer zag, uit haar leven geschrapt had als een hopeloos geval – een zichzelf uithongerende vrouw in een Nieuwegeins seniorenwoninkje samenlevend met haar invalide zoon, terwijl Uphoff, háár anorexia al lang achter zich gelaten, het leven van een gerespecteerd schrijfster leidt. Haar woede richt zich ook op vader, eindelijk, om wat hij haar, Henne Vuur, Toddiewoddie en haar jongste zusje Libby (niet hun echte namen) heeft aangedaan. ‘De vader is langer in ere gehouden dan de oudste zus, dat is zo pijnlijk’, zei Uphoff in een van de eerste interviews na verschijnen van haar boek. ‘Dat je de persoon heel lang de liefde en de loyaliteit hebt gegeven die hij niet helemaal heeft verdiend.’

    Niet dat ze hem nooit met zijn wandaden geconfronteerd heeft; toen ze 26 was, sprak ze hem erop aan. Hij zei zich niets te herinneren.

    Wanneer begon bij jou als kind het besef: er klopt iets niet bij ons thuis?
    ‘Ik beschrijf een aantal momenten in het boek. De verteller is 11 – in werkelijkheid zal ik een jaar of 9 geweest zijn – als ze bij haar oudere halfzus Toddiewoddie, die dan allang het huis uit is, dingen tegenkomt die zo verschrikkelijk mis zijn dat zelfs een meisje met een vertekend perspectief op de werkelijkheid kan zien: dit is niet in orde. Deze zus leefde met een psychopaat, een gevaarlijke pedoseksueel ook, die later is veroordeeld. In het boek komt aan bod hoe hij haar dwong om seks met hem te hebben, de beddenlakens in brand stak, kokende olie goot in de vissenkom. Ze vroeg mij om hulp, want niemand anders deed iets. Thuis zei ik: de politie moet erheen, er moet ingegrepen worden. Als iedereen aan tafel dan gezellig dooreet, snap je als kind van 9 ook wel: dit is niet goed.’

    Je vader sprak met minachting over je halfzussen. ‘Loopse teef’, zei hij over Toddiewoddie.
    ‘Ja. Wat zij meemaakte, was niet van enig belang.’

    En wanneer drong ten volle tot je door dat ook jij slachtoffer was? Het lijkt of de echte, hevige woede pas kwam met Henne’s dood in 2015. In oude columns en interviews schrijf en spreek je eigenlijk best liefdevol over je ouders. In het tv-programma De Kist vertelde je hoe jij en je zussen je vader na zijn dood gewassen en verzorgd hebben. Hoe kan dat, na zo’n jeugd?
    Stilte, aarzeling. ‘Ja, hoe ga ik dit nu toelichten? Het is ongelooflijk ingewikkeld. Kijk, je moet íéts in je leven. Ik moet als mens kunnen geloven dat ik in staat ben tot het onderhouden van diepe, waardevolle banden met mensen, niet-gewelddadige, niet-misbruikende, niet-vernietigende contacten, minder verdraaid en vertwist dan ik ze in mijn jeugd heb gekend. Daartoe moet ik kunstgrepen toepassen. Een zo’n kunstgreep is dat ik lang liefdevol over mijn vader heb gesproken, ja, niet dat het gelogen was, maar het was eenzijdig, het was uitvergroot. Omdat je als mens goede herinneringen nodig hebt als basis om op dóór te kunnen, om zelf te kunnen blijven bestaan.’

    Terwijl je wist dat die goede herinneringen valse herinneringen waren.
    ‘Maar zo eenvoudig ligt het niet. Als het al heel jong begint dat je lichaam niet van jou is – niet dat het wordt afgepakt, want dan zou je een besef hebben dat het je toebehoort, en dat was niet zo, het was niet van mij – dan leer je niet te denken: dit hoort niet, dan denk je: ík zal wel niet kloppen. Bij míj zitten dingen scheef. Je bent als een boom die opgroeit op vergiftigde grond, snap je, er schiet zwart in je op, het kronkelt zich een weg naar boven en je denkt: dit wil ik niet, ik ga alles inzetten op het groene stuk. Dát ga ik ontwikkelen. Ondertussen woekert wel het zwarte, maar wat moet je daarmee? Dat moet wég. Ja, het is verwarrend als je als kind om niks een kneiterhard pak slaag krijgt en er daarna nog eens allerlei andere dingen met je gebeuren, maar de verwarring betreft niet de persoon die dat doet, die is niet gek of raar, nee, ík ben gek en raar, ik deug niet, ik ben de afwijking.’ Feller wordend: ‘En nog steeds ben ik de afwijking, nu word ik in interviews geacht een scalpel in mijn eigen brein te zetten om te laten zien hoe daar de kronkelpaden lopen, want o, o, we snappen er niets van, hoe is het in godsnaam allemaal mogelijk, leg dat eens uit. Maar die vragen horen niet bij mij gelegd te worden, verdomme, die vragen horen bij HEHH. Die onttrekt zich aan de ondervraging, en ík moet dingen gaan uitleggen die ik niet bedacht heb, niet verzonnen, niet ge-, gecreëerd. Ik ga er gewoon van stotteren, hoor je, want het brengt me tot razernij.’

    Je bedoelt die vragen van mij waarom je voor jezelf en voor de buitenwereld zo lang ontkend hebt wat er aan de hand was.
    ‘Ja. Dat moet ik nu gaan verklaren, terwijl ik denk: fok it, vraag het aan anderen. Ik ken genoeg redenen, méér dan genoeg, om hier heel lang je mond over te houden. Persoonlijke, innerlijke redenen, omdat het lang duurt voordat je genoeg stevigheid hebt ontwikkeld om überhaupt te kunnen inzien wat er zo grondig mis was, en voordat je niet meer in waanzinrelaties belandt waarin je alles nog eens gaat naspelen, omdat je denkt dat het nu eenmaal zo hoort. Het is hard werken, hárd werken, om een persoon te worden die niet ten diepste denkt dat ze alleen maar chaos verdient, maar die een kring van goeie, te vertrouwen mensen om zich heen weet op te bouwen. En dan nog is het een stap om hen voorzichtig toe te laten in die donkere, vervormde wereld van mij, waar niemand graag een kijkje neemt en waarvan buitenstaanders zeggen: oehoe, dat is wel heel griezelig allemaal, wat knáp dat ze daar overheen is gekomen. Helemaal niet knap, als je er niet dood aan gaat, leef je vanzelf verder. Ik ben niet de enige met zo’n ingewikkelde geschiedenis. Maar deel hem maar eens met een wereld die als eerste mechanisme heeft: sodemieter op, je zal het wel verzinnen voor de aandacht, zo erg zal het niet geweest zijn, waarom heb je dan zo lang niks gezegd?

    ‘In de literatuur leek er al helemaal geen plaats voor. Dat onderwerp is voor de zieligeboekenhoek, bij de zelfmoordboeken, de depressieboeken, de boeken met de kankers, dat aparte hoekje waar mensen die het lastig hebben naartoe gaan om zich gespiegeld te weten, en voor een moment van troost. Je zit er als jonge schrijver niet op te wachten om daar terecht te komen. Dus toen ik in 1995 debuteerde heb ik dat risico niet genomen, nee.’

    En als je in die tijd in interviews liefdevol over je ouders sprak, moest je jezelf dan geweld aandoen, of was de band werkelijk wel goed?
    Ze zucht. ‘Op een gegeven moment, toen duidelijk werd dat noch mijn vader, noch mijn moeder de confrontatie aankon, heb ik gedacht: ik moet dóór. Toen heb ik ingezet op het creëren van een nieuwe werkelijkheid. Een werkelijkheid waarin ik mijn ouders de gelegenheid heb gegeven om zich als fatsoenlijke mensen te gedragen. Toen ik eenmaal wist: het open gesprek over wat er gebeurd is, gaat er nooit komen, dacht ik: wat kan er nog wel? Nou, dat. We kunnen doen met elkaar alsof dit een heel gewoon gezin is, met heel normale, lieve ouders. Dat hebben we gedaan.’

    Hoe kijk je daarop terug? Je had ook met ze kunnen breken.
    ‘Dan had ik niet kunnen oefenen op normale omgangsvormen met mijn ouders. Dan had ik misschien niet verder gekund. Je moet niet vergeten: we zitten nu in 2019, ik denk dat het pas een jaar of twee mogelijk is om over dit soort dingen te praten zonder dat er meteen beschuldigend naar het slachtoffer wordt gewezen, zo van er zal bij jóú wel iets niet in orde zijn. Dat kon niet toen ik 25 was. Gewoon niet. En ik wilde niet naar een psychiater, ik wilde studeren, ik wilde mezelf ontwikkelen, ik wilde iets van mezelf maken. Dus ik dacht: we doen gewoon normaal. En ik begrijp dat dat in de ogen van de buitenwereld misschien volkomen waanzinnig is, maar mij ging dat ontzettend goed af. Ik was daarin getraind. Kijk, als er ’s nachts een misbruiksituatie is en ’s ochtends staat gezellig het bambibordje klaar, dan lééf je in die gespletenheid. Het is een leven op twee sporen; het ene treintje rijdt een krankzinnige, gevaarlijke, razende route en het andere treintje rijdt normaal. En nu vragen mensen zoals jij: hoe kón dat nou dat jij al die tijd in dat waanzinnige karretje hebt gereden? Weet ik veel, ik zat erin!’

    Later, als ze even naar de wc is geweest: ‘Ik wil nog iets moeilijks toelichten. Er wordt vaak gezegd over kinderen uit gewelds- of misbruiksituaties: ze zijn zó loyaal, ze zullen altijd van hun ouders blijven houden. Het meewarige tingeltangelmuziekje kun je er bijna bij horen: árme kinderen, die zoveel houden van ouders die dat niet hebben verdiend. Waardoor je, als je volwassen bent, last gaat krijgen van het feit dát je als kind van je ouders hebt gehouden. Had ik niet moeten doen. Waren ze niet waard. Mijn liefde is in een beerput gevallen. Mijn vermogen om van mensen te houden is eigenlijk waardeloos geworden, want het is naar de verkeerde mensen gegaan. Maar we hebben niet alleen liefde nodig om te krijgen, we hebben het ook ongelooflijk hard nodig het te geven – alleen zo ontwikkel je je als mens. Dus als Tom Hanks in de film Cast Away op een onbewoond eiland van een volleybal gaat houden en kapot van verdriet is als die van hem wegdrijft, ga ik mezelf niet met terugwerkende kracht vermanend toespreken dat ik best lang van mijn ouders heb gehouden. Ja, nu, als vrouw van middelbare leeftijd, 57 sinds 20 december, kan ik zeggen dat ik veel heb aan te merken op mijn vader’ – kort lachje – ‘en ook het nodige op mijn moeder.’

    Wist zij van het misbruik? In je boek geef je daar geen uitsluitsel over.
    ‘Eh… In het boek staat ze beschreven als degene die de rotzooi opruimt. Als degene die kil reageert op bedplassen en buikpijn en andere signalen.’

    En met rotzooi bedoel je de ‘po met wobbelkeutels en vlokkige zaadstrengen’ die je beschrijft.
    ‘Ja. Dan laat ik het aan de lezers om daar conclusies aan te verbinden.’

    Je schrijft ook over de tekenleraar op school, die enthousiast reageerde op de horrortekeningen die je altijd maakte.
    ‘Ja, tekeningen van vrouwen aan kettingen met bloederig afgehakte lichaamsdelen, full blown horror inderdaad. Ik zie het mannetje nog springen: pchachtig, pchachtig!’

    Zeg je nu achteraf: er had wel een belletje mogen rinkelen bij hem?
    ‘Ja. Er hadden bij wel meer mensen belletjes mogen rinkelen, maar de belletjes rinkelden nooit.’ Dan, terugkomend op de toelichting die ze wilde geven: ‘Dus nu zou ik zeggen als ik kon kiezen: niet deze ouders. Maar ik ga niet met terugwerkende kracht alle liefde wegsnijden die ik als kind voor ze heb gevoeld.’

    In een eerder interview over Vallen is als vliegen zei je: ‘Ik heb lang gedacht: ik zal voorgoed een uit verschillende delen opgebouwd persoon zijn. Maar alle schotten zijn nu wel weg.’ Is het schrijven van het boek helend geweest?
    Geprikkeld: ‘Nee, ik heb dit boek niet geschreven om te helen. Er zijn dagen dat ik denk: tief toch op met dat hele boek, laat me met rust. Dan word ik ook kwaad op mezelf dat ik toch weer toezeg om erover in gesprek te gaan.’

    Nu bijvoorbeeld?
    ‘Ja, want weet je wat het is: ik ben schrijver. En ik heb het boek niet voor mezelf geschreven. Ik dacht alleen: takke, wat niet in de boeken staat, is niet in de wereld. Als deze verhalen niet verteld mogen worden… Mijn geschiedenis is totaal niet uniek. Ik geef lezingen in bibliotheken en op scholen, en altijd komen er mensen naar me toe na afloop, en echt niet alleen uit de donkere achterafwijkjes waar De Hele Erge Dingen gebeuren. Het is overal. Met mijn boek is mijn verhaal communiceerbaar geworden. Dat is niet zozeer helend, maar wel bevrijdend.

    ‘Alles mag gezegd worden, juist in de literatuur. Ik word er ook blij van om er taal voor te vinden, banaal, kitscherig, melodramatisch, woedend, teder, in de literatuur kan het allemaal. En ik ben ook blij dat het me gelukt is om er humor in te stoppen. Ik vind het jammer dat uit interviews opeens niet meer blijkt dat je met mij ook kunt lachen. Ik ontwaak zelden of nooit met een slecht humeur en ik meen te denken dat ik over een goed gevoel voor zwarte humor beschik. Na het boek heb ik met mijn oudere nog levende zus over de grond gerold van het lachen, zonder enige schroom konden we nu alles eruit gooien en niemand die zegt: hohoho, is dat niet een beetje grof gebekt? Ook dat was heel bevrijdend.’

    Sprak je met haar over wat er met jullie gebeurde?
    ‘We hebben er heel lang niet met elkaar over gesproken.’

    Ook met je jongste zusje niet?
    Terughoudend weer: ‘Heel lang hebben we er niet met elkaar over gesproken.’ Dan: ‘Het was geen onderwerp van gesprek zoals het maatschappelijk gezien geen onderwerp van gesprek is. En als het dat wel is, dan alleen op de conventionele manier: heel erg naar, heel erg vreselijk, niet overheen te komen, voor het leven vernacheld, kan alleen maar herhalen, sluit maar op, stop maar in een inrichting, is getekend voor het leven – al die stigma’s die misschien wel veel schadelijker zijn dan de complete achtergrond van misbruik of geweld.’

    Is dat zo?
    ‘Ja, want daarmee wordt gezegd: jij draagt alles in je wat wij als samenleving afwijzen, jij bent de drager van het taboe. Alles wat we vies en naar en verrot en schandelijk en eng en banaal vinden, hoort bij jou. Daar willen wij niks mee te maken hebben, want het is zooo verschrikkelijk erg.’

    Vind jij daarom dat je een rolmodel moet zijn voor jonge meiden die het nu meemaken?
    ‘Ja. Wat ik ongelooflijk graag zou willen en waar ik bloedtrots op zou zijn als het gebeurt, is dat er bij jongens en meisjes die zich in mij ervaringen herkennen een soort elan ontstaat van: fok it met de schaamte en fok it dat ik voor altijd de zwijgende, stille drager van het geheim moet zijn, de schatbewaarder van het taboe waar de samenleving zich geen raad mee weet. We gaan het er godverdomme over hébben.’

    Zelf heb je zoveel gezwegen dat ook je boeken al maar kaler werden, zei je in een interview. ‘Ik merkte dat mijn palet zich verengde tot een steeds groter zwijgen.’
    ‘Ja, het proces ging steeds stroever en er kwam steeds meer wit. Ik begon me af te vragen: maak ik straks alleen nog haiku’s? Maar met de dood van Henne Vuur, zoals ik haar blijf noemen, kwam er een oerkracht in me naar boven: ik zwijg niet langer. Want Henne Vuur had geleefd zoals een misbruikslachtoffer geacht wordt te doen: zichzélf straffend door zich uit te hongeren, zich terug te trekken, nergens over te praten. Ik wilde dat niet meer.’

    Daardoor gebeurde ook wat je heel lang niet wilde: opeens was je ‘de schrijfster die misbruikt is in haar jeugd’. Bij het tv-programma Boeken werd je letterlijk zo aangekondigd.
    ‘Ja, haha, daar komt ze op met ballonnen en een ratel. Met zo’n introductie kun je niet meer denken: ach, ik lul er wel overheen.’

    Wat je lang gedaan hebt.
    ‘Dat heb ik lang gedaan, ja, hoewel ik ook wel heb gedacht: mensen, kom op, ik schrijf al 25 jaar boeken over meisjes in verknipte machtsrelaties – denkt niemand ooit: ként ze dat misschien? Je mag je wel eens verdiepen in de thematiek. Als mannen over geweld schrijven, wordt het veel serieuzer genomen dan wanneer vrouwen erover schrijven, dan is het opeens klein, huiselijk leed. Terwijl: daar, thuis, speelt het geweld tegen vrouwen zich af. Margaret Atwood schreef het ook: het bed is voor veel vrouwen een gevaarlijke plek. Huiselijk geweld – alleen het begrip al is een leugen. Het is gewoon geweld. En een belangrijk thema.’

    Ik moet denken aan die uitspraak van jou in een radio-interview: ‘Dat je de persoon heel lang de liefde en de loyaliteit hebt gegeven die hij niet helemaal verdiend heeft.’ Dat woordje: ‘helemaal’.
    Ze schiet in de lach: ‘Ja, haha, netjes, hè? Als je me vraagt wat het boek me gebracht heeft: dat ‘helemaal’ kan nu wel weg.’

    Is het bitterzoet dat je juist met dit verhaal je grootste schrijverssucces tot nu toe beleeft?
    ‘Nee, het bittere zit in het feit dat ik nu met jou dit gesprek voer en met mijn levende zussen en met allemaal andere mensen, maar dat het met mijn dode zus niet meer kan. Terwijl ik zo graag had gezegd: kom mee macaroni eten bij Toddiewoddie, we gaan praten en janken en lachen en het gezellig hebben. Dat dat nooit is gebeurd, is eeuwig zonde, hoeveel lof ik ook krijg voor het boek. Maar het succes is verder niet bitterzoet, nee, het is gewoon fijn.’

    Je eerste boek dat in het Engels wordt vertaald, bij bijna alle recensies vijf sterren.
    Voorbeeld van haar zwarte humor: ‘Ja, joepie, dat maakt alles goed.’

    Bron: volkskrant.nl

    In reactie op: Praktijk Karen Koole in Amsterdam #247282

    Mark
    Moderator
    Topic starter

    In reactie op: Fier – Ravi (24-uurs opvang voor jongens) #247266

    Mark
    Moderator
    Topic starter

    Jongensopvang van Fier is na een jaar al te klein

    In gemiddeld elke schoolklas van 30 leerlingen zit een jongen die slachtoffer is van seksueel misbruik of seksueel grensoverschrijdend gedrag. Het is een ruwe schatting, zegt Jaco de Rapper van landelijk expertise- en behandelingscentrum Fier. Het echte getal ligt misschien nog wel veel hoger. Om de groep te helpen heeft Fier een speciale groep opgericht alleen voor jongens, Ravi. De groep draait sinds februari en heeft nu al te maken met een wachtlijst.

    Op een geheime plaats in Leeuwarden wonen zes jongens bij elkaar. Het is een opvang- en behandelgroep voor jongens die te maken hebben met dit soort misbruik. Er is altijd begeleiding aanwezig. Toch hebben de jongens alle vrijheid om naar school te gaan of te sporten. Een van hen is Ismaël.

    ‘Code Rood’
    Ismaël had een zogenoemde ‘Code Rood’. Het houdt in dat hij in gevaar was. Ismaël: “Ik ben ervoor uitgekomen dat ik homo ben. En ik heb een islamitische achtergrond. Direct toen het bekend werd, werd ik met de dood bedreigd. Ik ben via familie in Leeuwarden terecht gekomen. Mensen konden mijn homoseksualiteit niet accepteren en ik was echt onveilig.”

    Hulpverleners vragen niet door
    Veel jongens die bij Ravi komen hebben zo’n code. Ze zijn weggezakt in een moeras vol problemen en kunnen daar amper uitkomen. Het is ook een groep de lastig te bereiken is, zo zegt De Rapper. “Seksueel misbruik is iets wat eigenlijk niet past bij jongens en dat heeft ook te maken met schaamte. Dat overkomt een jongen niet, wordt er gedacht.” Wat er dan volgens De Rapper gebeurt, is dat mensen wegkijken. Dat heeft tot gevolg dat een jongen niet lekker in zijn vel zit en in problemen belandt.

    “De problemen bij de jongens zijn deels te vergelijken met de meiden. Maar bij de jongens gaat het om het gedrag dat anders is, ze experimenteren met zaken die je liever niet ziet.” Volgens De Rapper krijgen jongens dan andere reacties dan meiden. “Bij jongens wordt door hulpverleners of ouders te weinig er op doorgevraagd. Het gedrag wordt gezien als het probleem.” En dat terwijl eigenlijk het misbruik het probleem al is.

    En dat misbruikt gebeurt al en vaker dan de meeste mensen denken. Langzaamaan wordt dat meer en meer duidelijk bij hulpverleners en die weten zo Ravi te vinden. De Rapper: “We zijn nu bezig met een groot onderzoek om in kaart te brengen hoe vaak dit voorkomt. Wat er gebeurt en ook hoe we ze het beste kunnen helpen.”Ismaël is niet zijn echte naam. Vanwege zijn veiligheid is het niet mogelijk die te gebruiken. Zijn echte naam is op de redactie bekend.

    Offline een nieuw begin maken
    Daar zit nog een fase voor. Als de jongens binnen komen moeten ze hun telefoon en computer inleveren. De Rapper: “De jongens worden via Facebook, WhatsApp of Instagram gezocht. Maar ze moeten uit dat netwerk. Wie ben je? Daar gaat het om.” De meeste jongens krijgen ook een vorm van traumatherapie: “Sommigen zijn door het seksueel misbruik of door het grensoverschrijdende gedrag dusdanig getraumatiseerd. Dan gaat het slecht op school en gaan ze hun bevrediging zoeken in zaken die afleiden. Het wordt een zoektocht naar de vraag: ‘Wie ben ik.’ Daardoor raken jongens in de war, gaan ze twijfelen of ze misschien homoseksueel zijn. Dat kun je met een traumatherapie goed aanpakken.”

    Praten, praten en nog meer praten
    Voor Ismaël begon het hulptraject met praten. Hij moest leren hoe hij met zijn homoseksualiteit om moest gaan, hoe hij dat bespreekbaar kan maken. En dat dan ook in combinatie met zijn geloof. Bij Ravi op zolder heeft Ismaël zijn kamer. Het is er opgeruimd en schoon. Op de grond ligt een gebedskleed. “Ik bid vaak. Ik ga ook naar de Moskee. De mensen daar kennen mij niet. Ik kom, ga bidden en ben weer weg.”

    Overdag gaat hij naar school, op stap met vrienden en heeft hij werk. Daarnaast heeft hij therapie. Dat bestaat onder anderen uit zogenoemde ‘systeemgesprekken’. “Daar wordt alles bespreekbaar gemaakt. Ik praat dan samen met mijn mentor en een therapeut. We bespreken zaken die nodig zijn om de band met mijn familie te herstellen. Mijn moeder is daar ook bij.”

    Dat is volgens De Rapper van groot belang: “Ouders hebben ook een verhaal. Zijn moeder heeft bijvoorbeeld ook hulp nodig. We moeten investeren in het herstel met de band met hun ouders.”

    Broers
    De jongens die nu bij Ravi in de opvang zitten hebben allemaal een verschillende achtergrond. Ze kunnen het goed met elkaar vinden. Ismaël: “We komen altijd voor elkaar op en helpen elkaar. Uiteraard hebben we ook altijd wel wat te klagen over een ander maar heeft iemand hulp nodig dan staan we er. Wij zijn eigenlijk een soort van broers geworden.” Ismaël staat zelf graag in de keuken: “Ja, ik vind koken echt leuk. Ik maak dan het eten. Zo nu en dan helpt een van de anderen mij. Dat is echt leuk om te doen.”

    De eerste jongens verlaten Ravi nu zo langzaamaan. Voor De Rapper een teken dat ze goed werk geleverd hebben: “Een jongen die binnenkwam en enorm worstelde met de vraag of hij nu homo, bi of hetero was gaat nu zelfstandig wonen. Hij heeft een vriendinnetje waar hij oud en nieuw mee gaat vieren. We onderhandelen nu met hem over wat hij wil. Dat is een enorme winst.” Bij Ismaël ziet hij zo’n zelfde vooruitgang: “Hij heeft het vertrouwen in zijn omgeving hervonden. Belangrijk is ook dat hij nu een balans heeft gevonden tussen zijn geloof en zijn homoseksualiteit.”

    Ravi verder uitbreiden
    Volgens Ismaël is een opvang als Ravi hard nodig. “Was ik hier niet geholpen dan was ik op straat gebleven. Dan had ik geworsteld met mijn homoseksualiteit. Dan had ik nooit geleerd hoe ik daar mee om moet gaan. Hier kreeg ik een veilige plek en wist ik zeker dat niemand mij kon vinden.”

    De Rapper wil de opvang het liefst uitbreiden met een groep jonge mannen tussen 18 en 23 jaar. “Denk dan aan jonge mannen die gevlucht zijn uit oorlogsgebied. Sommige worden uitgebuit tijdens de vlucht. Worden gedwongen tot bloedtransfusies, seksueel misbruikt, mishandeld. Dat zijn mannen die ook een gewoon leven willen hebben. Slim zijn en hier een toekomst op willen bouwen, maar nu echt te maken hebben met trauma’s. Die verdienen ook hulp.”

    Duidelijke symptomen voor misbruik of uitbuiting bij jongens zijn er niet. Mocht u vragen hebben over dit onderwerp, zelf worstelen met gevoelens of als u zelf slachtoffer bent van seksueel misbruik dan is er de mogelijkheid om anoniem te chatten met medewerkers van Fier. Dat kan via de website fier.nl.

    Bron: omropfryslan.nl

    In reactie op: Dissociatie en dissociatieve identiteitsstoornissen #246958

    Mark
    Moderator

    Omgaan met traumagerelateerde dissociatie

    Er zijn mensen met een ziektebeeld, waar geen enkele specialist raad mee weet. Zoals bij Tineke, die regelmatig pseudo epileptische aanvallen heeft, hevige angsten en stemmingswisselingen en tijdens haar verblijf in een gespecialiseerde kliniek (cib) een levensgevaarlijke eetstoornis ontwikkelde.

    Ze kreeg een voedings-neussonde en werd naar huis gestuurd. Haar man wist geen raad en haar kerk evenmin. Wel omringde men haar met zorg, steun, gebed en alles wat liefdevolle mensen kunnen bieden, ze lazen zelfs een van mijn boeken (“Het doet pijn van binnen”, 1993), waarin de gevolgen van (seksuele) trauma’s beschreven worden. Dit gaf veel herkenning en inzicht. Een oudste van de kerk belde mij voor een afspraak, maar Tineke weigerde aanvankelijk een nieuwe hulpverlener, moe van de vele hulpverleners die ze al had gehad. Toch ontstond er mailcontact tussen haar en mij en op den duur spraken we elkaar face to face, wat heeft geleid tot langzaam verlopend genezingsproces.

    Exposure
    Het blootleggen van de trauma’s vond voornamelijk plaats via de mail. Zo kon zij bepalen wat ze wel en niet wilde zeggen, wanneer en hoe. Deze controle voorkwam, dat ze zich overspoeld voelde, hoewel dit zo nu en dan toch gebeurde vanwege de enorme emotionele lading. Ze wilde erg veel vertellen, uitleggen wat er van binnen bij haar gebeurt en waarover ze in verwarring is en wilde van mij uitleg en feedback. In vaktaal heet het: cognitieve herstructurering en psycho educatie. De methode is een vorm van exposure, die haar vermijdingsgedrag doorbrak met de bedoeling tot een betere coping (aanpassing) te komen.

    Extreme traumatische ervaringen
    Tineke had in haar jeugd gruwelijke dingen meegemaakt in het huis van een buurman (rat eten, bloed drinken en extreme seks e.a.). Hoogstwaarschijnlijk ligt daar de oorzaak van haar dissociatieve stoornis vanwege de extreme angsten waaraan ze was blootgesteld. Het psychisch beschadigde kind werd vervolgens seksueel misbruikt door haar vader, die het leven ontvluchtte in de drank en de liefde zocht bij zijn dochtertje op een manier, die ze fijn vond, want zijn seksuele aandacht betekende voor haar koestering, warmte, zelfs genot. Zo raakte ze verstrikt in een web, waaruit ze veertig jaar later, na ruim 13 jaar hulpverlening, niet bevrijd was. Ik bewonder haar moed om de strijd met haar dissociatieve verschijnselen toch weer aan te gaan. Het is door haar geloof in Jezus Christus en de hulp van christenen, waaronder haar man, dat ze dit kan opbrengen. Maar wat is een dissociatieve stoornis?

    Complexe dissociatieve stoornis
    Tineke schrijft in een mail: “Wat is er toch met mij. Ene moment voel ik me sterk, kan ik de hele wereld aan, weet ik wie ik ben en wat ik wil om vervolgens een minuut later uit contact te zijn met anderen maar ook mezelf, besluiteloos, gevoelloos. Angst, maar geen idee waarom en waarvoor…. Is dit dis? Alleen zoooooo bang dat ‘jullie’ me alleen laten… En tegelijk verdraag ik niemand.
    Wie ben ik toch?”
    Complexe dissociatieve stoornissen zijn het gevolg van chronische traumatisering in de kindertijd. Het kind overkomt iets vreselijks, waarop het van binnenuit reageert met dissociatie, een overlevingsmechanisme, dat tijdelijk het slachtoffer beschermt tegen overweldigende emoties. Dissociatieve delen nemen soms de controle over het gedrag of de ervaring van het slachtoffer over, waardoor de angst verdwijnt, maar soms ook de herinnering.

    Herstelproces
    Om te herstellen moet het slachtoffer zich eerst bewust worden van de dissociaties en leren ermee om te gaan. Het is belangrijk om de dissociatieve delen die men in zichzelf ervaart te begrijpen en daardoor meer controle te krijgen over de manier waarop men omgaat met de eigen binnenwereld en de wereld daarbuiten. Het kan een lange intensieve weg zijn van oefenen en nog eens oefenen in het hier en nu. Lees het boek “Omgaan met traumagerelateerde dissociatie” van Boon, Steele en van der Hart, 2012, uitgeverij Pearson.

    Leugens en niet helpende gedachten
    Het is belangrijk in het herstelproces dat niet helpende gedachten en leugens ontmaskerd worden met behulp van cognitieve therapeutische methoden. Tineke denkt bijvoorbeeld, dat zijzelf de seksuele relatie met haar vader wilde. Zij nam alle “schuld” op zich, want haar lichaam had het immers fijn gevonden. Als kind besefte ze niet, dat haar vader haar grens gruwelijk overschreed. Hij was een dronkaard en gaf zijn dochter geen aandacht, behalve als hij seks had met haar. Het leidde tot een ongezonde verwevenheid, waaruit ze zichzelf nooit had kunnen bevrijden. Toen hij plotseling overleed stortte ze mentaal in. Haar gevoelens overspoelden haar en ze kon niet meer functioneren. Zo raakte ze in crisis, wat haar binnen de psychiatrie bracht. Met het medicijn haldol keerde de rust enigszins terug, maar desondanks bleven de dissociatieve episodes, wat uiteindelijk leidde tot een opname in een cib. In die tijd was ze zich weinig of niet bewust van haar traumatische jeugdervaringen, zodat ze voortdurend getriggerd werd door het pathologische gedrag, zoals automutilatie en suïcidaliteit van haar mede cliënten. De nekslag was de zelfmoord van haar cib-vriendin. Dat leidde tot een periode van uithongering, die eindigde toen ze een voedings-neussonde kreeg.

    De feiten onder ogen zien
    Mijn contact met Tineke begint als ze (met neussonde) hulp zoekt voor haar problemen. De meeste mensen met een dissociatieve stoornis komen niet in therapie met identiteitsproblemen, maar met klachten zoals: depressie, angst, slaap- of relatieproblemen. Ze hebben vaak geen woorden voor de verschijnselen en vinden zichzelf gek of gestoord en schamen zich. Daarom praten ze er niet over. Het begrijpen en accepteren van de dissociatieve symptomen (b.v. het gevoel geen controle te hebben en wegvallen) is een belangrijk therapiedoel. Elk dissociatief deel van de persoonlijkheid heeft het vermogen een eigen zelfbeeld te ontwikkelen en eigen ideeën rondom de wereld en andere mensen, die sterk van elkaar kunnen verschillen en (nog) niet in samenwerking met elkaar op een gecoördineerde en flexibele manier kunnen functioneren, wat deze mensen erg onzeker maakt. Bij een complexe dissociatieve stoornis is de persoonlijkheid opgedeeld in twee of meer dissociatieve delen, waarbij delen van het systeem met elkaar in aanraking komen, op elkaar reageren en elkaar beïnvloeden, zonder overeenstemming, wat veel geharrewar geeft.

    Sommige dissociatieve symptomen gaan gepaard met het ogenschijnlijke verlies van bepaalde functies, zoals geheugenverlies en/of ze missen soms gevoel in een bepaald lichaamsdeel of voelen zich emotioneel dood, terwijl er geen neurologische aandoening aan ten grondslag ligt. Een ander deel kan weer te veel voelen. Tineke tekende zichzelf tijdens ons psychologische onderzoek zonder onderlichaam. Ze wilde of kon haar onderlichaam niet voelen; in het cib sneed ze in haar vagina en tenslotte hongerde ze zich uit als het ultieme teken van zelfverwerping.

    Ook in het heden kunnen dissociatieve mensen “tijd kwijt” zijn, dan voert een deel van de persoonlijkheid handelingen uit waar een ander deel zich slechts beperkt of in het geheel niet van bewust is. Het je vervreemd voelen van jezelf (depersonalisatie) heeft te maken met dissociatieve delen van de persoonlijkheid. Het is een overlevingsmechanisme om te heftige gevoelens buiten jezelf te houden. Het je vervreemd voelen van je omgeving (derealisatie) kan gebeuren als een deel van de persoonlijkheid nog in traumatijd vertoeft. Slachtoffers kunnen ook last hebben van intrusies. Soms zijn dat flashbacks van traumatiserende gebeurtenissen in het verleden of is het in de vorm van onverklaarbare pijn of andere gewaarwordingen die geen duidelijke medische of fysieke oorzaak hebben of stemmen in het hoofd die commentaar geven, ruzie maken, kritiek leveren, huilen, of op de achtergrond aan het praten zijn. Tineke mailde: “Ik voel me soms zooo rustig, onvoorstelbaar en dan voor mijn idee uit het niets zo’n foute nacht. Vanmiddag ook kortsluiting in hoofd, stemmen, geschreeuw, beelden, veel flitsen in m’n hoofd…., wisselende stemmingen.”

    Ankers om in hier en nu te blijven
    Het is van belang om er de tijd voor te nemen om te begrijpen waar de symptomen vandaan komen en wat ze zouden kunnen betekenen. Een therapeut kan helpen om woorden te vinden voor de intrusies. Niet alle bewustzijnsveranderingen (zoals dagdromen, rijden op de automatische piloot) zijn dissociatief, maar kunnen normale verschijnselen zijn bij b.v. vermoeidheid, stress, ziekte e.d.
    Voor het onder controle krijgen van dissociatie kan men oefeningen doen, zoals het leren gebruiken van ankers. Dat zijn objecten, geuren en smaken die helpen om in het hier en nu te blijven, vooral om je vertrouwd en veilig te voelen.

    Splitsing in het bewustzijn
    Globaal kun je de delen verdelen in delen, die in het hier en nu overleven en delen, die nog steeds in traumatijd verblijven. De delen in traumatijd zijn vaak niet voor rede vatbaar en erg emotioneel. Ze gedragen zich stereotiep, zijn niet in het heden georiënteerd en voelen zich vaak overweldigd.
    De mate waarin dissociatieve delen zich van elkaar bewust zijn kan variëren van geen besef, een gedeeltelijk besef tot volledig besef van elkaar. Het is nodig om het wederzijdse besef van de delen te vergroten om tot overeenstemming te komen.

    Sommige delen hebben een passieve invloed of gedeeltelijke intrusie. Bij mensen met een dissociatieve stoornis kan het zijn alsof er bij hem of haar compleet verschillende denkwerelden naast elkaar bestaan die elkaar niet begrijpen of die zich met totaal verschillende dingen bezighouden, die gek lijken. Hoe meer je leert begrijpen van de unieke eigenschappen van elk deel, hoe beter je zult kunnen omgaan met de invloed die zij uitoefenen. Je moet begrip leren opbrengen om tot herstel te komen.

    Als een deel de volledige controle overneemt noemt men dat switchen. Dan ervaart men dikwijls “tijd kwijt te zijn”. De aanleiding voor het switchen is vaak stress. Voor Tineke kunnen woorden het effect hebben als een donderslag bij heldere hemel. Toen ik het woord deugdzaam gebruikte, switchte zij naar traumatijd en kon zichzelf alleen nog maar zien als het wellustige kind, dat de incest met vader zelf had gewild.

    De delen hebben een beperkt repertoire van gedrag en emoties, maar kunnen uitbreiden naar de mate dat zij in het hier en nu functioneren. Soms handelt een deel zeer autonoom en bewaart een ander deel de traumatische herinneringen, waardoor hij/zij alleen maar kan huilen. Tineke had periodes dat ze alleen kon huilen, overspoeld door verdriet. Hoe complexer de opdeling van de persoonlijkheid blijkt te zijn, hoe beperkter het integratieve vermogen van de persoon. Bij Tineke ziet dit er gunstig uit, gezien het beperkte aantal delen. Er zijn jonge delen: deze delen zijn in traumatijd in verschillende vroegere ontwikkelingsfasen blijven steken. Ze hebben vaak onopgeloste gevoelens van verlangen, eenzaamheid, afhankelijkheid, wantrouwen, behoefte aan troost, angst voor afwijzing of de vrees in de steek gelaten te worden. Soms ontkennen ze deze behoeften juist en wijzen die af. Tineke is zich bewust van haar grote angst in de steek gelaten te worden.

    • Helpende delen. Helpen de andere delen voor het welzijn en kunnen heftige gevoelens reguleren, vaak als gevolg van een rolmodel in de buurt of uit een boek. Deze delen kunnen een hulpbron zijn voor de persoon als geheel bij het aanleren van de vaardigheden die noodzakelijk zijn om emoties te kunnen reguleren en empathie voor de andere meer interne delen te leren. Tinekes begeleiders, man en therapeut zijn belangrijke rolmodellen voor haar, waar ze zich voortdurend aan spiegelt.
    • Delen die oorspronkelijke daders imiteren. Zij namen pijnlijke ervaringen van boosheid, hulpeloosheid, soms van schuld en schaamte op zich. Het zijn “daderdelen”, die beschadigend kunnen zijn. Een enkele keer manifesteert zich zo’n deel. Dan wordt Tineke grof in de mond en/of steekt haar middelvinger op naar anderen om haar gevoelens van afhankelijkheid en kwetsbaarheid te overschreeuwen.
    • Vechtdelen. Nauw verwant aan de daderdelen zijn de vechtdelen, die ruziën en /of vechten en veel last kunnen veroorzaken. Ze overschreeuwen gevoelens van onmacht en onzekerheid (overcompensatie).
    • Delen die met schaamte beladen zijn. Die moeten ook via de weg van empathie geïntegreerd worden ook al schaamt ze zich ervoor. Het waren overlevers in zware tijden, maar nu moet Tineke de juiste context bezien.
      Delen vermijden elkaar onderling vaak, dat heet: de fobie voor de dissociatieve delen. Daardoor is er veel interne strijd, die energie kost.

    Herstel
    Alleen door erkenning en acceptatie is het mogelijk jezelf op een positieve manier te veranderen en op een zo goed mogelijke, volwassen manier te functioneren. In de schematherapie leren we, dat de gezonde volwassene sterker moet worden ten koste van de kinderen e.a. Het is een moeizaam en tijdrovend proces.

    Tineke doorzoekt haar heden en verleden door erover te schrijven en naar mij te mailen. Meestal heb ik een antwoord, dat cognitief helder is en haar meer in de realiteit brengt. Zo groeit de gezonde volwassene. Ook de gelovige Tineke groeit in haar vertrouwen op God en Jezus. We erkennen dat God ons vormt naar het beeld van zijn zoon Jezus. Dus is Jezus ons rolmodel. Hij adviseert de gelovigen om zonder zorgen te leven en alle zorgen bij God te brengen onder dankzegging, daarbij te vertrouwen dat God alle problemen voor ons oplost. Zo’n zorgeloze houding is het omgekeerde van het bange kind, dat zich overgeleverd voelt aan de barbarij en alleen maar ellende verwacht. Natuurlijk empathie voor dat kind, maar beseffen dat de werkelijkheid nu totaal anders is, omdat er verbinding is met de Allerhoogste. Maar vroeger dan? Zorgt God dan niet voor de kinderen? Oei, wat een moeilijke vraag. Als ik de Bijbel lees, dan leer ik, dat God de mensen de verantwoordelijkheid toekent voor hun eigen kinderen te zorgen en ook een opdracht geeft om voor elk kind, dat op zijn of haar pad komt en het nodig heeft, zo mogelijk te zorgen.

    Dit artikel is geschreven door de christelijke psychologe drs. Marrie van der Feen. Zij heeft een eigen praktijk: stichting Petra in Middelburg voor een grote verscheidenheid aan problematiek. Van relatieproblemen, angsten, burn-out, depressie tot ernstige traumatisering.

    Bron: uitdaging.nl


    Mark
    Moderator

    Mijn opa heeft mijn zusje misbruikt

    Seksueel misbruik is een monster dat zich behalve aan het slachtoffer ook aan de naasten vergrijpt. Levi van Dam maakte mee hoe zijn familie ontwricht werd, nadat zijn zusje had verteld wat haar was overkomen.

    Toen ik zes jaar geleden mijn huidige vriendin ontmoette, wist ik dat ik het haar een keer moest vertellen. Ik zag er tegen op, maar tijdens een druilerige namiddag deelde ik met haar wat slechts enkele van mijn vrienden weten: dat mijn opa mijn zusje heeft misbruikt. Tijdens het vertellen voelde ik de angst omhoog kruipen. Wat zou ze nu van mij en mijn familie denken?

    Een op de vijf
    Iva Bicanic, hoofd van het Centrum Seksueel Geweld (CSG), vertelt dat volgens de recentste schatting een op de vijf kinderen (online) seksueel misbruikt wordt. Dat zijn er gemiddeld vijf in iedere klas op een basisschool. In 85 procent komt de pleger uit de eigen kring. Dat zijn bekenden, familieleden en soms zelfs gezinsleden zoals een (stief)ouder, een broer of zus. Iemand die je vertrouwt. Net deze week begon het ministerie van Justitie en Veiligheid een campagne om slachtoffers te motiveren professionele hulp te zoeken. Dat gebeurt nog erg weinig.

    Een op de vijf is ontzettend veel, maar seksueel misbruik treft nog veel meer mensen als je bedenkt dat ouders, broers en zussen van de slachtoffers indirect ook geraakt worden. Seksueel misbruik, zeker wanneer de pleger uit eigen kring komt, is een monster dat zich behalve aan het slachtoffer ook aan de naasten vergrijpt.

    Toch zwijgen literatuur en wetenschap over mijn perspectief als ‘broer van’. Sander van Arum bevestigt dit. Hij is als psychotherapeut en expert betrokken bij het project ‘niksaandehand.nl’ dat gaat over de gevolgen van seksueel misbruik. “Er is veel te weinig aandacht voor familieleden. Je moet mensen helpen zich niet van elkaar te isoleren in een situatie waarbij ze elkaar zo hard nodig hebben. Familie, buren en vrienden weten vaak niet wat te doen en willen het gebeurde uit machteloosheid zo gauw mogelijk achter zich laten.”

    Dat herken ik, dit is namelijk een verhaal dat ik vaak uit schaamte niet vertel. En die schaamte voelt vervreemdend, want schaamte voel je als je verkeerd handelt. Precies daar voel ik de benauwende familieband: ik hoef mij niet te schamen voor mijn daden, maar in dit geval wel voor de daden van mijn familie. Mijn afkomst.

    Lees dit premium artikel verder op trouw.nl of als lid van LSG in het ledendeel.


    Mark
    Moderator

    Goedele Liekens schokt Vlaming met campagne tegen kinderporno

    Politica Goedele Liekens in het Vlaamse parlement Beeld BELGA

    Belgische tv-kijkers zijn geschokt na een campagne van Goedele Liekens in de strijd tegen kinderporno.

    Veel Vlaamse tv-kijkers wisten niet wat hen overkwam toen ze maandag naar het ‘VRT-journaal’ keken. Daarin zagen ze expliciete beelden van een door acteurs nagespeelde verkrachting. Te expliciet, stelt nieuwsombudsman Tim Pauwels, na een stormvloed aan klachten.

    Het Journaal zond een item uit over de nieuwe campagne tegen kindermisbruik van Child Focus, de stichting voor vermiste en seksueel uitgebuite kinderen, die werd opgericht na de affaire Dutroux. De campagnevideo, gemaakt door de bekende Vlaamse seksuologe Goedele Liekens, is een reconstructie van kinderporno door volwassen acteurs. In het oorspronkelijke filmpje, dat binnenkwam via het meldpunt tegen kinderporno, wordt een achtjarig meisje verkracht.

    Barbiepop
    Het filmpje begint op het moment dat een man met viltstift ‘fuck me’ schrijft op de buik van een vrouw, haar een barbiepop geeft en op bed duwt. Tv-presentatrice en politica Liekens kondigde zondag aan dat ze een ‘pornofilm’ zou lanceren. Sinds mei zetelt ze in het federaal parlement voor de Vlaamse liberalen. Liekens staat erom bekend dat ze de controverse niet schuwt en toen ze zich dit voorjaar verkiesbaar stelde zei ze dat ze politiek zou bedrijven in haar ‘eigen stijl’. “De rode draad in heel mijn loopbaan is het aanzwengelen van het maatschappelijke debat.” Met de gewraakte campagne willen Liekens en Child Focus de strijd tegen de uitwisseling van kinderporno op de politieke agenda zetten. “Door volwassenen die beelden te laten naspelen, maak je iets onzichtbaars zichtbaar en bespreekbaar”, zei ze tegen De Morgen.

    Waar bezoekers van de door Liekens verspreidde link (een site van Child Focus, chaletfilm.be) moeten aanklikken dat zij ouder dan achttien zijn, kreeg de argeloze journaalkijker maandag geen waarschuwing. De journaallezer liet het bij de tekst dat de video ‘bewust keihard’ is, waarna de beelden werden ingestart. Hoewel het journaal de beelden wazig maakte, is volstrekt duidelijk wat erop te zien is.

    ‘Realiteit nog schokkender’
    “De campagne is schokkend, maar de realiteit is nog schokkender”, zei Heidi De Pauw van Child Focus in Het Journaal. Child Focus richt zich met haar campagne met name op online pornokijkers. Ze wil dat wie daar kinderporno tegenkomt dit – eventueel anoniem – meldt via stopchildporno.be.

    Ombudsman Tim Pauwels kreeg veel klachten over het zonder waarschuwing uitzenden van de beelden. Sommige kijkers zaten met (klein)kinderen op de bank tv te kijken, anderen waren zelf slachtoffer, maar hun kritiek is hetzelfde: had dit niet anders gekund? Pauwels geeft hen gelijk. “Het redactiestatuut zegt dat schokkende beelden niet worden geweerd maar wel beperkt en functioneel moeten worden gebruikt”, schrijft hij. Volgens hem was dat niet het geval.

    Klacht ingediend
    Een vereniging voor slachtoffers van incest en seksueel misbruik, heeft intussen een klacht in bij reclamewaakhond JEP. Volgens de organisatie rijt de campagne oude wonden open bij slachtoffers. Ook vreest ze dat daders door de video getriggerd worden. Child Focus heeft begrip voor die klacht, maar de organisatie stelt ook dat andere slachtoffers juist hadden gevraagd om een harde campagne om mensen wakker te schudden. Liekens staat nog steeds achter de campagne. De strijd tegen seksueel geweld was voor haar een van de redenen om in de politiek te gaan, zei ze.

    Bron: trouw.nl

    In reactie op: Kindermisbruik (algemeen) #246625

    Mark
    Moderator

    Slachtoffermonitor seksueel geweld tegen kinderen 2017-2018

    ‘Mijn kind-zijn, mijn onschuld, mijn vrijheid, mijn plezier, het kunnen genieten, vertrouwen en een gezond normaal functionerend mens zijn, is me door jou ontnomen.’ Dit schrijft Johan aan de begelei- der op voetbalkamp die hem op zijn elfde misbruikte. Hij is een van de mannen die Fiet van Beek inter- viewde voor het boek ‘Het is niet stoer’, over mannen die slachtoffer zijn van kindermishandeling of seksueel misbruik. Het eerste exemplaar van het boek mocht ik in ontvangst nemen en met een aantal van deze mannen had ik een indrukwekkend gesprek. Johan is inmiddels 57 en vertelde mij dat hij zich vaak afvraagt hoe zijn leven was gelopen als hem dit niet als 11-jarige was overkomen. Beter, denkt hij zelf. Hij worstelt, door die ervaring, zijn hele leven al met zichzelf. Het verhaal van Johan maakte des te meer indruk omdat hij mijn generatiegenoot is. Het misbruik ligt ver, tientallen jaren, achter hem. En toch zag ik de emotie in zijn ogen toen hij erover vertelde. Het laat zien dat de gevolgen van seksueel misbruik langdurig en ontwrichtend kunnen zijn voor slachtoffers.

    Het zijn verhalen zoals die van Johan die laten zien dat er grote urgentie is om vast te stellen wat de mechanismen zijn achter seksueel geweld tegen kinderen. En waar onze maatschappij gebreken ver- toont waardoor kinderen slachtoffer worden. Het is onze plicht om die mechanismen te ontmantelen en gebreken op te sporen. Om ervoor te zorgen dat ieder kind de kans krijgt om iets van zijn of haar le- ven te maken.

    In deze slachtoffermonitor tekenen we op wat de aard en omvang is van seksueel geweld tegen kinderen in Nederland. We komen erachter dat dit nog heel moeilijk in kaart te brengen is. Toch past het ons om grote vragen te stellen. Hoe vaak komt het voor? Welke kinderen worden slachtoffer? Worden zij ade- quaat geholpen? Hoe ziet de aanpak eruit? Is de aanpak effectief? En uiteindelijk: zijn we als samenle- ving in staat om seksueel geweld tegen kinderen in al zijn facetten te voorkomen, te signaleren en te bestrijden? Deze vragen moeten we blijven stellen, ook als er nog geen antwoord op is. En naar de antwoorden moeten we blijven zoeken.

    Want Johan is niet alleen. Op zo veel verschillende manieren maken zo veel kinderen seksueel geweld mee. Hun verhalen vertellen en doorvertellen is nodig om ervan te kunnen leren. Daarom heb ik in dit rapport ook de verhalen opgenomen van vijf kinderen die na seksueel misbruik met hulpverlening te maken kregen. Het zijn er slechts vijf, maar zij staan voor velen. Het gaat alleen al om naar schatting ruim 20.000 kinderen tussen de twaalf en zestien die jaarlijks ernstig seksueel geweld meemaken, als we online seksueel grensoverschrijdend gedrag niet meetellen. En dan te bedenken dat ieder kind te- genwoordig online is. Deze kinderen moeten worden beschermd. Die bescherming is onze taak, als overheid en samenleving.
    Slachtoffermonitor SekSueel geweld tegen kinderen 2017-2018

    Ik wil de medewerkers van mijn bureau bedanken voor al hun werk in de totstandkoming van dit rap- port. Tot slot wil ik mijn bewondering uitspreken voor de professionals die zich elke dag bezighouden met het voorkomen en bestrijden van seksueel geweld tegen kinderen. Ik hoop met dit rapport te kun- nen bijdragen aan verdere verbetering van de aanpak van die problematiek.

    Herman Bolhaar
    Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen

    Naar de slachtoffermonitor >>

    Naar de factsheet >>

    In reactie op: Meedoen aan een talkshow in het theater #246381

    Mark
    Moderator

    Hoi Malinche,

    Moi om te lezen dat die talkshow zo goed is gegaan! Ik kan me goed voorstellen dat het gesprek dat je in de bieb opving enorm bij je binnenkwam. In zekere zin klopt het natuurlijk wel dat de eerste jaren van je leven erg bepalend zijn voor hoe je je als mens ontwikkelt. Maar ik denk toch dat het te kort door de bocht is om te stellen dat het een hopeloze zaak is als mensen voor hun 7de, door wat dan ook, beschadigd zijn. Ik zal de laatste zijn die beweert dat het makkelijk is want het is wel je fundament wat beschadigd is, maar ik geloof er heilig in dat herstel mogelijk is. De reden dat ik daarin geloof is omdat ik van mezelf weet dat ik me als kind altijd ongelukkig heb gevoeld met de situatie. Ondanks dat ik niet kon benoemen waarom, WIST ik dat het niet goed was wat er met me gebeurde. Ik denk/hoop dat die wetenschap de basis is voor verandering.

    Laat je i.i.g. door opmerkingen van mensen die zelf niet weten hoe het is om als kind beschadigd te raken niet ontmoedigen! Je hebt al heel veel bereikt Malinche en je geeft ook niet op. Goed bezig!

    Groet,
    Mark

    In reactie op: Merel van Groningen Foundation #246129

    Mark
    Moderator
    Topic starter

    HOE MEREL OP JONGE LEEFTIJD WERD MISBRUIKT

    Merel van Groningen, 45 jaar, is als 15 jarige onder invloed gekomen van een ouder persoon en gedwongen om in de prostitutie te gaan werken. Wanneer er een veilige omgeving voor haar was geregeld bleek dit echter niet zo veilig en kreeg ze te maken met seksueel misbruik. ‘Ik wil mijn verhaal delen om te laten zien dat het ook weer goed kan komen na een heftige periode.’

    Steeds meer invloed
    Als 15 jarige kwam ik onder invloed van een ouder persoon die ik leerde kennen door een vriendin die verliefd op hem was. In eerste instantie had ik helemaal niets met hem, maar hij op een of andere manier wel met mij. Toen wij samen voor het eerst bij hem aan de deur stonden vond hij mij meteen interessant. Er ontstond een vriendschap tussen ons wat over ging naar verliefdheid. Vanaf dat moment ging hij steeds meer invloed op mij uitoefenen.

    Daarnaast was ik opstandig op school en al twee keer blijven zitten. Toen ik steeds meer weg liep weg van huis werd ik in een internaat geplaatst. Mijn moeder dacht dat het beter voor me zou zijn om ergens ver weg te wonen, ver weg van deze oudere persoon. Tijdens de vakanties mocht ik wel altijd even naar huis en miste ik, wanneer ik weer terug was in het internaat, de gezelligheid van thuis. Ik miste vooral hoe gezellig ik het had met hem en zijn vrienden, dat ik liever nog wat langer vakantie had gehad. Op dat moment besloot hij mij maar te komen halen. Ik werd door hem met een vuurwapen weg gehaald van het internaat om uiteindelijk gedwongen in de prostitutie te gaan werken. Ik was niet uit vrije wil met hem mee gegaan.

    Een hel
    Het leven was een hel. Er was geen eten en geen geld om bijvoorbeeld alleen al toiletpapier te kopen. Ik had vaak honger dat ik besloot oud brood en hondenvoer te gaan eten. Uiteindelijk heb ik met een inbraak mee moeten helpen om aan geld te komen. Dat alleen was niet genoeg…

    Ik werd deze periode alleen maar bedreigt en mishandelt. Toen hij dreigde met het doden van mijn moeder en ik niet wou meewerken met zijn plannen, belandde ik op mijn vijftiende in de prostitutie. Dit allemaal om geld voor hem te verdienen. Het ergste dieptepunt was toen ik achter de ramen stond in mijn ondergoed en maar 20 euro waard bleek te zijn na een onderhandeling . Ik zat er doorheen, voelde alleen maar angst en ongeloof dat de gene die mij zo belangrijk vond me verhandelde voor dat geld. Je staat daar op je kwetsbaarst in je ondergoed en wordt bekeken door allerlei vreemde. Klanten denken vaak dat ze alle rechten hebben als ze voor mij betalen, ook al ben je minderjarig. Gelukkig waren er ook mannen die door hadden dat ik geen 18 was en zich terug trokken.

    Tijdens deze periode leerde ik Kelly kennen. In tegenstelling tot mezelf, was Kelly veel stoerder en ik wat voorzichtig. We deelde alles met elkaar. De vriendschap die ontstond op het eerste moment dat wij elkaar zagen is er nu nog steeds.

    Hulp ingeschakeld
    Op een gegeven moment had mijn moeder de politie ingeschakeld. Zij konden niets voor mij betekenen omdat er geen veilige plek was waar ik terecht zou kunnen. De raad van kinderbescherming heeft altijd een half jaar nodig om onderzoek te doen naar de situatie en dit zou veel te lang duren. Toen mijn moeder dat hoorde heeft ze samen met de directeur van het internaat een OTS (Onder Toezicht Stelling) voor mij aangevraagd. Dankzij deze aanvraag is de kinderrechter meteen op zoek gegaan naar een veilige plek die ze al snel voor mij hadden gevonden. De politie heeft mij toen weg gehaald en naar deze veilige plek gebracht.

    Veilige plek
    Ik was in het begin erg zwak maar sterkte wel weer wat aan. Doordat ik weinig tot niets heb mogen eten kon mijn lichaam het voedsel niet aan, ook al had ik erg veel honger. Ik zat op mijn plek, voelde mij veilig en op mijn gemak. Maar wat een veilige plek moest zijn bleek achteraf niet zo veilig.

    Ik had erg last van herbelevingen en kon terecht bij de groepsleider. Hij bood mij een arm die voor mijn gevoel bescherming gaf al was dit niet waar hij op doelde. Doordat ik me veilig voelde bij hem ging ik steeds verder mee in een seksuele relatie, die hij achteraf ook nog met vijf andere meisjes had die daar woonde.

    Op een gegeven moment kon ik niet meer zwijgen. Tijdens een feestavond heb ik, onder invloed van een drankje, alles er uit gegooid. Vanaf dat moment ging alles heel snel. Voor ik het wist was hij ontslagen en kreeg ik de vraag of we aangifte wilden doen. Dat durfde ik alleen niet… Ik voelde me al schuldig dat hij zijn baan kwijt was. Ondertussen was mijn moeder ook nog eens opgenomen op dagbehandeling na alles wat er was gebeurd. Ik kon het allemaal even niet meer verdragen.

    Hulp bieden
    Na alle gebeurtenissen heb ik vijf jaar lang intensieve therapie gevolgd. Ik leef met PTSS. Het verschilt met de dag of ik hier goed mee om kan gaan, soms even wel en soms even niet. Ik heb lange tijd gedacht dat het mijn eigen schuld is. Nog steeds heb ik trauma’s van het geweld wat hij op mij gebruikte en voel ik angst en schaamte maar als ik er niet over praat blijft er onbegrip over dit onderwerp. Ik heb mijn verhalen vertelt in verschillende boeken en voorlichtingen. Nu ben ik bezig een foundation op te richten om direct hulp te kunnen bieden aan slachtoffers en te ondersteunen waar nodig is.

    80% van de slachtoffers krijgen niet direct hulp en moeten hier vaak veel te lang op wachten. Slachtoffers van nu durven bijna geen hulp te vragen. Ze zijn bang en worden vaak ook nog veroordeeld of opgenomen. Zij voelen zich gestraft in plaats van de daders. Als ervaringsdeskundige spreek ik hun taal en help ik via de MerelvanGroningen-foundation de slachtoffers direct. Maar ook staan we klaar als het slachtoffer aangiften wil gaan doen. We zijn daarin geen hulpverlening, maar weten uit ervaring wat er in zo’n proces gebeurt en welke gevoelens dit kan oproepen. We bieden daarin een luisterend oor, en delen onze eigen ervaringen.

    Levensles
    Kijk niet naar wat je niet hebt, maar wat je wel kunt. Hoe erg de ervaringen geweest zijn, je kunt ze niet veranderen. Sta op en loop.

    Wil jij ook wat betekenen voor deze slachtoffers? Meld je dan bij de MerelvanGroningen-foundation.

    Bron: wendyonline.nl

    In reactie op: Seksueel misbruik en seksueel geweld (algemeen) #246125

    Mark
    Moderator

    Misbruik verwoestte het gelukkige leven van Gabi (19): ‘Ik dacht echt, ik kom hier nooit levend uit’

    Twintig keer is Gabi (19) opgenomen geweest vanwege haar trauma’s, depressie en eetstoornis. Ze heeft drie klinieken van binnen gezien. Ze zat dagen in een isoleercel. “Ik dacht: nu ben ik definitief gek geworden.” Maar nu vertelt ze haar verhaal. Over vallen, doorgaan, vallen en doorgaan.

    Er is een oude Gabi en een nieuwe Gabi. De oude Gabi was een wat ze zelf noemt ‘meisje-meisje’. Jurken, rokjes, spontaan, sociaal, enthousiast. De nieuwe Gabi draagt broeken, grote truien en is stil, rustig, onzeker zelfs. Doet alles om maar niet op te vallen. “Ik wil onzichtbaar zijn voor de mensen die me pijn kunnen doen.”

    Nooit alleen
    Gabi Schulenberg (19) vertelt haar verhaal aan de keukentafel in het Brabantse Zevenbergen, in het huis waar ze werd geboren en nu nog steeds met haar ouders en broertje woont. Het is koud buiten, maar de zon schijnt. Ze is vandaag even naar buiten geweest.

    “En dat ging goed”, zegt ze, “dankzij hem.” Ze wijst naar haar bruin-witte hondje dat kwispelend aan haar voeten ligt. Mellow heet-ie. Mellow maakt haar leven weer ‘een beetje leefbaar’. “Hij laat me nooit alleen. Zelfs niet als ik naar de wc ga.”

    Gelukkig
    “Mijn ellende begon toen ik tien was. Daarvoor was alles goed.” Ze komt uit een ‘warm nest’, heeft een leuk broertje, lieve ouders, had op de basisschool altijd vriendinnetjes. Of ze gelukkig was? “Ja”, zegt ze. “Ik was echt heel gelukkig. Als ik er nu aan terugdenk, denk ik: what the fúck is er allemaal gebeurd, daarna?”

    Er heel erg over uitweiden wil Gabi niet – want het is een onderwerp waarover ze niet graag praat, en ze denkt bovendien dat mensen er ook niet graag over willen lezen. In het kort: Gabi is langere tijd seksueel misbruikt. Door wie, waarom en hoe, dat doet er niet toe voor dit verhaal, vindt ze.

    “Ik wil vooral vertellen wat het met me heeft gedaan. En hoe belangrijk goede hulp is voor mensen zoals ik.”

    Zelfverkozen stilte
    De 10-jarige Gabi voelde: wat hier gebeurt, is niet goed. “Ik had donders goed door dat het niet hoorde, maar ik schaamde me en dacht dat het misbruik door mij kwam. Er was een stemmetje dat tegen me zei: ‘Ja, Gabi, jíj hebt het laten gebeuren’.”

    Die zelfverkozen stilte was niet goed, zegt Gabi nu. Doordat ze niet over haar problemen sprak, haar verdriet en woede niet kon uiten, implodeerde ze. “Ik richtte al mijn gevoel naar binnen toe. Ik werd onzeker, voelde me kwetsbaar.”

    Gezicht in de wc
    Toen ze naar de middelbare school ging, was het misbruik al gestopt, maar kwam er een nieuw probleem bij. Ze werd gepest. Het begon met buitensluiten – haar tafel werd dan weggeschoven als er groepjes in de klas moesten worden gemaakt. Het eindigde met een boterham naar haar hoofd, haar schooltas incluis boeken in de sloot, iemand die haar met haar gezicht in de wc-pot duwde.

    “Het dieptepunt was dat een groepje me na schooltijd vanaf het perron voor de trein probeerde te duwen.”

    Ongelukkig en onzeker
    Ook in een andere klas ging het pesten door. “Ik denk dat mijn klasgenoten voelden hoe ongelukkig en onzeker ik was. Ik was een makkelijk slachtoffer.” Ze weet zeker: als ze niet misbruikt zou zijn, zou dat pesten haar niet zijn overkomen. “De oude Gabi was dit niet overkomen, die had een grote bek opgezet.” Ze glimlacht bij de woorden ‘grote bek’.

    Maar de nieuwe Gabi ging steeds minder eten. “Eerst kwam het omdat ik door de stress en angst voor het gepest geen hap meer door mijn keel kreeg. Maar toen besefte ik dat mijn eetpatroon iets was waar ík controle over had. Het was veilig: ik hoefde me niet meer bezig te houden met mijn klasgenoten, maar met calorieën. Bovendien was dat afvallen ideaal in mijn ogen: ik werd letterlijk onzichtbaar.”

    Muizenhapjes
    Soms at ze de hele dag niets. Soms at ze wel tijdens het avondeten – muizenhapjes. “Mijn ouders hebben alles geprobeerd. Van lekkere broodjes smeren en meegeven naar school, tot taart halen, mijn lievelingseten maken, en dreigementen: je mag pas van tafel als je bord leeg is.”

    Gabi lacht als ze eraan terugdenkt. Ze ziet zichzelf nog de aardappelen hier door de keuken gooien.

    In de derde klas werd ze door een zorgcoördinator naar de GGZ doorgestuurd. Ze biechtte aan haar ouders op dat ze een eetstoornis had – voor hen een bevestiging van wat ze al vreesden. Ook het pestverhaal kwam boven tafel.

    Kern van het probleem
    “Ik denk wel dat ze zijn geschrokken. Maar ik was niet meer bezig met andere mensen. Ik was ver weg. Dat zie je wel vaker bij depressieve mensen: die zien niet meer echt wat er om hen heen gebeurt.”

    Ze belandde in een kliniek voor jongeren met een eetstoornis. “Ik zat daar voor een deel op mijn plek, maar ik had natuurlijk ook een trauma en een depressie.” De kern van haar probleem – de trauma’s – werden volgens Gabi lang over het hoofd gezien.

    In totaal zat ze in drie klinieken. Bij de tweede kliniek ging het mis. Vorig jaar. Als Gabi eraan terugdenkt, schiet maar één woord door haar hoofd: gekte. Pure gekte. “Ik dacht echt: ik kom hier nooit meer levend uit. En dat wílde ik ook helemaal niet. Ik greep alles aan om mezelf pijn te doen. Ik wilde niet meer bestaan.”

    In de isoleercel
    “Ik kreeg ook van die scheurkleding aan, wat je ook altijd in films ziet in gevangenissen. Daar zitten geen ritsjes of knopen aan waar mensen zichzelf iets mee kunnen aandoen. Ze hebben me zelfs een keer in een isoleercel gestopt omdat ze me met drie man niet meer konden houden. Zo wild was ik. Tien dagen lang alleen maar met je eigen gedachten in een kamer. Dat is lang hoor.”

    Een toekomst zag Gabi niet meer. Vroeger wilde ze graag een gezinnetje. En rechercheur worden. Of psycholoog. Ze grijnst. “Dat wordt hem niet meer, psycholoog. Ik heb er nu zelf zó veel gezien…”

    De derde kliniek was een plek waar ze voor haar gevoel pas echt terechtkon. “Ik was een paar jaar verder en heel veel ellende verder, hè, en pas toen was ik ergens waar ik dacht: hier kunnen ze me helpen.”

    Lange wachttijden
    De lange wachttijden in de jeugdzorg hebben haar, denkt ze, de das om gedaan. Voor de eerste opname moest ze drie maanden wachten. “Dat klinkt misschien niet heel lang, maar als elke dag zwart en leeg is, dan is zelfs een uur al eindeloos lang.”

    Tijdens haar opnames is Gabi gaan schrijven. Gedichten, korte hoofdstukjes. Over hoe ze zich voelt, hoe het eraan toe gaat in de kliniek, hoe de buitenwereld naar haar kijkt, maar ook over hoe jeugdzorg beter zou kunnen.

    De hele Gabi
    Daar is nu haar boek over verschenen, Stille tranen. “Ik heb me door die wachttijden heel lang ongezien gevoeld, en daarna ook bij de behandelaars. Ze behandelden elke keer maar een stukje van mijn problemen, maar niet álles. Niet de hele Gabi.”

    “Maar Jeugdzorg doet ook heel veel goede dingen. De kliniek waar ik nu zit, luistert naar wat ík wil. Dat heb ik aan Jeugdzorg te danken. Ze pakken hier álles aan.”

    Sinds maart is Gabi thuis. Zonder langdurige opnames tussendoor. “En komt ook door Mellow. Die is nu precies negen maanden bij mij, hij is een hulphond en waarschuwt me als ik ergens ben waar te veel prikkels zijn. Als hij dat niet zou doen, dan kan ik zo out gaan.”

    Ze slaat zachtjes met haar vlakke hand op de keukentafel. “Gewoon naar de grond. M’n kop kan het dan niet aan.”

    Gevoel niet veranderd
    Vraag haar hoe het nu met haar ‘kop’ is, en ze haalt haar schouders op. “Mensen denken: ze is weer thuis, ze heeft een hond, gaat naar buiten, dus het is goed. Maar mijn gedrag is dan wel veranderd, maar mijn gevoel niet. Ik flip niet meer, maar ben nog steeds somber, ondanks die hele apotheek aan medicijnen die ik slik.”

    Het maakt, vertelt Gabi op zachtere toon, dat ze gesprekken heeft bij de Levenseindekliniek. Zodat die, mocht het Gabi niet meer lukken het leven te leven, haar wens tot euthanasie in vervulling kan laten gaan.

    Het geeft rust. “Sommige mensen snappen dat niet. Die zeggen dan: ‘Maar je bent toch beter nu!’ Maar mijn hoofd is niet gezond. Ik weet ook niet of mijn ouders het zullen accepteren als hun dochter zou gaan, maar ze kunnen het wel respecteren. Ik wil gelukkig worden, maar als dat niet lukt, wil ik in rust en liefde kunnen gaan met mijn vriendinnen en familie om me heen. We hebben er gesprekken over.”

    Genieten van de zon
    “Weet je?” Ze kijkt even naar buiten. Zon. Daar kan ze af en toe weer van genieten. “Het is niet zo dat ik morgen euthanasie wil. Er zijn nog traumabehandelingen die ik kan doen. Hoop sterft als laatste.”

    Wat haar de meeste hoop geeft? Dat soms, heel soms, een sprankje van de oude Gabi weer terug is. “Inclusief die grote bek.”

    Bron: rtlnieuws.nl


    Mark
    Moderator

    Podcast De Dag: waarom seksueel misbruik bij jongens vaak verborgen blijft

    Jongens die seksueel worden misbruikt moeten beter worden geholpen. Dat zeggen organisaties die zich inzetten voor kinderen die seksueel misbruik hebben meegemaakt tegen het Jeugdjournaal. In De Dag gaan we het hebben over de impact die misbruik kan hebben op mannen.

    De focus ligt namelijk vaak op seksueel misbruik van meisjes. Verslaggever Bart Tuinman sprak met Mark. Toen hij 15 was, is hij door een oudere man misbruikt. En Obed Brinkman maakte in zijn jeugd misbruik mee. Pas sinds deze zomer durft hij zijn verhaal te vertellen.

    Beluister de podcast op nporadio1.nl >>

    In reactie op: Het taboe te lijf #246070

    Mark
    Moderator

    Hoi Malinche,

    Ik heb de bijbehorende website eens doorgespit en vind het eigenlijk idioot dat slachtoffers uitgenodigd worden aanwezig te zijn maar geen korting op de prijs van €139 ex BTW krijgen. Voor veel slachtoffers is dat gewoon veel te veel geld, m.a.g. dat de slachtoffer die er al naartoe gaan, slechts een beperkt aantal zal zijn die dit kunnen betalen. Verder begrijp ik je vraag waarom er geen (ervaring)deskundigen spreken die door Schouten opgeleid zijn. Misschien kun je Schouten daar zelf eens naar vragen. Ik vind namelijk dat hij in het hele gesprek over misbruik van mannen/jongens de grote afwezige is. Iva Bicanic doet al een tijd moeite ook aandacht voor mannen en jongens te vragen, maar zij betrekt daarbij nooit een deskundige als Schouten. Waarom is dat?

    Ik ben benieuwd naar je bevindingen.

    Groet,
    Mark

    In reactie op: 2Doc: Niks aan de hand – BNNVARA, 28 oktober 2019 #245989

    Mark
    Moderator
    Topic starter

    ‘Hij zei altijd dat hij het deed omdat hij van me hield’

    Miranda werd als kind misbruikt door haar neef. In de documentaire Niks aan de hand, gemaakt door vriendin Heleen Minderaa, gaat zij met hem de confrontatie aan. „Ik had een band met mijn dader. Ik dacht: ik ga hem toch niet zomaar áángeven?”

    Lichtheid is de basis van hun vriendschap. Maar wat nu als lichtheid de zwaarte niet meer verdrijven kan, als humor niet meer werkt? „Friet”, zegt Miranda, aan een tafeltje in de Van der Valk in Eemnes.

    „We hebben hier vaak gezeten, als het moeilijk was”, zegt goede vriendin Heleen. „Het gáát maar door en door en je hebt samen iets nodig, een houvast. En dan bestelden we friet.”

    „Friet helpt”, zegt Miranda resoluut. „Friet helpt altijd.”

    Miranda wil de wereld vertellen wat niet gezegd mag worden „maar wat in zo veel families gebeurt”. Ze werd tussen haar vierde en dertiende seksueel misbruikt door haar tien jaar oudere neef, veelal in een hut in de Veluwse bossen.

    Ze wil vertellen waarom ze het misbruik jarenlang geheim hield. Waarom ze de dader, terwijl die haar leven overhoop gooide, nooit heeft willen aangeven bij de politie. Ze wil de methoden tonen die hij gebruikte om haar te laten doen wat hij wilde, en hoe hij dat verantwoordde tegenover zichzelf, en welke rol zijn eigen misbruikverleden heeft gespeeld. Ze wil laten zien waarom de omgeving het misbruik niet zag, niet wilde zien, nog steeds niet, en dat ieder daarvoor zijn eigen reden heeft. En dat je als familie samen in een web zit, „een falend systeem”, waarin niemand een uitweg weet. Het héle verhaal over misbruik wil ze vertellen, in al zijn gelaagdheid, „zodat mensen begrijpen hoe ingewikkeld het is”. Maar hoe?

    In gesprek over ‘hun geheim’
    Vijf jaar geleden leerde Miranda documentairemaker Heleen Minderaa kennen. De twee raakten via hun werk bevriend en Miranda vertelde haar al vrij snel over het verleden. Ze besloten het complexe web te tonen waarin alle betrokkenen van seksueel misbruik vastzitten: Miranda vertelt, Heleen maakt de film.

    Vele porties friet later is er nu Niks aan de hand, deze maandagavond uitgezonden op NPO2. Een documentaire waarin de 47-jarige Miranda – om privacyredenen zonder achternaam – met haar neef in gesprek gaat over ‘hun geheim’. Op kalme toon, vol in beeld, in een kale ruimte, zittend op een stoel. De antwoorden van haar neef, van hem zie je alleen zijn handen, net zo kalm.

    Miranda’s vastberadenheid om dit te doen groeide sinds ze als 18-jarige de politie in de klas hoorde vertellen dat je áltijd aangifte moet doen van misbruik. Is dat zo?, dacht ze. Ze moest er niet aan denken: haar neef, ’s nachts om half vijf van zijn bed gelicht. Wat zou dat betekenen voor haar familie? Haarzelf? „Ik had een band met mijn dader. Een soort relatie, die je helemaal niet wílt hebben, maar je voelt je verantwoordelijk. Ik dacht: ik ga hem toch niet zomaar áángeven?”

    Ze hield altijd contact met haar neef – hij heeft later haar therapie betaald. Ze zag hem op familiefeestjes, bruiloften. En toen ze samen naar beider ouders gingen om het te vertellen, zag ze bij hen alle emoties, van woede tot ‘niks aan de hand’, behalve die waarop ze hoopte – begrip. Ze snapt het. „Iedereen heeft zijn eigen afweermechaniek.”

    Miranda léérde erover vertellen. Tegen haar eerste vriendje – „je moet wel, je loopt tegen zo veel dingen aan, ook op seksueel gebied”. Tegen therapeuten – „ze hielpen mijn zelfbeeld bij te stellen, je vindt jezelf lelijk en stom en idioot en dom”. Maar na twee burn-outs merkte ze dat ze niet verder kwam. Ze had behoefte aan mensen die dóórvroegen. Glimlachend naar Heleen: „Zij was een van de enigen die dat aandurfden.”

    Woorden vinden
    Heleen: „Het gebeurde regelmatig dat ik met Miranda sprak en dat ze wegkeek.”

    Miranda: „Schaamte, deels.”

    Heleen: „Jij stopt dan ook gewoon hoor, na drie woorden.”

    Miranda: „Ik krijg het niet uit mijn strot. Ik heb de woorden niet.”

    Heleen: „Je zou denken ‘ze wil niet vertellen’. Maar ik wist, dit is niet de grens. Dit is een gebrek aan woorden, een vroegkinderlijk trauma, ontstaan voordat er woorden zijn. Maar Miranda wíl het wel vertellen, met wat extra hulp. Ik heb geprobeerd haar daarin te begeleiden.”

    Miranda: „Woord voor woord, letterlijk. Zo ging dat. Eerst denken: ‘oké, dit woord durf ik niet te zeggen. Maar als ik het niet zeg, dan snapt Heleen niet wat ik bedoel dus ik móét het wel zeggen’. En dan naar het volgende.” Naarmate ze de woorden vond, begreep ze dat al haar klachten tot het misbruik te herleiden zijn. De nachtmerries, de spanningsklachten van rug tot nek, problemen met sociale relaties, op het werk, vermoeidheidsklachten. „Ben ik op het werk nou alweer over mijn grenzen gegaan? Je snapt het niet. Tot je alles onder elkaar zet en begrijpt: ik heb mijn grenzen nooit leren aangeven.”

    Je wilt dat mensen aardig tegen je doen, maar omdat je iets anders doet dan ze van je gewend zijn, worden ze boos
    Miranda

    Heleen heeft lang getwijfeld of zij, als vriendin, de documentaire wel moest maken. Meestal houdt ze een bepaalde afstand tot een onderwerp. „Maar dat gaat hier niet. Dan zou Miranda stoppen met vertellen terwijl ze wel verder wíl, en je juist dan moet doorvragen en je dat alleen kunt als je Miranda ként, met al haar kwetsbaarheden, en haar tegelijkertijd de veiligheid kan bieden als vriendin. Want soms zat ze gewoon weer in die hut. Dat kind zat gewoon weer in die hut, in de gedaante van een 47-jarige vrouw. En dan moet ik haar als vriendin een hand kunnen geven en zeggen: ‘kom maar joh, kom eruit, uit dit rotding. Laten we samen friet eten’.”

    Samen down the drain, zo voelde het de afgelopen jaren. Maar Miranda wilde het héle verhaal vertellen en beiden zagen in: dat kan niet zonder medewerking van haar neef. Dat maakte hun verbondenheid er niet gemakkelijker op, zegt Heleen. „Ik wist: als wij hem erbij vragen zal ik voor hem net zo veilig moeten worden als ik voor Miranda ben. Maar dat is dus per definitie niet meer veilig voor háár.”

    De herhaling gaat door
    De neef stemde toe. Voor haar, uit een gevoel van verschoning, en omdat hij zelf ook een verhaal te vertellen heeft. Er volgde een voorgesprek. Miranda: „Wie gaat waar zitten? Jij tegenover hem, naast hem? Alleen dat al is complex.” Heleen: „We deden vantevoren een hele stoelendans.” Uitkomst: Miranda vlakbij een nooddeur, zodat ze weg kon, Heleen naast de neef: „Ik vond het belangrijk dichtbij hem te zitten. Ik heb zelfs nog zijn stoel naar me toe gedraaid, omdat ik merkte dat hij zich op Miranda richtte. Hij zocht dat bondje op dat hij met haar had.”

    Miranda: „Dat we vróéger hadden, omdat je samen iets weet wat de rest niet weet. Hij zei altijd: als jij ermee naar buiten komt, dan komt oma erachter en gaat oma dood. Dat bondje was voor mij niet fijn, maar je hébt het wel. En als je samen een documentaire maakt, heb je het voor je het weet wéér.”

    Alles is herhaling, een leven lang, dat is wat Miranda nu over het complexe web weet. „Als mensen tegen mij zeiden: ‘we hebben liever niet dat dit wordt uitgezonden’, of ‘alleen onherkenbaar’, dan is dat hetzelfde als toen ze vroeger zeiden ‘vertel er maar niks over’. En die herhaling gaat door, tot je daar zélf een stop op zet. En dat is het moeilijkste. Je wilt dat mensen aardig tegen je doen, maar omdat je iets anders doet dan ze van je gewend zijn, worden ze boos. Ze snappen het niet.”De opname van het gesprek vond plaats in een bovenzaaltje van Luxor in Arnhem. Op één middag, de apotheose van een jarenlang proces. Vastberaden stelde Miranda haar vragen, meer nog dan bedacht, ondanks de zenuwen, en halverwege keken Heleen en Miranda elkaar met een dikke knipoog aan. Maar toen de neef, zelf misbruikt door iemand buiten de familie, vertelde zichzelf óók dom, stom en lelijk te vinden en daarom wel trots te zijn „dat er een meisje was die het met mij wilde doen”, moest Miranda stoppen. „Ik werd koud, begon te trillen. Zó’n antwoord had ik nooit van hem gehad. Hij zei altijd dat-ie het deed omdat hij van me hield. Ik vond het niet fijn, maar oké. Maar nu begreep ik dat ik gewoon voorhanden was. Dat hij mij gewoon heeft gebruikt. Alsof het plafond naar beneden komt en je de lucht ziet en denkt: oh, dát is de lucht. Die is blauw, nóú zie ik het.”

    Maar ook de neef moest zijn perspectief kantelen, toen hij in de montagestudio samen met Miranda en Heleen de documentaire voor het eerst zag. „Ik vind het zo raar van mezelf”, zei hij tegen Miranda. „Ik dacht toen dat we het beiden wilden. Dat jij het ook lekker vond.” Heleen: „En toen viel voor hem het plafond naar beneden. Hij zei: „De documentaire klopt, maar ik heb het anders onthouden. Iedereen creëert zijn eigen gedachten om het misbruik voor zichzelf goed te praten.”

    De neef stond op en liep trillend naar buiten. Frisse lucht. Heleen erachteraan. Een half uur heeft ze met hem gepraat. „Terwijl Miranda mij net zo hard nodig had.”

    Miranda: „Ingewikkeld hè”.

    Heleen: „En dan eten we maar weer friet.”

    Bron: nrc.nl

    In reactie op: 2Doc: Niks aan de hand – BNNVARA, 28 oktober 2019 #245988

    Mark
    Moderator
    Topic starter

    ‘De heftigheid van emotie is nergens groter dan wanneer het over seksueel kindermisbruik gaat’

    In gesprek met de maker: Heleen Minderaa (de regisseur)

    Hoe maak je een film over het buitengewoon complexe web waarin betrokkenen van seksueel misbruik vastzitten? Regisseur Heleen Minderaa vertelt hoe ze samen met haar hoofdpersonage Miranda down the drain ging bij het maken van haar documentaire ‘Niks aan de hand’. ‘Deze film is de zwaarste die ik ooit heb gemaakt.’

    Innerlijk gevecht
    Filmmaker Heleen Minderaa ontmoette hoofdpersonage Miranda bij een gezamenlijke werkgever. Ze raakten bevriend en Miranda vertelde over het seksueel misbruik dat haar als kind overkwam. ‘Als ik ernaar vroeg, merkte ik dat ze het heel ingewikkeld vond om erover te praten. Maar ze zei ook dat ik een van de eersten was die doorvroeg.’ Minderaa herkende bij zichzelf een innerlijk gevecht. ‘Je denkt, dit is zo gruwelijk, wil ik dit echt weten? Maar als ik niet doorvraag, laat ik haar ermee alleen.’ Het mondde uit in een serie gesprekken waarin ze soms merkte dat Miranda geen woorden kon geven aan wat haar overkomen was.

    Naarmate Minderaa meer details hoorde over het misbruik, de ingewikkelde dynamiek met de dader en de reactie van de familie, wist ze dat ze een belangrijk onderwerp voor een film in handen had. ‘Maar ja, een film over een vroegkinderlijk trauma ligt heel gevoelig. Als je zoiets is overkomen heb je eigenlijk je hele leven nodig om te snappen welke impact het misbruik op je leven heeft. Uiteindelijk was Miranda zelf degene die zei dat ze het wilde doen. ‘Toen merkte ik dat ík degene was die het tegenhield. Ik was bang dat het te zwaar voor haar zou zijn. En dat ik te dichtbij stond. Er is een jaar overheen gegaan voordat ik besloot het filmplan door te zetten.’

    Een complex web
    Samen met de hoofdpersoon besloot de filmmaker een documentaire te maken waarin de patronen worden getoond die ervoor zorgen dat seksueel misbruik vaak door geen van de betrokkenen kan worden gestopt. ‘Ik dacht eerst zelf ook in goed en slecht en in dader en slachtoffer. Ik was dan ook heel verbaasd toen ik hoorde dat ze elkaar nog steeds zagen op verjaardagen. Ze komen uit een familie waarin je geacht wordt te verschijnen als er iemand jarig is. Ze weten er allemaal van, eten samen taart, maar niemand praat erover. Ook niet één op één tegen de dader en het slachtoffer.’

    Het was voor de filmmaker een grote hobbel om Miranda’s neef bij de film te betrekken. ‘Als regisseur zoek je naar de uiterste randen van je verhaal en dan kom je ook daar waar het schuurt. Dat moet. In dit geval wisten we dat we ons doel alleen konden bereiken als we ook zijn perspectief op het verleden zouden laten zien.’ Toch vond ze het moeilijk om een podium te geven aan de man die Miranda’s leven kapot heeft gemaakt, vertelt ze. ‘Ik wist dat als ik hem erbij ging betrekken, ik ook veilig voor hem moest worden en écht open moest gaan staan voor zijn verhaal en achtergrond. Het zou betekenen dat ik ook begrip op moest gaan brengen voor zijn kant van het verhaal. Ik vond het belangrijk voor de film, maar het heeft de vriendschap met Miranda wel onder druk gezet.’

    Toch was het Miranda die al eerder tegen haar neef had gezegd dat ze ooit misschien iets met hun gedeelde verleden wilde doen, al wist ze nog niet welke vorm. ‘Haar neef had toen gezegd dat ze moest bellen als het zover was, en dat hij dan zou overwegen een bijdrage te leveren. Ik wist dat als we zijn perspectief konden laten zien, ik pas echt het complexe web waar je in gevangen zit kon laten zien. Haar neef steekt ongelofelijk zijn nek uit en daarin verdient hij een vorm van bescherming. Dat hoort bij je taak als maker, maar dat is als vriendin lastig.’

    De filmmaker vertelt dat de sfeer op de set ongelofelijk gespannen was op de draaidag van het gesprek tussen Miranda en haar neef. ‘Ook voor de crew was het een emotionele uitdaging. Het zijn zeer ervaren professionals die de hele wereld hebben gezien, maar zodra het over kinderen en seks gaat moet je stevig in je schoenen staan om de gedachte aan je eigen kinderen even te parkeren. Ik denk dat de heftigheid van emotie nergens groter is dan wanneer het over kindermisbruik gaat.’

    Het niks-aan-de-hand-mechanisme in werking
    Wat opvalt tijdens het gesprek, is dat Miranda bijna begripvol lijkt en ze heel kalm blijft ten opzichte van haar neef. ‘Ik zag daar het niks-aan-de-hand-mechanisme in werking, dat leren kinderen die dit meemaken al heel jong; uiterlijk onbewogen, maar van binnen koud en ellendig. Ik had van tevoren aan haar gevraagd om het niks-aan-de-hand-mechanisme af te leggen in het interview om inzichtelijk te maken wat zich achter dit masker afspeelt. Dus de tranen laten gaan als je die voelt komen en niet wegduwen. Ik wist dat ik zowel het gesprek met haar, als de confrontatie met haar neef, in een keer moest opnemen, ik had maar één kans. Het was een minutieuze operatie: Waar zit de geluidsvrouw, waar is de camera, wat kan ik doen als ze dissocieert?’

    Samen down the drain
    De tekeningen die je in de film ziet, zijn de eigen tekeningen van Miranda. ‘Ze vond het moeilijk om in haar hoofd chocola te maken van de volgorde van gebeurtenissen. Zo ontstond het idee om haar de ervaringen te laten tekenen. Dit was ongelofelijk intensief, voor haar maar ook voor mij: je gaat samen down the drain. Deze film was de zwaarste die ik ooit heb gemaakt.’ Minderaa vertelt dat de eerste tekeningen ‘echt kindertekeningen’ zijn. Zonder dat Miranda het zelf in de gaten had, tekende ze die eerste gebeurtenissen in kinderperspectief. De tekeningen van het misbruik toen ze ouder was, waren veel explicieter. ‘Ik heb er bewust voor gekozen om die niet te gebruiken. Ik weet dat seksueel misbruik bij kinderen een thema is dat mensen al snel teveel wordt. Beelden ervan wekken walging op. Dat is een gevaar voor een film over zo’n onderwerp. Deze kindertekeningen zijn nog te behappen en mijn doel is juist dat kijkers meer gaan begrijpen over misbruik in plaats van het hoofd af wenden uit ongemak en over te gaan op een onderwerp dat we makkelijker aan kunnen.’

    De rol van de omstander
    Minderaa koos ervoor om de betrokkenen alleen in beeld te brengen via telefoongesprekken of oude foto’s. Deels was dat noodzaak: Miranda’s moeder wilde niet in beeld, maar wel haar verhaal doen aan de telefoon. ‘Ik vond het een interessantere vorm: deze moeder staat voor alle moeders en ouders. Het gaat niet alleen om de juffrouw, het gaat om alle leerkrachten, familieleden en jeugdvrienden. Hierdoor kon ik een universeler verhaal vertellen. Ik heb met een aantal experts en therapeuten gesproken en die zeiden: ‘Deze reactie is zoals het bijna altijd gaat. Omstanders en familieleden stoppen het niet actief in de doofpot. Ze doen het niet met opzet maar ze weten domweg niet wat ze ermee moeten doen. En dus praten ze er maar niet meer over.’

    Het taboe op misbruik
    Volgens de filmmaker rust er nog steeds ‘een levensgroot taboe’ op seksueel misbruik. ‘Dat heeft denk ik te maken met dat ongemak dat ervoor zorgt dat we liever wegkijken. Er zijn heel veel organisaties die zich richten op de slachtoffers, maar er is maar weinig publiekelijke aandacht voor dadergedrag. Je hoort nooit de dader aan het woord in een film.’ Minderaa vond het heel belangrijk om de interactie tussen Miranda en haar neef in beeld te brengen.

    ‘Je ziet hoeveel ingewikkelde dynamiek er tussen die twee is. Van woede, via ontzetting naar verbinding. Uiteindelijk bedankt ze hem huilend voor zijn verhaal, en dan vloeien de tranen ook bij hem. Ik vond het belangrijk om dat te laten zien. Deze man heeft verschrikkelijke fouten gemaakt en slechte dingen gedaan, maar hij is geen duivel. Hij was een jongen van 14 toen hij het misbruik begon, en hij werd zelf ook misbruikt. Daarmee praat ik het allerminst goed, maar achter seksueel misbruik zitten altijd complexe verhalen.’

    Tsunami van emoties
    Ze is zelf door de film anders naar vroegkinderlijk trauma gaan kijken. ‘Ik ben beter gaan snappen hoe een kind reageert om te kunnen overleven en verdragen. En ook dat kinderen vaak niet voor niets hun mond houden. Ze weten: als ik hiermee naar buiten kom, dan breekt de hel binnen de familie los. En dat gebeurt meestal ook. Het is een hele realistische angst. Pas als ze inzicht hebben in hun trauma en het effect op hun dagelijks leven, staan ze steviger in hun schoenen en kunnen ze die overweldigende angst de baas. Daarom durven slachtoffers van seksueel misbruik vaak pas later naar buiten te komen met hun verhaal, of pas als de dader overleden is. Dat vind ik schrijnend maar ik snap het wel. Dat Miranda en haar neef dit hebben kunnen doen is uitzonderlijk en heel, heel moedig.

    Hoofdpersonage Miranda heeft nu een relatie en een gezin. ‘Ze functioneert goed, maar heeft het tegelijkertijd zwaar.’ Ze is volgens de filmmaker tevreden met de film, maar het hele proces heeft ontzettend veel bij haar losgemaakt. ‘Het is niet zo dat door dit nu te vertellen, het verwerkt is. Deze vorm van trauma kom je nooit helemaal te boven.’

    Bron: 2doc.nl

25 berichten aan het bekijken - 1 tot 25 (van in totaal 590)