Aangemaakte reacties

10 berichten aan het bekijken - 81 tot 90 (van in totaal 1,685)
  • Auteur
    Reacties
  • In reactie op: Seksualiteit & seksuele problemen #275886
    Luka
    Moderator

      MENTAAL ÉN FYSIEK OP SLOT DOOR VAGINISME: ‘IEDEREEN KAN ER VANAF KOMEN’

      Zo’n één op de twintig vrouwen lijdt aan vaginisme. Voor hen is sex vaak niet makkelijk, het inbrengen van een tampon lukt vaak ook niet. Dit gebeurt, omdat zij – zowel mentaal als fysiek – dichtklappen.
      Lieke* vertelt over haar eigen ervaring met vaginisme.

      EERSTE KEER SEX
      Lieke merkte op jonge leeftijd, toen zij voor het eerst ongesteld werd, al dat ze naar werd van een tampon inbrengen. “Het idee alleen al maakte me extreem bang, en toen heb ik het zo lang mogelijk uitgesteld om ze te gebruiken. Een jaar later probeerde ik het, omdat ik graag wilde zwemmen in de zomer, óók als ik ongesteld was. Maar het lukte gewoon niet. Het voelde als een muur, alsof de opening er niet was.”

      Als een tampon inbrengen al niet wilde lukken, hoe moest dat dan wel niet gaan met sex, vroeg Lieke zich af. “Het leek me altijd leuk om een vriendje te hebben, maar het idee dat ik dan sex moest hebben, sprak me niet aan. Toen ik eenmaal mijn eerste vriendje kreeg, werd de sex dan ook wel een ding”, vertelt ze.

      Nadat het maanden niet lukte, ging ze naar een bekkenbodem fysiotherapeut. “Zij hielp me met ontspanningsoefeningen. Na een aantal sessies en een lange tijd van blijven proberen, lukte het eindelijk om sex te hebben. Maar ik bleef nog veel bang en het gevoel vond ik niet fijn.”

      ‘VAGINISME IS MENTAAL’
      Seksuoloog Eveline Stallaart legt uit dat een bekkenbodem fysio kan helpen met oefeningen, net als een gynaecoloog je ook met sommige aspecten kan helpen. “Maar vaginisme is mentaal. Vrouwen die hier last van hebben, blokkeren mentaal bij bijvoorbeeld het idee van penetratie. Daardoor geven zij signalen af naar hun lichaam, wat tot gevolg heeft dat hun lichaam en bekkenbodem als het ware op slot schiet.”

      Stallaart vervolgt dat het daarom belangrijk is om naar een seksuoloog te gaan en erover te praten. “De denkwijze moet veranderen. Je komt in een vicieuze cirkel van angst voor penetratie. Daardoor doet het weer pijn, áls je al sex kunt hebben. Dat zorgt weer voor een nare ervaring. Enzovoorts. Cognitieve gedragstherapie kan de oplossing bieden en je op die manier uit deze cirkel halen. Dat neemt niet weg dat een bekkenbodem fysio je kan helpen om die spieren meer te ontspannen, maar het mentale aspect is het grootste aspect om aan te pakken met deze aandoening. Het is en blijft een mentale aandoening, hoezeer je er fysiek ook last van hebt.”

      ZOEK DE JUISTE HULP
      Lieke vertelt zelf het geluk te hebben gehad er redelijk overheen te groeien. “Ik heb ondertussen verschillende bedpartners gehad. Lange tijd bleef ik nog bang en hield ik het alleen bij missionaris. Ik heb inmiddels al een aantal jaar een lieve vriend en ik heb nergens last meer van. Tampons daarentegen blijven een minder groot succes. Ik word duizelig en heb het gevoel dat ik ga flauwvallen. Die angst die ik toen voelde, zit er dus toch nog. Inmiddels probeer ik dat ook niet meer.”

      Stallaart vertelt ook als seksuoloog naar de mogelijke oorzaak van de angst te zoeken bij mensen met vaginisme. “Je merkt dan bijvoorbeeld dat ze een nare ervaring hebben gehad. Of dat ze toch niet genoeg op hun gemak zijn bij hun bedpartner.” De seksuoloog benadrukt wel dat íedereen van vaginisme af kan komen. Daarentegen zijn de oplossingen wel pas effectief wanneer jij zelf je vaginisme echt wilt aanpakken. “Zoek de juiste hulp en het komt echt goed.”

      *De naam van Lieke is om privacyredenen gefingeerd en is bekend bij de redactie.

      Bron: Linda.nl >>

      In reactie op: Seksualiteit & seksuele problemen #275885
      Luka
      Moderator

        LIEKE IS SEKSUALITEITSCOACH EN HEEFT VAGINISME: ‘SEX DRAAIT NIET ALLEEN MAAR OM PENETRATIE’

        Seksualiteitscoach Lieke Radstaak (27) is 17 jaar als ze erachter komt dat penetratie voor haar niet gaat: ze heeft vaginisme. ‘Ik wilde wel, maar het was echt onmogelijk. Het was niet een kwestie van even doorbijten.’

        Ze deelt via haar Instagramaccount Seksualiek haar verhaal, tips en adviezen.

        SEX
        Lieke: “Naar schatting ervaart zo’n 5 procent van de vrouwen wel een vorm van vaginisme. Maar het komt veel vaker voor dan we denken.” Als ze dertien is merkt ze dat het inbrengen van een tampon bij haar niet gaat. “Dat vond ik wel vervelend, maar ik stond er verder niet bij stil.”

        Op haar zeventiende heeft Lieke voor het eerst een serieuze relatie en begint ze met sex. “Toen kwam ik er bij mijn eerste vriendje achter dat penetatrieseks de logische volgende stap was. En ik wilde het wel, ik werd ook vochtig, maar het ging niet. Ik voelde vrij snel aan dat het bij mij echt anders was.”

        VAGINISME
        Vaginisme is een aandoening waarbij de bekkenbodem te gespannen is, vertelt ze. “Je spieren spannen zich onwillekeurig aan als er iets naar binnen gaat. Dat maakt penetratie vaak onmogelijk. Zelfs een vinger of wattenstaafje kan teveel zijn. Het is vaak een psychosomatische aandoening. Dat wil zeggen dat het meestal geen lichamelijk probleem is. Het komt bijna nooit voor dat je vagina te nauw is of dat je hiervoor onder het mes moet. Het is psychisch, omdat je brein signalen stuurt naar je bekkenbodem zonder dat je dat zelf wilt.”

        Daarom ontwijkt Lieke de eerste twee jaar van haar seksleven penetratieseks. Haar toenmalige vriendjes hadden daar niet zo veel moeite mee. “Maar een mooie bijkomstigheid was dan ook dat ik heel creatief moest worden. Voorspel werd voor mij hoofdspel. Het einddoel.”

        THERAPIE
        Lieke schaamde zich er niet voor, maar het maakte haar wel onzeker.” Op zich logisch als je 17 bent en iedereen gewóón penetratieseks heeft, terwijl het bij mij niet zo makkelijk was. Als je dan ook merkt dat mensen in je omgeving het niet snappen of niet weten wat dat is, kan dat lastig zijn.”

        Daarom gaat ze na twee jaar langs de seksuoloog die haar helpt om ‘het te accepteren’. “Ik heb anderhalf jaar lang therapie gehad. Enerzijds om de angst voor de pijn weer af te leren. Je lichaam conditioneert zichzelf heel snel en bereidt zich voor op de pijn zonder dat dat nodig is. En anderzijds om te denken: het is niet het einde van de wereld. Ik ben door mijn vaginisme niet minder vrouw.”

        PELOTTES
        Tijdens haar therapie gaat ze aan de slag met pelottes. “Dat zijn staafjes van kunststof, van dun naar dik, die in dikte opschuiven totdat je de dikte van de penis hebt bereikt. Maar toen ik daar tien jaar geleden mee aan de slag moest, waren deze nog heel klinisch. Het waren blauwe doorzichtige staven met een handvat. Dat sprak mij helemaal niet aan. Voor mij voelde het daardoor echt als huiswerk en als een probleem dat ik moest oplossen. Nu zijn ze veel leuker; roze en oranje of van siliconen.”

        In plaats daarvan bedenken Lieke en haar seksuoloog een manier dat het wat speelser en spannender maakte om met haar vaginisme om te gaan. “Ik zou nog steeds oefenen met voorwerpen om naar binnen te brengen, maar dan met voorwerpen die ik tegenkwam. Zoals een potlood met een ronde achterkant, een pollepel van de HEMA en daarna een blushkwast van de Etos. Dat werd een grappig ding. Dan stond ik daar bij de kassa met een vriendin om dat af te rekenen en dan wisten wij waar het voor was. Het werd een binnenpretje.”

        ADVIEZEN
        Lieke is nog niet van haar vaginisme af. Soms heeft ze periodes waarin penetratieseks wel gaat en soms niet. Alle goedbedoelde adviezen – ‘drink wijn’, ‘ga blowen of paardrijden’ – slaat ze in de wind. “Ik zou dat soort adviezen absoluut afraden. Met een glaasje wijn ben je misschien meer ontspannen, maar je spierspanning wordt er niet minder op en daarna heb je alsnog pijn.”

        Bron: Linda.nl >>

        In reactie op: Eetstoornissen #275884
        Luka
        Moderator

          TAMARA (22) HEEFT EEN EETSTOORNIS: ‘HET BEELD DAT WE ERVAN HEBBEN IS NIET REALISTISCH’

          ‘Oh, dus jij vindt jezelf te dik?’ Die vraag krijgt Tamara (22) vaak te horen als ze over haar eetstoornis begint. En dat is volgens haar een groot probleem, omdat dit benadrukt dat mensen niet weten hoe deze ziekte werkt.

          “Het zit ‘m niet in het lichaam, maar in de struggle”, zegt Tamara in gesprek met LINDA.meiden.

          EETSTOORNIS
          Het begint bij Tamara in haar vroege jeugd, als zij slachtoffer wordt van verkrachting. “Dat was het moment dat ik de controle over mijn eigen lichaam verloor. Ik bedacht onbewust een manier om die weer terug te pakken. Met weinig eten schakelde ik mijn gevoelens en emoties uit. Ik vond controle in de eetstoornis.”

          Ook wilde ze haar eigen lichaam niet meer voelen. “Ik stopte met eten en zette de signalen van honger uit. Pas twee jaar geleden kwam ik erachter dat ik anorexia had. Ik was niet vermagerd, want was veel met sporten bezig. Niemand had ooit iets gemerkt.”

          VERKEERD BEELD
          Dan wordt ze ook geconfronteerd met het beeld dat mensen hebben van een eetstoornis. “Die is niet realistisch. Daardoor twijfel je nog meer aan jezelf, omdat je geen ondergewicht hebt of niet braakt. Zo krijg je geen erkenning voor waar je mee dealt. Je bent er bijna van overtuigd dat je die dingen wél moet doen om serieus genomen te worden.”

          Dat merkt ze ook als ze in behandeling is bij een kliniek. “Ik zat in een groep met verschillende meiden met verschillende eetstoornissen, en merkte dat we allemaal tegen dezelfde struggle aanliepen. Dat mensen geen idee hebben wat het nou is. Hoe iemands lichaam eruit ziet, zegt niks over de eetstoornis. Het is lastig als je daar continu op afgeschreven wordt en tegen jezelf én de vooroordelen moet vechten.”

          ZWARE VORMEN
          Een eetstoornis draait om meer dan eten. “De focus op je lichaam leggen is vaak een afleiding van wat er onderliggend aan de hand is. Eten is vaak iets waar we wél controle op hebben, als het op een ander vlak compleet weg is. De eetstoornis die je aan de buitenkant ziet, is eigenlijk het topje van de ijsberg. Ik wil het graag hebben over waar een eetstoornis begint en niet waar deze eindigt.”

          Tamara benadrukt dat een eetstoornis níet de manier is om te dealen met heftige situaties. “Het heeft ten alle tijden veel meer nare consequenties. Ik wil niet dat mensen denken dat het mij veel heeft gebracht, want dat is absoluut niet het geval.”

          HERSTEL
          Op dit moment is ze herstellende. “Het is enorm lastig, want je moet jezelf binnenstebuiten keren en in jezelf graven waar het vandaan komt. Ik moet in de spiegel kijken en dan komt er veel naar boven. Het is eng wat je gaat voelen, want tijdens het herstel voelt het alsof jij de controle weer weggeeft.”

          Heeft er iemand in je omgeving een eetstoornis? Dan kun je de vraag hoe je het kunt hebben beter weglaten, zegt Tamara. “Vraag bijvoorbeeld hoe het bij die persoon werkt, in plaats van ervan uit te gaan dat het bij iedereen hetzelfde werkt.”

          Bron: Linda meiden >>

          In reactie op: Seksualiteit & seksuele problemen #275883
          Luka
          Moderator

            SEKS VERANDERT ALLES: Als seks een nachtmerrie wordt: “Elke keer komt de verkrachting terug naar boven”

            Mariska heeft een sterke, stabiele relatie met Paul. Haar vorige relatie, waar ze uit vluchtte na seksueel geweld, ligt al jaren achter haar. Denkt ze. Maar sinds kort heeft ze nachtmerries, wordt ze badend in het zweet wakker en weet ze: “Ik heb weer over de verkrachting gedroomd.” Dus klopt ze bij relatietherapeute Rika Ponnet aan met de vraag: waarom komt het trauma nú, na al die jaren?

            <div data-bt-embed=”https://player.backtracks.fm/nieuwsblad/seks-verandert-alles/m/17-als-seks-een-nachtmerrie-wordt-elke-keer-komt-de-verkrachting-terug-naar-boven”></div><script>(function(p,l,a,y,s){if(p[a])return;if(p[y])return p[y]();s=l.createElement(‘script’);l.head.appendChild((s.async=p[a]=true,s.src=’https://player.backtracks.fm/embedder.js&#8217;,s))}(window,document,’__btL’,’__btR’))</script>

            Bron: Nieuwsblad.be >>

            In reactie op: Seksueel geweld en seksueel misbruik (algemeen) #275882
            Luka
            Moderator
            Topic starter

              Misbruikslachtoffers: ‘Je houdt altijd het idee dat je nee had kunnen zeggen’

              Seksueel grensoverschrijdend gedrag kent veel verschillende vormen. Het hoeft niet altijd gepaard te gaan met geweld en kan geleidelijk in een relatie sluipen. Vox sprak drie studenten die slachtoffer werden van misbruik. Ze vertellen over taboes en de (mentale) gevolgen waar ze nog altijd mee kampen.

              Julie* (24): ‘Ze kon enorm kwaad worden’
              Julie was 13 toen ze voor het eerst in contact kwam met Diana, een 21-jarige vrouw die ze online had leren kennen. Ze had maar weinig contact met leeftijdsgenootjes en het klikte met Diana.

              ‘Ze wist heel goed wat ze moest zeggen tegen een 13-jarige. Ik was “zo volwassen voor mijn leeftijd, zo slim en zo speciaal”. Dan ga je dat uiteindelijk geloven.’ Het contact bleef in die tijd online, maar werd steeds intensiever, waarbij Diana ook om expliciete foto’s en opnames begon te vragen. ‘Ik wist ergens wel dat ik daar niet in mee moest gaan. Je hoort het overal, en ook mijn ouders waarschuwden er regelmatig voor om niets online te delen. Tegelijkertijd overheerste bij mij het gevoel dat dit anders was. Dat dit echte liefde was.’

              Hulp na ongewenste seks

              Heb je een ongewenste seksuele ervaring meegemaakt? Bij het Centrum Seksueel Geweld kun je terecht voor hulp. Chatten of bellen is anoniem: 0800-0188. De Radboud Universiteit heeft vertrouwenspersonen voor medewerkers en studenten waar je ongewenst gedrag kunt melden. Zij zijn hier te vinden.

              Lees hier een interview met klinisch psycholoog Iva Bicanic, coördinator van het Centrum Seksueel Geweld, waarin ze uitlegt waarom seksueel geweld zo ingrijpend is en hoe de sociale omgeving het beste kan omgaan met dit fenomeen.

              Na een tijd kapte Diana het contact af. Ze zou hebben ingezien welke problemen ze kon krijgen wanneer het contact tussen haar en de minderjarige Julie zou uitlekken. Jaren gingen voorbij, totdat Julie op 21-jarige leeftijd opnieuw door Diana benaderd werd.

              ‘Dat was een heel raar moment. Omdat ik destijds echt aan haar gehecht was geraakt en niets liever wilde dan met haar samen zijn. Maar tegelijkertijd was ik heel boos over wat er gebeurd was. Ook wilde ik weten of ze nog beelden van mij had. Dat was de reden dat ik inging op haar contactverzoek. En dan word je toch weer terug de relatie ingezogen.’

              De twee kregen een langeafstandsrelatie, waarbij ze elkaar af en toe in het echt zagen en de verhoudingen steeds grimmiger werden. ‘Ze kon enorm kwaad worden en ineens klaar met me zijn. Uiteindelijk ging ik alles doen om dat te voorkomen, en raakte ik compleet geïsoleerd. Tot zij de enige was die ik nog had.’

              Julie deed daardoor bijna automatisch wat Diana van haar vroeg. ‘Zo verwachtte ze dat ik de hele dag door en zelfs ’s nachts een telefoonverbinding met haar openhield, zodat ze me kon horen. Als de lijn wegviel, werd ze boos. Als ik eigen plannen maakte, werd ze boos. Als ze iets seksueels wilde en dat niet kreeg, werd ze boos.’

              ‘Misbruik hoeft niet te betekenen dat je ergens de bosjes ingesleurd wordt’

              Zo kwam het voor dat Julie meermaals ongewenste seks had met Diana. ‘Anders werd ze agressief. Toegeven was voor mij een makkelijke manier om te voorkomen dat ze kwaad werd. Dat waren de moeilijkste momenten, de momenten waarvan ik achteraf dacht: had ik maar nee gezegd.’ Julie heeft lang het gevoel gehad dat de schuld bij haarzelf lag. ‘Dat is het complexe van een situatie waarin je niet fysiek, maar mentaal gedwongen wordt. Dat je altijd het idee houdt dat je nee had kunnen zeggen. Ik hád nee kunnen zeggen, maar op dat moment voelde het alsof dat niet kon.’

              Dat is ook de reden dat Julie nu haar verhaal deelt. ‘Misbruik hoeft niet te betekenen dat je ergens de bosjes ingesleurd wordt en een mes op je keel krijgt. Het kan ook zijn dat iemand je het gevoel geeft dat je begrepen wordt en op die manier misbruik van je maakt.’ Inmiddels zit Julie in therapie en kan ze praten over wat haar is overkomen. ‘Ik heb me heel lang schuldig en vies gevoeld. Nu ben ik op het punt beland dat ik gewoon pissig ben. Dat is heel bevrijdend eigenlijk.’

              Toch zullen de gebeurtenissen altijd deel uit blijven maken van haar leven. ‘Ik ben door EMDR-therapie [Eye movement desensitization and reprocessing, een behandeling voor traumaverwerking, red.] gelukkig al veel minder in paniek. Ik zal het altijd moeilijk blijven vinden als mensen boos op me zijn, maar hoop dat ik daar in de toekomst beter mee om leer gaan.’


              Illustratie: Ivana Smudja

              Wies* (22): ‘Als ik pijn had, zei hij dat het erbij hoorde’
              Vorig jaar zomer ontmoette Wies via de datingapp Bumble Stefan*. Het daten verliep volgens het boekje, maar stap voor stap kreeg Stefan meer overwicht. Als Wies aangaf geen seks te willen, overtuigde hij haar het toch te doen. ‘Als ik dan pijn had, zei hij dat het erbij hoorde en dat ik de pijn moest accepteren in plaats van dat hij stopte.’ Doordat hij continu op haar inpraatte, begon Wies te geloven dat het normaal was dat dit gebeurde. Het trauma volgde pas later.

              ‘Ik kreeg de diagnose PTSS [posttraumatische stressstoornis, red.] en ben daarvoor behandeld met behulp van EMDR. De diagnose kwam als een klap. Het was heel veel in één keer. Ook had ik veel vragen. Wat was mij nou weer overkomen? Waarom ik? Waarom had ik niet door dat Stefan me aan het misbruiken was?’

              De vragen gingen gepaard met een schuldgevoel. ‘Ik had het idee dat het allemaal aan mij lag. Daar heb ik echt flink aan moeten werken bij de psycholoog. Ook begrepen sommige mensen in mijn omgeving niet waarom ik de relatie met Stefan niet eerder had beëindigd. Hoe kon ik bij hem blijven, terwijl hij op zo’n slechte manier met mij omging?’

              ‘Hij probeerde mij continu afhankelijk van hem te maken’

              Ze geeft aan dat een relatie verbreken soms een stuk lastiger is dan je denkt. ‘Iemand kan zoveel invloed op je uitoefenen dat je voor je gevoel echt niet zomaar weg kan. Hij probeerde mij continu afhankelijk van hem te maken.’ Zo kocht hij – tegen Wies’ zin in – veel dure cadeaus en sprak hij al heel snel over samenwonen. ‘Dat wilde ik eigenlijk allemaal niet. Ik kon op dat moment geen cadeaus teruggeven en was me bewust van de scheve machtsverhoudingen die dan zouden ontstaan.’

              Op het moment zelf had Wies niet door dat Stefan over haar grenzen heen ging. ‘Een deel van mijn omgeving kon dat niet begrijpen, dat was heel moeilijk voor me.’ Bij de psycholoog leerde ze hier meer over. ‘Het brein kan een trauma blijkbaar heel lang onderdrukken. Daardoor kun je letterlijk vergeten wat er is gebeurd.’

              Ze hoopt dat mensen in het vervolg minder snel hun oordeel klaar hebben, zeker op het moment dat slachtoffers voor het eerst over hun ervaringen met seksueel grensoverschrijdend gedrag vertellen. ‘Mijn advies is: luister vooral. En als je vragen hebt, check dan eerst of het oké is om over het onderwerp door te praten.’ De EMDR is inmiddels afgerond, maar Wies praat nog regelmatig met haar psycholoog. ‘Ook na de behandeling van een trauma als seksueel misbruik ben je niet opeens weer helemaal de oude. Officieel ben ik hersteld van PTSS, maar de geheugen- en concentratieproblemen hebben nog steeds een grote impact op mijn leven.’

              David* (25): ‘Hij greep mijn hoofd vast’
              David werd als kind misbruikt. Later had hij een relatie waarin seksueel misbruik voorkwam en in zijn studententijd kreeg hij meerdere malen met seksueel grensoverschrijdend gedrag te maken. ‘Kut gezegd is het dus wel een beetje een terugkerend thema in mijn leven.’

              De laatste keer dat David werd misbruikt, was toen hij na een bestuursavond met een jongen mee naar huis ging. ‘Die wilde allerlei seksuele handelingen uitproberen. Blijkbaar voelde hij zich ook uitgenodigd om me te penetreren. Ik heb dat kunnen stoppen, maar er was wel meer aandringen voor nodig dan ik had verwacht.’

              Elkaars persoonlijke grenzen niet respecteren, komt vaker voor binnen verenigingen, vertelt David. ‘Het gaat er losbandig aan toe. Er wordt veel gedronken en onenightstands zijn vrij normaal. Ik kwam erachter dat mensen snel denken dat het geoorloofd is om grenzen over te gaan die je nog niet eens duidelijk hebt kunnen stellen.’

              ‘Door over deze ervaringen te beginnen, breng je heel wat teweeg’

              Zo ook tijdens een afspraakje met een andere jongen die hij had leren kennen in zijn bestuursleven. ‘Er was eigenlijk niks aan de hand, totdat hij mijn hoofd vastgreep en om zijn penis duwde. Hij bleef er druk op houden. Het kwam voor mij een beetje uit het niets. Ik dacht ‘dit gaan we niet doen’ en ben weggegaan.’

              Hoewel er verschillende vertrouwenspersonen aan de universiteit zijn, is David daar niet naartoe gestapt. ‘Ik heb op dit moment al genoeg moeite met mijn stu-die. Daarnaast had ik de afgelopen jaren bijna fulltime therapie voor het kindermisbruik, en nog steeds. Dat vind ik prima, maar het laat weinig ruimte over om een heel ander emotioneel beladen traject in te gaan.’

              Ook vond David het lastig om deze incidenten in zijn bestuur aan te kaarten. ‘Je zit in een groep waarin je elkaar allemaal kent. Door over deze ervaringen te beginnen, breng je heel wat teweeg. Als je daar op dat moment stevig genoeg voor in je schoenen staat, hoeft dat niet per se negatief te zijn, maar ik had wel andere dingen aan mijn hoofd.’ David laat het erbij. ‘Deze ervaringen zijn een ‘lichte’ variant van wat ik in mijn verleden al heb meegemaakt. Seksueel grensoverschrijdend gedrag komt veel voor in studentenkringen. Ik heb niet het gevoel dat ik echt een andere keuze heb dan dat te accepteren.’

              Ook al heeft David zelf geen hulp gezocht op de campus, hij denkt wel dat de universiteit studenten bewuster kan maken van ongewenst gedrag. ‘Consent is een heel leuk begrip, maar na een aantal biertjes staat dat niet meer in ieders woordenboek. Wat ik heb meegemaakt, zal gelukkig niet iedereen overkomen. Maar een ongewenste aanraking zit in een klein hoekje. Let daarop en praat erover.’

              *Alle namen in dit artikel zijn op verzoek van de geïnterviewden gefingeerd. De echte namen zijn bekend bij de redactie.

              Bron: Voxweb >>

              In reactie op: Seksueel geweld en seksueel misbruik (algemeen) #275881
              Luka
              Moderator
              Topic starter

                ‘Seksueel geweld is een probleem van ons allemaal’


                Iva Bicanic. Foto: Centrum Seksueel Geweld

                Waarom is seksueel geweld voor slachtoffers zo ingrijpend, zelfs als het eenmalig plaatsvindt? En waarom reageert de omgeving vaak zo beschuldigend? Klinisch psycholoog Iva Bicanic heeft dertig jaar ervaring met het onderwerp en weet dat victim blaming net zo desastreus is als het misbruik zelf.

                ‘Waarom ben ik met die gast mee naar huis gegaan? Waarom deed ik niks? Hoe heb ik in godsnaam nog een eitje voor hem kunnen bakken na wat hij mij had aangedaan?’ Iva Bicanic kan de zelfverwijten van verkrachtingsslachtoffers zo opdreunen. Als psycholoog en initiatiefnemer van het landelijke Centrum Seksueel Geweld (zie kader, onderaan), hoort ze de verhalen dagelijks in haar spreekkamer. ‘De zelfblaam, daar lopen slachtoffers vaak op vast’, vertelt ze tijdens een videocall. ‘Ze veroordelen hun eigen reactie.’

                Definities

                Verkrachting is het onder dwang seksueel binnendringen van het lichaam. Iemand kan je mond, vagina of anus ongewild binnendringen met een penis, vinger of voorwerp. Ook binnen een relatie kan verkrachting voorkomen. In Nederland zeggen 1 op de 8 vrouwen en 1 op de 25 mannen ooit te zijn verkracht. Bij mannen valt onder verkrachting ook het gedwongen worden iemand anders te penetreren. ‘Dat komt echt veel voor’, aldus Iva Bicanic.

                Jongeren tussen de 12 en 24 jaar lopen vier keer meer kans om slachtoffer te worden van een verkrachting dan anderen.

                Aanranding wil zeggen dat iemand ongewenst op je lichaam komt, en er niet in. Het betreft seksueel aangeraakt worden of gedwongen worden geslachtsdelen van iemand anders aan te raken.

                Beide vormen van seksueel geweld zijn strafbaar en potentieel traumatiserend.

                In dit artikel vertellen drie studenten over het misbruik dat zij hebben meegemaakt en hoe dat doorwerkt in hun leven.

                Maar zo’n reactie is volgens haar heel logisch. Slachtoffers van seksueel geweld (niet alleen vrouwen, maar ook mannen en transgender personen) begrijpen op zo’n moment dat ze in een gevaarlijke of bedreigende situatie zitten. ‘Ze schieten in de overlevingsmodus, wat kan betekenen dat ze automatisch meewerken of niets doen om er zo snel mogelijk vanaf te zijn of zodat de dader niet agressief wordt. Achteraf zijn ze boos op zichzelf, maar dat is ten onrechte want niemand kan van tevoren weten dat een leuke date zal uitlopen op een verkrachting.’

                Ontwrichtend
                Volgens Bicanic doen slachtoffers van eenmalig seksueel geweld er gemiddeld een halfjaar over om naar buiten te treden met wat hun is overkomen. Dat is lang, en daar zijn verschillende redenen voor. Ten eerste vragen ze zich vaak af of wat er is voorgevallen, wel onder verkrachting valt – ze zijn in de war en maken wat er is gebeurd, kleiner. Meestal verloopt een verkrachting namelijk niet zoals in de film, met een boel geduw en getrek en een hand over de mond.

                Ten tweede blijven slachtoffers maar malen over de schuldvraag. En dan is er nog de angst voor negatieve reacties uit de omgeving. ‘Als maatschappij vinden we het nog altijd moeilijk om kalm of troostend te reageren op zoiets’, zegt de psycholoog. ‘We hebben een grote afweer van verhalen over seksueel geweld, willen het niet geloven en zeggen dat het vast overdreven is. Of we doen aan victim blaming, noemen het slachtoffer naïef of dom. Het grootste probleem met seksueel misbruik zijn we als samenleving eigenlijk zelf.’

                ‘Zelfs op een maandagmiddag door de Albert Heijn lopen, kan al onveilig voelen’

                Het ingebakken ongeloof is nogal in strijd met de feiten. 22 procent van de vrouwen en 6 procent van de mannen krijgt ooit, in welke vorm dan ook, te maken met seksueel misbruik (bron: Rutgers). En daar weer de helft van houdt blijvend last van de gevolgen.

                Waarom is deze vorm van geweld zo ontwrichtend? Bicanic: ‘Omdat je na zo’n gebeurtenis iets wezenlijks kwijtraakt, namelijk het vertrouwen waarmee je naar de wereld keek. Je gevoel van veiligheid wordt aangetast en daardoor verandert alles. Zelfs op een maandagmiddag door de Albert Heijn lopen, kan al onveilig voelen.’

                Dat verklaart waarom sommige slachtoffers van een nare seksuele ervaring zich graag opsluiten in hun kamer, zegt Bicanic. Alleen daar voelen ze zich vaak nog enigszins oké. Wat ook gebeurt, is dat mensen het voorval uit alle macht proberen te vergeten. Ze gaan extra hard studeren, werken of sporten om maar niets te hoeven voelen. Maar ja, dan liggen ze ’s avonds in bed en begint het gepieker of de herbeleving toch weer. Een trauma is dan al geboren.

                Posttraumatische stressstoornis
                Het goede nieuws is dat aan zo’n trauma iets te doen valt. Juist daarin is het Centrum Seksueel Geweld gespecialiseerd. ‘We werken met een evidence based interventie om mensen te helpen bij de verwerking. Het resultaat is dat slachtoffers op een andere manier kunnen kijken naar de traumatische ervaring, en minder last hebben van posttraumatische stress.’

                Bicanic benadrukt dat de ernst van het seksueel misbruik niet bepaalt hoeveel last iemand ervan heeft. Waar de een helemaal van de kaart is omdat ze op straat in haar bil is geknepen, is een ander in staat een gewelddadige verkrachting naast zich neer te leggen. Het gaat erom wat er in het hoofd van een persoon gebeurt, zegt Bicanic. ‘Daar kijken we naar.’

                ‘Ik hoop echt dat mensen die dit verhaal lezen en denken “dit gaat over mij” zich bij ons melden’

                De helft van de misbruikslachtoffers ontwikkelt PTSS, een posttraumatische stressstoornis. Dat is te voorkomen als ze snel aan de bel trekken. ‘De eerste zeven dagen zijn cruciaal, dat noemen we de gouden week. Sporen van de verdachte zijn dan nog te vinden op het lichaam, dat is belangrijk voor het geval iemand aangifte wil doen. Medicijnen tegen soa’s of een mogelijke zwangerschap kunnen nog op tijd verstrekt worden. Maar ook: als therapeuten kunnen we snel met schuldgedachtes aan de slag, door bijvoorbeeld uit te leggen dat het normaal is dat je niks deed toen je werd verkracht, want 80 procent doet niks.’

                Slechts 15 procent van de slachtoffers trekt binnen 24 uur aan de bel. De meesten blijven twijfelen of durven niet, tot slaapgebrek, verminderd concentratievermogen of een kort lontje ze er alsnog toe aanzet met iemand te gaan praten. ‘Let wel: het is nooit te laat’, zegt Bicanic. ‘Ik hoop echt dat mensen die dit verhaal in Vox lezen en denken “dit gaat over mij” zich bij ons melden. Ik kan niet beweren dat je weer helemaal de oude wordt, maar wel dat je een fijn leven kan hebben.’

                Wie niet durft te bellen, kan ook anoniem chatten (zie kader onderaan), zelfs midden in de nacht. Doe het, doe het, doe het, herhaalt Bicanic. ‘Ook al omdat de helft van de mensen die een PTSS ontwikkelen, nog een keer slachtoffer wordt van seksueel geweld, dat wéten we.’

                Misbruikgedrag
                Ze is er geen voorstander van dat daders automatisch uit de groep worden gegooid als ze een keer over de schreef zijn gegaan. Stel dat het misbruik binnen een studentenvereniging heeft plaatsgevonden, dan is het volgens de psycholoog zinniger het gedrag binnen de groep te bespreken. Want de kans is groot dat de leden elkaar hoe dan ook weer tegenkomen, bij het uitgaan of in de collegebanken. ‘Zolang we als samenleving mensen cancellen, zal niemand het in zijn hoofd halen toe te geven dat zijn gedrag niet oké was. Je zou wel gek zijn: sociale uitsluiting is zo’n beetje het ergste wat je iemand kan aandoen. Hoe gaaf zou het zijn als je juist als groep om iemand heen gaat staan en zegt: we keuren je misbruikgedrag af en we gaan je helpen. Dan is het natuurlijk wel een voorwaarde dat die persoon erkent dat hij met zijn gedrag schade heeft aangericht en daaraan wil werken.’

                Alleen door met elkaar in gesprek te gaan, kunnen de pleger en zijn omgeving van elkaar leren, denkt Bicanic. ‘Anders verandert er voor niemand iets. Dat zou niet erg zijn als seksueel geweld maar eens in de tien jaar voorkwam, maar het gebeurt elke dag. Het is een probleem van ons allemaal.’

                Centrum Seksueel Geweld

                Het Centrum Seksueel Geweld is een samenwerkingsverband tussen ziekenhuizen, GGD, GGZ, politie en Slachtofferhulp Nederland, en is operationeel in zestien regio’s, verspreid over heel Nederland. Het telefoonnummer 0800-0188 is dag en nacht bereikbaar. Chatten kan via centrumseksueelgeweld.nl. Klinisch psycholoog Iva Bicanic is behalve coördinator van het centrum ook hoofd van het landelijk Psychotraumacentrum van het UMC Utrecht.

                Bron: Voxweb >>

                In reactie op: Sexting, sextortion & shaming #275880
                Luka
                Moderator

                  Thalita (43) werd het slachtoffer van wraakporno

                  13 december 2017 is voor Thalita Masbaitoeboen een dag die ze nooit zal vergeten. Ze vond een USB-stick vol met intieme beelden van haarzelf, die zonder dat ze het wist genomen waren door haar toenmalige vriend. De beelden waren online gezet. Vandaag, vijf jaar later, begint ze een stichting om andere slachtoffers te helpen. Ze schuift in Vroeg! aan om dit landelijke probleem te bespreken.

                  Schaamte
                  Hoewel de beelden buiten het medeweten van Thalita waren gemaakt, voelde ze veel schaamte: “Voor mijn werk als consultant was ik constant bezig met het beoordelen van mensen voor bepaalde functies. Nu bleek dat ik de man met wie ik samenwoonde, die het dichtst bij mij stond, zelf compleet verkeerd beoordeeld had. Ik schaamde me verschrikkelijk.”

                  Dit gevoel van schaamte en zelfverwijt speelt vaak bij dit soort delicten, herkent ook Roy Heerkens van Slachtofferhulp: “Dat is begrijpelijk, maar niet terecht. Het doorsturen is fout, dit soort beelden niet.”

                  Gevolgen
                  Het ongewild doorsturen van intieme beelden is een groot probleem in Nederland. “Zes procent van de jongens, en dertien procent van de meisjes in Nederland hebben minstens een negatieve ervaring met online sexting.” De gevolgen zijn ernstig, meent Heerkens: “Online seksueel geweld leidt tot vertrouwensproblematiek, PTSS, angst, depressie en zelfs zelfmoorgedachten. De consequenties zijn vergelijkbaar met ander seksueel geweld, zoals aanranding en verkrachting.”

                  Stichting
                  Destijds had Thalita graag met lotgenoten gesproken. Vanwege de schaamtegevoelens zijn die vaak lastig te vinden. Met haar nieuwe stichting SVWP (Slachtoffer Van WraakPorno) hoopt ze een veilige omgeving voor slachtoffers te kunnen creëren: “Want hoe donker je wereld ook lijkt, als je blijft doorlopen wordt het vanzelf weer licht.”

                  Benieuwd naar het hele gesprek met Thalita en Roy? Luister de podcast van Vroeg via onderstaande link, of in je favoriete podcastapp

                  Bron: NPO Radio 1 >>

                  In reactie op: Incest #275877
                  Luka
                  Moderator

                    Ervaringsdeskundige Ilse: ‘Ga het gesprek aan na seksueel geweld, want praten helpt’

                    Het was een bekende van de familie die haar – ze was twaalf jaar toen – misbruikte. Nu, zeventien jaar later, deelt Ilse Besuijen haar ervaringen over seksueel geweld op de University College of Applied Sciences HZ in Vlissingen. Ze praat dan niet eens zo zeer over dat misbruik, maar vooral over de nasleep en wat haar hielp om er weer bovenop te komen. “Wanneer het misbruik stopt, denken veel mensen dat het voorbij is. Maar dan val je juist in een zwart gat.”

                    De studenten, die op een dag ooit docent of hulpverlener hopen te zijn, luisteren tijdens de studiedag aandachtig naar haar verhaal. Voor hen heeft Ilse Besuijen een boodschap. “Als het misbruik voorbij is, heb je juist behoefte aan steun. En in die fase kun je als hulpverlener heel veel betekenen voor iemand die seksueel geweld heeft meegemaakt.”

                    Taboe op het onderwerp
                    En juist daar schort het aan, want ook onder hulpverleners heerst er een taboe op het onderwerp. “Het duurde bij mij tot de zesde hulpverlener voor ik iemand vond die het aandurfde om er met me over te praten en echt de diepte in te gaan.”

                    Over het misbruik praten is zeker voor de slachtoffers niet makkelijk. “Wat bij mij heel erg is blijven hangen, was: wat je ook doet, je mag er niet over praten. Toen hielp het heel erg om het gesprek te beginnen met de situatie van vóór het misbruik, om vervolgens heel langzaam die vertrouwensband op te bouwen en beetje bij beetje meer over het misbruik zelf te praten.”

                    Drempel verlagen
                    De studiedagen op de HZ worden gegeven door docent psychotrauma en verliesverwerking Luuc Smit. Hij herkent het beeld dat hulpverleners huiverig zijn om dat gesprek aan te gaan. “Juist daarom houden we dit soort studiedagen, om die drempel te verlagen.”
                    Daarbij is de inzet van een ervaringsdeskundige zoals Besuijen volgens Smit cruciaal. “Ik kan van alles vertellen, maar als zij het zegt, dan is het écht zo. Dat komt veel meer aan.”

                    Dit zijn doorgaans geen slachtoffers, maar overlevers. Dit zijn powervrouwen.
                    Luuc Smit, docent psychotrauma en verliesverwerking

                    Bovendien helpt het om het beeld dat mensen hebben van slachtoffers van seksueel geweld bij te stellen. Luuc Smit: “Dit zijn doorgaans geen slachtoffers, maar overlevers. Dit zijn powervrouwen, die de kracht hebben gevonden om sterker uit dit proces te komen en erover te vertellen.”


                    HZ-docent Luuc Smit en ervaringsdeskundige Ilse Besuijen bij studiedag over seksueel geweld
                    © Omroep Zeeland

                    Dat is ook het geval bij Besuijen. “Voordat dit alles begon, was ik een kwetsbaar paardenmeisje dat bang was om iets te zeggen. Maar dankzij de steun van goede hulpverleners en mijn omgeving ben ik er inderdaad sterker uit gekomen. Ik kan nu veel meer mijn mannetje staan en mijn mening delen zonder te denken: dat is te veel. Mijn woorden hebben waarde gekregen en ik ben meer in mijzelf gaan geloven. Dat is een heel erg waardevol proces geweest, achteraf.”

                    Bron: Omroep Zeeland >>

                    In reactie op: Loverboys & seksuele uitbuiting van meisjes en vrouwen #275874
                    Luka
                    Moderator

                      Ruim een derde van de daders van ‘binnenlandse seksuele uitbuiting’, waarbij daders hun slachtoffers binnen Nederland zoeken, pleegt binnen twee jaar opnieuw een delict. Vaak gaat het ook daarbij om een ernstig misdrijf.

                      Dat concludeert de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen in de Dadermonitor mensenhandel 2017-2021.

                      Het is voor het eerst dat de recidive bij deze vorm van mensenhandel is onderzocht. Bij binnenlandse seksuele uitbuiting gaat het om daders die hun slachtoffers in hetzelfde land zoeken als waar ze hen uitbuiten. In dit onderzoek betreft het voornamelijk Nederlandse daders en slachtoffers.

                      Hogere recidive
                      36 procent van de daders gaat binnen twee jaar opnieuw in de fout, 58 procent binnen vijf jaar en 65 procent binnen zeven jaar. Dat is aanzienlijk hoger dan de recidive onder volwassen daders van andere misdrijven: van hen gaat 26 procent binnen twee jaar weer in de fout.

                      Ook gaat het bij de recidive van daders van seksuele uitbuiting volgens het rapport vaak om ernstige delicten te gaan. Zo pleegt 28 procent binnen vijf jaar een vermogensdelict, 25 procent een geweldsdelict en 12 procent een drugsdelict, terwijl één op de tien zich wederom schuldig maakt aan mensenhandel.

                      Relatief jong
                      De daders van deze vorm van uitbuiting blijken ook relatief jong. Zo is een derde jonger dan 23 jaar, net als 42 procent van de recidivisten. Nationaal Rapporteur Conny Rijken vindt dat zorgwekkend. Ze wil dat er ‘een specifiek resocialisatieprogramma voor deze dadergroep’ komt dat ‘consequent wordt toegepast’.

                      Naast seksuele uitbuiting onderzocht de Nationaal Rapporteur ook arbeidsuitbuiting. Ze vindt het zorgelijk dat gemiddeld slechts acht van de honderd meldingen bij de Arbeidsinspectie leiden tot een opsporingsonderzoek. Een positieve ontwikkeling noemt de Nationaal Rapporteur de stijging van het aantal mensenhandelzaken dat door het Openbaar Ministerie in behandeling wordt genomen.

                      Bron: Parool >>

                      In reactie op: Ritueel misbruik #275826
                      Luka
                      Moderator

                        Dat satanisch misbruik bestaat, dat blijven zij geloven

                        Kindermisbruik Een rapport over georganiseerd sadistisch misbruik leidt tot teleurstelling bij de mensen die zeker weten dat het bestaat. Zelfs de term satanisme valt. Heeft de commissie genoeg haar best willen doen, vragen zij zich af.

                        Deze schilderijen zijn gemaakt door Tess Dribbel – een pseudoniem –, één van de geïnterviewden die aan de commissie-Hendriks over misbruik heeft verteld. Ze heeft geprobeerd haar trauma van zich af te schilderen.
                        Foto Tess Dribbel/bewerking NRC

                        Ze haalde het voorwoord, daarna moest ze het concept-rapport twee dagen wegleggen voordat ze verder kon lezen. Ze was er ondersteboven van. Beduusd.

                        Lees verder: NRC.NL >>

                      10 berichten aan het bekijken - 81 tot 90 (van in totaal 1,685)