Aangemaakte reacties
-
AuteurReacties
-
EMDR kan effectief zijn, mits juist uitgevoerd: ‘Ik werd opnieuw getraumatiseerd’

Therapeuten en coaches zonder de juiste papieren behandelen mensen met EMDR-sessies om van hun PTSS-klachten af te komen, bleek uit eerder onderzoek van Pointer. En dat gaat niet altijd goed. Daan: “Door die therapie voelde ik mij alleen maar slechter.” Pointer onderzoekt nu de wereld van EMDR-therapie en we zijn ook benieuwd naar jouw ervaring.
Daan (echte naam bekend bij de redactie) stapte naar een EMDR-coach om van haar trauma’s af te komen. Ze werd jarenlang als kind misbruikt door familieleden. Daan: “Naast seksueel misbruik was er ook sprake van marteling, opsluiting en emotionele verwaarlozing. En dat bijna 15 jaar lang.”
EMDR (Eye Movement Desensitization and Reprocessing) kan een effectieve traumabehandeling zijn voor mensen met PTSS (posttraumatische stressstoornis). Tijdens deze sessies moeten patiënten terugdenken aan een specifieke negatieve gebeurtenis terwijl ze met hun ogen de vinger van een behandelaar volgen of naar een bewegend balletje kijken. Hierdoor kunnen pijnlijke gevoelens die opkomen worden verminderd. Ook voor andere aandoeningen zoals angst en depressie zijn er signalen dat EMDR-therapie kan helpen.
Geen beschermde titel
Hoewel EMDR geen beschermde titel is, biedt de Vereniging EMDR Nederland (VEN) opleidingen aan voor psychologen, psychiaters en psychotherapeuten. Om erkenning te krijgen van de VEN als EMDR-behandelaar, zijn er strenge vooropleidingseisen en een speciale opleiding die zo’n 4 jaar duurt. Er zijn echter ook opleiders die beloven binnen 2 dagen te leren hoe je EMDR toepast.Dr. Simone Burger onderzoekt traumabehandelingen voor mensen met PTSS en psychoses aan de Vrije Universiteit Amsterdam: “Bij zo’n EMDR-sessie is het heel belangrijk dat iemand met de juiste expertise dat doet. Je moet teruggaan naar hele nare herinneringen, en tegelijkertijd veiligheid bieden. Als dat niet goed gaat, helpt het mogelijk niet. En dat weerhoudt iemand er misschien van om later wél een EMDR-sessie te doen met een erkende therapeut.”
HerbelevingenAls Daan naar een coach stapt om haar te helpen de nare herinneringen te verwerken, start die een EMDR-behandeling met haar, zonder dat diegene daar de erkende opleiding voor heeft gedaan.
Die EMDR-sessies verlopen niet zoals Daan hoopte. Tijdens de behandelingen kijken ze naar de rol van haar familie. “Als je zo behandeld wordt door je familie, geloof je dat het jouw schuld is geweest,” zegt Daan. “Door de deksel open te trekken en te moeten voelen dat ik niks waard was, kwamen er heftige emoties vrij, waar ik op dat moment niet mee kon omgaan.”
Ze krijgt volledige herbelevingen van het misbruik uit haar jeugd en weet ook eenmaal thuis niet meer hoe ze daaruit moet komen. En dan stopt haar coach met de behandeling, omdat die de sessies zelf als ‘te heftig’ ervaart.
Alleen maar zieker
Daan blijft alleen achter met de herbelevingen: “Eerst dacht ik dat het een teken was van hard werken, maar ik had niet door dat ik alleen maar zieker werd.”Volgens Chris Hoeboer, trauma-onderzoeker aan Amsterdam UMC, is dat nu juist wat het volgen van EMDR zonder gecertificeerde therapeut zo schadelijk kan maken. “Tijdens een goede EMDR-sessie leer je: ik kan deze gebeurtenis nu wél aan. Maar als je therapeut het zelf te heftig vindt, dan leer je dus: niemand kan mij helpen.”
Eindelijk erkenning
Naast de mogelijke herbelevingen of vroegtijdig afgeronde sessies kan een verkeerde diagnose ook een risico zijn. Hoeboer: “Misschien is iemand wel suïcidaal of heeft die een psychose. Iemand zonder serieuze opleiding kan dat niet diagnosticeren. Dan is een EMDR-sessie voordat dit is geadresseerd geen goed idee.”Uiteindelijk komt Daan bij een gecertificeerde psycholoog terecht die haar wel goed helpt. Ze schrijft zich op advies van de huisarts in voor een reguliere behandeling in de GGZ, en komt terecht bij een psycholoog die aangesloten is bij de VEN. Daan: “Zij weet echt hoe zwaar mijn worsteling is. Ik krijg bij haar eindelijk erkenning voor al mijn emoties.”
De coach, die anoniem wil reageren, laat weten te betreuren dat de therapie inderdaad is misgelopen.
Bron + terugluisteren uitzending: Pointer >>
Wat is het Ecosysteem Mentale Gezondheid? (GEM)
–
In dit minicollege legt Jim van Os uit het Ecosysteem Mentale Gezondheid (GEM) is. GEM werkt vanuit een nieuwe visie op psychisch lijden (door een andere bril kijken naar mentale problemen) en ziet wachtlijsten als een symptoom van een systeem dat transformatie behoeft.
Het GEM mini-college
GEM houdt zich sinds 2016 bezig met de uitdaging om de visie op en behandeling van psychisch lijden te moderniseren. Dit doen ze door vanuit De Nieuwe GGZ in co-creatie te bewijzen dat het kan, het te organiseren en te financieren in social trials die plaatsvinden in verscheidene plekken in het land, in het kader van IZA (het Integrale Zorgakkoord).Het is duidelijk dat het denken over psychisch lijden, het aanbod, de organisatie en financiering van zorgverlening hiertoe aanpassingen behoeft. Echter zonder de fundamenten van het zorgverzekeringsstelsel te veranderen. Het belangrijkste is dat iedereen in het ecosysteem uitgaat van dezelfde onderliggende waarden van menselijkheid, gelijkwaardigheid en samenwerking.
De GEM-gedachte is dat al deze verschillende vormen van zorg veel meer kunnen samenwerken met en leren van elkaar in een Ecosysteem Mentale Gezondheid.
Jim van Os vertelt wat de rol is van eCommunities
Voor GEM is duidelijk dat het denken over psychisch lijden, het aanbod, de organisatie en financiering van zorgverlening aangepast zullen moeten worden, te beginnen met de onderliggende waarden. Een essentieel onderdeel daarvan zijn natuurlijk de eCommunities, zoals beschreven in deze publicatie. eCommunities, zoals proud2bme.nl en psychosenet.nl zijn:Een online sociaal netwerk rond psychisch lijden, rijk uitgerust met informatie, zelfhulp en vele verschillende contactmogelijkheden, waar mensen met psychische klachten 24 x 7 naar toe kunnen gaan om verbinding te ervaren met lotgenoten, perspectief te krijgen en ‘aan de slag te gaan’.
Met daaromheen een schil van ervaringsdeskundigheid en professionele deskundigheid die op allerlei manieren flexibel en laagdrempelig, deels anoniem, ingezet kan worden voor behandeling.Gelijkwaardigheid en met respect voor elkaar
Dit gebeurt vanuit gelijkwaardigheid en met respect voor elkaars manier van werken. Met name dient de ‘stem van de patiënt’, te worden gehoord, zoals beschreven in dit essay:Ga naar het essay ‘De stem van de patiënt in de psychiatrie’
De partijen in het systeem gaan uit van dezelfde waarden: menselijkheid, elkaar helpen, niemand in de steek laten, samenwerken – en een model van psychisch lijden dat begint bij de context van de persoon en niet bij een diagnose van een ‘stoornis in het hoofd’.Bron: Psychosenet >>
16 februari 2026 om 20:10 In reactie op: Seksueel geweld en seksueel misbruik van mannen en jongens #282779‘1 op de 5 mannen zal in hun leven seksueel geweld meemaken’
Seksueel geweld tegen mannen is een groot maar onzichtbaar probleem. 1 op de 5 mannen krijgt er ooit in hun leven mee te maken. Toch duurt het gemiddeld twintig jaar voor dat ze erover praten. Het taboe is enorm en er is weinig beleid om dit bespreekbaar te maken en te bestrijden. Dat moet anders, stelt gemeenteraadslid voor GroenLinks in Amsterdam Kris van der Veen: “Seksueel geweld is niet alleen een probleem voor vrouwen, ook voor mannen en LHBTIQ+-ers”, zegt hij in De Nieuws BV.
MenAsWell, The Safe Space Club en het Landelijk Centrum Seksueel Geweld roepen de Nederlandse overheid op om zich meer in te zetten voor de veiligheid van mannen en jongens. “1 op de 5 mannen zal in hun leven seksueel geweld meemaken”, vertelt Thomas Garrod-Pullar, directeur van organisatie MenAsWell. Volgens hem is er “geen inclusieve ondersteuning” als het gaat om seksueel geweld. De ondersteuning richt zich voornamelijk op vrouwen. Hij benadrukt dat dit niet moet worden verminderd maar dat mannen en mensen van de LHBTIQ+-gemeenschap niet moet worden achtergesteld.
“We vinden het met elkaar niet echt een probleem”, zegt gemeenteraadslid voor GroenLinks in Amsterdam Kris van der Veen. “Er is een groot stigma waar mannen last van hebben.” Hij stelt dat mannen al snel te horen krijgen dat ze ‘toch altijd seks willen’. Een aanname die ontzettend schadelijk is voor slachtoffers en tevens het taboe in stand houdt. Dat zien we ook gebeuren: “Een derde van de mannen die seksueel geweld meemaakt, zal door nooit over praten”, vertelt hij.
LHBTIQ+-gemeenschap
Wanneer je als man tot de LHBTIQ+-gemeenschap behoort, komt er nog een extra drempel bij. “De gemeenschap richt zich op trots en daar past kwetsbaarheid vaak niet bij. Het is dan niet gebruikelik om te praten over seksueel geweld”, legt Van der Veen uit. En ook Thomas Gorrad-Pullar herkent dit: “Er is veel weerstand onder de LHBTIQ+-gemeenschap om hier openlijk over te praten.” Beide mannen zijn zelf deel van deze gemeenschap en hebben van eerste hand gemerkt hoe ingewikkeld deze gemeenschap is in het geval van seksueel geweld. Daar zijn ze allebei slachtoffer van geworden.Daarmee komt hun motivatie om dit probleem aan te kaarten tevens vanuit hun eigen ervaring. “Ik denk dat het super belangrijk is dat ik hier als man over praat zodat andere mannen kunnen zien dat ze niet alleen zijn”, vertelt Thomas Gorrad-Pullar. En dus vertelt hij hoe hij negen jaar geleden door een vreemde werd gedrogeerd met GHB, en vervolgens werd verkracht. Hij heeft uiteindelijk – na vele nare reacties uit de gemeenschap – hulp kunnen vinden en EMDR-therapie gevolgd.
Eigen ervaringen
Kris van der Veen was 16 toen hij erachter kwam dat hij op mannen viel. Hij ging op zoek naar mensen met een soortgelijke ervaring om te praten over deze – voor hem – nieuwe gewaarwording. Hij kwam in contact met een jongen van 16, maar dit bleek later een man van eind veertig te zijn. “Hij was niet uit op vriendschap maar op seks. Het was een eenmalige ervaring maar ik heb daar veel last van gehad”, zegt hij. Bij nieuwe dates merkte hij hoe hij niet kon genieten van de seksuele ervaring. “Gelukkig was er uiteindelijk een seksuoloog die me mijn brein met een aantal sessies – als een soort harde schijf – wist te resetten.”Beide wisten ze dus de weg naar de hulpverlening te vinden, maar ze benadrukken dat dit geen gemakkelijke opgave was. “Je moet overal vertellen: ‘Ik ben dus homo’. Dat was de hoogste drempel voor mij nog wel. Ik zat toen nog in de kast”, zegt Van der Veen. Gorrad-Pullar had geen goede ervaring met de instanties, die erg stigmatiserend reageerde. “Ik wist dat het niet mijn schuld was maar dat maakte het niet makkelijker”, vertelt hij.
Beleid
Ze hebben beiden ervaren hoe het taboe en het gebrek aan beleid hun ervaring nog veel moeilijk heeft gemaakt. En daarom pleiten ze voor verandering. “Ik hoop dat mensen woensdag met die gedachte gaan stemmen”, zegt Van der Veen. Een landelijke aanpak is cruciaal om aandacht te vragen voor seksueel geweld – ook bij mannen.Wat werkt bij de preventie van seksueel grensoverschrijdend gedrag en lhbtiq+ geweld?

Seksueel grensoverschrijdend gedrag en geweld tegen lhbtiq+ personen vormen een diepgeworteld maatschappelijk probleem met grote persoonlijke en sociale gevolgen. Rutgers en Movisie presenteren het nieuwe dossier ‘Wat werkt bij de preventie van seksueel grensoverschrijdend gedrag en lhbtiq+ geweld’. Daarin is alle wetenschappelijke kennis rond dit probleem gebundeld.
Het dossier en een handige infographic bieden professionals die aan preventie werken een overzicht van de kansrijke en werkzame manieren om seksueel grensoverschrijdend gedrag en lhbtiq+ geweld aan te pakken.
Wie raakt het en welke risicofactoren zijn er?
Seksueel grensoverschrijdend gedag en lhbtiq+ geweld kent vele vormen. Het kan fysiek of psychologisch zijn en het kan zich zowel online als offline afspelen. Seksueel grensoverschrijdend gedrag kan gaan over intimidatie in de publieke ruimte, maar ook over seksueel geweld in een intieme setting. Denk bij lhbtiq+ geweld aan intimidatie, pesten en discriminatie, of andere ongepaste handelingen die de waardigheid of integriteit van een persoon aantasten. Slachtoffers van seksueel grensoverschrijdend gedrag zijn vaak jonge vrouwen, meiden, biseksuele vrouwen, homoseksuele mannen en non-binaire personen.Het dossier beschrijft maatschappelijke en individuele risicofactoren. Ongelijkheid tussen mannen en vrouwen en machtsrelaties spelen een belangrijke rol bij seksueel grensoverschrijdend gedrag. Plegers onderschrijven vaak schadelijke genderstereotypen, en hebben relatief vaak negatieve jeugdervaringen en gebrekkige communicatieve vaardigheden. Ook is vaak sprake van middelengebruik, met name alcohol. Ook geweld tegen lhbtiq+ personen komt voort uit stereotiepe opvattingen over mannelijkheid en vrouwelijkheid, en in een cultuur waarin diversiteit niet wordt geaccepteerd.
Wat werkt?
Het dossier beschrijft effectieve elementen in preventieprogramma’s voor jongeren tussen 10 en 25 jaar, en richt zich specifiek op deze doelgroep omdat preventie bij jongeren het meest effectief is.
Essentieel is om te voorkomen dat jongeren pleger worden van seksueel grensoverschrijdend gedrag of lhbtiq+ geweld. Om dit te bereiken, zijn verschillende dingen nodig, bijvoorbeeld:Jongeren leren hoe ze positieve en gelijkwaardige relaties kunnen onderhouden met leeftijdsgenoten, en dat iedereen zichzelf mag zijn;
Jongeren leren hoe ze kunnen communiceren over seks, zoals het afstemmen van wensen en grenzen;
Professionals die met jongeren werken creëren een veilige setting;
Professionals die met jongeren werken bespreken en doorbreken stereotiepe en schadelijke gendernormen.Daarnaast laat het dossier zien welke interventies vaak slagen in het voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag en lhbtiq+ geweld. Dit zijn interventies die planmatig zijn ontwikkeld en gebaseerd zijn op wetenschappelijk onderzoek, en afgestemd zijn op de behoeften, wensen en kenmerken van de doelgroep. Daarnaast is het belangrijk dat interventies vaak worden herhaald en uitgevoerd worden door deskundigen.
Het dossier concludeert dat een integrale benadering, waarin meerdere van de hierboven genoemde kansrijke elementen worden gecombineerd, de beste aanpak is om seksueel grensoverschrijdend gedrag en lhbtiq+ geweld te voorkomen.
Versterk positieve relaties en communicatieve vaardigheden
Javier Koole, onderzoeker bij Rutgers: ‘Om seksueel grensoverschrijdend gedrag en lhbtiq+ geweld te voorkomen, is het versterken van positieve relaties en communicatieve vaardigheden zoals het afstemmen van wensen en grenzen cruciaal. Als jeugdprofessional kan je dit meegeven door het goede voorbeeld te zijn en door deze thema’s te bespreken in een veilige setting . Hierdoor krijgen jongeren de tools om elkaar meer te ondersteunen en help je hen bij het aangaan van veilige en fijne seksuele ontmoetingen.’Jolien Geerlings, senior onderzoeker Aanpak Discriminatie bij Movisie: ‘Mijn advies is om preventie van grensoverschrijdend gedrag te richten op het doorbreken van genderstereotypen en het versterken van sociale interacties. Daarmee bestrijd je niet alleen grensoverschrijdend gedrag, maar draag je ook de norm uit dat ideeën over mannelijkheid en vrouwelijkheid beperkend zijn voor iedereen: vrouwen, lhbtiq+ personen en mannen. Zo sla je dus meerdere vliegen in één klap.’
Bron: Movisie >>
Samen helen: als man naast iemand staan die seksueel geweld meemaakte

Partner zijn van iemand die seksueel geweld heeft meegemaakt vraagt aandacht, veerkracht en zelfreflectie. Stijn Schenk vertelt over zijn ervaringen, de uitdagingen die hij tegenkwam en de inzichten die hem hielpen om te begrijpen wat het betekent voor mannen om naast iemand te staan die seksueel geweld heeft meegemaakt.
Mannen die partner zijn van iemand met een verleden van seksueel geweld hebben niet veel houvast hoe ze moeten reageren. Ze ervaren op een gecompliceerde manier schuld en schaamte. Zelf kwam hij hiermee in aanraking toen zijn partner hem vertelde over een verkrachting die ze als jongvolwassene had meegemaakt. ‘Het veranderde alles: mijn zelfbeeld, mijn energie, onze interacties. Onze gevoelswerelden waren daarvoor sterk verweven, maar nu voelde ik mij plots een buitenstaander. Er speelden heel veel emoties maar ik kon ze nauwelijks benoemen. Dat schepte een vreemde afstand. In het begin voel je je ook slachtoffer, daarna ga je op zoek naar empowerment. Voor de ander en voor jezelf’
Leren begrijpen en verbinden
Stijn verdiepte zich in de impact van seksueel geweld. Hij werkte samen met anderen aan beeldverhalen en strips om de complexiteit van gevoelens begrijpelijk te maken. En meer grip te krijgen. Daaruit ontstond onder andere een boekje over mannelijkheid en de toolkit Samen Helen, gericht op partnerondersteuning (zie kader).‘Het trauma van je geliefde is een uitnodiging om je eigen kwetsbaarheid te onderzoeken,’ legt Stijn uit. ‘Het gaat erom je zelf en de ander in zijn kracht te blijven zien. En er oké mee te zijn dat jullie beide voor jullie zelf mogen zorgen. De pijn, de angsten, schuld, schaamte en de oordelen hoeven daarbij dan niet te worden weggeduwd. Dat wat er is moet er ook mogen zijn.’
Intimiteit en consent
Een grote uitdaging waarover, ook in de hulpverlening, maar weinig gepraat wordt is de omgang met intimiteit. Wanneer dit wel ter sprake komt is het advies meestal om het rustig aan te doen en het initiatief aan de getroffenen te laten. ‘Dit is een lief bedoeld advies maar het werkt maar ten delen’, zegt Stijn. ‘Vaak komt er zo enorme spanning op het initiatief te liggen. En dat levert extra stress op. Onder hoogspanning kun je niet echt contact maken. Het gaat erom terug te gaan naar de basis. Eerst ontspannen, dan voelen, dan nieuwsgierig zijn, dan pas actie. De focus bij intimiteit komt te liggen op instemming en afstemming. Zo ontdek je wat er samen mogelijk is.’De zoektocht naar mannelijkheid
Wat betekent dit alles voor mannen? ‘Veel mannen worstelen met emoties, zoals boosheid en behoefte aan controle’, vertelt Stijn. ‘Sommige mannen trekken zich terug uit de relatie. Vaak omdat ze niet goed weten hoe ze met het trauma moeten omgaan. Maar, legt Stijn uit, ‘realiseer je dat je iemand nooit kunt helen, maar je kunt wél een veilige omgeving creëren,’ legt hij uit. ‘Mannen willen graag oplossen. Maar, geen druk uitoefenen, ruimte geven, zelf kwetsbaar blijven, eigen verantwoordelijkheid, samen onderzoeken en rust creëren, ook dat is oplossen.’Praktische handvatten uit de toolkit Samen helen
De toolkit Samen Helen, de reis van jullie leven biedt partners van slachtoffers van seksueel geweld concrete ondersteuning. Deze gids richt zich op het gezamenlijk verwerken van trauma, met aandacht voor de veranderende dynamiek in de relatie. Het benadrukt het belang van het onderzoeken van de relatie en de impact van trauma, het bespreken van behoeften en grenzen, en het creëren van veiligheid. Er is ook een handzaam boekje verschenen ‘elkaar steunen’.Rouwen en emoties erkennen
Partners ervaren ook een vorm van rouw. ‘Het is oké om soms even afstand te nemen, bijvoorbeeld een avond in de kroeg met vrienden. Onder een laag stoere praat komen alsnog je emoties naar buiten,’ legt Stijn uit. ‘Een trauma verwerken is niet altijd in stilte en met tranen. Boosheid en behoefte aan controle zijn normale reacties. Het gaat erom deze emoties te erkennen zonder dat ze de ander schaden. Het is voor beiden een storm en iedereen heeft daarin eigen manieren om af en toe weer op te laden. Zolang het niemand schaad is er niets mis met een avond in de kroeg’.
Verbinding en autonomie
Balans vinden tussen eigenheid en rekening houden met het trauma van je partner is cruciaal. ‘Het voelt soms alsof je op eieren loopt, maar het is belangrijk dat je ook oog houdt voor je eigen behoeften. Zo creëer je veiligheid, blijf je verbonden en verlies je je zelf niet. Je kunt niet alles oplossen, maar je kunt er wél zijn. Samen werken om verbonden te blijven is wat telt.’‘Je kunt niet alles oplossen, maar je kun er wel zijn zodat de ander ruimte heeft om zaken op te lossen’
Van chaos naar voelen
Stijns persoonlijke boodschap is duidelijk: ‘Sta stil bij wat er op dit moment speelt. Je hoeft niets op te lossen of meteen tevreden te zijn. Wat gebeurt er als je niets doet? Wat voel je? Zo leer je jezelf beter kennen.’ Hij benadrukt dat een relatie niet draait om prestaties, maar om het samen beleven van het leven. ‘Het gaat om het geheel: hoe jullie omgaan met uitdagingen, elkaar steunen en verbinding houden. Het is belangrijk dat je de momenten van contact en nabijheid bewust ervaart en voelt wat goed is voor jullie beiden.’
Een bredere oproep
Voor mannen, partners en hulpverleners geldt dat gendersensitief werken betekent: luisteren, waarnemen en ruimte geven. Richt de behoefte van veel mannen om problemen te willen oplossen op het creëren van rust en veiligheid. Het gaat niet alleen om ‘actie en doen’; je kunt juist veel betekenen door er simpelweg te zijn. De onmacht die veel mannen voelen is niet nodig, mits ze openstaan voor emoties. Want uiteindelijk is het samenzijn met iemand van wie je houdt prachtig, en dat mag ook gewoon elke dag gevierd worden, besluit Stijn.Bron: Movisie >>
Kan seksueel trauma invloed hebben op de vruchtbaarheid? Deze journalist onderzocht het
Het is een bekend feit dat seksueel geweld in het verleden psychologische en fysieke effecten heeft, maar zou het ook het voortplantingssysteem kunnen beïnvloeden? Journalist Emily Steer onderzoekt het.
*Namen zijn veranderd om de anonimiteit van deze personen te beschermen.
‘Adem gewoon en probeer te ontspannen, het is normaal dat dit pijn doet.’ Ik lig op mijn rug, omringd door verpleegsters in lood röntgen schorten. Sommigen staren naar de monitor boven mijn torso, terwijl anderen tussen mijn benen kruipen. Ik ga een hysterosalpingogram ondergaan, beter bekend als een HSG. Ik heb online horrorverhalen gelezen over de pijn van dit onderzoek, waarbij inkt door de eileiders wordt gespoten om te controleren op blokkades.
Een verband tussen seksueel trauma en vruchtbaarheidsproblemen
Ik voel een scherpe prik van het speculum, dan overspoelt een bekend gevoel me: absolute gevoelloosheid. Mijn geest heeft mijn lichaam verlaten. Ik schaam me als een verpleegster mijn arm streelt en me vertelt dat ik dapper ben. ‘Ik ben niet dapper’, zeg ik haar, ‘ik voel gewoon niets.’
Deze gevoelloosheid is niets nieuws voor mij. Sinds ik in mijn late tienerjaren werd verkracht, is mijn lichaam van hyperseksualiteit naar verdoofde dissociatie gegaan. Wat nieuw was op dat moment, was de connectie die ik maakte tussen mijn seksuele trauma en vruchtbaarheidsproblemen.
Op dat moment probeerden mijn partner en ik al bijna twee jaar een kind te krijgen. Dit was de laatste in een reeks tests die aantoonden dat er fysiek niets mis was. Hoewel de HSG voor iedereen anders aanvoelt, kon ik na mijn vertrek niet stoppen met denken aan die alomtegenwoordige gevoelloosheid. Ik heb het ervaren tijdens seks met veilige, liefdevolle partners. Het was er via uitstrijkjes en bekkenscans, alsof de zenuwuiteinden van de onderste helft van mijn lichaam waren gekrompen. Hoewel jarenlange therapie tot een vorm van psychologische rust heeft geleid, zit ik fysiek nog steeds soms vast.
Kan seksueel trauma invloed hebben op vruchtbaarheid?
Seksueel geweld uit het verleden veroorzaakte intense pijn tijdens seks, verhoogde cortisol, slapeloosheid, chronische spijsverteringsproblemen en PTSS. Zou het ook de kracht kunnen hebben om het voortplantingssysteem te beïnvloeden?

Blijkbaar wel. Tijdens ons volgende consult vertelde mijn arts me dat ze vaak onverklaarde onvruchtbaarheid ziet bij patiënten die verkracht zijn. Waarom wordt het dan niet openlijk besproken als onderdeel van vruchtbaarheidsplanning? Naar schatting is één op de vier vrouwen in het VK seksueel misbruikt en het trauma dat daarna komt, kan net zo slopend zijn.
Toen ik het onderzocht, vond ik verschillende onderzoeken die suggereerden dat er een verband is. Een uit 2020 stelt dat overlevenden van seksueel misbruik twee keer zoveel kans hebben op problemen met hun vruchtbaarheid, waarbij angst voor regelmatige seks, een hoger percentage endometriose onder overlevenden van misbruik en een hoger percentage vroegtijdig verlies van haarzakjes worden genoemd.
Een doods gevoel
De geïnterviewden spraken over fysieke pijn die niet als hun eigen pijn voelde; een gevoel van dood in hun lichaam; en het geloof dat er iets slechts was aan hun seksualiteit. Hoewel niet elke overlevende van misbruik gedoemd is om te worstelen met vruchtbaarheid, lijkt het de kans zeker te vergroten.
Verkrachting vernietigt het potentieel van seks als iets creatiefs en wederzijds. Voor mij voelde het als een straf voor mijn seksualiteit, die op dat moment een euforische nieuwe kracht in mijn lichaam was waar ik van wilde genieten. Deze verdraaiing van de plezierige mogelijkheid van seks wordt verergerd door het sociale stigma. In de VS nemen politici tegelijkertijd het recht om abortus te kiezen af en willen ze IVF verbieden. Beide ontkennen reproductieve autonomie en maken natuurlijke lichamelijke verlangens beschamend.
Het stigma van seksueel trauma in combinatie met de verschrikkingen van onvruchtbaarheid kan een angstaanjagend onderwerp zijn om aan te snijden. De vrouwen met wie ik over de link heb gesproken, legden de connectie aanvankelijk zelf, in plaats van dat ze door hun medische professionals op de hoogte werden gebracht van mogelijke uitdagingen. Er staan tientallen berichten op Reddit waarin voorzichtig wordt gevraagd of iemand anders zich geketend voelt door trauma tijdens de fundamenteel lichamelijke ervaring van het proberen om een baby te krijgen. Sommigen maken zich zorgen dat zelfs het stellen van deze vraag een vorm van victim blaming is, omdat ze de slopende gevolgen dragen van geweld dat niet hun schuld was.
Overlevenden van seksueel misbruik hebben twee keer zoveel kans om problemen met hun vruchtbaarheid te ervaren
Voor Kate*, die als tiener en jongvolwassene werd verkracht, was de ervaring van IVF een eyeopener. Tijdens een interne scan realiseerde ze zich dat ze zich distantieerde en als ze terugkijkt naar haar eicelpunctie, denkt ze dat ze fysiek losgekoppeld was door het proces. ‘Ik had het gevoel dat ze me hadden besmet’, vertelt ze me, als ze het heeft over de mannen die haar aanvielen. ‘Mannenlichamen gaan in dingen op. Die fysieke representatie is nog steeds iets dat me triggert. Na de eicelpunctie realiseerde ik me dat ik niet fysiek verbonden was met wat ik deed; ik voelde me heel mechanisch. Ik ben naar zoveel baarmoederworkshops geweest waar ze het hadden over verschillende sensaties, en ik weet niet eens hoe ik die gevoelens moet hebben. Ik heb geen connectie met dat deel van mezelf. Pas sinds kort besef ik dat.’
Twijfel en hyperalertheid
Ze vertelt me dat de verkrachtingen, die ze haar hele volwassen leven heeft verwerkt, haar haar waarde als vrouw deden twijfelen. Het plaatste haar ook in een positie van hyperalertheid, verergerd door daaropvolgende, emotioneel misbruikende relaties. ‘Als dat is waar mijn lichaam zich bevindt, constant in een staat van bevriezing, is het niet alsof mijn eieren van mij gescheiden zijn.’

Kate heeft het verband inmiddels met haar arts besproken, die het ermee eens is dat trauma alleen onze essentiële functies volledig kan laten functioneren, waardoor energie wordt afgeleid van het voortplantingssysteem. Kate werkt met een therapeut en sinds haar eicelpunctie is ze begonnen met een bewuste benadering van haar lichaam, waarbij ze regelmatig controleert of ze in een staat van hyperalertheid verkeert. ‘Er verandert absoluut iets’, zegt ze. ‘Ik ben veel langzamer geworden.’
Sophie* werd ook verkracht toen ze eind tiener was. Toen ze twaalf jaar later probeerde een kind te krijgen, had ze het trauma verwerkt in therapie en met een ondersteunende partner die sinds de aanval bij haar is. Maar de druk om elke maand op een bepaald tijdstip seks te hebben, was verrassend genoeg triggerend. ‘Ik worstelde met het gebrek aan zeggenschap’, legt ze uit. ‘We hebben echt ons best gedaan om seks leuk te maken, en niet als een klusje. Maar uiteindelijk sluipt er een element van binnenuit, dat je op bepaalde tijden seks moet hebben. Ik vond het voorschrijven daarvan echt moeilijk, ook al was het een keuze, en het was met de persoon van wie ik hield.’
Miskramen
Voordat ze in 2022 beviel van haar dochter, had Sophie zes miskramen. Naast het immense verdriet vond ze de interne peilingen en het gebrek aan waarschuwingen over wanneer deze zouden worden gebruikt, ongelooflijk triggerend. ‘Er is een intens gebrek aan medeleven in die situaties. Zo niet verbaal medeleven, dan is het gewoon niet verteld worden wat er gaat gebeuren. Dit idee van open moeten zijn wanneer je dat wilt.’
Haar eerste miskraam vond thuis plaats, na een inleiding toen er geen hartslag kon worden gevonden. Ze beschrijft dit als een keerpunt. ‘Het is een inherent traumatische ervaring, maar ik voelde me ook heel krachtig, dat het trauma me niet zou breken.’ Tijdens haar zevende zwangerschap had Sophie wat bloedverlies en één scan waarbij de hartslag van haar dochter vijf minuten lang niet te detecteren was. ‘Toen ze het hadden gevonden, dacht ik nog: Ik kan niet langer met deze angst leven. Als het ergste gebeurt, wordt het hoe dan ook vreselijk.’
Tijdens deze zwangerschap waren fysieke handelingen zoals perineale massage een pijnlijk indringende herinnering aan de verkrachting. ‘Het was alleen mogelijk dankzij de band die ik en mijn partner hebben’, vertelt ze me. Sophie geeft hypnobirthing en haar vroedvrouw de eer voor het creëren van een beschermende ervaring rond de geboorte. ‘Ik vertelde haar dat ik een overlever was en dat ik er zeker van was dat het invloed zou hebben op mijn zwangerschap en bevalling.
Ze tekende heel lief hartjes onder mijn naam en zei: “Als een van mijn meisjes zwanger is, weten ze dat je extra zorg nodig hebt.” Er zijn heiligen verspreid door de NHS (National Health Service). Ik herinner me de ondragelijke pijn, maar ik dacht ook: ik heb zoveel ergere dingen overleefd en ik ga onze dochter ontmoeten. Het was een echte herovering: dit is niet iemand die zichzelf in mij opdringt, dit is ik die de persoon naar buiten duw van wie ik het meest ga houden in de wereld.’
Er zijn heiligen verspreid door de NHS. Ik herinner me de ondraaglijke pijn, maar ook de gedachte, ik heb zoveel erger overleefd dan dit
Met nog steeds beperkt onderzoek op dit gebied, worden gesprekken vaak geleid en bepleit door degenen die met het trauma leven in plaats van de systemen die er zijn om voor hen te zorgen. Overlevenden vertellen om ‘te ontspannen en het lichaam te laten doen waarvoor het gemaakt is’ – iets dat ik vaak heb gehoord van goedbedoelende stemmen – negeert de enorme uitdaging die bestaat in het simpelweg loslaten en je veilig voelen in het lichaam na verkrachting. Het moedigt ook nog meer gevoelens van falen aan als ‘gewoon ontspannen’ niet werkt.

Mentale gezondheid
Charlotte Bramley is een NHS-mamamanager die toezicht houdt op de bescherming en een team van vroedvrouwen die kwetsbare vrouwen verzorgen. Ze runt ook My Body Back, een dienst die baarmoederhalskanker-onderzoek, soa-testen, anticonceptie en kraamzorg aanbiedt voor mensen die seksueel geweld hebben meegemaakt. ‘Wat betreft het verband tussen vruchtbaarheid en historisch seksueel misbruik, denk ik dat veel ervan te maken heeft met mentale gezondheid, misschien ongediagnosticeerde symptomen, zoals angst’, legt ze uit.
‘We weten hoeveel stress en angst ons lichaam beïnvloeden. Veel vrouwen die we zien die nog niet zwanger zijn, maken zich ook zorgen dat ze zo beschadigd en getraumatiseerd zijn dat ze tijdens de zwangerschap ernstige mentale gezondheidsproblemen zullen ervaren of een vreselijke ouder zullen zijn. Wat vruchtbaarheid betreft, is er vaak de vraag: “Kan ik überhaupt zwanger worden?”, “Zal dat meer problemen veroorzaken?”. Vrouwen die we in het verleden hebben gezien, hebben de diagnose vaginisme gekregen, waardoor het moeilijk kan zijn om zwanger te worden. Sommige mensen zeggen dat ze bij de gedachte aan zwangerschap de baby eruit willen scheuren omdat ze zich zo vies voelen.’
Charlotte ziet veel vrouwen voor wie het gebrek aan controle bij vruchtbaarheidsplanning ongelooflijk traumatisch kan zijn. Na seksueel geweld verlangen veel overlevenden naar een gevoel van controle over hun lichaam. ‘Zwanger worden ligt uiteindelijk buiten onze controle’, voegt ze toe. ‘We praten hier veel over in onze klinieken. Hoe kunnen we dat vertrouwen teruggeven aan vrouwen die trauma hebben meegemaakt?’
De kans op hertraumatisering verkleinen
Het is belangrijk dat medische professionals patiënten niet onder druk zetten om een geschiedenis van seksueel misbruik te onthullen, en Charlotte moedigt haar collega-vroedvrouwen aan om iedereen een trauma-geïnformeerde benadering te geven. My Body Back voert later dit jaar een audit uit, met als doel om vroedvrouwen in de hele NHS aanvullende training aan te bieden. ‘Hoe kunnen we de kans op hertraumatisering verkleinen? Moeten we overwegen om alle vroedvrouwen te adviseren om alle vrouwen te behandelen alsof ze mogelijk een trauma hebben gehad? Ik bedoel niet om ze te onderzoeken, maar de basisprincipes van het behandelen van iedereen met vriendelijkheid en medeleven en echt nadenken over de taal die we gebruiken.’
Platforms als My Body Back brengen wat hoop in een medisch systeem dat maar al te vaak blind lijkt voor de immense impact van trauma. Het kan ongelooflijk pijnlijk zijn om te erkennen dat zo’n wrede en schrijnende ervaring uit het verleden nog steeds van invloed is op belangrijke momenten in het leven. Maar door deze nagalm openlijk en met empathie te bespreken, kunnen we meer medelevende, geïnformeerde beslissingen nemen terwijl we erdoorheen navigeren.
Bron: Elle.com >>
Dit is waarom we seksueel geweld binnen relaties niet mogen vergeten
:format(jpeg):background_color(fff)/https%3A%2F%2Fwww.bedrock.nl%2Fwp-content%2Fuploads%2F2023%2F12%2Fseksueel-geweld-1.jpg)
Seksueel geweld vindt op verschillende manieren plaats. Vaak wordt er gedacht dat de aanstichter van een aanranding of verkrachting een vreemde is, maar dit hoeft helemaal niet het geval te zijn. Verkrachting vindt namelijk ook plaats binnen relaties.
In 1991 werd verkrachting, oftewel seksueel geweld, binnen het huwelijk strafbaar gesteld in Nederland. Daarvoor was het hebben van seks met je partner één van de echtelijke verplichtingen. Zelfs wanneer één van de twee partners geen toestemming gaf voor de geslachtsgemeenschap.
Seksuele zelfbeschikking
Aan het eind van de jaren zestig verkondigden Nederlandse feministen dat seksueel geweld vaak binnen het huwelijk plaatsvond. Dit had alles te maken met de ongelijke machtsverhouding tussen mannen en vrouwen, juist ook binnen seksuele relaties. Vrouwen moesten volgens hen vrij over hun lichaam kunnen beschikken, en zelf kunnen uitmaken met wie ze seks hebben en wanneer.In 1991 werd de wet zodanig aangepast dat verkrachting binnen het huwelijk strafbaar werd. Daarnaast werd de definitie van dwang uitgebreid, geweld of de dreiging ervan werd vanaf toen niet meer als enige dwangmiddel gezien.
Vormen van seksueel geweld
Er zijn verschillende vormen van seksueel geweld binnen een relatie. Zo kan er sprake zijn van fysieke dwang, maar de man kan ook een sociale of normerende druk uitoefenen. De man eist bijvoorbeeld seks omdat hij dit als een plicht ziet binnen de relatie of omdat hij veel geld uitgeeft aan zijn vrouw en daar seks voor terug verwacht. Vrouwen gaan er vaak in mee om ruzie en geweld te voorkomen, of uit angst.Boosheid, vijandigheid, wraak of vernedering zijn beweegredenen voor mannen wanneer het op seksueel geweld aankomt. Daarnaast zijn er mannen die hun seksuele bevrediging willen afdwingen en controle over hun partner willen verkrijgen. Verder wordt een klein percentage mannen als obsessieve of sadistische verkrachters beschouwd. Zij willen extreme of perverse seks uitoefenen of vanuit lust hun partner pijn doen.
Gevolgen
Slachtoffers van seksueel geweld binnen een relatie hebben verschillende lichamelijke klachten. Daarnaast zijn zeer ernstige psychologische problemen en stoornissen een gevolg, depressies en het post traumatisch stress syndroom (PTSS) komen bijvoorbeeld vaak voor. Uit onderzoek blijkt zelfs dat slachtoffers een hoger risico lopen op het plegen van zelfmoord en moord.Wanneer seksueel geweld in combinatie met fysieke en geestelijke mishandeling plaatsvindt, zijn de gevolgen nog heftiger en ernstiger. Het kan op lange termijn zelfs zorgen voor een verandering in de persoonlijkheidsstructuur.
Groeiend bewustzijn
In België worden er de laatste jaren steeds meer meldingen van aanranding of verkrachting binnen een relatie gedaan bij de politie. Volgens expert partnergeweld Helen Blow is dit mogelijk het gevolg van een groeiend bewustzijn. “Door zaken als #MeToo zien mensen in dat aanranding en verkrachting niet tolereerbaar zijn, ook niet binnen vaste relaties”, vertelt ze.Ines Keygnaert (UGent), nationaal coördinator van de Zorgcentra na Seksueel Geweld (ZSG), vertelt dat seksueel partnergeweld melden lang een taboe is geweest. “Bij onze partner is het moeilijker om het als geweld te zien. Als die zin heeft in seks en zich opdringt, gaan velen denken dat ze dat moeten accepteren”, zegt Keygnaert. Desalmiettemin is er altijd sprake van grensoverschrijdend gedrag wanneer er geen wederzijdse toestemming is en de seksuele handeling tegen iemands wil in gaat.
Hulp zoeken bij seksueel geweld
Wanneer jij vindt dat er sprake is van seksueel geweld, is het verstandig om professionele hulp te zoeken. In Nederland kunnen slachtoffers van seksueel geweld terecht bij een Centrum Seksueel Geweld. Er zijn er zestien door heel Nederland. Slachtoffers van seksueel geweld krijgen hier alle benodigde zorg en aandacht op één plek. Dit bestaat onder andere uit een sporenonderzoek en medische en psychische hulp.Bron: Bedrock >>

Als gezond leven een ongezonde obsessie wordt: ‘Ik moest van mezelf minimaal 25.000 stappen per dag zetten’
Sporten is gezond, net als een beetje op je voeding letten, maar wat als het een obsessie wordt? Mensen met Body Dysmorphic Disorder (BDD) streven zo fanatiek naar een gezond leven, dat het ongezonde vormen aanneemt.
“Zelfs op vakantie kon ik niet stoppen. Terwijl anderen bij het zwembad zaten, was ik rondjes aan het lopen in m’n kamer.”
Psychiater Nienke Vulink werkt in het Amsterdam UMC, locatie AMC op de afdeling angst- en dwangstoornissen. Zij verdiepte zich de afgelopen jaren in Body Dysmorphic Disorder (BDD). “Orthorexia, sportverslaving, anorexia athletica of bigorexia. Hoewel ze een net iets andere uitwerking hebben, valt het allemaal onder de paraplu van Body Dysmorphic Disorder (BDD).”
Sociaal geaccepteerd
“Bij BDD is er sprake van een lichaamsbeeldstoornis. Dat zijn bijvoorbeeld eetstoornissen als anorexia en boulimia, maar BDD-patiënten hebben vaak een nog “waanachtiger beeld” van hun eigen lijf en de sterkte van die overtuiging is ook nog groter. Ook wetenschappelijk onderzoek laat zien dat er overeenkomsten, maar ook verschillen zijn in de manier van waarneming bij patiënten met BDD en eetstoornissen”, aldus Vulink. Volgens haar heeft 80 tot 90 procent van de BBD-patiënten een zeer sterke overtuiging dat er met hun uiterlijk iets mis is. “Bij bijvoorbeeld de musculodysfore stoornis is men overmatig bezig met het behalen van spiermassa. Waarbij gedragingen dwangmatig worden, zoals sporten of diëten, en psychisch lijden ontstaat. Zoals angstklachten of disfunctionaliteit.”
Over sportverslaving en andere vormen van BDD, is vrij weinig bekend. Er is volgens Vulink weinig onderzoek hiernaar gedaan. Hoe dat komt? “Deze aandoening streeft naar gezond gedrag. Dat wordt in onze maatschappij aangemoedigd en sociaal geaccepteerd. Wanneer dit gezonde gedrag van sporten overgaat in problematisch gedrag, wordt dit niet voldoende herkend of erkend.” Volgens de psychiater zijn sportscholen de plek waar mensen met BDD-neigingen, specifiek dit subtype musculodysfore stoornis, zich begeven. “Sportinstructeurs herkennen het wel, maar het is moeilijk om deze mensen in de spreekkamer te krijgen.”
Doorslaan
Veel trainen of een gezonde leefstijl, wanneer wordt zoiets problematisch? “Middelengebruik, dwangmatig diëten of belemmeringen in het dagelijks leven, zijn zorgelijke ontwikkelingen. Maar als iemand iedere dag in de sportschool verschijnt, is dat ook al een signaal om in gesprek te gaan en vragen te stellen”, aldus Vulink.
De Haarlemse Mieke Terlouw (40) durft inmiddels eerlijk toe te geven dat ze met een sportverslaving worstelde. Ze schreef het boek de In de waan van het Leven over de zelfmoord van haar vader en de impact daarvan op haar leven. Haar sportverslaving begon zo’n tien jaar geleden. “Ik had toen net een fase van feesten en drugs achter de rug. De prikkels en afleiding die ik eerder uit het uitgaan haalde, vond ik vervolgens in marathons. Ik wilde gezond zijn, ging veel trainen en sloeg daarin compleet door. Sporten werd mijn oplossing voor alles. Zelfs als ik blessures had, moest ik van mezelf doorgaan.”

‘Doe even relaxt’
Door zo obsessief met sport en haar lichaam bezig te zijn, was het makkelijker voor Terlouw om haar verdriet te negeren. “Zoals dat vaak bij verslavingen gaat, wil je bij een sportverslaving zo min mogelijk voelen. Ik wilde daarom nooit niets doen, want dan kwamen er allerlei gedachten en gevoelens naar boven. Daardoor kreeg ik steeds meer drang om te sporten. Soms wel drie uur per dag. En als ik op vakantie niet genoeg bewoog, kon ik amper ontspannen.”
Mensen in de omgeving van Terlouw verbaasden zich over haar sportdrang. “Het draaide allemaal om calorieën verbranden en endorfines aanmaken. Vrienden zeiden soms tegen me: ‘Doe even relaxt’. Dan wimpelde ik dat af en vond ik hen ongedisciplineerd.”
Maar het overmatige sporten eiste zijn tol bij Terlouw. “Ik kreeg last van m’n rug en knieën. En ondanks verschillende klachten bleef ik hardlopen en krachttraining doen. Mijn rug riep eigenlijk tegen me: ‘Stop!’ Terlouw vertelt dat ze liever aan drugs verslaafd was geweest dan aan sporten. Waarom? “Bij drugs weten we allemaal dat het slecht voor ons is, maar rondom sporten hangt een ander imago. Daarnaast kun je van drugs afkicken en het nooit meer aanraken. Maar nooit meer sporten is dan ook weer niet echt gezond. Je moet dus leren omgaan met het middel waaraan je verslaafd bent.”
Hartklachten
De Friese Marit Dijkstra (24) zit eigenlijk nog middenin die worsteling waar zowel Vulink als Terlouw over vertellen. “Ik heb een vertekend lichaamsbeeld, bewegingsdrang en dwang en een eetstoornis.” Een strijd die ze nu al zo’n vier jaar voert. “Extreem sporten”, noemt Dijkstra haar bewegingsdrang. “Ik moest van mezelf minimaal 25.000 stappen per dag zetten, ging soms uren wandelen, hardlopen, voetballen en mocht amper zitten. Maar het nam vormen aan waardoor ik het zelf niet meer leuk vond. “Ik was alleen nog maar bezig met: ‘Hoeveel verbrand ik?’ ‘Hoeveel loop ik?’ Het bewegen ging voor alles. Met mensen afspreken, vermeed ik zoveel mogelijk. En als het slecht weer was of ik toch een drukke agenda had, dan was er paniek.”
“Toen ik vorig jaar een groepsreis maakte naar Zuid-Afrika, kon ik me eigenlijk alleen maar druk maken om het stilzitten in het vliegtuig of tijdens de safari. Terwijl anderen bij het zwembad zaten, was ik rondjes aan het lopen over het terrein of in m’n kamer.” Dijkstra verloor veel gewicht, maar kreeg ook last van haar gewrichten, spieren, hartklachten en was oververmoeid. “Mensen in mijn omgeving vertelden me natuurlijk dat ik moest minderen, maar het lukte me niet.” Toen haar hartklachten nog extremer werden, concludeerde een cardioloog dat het hart van Dijkstra de inspanningen niet aankon. “Ik moest abrupt stoppen met bewegen en mag nu nog beperkt wandelen. Maar onder de 10.000 stappen per dag komen is voor mij geen optie. Eigenlijk nog steeds niet.”
Dijkstra vertelt dat het stoppen met sporten voor haar dubbel is. “Ik heb in eerste instantie heel veel gehuild. Aan de ene kant voelde ik paniek, maar aan de andere kant ook opluchting. Ik was er namelijk zo klaar mee, maar ik kon niet stoppen.”
Oorzaken
Psychiater Vulink legt uit dat BDD vaak voortkomt uit een aantal factoren. Genetica, trauma en persoonlijkheid spelen daarbij een rol. “Rond de 70 procent van de BDD-patiënten heeft traumatische levenservaringen meegemaakt. Dat kan te maken hebben met pesten, seksueel misbruik of emotionele verwaarlozing. Maar ook persoonlijkheidskenmerken als perfectionisme zien we vaak terug. Daarnaast merken we ook veelvuldig dat uiterlijk van groot belang was in het gezin van herkomst of de omgeving van opgroeien. Veel patienten zijn dus opgegroeid in een omgeving waarin de identiteit veelal bepaald werd door hoe je eruit ziet.”
Terlouw legt uit dat ze lange tijd worstelde met een laag zelfbeeld.
“Ik vond mezelf dik, lelijk en voelde veel schaamte, maar die overtuiging zat heel diep.” Ze omschrijft zichzelf als ‘een bonk schaamte’. “Op de middelbare school werd ik rood en begon ik te zweten als ik moest praten. Die schaamte ging uiteindelijk op mijn uiterlijk zitten. Het sporten verlichtte die pijn.”Zelfdoding
Zo’n sportverslaving vergt heel wat discipline. Dat herkent Terlouw ook bij zichzelf. “Die bewijsdrang en discipline heb ik altijd gehad. Ook in mijn werk was dat aan de orde. Ik wilde het heel graag goed doen, gezien en erkend worden en liet daar mijn eigenwaarde van afhangen.”
Inmiddels kan Terlouw haar obsessieve gedrag verklaren. Ze worstelde in haar puberteit al met een eetprobleem. “Mijn ouders scheidden toen ik elf jaar was en mijn moeder verliet het gezin. Daarnaast kampten mijn vader en moeder met psychische problemen. Het vertrek van mijn moeder is bij mij een diepgeworteld trauma geworden. Daar komt ook de schaamte vandaan. Ik schaamde me voor het feit dat mijn moeder niet voor me kon zorgen.” Terlouw werd grotendeels opgevoed door haar vader, maar die besloot uiteindelijk uit het leven te stappen. Voor Terlouw het moment dat ze niet meer terug kon. “Toen mijn vader zelfmoord pleegde, ging ik heel diep en moest ik wel in therapie. “
Social media
Op social media ontbreekt het niet aan afgetrainde lichamen en deelt men graag hun sportprestaties. Maar moedigen social media-kanalen BBD aan? Vulink maakt zich daar wel zorgen over. “Uit onderzoek is gebleken dat social media een negatief effect heeft op het lichaamsbeeld. We weten ook dat BDD-patiënten veel tijd op social media spenderen en dat hoor ik ook in de kliniek.” Obsessief social media-gebruik hoort volgens Vulink bij de dwangrituelen van BDD-patiënten. “Sommigen maken wel duizend foto’s per dag en dan is er maar eentje goed genoeg. Maar er zijn tegenwoordig ook apps die jouw foto’s een cijfer geven of adviseren welke cosmetische ingreep je moet ondergaan. Dat is zeer zorgelijk.”
De 24-jarige Dijkstra herkent dit. “Mensen moedigden mij aan. Je krijgt veel complimenten en er wordt je continu verteld dat je ‘goed bezig’ bent. Dat maakt het alleen maar ingewikkelder.” Dat gebeurt ook op social media. “Ook daar zie je beelden waarmee je jezelf gaat vergelijken.”

Onderzoek
Wat betreft behandeling legt de psychiater uit dat BDD-patiënten vaak medicatie en therapie krijgen. “Dat is vaak een combinatie van moderne antidepressiva en cognitieve gedragstherapie. Maar er komen ook steeds meer andere behandelvormen, die bijvoorbeeld richten op zelfcompassie en acceptatie. Dat soort behandelingen zien er ook veelbelovend uit.”
Vulink zou graag met sportartsen en sportscholen meer onderzoek doen naar BDD. “Hoeveel mensen hebben in de sportschool veel focus op dat uiterlijk? Ik zou graag die data in kaart willen brengen.”
Therapie
Terlouw omschrijft de periode na de zelfmoord van haar vader als donkere en depressieve jaren, waarin ze veel therapie en behandelingen onderging. “Daardoor kwam ik wel bij de kern van het probleem. Door therapie kon ik ervaringen uit het verleden verwerken en werken aan mijn eigen zelfbeeld.” En doordat ze bij de psychologische oorzaak van haar verslaving kwam, werd de drang om obsessief te sporten steeds minder. Ze geeft tegenwoordig yoga- en pilateslessen, maar sport een heel stuk minder dan voorheen. “Ik doe geen krachttraining of hardlopen meer.”
Terlouw noemt nogmaals het te lage zelfbeeld van BDD-patiënten op. “Je kunt tegen zo iemand zeggen: ‘Je bent goed zoals je bent’, maar zo werkt het niet. Iemand met een laag zelfbeeld voelt dat niet. Daarom moet je diep naar binnen om de kern van het probleem aan te pakken en dit combineren met lichaamsgerichte therapie.”
Dijkstra heeft inmiddels klinische opnames gehad en moest strenge afspraken maken omtrent bewegen. “Ik wil ervan af. Ik hoop in de toekomst weer met plezier te kunnen bewegen in plaats van drang.” Ze ondergaat momenteel psychomotorische therapie (PMT) en krijgt behandeling voor haar eetstoornis. “PMT is gericht op het lichaamsbeeld. Maar het heeft veel tijd nodig.” Dijkstra kreeg de diagnoses bordeline en persoonlijkheidsproblematiek. Dat laatste heeft voornamelijk invloed op haar omgang met emotie. “Daardoor zoek ik in andere zaken extreme controle. Dat blijkt een patroon van destructief gedrag.” Tegelijkertijd probeert ze haar hbo-opleiding af te ronden, maar haar ‘verslaving’ heeft die studie behoorlijk vertraagd. “Zo goed als het nu gaat, is het jaren niet geweest. Maar als ik eerlijk ben, gaat het nog steeds niet heel goed met me.”
Ongezond
Wanneer je volgens Terlouw vraagtekens moet zetten bij jouw eigen dieet- en sportdrang? “Zodra het sporten de overhand neemt in jouw dagelijkse leven en je andere dingen niet kunt doen. Dat je bijvoorbeeld baalt van een onverwachts etentje of daar angstig of zenuwachtig van wordt. Simpelweg omdat je dan niet kunt sporten.”
Dijkstra besefte lange tijd zelf totaal niet dat ze ongezond bezig was. “Die lijn is heel dun. Maar als het te veel ‘moeten’ wordt en het genieten verdwijnt, dan kun je vragen gaan stellen. Ik zou aanraden om dan eens een maand te stoppen met sporten. Lukt dat niet en sla je door? Dan is het wellicht raadzaam om aan de bel te trekken.” Hoewel Dijkstra behoorlijk opzag tegen het interview voor dit artikel, verzamelde ze toch al haar moed. “Het is van belang dat mensen weten dat dit speelt. Want er is toch veel onbegrip wat betreft sportverslaving en BDD. Daarnaast gaat een eetstoornis niet alleen over ‘niet eten’. Alle BDD-varianten hangen samen met een vertekend lichaamsbeeld. Persoonlijk kan ik wekenlang last hebben van een onzinnige opmerking.”
Bron: Linda >>
11 december 2023 om 21:39 In reactie op: Met de campagne #durftezien vraagt het Centrum Seksueel Geweld aandacht voor de slachtoffers #277980
GEMIDDELD TWEE KINDEREN PER BASISSCHOOL KLAS ZIJN SLACHTOFFER VAN SEKSUEEL MISBRUIK
Seksueel misbruik komt veel voor: in elke basisschool klas zitten gemiddeld twee slachtoffers. Kinderen met een groot geheim dat ze vaak jarenlang voor zichzelf houden en waar ze onder gebukt gaan.
Dat meldt het Centrum Seksueel Geweld.MISBRUIK
Met de campagne #durftezien wil de organisatie mensen bewust maken van de verantwoordelijkheid die we als omstanders hebben om kinderen die misbruikt worden te beschermen.Een misvatting is dat de daders vaak onbekenden zijn, kinderlokkers met zakken vol snoep. “Weet dat seksueel misbruik niet ver weg is, maar heel dichtbij”, aldus Iva Bicanic, directeur Centrum Seksueel Geweld. “De mensen die het doen zijn gewone mensen uit onze familie- en vriendenkring. We kennen allemaal wel iemand die misbruik is overkomen of heeft gepleegd.”
BEKENDEN
In totaal is 85 procent van de plegers een bekende, zoals een vader of moeder, een broer, oom of tante, opa, oppas, vriend, buur of sportcoach. Seksueel misbruik opmerken is vaak moeilijk, omdat veel kinderen een dubbelleven leiden om zo ‘normaal’ mogelijk over te komen.Bicanic: “Voor mij betekent #durftezien: durf onder ogen te zien dat seksueel misbruik van kinderen bestaat. Ik bedoel er niet mee: durf het misbruik letterlijk te zien, dat kan immers niet, want het gebeurt uit het zicht. Ik bedoel ook niet per se signalen van seksueel misbruik zien, want die zijn er vaak niet of zijn niet specifiek voor misbruik. Met de campagne #durftezien hopen we een intern proces bij mensen in beweging te zetten. Het is iets wat van binnen moet gebeuren bij mensen. Pas dan komt de rest. Eerst moet je onder ogen willen zien dat seksueel misbruik bestaat, en ook dichtbij is.”
Heb jij het vermoeden dat een kind in jouw omgeving slachtoffer is van seksueel misbruik? Neem dan voor informatie en advies contact op met het Centrum Seksueel Geweld. Dit kan door te bellen naar 0800-0188 of te chatten via http://www.chatmetcsg.nl.
Bron: Linda >>
11 december 2023 om 21:38 In reactie op: Met de campagne #durftezien vraagt het Centrum Seksueel Geweld aandacht voor de slachtoffers #277979Lucy Woesthoff maakt samen met BN’ers korte film om het taboe rond seksueel misbruik te doorbreken
Uit onderzoek is gebleken dat in iedere basisschoolklas gemiddeld twee kinderen zitten die seksueel misbruik meemaken of hebben meegemaakt. Schrijver Lucy Woesthoff maakte samen met stichting Wij zijn M en Centrum seksueel geweld een korte film. “We willen het taboe doorbreken.”
In de film zie je drie kinderen: Corrie van 7 jaar, Jasper van 10 jaar en Eva van 8 jaar. Corrie heeft het over een geheim met haar vader, Jasper doet vaak leuke dingen met zijn oom, maar er zijn ook dingen die hij niet aan zijn ouders durft te vertellen en Eva vindt het niet altijd leuk met opa, maar hij vertelt haar wél dat ze zijn favoriete kleinkind is. “Daardoor voel ik me speciaal.” De kinderen worden alledrie misbruikt door iemand die héél dichtbij staat.

IN SAMENWERKING MET BN’ERS
In de video zitten verschillende BN’ers: Art Rooijakkers, Birgit Schuurman, Isa Hoes, Femke Halsema, Karin Bloemen, Jim Bakkum, Bobbie Eden, Barbara Sloesen, Pauline Barendregt, Milouska Meulens, Marije Knevel, Beau van Erven Dorens, Jurre Geluk, Rachel Rosier, Hanneke van der Werf, Daniëlle van Grondelle, Siham Raijoul, Anne Appelo en Monique Westenberg. Zij roepen op om het taboe te doorbreken.“Ze geven zichzelf vaak de schuld of willen de pleger of de familie beschermen.” Maar het kan ook dat ze nog te jong zijn om er woorden aan te geven of bedreigd of gemanipuleerd worden. “Deze kinderen laten vaak geen signalen zien. Ze leiden een dubbelleven om maar zo gewoon mogelijk over te komen en daardoor blijft het opgelegde geheim verborgen.”
DICHTERBIJ DAN JE DENKT
Presentator Humberto Tan vertelt in de video nóg een schokkend feit: “Wist je trouwens dat 85 procent van de plegers van seksueel misbruik een bekende is?”Wij waarschuwen kinderen voor de kinderlokker in de bosjes of de vieze man in de speeltuin, legt zangeres en cabaretier Karin Bloemen uit in de video. Maar in de meeste gevallen zijn plegers van het seksuele misbruik volwassenen of oudere kinderen die ze goed kennen en vertrouwen. “Vaak is het iemand van wie we houden.”
“Het idee van de korte film was dat we mensen zouden raken en inspireren om de realiteit en de omvang van dit enorme probleem te zien. Met als doel om kinderen te helpen zware geheimen die ze meedragen te delen, maar ook om te proberen misbruik te voorkomen”, schrijft Lucy. “Ik wilde graag achter de schermen van nut zijn en ben daarom betrokken geweest bij brainstorms en het contacteren van mensen in mijn netwerk.” Ze is enorm trots op dit resultaat.
Wij zijn M en Centrum seksueel geweld roepen op om de video zoveel mogelijk te delen. “Deze cijfers dwingen ons de ongemakkelijke waarheid tot ons te nemen en te kijken naar onze eigen veilige en vertrouwde omgeving … om te ‘durven zien’.”
Guusje Nederhorst overleed in 2004 en in 2005 kreeg haar man Dinand Woesthoff een relatie met Lucy. De dames kenden elkaar dus niet, en toch hebben ze op een bepaalde manier contact met elkaar gehad.
Bron: Libelle >>
-
AuteurReacties
