Seksueel geweld en seksueel misbruik van mannen en jongens

Forum Lotgenoten Seksueel Geweld Achtergrond & Informatie Informatieve websites & mediaberichten Seksueel geweld en seksueel misbruik van mannen en jongens

  • Dit onderwerp bevat 96 reacties, 6 deelnemers, en is laatst geüpdatet op 02/10/2023 om 23:01 door Luka.
10 berichten aan het bekijken - 31 tot 40 (van in totaal 97)
  • Auteur
    Reacties
  • #227857
    Mark
    Moderator

      Door een verkeerde diagnose leefde Allard uit Apeldoorn twintig jaar onder een steen

      Bijna twintig jaar lang was Allard Wagelaar een kluizenaar. Hij kwam op het laatst alleen de deur nog uit om boodschappen te doen. Nu blijkt dat hij niet schizofreen is, krijgt hij langzamerhand zijn oude leven terug.

      […] Hoe had het zo ver kunnen komen? Als kind was hij een vrolijke jongen, zegt hij zelf, afkomstig uit een warm gezin. Maar als hij op zijn zeventiende seksueel wordt misbruikt door een oudere kennis, durft hij dat uit schaamte tegen niemand te zeggen. In plaats van zijn mond open te doen, vlucht hij eerst in intensief sporten, ‘dan hoefde ik niet na te denken’ en later in excessief drankgebruik om zijn nare gevoelens te dempen. Zijn studie voor activiteitenbegeleider weet hij desondanks te voltooien en daarna vindt hij ook werk. ,,Maar toen ik 26 jaar was ging het niet meer. Ik dronk twee flessen wijn per dag. In een uur. Er moest iets veranderen.’’

      Lees dit artikel op destentor.nl of als lid van LSG in het ledendeel.

      #228738
      Luka
      Moderator

        Hoe bericht je over #MeToo als je er eigenlijk te veel van weet?

        Als journalist verzamelt Jeroen verhalen van anderen. Zijn eigen verhaal verzweeg hij. Het meest lastige interview blijkt soms een goed gesprek met jezelf.

        Hoe krijg je iemand zo ver dat-ie iets vertelt wat hij liever voor zich houdt?

        “Ze moeten wel willen praten, natuurlijk, en dat is vaak moeilijk bij dit soort gevallen,” zegt een collega, verwijzend naar #MeToo. Het is oktober 2017 en we bekokstoven hoe we dit onderwerp het beste kunnen verslaan.

        Vrijwel alle journalisten die ik ken, worden gedreven door een bepaalde mate van idealisme. Maar een verhaal moet natuurlijk wel spannend zijn, en een hoofdpersoon hebben die als ervaringsdeskundige goed kan uitleggen hoe het zit. Ons werk bestaat dan ook grotendeels uit op mensen inpraten. Als ware meesterstrategen zoeken we naar de juiste woorden om iemand de juiste woorden te ontlokken. Met de beste bedoelingen natuurlijk. Ratjes zijn we soms – maar lieve ratjes.

        Ik richt me tot mijn collega en zeg: “Volgens mij is het belangrijk om te benadrukken dat slachtoffers door hun verhaal te doen andere slachtoffers weer helpen. Dat er nog veel meer mensen zijn die dit hebben meegemaakt, die zich alleen voelen omdat ze zich zo schamen.”

        Mijn collega knikt. “Klinkt als een goed strijdplan.”

        Even later kijk ik op de wc in de spiegel en vervloek binnensmonds mijn lafheid. Terwijl ik juist in deze periode voor het eerst aan dierbaren heb durven vertellen wat er gebeurd is, zwijg ik op de werkvloer.

        De laatsten aan wie ik het vertel, zijn mijn ouders. Per fiets vertrek ik naar het huis waar ik opgroeide. Van tevoren had ik ze gebeld dat ik Iets Serieus wilde bespreken.

        Eenmaal daar nemen ze plaats aan de houten eettafel waar ze – 42 jaar samen – al een paar decennia aan ontbijten en dineren. De tafel waar ik bijna twee decennia dagelijks de maaltijden van mijn moeder at. Zelden vette hap; ons dieet bestond uit pompoen, aubergine, spruitjes, kool, andijvie. De groentegeworden manifestatie van een beschermde jeugd.

        Als ik de zilverrijst te droog vond, verstopte ik, als kind nog niet gezegend met een besef van wat anderen wel of niet doorhebben, het onder mijn bord. Iets anders hield ik beter verborgen. Dat schoof ik niet onder mijn bord, maar onder het tapijt.

        Mijn ouders nemen plaats tegenover elkaar, op hun vaste plek, zoals ze dat zolang als ik me kan heugen doen. Ik verzoek ze te breken met traditie en naast elkaar te gaan zitten, zodat ik met beiden oogcontact kan maken. Mijn favoriete gewoontedieren verzetten zich in woord en daad, tot ik ze er met doorrookte en rasperige stem aan herinner dat het ernstig is.

        Uit zenuwen loop ik de achtertuin in en steek een sigaret op, weeg nog één keer mijn woorden, weersta twijfel, loop terug naar binnen, neem plaats aan tafel, kijk mijn vader en moeder om de beurt aan en schraap mijn keel.

        “Toen ik vijf was, ben ik misbruikt.”

        “Ik vind niet dat je dit verhaal moet schrijven,” zegt een collega als ik haar vertel dat ik van plan ben iets op te tikken over mijn eigen #MeToo-ervaring. Ik voel me uit het veld geslagen en een beetje verdrietig, dus ik werp haar een woedende blik toe.

        “Dit soort verhalen passen niet echt bij ons als platform, denk ik,” verduidelijkt ze.

        “Is het niet juist een van onze speerpunten: persoonlijke verhalen die een breder maatschappelijk probleem menselijk maken?” Haar reactie – ongetwijfeld goed onderbouwd – komt niet aan. Ik hoor wel klanken, maar de woorden dringen niet tot me door. Daarvoor ben ik te zeer van mijn stuk gebracht. Wat zullen de consequenties zijn – heeft het überhaupt zin om zoiets op te schrijven? Kom ik niet volstrekt pathetisch over? Niets is immers zo ergerlijk als jonge scribenten die elk deukje dat ze ooit hebben opgelopen tot kopij kneden.

        “Volgens mij is het belangrijk te benadrukken dat er nog veel meer mensen zijn die dit hebben meegemaakt, die zich alleen voelen omdat ze zich zo schamen.”

        Alleen: waar ligt de grens tussen eerlijkheid en net zo lang in de uiers van je eigen verleden masseren tot alle misèremelk eruit is gedruppeld?

        In oktober 2017, vlak na #MeToo, interview ik Maartje Laterveer, die een indrukwekkend boek schreef over vrouwen en seksualiteit. Als ze vertelt dat ze als elfjarige al werd nagefloten op het platteland, fluister ik “Jezus Christus”, hoor ik terug op het bandje. “Kun je je indenken wat dat met je doet als je zo jong bent?”, vraagt Maartje. “Nee,” hoor ik mezelf antwoorden, “mannen weten niet hoe dat voelt.”

        Ken je plek, jongen.

        Mijn moeder veegt de tranen van haar wangen. “Denk je daarom dat het zo moeilijk was,” vraagt ze, verwijzend naar mijn puberteit.

        “Nee,” antwoord ik op de toon die ik het liefst aansla: beschouwend, met distantie. Geen hoofdrolspeler maar commentator; geen slachtoffer maar duider. “Volgens mij niet, hoewel het natuurlijk ingewikkeld is om zoiets wetenschappelijk aan te tonen, met sample groups en zo,” analyseer ik. “Het gaat ook goed met me hè, voor de duidelijkheid.” Ik laat buiten beschouwing dat ik tot diep in mijn twintiger jaren zo gesloten was dat ik überhaupt niet over emoties kon spreken – met wie dan ook.

        Dat leerde ik pas in therapie.

        Een groot deel van het volstrekt onvolwassen gedrag dat voor jongens tot volwassenheid leidt, vond voor ons plaats rond de Johan Cruijff Arena. Mijn vrienden en ik waanden ons onaantastbaar, of deden in ieder geval onze uiterste best dat uit te stralen. Jongens die daar niet in slaagden, vonden we per definitie sukkels. Kwetsbaarheid bestond wel, maar manifesteerde zich vooral als Ajax een belangrijk doelpunt maakte of verloor. Dan deelden we euforie en leed zonder dit als zwaktebod te ervaren. Privézaken kwamen zelden ter sprake.

        Journalistiek voor beginners: koppel een persoonlijk verhaal aan feiten, het liefst cijfers uit rapporten van het CBS. De werkelijkheid is knap ingewikkeld, nummertjes kunnen patronen bevestigen of ontkrachten. Zelfs artikelen over (vermeend) doorgeslagen rendementsdenken worden gretig onderbouwd met getallen.

        In HP/De Tijd diepen drie mannen #MeToo eens flink uit. Het gaat over de schuldvraag, over trial by media. Het zwaartepunt van de discussie verschuift – het nieuwe is er inmiddels wel van af. De verhalen van slachtoffers verdwijnen door het welles-nietes weer naar de achtergrond. Uit onderzoek onder duizend Amerikaanse mannen blijkt dat 43 procent van hen dat hele #MeToo-gebeuren met precies niemand heeft besproken. Elders lees ik dat vrouwen vaker met depressie kampen dan mannen. Die knopen zich dan weer gretiger op: bijna twee keer zo vaak als vrouwen.

        Enfin.

        Slachtoffer, schmachtoffer. Vervelende ervaring, natuurlijk, maar ik kwam er – vergeef me de beeldspraak – zonder kleerscheuren vanaf. Althans, zo haast ik iedereen te verzekeren. Tegelijkertijd: hoe debiel en schadelijk was het dat mijn beste vrienden, broers, ouders en geliefden geen enkel benul hadden van iets wat ik 25 jaar meezeulde?

        Ik ben niet de enige in Nederland, vermoed ik, maar daar zijn weinig rapportjes over. Al blijkt uit onderzoek van het EenVandaag opiniepanel dat bij vijftien procent van de mannen hun seksuele grenzen weleens zijn overschreden.

        De reacties zijn hartverwarmend. Mijn beste vriend, tevens fervent Ajacied, blinkt uit in begrip. Forse mannenarmen trommelen onhandig op mijn schouders, voorzichtige geintjes volgen. We praten er niet lang over, maar ze weten het. Niemand oordeelt. De in decennia opgebouwde geslotenheid maakt plaats voor opluchting, soms zelfs voor euforie. Een vriendin vraagt na een innige omhelzing of ik erover ga schrijven. Ik antwoord dat ik twijfel, dat het meer een notie is dan een journalistiek verhaal.

        Daar valt wat voor te zeggen, maar onder de streep is het gelul. Met de kennis van nu had ik mezelf een hoop gedonder kunnen besparen door wat opener te zijn. Bovendien voelde ik me gesteund door een beweging die liet zien hoe vervelend vaak dergelijke zaken plaatsvinden.

        Daarom zeg ik het nu luid, zij het nog steeds een tikje beschaamd: ik dus ook.

        Bron: brandpuntplus.kro-ncrv.nl

        #230382
        Mark
        Moderator

          Frans uit Ootmarsum slachtoffer van kerkelijk misbruik: ‘Krijg mijn gestolen leven nooit terug’

          Met eindrapport van het Meldpunt Misbruik heeft de katholieke Kerk een streep gezet onder een van de zwartste bladzijden in haar geschiedenis. Voor Frans Houben houdt het verhaal daarmee niet op. “Mijn gestolen leven: dat krijg ik nooit meer terug.”

          Hij heette Huub en zat bij hem op het internaat. Een donkere jongen die opviel door zijn huidskleur en om die reden vaak dagenlang werd opgesloten in het kolenhok. “Het misbruik was niet alleen seksueel maar ook fysiek. Ze hebben zijn leven verwoest. Ik heb hem nog geholpen met steunbewijs in zijn gevecht voor schadevergoeding. 40.000 euro heeft hij uiteindelijk gekregen. Een paar dagen later was hij dood.”

          Frans Houben, zelf ook slachtoffer van misbruik, voelt nog altijd een grote woede als hij het vertelt. “Huub was blij met het geld, ondanks de kilheid en het volstrekte gebrek aan empathie dat wij als slachtoffers hebben ondervonden. Zijn vroege dood was uitgesproken tragisch. De kilheid waarmee op onze verhalen werd gereageerd, heeft mijn boosheid eigenlijk alleen nog maar vergroot.”

          Lees verder op tubantia.nl >>

          Over Frans Houben is een documentaire gemaakt door 2 studentes, Anne van Riel uit Malden en Jessica Buijs uit Ede.

          #230404
          Luka
          Moderator

            ‘Vrouwen hebben problemen, mannen veroorzaken ze’
            Mannen en slachtofferschap van geweld in afhankelijkheidsrelaties

            In de jaren zeventig van de vorige eeuw werden steeds meer kanttekeningen geplaatst bij de gedachte dat verschillen tussen mannen en vrouwen vooral biologisch verklaard en begrepen moesten worden. Hoe mannen en vrouwen zich gedroegen of geacht werden zich te gedragen was niet uitsluitend een kwestie van biologie, dat had toch ook te maken met sociale codes en daarachter liggende normen. Er werd gezocht naar een nieuwe term waarmee het verschil tussen het biologische geslacht en de sociale invulling daarvan kon worden uitgedrukt en dat werd de term ‘gender’. Hoewel ik er heel erg voor ben dat we kritisch naar die sociale invulling kijken, kan ik me niet aan de indruk onttrekken, dat die term ‘gender’ toch vaak erg eenzijdig wordt gebruikt. De term wordt vooral gekoppeld aan vrouwen en meer precies aan vrouwelijk slachtofferschap. We lezen echter vrij weinig over vrouwelijke daders. Daar waar de betrokkenheid van mannen wordt beschreven, ligt sterk de nadruk op daderschap en niet of nauwelijks op slachtofferschap. Internationaal wordt ook sterk het accent gelegd op het slachtofferschap van vrouwen. Waar we in Nederland nog de meer neutrale term ‘geweld in afhankelijkheidsrelaties’ gebruiken voor allerhande vormen van geweld in gezins- en familieverband, is in Europa en bij de Verenigde Naties met name de term ‘violence against women’ populair.

            Je zou bijna denken dat vrouwen problemen hebben en dat mannen ze veroorzaken. Zo zwart-wit liggen de feiten natuurlijk niet. De ervaringen met geweld van mannen en vrouwen zijn waarschijnlijk niet symmetrisch. Hoewel nooit alle feiten van geweld in afhankelijkheidsrelaties bij instanties zoals politie en hulpverlening bekend worden – er is sprake van een dark figure – worden door de bank genomen meer vrouwen slachtoffer van deze vrouwen van geweld. Het feit dat we relatief minder mannelijke slachtoffers in beeld krijgen, betekent niet dat ze er amper zijn. Uiteraard moeten professionals openstaan voor het gegeven dat ook mannen in een andere rol dan die van dader in beeld kunnen komen. Anders worden mannelijke slachtoffers niet herkend. Daarnaast is het belangrijk dat mannen zich ook durven te uiten als slachtoffer. De wetenschappelijke literatuur over slachtofferschap leert dat het voor mannen niet eenvoudig is om aanspraak te maken op de status van slachtoffer. Slachtofferschap past doorgaans niet in het dominante beeld van hoe een man zich hoort te gedragen. In dat beeld van mannelijkheid geldt het spreekwoord ‘grote jongens huilen niet’. Dit kan zich uiten in een lacherige reactie op mannen in de rol van slachtoffer. Dat maakt de drempel om hulp te zoeken natuurlijk niet lager. Helaas maak ik zelf nog te vaak mee als ik ergens in het land een lezing geef over geweld in afhankelijkheidsrelaties en inga op mannelijke slachtoffers, dat er schampere opmerkingen uit het publiek komen in de stijl van ‘dat zijn dan zeker homo’s’. Ik leg dat altijd uit dat je homo’s niet mag mishandelen en dat ik het erg primitief vind om homo’s weg te zetten als ‘niet-echte’ mannen en dat ik in de mannenopvang ook rood-vlees-etende-hetero’s heb ontmoet.

            Als het dan weer stil in de zaal is, probeer ik aandacht te vragen voor een andere belangrijk issue: als we dan doorhebben dat er mannelijke slachtoffers zijn die hulp nodig hebben, hoe moet die hulp er dan uit zien? Net zo goed als emancipatie van vrouwen niet betekent dat vrouwen zich als mannen gaan gedragen, betekent de erkenning van het feit dat mannen hulp nodig hebben na gewelddadige ervaringen in intieme relaties, niet automatisch dat zij de zelfde hulpbehoeften hebben als vrouwen. Inmiddels hebben we tien jaar ervaring in Nederland met de opvang van mannen en daar al veel over geleerd. Dat is iets om trots op te zijn. Maar we zijn er nog niet. Serieuze aandacht voor mannelijke slachtoffers en hun specifieke behoeften blijft nodig. We – professionals en beleidsmakers – mogen de aandacht daarvoor niet laten verslappen, want dan blijft het een exotisch onderwerp dat steevast op lacherige reacties kan rekenen. Problemen kan je namelijk pas echt aanpakken als je ze serieus onder ogen ziet en voorbij gaat aan clichébeelden. Daar zijn zowel mannen als vrouwen mee geholpen.

            Janine Janssen is hoofd onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld van de nationale politie. Daarnaast is zij lector Veiligheid in Afhankelijkheidsrelaties aan Avans hogeschool.

            Bron: Mannenmishandeling.nl

            #230630
            Stijn
            Lid LSG

              ‘Hij had zijn verleden weggestopt, als kind was hij jarenlang misbruikt’

              Medische experts over de patiënt die hun kijk op het vak veranderde. Deze week: huisarts Hans van Santen (58).

              ‘Hij kwam nooit op mijn spreekuur en toen opeens in korte tijd drie keer, met klachten die ik niet kon plaatsen: hoofdpijn, last van zijn maag, vermoeidheid. Als een patiënt zich jaren niet vertoont en dan plotseling een paar keer langskomt, dan ben ik op mijn hoede. Ik keek hem steeds goed na, liet zijn bloed onderzoeken en een echo van zijn bovenbuik maken. Het leverde allemaal niets op. Ik had het gevoel dat er iets anders aan de hand moest zijn.

              Lees dit premium artikel verder op volkskrant.nl of als lid van LSG in het ledendeel.

              #230989
              Luka
              Moderator

                “Naakt-zijn is van mijn grootste angst veranderd in een bevrijding”

                Meer dan 40 jaar heb ik geleefd met het geheim van een eenmalige seksuele aanranding in mijn kindertijd. Vorig jaar deelde ik dit verhaal op Charlie. De daden van een pedofiele atletiekleraar hebben de rest van mijn leven zwaar beïnvloed: ik kampte met onbeheersbare en langdurige erecties die niet het gevolg waren van opwinding, maar die hun oorsprong vonden in stressvolle omstandigheden gelinkt aan die aanranding. Ik kreeg automatisch een erectie als ik naakt was of anderen naakt zag, en was dit probleem gaan zien als een ongeneeslijke handicap.

                Uiteindelijk vond ik de moed om met anderen over mijn geheim te praten. Eerst met een seksuoloog, vervolgens met mijn vrouw, huisarts, uroloog, psychiater en zelfs mijn boezemvrienden. Het was een enorme opluchting om niet langer alleen met dit probleem rond te lopen, maar praten alleen was niet genoeg om het ook op te lossen. Ik probeerde ademhalingsoefeningen om de stress te onderdrukken, maar dat had geen effect. Ik besefte dat er misschien geen werkelijke oplossing bestond en dat ik voor altijd last zou hebben van deze totaal ongewenste en hinderlijke erecties die een rem zetten op een normaal leven.

                Lees verder op charliemag.be >>

                #230990
                Luka
                Moderator

                  “Hoe deel je iets dat je veertig jaar verzwegen hebt voor iedereen die om je geeft?”

                  Naar aanleiding van #metoo delen steeds meer vrouwen en mannen verhalen over grensoverschrijdend gedrag. Vaak gaat het over het incident zelf, maar welke impact heeft zo’n moment waarop iemand jouw grenzen schendt op de rest van je leven? Johan*, 54, getuigt over hoe een wandeling in het park toen hij twaalf was hem tot vandaag parten speelt.

                  “Ik ben twaalf. Mijn moeder vindt het prima dat ik in m’n eentje met de hond ga wandelen in het park. Daar ben ik inmiddels oud genoeg voor en we wonen in een rustig dorp met een fraai park; totaal ongevaarlijk. Ik voel me heel volwassen, vind het leuk om op eigen houtje op verkenning te gaan.
                  Terwijl de hond en ik door het park lopen, zie ik in de verte een jogger die mijn richting uitkomt. Ik herken hem als een trainer van de plaatselijke atletiekclub. Hij stopt en begint een praatje met me. Hij vraagt of ik geen zin heb om aan te sluiten bij de sportclub. Hij begint complimenten te maken over mijn lichaam, zegt dat ik perfect gebouwd ben, dat ik wel eens een groot atleet zou kunnen worden.

                  Zoiets heb ik nog niet eerder gehoord. Ik straal van trots. Kom, zegt hij, ik ga enkele tests met je doen om te zien of je bij ons in de club kunt komen. Hij neemt me mee naar een bouwval op een verlaten plek in het park, onttrokken aan het zicht van andere wandelaars. Ik vind het een vreemd voorstel, maar durf niet te weigeren.

                  In het gebouwtje begint de man mijn bovenkleding los te maken. Ik voel me ongemakkelijk, maar durf niets te zeggen. Hij neemt mijn arm vast en begint mijn hartslag te meten. Dan wil hij weten of ik sterke benen heb. Voor ik het goed besef, heeft hij mijn broek naar beneden getrokken. Ik schrik, durf niet naar beneden te kijken. Dan voel ik dat mijn onderbroek naar beneden gaat. Ik laat mijn blik even naar beneden gaan, en ik zie mezelf poedelnaakt staan met mijn onderbroek op de enkels.

                  Daarna durf ik niet meer naar beneden te kijken. Ik weet niet wat de man precies doet. Hij zit met zijn hoofd tussen mijn benen. Wat zit hij te zoeken in mijn kruis? De hond kijkt toe, maar blijft kalm.

                  Lees verder op charliemag.be >>

                  #231101
                  Mark
                  Moderator

                    Jongens en mannen ook slachtoffer van seksueel misbruik

                    Als we denken aan een verkrachting denken we bijna altijd aan een vrouwelijk slachtoffer en een mannelijke dader. Maar dat hoeft niet zo te zijn. Ook mannen worden misbruikt. Soms door een andere man, maar ook door vrouwen.

                    Jongens en mannen schamen zich heel erg om hiermee naar buiten te komen. Meer nog dan vrouwen. En bovendien zien ze het vaak zelf ook niet als misbruik.

                    Want kan een man wel tegen zijn zin seks hebben met een vrouw? Het antwoord daarop is: ja! Volgens Iva Bicanic, klinisch psycholoog en hoofd van Centrum Seksueel Geweld, kunnen vrouwen, jongens en mannen zeker dwingen tot seks. “Degene die penetreert kan ook slachtoffer zijn. Vaak krijgen jongens en mannen in een stressvolle situatie een erectie, dat betekent niet dat ze seksueel opgewonden zijn of dat ze instemmen met de seks. En omdat ze een erectie krijgen of klaarkomen denken ze achteraf vaak zelf ook dat ze het lekker vonden. Daarom is de schaamte zo groot.”

                    ‘Lucky Boy’
                    Als maatschappij gaan we er vaak van uit dat mannen en jongens altijd wel zin hebben in seks. En als een vrouw toenadering zoekt tot een jongen of man die daar niet van is gediend denken we bovendien dat de man beter in staat is daar een einde aan te maken omdat hij fysiek sterker is.

                    Wanneer een jongen bekent dat hij gedwongen is tot seks door een vrouw wordt dit door de omgeving vaak niet serieus genomen. Iva Bicanic: “Er wordt dan al snel gezegd: ‘joh, wees blij dat je seks hebt gehad!’ Dat noemen we het Lucky boy fenomeen.”

                    Seks met moeder
                    Ook bij incest denken we vaker aan een vrouwelijk slachtoffer. Maar ook dat is weleens anders. Jeroen (52) heeft een heel nare jeugd gehad. In het gezin waar hij opgroeide was veel geweld. Zijn ouders dronken allebei te veel. Hij werd geslagen, vernederd en ook door zijn moeder seksueel misbruikt. Hij heeft dat altijd heel diep weggestopt.

                    Tot het niet meer ging in zijn leven. Pas na jaren therapie is hij in staat te praten over de seks waartoe zijn moeder hem dwong. “Het gebeurde toen ik rond de 10/12 jaar was, altijd om mij te straffen. Dat zei ze, en zo voelde het ook. We waren dan allebei naakt, op haar bed of in de douche. Ik moest haar bevredigen met mijn hand en zij deed het bij mij oraal. Als ik dan een erectie of een orgasme kreeg zei ze: ‘Zie je wel dat je het lekker vindt, viezerik!'” Jeroen heeft daardoor eigenlijk nooit echt meer van seks kunnen genieten.

                    Groot taboe
                    “Ik heb nooit meegemaakt dat een man zei: ‘ik ben misbruikt door een vrouw’, maar ik heb heel veel meegemaakt dat tijdens de therapie bleek dat iemand als jongen misbruikt was door een vrouw.” Maarten Ghysels, psychiater en lichamelijk therapeut, heeft in Nederland jarenlang een praktijk gehad voor lichaamsgerichte psychotherapie.

                    Volgens hem komt misbruik van jongens en mannen veel vaker voor dan we denken. “Als we horen van een meisje van 15 dat seks heeft gehad met een man van in de dertig vinden we dat misbruik. Als het andersom is denken we daar heel anders over. Jongens worden dan meegenomen in de volwassen seksuele beleving van een vrouw terwijl ze daar nog lang niet aan toe zijn. Ze kunnen daardoor echt beschadigd raken en daar op latere leeftijd veel last van krijgen.”

                    Onderzoeken
                    Onderzoekers gaan ervan uit dat bij kindermisbruik in maar 7 procent van de gevallen de dader een vrouw is. Maar volgens Ghysels zegt dat niet alles.

                    “Toen ik werd opgeleid als psychiater leerden we dat incest bij vrouwen bijna niet voorkwam, een verwaarloosbaar aantal. De wetenschappers gingen er toen vanuit dat vrouwen die zeiden dat ze zich dat konden herinneren het hadden verzonnen. Nu weten we wel beter. Ik denk dat het waarschijnlijk is dat dit bij misbruik van mannen hetzelfde gaat gebeuren.”

                    Bron: eenvandaag.avrotros.nl.

                    #231103
                    Mark
                    Moderator

                      Jongens en mannen als slachtoffer van seksueel geweld

                      Samenvatting
                      Het stereotype beeld van seksueel geweld dat onder velen in de samenleving heerst is: de vrouw is slachtoffer en de man is dader. Door onderzoeken die in Nederland zijn uitgevoerd is beter zichtbaar geworden dat ook jongens en mannen regelmatig slachtoffer worden van seksueel misbruik. In 2017 lieten mannen onder de hashtag #Mentoo van zich horen. Ze vertelden dat ook zij waren misbruikt; niet alleen door andere mannen, maar ook door vrouwen. Het wordt steeds duidelijker dat vrouwen net zo goed in staat zijn tot aanranding en verkrachting als mannen. Ondanks deze ontwikkelingen blijft de kennis achter over hoe vaak seksueel geweld van jongens en mannen plaats vindt, wie de daders zijn, wat de (psychologische) gevolgen zijn, en wat de beste mogelijkheden zijn voor behandeling, alsook aandachtspunten in de behandeling. Dit artikel bundelt actuele kennis uit de beschikbare wetenschappelijke literatuur over deze doelgroep. Specifiek wordt stil gestaan bij seksueel geweld van mannen door vrouwelijke daders.

                      Leerdoelen
                      Na het bestuderen van dit artikel weet u:

                      • hoe vaak seksueel geweld voorkomt bij mannen;
                      • wat de psychische gevolgen zijn van seksueel geweld van mannen;
                      • wat de problemen zijn bij het herkennen van seksueel geweld bij mannen;
                      • wat de problemen zijn bij het onthullen van seksueel geweld bij mannen;
                      • hoe vaak de dader een vrouw is;
                      • wat forced penetration en lucky boy syndrome betekent;
                      • wat effectieve behandelingen zijn na seksueel geweld bij mannen, en welke voorlichtingsthema’s daarin aandacht behoeven.

                      Casus
                      Theo is een jonge man van 23 jaar, en hij werkt in de bouw. Mooie meisjes nafluiten past bij zijn imago als stoere man. Eenmaal thuis komen de muren echter op hem af. Hij voelt zich gespannen, is snel geïrriteerd en gaat het contact met zijn vriendin, met wie hij een LAT-relatie heeft, uit de weg. Hij probeert vooral niet teveel na te denken over zijn problemen, en gamet daardoor voortdurend. De oorzaak van zijn klachten noemt hij zelf ‘relatieproblemen’. Zijn vriendin is nogal impulsief en explosief, en de laatste keren heeft ze hem min of meer overgehaald om seks met haar te hebben. Het begon met een onschuldige vrijpartij, maar gaandeweg nam ze steeds meer initiatief, en werd daarbij ook hardhandig. Theo vond dat onprettig en gaf dat ook wel aan, maar zijn vriendin zei dan: ‘ik voel dat je het prettig vind, schatje, lieg maar niet’. Ze dwong hem in een liggende houding en ging bovenop hem zitten. Ze perste zijn penis in haar vagina, waarna ze wild ging bewegen. Ook stak ze –tegen zijn wil- een vinger in zijn anus, wat Theo helemaal onprettig en pijnlijk vond, maar waardoor hij wel klaarkwam. Achteraf baalde Theo van zichzelf. Wie laat zich nou zo ‘nemen’ door een vrouw? En wat betekende zijn erectie eigenlijk, vond hij het stiekem wel prettig? En waarom kwam hij klaar als zij zijn anus beroerde?

                      Was hij misschien biseksueel? Hij piekerde erover, en zag steeds vaker op tegen de afspraken met zijn vriendin. Hij had herbelevingen aan deze situaties, en soms had hij angstige dromen. Hij kon het aan niemand vertellen; zijn vrienden zouden hem uitlachen, en een psycholoog zou hem vast niet geloven, hij was immers klaargekomen. Toen Theo bij de huisarts enigszins vaag relatieproblemen noemde als stressor, vroeg zijn huisarts expliciet naar eventueel seksueel misbruik, en aarzelend heeft Theo toen wat losgelaten. Theo voelde zich enorm opgelucht toen de huisarts er heel ‘normaal’ over deed en zijn problemen serieus nam. Hij werd doorverwezen voor psychologische behandeling en knapte op van een kortdurende traumabehandeling. Daarna had hij geen herbelevingen meer, ging hij het onderwerp niet meer uit de weg, en was hij minder geprikkeld. Het lukte hem daarna ook de relatie met zijn vriendin verbreken.

                      Frequentie
                      Uit Nederlands onderzoek van Rutgers (De Graaf & Wijsen, 2017) blijkt dat in de leeftijdscategorie 15-25 jaar, 20% van de meisjes en 5% van de jongens aangeeft weleens tegen hun zin oraal of anaal seksueel contact of geslachtsgemeenschap te hebben gehad. In de leeftijdsgroep 15 tot 70 jaar geeft 12% van de vrouwen en 3% van de mannen aan ooit een verkrachting te hebben meegemaakt. Onder homo- en biseksuele mannen komt seksueel geweld vaker voor dan onder heteroseksuele mannen (De Graaf & Wijsen, 2017). Wat veel mensen niet weten is dat ook jongens slachtoffer kunnen worden van zogenaamde ‘loverboys’ of geronseld worden voor de prostitutie en mensenhandel. Al met al geven deze cijfers aan dat seksueel misbruik onder jongens en mannen regelmatig voorkomt, vaker dan doorgaans gedacht wordt.

                      Geen onthulling
                      Het is echter een onderbelicht probleem. Jongens en mannen vertellen minder vaak over hun ervaring(en) met seksueel misbruik dan vrouwen (O’Leary & Barber, 2008). Velen houden het stil, net als Theo. Zo is bij mannelijke slachtoffers de periode tussen het seksueel misbruik en het vertellen hierover langer dan bij vrouwen, en het merendeel van de mannen begint pas met vertellen in de volwassenheid. Uit de literatuur komen verschillende factoren naar voren die de drempels voor mannen ten aanzien van disclosure – onthulling- kunnen verklaren. Sommigen van deze factoren houden verband met wat in de literatuur het mannelijke socialisatieproces wordt genoemd. Dit houdt in dat mannen geen slachtoffer mogen zijn, want slachtoffers worden beschouwd als zwak (Dorahy & Clearwater, 2012; O’Leary & Barber, 2008). Onder mannelijke slachtoffer heerst een groot gevoel van schaamte om zowel het misbruik als het slachtofferschap. Dit hangt ook samen met stigmatisering. Mannen zijn bang voor de stigmatisering die een onthulling met zich mee zou kunnen brengen. Hardnekkige mythes in onze maatschappij zoals “echte mannen worden niet verkracht” helpen daar niet in mee. Er kan bij mannen ook verwarring zijn over de seksuele identiteit; er is de angst dat hijzelf of anderen hem zullen zien als homoseksueel of pedoseksueel, of de angst om zelf dader te worden (Dorahy & Clearwater, 2012). Er is weinig evidentie voor deze veronderstellingen, maar deze angsten kunnen mannen wel weerhouden om het seksueel misbruik te onthullen.

                      Kortom, er zijn verschillende factoren die in complexe samenhang bepalen of iemand wel of niet tot een onthulling komt over ervaringen met seksueel misbruik. Feit is, dat het ‘man-zijn’ jongens en mannen belemmert in het openlijk vertellen over hun ervaring. Seksueel misbruik is anno 2018 nog steeds omgeven door taboe, en de stigmatisering van jongens en mannen die seksueel misbruikt zijn problematiseert het bereiken van deze doelgroep verder. Schuld en schaamte spelen daarbij een grote rol.

                      Actief vragen
                      Er wordt bij jongens en mannen dus niet zo snel gedacht dat ook zij te maken kunnen hebben met seksueel geweld. En als ze het hebben meegemaakt zullen ze dat niet snel zelf vertellen. Om die redenen is het van groot belang dat hulpverleners actief vragen naar eventuele seksueel misbruikervaringen bij mannen die zich melden met psychische klachten. Uit onderzoek komt naar voren dat professionals hun patiënten vaak niet vragen naar een geschiedenis van misbruik in de kinderleeftijd (Lab, Feigenbaum & De Silva, 2000), of als volwassene. Wanneer ze dit wel doen, doen ze die lang niet altijd op de beste manier. Ook geven de meeste professionals aan dat ze niet weten hoe mannelijke slachtoffers behandeld moeten worden.

                      De vrouw als dader
                      Bij mannelijke slachtoffers zien we meestal een beeld voor ons waarin deze mannelijke slachtoffers gepenetreerd worden door andere mannen, oraal of anaal bijvoorbeeld. Vrouwen worden dikwijls als onschuldig gezien in de context van seksueel geweld. Maar mannen worden ook misbruikt door vrouwen; in ongeveer 7% van de gevallen van kindermisbruik is de dader een vrouw (Cortini, Babchishin, & Rat, 2017), en een vrouw is vaker een dader als het mannelijke slachtoffer boven de 16 jaar is.

                      Hoe vaak komen we misbruik van mannen door vrouwen tegen in de spreekkamer? Psychotherapeut Lucia Rademaker interviewde 105 collega’s over hun ideeën over en ervaringen met vrouwen als misbruikers. Wat bleek? Er zijn meer mannelijke plegers van allerlei seksuele delicten, maar als het slachtoffer een man is (ouder dan zestien jaar), dan is de pleger in 79% van de gevallen een vrouw (Rademaker, 2014). Dat bleek ook uit de interviews: maar liefst vijfentwintig psychotherapeuten hadden in hun carrière meer dan tien slachtoffers van vrouwelijke daders in therapie gehad. Op jongens die door een vrouw worden misbruikt heerst zo mogelijk een nog groter taboe dan misbruik door een man.

                      Hoe kan een vrouw een man verkrachten? Meestal wordt bij seksueel geweld gedacht aan een slachtoffer dat tegen de wil in wordt gepenetreerd. Minder bekend is dat sommige vrouwen mannen dwingen om hen te penetreren. Forced penetration, gedwongen penetratie- wordt dat in de literatuur genoemd. Degene die penetreert is nu niet de dader, maar het slachtoffer. Om dit mogelijk te maken is een erectie nodig. Zoals hierboven vermeldt, kunnen mannen net als vrouwen ook een genitale respons vertonen of klaarkomen, zonder dat ze er seksueel plezier aan beleven. De vrouw als dader is fysiek niet sterker maar kan verbaal geweld gebruiken door te smeken, dreigen, zeuren, of de man chanteren. Macht hoeft dus niet per se fysiek te zijn.

                      Het aantal mannen dat werkelijk seksueel misbruikt wordt door vrouwen is niet bekend. De cijfers zijn ook afhankelijk van wat en hoe je precies seksueel geweld definieert. Als aan mannen wordt gevraagd of ze seksueel geweld hebben meegemaakt, denken zijzelf wellicht ook alleen aan situaties waarin een dader hen penetreert, wat resulteert in (relatief) lage cijfers. Wordt er echter concreter gevraagd naar situaties waarin de man zelf tegen zijn zin in een vrouw penetreert, en de vrouw ook andere machtsmiddelen gebruikt dan fysiek geweld, dan stijgen de cijfers aanzienlijk. Ter illustratie: in een studie die deze brede definitie hanteerde gaf 43% van de mannelijke scholieren en studenten aan een gedwongen penetratie te hebben meegemaakt (French, Tilghman, & Malebranche, 2015).

                      Onbekendheid maar ook onderrapportage spelen bij deze vorm van seksueel geweld waarschijnlijk een belangrijke rol, dus het werkelijke aantal is vermoedelijk nog hoger. Mannen schamen zich vaak voor (deze vorm van) seksueel geweld, waarbij het zogenaamde ‘lucky boy’ fenomeen een rol speelt: lacherig wordt dan gesproken over deze mannen (ook door professionals) dat ze toch blij moeten zijn met de situatie.

                      Gedwongen penetratie in de wet
                      Het idee dat mannen altijd in zijn voor seks, maakt dat dit blijkbaar wordt geaccepteerd en dat mannen die dit meemaken onzichtbaar blijven. Slechts 4 procent van de mannelijke slachtoffers doet aangifte (De Graaf & Wijsen, 2017). Gek genoeg wordt een vrouw die een man tot penetratie dwingt volgens de Nederlandse wet minder zwaar gestraft dan een man die een vrouw verkracht. Gedwongen penetratie kan onder de huidige Nederlandse strafwetgeving niet worden gekwalificeerd als verkrachting, maar wordt als aanranding (artikel 246 Sr) bestraft. Het is op zijn minst vreemd te noemen dat een vader die zijn dochter verkracht maximaal 16 jaar kan krijgen, terwijl een moeder die haar zoon dwingt tot seks maximaal 10,6 jaar gevangenisstraf krijgt. ‘Is het werkelijk minder ernstig als je gedwongen wordt tegen je zin bij een vrouw – je moeder – binnen te dringen?’.

                      Het blijkt dat vooral de term ‘ondergaan’ problematisch is bij de kwalificatie van gedwongen penetratie als verkrachting (Prins & Hondema, 2017). De wetgever is recent geadviseerd om een aanpassing te maken door er ‘of verrichten’ aan toe te voegen waardoor het wel mogelijk wordt om gedwongen penetratie als verkrachting te kwalificeren. Met die suggestie is niets gebeurd, de huidige ongelijkheid is nog steeds niet recht getrokken. Het veranderen van de wet zou niet alleen een stereotype beeld van de grote, boze man die zijn agressie botviert op de onschuldige vrouw kunnen bijstellen, maar ook van symbolische waarde kunnen zijn door schaamte bij mannelijke slachtoffers weg te nemen en daarmee de weg naar hulpverlening te openen (Prins & Hondema, 2017).

                      Gevolgen van seksueel geweld bij mannen
                      Opvallend genoeg worden de gevolgen voor mannen die seksueel geweld hebben meegemaakt over het algemeen onderschat. Ter illustratie: in een recente studie (Studzinska & Hilton, 2017) werd aan ‘gewone’ mensen gevraagd vignetten te beoordelen. De situaties in die vignetten waren identiek (een stagiaire die door hun baas tot seks werd gedwongen), alleen in het ene vignet was de stagiaire een man en de dader een vrouw, en in de andere was het slachtoffer een vrouw en de dader een man. De vraag was: hoeveel leed veroorzaakt dit seksueel geweld bij het slachtoffer in termen van depressie, angst en somatische klachten? Men oordeelde dat vrouwen meer last hadden van het seksueel geweld dan mannen. Kortom: als het seksueel geweld al onthuld wordt door mannen, wordt ten onrechte aangenomen dat ze er dan minder last van hebben dan vrouwen.

                      Dit is onterecht, want de negatieve gevolgen van seksueel geweld bij mannen lijken sterk op die van vrouwen: angst, depressie, seksuele problemen, alcohol- en drugsgebruik, schuld- en schaamtegevoelens en revictimisatie. Bijna de helft van de mannen (47%) en meer dan de helft (56%) van de vrouwen die seksueel geweld hebben meegemaakt, heeft naar eigen zeggen klachten of problemen als gevolg hiervan (De Graaf & Wijsen, 2017). Mannen hebben dus minstens evenveel last van seksueel geweld, het gaat hierbij vooral om psychische klachten en om seksuele en relationele problemen. Als het psychische klachten betreft, komt de diagnose Post Traumatische Stress Stoornis (PTSS) als gevolg van seksueel misbruik ook onder jongens en mannen frequent voor (Kessler, 1995). Kortom, mannen ondervinden net als vrouwen, veel schadelijke gevolgen van seksueel misbruik, en het is belangrijk daarnaar te vragen, en vervolgens –indien nodig- behandeling in te zetten.

                      Behandeling van PTSS
                      In de hulpverlening zijn mannelijke slachtoffers van seksueel geweld een minderheid, slechts 1 op de 5 zoekt hulp (De Graaf & Wijsen, 2017) en dit kan goed worden verklaard vanuit de hierboven beschreven onderbelichting van het probleem door hulpverleners, en de schaamte die slachtoffers kunnen voelen om het probleem aan te kaarten. In 2017 bestond slechts 8 procent van de slachtoffers die zich bij het Centrum Seksueel Geweld meldden uit jongens en mannen (www.centrumseksueelgeweld.nl). Voor mannelijke migrantengroepen is de weg naar de hulpverlening zo mogelijk nog moeizamer.

                      De belangrijkste richtlijnbehandelmethoden voor PTSS, de cognitieve gedragstherapie en EMDR, zijn net zo effectief bevonden bij mannen als bij vrouwen. Net als bij vrouwen is een belangrijk onderdeel van traumabehandeling voor jongens en mannen psycho-educatie over de fysiologische respons tijdens het misbruik. In het geval van jongens of mannen gaat het dan om het krijgen van een erectie of ejaculatie tijdens seksueel geweld. Dit betreft de genitale respons, die bij 1 op de 5 slachtoffers voorkomt: als je lichaam wordt aangeraakt en seksueel geprikkeld wordt, maar ook door activatie van het biologische stress- respons-systeem kunnen mannen en jongens een erectie en ejaculatie krijgen zonder dat dat iets zegt over het plezier, genot of toestemming. Ook anale stimulatie leidt vaak, door stimulatie van zenuwcellen ‘automatisch’ en reflexmatig tot ejaculatie. Plegers maken vaak misbruik van deze genitale respons en de verwarring die daardoor ontstaat bij slachtoffers: “zie je wel, je vindt het zelf ook leuk”. Het is niet verwonderlijk dat de helft van de mannelijke slachtoffers later twijfelt over hun seksuele identiteit (Walker, Archer, & Davies, 2005). Het is dan ook belangrijk uit te leggen dat deze automatische reactie van het lichaam niet betekent dat ze het zelf graag wilden of lekker vonden, en dat er geen reden is voor schaamte.

                      Een ander belangrijk thema dat in de voorlichting aan bod moet komen is verlammen of bevriezen van angst. Ook mannen vertonen, net als vrouwen, soms een bevriezingsreactie in reactie op teveel stress of angst, reacties die vaak bij seksueel geweld voorkomen. In de documentaire Frozen kids van Cees Franke worden diverse mannen gedocumenteerd die vertellen over hun reacties tijdens seksueel geweld, en hoe zij daarmee worstelden. Voor mannen is die bevriezingsreactie extra beladen, aangezien zij denken dat ze, omdat ze ‘van het sterke geslacht’ zijn, juist hadden moeten vechten of zich hadden moeten verzetten.

                      Daarom is het –net als tijdens screening- van belang om de ‘lastige’ thema’s tijdens de behandeling zélf actief te (blijven) bevragen bij de patiënt, en niet te wachten tot de patiënt het zelf aandraagt. Vanwege de schaamte die mannen hebben met onthullen en de hulpverlening die niet altijd adequaat de problematiek inschat, zou (anonieme) e-health een belangrijke rol kunnen spelen bij de behandeling van de gevolgen van seksueel geweld van mannen.

                      Samengevat kan bij mannen na seksueel geweld dezelfde psychologische behandeling worden ingezet als bij vrouwen wanneer sprake is van PTSS, namelijk Cognitieve Gedragstherapie of EMDR. Bepaalde thema’s zijn tijdens de behandeling van belang om actief aan te kaarten: fysiologische reacties en bevriezingsreacties. Behandeling van de gevolgen van seksueel misbruik is belangrijk, onder meer omdat het herhaling van trauma – zgn. revictimisatie – kan voorkomen. Bijna een kwart (24%) van de mannen die seksueel geweld hebben meegemaakt, hebben dit later nog een keer meegemaakt, ongeacht of dit dezelfde of een andere pleger was (De Graaf & Wijsen, 2017). Bij 12% van deze mannen was de dader een ander dan de eerste keer. Er zijn aanwijzingen uit onderzoek dat symptomen die horen bij PTSS, onder andere emotional numbness, een mediërende rol spelen bij revictimisatie, wat het belang van het inzetten van traumabehandeling bij jongens en mannen extra onderstreept.

                      Bron: eenvandaag.avrotros.nl>>

                      #231271
                      Mark
                      Moderator

                        Seksueel misbruik door geestelijken gebeurde vooral op school
                        Meerderheid van gevallen ging over jongens in het onderwijs

                        Seksueel misbruik in de kerk vond in grote mate plaats op school. Voor het eerst raken daar nu cijfers van bekend. Liefst 43 procent van de meldingen die de kerk de afgelopen jaren binnenkreeg, ging over misbruik door geestelijken in het onderwijs.

                        Sinds het schandaal rond de gewezen Brugse bisschop Roger Vangheluwe in 2010 losbarstte, kregen de 10 opvangpunten die de kerk oprichtte 426 meldingen binnen over seksueel misbruik binnen de kerk. Het is een publiek geheim dat veel misbruik door geestelijken zich op school afspeelde. Hoeveel bleef evenwel onduidelijk. Tot nu. Liefst 43 procent van de meldingen gaat over misbruik in een schoolse context, zo leert De Morgen.

                        De andere slachtoffers gaven aan dat ze in hun parochie (28 procent), als misdienaar (5 procent), in de zorg (5 procent) en in de jeugdbeweging (4 procent) misbruikt werden door geestelijken. Zo’n 15 procent gaf aan in andere situaties misbruikt te zijn, zoals in familiale context.

                        Constant gezelschap
                        De cijfers komen uit een rapport dat de Belgische bisschoppenconferentie bestelde bij professor emeritus Manu Keirse (KU Leuven). Keirse, onder meer als voorzitter van de Interdiocesane Commissie voor de Bescherming van Kinderen en Jongeren betrokken bij het dossier, analyseerde in hun opdracht alle aangiftes. Het volledige rapport zal in januari gepubliceerd worden.

                        Dat scholen met stip op één staan, valt makkelijk te verklaren, zegt de professor klinische psychologie. “Misdienaars konden na de misviering weer naar huis”, zegt Keirse. “De tijdspanne waarin ze alleen bij de priester waren, was veel kleiner. Dat lag totaal anders op internaten, waar veel gevallen van misbruik zich afspeelden. Die kinderen waren daar constant in het gezelschap van de geestelijken en gingen maar heel af en toe naar huis.”

                        ‘Daders van seksueel misbruik binnen de kerk waren voornamelijk mannen. Daardoor was er veel meer misbruik op jongensscholen dan op meisjesscholen’

                        MANU KEIRSE, PROFESSOR EMERITUS KU LEUVEN

                        Lang in stilte lijden
                        Keirse hield ook alle meldingen onder de loep die binnenkwamen bij het Centrum voor Arbitrage. Dat werd op vraag van de parlementaire commissie en met medewerking van de kerk opgericht en boog zich over 628 verjaarde zaken. Uit de analyse van die meldingen blijkt dat voornamelijk jongens slachtoffer werden op school. Zo’n 59 procent van de mannelijke slachtoffers gaf aan in een schoolse context te zijn misbruikt, tegenover slechts 18 procent bij de vrouwen.

                        “We spreken over decennia geleden, toen werd school vooral gezien als iets voor jongens”, verklaart Keirse. “Zeker op internaat gaan was veel meer voor jongens weggelegd dan voor meisjes. Reken daar ook nog bij dat de daders van seksueel misbruik binnen de kerk voornamelijk mannen waren, waardoor er veel meer misbruik was op jongensscholen dan op meisjesscholen.”

                        In de analyse van de arbitragecijfers valt ook op hoelang veel slachtoffers al met hun verhaal rondliepen. Vaak zonder er ooit over gesproken te hebben, zegt Keirse. “Hoe langer een zaak geleden is, hoe langer de slachtoffers meestal in stilte geleden hebben. Goed 92 procent van de meldingen ging over feiten die meer dan 28 jaar oud waren, 56 procent zelfs meer dan 48 jaar oud. Meer dan de helft sleept dit dus al een halve eeuw of langer met zich mee.”

                        Het Centrum voor Arbitrage behandelde intussen de 628 verjaarde zaken. In 625 gevallen werd de zaak afgesloten met een ‘verzoening’ tussen het slachtoffer en de kerk, die de plaats van de beschuldigde innam. In totaal keerde de kerk 3,9 miljoen euro aan schadevergoedingen uit.

                        Bron: demorgen.be

                      10 berichten aan het bekijken - 31 tot 40 (van in totaal 97)
                      • Je moet ingelogd zijn om een antwoord op dit onderwerp te kunnen geven.
                      gasten online: 12 ▪︎ leden online: 2
                      Lotteeh, Maartje1
                      FORUM STATISTIEKEN
                      topics: 3.766, reacties: 21.156, leden: 2.812