Kindermisbruik (algemeen)

Dit onderwerp bevat 80 reacties, heeft 6 stemmen, en is het laatst gewijzigd door Luka 17/05/2019 om 21:10.

25 berichten aan het bekijken - 51 tot 75 (van in totaal 81)
  • Auteur
    Berichten
  • #230261

    Luka
    Moderator

    Papa kijkt kinderporno
    Artikel VPRO Gids n.a.v. ‘De vrouw van een pedofiel’

    In de documentaire ‘De vrouw van een pedofiel’ (BNNVARA – Channel 4) vertellen vrouwen wat er met hun gezin gebeurde nadat hun man was opgepakt voor het bezit van kinderporno.

    Helen, 44 jaar getrouwd met Robert, heeft haar mooiste jurk aangetrokken voor wat een feestelijke dag moet worden. De afgelopen twee jaar zat Robert vast wegens bezit van kinderporno. Vandaag komt hij vrij.

    Helen is een van de echtgenotes die te zien zijn in de Britse documentaire Married to a Paedophile (Nederlandse titel: ‘De vrouw van een pedofiel’), die nu door BNNVARA wordt uitgezonden. De film is niet alleen uitzonderlijk vanwege het precaire onderwerp, maar ook door de inventieve vorm. De mensen die vertellen wat hen is overkomen, blijven onzichtbaar, maar hun stemmen zijn echt. Acteurs lipsyncen hun stemmen zo nauwkeurig dat het niet zichtbaar is voor wie het niet weet. Regisseur Colette Camden moest haar toevlucht nemen tot deze oplossing omdat niemand die te maken krijgt met kinderporno bereid is daar voor een camera over te vertellen. Geen zwarte balkjes, geblurde gezichten of vervormde stemmen dus, maar acteurs die de gebeurtenissen naspelen.

    Kate vertelt hoe ze haar man Alex de deur uitzette nadat de politie was binnengevallen, op zoek naar kinderporno. Hun twee dochters, begin twintig, hebben de relatie met hun vader niet verbroken. Hij is zijn baan kwijt, woont in een caravan en probeert van zijn pornoverslaving af te raken. Zij is afwisselend boos, verdrietig en verslagen.

    Helen is in de zestig en al vanaf haar achttiende getrouwd met Robert. Ze hebben twee kleinkinderen. De manier waarop zij met deze situatie omgaat, zal heel wat teweegbrengen bij kijkers. Want Helen laat Robert niet vallen. Ze houdt nog altijd van hem en kan zich geen leven zonder hem voorstellen. Dat hij niet in de buurt van zijn kleinkinderen mag komen, maakt het allemaal nog pijnlijker.

    In anderhalf uur krijg je een realistisch beeld van wat er gebeurt in een doorsnee gezin wanneer vader of opa gepakt wordt vanwege het bezit van kinderporno. Voor daders is er, behalve uiteraard straf, ook begeleiding en therapie. Maar welke gevolgen heeft dit voor hun vrouw en kinderen?

    Lees verder op 2doc.nl >>

    #230262

    Luka
    Moderator

    Downloaders
    “Hallo, ben jij Jan?” – Zo confronteerden we kinderporno-downloaders met hun gedrag

    Van de 82 Nederlandse kinderporno-downloaders van wie we de gegevens te pakken kregen, zochten Dirk en Tom er een aantal op. “We vonden bestanden met kinderporno. Ook bij jou, Jan.”

    “Hallo, ben jij Jan?”, vragen we aan de man die ons tegemoet loopt. “Ja, dat ben ik.” Wij weten dat hij Jan heet, want het is geen toeval dat we hem hier op de stoep iets vragen. We observeren hem al anderhalf uur vanuit een auto aan de overkant van de straat. Net zoals we dat twee dagen daarvoor ook al deden, al zaten we er toen drie uur lang: Hans bleek nog een borrel te hebben, die wat uitliep. Als Jan eindelijk naar buiten komt en we uit de auto stappen, pakt hij nietsvermoedend de fiets en rijdt hij onverwachts een andere route dan die hij de dag ervoor had gereden. Toen stonden Dirk en ik ook al hier. “Hoezo? Waarom willen jullie weten wie ik ben?” vraagt hij.

    Nou, dat gaan we hem even vertellen.

    Lees verder op de site van Brandpunt + / KRO-NCRV >>

    #230356

    Mark
    Moderator

    Als kind misbruikt

    ‘Ze zeggen dat het verdriet weer over gaat’

    SEKSUEEL GEWELD. LADY GAGA SCHREEF ER KORTGELEDEN EEN NUMMER OVER: TILL IT HAPPENS TO YOU. GAGA VRAAGT MET DEZE SONG AANDACHT VOOR DE VELE JONGEREN DIE JAARLIJKS SLACHTOFFER WORDEN VAN AANRANDING EN VERKRACHTING. IN NEDERLAND KUNNEN WE DAAR OVER MEEPRATEN. NAAR SCHATTING WORDEN IN ONS LAND IEDER JAAR 62.000 KINDEREN VOOR DE EERSTE KEER SLACHTOFFER VAN EEN VORM VAN SEKSUEEL GEWELD.

    Eén op de drie kinderen maakt ooit een vorm van seksueel misbruik mee, becijfert de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen. Emeritus hoogleraar kindermishandeling Francien Lamers is iets voorzichtiger in het geven van cijfers, maar van één ding is ze zeker: ‘Benadruk alsjeblieft dat de meeste plegers NIET de vader zijn’, zegt ze. ‘Dat is belangrijk, want die fabel blijft maar hangen, lijkt er niet uit te rammen.’ Lamers, die gedurende haar carrière veel misbruikte kinderen zag, vervolgt: ‘Ongeveer zestig procent van de plegers is bekend bij het kind, maar dat zijn géén gezins- of familieleden; het zijn vrienden van het gezin, babysitters, mensen van het kinderdagverblijf, coaches van de sportclub, de buren, noem maar op.’ Zo’n dertig procent van de plegers van seksueel geweld bij kinderen is wél gezins- of familielid. ‘Vaders, stiefvaders, moeders, opa’s, oma’s, broers, zussen, neefjes, nichtjes…’

    Lees verder op fier.nl >>

    #230988

    Luka
    Moderator
    #231125

    Mark
    Moderator

    Toename in meldingen seksueel misbruik, ‘politie moet meer digitaal onderzoek doen’

    De politie moet vaker digitaal onderzoek doen bij een verdenking van kindermisbruik, vindt de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen. Uit een vandaag gepubliceerd rapport blijkt dat een derde van de zedenzaken met een minderjarig slachtoffer wordt geseponeerd wegens gebrek aan bewijs. Het gaat om bijna 500 zaken per jaar.

    ‘13.000 meisjes en 8.000 jongens werden in 2016 slachtoffer van seksueel geweld’

    “De politie doet veel digitaal onderzoek in online zaken, zoals kinderporno, maar bij fysiek seksueel misbruik is dat nog niet standaard”, zegt Nationaal Rapporteur Herman Bolhaar.

    Volgens hem zou dat wel moeten, om meer kans te maken op het vinden van bewijs. “Het is in dit soort zaken vaak het ene verhaal tegen het andere. Je hebt dan meer nodig dan een verklaring van het slachtoffer of een getuige. Daarom zou de politie nog meer naar aanknopingspunten moeten zoeken op smartphones, computers en op internet.”

    De politie erkent de kritiek van de Nationaal Rapporteur en zegt dat zedenafdelingen steeds meer digitaal rechercheurs krijgen. “We hebben al grote stappen gezet, maar willen in de toekomst nog meer digitaal opsporen”, zegt Walter van Kleef die bij de politie verantwoordelijk is voor zedenzaken.

    Zorgelijk
    Het aantal meldingen over seksueel misbruik van kinderen nam de laatste jaren toe, blijkt uit het onderzoek. In 2013 waren er 2900 meldingen, in 2017 waren het er 3400. Ongeveer de helft daarvan leidt tot een aangifte.

    Op het gebied van kinderporno explodeert het aantal tips. De Nationaal Rapporteur spreekt van een verzesvoudiging in een paar jaar tijd.

    Toch neemt het aantal zedenzaken dat voor de rechter wordt gebracht juist af. In 2013 stelde het Openbaar Ministerie nog 2000 keer vervolging in, in 2017 was dat aantal gezakt tot 1400. “Dat vind ik zorgelijk”, zegt rapporteur Bolhaar.

    Moeilijke onderzoeken
    Volgens de politie komt de daling door steeds ingewikkeldere kinderporno-onderzoeken. “Wij willen vooral de kinderen opsporen die slachtoffer zijn”, zegt Van Kleef. “Dat zijn lastige onderzoeken waar we veel tijd in stoppen, maar die vinden we belangrijker dan de relatief makkelijke onderzoeken naar downloaders van kinderporno.”

    De politie benadrukt ook dat opsporing het kindermisbruik maar ten dele oplost en dat meer geïnvesteerd moet worden in preventie. Verder kijkt de overheid met internetbedrijven hoe materiaal van seksueel misbruik van internet geweerd kan worden.

    Bron: nporadio1.nl

    Beluister de uitzending van NOS Radio 1 Journaal van 22 november.

    #231176

    Luka
    Moderator

    Aangiftes tegen digitale kinderlokkers blijven uit, politie start campagne

    Het aantal minderjarige slachtoffers dat aangifte doet van digitaal kinderlokken, stijgt licht. Toch blijft het aantal relatief laag. Het vermoeden bestaat dat er veel meer slachtoffers zijn. De politie begint daarom binnenkort een campagne om slachtoffers te wijzen op het belang van aangifte doen.

    Tot en met september dit jaar hebben in Nederland 26 slachtoffers bij de politie aangifte gedaan van digitaal kinderlokken, het zogenoemde grooming. In 2016, het eerste jaar waarin deze meldingen apart zijn genoteerd in de politiesystemen, ging het landelijk om 21 aangiften, vorig jaar waren dat er 20. Een oorzaak van de stijging dit jaar kan de politie niet geven. ,,Het hoeft niet te betekenen dat het vaker voorkomt. Mogelijk zijn nu meer slachtoffers bereid aangifte te doen’’, zegt een woordvoerster van de politie.

    Lees verder op de site van De Gelderlander >>

    #231177

    Luka
    Moderator

    Licht verstandelijk beperkte jeugd vaker slachtoffer van sexting, grooming en cyberpesten

    Zorgprofessionals merken dat jongeren met een IQ onder de 85 – een groep die in Nederland zo’n 200.000 jongeren telt – vaak in de problemen komt door social media gebruik. De helft van de jongeren met een licht verstandelijke beperking legt online contact met wildvreemden. Ook zijn ze vaker slachtoffer van het verspreiden van seksueel getinte beelden (sexting) en cyberpesten.

    Ruim vier op de tien medewerkers in de zorg en het onderwijs merken dat de jongeren online gepest worden of zélf online pesten. Dat blijkt uit een onderzoek onder bijna 400 beroepskrachten in het onderwijs en de zorg die werken met jongeren met een beperking. Dit onderzoek is in opdracht van Mediawijzer.net uitgevoerd door het Nederlands Jeugdinstituut en de OnderwijsSpecialisten en wordt vandaag, in de Week van de Mediawijsheid, gepresenteerd.

    Lees verder op de site van het Algemeen Dagblad >>

    #231882

    Mark
    Moderator

    ‘Dat niemand iets deed, beschadigde mij meer DAN DE VERKRACHTINGEN ZELF’

    Kim van Laar (34) werd in haar jeugd verwaarloosd. Door een afwezige vader en een instabiele moeder kon de buurman haar jarenlang misbruiken. Nu vertelt ze haar verhaal op scholen, opdat ook anderen erover durven te praten. Momenteel kleurt, in het kader van geweld tegen vrouwen en meisjes, ‘s avonds en ‘s nachts een aantal gebouwen oranje. Dat duurt tot Human Rights Day (10 december). In het kader daarvan herplaatsen we Kims verhaal, dat eerder in juni 2017 op VROUW.nl stond.

    “Mensen zijn altijd verbaasd als ze horen dat ik slachtoffer ben van kindermishandeling: ‘Goh, jij?’ Blijkbaar moet je er dan anders uitzien, je zielig gedragen. Maar kinderen die zijn mishandeld hebben juist veel kracht. Ze hebben alles in de gaten, voelen haarfijn aan wie ze voor zich hebben, beter dan menig professional.

    VERANTWOORDELIJKHEID
    Ik leerde al vroeg voor mijn zusje en broertje te zorgen. Mijn moeder was niet stabiel. Vaak kwam ze ’s ochtends haar bed niet uit en moesten wij onszelf zien te redden. Ik wist niet dat het abnormaal was dat ik zoveel verantwoordelijkheid kreeg.

    Ik gaf mijn broertje de fles en toen ik een jaar of 7 was noemde hij mij zelfs ‘mama’. Mijn vader had wel in de gaten dat het thuis niet lekker liep, maar hij werkte veel. Wel was hij stipt om 18 uur thuis, wat mij het gevoel gaf: op hem kan ik bouwen.

    PILLEN
    Op mijn 13de gingen mijn ouders uit elkaar. Mijn vader kreeg een andere relatie, wat mijn moeder niet had zien aankomen… Ze sloeg helemaal door. Op een dag kwam ik thuis en zag ik een grote vuurbal in de tuin; ze had alle spullen van mijn vader in brand gestoken.

    De huisarts schreef pillen voor, maar daar werd ze alleen maar hysterischer door. Het beetje stabiliteit dat er was, was in één klap weg. Mijn broertje en zusje bleven bij mijn moeder. Ik mocht kiezen. Ik ging liever naar mijn vader, maar vond het belangrijker om mijn broertje en zusje in de gaten te houden.

    VECHTSCHEIDING
    Het werd een vechtscheiding en ik mocht mijn vader niet meer zien. Nee, hulp zocht ik niet. Ik was aan het overleven, dacht alleen maar: ‘Ik moet zorgen dat het goed gaat met mijn broertje en zusje.’ En ik was allang blij dat mijn moeder er nog was; ze dreigde vaak dat ze weg zou lopen.

    Onze nieuwe buurman werd een huisvriend. Hij was heel aardig en uitbundig, maar ik merkte meteen dat er iets niet klopte. Ik was het niet gewend dat iemand me steeds knuffelde. Mijn moeder zei: ‘Dan zeg je er toch iets van?’. Absurd, maar op diezelfde dag heeft hij mij voor het eerst aangerand en ik kon niet zeggen dat ik het niet wilde, durfde niet voor mezelf op te komen.

    VERKRACHT
    Vanaf dat moment ging het heel snel. Bijna drie jaar lang ben ik door hem verkracht. Dat gebeurde in parkjes waar we ’s avonds met de auto naartoe gingen. Onder het mom van ‘samen de hond uitlaten’. De buurman was getrouwd en had kinderen. Dus ik zei: ‘Dit mag jij niet doen, je gaat vreemd.’

    Bizarre gedachte natuurlijk, maar ik zag het niet als een verkrachting. Hij indoctrineerde mij, zei dat we verliefd op elkaar waren. Moet je nagaan: ik was 13, hij 56! Toen ik me begon te verzetten, dreigde hij dat hij mijn zusje zou pakken en uit angst stribbelde ik niet meer tegen. Het laatste jaar verkrachtte hij me bijna elke dag. Geloof me, dan blijft er niks meer van je over.

    SLEUTEL
    Het kan niet anders, dan dat mensen in onze omgeving er iets van hebben meegekregen. Dat niemand iets deed, heeft me nog meer beschadigd dan het verkrachten zelf.

    Het stopte pas toen we gingen verhuizen en hij van dat nieuwe huis geen sleutel had. In die nieuwe omgeving kon ik opeens zeggen: ‘Mijn kamer uit, hier gaat het niet meer gebeuren.’ Opeens was ik veilig, maar was er ook ruimte om te voelen. Alles wat ik in mijn leven had doorstaan, kwam er in één keer uit.

    CRISISOPNAMES
    Ik trok letterlijk de haren uit mijn hoofd, sneed mezelf, kon niet eten… Mijn moeder stuurde me naar een maatschappelijk werker. Zij vertelde dat een kind nooit schuldig is over wat het meemaakt. Dit was voor mij het begin van verwerking, van echt voelen wat er was gebeurd; een zwaar proces.

    Er volgden heel veel therapieën, verschillende crisisopnames… Het heeft zeker tien jaar geduurd voordat ik er weer was. In de tussentijd besloot ik pedagogiek te gaan studeren, wilde met kinderen werken. En ik dacht: ‘ik kan iets positiefs maken van wat er is gebeurd door erover te praten.’

    VEEL PIJN
    Kort daarna vertelde ik in Klokhuis over de verwaarlozing, dat mijn moeder me nooit knuffelde. Heel heftig, maar het voelde ook goed. Inmiddels vertel ik mijn verhaal aan jong en oud: van politieagenten en hulpverleners tot scholieren.

    Met in totaal zes jonge ervaringsdeskundigen vormen we Team Kim en geven we workshops en gastlessen door het hele land. Onze overeenkomst is dat we ons niet gezien voelden en dat heeft ons veel pijn gedaan.

    KINDERMISHANDELING
    Maar ons uitgangspunt is niet: ‘Ik ben zo zielig.’ Onze verhalen geven kracht. Het is onze missie anderen te inspireren er voor elkaar te zijn. Onze grote kracht is dat we er niet alleen, maar als team staan, dat we kunnen elkaar ondersteunen.

    Je verhaal op een professionele manier vertellen zodat mensen er ook iets aan hebben, is niet eenvoudig. Maar we zijn enorm gedreven om de aanpak van kindermishandeling te verbeteren. We kunnen echt verschil maken, daar ben ik trots op.

    REDDEN
    Ik wil dat ieder kind weet wat het kan doen als het thuis niet goed gaat. En dat iedere school zorgt dat het veilig is om hierover te praten. Want hoe eerder je praat, hoe kleiner de schade.

    Mensen weten vaak niet wat ze kunnen betekenen voor een ander. Hulpverleners willen een kind vaak ‘redden’, maar geloof me, daar zit het niet op te wachten. Als ze mij bij mijn zusje en broertje hadden weggehaald, zouden ze me diepongelukkig hebben gemaakt.

    BUURMAN
    Dan liever een gesprek – zonder te veroordelen – met mijn ouders: ‘Hoe gaat het nu echt met jullie?’ Tenslotte waren zij verantwoordelijk voor ons. Of had mij apart genomen: ‘Hoe gaat het nou met jou?’ Het zit ‘m in de kleine dingen. Een vriendelijk gezicht kan wonderen doen.

    Op aandringen van een verpleegkundige heb ik aangifte tegen ‘de buurman’ gedaan. Hij bekende direct, is veroordeeld en heeft zeven maanden vastgezeten. Aan wat er is gebeurd heb ik een posttraumatisch stresssyndroom overgehouden.

    STRESSHORMOON
    Ik maak te veel stresshormoon aan, moet goed op mezelf blijven letten. Als ik slecht slaap, raak ik angstig. Gelukkig heb ik lieve mensen om me heen bij wie ik terechtkan. Ik ben ook altijd in contact gebleven met mijn broertje en zusje.

    We hebben allemaal onze weg gevonden en daar ben ik trots op. Ook met mijn moeder heb ik goed contact. Daar heb ik hard aan gewerkt. Doordat ik er zo open over heb gesproken, heeft mijn moeder onlangs toegegeven dat ze het fout heeft gedaan, dat ze niet heeft ingegrepen.

    DADER
    Nu kan ik haar weer recht in de ogen aankijken. Ik heb haar heel lang veel kwalijk genomen; waarom was ze niet voor me opgekomen? Maar ik zie haar niet als dader. Ook zij werd vroeger mishandeld, ook bij haar greep niemand in. Met mijn vader heb ik oppervlakkiger contact. Ik heb nog niet alle antwoorden gekregen die ik wil hebben, dat is een proces.

    Ik hoop moeder te worden. Ik heb een heel leuke vriend en we willen graag een gezin. Ik vind het wel spannend. Mishandelen wordt vaak van generatie op generatie doorgeven.

    Dat is ook bij mijn familie gebeurd en het is mijn grote angst dat het verder gaat. Aan de andere kant heb ik zoveel geleerd in mijn leven en als pedagoog al met heel veel kinderen gewerkt… Dat geeft me vertrouwen.”

    FEITEN OVER KINDERMISHANDELING

    • In Nederland worden ruim 118.000 kinderen blootgesteld aan een vorm van kindermishandeling. Dit is ruim 3%.
    • Vaak gaat het om emotionele (36%) en fysieke verwaarlozing (24%). Seksueel misbruik wordt het minst gemeld (4%).
    • Per jaar overlijden er ongeveer 50 kinderen aan de gevolgen van kindermishandeling.
    • In het VN Kinderrechtenverdrag staat dat overheid en gemeenten verplicht zijn zich in te spannen om kinderen te beschermen tegen mishandeling. (Bron cijfers: Nationale Prevalentiestudie Mishandeling (NPM), 2011)
    • Over het werk van Kim van Laar en haar team is de documentaire ‘Onze stem, onze kracht’ gemaakt (NL 2017) gemaakt.
    • In mei is de stichting Stop kindermishandeling opgericht om het team te ondersteunen.

    Bron: vrouw.nl

     

    Trailer ‘Onze stem, onze kracht’.

    #232023

    Mark
    Moderator

    Logeerpartijtje eindigt in trauma voor Jessica (11): ‘Haar leven is kapot’

    Jarenlang misbruik in een dorp van nog geen 600 inwoners. De levens van ouders en kinderen uit het Maasdorpje Alem, vlakbij Den Bosch, staan sinds deze zomer volledig op hun kop. Het vergt moed om het zwijgen over misbruik te doorbreken, maar de 11-jarige Jessica deed het en bracht zo een groot schandaal aan het licht. Moeder Katrina is trots op ‘haar meisje’ en vertelt voor het eerst haar verhaal. ,,Er zijn hier in Alem families verscheurd, kinderlevens kapotgemaakt.”

    Lees dit premium artikel verder op ad.nl of als lid van LSG in het ledendeel.

    #232464

    Mark
    Moderator

    Misbruik bij getuigen van Jehova: “Naar justitie stappen doen ze nooit”

    Erwin getuigt hoe zijn gezin ontwricht werd

    Erwins dochter Marie is seksueel misbruikt bij de getuigen van Jehova. Hoe lang, dat weet Erwin niet. Al meer dan tien jaar ontzeggen Jehova’s getuigen hem elk contact met zijn dochter. “Ik ben 100 procent zeker dat men nooit naar de politie is gestapt. Bij Jehova’s getuigen moet iedereen zwijgen.”

    De afgelopen dagen is de officiële sektewaakhond IACSSO overstelpt met tips en getuigenissen. Dat gebeurde nadat De Morgen schreef over een rapport over het toedekken van seksueel misbruik bij Jehova’s getuigen. “Niet alleen ex-leden, maar ook leden van Jehova’s getuigen hebben sindsdien contact opgenomen”, zegt IACSSO-directeur Kerstine Vanderput. “We onderzoeken die stuk voor stuk.”

    Lees dit premium artikel verder op demorgen.be of als lid van LSG in het ledendeel.

    #232644

    Mark
    Moderator

    ‘Vermoed jij dat je kind wordt misbruikt?
    VRAAG DOOR!

    GZ-psycholoog Harriet Hofstede werkt, al 25 jaar, met misbruikte kinderen en jongeren. Maandag, de Internationale Dag van de Rechten van het Kind, komt haar boek ‘Seksueel misbruik, wegkijken of weten hoe het werkt uit‘. “Als je weet hoe misbruikers werken, dan doorzie je het sneller.”

    Je hoop het nooit mee te maken, maar seksueel misbruik komt overal voor. Op school, op de voetbal of hockey, binnen de familie… Volgens Harriet Hofstede is het voor misbruikers essentieel dat hun slachtoffer(s) het geheim houden; zo kunnen ze hun gang blijven gaan. In haar boek laat ze zien hoe plegers van misbruik manipuleren en wat hun werkwijzen zijn.

    “Kennis is macht. Ik hoorde van een jongere dat toen hij las hoe misbruikers te werk gaan, alle puzzelstukjes op hun plaats vielen. Jarenlang had hij gedacht dat het aan hem lag. Toen hij snapte hoe hij gemanipuleerd werd, snapte hij ook hoe het hem kon overkomen en kon hij er iets aan doen.”

    PRIVÉLES
    Door te beschrijven hoe grooming (iemand langzaam beïnvloeden en bewerken zodat vroeger of later seks mogelijk is, red.) werkt kun je je veel beter wapenen, bijvoorbeeld tegen die ‘leuke’ leraar Engels waardoor hij niet steeds een stapje verder gaat.

    Harriet: “Diegene die groomt doet dat door het slachtoffer het gevoel te geven dat hij/zij er zelf voor kiest. Bijvoorbeeld door te zeggen: ‘Goh, jij bent zo goed. Ik kan jou weleens privéles geven.’ Het slachtoffer heeft dan het gevoel voor deze situatie gekozen te hebben.”

    GEZELLIGHEID
    “Of iemand wordt huisvriend en groomt de ouders. Of het is een oom of iemand die heel goed ligt binnen de familie. Dan moet je van goeden huize komen, wil je durven aangeven dat er dingen met je worden gedaan die je niet fijn vindt.

    Daders zeggen vaak dingen als ‘Je wou het zelf?’ of ‘Jij vond het spannend’. Soms is de jongere in de war daar over, omdat hij/zij wel wat warmte, aandacht en gezelligheid zocht. Maar dus iets anders kreeg.”

    VECHTSCHEIDING
    “Het zijn ook vaak jongeren die wat eenzaam zijn. Bijvoorbeeld omdat hun ouders veel ruzie maken en in een vechtscheiding zitten, of hard aan het werk zijn omdat ze schulden hebben. Dat maakt een jongere geïsoleerder en kwetsbaarder en een dader pikt dat op via internet of in real life. Die zegt dan ‘Ik snap waar je mee zit’ en gebruikt de situatie om de jongere te groomen. Als je die manier eenmaal herkent, kun je je er beter tegen wapenen.

    Als je weet hoe het werkt zul je het sneller doorzien en er niet (meer) intrappen. Het kan helpen te zien hoe ze te werk gaan. Ze brengen het zo dat jij je schuldig voelt, door bijvoorbeeld te zeggen ‘Jij zei geen nee’ of ‘Had je maar geen klein topje moeten dragen’.”

    MACHTSVERHOUDING
    “Een ander trucje is bijvoorbeeld te doen alsof het hun óók overkomt. Alsof ze er geen schuld aan hebben, dat het aan jou ligt. Of ze gaan het goedpraten, door te vertellen dat zij het ook heel moeilijk hebben. Maar als jij vanbinnen voelt dat je het niet wil, maar ook geen ‘Nee’ durft te zeggen dan begint er al iets fout te gaan.

    Vooral relaties met een machtsverhouding kloppen niet. Als een volwassene seks heeft met jouw dochter van 13. Of als iemand coach is, begeleider of leraar; dan is het sowieso fout. Zelfs als jouw dochter smoorverliefd is. Dan is het strafbaar, omdat iemand misbruik maakt van de professionele relatie.”

    DOORVRAGEN
    Harriet geeft in haar boek ook nog tips hoe je met je kind kan praten als je vermoedens hebt van misbruik: “Heb de wil om te weten wat er aan de hand is en durf door te vragen. Als je kind aangeeft dat het niet meer wil voetballen, zeg dan niet dat je al betaald hebt en dat je wil dat hij doorgaat, maar vraag waarom hij niet meer wil gaan. Natuurlijk hoop je dat het meevalt, maar praat erover en luister vooral. Houd je mening voor je, want voor je het weet versterk je gevoelens van schaamte en schuld.

    Ook is het belangrijk je kind te geloven. Schuld en schaamte maken dat slachtoffers niet praten. Drank wordt veel gebruikt als excuustruus, maar zelfs als iemand dronken was, dan nog geeft het niemand recht om te misbruiken.”

    TRUCS
    Dit zijn volgens Harriet trucs van plegers:

    1. Het slachtoffer de schuld geven: ‘Ze wou het zelf.’
    2. Het misbruik ontkennen: ‘Het was geen misbruik maar gewoon seksuele voorlichting.’
    3. Doen of de jongere liegt: ‘Je moet dat kind niet geloven.’
    4. Geen verantwoordelijkheid nemen: ‘Het overkwam me allemaal.’
    5. Het seksueel misbruik goedpraten: ‘Ik wilde haar helpen.’
    6. Doen alsof het allemaal niet zo erg is: ‘Het viel allemaal wel mee.’
    7. Geheimhouding eisen: ‘Dit is ons geheim, anderen zullen dit niet begrijpen.’
    8. Zielig doen: ‘Ik heb zoveel meegemaakt, jij bent voor mij de reden om verder te leven.
    9. Twee gezichten hebben en je zo in de war maken: ‘Het leek zo’n ontzettend aardige man.’
    10. Het misbruiken van macht en kracht: ‘Mijn broer is twee keer zo groot als ik.’

    Bron: vrouw.nl, 19 november 2017

    #232646

    Mark
    Moderator

    Ela Hutten werd misbruikt DOOR HAAR ZWEMCOACH

    Zij was 12 en droomde van een carrière als topsporter. Hij was 28 en wilde veel meer zijn dan alleen haar zwemcoach. Pas toen ze op haar 14e een nieuwe trainer kreeg, vond Ela Hutten (inmiddels 24) eindelijk de moed om over het misbruik te vertellen. Helaas liep het heel anders af dan ze had gehoopt. “Had ik maar nooit aangifte gedaan.”

    Vorige week kwam haar boek ‘Onder water‘ uit, waarin ze schrijft over hoe ze van haar 12e tot haar 14e seksueel misbruikt werd door haar zwemcoach Alfons (een gefingeerde naam).

    GROTER DOEL
    Eigenlijk schreef ze haar ervaringen alleen op voor haar eigen verwerking, met het idee het boek daarna diep weg te stoppen in de kast. Maar toen misbruik in de sport afgelopen jaar in het nieuws kwam, wist Ela dat het boek een groter doel diende.

    “Om te laten zien dat het veel vaker voorkomt dan iedereen denkt, is het belangrijk dat slachtoffers naar buiten treden”, zegt ze. “Alleen dán is er kans dat er ooit iets verandert. Eerst dacht ik wel even: ‘Waarom moet ik per se die persoon zijn? Maar als ik het niet doe, wie dan wel?'”

    IN DE AUTO
    ‘Alfons’ misbruikte Ela meestal als hij haar in de auto naar huis bracht, of tijdens looptrainingen in het bos. Dan zoende hij haar, verdwenen zijn handen onder haar kleren en zei hij dat hij verliefd op haar was. En hoe vaak ze ook zei dat ze dit niet wilde, dat ze pas 12 was; hij stopte niet. Hij ging juist steeds verder.

    Pas op haar 14e kwam onverwacht het hele verhaal eruit, tijdens een tienminutengesprekje met haar mentor. Dat ze er niet eerder over durfde te praten, ligt volgens haar onder andere aan de scheve machtsverhouding tussen coach en pupil.

    OP EEN BRUG
    “Ik leefde voor het zwemmen en hij was een goede trainer”, legt ze uit. “Als ik iets wilde bereiken in de sport, had ik hem voor mijn gevoel nodig. Ik zag geen andere mogelijkheid dan toelaten wat hij deed.”

    “Daarbij had ik ook ergens een beetje medelijden met hem”, verduidelijkt Ela. “Hij had geen vrienden en een slechte band met zijn ouders. Soms belde hij me huilend op, of stuurde hij een foto om te laten zien dat hij op een brug stond en wilde springen. Daarmee zette hij me onder druk. Maar ik vond het ook oprecht zielig. Ik haatte hem, maar wilde hem ook niet kwetsen door hem te verraden.”

    INGESTORT
    “Er wordt weleens gezegd dat als je een goede band met je ouders hebt, je zoiets niet verzwijgt”, vervolgt ze. “Maar, en dat hoor ik ook van andere slachtoffers, het is eerder andersom.”

    “Juist omdát we zo’n goede band hadden, wilde ik hen geen pijn doen. Hoe vaak ze ook bij me kwamen zitten en vroegen: ‘Wat is er, doet hij soms iets wat je niet wil?’. Ik kon het gewoon niet zeggen.”

    GENEESKUNDE
    Aan de ene kant is Ela het toonbeeld van iemand die, ondanks alles, succesvol is geworden. Ze studeert geneeskunde met het doel om kinderarts te worden, heeft net een huis gekocht met haar vriend en doet nog steeds op hoog niveau aan reddingszwemmen – nu met haar vader als trainer. Maar ze is er nog lang niet.

    Vorig jaar besloot ze zelfs tijdelijk haar studie op een laag pitje te zetten, omdat ze finaal was ingestort. “Ik zat niet lekker in mijn vel, kon me niet concentreren en sliep slecht. Dan werd ik zwetend en in paniek wakker omdat ik droomde dat hij me achtervolgde of vermoordde.”

    DORPJE VLAKBIJ
    “Hoewel ik weet dat hij me niets meer zal doen, ben ik onbewust blijkbaar nog steeds bang. Dat hij in een dorpje vlakbij is gaan wonen en ik hem dus altijd tegen kan komen, helpt niet mee.”

    In Onder water vertelt Ela ook over het desastreuze verloop van de rechtsgang: de dader wist de zaak vijf jaar te rekken, bijvoorbeeld door keer op keer niet op te komen dagen bij de zitting. En hoewel hij in hoger beroep opnieuw schuldig werd bevonden, werden de opgelegde vier maanden cel uiteindelijk omgezet in een taakstraf.

    NIEUW SLACHTOFFER
    Voor Ela voelt dat als een trap na. “Als ik dit had geweten, had ik nooit aangifte gedaan. Elke keer de urenlange verhoren, de mentale voorbereiding op een confrontatie in de rechtszaal, de teleurstelling als het wéér niet doorging… Dat is het me echt niet waard geweest.”

    “Ik deed aangifte omdat ik hem wilde stoppen, dat is niet gelukt. Ik weet vrij zeker dat hij meteen na mij een nieuw slachtoffer had. Maar Justitie gaf aan dat ze daar niets mee konden, zolang dat meisje zelf geen aangifte deed. Kortom: hij kan weer verder, maar ik heb levenslang.”

    SLACHTOFFER
    Ze hoopt dat haar boek iets teweegbrengt, zodat alles toch niet helemaal voor niets is geweest. “Ik hoop dat er kritisch gekeken wordt hoe slachtoffers beter beschermd kunnen worden. Vanuit mijn hart zou ik tegen iedereen die dit heeft meegemaakt willen zeggen: ‘Doe aangifte, want daders moeten gestraft worden.'”

    “Maar wetende wat het met mij en mijn familie heeft gedaan, zou ik het niemand aanraden. Ik had me liever vanaf mijn 14e meteen volledig op mijn verwerking gestort. Ik denk dat het dan nu een stuk beter met me was gegaan.”

    Bron: vrouw.nl, 9 oktober 2017

    #233020

    Luka
    Moderator

    BN’er aan het woord
    ‘Ik sliep ’s nachts stiekem op het conservatorium’

    Iris Hond (31) is nu een succesvol pianist, maar toen ze 14 jaar oud was, zag haar leven er heel anders uit. Na misbruik door een docent op het conservatorium, raakte ze dakloos. Zelfs haar ouders wisten dat niet. ‘Alleen en onveilig, zo voelde ik me.’

    ‘Als ik íets graag wilde, was het concertpianiste worden. Al sinds mijn 3de speel ik piano. Ik vind het heerlijk; muziek verbindt, neemt je mee, het is heel fijn om te spelen. Toen ik op mijn 14de werd aangenomen op het Koninklijk Conservatorium in Den Haag, was ik een stukje dichter bij die droom. Maar ik woonde met mijn heel leuke, lieve ouders en mijn broer in Harderwijk. De afstand naar Den Haag was te groot om elke dag op en neer te reizen.

    Ik bleek tijdelijk bij een docent van school te kunnen verblijven. Natuurlijk vond ik dat spannend, maar ik had er ook zin in. Een nieuwe stad, een nieuwe wereld, waarin ik heel veel tijd aan muziek mocht wijden. Mijn ouders hebben mij altijd veel vrijheid gegeven, dus was het vrij vanzelfsprekend dat ze me lieten gaan. We hebben er samen goed over gepraat. We zagen het alle drie zitten.’

    Heel wijs
    ‘Ik woonde al een tijdje bij die docent, toen hij me op een dag seksueel misbruikte. Ik was in paniek, heb meteen mijn spullen gepakt en ben vertrokken. Het was gek, maar op een bepaalde manier voelde ik me schuldig. Alsof het misbruik mijn verantwoordelijkheid was. Toen ik er veel later over ging lezen, las ik dat dit vaker voorkomt bij slachtoffers van seksueel misbruik. Ik voelde een loyaliteit naar die man en wilde hem niet verdrietig maken. Ik vond hem zielig. Raar hè? De enige die zielig was, was ik. Dat zie ik nu, toen niet.

    ‘Ik wilde die man niet verdrietig maken. Ik vond hem zielig’
    Ik vond mezelf met mijn 14 jaar heel wijs. Ik ben opgegroeid in een kunstenaarsgezin, met mensen als schilder Jan Cremer om me heen. Ik had zijn boeken ook gelezen. Ik dacht dat dit soort gebeurtenissen normaal waren. In films over artiesten gebeurden ook heftige dingen. Het hoort er gewoon bij, dát idee.’

    Dakloos
    ‘Ik durfde er met niemand over te praten. Zéker niet met mijn ouders. Ik was bang dat ze het niet zouden aankunnen. Dat mijn vader een hartaanval zou krijgen. Dat ze me terug zouden halen naar de Veluwe en ik geen concertpianiste meer kon worden. Dat wilde ik absoluut niet. Bovendien zit opgeven totaal niet in mijn karakter. Ik was aan dit avontuur begonnen en wilde er ook mee door.

    Nadat ik bij die man was weggevlucht, ben ik een maand of drie, vier dakloos geweest. Het conservatorium was gelukkig tot laat open, waardoor ik ergens in een kamer wat kon slapen voordat de deur op slot ging. Ik liep dan ’s nachts over straat. Later liet ik me ook wel stiekem insluiten. Ik verstopte me dan ergens in school en als iedereen weg was, zocht ik een plekje om te slapen. ’s Morgens kon ik daar douchen en ’s avonds speelde ik in restaurants, in ruil voor een maaltijd. Dan had ik meteen wat gezelligheid. Mijn ouders – die er geen idee van hadden dat ik niet meer bij die man woonde – maakten elke maand kleed- en zakgeld aan mij over. Daar leefde ik van, maar eigenlijk was het te weinig.’

    Zakken vol muntjes
    ‘Op een dag sprak een zwerver mij aan. Of ik geld voor hem had. “Mán, ik heb zelf niet eens geld voor eten!”, snauwde ik. Hij keek me aan en zei dat ik moest wachten. Een tijdje later kwam hij terug met zijn zakken vol muntjes die hij voor mij bij elkaar had gebedeld in de stad. Hij en nog een paar andere daklozen hebben me ontzettend gesteund. Ik was alleen, maar op elke straathoek van de stad kende ik wel een dakloze. Niet dat ik bij hen uithuilde, maar we begrepen van elkaar waar we doorheen gingen. Ook al was ik de enige ‘sane’ tussen al die mensen met psychische, alcohol- en drugsproblemen, ik voelde me een van hen. Ik hoorde bij een groep, daardoor voelde ik me wat minder alleen.’

    Nergens thuis
    ‘Na die paar maanden zonder huis, vond ik een kamer. Ik zei tegen mijn ouders dat ik liever daar wilde wonen dan bij die docent en zij vonden dat goed. Ik had dan wel een dak boven mijn hoofd, maar om de paar maanden verhuisde ik weer omdat ik me niet prettig voelde. Ik voelde me nergens thuis – alleen op straat, bij de daklozen die me begrepen.

    Een jaar of vijf geleden heb ik dit allemaal aan mijn ouders verteld. Het moest wel. Het is zo’n groot onderdeel van mijn leven en heeft me zo gevormd, dat het niet goed voelde dat zij het niet wisten. Natuurlijk schrokken ze. Misschien hebben ze ook wel wat last van schuldgevoel. Voor mij hoeft dat niet. Ik was geen gemakkelijk kind. Ik was over veel dingen heel open, maar hierover niet. Ze hebben wel gevoeld dat er iets niet in orde was, maar ik liet niks los. Dus gooiden ze het op het harde werken op school. Dat kan ik ze niet kwalijk nemen.’

    Vecht-of-vluchtmodus
    ‘Ik vertel dit verhaal ook in mijn theatertour en elke keer weer is het net of het niet over mij gaat. Al kan ik me het gevoel van toen nog heel goed herinneren. Vooral de eenzaamheid. Ik verloor de aansluiting met studenten die na school lekker naar huis gingen. Door wat ik meemaakte, was ik mentaal veel verder dan zij. Alleen en onveilig, zo voelde ik me.

    Het zijn thema’s waar ik nog steeds heel hard aan werk. Het gevoel van moeten overleven, de vecht-of-vluchtmodus, zit er nog steeds een beetje in. Ik heb moeten leren om te genieten en me veilig te voelen. Ik maakte vaak keuzes voor de korte termijn; nú een oplossing en weer door. Dat waren niet altijd de juiste beslissingen. Tegenwoordig heb ik een heel fijn team om me heen en durf ik keuzes te maken op basis van vertrouwen en duurzaamheid.

    Gisteravond trad ik op en zat ik na afloop met mijn team te eten. Ik had de hele tijd tranen in mijn ogen. Ik voelde me zó op mijn plek. Het was heel fijn en gezellig, ik weet heel goed dat dit helemaal niet vanzelfsprekend is. Als ik iets heb geleerd, is het dat heel kleine, fijne dingen groots kunnen voelen. Net als dat je niet zomaar kunt oordelen over mensen. Iedereen heeft een verhaal.’

    Iris’ tip aan professionele hulpverleners
    ‘Vraag altijd door. Er waren best docenten die aan me vroegen of het goed met me ging. Die zeiden dat ze me zo bleek en mager vonden. Dan antwoordde ik dat ik heel hard moest studeren. Dus natúúrlijk was ik moe en zag ik er niet zo goed uit. Het was dubbel. Ik vond het doodeng dat iemand achter mijn ware verhaal kwam, maar wilde dat ook heel graag. Het allerliefste wilde ik gered worden. Achteraf was dat ook veel beter geweest.’

    Bron: augeomagazine.nl

    #233022

    Luka
    Moderator
    #233478

    Luka
    Moderator

    Misbruikdrama: sportwereld en strafrecht moeten samenwerken

    De overheid moet meer doen om misbruik binnen de sportwereld tegen te gaan. “Er moet nadrukkelijker worden samengewerkt tussen de sportbonden en het strafrecht.” Daarvoor pleit hoogleraar Sport en Recht Marjan Olfers.

    Olfers wil dat er een centraal meldsysteem komt dat het tuchtrecht van de sportbonden en het strafrecht met elkaar in verbinding brengt. Zo kan iemand die over de schreef gaat geen Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) meer krijgen. De Atletiekunie wil ook dat de wet snel wordt aangepast om zo ontuchtplegers uit de sportwereld te kunnen weren. Nu heeft alleen een strafrechtelijke uitspraak gevolgen voor het verkrijgen van zo’n Verklaring Omtrent het Gedrag.

    Bekentenis
    De roep om maatregelen komt nadat dit weekend het nieuws naar buiten kwam over een grote misbruikzaak binnen de sportwereld. Atletiektrainer Jerry M. uit Rotterdam misbruikte tientallen jaren meisjes tussen de 11 en 18 jaar oud. Dat gebeurde bij meerdere sportclubs. De man heeft afgelopen zomer een bekentenis afgelegd bij de tuchtcommissie van het Instituut Sportrechtspraak (ISR). Vervolgens is hij geroyeerd als lid van de Atletiekunie.

    Er is geen aangifte tegen hem gedaan en dus hoeft hij niet voor de rechter te verschijnen. Olfers: “De sport streeft een veilige sport na, maar strafrecht streeft maatschappelijk belang na. We hebben dat strafrecht niet voor niets, als jij een straf begaat hoort daar een sanctie op gevolg nu is dat deze man vrij rondloopt en dat is verschrikkelijk. En als je dat ziet vanuit een maatschappelijk oogpunt hoort daar straf uit te volgen.”

    Dader loopt vrij rond
    De zaak van deze Jerry M. legt de problemen van seksueel misbruik en intimidatie binnen de sportwereld opnieuw bloot. Ondanks verschillende meldingen en signalen kon hij jarenlang doorgaan met het seksueel misbruiken van minderjarige sporters. Veel ongeloof is er vooral over het feit dat hij ondanks eerdere meldingen gewoon weer aan de slag kon als coach bij een andere atletiekvereniging.

    Inmiddels is duidelijk geworden dat hij tenminste negen jonge meisjes seksueel heeft misbruikt, met in sommige gevallen zelfs zwangerschappen tot gevolg. Maar vermoedelijk zijn er meer slachtoffers. De Rotterdammer loopt vrij rond, omdat niemand aangifte tegen hem heeft gedaan. Ook is een aantal zaken verjaard.

    Onderzoek EenVandaag: seksuele intimidatie bij amateursporters van alle sporten
    EenVandaag hield eerder een groot onderzoek onder amateursporters over seksueel misbruik. Maar liefst 642 deelnemers vertelden dat zij te maken hebben gehad met seksuele intimidatie op hun sportclub, recent of in het verleden. Dit varieert van serieuze verbale intimidatie (60 procent) tot ongewenste aanraking (47 procent) en ernstiger misbruik zoals aanranding en verkrachting (14 procent). De slachtoffers doen aan allerlei soorten sporten. Voetbal, zwemmen en turnen worden het meest genoemd. Tweederde is minderjarig (67 procent), de helft (51 procent) is zelfs jonger dan 16 jaar.

    Uit het onderzoek van het Opiniepanel van EenVandaag blijkt ook dat slachtoffers zich schamen om over hun ervaring te vertellen. Eén op de tien (11 procent) heeft melding gemaakt bij de sportclub en slechts 1 procent heeft aangifte gedaan. De helft (47 procent) durft niemand over de seksuele intimidatie te vertellen. Ze zijn bang dat ze niet geloofd zullen worden. Of ze denken dat ‘het zo hoorde’, zeker bij gevallen van langer geleden. Veel sporters vertellen hun verhaal voor het eerst in het onderzoek van EenVandaag.

    Slachtoffers jarenlang niet goed beschermd
    Volgens Slachtofferhulp Nederland laat het misbruikdrama binnen de atletiek opnieuw zien dat vermeende slachtoffers van seksuele intimidatie en misbruik in de sportwereld jarenlang niet goed beschermd waren. “Wij zijn dan ook blij dat (naar aanleiding van de bevindingen van Commissie De Vries) NOC*NSF en de sportbonden gezamenlijk de structuur binnen sportclubs aanpassen om op die manier seksuele intimidatie en misbruik actiever te bestrijden. Dit zijn eerste stappen in de goede richting om (potentiële) slachtoffers te beschermen. De praktijk zal moeten uitwijzen of de nieuwe structuur effect sorteert.”

    Bron: eenvandaag.avrotros.nl

    #234186

    Mark
    Moderator

    Definitie seksueel misbruik van minderjarigen volgens Thekla Bosschaart op het congres over jongeren seksueel geweld

     

    Ik zou hieraan nog wel willen toevoegen dat seksueel spel van kinderen, ongeacht gelijke leeftijd en/of ontwikkelingsfase, niet automatisch hoeft te betekenen dat alle betrokken kinderen het ook echt willen. Misschien kun je dan niet van misbruik spreken, maar het kan wel degelijk schadelijk zijn.

    #236293

    Mark
    Moderator

    Door de schandalen in de kerk, de zaak rond atletiekcoach Jerry M. en alle commotie over de Michael Jackson-documentaire domineert kindermisbruik doorlopend de media. Het blijft echter, ook in Nederland, onmogelijk om een goed beeld van de omvang van het probleem te krijgen.

    Als het gaat om cijfers over kindermisbruik in Nederland, zijn de bevindingen van de Nationaal Rapporteur de betrouwbaarste graadmeter. De Nationaal Rapporteur brengt sinds 2012 in kaart hoeveel kinderen seksueel geweld ervaren en – tot op zekere hoogte – om wat voor vorm het gaat. Niet alleen aanranding of verkrachting vallen onder seksueel geweld, maar ook bijvoorbeeld misbruik via de webcam of het bezit (of vervaardigen) van kinderporno.

    De Nationaal Rapporteur meldde in 2014 dat één op de drie kinderen in Nederland ooit een vorm van seksueel geweld heeft meegemaakt; soortgelijke cijfers werden eerder ook genoemd in buitenlandse onderzoeken. Volgens de Nationaal Rapporteur worden elk jaar 62.000 kinderen voor het eerst slachtoffer van enige vorm van seksueel geweld.

    Helft van de kinderen houdt altijd problemen
    De gegronde schatting van één op de drie kinderen wordt bevestigd door Iva Bicanic, het hoofd van het Landelijk Centrum Seksueel Geweld. Bicanic is in Nederland de wetenschappelijke autoriteit op het gebied van dit onderwerp. Ze is klinisch psycholoog en verricht al meer dan twee decennia onderzoek naar misbruik van kinderen.

    “De frequentie of de duur van het misbruik kan enorm variëren”, stelt ze. “Sommige kinderen worden eenmaal betast. Andere kinderen worden jarenlang door iemand gedwongen om met regelmaat seksuele handelingen te verrichten of te ondergaan. Als ik iets heb geleerd van mijn werk als therapeut, is dat alles mogelijk is bij seksueel misbruik, ook wat je je niet kunt of wilt voorstellen.”

    De helft van alle slachtoffers houdt er de rest van zijn of haar leven significante problemen aan over. “Wat omvang en impact betreft kun je spreken van een epidemie”, beklemtoont Bicanic. “Bij sommigen gaat het dan om het hebben van nachtmerries, angsten of depressies. Anderen ervaren tot op hoge leeftijd problemen met intimiteit en het vertrouwen in andere mensen, zeker op het gebied van seksualiteit.”

    “Veel jonge kinderen herkennen misbruik ook niet.”
    Heleen Alders, De Kindertelefoon

    ‘Veel slachtoffers blijven hun hele leven zwijgen’
    Het blijft heel lastig om exacte cijfers boven tafel te krijgen, licht ook de woordvoerder van de Nationaal Rapporteur toe. “Zeer jonge kinderen die worden misbruikt, kunnen vaak zelf nog niet verbaal aangeven wat er is gebeurd”, legt ze uit. “En ook als ze wat ouder waren op het moment dat het heeft plaatsgevonden, treden veel kinderen niet naar voren uit schaamte of schuldgevoel.”

    Dit is ook de ervaring van De Kindertelefoon, die vorig jaar 8.450 gesprekken over seksueel misbruik voerde. Een kwart van de gesprekken ging over ongewenste intimiteiten en een kwart over verkrachtingen.

    “Veel jonge kinderen herkennen misbruik ook niet”, stelt woordvoerder Heleen Alders. “Ze hebben nog nooit van misbruik gehoord, ze weten simpelweg niet wat het is. En de dader presenteert wat er gebeurt als ‘normaal’.” Bij iets oudere kinderen en tieners is het vaak een combinatie van factoren. “Denk aan dreiging van of manipulatie door de dader, een gevoel van loyaliteit of afhankelijkheid en de angst dat je er zelf schuldig aan bent of dat je niet geloofd wordt.”

    Ouders zien af van aangifte omdat er geen bewijs is
    De Nationale Politie registreerde vorig jaar bijna achthonderd gevallen van mogelijk seksueel misbruik van kinderen. “Dan wordt er dus een slachtoffer of een verdachte in ons systeem gezet”, stelt woordvoerder Robbert Salome. “Maar er is dan nog niets onderzocht of aangetoond.”

    In 619 gevallen leidde dit tot een gesprek op het bureau. “Soms besluiten ouders daarna alsnog geen aangifte te doen, bijvoorbeeld omdat zij hun kind niet willen blootstellen aan de hele procedure die daarop volgt”, legt woordvoerder Salome uit.

    Het totaal aantal zaken waar daadwerkelijk aangifte van wordt gedaan, was vorig jaar 422. Hier vallen incest of misbruik van wilsonbekwamen (bijvoorbeeld mensen met een verstandelijke beperking) overigens niet onder. Hier werd vorig jaar 312 keer melding van gemaakt.

    ‘Deze cijfers zijn helaas topje van de ijsberg’
    Salome erkent dat deze cijfers hoogstwaarschijnlijk niet meer dan het topje van de ijsberg zijn. “Niet zelden spreken slachtoffers pas na jaren überhaupt met een ander persoon over het misbruik”, legt hij uit.

    Een bekende trigger is ook het moment waarop slachtoffers zelf kinderen krijgen. Dit was ook het geval met de twee mannen die getuigen in de documentaire over Michael Jackson. “Wij kunnen als politie alleen maar actie ondernemen als wij kennis kunnen nemen van een strafbaar feit, zoals een aangifte of de ontdekking van een filmpje op internet”, beklemtoont Salome. “We weten simpelweg niet hoeveel mensen zich niet bij ons melden, bijvoorbeeld omdat ze het gevoel hebben dat er geen bewijs is of dat de politie toch niets kan beginnen.”

    Het Openbaar Ministerie (OM) laat weten in 2018 in totaal 1.193 kindermisbruikzaken in behandeling te hebben genomen. In 57 procent van de zaken werd ook een verdachte gedagvaard. “De overige zaken werden geseponeerd, vaak wegens gebrek aan bewijs”, aldus een woordvoerder. De Raad voor de Rechtspraak kon op korte termijn niet uitzoeken hoe vaak verdachten vorig jaar daadwerkelijk werden veroordeeld voor kindermisbruik.

    ‘Veel slachtoffers blijven negatief over zichzelf denken’
    Een groot misverstand onder niet-slachtoffers is dat praten over misbruik gemakkelijker wordt naarmate de tijd verstrijkt, stelt klinisch psycholoog Bicanic met klem. “De meeste slachtoffers vertellen er nooit over”, legt ze uit. “Zelfs voor hun partner houden ze het geheim.”

    Natuurlijk mogen mensen ervoor kiezen nare gebeurtenissen uit het verleden voor zichzelf te houden. “Maar je merkt dat veel slachtoffers op een later moment in hun leven toch vastlopen door hun herinneringen. Veel kinderen en volwassenen blijven rondlopen met het gevoel dat het hun eigen schuld was, omdat ze niets deden om het te stoppen. Zulke gedachten voeden het idee dat je niets waard bent. Je kunt alleen nog maar negatief over jezelf denken.”

    Bicanic benadrukt dat er geen enkele situatie denkbaar is waarin dit verwijt terecht kan zijn. “Als kind kan jij niet op tegen een volwassene die jou ergens – subtiel of hardhandig – toe dwingt. Het verschil in leeftijd en macht is op geen enkele manier te overbruggen in zo’n situatie. Dat kinderen niets doen of meewerken is geen keuze, maar een manier om de situatie te overleven.”

    “Maar je merkt dat veel slachtoffers op een later moment in hun leven toch vastlopen door hun herinneringen.”
    Iva Bicanic, Landelijk Centrum Seksueel Geweld

    ‘Daders zijn juist géén enge mannen in bosjes’
    Orthopedagoog en psychotherapeut Sander van Arum van de Stichting Civil Care is gespecialiseerd in kindermishandeling en seksueel misbruik binnen het gezin. “De hardnekkigste mythe rond plegers van kindermisbruik is dat het enge mannen zijn die uit bosjes springen”, stelt hij. “Het merendeel van de daders zijn ‘gewone mensen’ van wie je het nooit zou verwachten: ooms, vaders, broers, buurjongens, artsen, sportdocenten, coaches.” Ruwe schattingen stellen dat in meer dan drie kwart van de zedendelicten de dader een bekende van het slachtoffer is.

    Volwassenen die kinderen misbruiken, kunnen door zeer diverse motieven worden gedreven tot hun acties. “Het zijn zeker niet alleen pedofielen, van wie de meesten overigens nooit tot seks met kinderen overgaan”, stelt Van Arum. “Vaak zijn het ook mannen die intimiteitsproblemen met leeftijdgenoten ervaren. Zij voelen zich veel meer op hun gemak bij kinderen en gaan in een relatie met een minderjarige gaandeweg de grens van sensualiteit of seksualiteit over.”

    Andere daders zijn bijvoorbeeld verslaafd aan seks, waardoor ze een steeds heftigere prikkel nodig hebben om hun verlangens te bevredigen. Ook kunnen het mensen met een antisociaal karakter zijn, die geen enkel schuldgevoel over welke handeling dan ook kennen. “Het helpt slachtoffers bij de verwerking van hun trauma vaak als zij beter snappen hoe een dader tot het misbruik is gekomen”, stelt Van Arum.

    ‘Breng misbruik meer in beeld, met een SIRE-reclame’
    De Nationaal Rapporteur pleitte er recent voor dat zedenrechercheurs intensiever gebruik gaan maken van digitale opsporing. Op bijvoorbeeld smartphones en laptops staat vaak veel informatie die zeer bruikbaar is in dit soort zaken.

    Therapeuten Van Arum en Bicanic denken dat het bestrijden van kindermisbruik vooral gebaat is bij meer openheid over het onderwerp, ook richting jonge kinderen. “Kinderen denken bij misbruik aan kinderlokkers, terwijl veruit de meeste daders bekenden zijn”, stellen zij. Alleen door misbruik meer in beeld te brengen en bespreekbaar te maken, kunnen kinderen herkennen wat er gebeurt als zij slachtoffer worden van dit soort praktijken, stellen de therapeuten. Dit kan bijvoorbeeld als onderdeel van de eerste lessen over verliefdheid en seksualiteit of met een SIRE-campagne die op kinderen is gericht.

    “De gevolgen van misbruik kun je zien als een chronische ziekte, die heel veel levens stuk maakt”, aldus Bicanic. “We zouden het daarom bovenaan de agenda van onze samenleving moeten plaatsen. Maar dat het zo vaak voorkomt, is voor veel mensen een ongemakkelijke realiteit. Als je erover begint, wenden mensen liever hun hoofd af. Ze willen er zo ver mogelijk vandaan blijven: ‘Dat gebeurt niet in mijn straat, in mijn familie of bij mijn voetbalclub.’ Je houdt jezelf met zulke gedachten voor de gek om de illusie van een veilige wereld vast te houden.”

    Bron: nu.nl

    #236585

    Luka
    Moderator

    Claudia Schoemacher over misbruik: ’Ik was ook zeven…’

    Vrijdagavond was Leaving Neverland, de veelbesproken documentaire over Michael Jacksons vermeende misbruik, op tv. Claudia Schoemacher keek ernaar met een gevoel van walging en herkenning. Zij werd als kind misbruikt door haar oom.

    Claudia: “Wat de slachtoffers van Michael Jackson in de documentaire vertellen, komt geloofwaardig en authentiek op mij over. En herkenbaar, helaas. Van mijn zesde tot mijn achtste ben ik misbruikt door mijn oom. Een van de slachtoffers vertelt dat hij als zevenjarige de volwassen, stijve piemel van Michael Jackson in zijn mond kreeg. Walgelijk, maar het gebeurt. Het maakt me kwaad dat deze jongens nu voor leugenaars uitgemaakt worden, net als veel andere slachtoffers van misbruik.

    Lees verder op de site van De Telegraaf >>

    #236631

    Luka
    Moderator

    Hoe praat je met kinderen over kindermishandeling?

    Evie Daniels is GZ-psycholoog en trainingsacteur. Ze werkte bij het Kinder- & Jeugdtraumacentrum (KJTC) in Haarlem en heeft nu haar eigen praktijk. In haar carrière sprak zij al veel kinderen die zijn mishandeld. Deze ervaring zet zij in als trainingsacteur. Bijvoorbeeld in Spits je oren!, een training die we vanuit TIMM Consultancy geven over praten met kinderen bij vermoedens van kindermishandeling. Hoe doe je dat? Evie geeft tips.

    1. Relax
    Kinderen voelen haarfijn aan hoe jij erbij zit. Als je bijvoorbeeld gespannen bent of met je hoofd ergens anders, dan werkt dat tegen je. Richt je aandacht volledig op het kind. Maak je hoofd vrij en neem de tijd. Dan geef je het kind de ruimte en vang je alle signalen op.

    2. Vertel wie je bent
    Maak duidelijk wie je bent en wat je komt doen. Vertel wie zich zorgen maken en waarom. Wees ook helder over wat je doet met de informatie die het kind geeft. In hoeverre er sprake is van geheimhouding en wat de uitzonderingen daarop zijn. En beloof niks dat je niet kunt waarmaken.

    3. Zet je mening uit
    Elk antwoord van het kind is oké. Zwijgen ook. Zorg dat je betrokken reageert, maar tegelijkertijd neutraal blijft. Zet je mening even uit. Het helpt niet als je van antwoorden schrikt of ze probeert te relativeren. En als het kind niet (verder) wil praten, respecteer je dat.

    4. Wees nieuwsgierig
    Moedig het kind aan om te vertellen door oprecht nieuwsgierig te zijn. Een eenvoudig ‘vertel eens?’ kan al genoeg zijn. Durf door te vragen en te checken of het klopt zoals jij het hebt begrepen. Hierbij vinden kinderen het vaak prima als je later nog eens terugkomt op iets dat al eerder is besproken.

    5. Vergeet niet te spelen
    Kinderen zijn niet gewend aan lange gesprekken, zeker niet over lastige onderwerpen. Dus zorg voor afleiding tussendoor. Dit verlaagt de spanning. Ga tekenen, gooi een balletje heen en weer, pak de Playmobil erbij, vertel iets leuks, ga een stuk lopen of laat je ergens mee helpen. Wees creatief!

    Bron: timmconsultancy.nl

    #236647

    Mark
    Moderator

    Toename misbruikmeldingen na documentaire Leaving Neverland

    Leaving Neverland over Michael Jackson is voor slachtoffers van seksueel misbruik herkenbaar. Bij hulpstanties kwamen veel meer meldingen binnen.

    Als ontucht lang duurt, kan er een hechte band ontstaan tussen de misbruiker en het kind. De minderjarige kan zich zelfs verliefd voelen. „Soms wordt die band gesmeed met cola, sigaretten of geld”, zegt Iva Bicanic, die als klinisch psycholoog slachtoffers van kindermisbruik behandelt. „Maar heel vaak ontstaat er een speciale connectie door de aandacht die het kind krijgt.” Als het misbruik stopt, wordt die belangstelling gemist. „Kinderen kunnen dan echt rouwen.”

    Lees dit premium artikel verder op nrc.nl of als lid van LSG in het ledendeel.

    #236953

    Mark
    Moderator

    Psychische gevolgen op oudere leeftijd van seksueel misbruik in de jeugd

    De laatste jaren is veel gepubliceerd over het vóórkomen van seksueel misbruik en de gevolgen daarvan in het volwassen leven. Met name de onderzoeken van Draijer hebben in Nederland duidelijk gemaakt hoe frequent seksueel geweld voorkomt. Zij vond dat 248 (24) van 1054 vrouwelijke respondenten tussen de 20 en 40 jaar uit de algemene bevolking bepaalde seksueel ongewenste ervaringen hadden meegemaakt vóór hun 16e jaar; bij 164 (16) van hen ging het om incest.1 Van 160 volwassen patiënten die waren opgenomen in een psychiatrische instelling rapporteerde desgevraagd 34 ervaringen met seksueel misbruik vóór hun 16e; de helft van hen was als kind verkracht.2 In een vergelijkbare setting was 44 (17/39) van de vrouwelijke en 21 (8/38) van de mannelijke patiënten seksueel misbruikt.3 Bij slechts 9 van deze 25 slachtoffers was het misbruik bekend uit het medisch dossier.

    Lees het hele artikel op ntvg.nl >>

    #237386

    Mark
    Moderator

    Woord vooraf

    Dit artikel plaats ik hier niet om een lans te breken voor pedoseksualiteit, maar omdat ikzelf slachtoffer ben van deze breed gedragen opvattingen aan het einde van de vorige eeuw/begin deze eeuw. Met name omdat seks met kinderen zo genormaliseerd werd, heeft het bij mij lang geduurd voor ik besefte dat ik misbruikt werd. Ik vind ik het belangrijk om onderstaand artikel te plaatsen omdat het anderen die er, net als ik, slachtoffer van zijn geworden, mogelijk kan helpen begrijpen wat er met hen gebeurd is. Elders op het forum staat de aflevering ‘Ruimte voor de pedofiel‘ van de documentaire serie ‘Andere tijden’ over hetzelfde onderwerp.

    Mark

    ____________________________

    Toen was pedofilie nog heel gewoon
    Bron: volkskrant.nl, 11 april2014

    Het is nu nauwelijks voor te stellen, maar zo’n dertig jaar geleden werd er nog veelvuldig gepleit voor acceptatie van seks met kinderen. Zaterdag in Vonk een artikel over de omwenteling in het denken over pedofilie. Hier een greep uit artikelen uit de jaren ’70 en ’80 die nu nooit meer de krant zouden halen.

    Sytze van der V. stond in 1982 gewoon nog met zijn hele achternaam in de krant. Het artikel – met de kop ‘Beperkte kijk op pedofilie’ – illustreert perfect het grote verschil tussen de mediabehandeling van pedofielen vroeger en nu. De Eindhovense pedofiel leeft tegenwoordig een opgejaagd bestaan, na zijn vrijlating in 2009 kreeg hij door de burgemeester een gebiedsverbod opgelegd. Waar hij nu woont, is niet bekend.

    Begin jaren ’80 haalde hij de krant met zijn boek ‘Wat doe jij met mijn kind? Taboe-doorbrekend dagboek van een pedofiel over zijn ervaringen met kinderen, de rechterlijke macht en de maatschappij’. De journaliste die het gesprek met Van der V. is vrij mild in haar oordeel. Uit het artikel:

    ‘Het is prijzenswaardig dat Van der V. zich niet voortdurend mooier maakt dan hij is. Maar zijn beleving van affectie en seks komt op mij nogal traditioneel-mannelijk, dit wil zeggen op genitale lustbeleving gericht, over. Is dat slecht? Niet per se. Maar ik kan me juist daarom de paniek van de moeders (vrouwen tenslotte) wel voorstellen. Ik denk dat Van der V. hen dan ook te kort doet door hen te verwijten dat ze slechts gedreven worden door blinde woede omdat hun opvoedingsobject zich emotioneel en seksueel op een ander richt.’

    De afkeur wordt nogal zacht uitgedrukt, zeker vergeleken met de wijze waarop pedofielen nu aan de schandpaal worden genageld. Maar de vraag of seks met volwassenen schadelijk is voor kinderen, stond zo’n dertig jaar geleden nog volop ter discussie.

    • ‘Pedofiel: kind met de kinderen. ‘Ouders reageren uit angst en onvermogen” kopt de Volkskrant van 18 maart 1972.
    • ‘Het kind mag nog niet kiezen: “Seksuele gevoelens worden ontkend”‘ uit de Volkskrant van 2 mei 1978.
    • ‘Pedofiele ervaring kind vaak positief’, de Volkskrant op 9 april 1981.
    • ‘Onderzoeker ziet positief effect van seksuele contacten kinderen’, uit een krantenknipsel van 1 oktober 1988.
    • ‘Psycholoog onderzoekt relaties: Bij pedofilie niet altijd sprake van misbruik’, een bericht op 24 oktober 1986.

    Met de berichtgeving omtrent de veroordeelde pedofiel Benno L. nog vers op het netvlies is het moeilijk te geloven dat pedofielen een aantal jaar geleden een stuk genuanceerder werden neergezet. Zelfs pedofielen die toegaven seksuele relaties met kinderen te onderhouden. Diverse kranten en tijdschriften plaatsten interviews en artikelen waarin pedofielen uitgebreid aan het woord kwamen en hun ‘onconventionele’ relaties met minderjarigen mochten verdedigen.


    Een artikel uit De Tijd, 1981

    ‘Wat is er eigenlijk tégen het beminnen van kinderen?’ De Groene Amsterdammer gaat in de editie van 22 juli 1987 ‘op zoek naar de feiten achter de vooroordelen’. Een fragment:

    ‘Wat is, kun je je afvragen, het specifiek aantrekkelijke van pedofiel kontakt. Frank speelt de vraag geroutineerd terug: “Wat is het leuke aan de relatie tussen een man en een vrouw?” Het antwoord geeft hij ook: “Je zoekt genegenheid en daar komt seks bij.” Dat het bij pedofilie meestal gaat om minderen die het moeilijk hebben en die sociaal kwetsbaar zijn, lijkt hem alleen maar voor deze relatievorm te pleiten: “Dan is er tenminste nog iemand die van ze houdt.” En gezellig kan het ook zijn. Franks vriend Jan komt “gewoon op verjaardagsfeestjes bij mij thuis. En hij komt op visite bij mijn moeder.” Die staat dus achter de relatie? Alweer blijkt het pedofiele bestaan niet vrij van dubbelzinnigheden. “Ze heeft natuurlijk wel een idee wat er aan de hand is, ze is niet helemaal gek, maar zolang ze weet dat wij het naar onze zin hebben…”‘

    ‘Sluimerende Liefde’ is de titel van een stuk in de HP van 12 maart 1988. ‘Zijn pedofielen enge kinderlokkers of eigenlijk superpedagogen? Een omstreden minderheid geportretteerd.’ De 46-jarige Peter-Paul vertelt in detail over zijn relaties met minderjarige jongens en meisjes.

    ‘Peter-Paul woont in een uithoek van het land. In zijn behoudende omgeving weet iedereen dat hij pedofiel is, maar hij wordt niet nagejouwd en er is nog nooit een klacht tegen hem ingediend. Hij meent dat hij niet wordt uitgestoten omdat hij zorgvuldig omgaat met de kinderen en hun ouders en “niet op de sex focust”. “De kinderen komen hier ook om te kleien, te schilderen, te praten of huiswerk te maken. Sommigen raak ik met geen pink aan. Sex met een kind kan alleen als het dat zelf wil, eigenlijk als het er zelf om vraagt. Maar niet alle pedo’s zijn in staat hun seksualiteit te beheersen. Als je verliefd bent op een kind dat om drie uur komt, kun je er toch voor zorgen dat je om twee uur klaarkomt? Maar kinderen hebben ook hun erotische gevoelens waar ze uiting aan willen geven. Ze kunnen echte tongzoenen geven, heel lang. Het jongste kind waar ik mee getongzoend heb was drie jaar. Dat doen ze zelf, hoor. Ik herinner me een meisje van acht die kon heel lang, heel zacht, heel vochtig zoenen. Maar op één tongzoentje moet je als pedo drie maanden kunnen leven.”‘

    De kinderen komen hier ook om te kleien, te schilderen, te praten of huiswerk te maken. Sommigen raak ik met geen pink aan. Sex met een kind kan alleen als het dat zelf wil, eigenlijk als het er zelf om vraagt.
    Uit De Groene Amsterdammer, 1987

    In de meeste stukken wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen pedofielen die kinderen seksueel misbruiken door geweld of andere dwangtechnieken toe te passen, en pedofielen die alleen een seksuele relatie aangaan als het kind dat zelf wil.

    ‘Als je kind ook van een ander houdt’ is de titel van een stuk uit de Nieuwe Revu van 5 mei 1988. Aan het woord komen ouders wier kind een relatie heeft met een pedofiel. Ze zijn verrassend open-minded over de onconventionele ‘vriendschap’ tussen hun kind en een volwassen man.

    ‘Paula is moeder van drie zoons. Alledrie hadden een verhouding met een volwassen man die al snel als vriend in de familie werd opgenomen. Ook nu de kinderen volwassen zijn, is nog steeds sprake van een goede vriendschap.’

    Later in het stuk is vader John (50) van mening dat het vooral de buitenwereld is die zo’n relatie problematisch maakt.

    ‘”Ik maak me in zulke relaties altijd meer zorgen over de volwassen vriend of vriendin dan over het kind. Die mensen zijn chantabel! Ze zijn kwetsbaar en onzeker.”‘

    De seksuele gevoelens van kinderen werden aangehaald als argument voor een ruimere seksuele moraal. Sociaal psycholoog Theo Sandfort schreef in 1986 een boek over de beleving door jongeren van pedofiele contacten, ‘Jongens over vriendschap en seks met mannen’. Het boek en het bijbehorende onderzoek kwam Sandfort op veel media-aandacht te staan.

    ‘Bij sommige kinderen kan het geen kwaad. Ik zou niet weten waarom’ staat er boven een interview met Sandfort in het NRC van 23 oktober 1986. Uit het artikel:

    ‘Voor de goede orde, Sandfort beschouwt zichzelf niet als pedofiel. ‘Al is het geen onderwerp dat me koud laat. Het is wel zo dat ik me bij pedofiele gevoelens als zodanig wat kan voorstellen. Er zijn best jongens van een jaar of twaalf waarvan ik denk die doet me wat. Maar bij mij gaat er dan niet een trein lopen van, oh, daar wil ik seks mee hebben. Dat herken ik niet. Niet dat ik daar afkerig van ben maar zo speelt dat niet voor mij.’

    ‘Of hij ooit zelf seksuele contacten met jongeren heeft gehad, daar laat hij zich niet over uit. “Dat wil ik niet in de krant hebben.”‘

    #237675

    Mark
    Moderator

    Jeugdtrauma leidt tot emotionele littekens

    Mensen die in hun jeugd zijn misbruikt of verwaarloosd kampen later vaker met depressie en angst. Bovendien is het beloop van deze psychische stoornissen bij hen vaker ongunstig. Dat blijkt uit het promotieonderzoek van Jacqueline Hovens. Zij pleit voor meer bewustwording en preventie. “Emotionele verwaarlozing blijft nu te vaak onzichtbaar.”

    Jacqueline Hovens, psychiater in het LUMC, onderscheidde in haar onderzoek vier soorten jeugdtrauma’s: seksueel misbruik, fysieke mishandeling, emotioneel misbruik en emotionele verwaarlozing. Hoe vaker verwaarlozing en misbruik samen voorkwamen, des te sterker was het verband met angst en depressie, met name de combinatie daarvan. Opvallend: negatieve levensgebeurtenissen, zoals echtscheiding of overlijden van ouders en uithuisplaatsing verhogen de kans om angstig of depressief te worden niet. “Dat is alleen het geval als deze gebeurtenissen samengaan met langdurige mishandeling of verwaarlozing”, aldus Hovens.

    Emotionele verwaarlozing
    Vooral emotioneel misbruik (zoals kleineren en chanteren) en emotionele verwaarlozing (geen aandacht en liefde geven aan het kind) bleken de kans op angst en depressie te verhogen. Hovens pleit daarom voor meer aandacht voor deze vormen van mishandeling. “Seksueel misbruik en fysieke mishandeling zijn de afgelopen decennia enorm afgenomen, maar emotionele verwaarlozing niet. Naar schatting wordt ruim 10 procent van de kinderen emotioneel verwaarloosd. Probleem is dat het vaak niet zichtbaar is en patiënten, maar ook therapeuten, het lastig vinden om te bespreken.”

    Chronischer beloop
    Hovens pleit ervoor om jeugdtrauma’s wel bespreekbaar te maken, omdat het van belang kan zijn voor de behandeling van angst en depressie. Traumatische ervaringen blijken bijvoorbeeld voorspellers voor een chronisch beloop en ongunstig behandelresultaat. Uit eerder onderzoek blijkt dat mensen met een traumaverleden meer baat hebben bij psychotherapie dan bij medicijnen, terwijl dit voor patiënten zonder jeugdtrauma niet geldt. “Mensen met een jeugdtrauma hebben vaker moeite hun emoties goed te reguleren, wantrouwen hun omgeving meer en denken negatiever over zichzelf. Je moet niet alleen de depressie behandelen, maar ook daar iets aan doen.”

    Kwetsbaarder persoonlijkheidsprofiel
    De promovenda keek ook naar psychologische mechanismen die het verband tussen jeugdtrauma’s en psychische stoornissen kunnen verklaren. “Mensen met een jeugdtrauma hebben een kwetsbaarder persoonlijkheidsprofiel. Ze scoren bijvoorbeeld hoger op hopeloosheid en hulpeloosheid, zijn minder extravert en minder geneigd hulp te vragen. Ze zijn daarbij emotioneel instabieler en impulsiever, waardoor de kans op negatieve gebeurtenissen in het latere leven ook groter is.”

    Hovens pleit voor meer aandacht voor dit probleem, niet alleen bij behandelaren van patiënten met angst en depressie, maar ook – ter preventie – bij professionals die met kinderen werken, zoals leerkrachten, medewerkers van jeugdzorg en artsen. “Ouders verwaarlozen of mishandelen hun kind vaak uit onmacht of omdat ze zelf getraumatiseerd zijn. Zij hebben ondersteuning nodig om een positieve ouder-kindrelatie te bevorderen. Bovendien moet de vicieuze cirkel doorbroken worden.”

    Bron: gezondheidenco.nl

    #237676

    Mark
    Moderator

    Kindermisbruikers koppelen seks onbewust aan kinderen

    Als kinderen wordt geleerd nee te zeggen tegen ongewenst contact verkleint dat de kans op seksueel misbruik. Kindermisbruikers koppelen seks onbewust aan kinderen. Dit beïnvloedt de manier waarop zij het gedrag van kinderen interpreteren. Wanneer kinderen niet duidelijk afwijzend reageren, associëren zij deze reactie eerder met instemming. Deze combinatie vergroot de kans op een delict of herhaling van kindermisbruik. Dat blijkt uit onderzoek van Erasmus MC van psycholoog Inge Hempel.

    Kindermisbruikers onderscheiden zich van mannen zonder delictverleden in de manier waarop zij denken over seks met kinderen. Zo koppelen zij kinderen onbewust eerder aan seks dan dat zij volwassenen hiermee in verband brengen. Dit is bij mannen zonder delictverleden andersom. Kindermisbruikers denken bijvoorbeeld sneller dat een kind seks wil als het op schoot wil zitten of zegt: wil je mijn kamer zien? Ook hebben zij de neiging om delicten goed te praten, te rechtvaardigen. “Deze manier van denken vergroot de kans dat zij daadwerkelijk een delict plegen of in herhaling vallen”, zegt psycholoog en onderzoeker Inge Hempel.

    Pedofielen zien snel toestemming
    “Daar komt bij dat zowel kindermisbruikers als de mannen zonder delictverleden die meewerkten aan de studie, het moeilijker vonden om een onduidelijke reactie van een kind goed te begrijpen. Als een kind giechelde of niet reageerde, waren zij daardoor eerder geneigd om te denken dat het instemde met de situatie. Huilen of weigeren echter, werd begrepen als nee zeggen. Dit verkleint de kans op een delict of herhaling. Hempel: “Het is belangrijk dat ouders en verzorgers zich hiervan bewust zijn en hun kind leren om nee te zeggen, ook wanneer het niet precies begrijpt wat er gebeurt. Zeker als je bedenkt dat de dader meestal een bekende is van de familie van het slachtoffer. Ook al is het opa, die lieve buurman of leuke trainer, hij mag nooit aan je zitten als je dat niet prettig vindt. Echter, een kind is natuurlijk zelf nooit verantwoordelijk bij seksueel misbruik.”

    Misbruikers zelf misbruikt
    Hempel onderzocht ook de relaties tussen delict ondersteunende gedachten en eigen misbruikervaringen. Hieruit blijkt dat bijna de helft van de kindermisbruikers die kinderen fysiek seksueel misbruikt hebben, zelf ook op enige wijze seksueel misbruikt is in de kindertijd. Ook hebben zij vaker gedachten die seks met kinderen rechtvaardigen, dan mannen die kinderen niet fysiek seksueel misbruikt hebben, zoals downloaders van kinderporno. Toch vond zij geen relatie tussen deze twee uitkomsten. Onduidelijk is wanneer de delict ondersteunende gedachten precies ontstaan. Hempel: “Het kan zijn dat deze gedachten zijn gevormd na het delict en niet zijn ontwikkeld na de eigen misbruikervaring, maar dat is een aanname die verder onderzoek verdient.”

    Leren nee zeggen
    Promotor en hoogleraar forensische psychiatrie Hjalmar van Marle zegt over het onderzoek: “De uitkomsten benadrukken het hardnekkig karakter van gedachten die kindermisbruikers gebruiken om seks met kinderen te rechtvaardigen en de noodzaak van een intensieve behandeling om herhaling te voorkomen. Ook brengt het een hele praktische aanbeveling naar voren, namelijk dat de kans dat kinderen seksueel worden misbruikt kleiner is, wanneer zij leren hoe zij duidelijk moeten weigeren bij ongewenst lichamelijk contact.”

    Aan de studie deden 47 mannelijke misbruikers mee die fysiek seksueel contact hadden met een kind en 20 mannen die geen fysiek contact hadden, maar zichzelf lichamelijk toonden aan kinderen of kinderpornografie hadden gedownload of verspreid. Ook deden 40 mannen mee zonder delictverleden.

    Bron: gezondheidenco.nl

    #237848

    Luka
    Moderator

    Misbruikslachtoffers in de sport: ‘Het is zo moeilijk om je verhaal te vertellen’

    Er komen steeds meer schokkende details naar buiten in de misbruikzaak rond de Rotterdamse atletiektrainer Jerry M. Omdat niemand aangifte deed, kon hij jarenlang rond blijven lopen. Hij kreeg zelfs een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG).

    Hoe kan het dat hij zo lang bleef rondlopen en hij door de jaren heen bij meerdere clubs kon toeslaan? Zwemster Ela Hutten, zelf slachtoffer van seksueel misbruik, heeft wel een idee waarom. “Er zijn heel veel voorvallen waar we niets van weten, en dat zijn er veel meer dan we denken.”

    ‘Het gaat heel sluipend’
    Hutten schreef een boek over het misbruik door haar zwemcoach, ‘Onder Water’. Tussen haar twaalfde en haar veertiende hield dat misbruik aan. “Het gaat heel sluipend, al had ik al vrij snel door dat het niet klopte. Maar je zit er al snel diep in, en hoe kom je daar dan weer uit?”

    Over het misbruik durfde ze lang niet te vertellen, onder andere door chantage van haar zwemcoach. Ook werden haar schreeuwen om hulp vaak niet gehoord. “Ik probeerde het een vriendinnetje te vertellen, dat hij me had gezoend, maar daar deed ze niets mee. Mensen hebben ook gezien dat hij bijvoorbeeld op mijn kont sloeg, maar volwassen mensen hebben dat niet als grensoverschrijdend gedrag opgevangen.”

    Koude rillingen
    Ook oud-Vitessespeler Renald Majoor herkende veel in de misbruikzaak rond Jerry M. “Je krijgt er koude rillingen van. Ik heb het hele verhaal doorgelezen en het is echt ongelooflijk dat dit gebeurt.” Als twaalfjarige jeugdspeler werd Majoor misbruikt door zijn teamleider. Vorig jaar vertelde hij uitgebreid zijn verhaal, wat op veel aandacht kon rekenen. “Ik schrok ervan hoe groot dat werd.”

    Majoor deed aangifte tegen zijn misbruiker, net als Vitesse. “Maar het is ontzettend moeilijk om je verhaal te vertellen. Het is een heel pijnlijk proces.”

    Taakstraf
    Het is begrijpelijk dat veel slachtoffers daar niet doorheen willen. Ook Ela Hutten wilde soms dat ze liever geen aangifte had gedaan. Toen zij uiteindelijk over haar misbruik vertelde, werd de KNZB ingelicht, maar een officiële aangifte bij de politie gedaan. “Mijn coach is strafrechtelijk vervolgd, maar dat komt niet bij de KNZB terecht. Hetzelfde speelt nu bij de atletiekbond, waar het misbruik bij de tuchtrechter is gemeld.”

    Doordat het proces zo lang duurde, kwam de dader er met een taakstraf vanaf. “Al heeft hij daar zelf voor gezorgd. Na mij zijn er nog meer slachtoffers van dezelfde man geweest. Soms denk ik: had ik maar geen aangifte gedaan.”

    Signaleringsborden
    Renald Majoor pleit voor signaleringsborden op elke sportclub, om misbruik bespreekbaar te maken. “Op die borden moet iedereen binnen een vereniging kunnen zien wat de weg is als grensoverschrijdend gedrag zich voordoet. Er zou een soort meldpunt moeten zijn waar je je verhaal kan vertellen.”

    Om slachtoffers hun verhaal te laten vertellen, begon hij ook een stichting: De Stilte Verbroken. Hier kunnen misbruikslachtoffers in de sport bij lotgenoten hun verhaal kwijt. Een deskundig vangnet daarachter kan helpen bij vervolgstappen. Ela Hutten benadrukt ook het belang van het verhaal van slachtoffers aanhoren. “Vaak worden ze niet serieus genomen en dan gaat het al fout. Meldingen raken kwijt, of aangifte doen wordt afgeraden. Slachtoffers móeten gehoord worden.”

    Bron: EenVandaag – Avro Tros >>

25 berichten aan het bekijken - 51 tot 75 (van in totaal 81)

Je moet ingelogd zijn om een reactie op dit onderwerp te kunnen geven.

Gasten op de site: 16 - Leden op de site: 1
Lizboa
Forum Statistieken
Aantal topics: 1.244, Gegeven reacties: 5.954, Actieve leden: 336