Kindermisbruik (algemeen)

Dit onderwerp bevat 74 reacties, heeft 6 stemmen, en is het laatst gewijzigd door Mark 21/03/2019 om 18:09.

25 berichten aan het bekijken - 51 tot 75 (van in totaal 75)
  • Auteur
    Berichten
  • #229437

    Luka
    Moderator

    Verbeterde Meldcode 1-1-19 >>

    Wat is de meldcode?

    Iedereen die met kinderen en volwassenen werkt, moet bij een vermoeden van kindermishandeling of huiselijk geweld handelen volgens de stappen van de meldcode. Dat geldt voor professionals die werken in het onderwijs, de kinderopvang, de jeugdzorg, de zorg, welzijn en justitie.

    DE WET VERPLICHTE MELDCODE
    Sinds 2013 is de Wet verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling van kracht. Die wet houdt in dat alle organisaties die werken met kinderen en volwassenen een meldcode moeten hebben en medewerkers in staat moeten stellen daarmee te werken. Het doel van de meldcode is professionals te helpen eerder en beter te handelen als zij vermoeden dat een gezinslid thuis mishandeld, verwaarloosd of seksueel misbruikt wordt. Uit onderzoek weten we namelijk dat professionals die met een meldcode werken drie keer vaker ingrijpen dan professionals die geen meldcode hebben.

    BASISMODEL MELDCODE
    De overheid heeft het basismodel meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling opgesteld. Sectoren en branches hebben dit voorbeeld vertaald naar hun achterban. Instellingen en organisaties op hun beurt maken een vertaling naar hun werkpraktijk: zij beschrijven wie welke stappen zet bij een vermoeden van kindermishandeling of huiselijk geweld. Elke meldcode omvat dezelfde 5 stappen zoals opgenomen in het basismodel. Dat vergemakkelijkt de samenwerking tussen professionals en organisaties.

    MELDRECHT
    De meldcode is nadrukkelijk geen meldplicht. Organisaties zijn verplicht een meldcode te hebben, professionals zijn verplicht te handelen volgens de stappen van de meldcode, maar het doorlopen van de meldcode hoeft niet te leiden tot een melding.

    In de Wet meldcode is wel opgenomen dat professionals het récht hebben te melden bij Veilig Thuis. Ook als gezinsleden daar geen toestemming voor geven. Het meldrecht houdt in dat professionals persoonsgegevens van volwassenen en kinderen mogen doorgeven aan Veilig Thuis, zodat Veilig Thuis een onderzoek naar de gezinssituatie kan starten. Bovendien mogen professionals informatie geven als Veilig Thuis daar vanwege haar onderzoek om vraagt.


    Bron: Augeo Foundation >>

    #229439

    Luka
    Moderator

    Het trauma van seksueel misbruik

    De discussies over de mogelijke gevolgen van het kindermisbruik door Robert M. volg ik met stijgende verbazing. Volgens sommige deskundigen en columnisten zouden die wel eens mee kunnen vallen. Zo stelde psycholoog Ruud Bullens in de Volkskrant dat een baby van tien maanden het verschil niet ervaart tussen een thermometer die in de anus wordt ingebracht of iets anders dat naar binnen gaat.

    Een medische handeling of seksueel misbruik leveren volgens deze denkwijze dezelfde fysieke stress op, want een baby maakt nog geen onderscheid in de betekenis van de gebeurtenis. De argumentatie van Bullens zal mogelijk ook de lijn zijn van de verdediging van Robert M.

    Baby’s kunnen blijkbaar ongestraft ‘ont-zield’ worden. Baby’s zijn klein dus reduceren we fysieke pijn, de schending van lichamelijke integriteit en de emotionele onveiligheid als gevolg van seksueel misbruik gemakshalve tot babyproporties.

    Lees verder op de site van Trouw >>

    #230245

    Luka
    Moderator

    ‘We leren te weinig van #metoo, geef kleuters al uitleg bij doktertje spelen’

    We hebben te weinig geleerd van de de #metoo-discussie van vorig jaar. Dat zegt Rutgers, het kenniscentrum seksualiteit. Rutgers-directeur Ton Coenen vindt dat er veel meer aandacht nodig is voor de preventie van ongewenst seksueel gedrag.

    Er wordt politiek te weinig gedaan, zegt hij. “In Scandinavië is bijvoorbeeld de wetgeving veranderd, hier doen we niks. Niemand is verantwoordelijk voor dit grote probleem.” De oplossing voor gedragsverandering ligt wat het kenniscentrum betreft in vroege preventie.

    Uitleg bij doktertje spelen
    “Wij vinden dat ouders en scholen meer moeten doen, meer voorlichting. Vanaf groep 1 zouden kinderen al moeten beginnen met seksuele vorming. Kinderen spelen vader-moedertje of doktertje. Leer ze aan de hand daarvan wat ongewenst gedrag is. Seksuele voorlichting is er wel, bespreken van ongewenst gedrag gebeurt nauwelijks. Daar besteedt maar een kwart van de scholen aandacht aan. Scholen hebben het al druk, maar het hoeft niet veel tijd te kosten.”

    Lees verder over de campagne van Rutgers op de site van RTL Nieuws >>

    #230261

    Luka
    Moderator

    Papa kijkt kinderporno
    Artikel VPRO Gids n.a.v. ‘De vrouw van een pedofiel’

    In de documentaire ‘De vrouw van een pedofiel’ (BNNVARA – Channel 4) vertellen vrouwen wat er met hun gezin gebeurde nadat hun man was opgepakt voor het bezit van kinderporno.

    Helen, 44 jaar getrouwd met Robert, heeft haar mooiste jurk aangetrokken voor wat een feestelijke dag moet worden. De afgelopen twee jaar zat Robert vast wegens bezit van kinderporno. Vandaag komt hij vrij.

    Helen is een van de echtgenotes die te zien zijn in de Britse documentaire Married to a Paedophile (Nederlandse titel: ‘De vrouw van een pedofiel’), die nu door BNNVARA wordt uitgezonden. De film is niet alleen uitzonderlijk vanwege het precaire onderwerp, maar ook door de inventieve vorm. De mensen die vertellen wat hen is overkomen, blijven onzichtbaar, maar hun stemmen zijn echt. Acteurs lipsyncen hun stemmen zo nauwkeurig dat het niet zichtbaar is voor wie het niet weet. Regisseur Colette Camden moest haar toevlucht nemen tot deze oplossing omdat niemand die te maken krijgt met kinderporno bereid is daar voor een camera over te vertellen. Geen zwarte balkjes, geblurde gezichten of vervormde stemmen dus, maar acteurs die de gebeurtenissen naspelen.

    Kate vertelt hoe ze haar man Alex de deur uitzette nadat de politie was binnengevallen, op zoek naar kinderporno. Hun twee dochters, begin twintig, hebben de relatie met hun vader niet verbroken. Hij is zijn baan kwijt, woont in een caravan en probeert van zijn pornoverslaving af te raken. Zij is afwisselend boos, verdrietig en verslagen.

    Helen is in de zestig en al vanaf haar achttiende getrouwd met Robert. Ze hebben twee kleinkinderen. De manier waarop zij met deze situatie omgaat, zal heel wat teweegbrengen bij kijkers. Want Helen laat Robert niet vallen. Ze houdt nog altijd van hem en kan zich geen leven zonder hem voorstellen. Dat hij niet in de buurt van zijn kleinkinderen mag komen, maakt het allemaal nog pijnlijker.

    In anderhalf uur krijg je een realistisch beeld van wat er gebeurt in een doorsnee gezin wanneer vader of opa gepakt wordt vanwege het bezit van kinderporno. Voor daders is er, behalve uiteraard straf, ook begeleiding en therapie. Maar welke gevolgen heeft dit voor hun vrouw en kinderen?

    Lees verder op 2doc.nl >>

    #230262

    Luka
    Moderator

    Downloaders
    “Hallo, ben jij Jan?” – Zo confronteerden we kinderporno-downloaders met hun gedrag

    Van de 82 Nederlandse kinderporno-downloaders van wie we de gegevens te pakken kregen, zochten Dirk en Tom er een aantal op. “We vonden bestanden met kinderporno. Ook bij jou, Jan.”

    “Hallo, ben jij Jan?”, vragen we aan de man die ons tegemoet loopt. “Ja, dat ben ik.” Wij weten dat hij Jan heet, want het is geen toeval dat we hem hier op de stoep iets vragen. We observeren hem al anderhalf uur vanuit een auto aan de overkant van de straat. Net zoals we dat twee dagen daarvoor ook al deden, al zaten we er toen drie uur lang: Hans bleek nog een borrel te hebben, die wat uitliep. Als Jan eindelijk naar buiten komt en we uit de auto stappen, pakt hij nietsvermoedend de fiets en rijdt hij onverwachts een andere route dan die hij de dag ervoor had gereden. Toen stonden Dirk en ik ook al hier. “Hoezo? Waarom willen jullie weten wie ik ben?” vraagt hij.

    Nou, dat gaan we hem even vertellen.

    Lees verder op de site van Brandpunt + / KRO-NCRV >>

    #230356

    Mark
    Moderator

    Als kind misbruikt

    ‘Ze zeggen dat het verdriet weer over gaat’

    SEKSUEEL GEWELD. LADY GAGA SCHREEF ER KORTGELEDEN EEN NUMMER OVER: TILL IT HAPPENS TO YOU. GAGA VRAAGT MET DEZE SONG AANDACHT VOOR DE VELE JONGEREN DIE JAARLIJKS SLACHTOFFER WORDEN VAN AANRANDING EN VERKRACHTING. IN NEDERLAND KUNNEN WE DAAR OVER MEEPRATEN. NAAR SCHATTING WORDEN IN ONS LAND IEDER JAAR 62.000 KINDEREN VOOR DE EERSTE KEER SLACHTOFFER VAN EEN VORM VAN SEKSUEEL GEWELD.

    Eén op de drie kinderen maakt ooit een vorm van seksueel misbruik mee, becijfert de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen. Emeritus hoogleraar kindermishandeling Francien Lamers is iets voorzichtiger in het geven van cijfers, maar van één ding is ze zeker: ‘Benadruk alsjeblieft dat de meeste plegers NIET de vader zijn’, zegt ze. ‘Dat is belangrijk, want die fabel blijft maar hangen, lijkt er niet uit te rammen.’ Lamers, die gedurende haar carrière veel misbruikte kinderen zag, vervolgt: ‘Ongeveer zestig procent van de plegers is bekend bij het kind, maar dat zijn géén gezins- of familieleden; het zijn vrienden van het gezin, babysitters, mensen van het kinderdagverblijf, coaches van de sportclub, de buren, noem maar op.’ Zo’n dertig procent van de plegers van seksueel geweld bij kinderen is wél gezins- of familielid. ‘Vaders, stiefvaders, moeders, opa’s, oma’s, broers, zussen, neefjes, nichtjes…’

    Lees verder op fier.nl >>

    #230988

    Luka
    Moderator

    Lees het rapport hier >>

    #231125

    Mark
    Moderator

    Toename in meldingen seksueel misbruik, ‘politie moet meer digitaal onderzoek doen’

    De politie moet vaker digitaal onderzoek doen bij een verdenking van kindermisbruik, vindt de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen. Uit een vandaag gepubliceerd rapport blijkt dat een derde van de zedenzaken met een minderjarig slachtoffer wordt geseponeerd wegens gebrek aan bewijs. Het gaat om bijna 500 zaken per jaar.

    ‘13.000 meisjes en 8.000 jongens werden in 2016 slachtoffer van seksueel geweld’

    “De politie doet veel digitaal onderzoek in online zaken, zoals kinderporno, maar bij fysiek seksueel misbruik is dat nog niet standaard”, zegt Nationaal Rapporteur Herman Bolhaar.

    Volgens hem zou dat wel moeten, om meer kans te maken op het vinden van bewijs. “Het is in dit soort zaken vaak het ene verhaal tegen het andere. Je hebt dan meer nodig dan een verklaring van het slachtoffer of een getuige. Daarom zou de politie nog meer naar aanknopingspunten moeten zoeken op smartphones, computers en op internet.”

    De politie erkent de kritiek van de Nationaal Rapporteur en zegt dat zedenafdelingen steeds meer digitaal rechercheurs krijgen. “We hebben al grote stappen gezet, maar willen in de toekomst nog meer digitaal opsporen”, zegt Walter van Kleef die bij de politie verantwoordelijk is voor zedenzaken.

    Zorgelijk
    Het aantal meldingen over seksueel misbruik van kinderen nam de laatste jaren toe, blijkt uit het onderzoek. In 2013 waren er 2900 meldingen, in 2017 waren het er 3400. Ongeveer de helft daarvan leidt tot een aangifte.

    Op het gebied van kinderporno explodeert het aantal tips. De Nationaal Rapporteur spreekt van een verzesvoudiging in een paar jaar tijd.

    Toch neemt het aantal zedenzaken dat voor de rechter wordt gebracht juist af. In 2013 stelde het Openbaar Ministerie nog 2000 keer vervolging in, in 2017 was dat aantal gezakt tot 1400. “Dat vind ik zorgelijk”, zegt rapporteur Bolhaar.

    Moeilijke onderzoeken
    Volgens de politie komt de daling door steeds ingewikkeldere kinderporno-onderzoeken. “Wij willen vooral de kinderen opsporen die slachtoffer zijn”, zegt Van Kleef. “Dat zijn lastige onderzoeken waar we veel tijd in stoppen, maar die vinden we belangrijker dan de relatief makkelijke onderzoeken naar downloaders van kinderporno.”

    De politie benadrukt ook dat opsporing het kindermisbruik maar ten dele oplost en dat meer geïnvesteerd moet worden in preventie. Verder kijkt de overheid met internetbedrijven hoe materiaal van seksueel misbruik van internet geweerd kan worden.

    Bron: nporadio1.nl

    Beluister de uitzending van NOS Radio 1 Journaal van 22 november.

    #231176

    Luka
    Moderator

    Aangiftes tegen digitale kinderlokkers blijven uit, politie start campagne

    Het aantal minderjarige slachtoffers dat aangifte doet van digitaal kinderlokken, stijgt licht. Toch blijft het aantal relatief laag. Het vermoeden bestaat dat er veel meer slachtoffers zijn. De politie begint daarom binnenkort een campagne om slachtoffers te wijzen op het belang van aangifte doen.

    Tot en met september dit jaar hebben in Nederland 26 slachtoffers bij de politie aangifte gedaan van digitaal kinderlokken, het zogenoemde grooming. In 2016, het eerste jaar waarin deze meldingen apart zijn genoteerd in de politiesystemen, ging het landelijk om 21 aangiften, vorig jaar waren dat er 20. Een oorzaak van de stijging dit jaar kan de politie niet geven. ,,Het hoeft niet te betekenen dat het vaker voorkomt. Mogelijk zijn nu meer slachtoffers bereid aangifte te doen’’, zegt een woordvoerster van de politie.

    Lees verder op de site van De Gelderlander >>

    #231177

    Luka
    Moderator

    Licht verstandelijk beperkte jeugd vaker slachtoffer van sexting, grooming en cyberpesten

    Zorgprofessionals merken dat jongeren met een IQ onder de 85 – een groep die in Nederland zo’n 200.000 jongeren telt – vaak in de problemen komt door social media gebruik. De helft van de jongeren met een licht verstandelijke beperking legt online contact met wildvreemden. Ook zijn ze vaker slachtoffer van het verspreiden van seksueel getinte beelden (sexting) en cyberpesten.

    Ruim vier op de tien medewerkers in de zorg en het onderwijs merken dat de jongeren online gepest worden of zélf online pesten. Dat blijkt uit een onderzoek onder bijna 400 beroepskrachten in het onderwijs en de zorg die werken met jongeren met een beperking. Dit onderzoek is in opdracht van Mediawijzer.net uitgevoerd door het Nederlands Jeugdinstituut en de OnderwijsSpecialisten en wordt vandaag, in de Week van de Mediawijsheid, gepresenteerd.

    Lees verder op de site van het Algemeen Dagblad >>

    #231882

    Mark
    Moderator

    ‘Dat niemand iets deed, beschadigde mij meer DAN DE VERKRACHTINGEN ZELF’

    Kim van Laar (34) werd in haar jeugd verwaarloosd. Door een afwezige vader en een instabiele moeder kon de buurman haar jarenlang misbruiken. Nu vertelt ze haar verhaal op scholen, opdat ook anderen erover durven te praten. Momenteel kleurt, in het kader van geweld tegen vrouwen en meisjes, ‘s avonds en ‘s nachts een aantal gebouwen oranje. Dat duurt tot Human Rights Day (10 december). In het kader daarvan herplaatsen we Kims verhaal, dat eerder in juni 2017 op VROUW.nl stond.

    “Mensen zijn altijd verbaasd als ze horen dat ik slachtoffer ben van kindermishandeling: ‘Goh, jij?’ Blijkbaar moet je er dan anders uitzien, je zielig gedragen. Maar kinderen die zijn mishandeld hebben juist veel kracht. Ze hebben alles in de gaten, voelen haarfijn aan wie ze voor zich hebben, beter dan menig professional.

    VERANTWOORDELIJKHEID
    Ik leerde al vroeg voor mijn zusje en broertje te zorgen. Mijn moeder was niet stabiel. Vaak kwam ze ’s ochtends haar bed niet uit en moesten wij onszelf zien te redden. Ik wist niet dat het abnormaal was dat ik zoveel verantwoordelijkheid kreeg.

    Ik gaf mijn broertje de fles en toen ik een jaar of 7 was noemde hij mij zelfs ‘mama’. Mijn vader had wel in de gaten dat het thuis niet lekker liep, maar hij werkte veel. Wel was hij stipt om 18 uur thuis, wat mij het gevoel gaf: op hem kan ik bouwen.

    PILLEN
    Op mijn 13de gingen mijn ouders uit elkaar. Mijn vader kreeg een andere relatie, wat mijn moeder niet had zien aankomen… Ze sloeg helemaal door. Op een dag kwam ik thuis en zag ik een grote vuurbal in de tuin; ze had alle spullen van mijn vader in brand gestoken.

    De huisarts schreef pillen voor, maar daar werd ze alleen maar hysterischer door. Het beetje stabiliteit dat er was, was in één klap weg. Mijn broertje en zusje bleven bij mijn moeder. Ik mocht kiezen. Ik ging liever naar mijn vader, maar vond het belangrijker om mijn broertje en zusje in de gaten te houden.

    VECHTSCHEIDING
    Het werd een vechtscheiding en ik mocht mijn vader niet meer zien. Nee, hulp zocht ik niet. Ik was aan het overleven, dacht alleen maar: ‘Ik moet zorgen dat het goed gaat met mijn broertje en zusje.’ En ik was allang blij dat mijn moeder er nog was; ze dreigde vaak dat ze weg zou lopen.

    Onze nieuwe buurman werd een huisvriend. Hij was heel aardig en uitbundig, maar ik merkte meteen dat er iets niet klopte. Ik was het niet gewend dat iemand me steeds knuffelde. Mijn moeder zei: ‘Dan zeg je er toch iets van?’. Absurd, maar op diezelfde dag heeft hij mij voor het eerst aangerand en ik kon niet zeggen dat ik het niet wilde, durfde niet voor mezelf op te komen.

    VERKRACHT
    Vanaf dat moment ging het heel snel. Bijna drie jaar lang ben ik door hem verkracht. Dat gebeurde in parkjes waar we ’s avonds met de auto naartoe gingen. Onder het mom van ‘samen de hond uitlaten’. De buurman was getrouwd en had kinderen. Dus ik zei: ‘Dit mag jij niet doen, je gaat vreemd.’

    Bizarre gedachte natuurlijk, maar ik zag het niet als een verkrachting. Hij indoctrineerde mij, zei dat we verliefd op elkaar waren. Moet je nagaan: ik was 13, hij 56! Toen ik me begon te verzetten, dreigde hij dat hij mijn zusje zou pakken en uit angst stribbelde ik niet meer tegen. Het laatste jaar verkrachtte hij me bijna elke dag. Geloof me, dan blijft er niks meer van je over.

    SLEUTEL
    Het kan niet anders, dan dat mensen in onze omgeving er iets van hebben meegekregen. Dat niemand iets deed, heeft me nog meer beschadigd dan het verkrachten zelf.

    Het stopte pas toen we gingen verhuizen en hij van dat nieuwe huis geen sleutel had. In die nieuwe omgeving kon ik opeens zeggen: ‘Mijn kamer uit, hier gaat het niet meer gebeuren.’ Opeens was ik veilig, maar was er ook ruimte om te voelen. Alles wat ik in mijn leven had doorstaan, kwam er in één keer uit.

    CRISISOPNAMES
    Ik trok letterlijk de haren uit mijn hoofd, sneed mezelf, kon niet eten… Mijn moeder stuurde me naar een maatschappelijk werker. Zij vertelde dat een kind nooit schuldig is over wat het meemaakt. Dit was voor mij het begin van verwerking, van echt voelen wat er was gebeurd; een zwaar proces.

    Er volgden heel veel therapieën, verschillende crisisopnames… Het heeft zeker tien jaar geduurd voordat ik er weer was. In de tussentijd besloot ik pedagogiek te gaan studeren, wilde met kinderen werken. En ik dacht: ‘ik kan iets positiefs maken van wat er is gebeurd door erover te praten.’

    VEEL PIJN
    Kort daarna vertelde ik in Klokhuis over de verwaarlozing, dat mijn moeder me nooit knuffelde. Heel heftig, maar het voelde ook goed. Inmiddels vertel ik mijn verhaal aan jong en oud: van politieagenten en hulpverleners tot scholieren.

    Met in totaal zes jonge ervaringsdeskundigen vormen we Team Kim en geven we workshops en gastlessen door het hele land. Onze overeenkomst is dat we ons niet gezien voelden en dat heeft ons veel pijn gedaan.

    KINDERMISHANDELING
    Maar ons uitgangspunt is niet: ‘Ik ben zo zielig.’ Onze verhalen geven kracht. Het is onze missie anderen te inspireren er voor elkaar te zijn. Onze grote kracht is dat we er niet alleen, maar als team staan, dat we kunnen elkaar ondersteunen.

    Je verhaal op een professionele manier vertellen zodat mensen er ook iets aan hebben, is niet eenvoudig. Maar we zijn enorm gedreven om de aanpak van kindermishandeling te verbeteren. We kunnen echt verschil maken, daar ben ik trots op.

    REDDEN
    Ik wil dat ieder kind weet wat het kan doen als het thuis niet goed gaat. En dat iedere school zorgt dat het veilig is om hierover te praten. Want hoe eerder je praat, hoe kleiner de schade.

    Mensen weten vaak niet wat ze kunnen betekenen voor een ander. Hulpverleners willen een kind vaak ‘redden’, maar geloof me, daar zit het niet op te wachten. Als ze mij bij mijn zusje en broertje hadden weggehaald, zouden ze me diepongelukkig hebben gemaakt.

    BUURMAN
    Dan liever een gesprek – zonder te veroordelen – met mijn ouders: ‘Hoe gaat het nu echt met jullie?’ Tenslotte waren zij verantwoordelijk voor ons. Of had mij apart genomen: ‘Hoe gaat het nou met jou?’ Het zit ‘m in de kleine dingen. Een vriendelijk gezicht kan wonderen doen.

    Op aandringen van een verpleegkundige heb ik aangifte tegen ‘de buurman’ gedaan. Hij bekende direct, is veroordeeld en heeft zeven maanden vastgezeten. Aan wat er is gebeurd heb ik een posttraumatisch stresssyndroom overgehouden.

    STRESSHORMOON
    Ik maak te veel stresshormoon aan, moet goed op mezelf blijven letten. Als ik slecht slaap, raak ik angstig. Gelukkig heb ik lieve mensen om me heen bij wie ik terechtkan. Ik ben ook altijd in contact gebleven met mijn broertje en zusje.

    We hebben allemaal onze weg gevonden en daar ben ik trots op. Ook met mijn moeder heb ik goed contact. Daar heb ik hard aan gewerkt. Doordat ik er zo open over heb gesproken, heeft mijn moeder onlangs toegegeven dat ze het fout heeft gedaan, dat ze niet heeft ingegrepen.

    DADER
    Nu kan ik haar weer recht in de ogen aankijken. Ik heb haar heel lang veel kwalijk genomen; waarom was ze niet voor me opgekomen? Maar ik zie haar niet als dader. Ook zij werd vroeger mishandeld, ook bij haar greep niemand in. Met mijn vader heb ik oppervlakkiger contact. Ik heb nog niet alle antwoorden gekregen die ik wil hebben, dat is een proces.

    Ik hoop moeder te worden. Ik heb een heel leuke vriend en we willen graag een gezin. Ik vind het wel spannend. Mishandelen wordt vaak van generatie op generatie doorgeven.

    Dat is ook bij mijn familie gebeurd en het is mijn grote angst dat het verder gaat. Aan de andere kant heb ik zoveel geleerd in mijn leven en als pedagoog al met heel veel kinderen gewerkt… Dat geeft me vertrouwen.”

    FEITEN OVER KINDERMISHANDELING

    • In Nederland worden ruim 118.000 kinderen blootgesteld aan een vorm van kindermishandeling. Dit is ruim 3%.
    • Vaak gaat het om emotionele (36%) en fysieke verwaarlozing (24%). Seksueel misbruik wordt het minst gemeld (4%).
    • Per jaar overlijden er ongeveer 50 kinderen aan de gevolgen van kindermishandeling.
    • In het VN Kinderrechtenverdrag staat dat overheid en gemeenten verplicht zijn zich in te spannen om kinderen te beschermen tegen mishandeling. (Bron cijfers: Nationale Prevalentiestudie Mishandeling (NPM), 2011)
    • Over het werk van Kim van Laar en haar team is de documentaire ‘Onze stem, onze kracht’ gemaakt (NL 2017) gemaakt.
    • In mei is de stichting Stop kindermishandeling opgericht om het team te ondersteunen.

    Bron: vrouw.nl

     

    Trailer ‘Onze stem, onze kracht’.

    #232023

    Mark
    Moderator

    Logeerpartijtje eindigt in trauma voor Jessica (11): ‘Haar leven is kapot’

    Jarenlang misbruik in een dorp van nog geen 600 inwoners. De levens van ouders en kinderen uit het Maasdorpje Alem, vlakbij Den Bosch, staan sinds deze zomer volledig op hun kop. Het vergt moed om het zwijgen over misbruik te doorbreken, maar de 11-jarige Jessica deed het en bracht zo een groot schandaal aan het licht. Moeder Katrina is trots op ‘haar meisje’ en vertelt voor het eerst haar verhaal. ,,Er zijn hier in Alem families verscheurd, kinderlevens kapotgemaakt.”

    Lees dit premium artikel verder op ad.nl of als lid van LSG in het ledendeel.

    #232464

    Mark
    Moderator

    Misbruik bij getuigen van Jehova: “Naar justitie stappen doen ze nooit”

    Erwin getuigt hoe zijn gezin ontwricht werd

    Erwins dochter Marie is seksueel misbruikt bij de getuigen van Jehova. Hoe lang, dat weet Erwin niet. Al meer dan tien jaar ontzeggen Jehova’s getuigen hem elk contact met zijn dochter. “Ik ben 100 procent zeker dat men nooit naar de politie is gestapt. Bij Jehova’s getuigen moet iedereen zwijgen.”

    De afgelopen dagen is de officiële sektewaakhond IACSSO overstelpt met tips en getuigenissen. Dat gebeurde nadat De Morgen schreef over een rapport over het toedekken van seksueel misbruik bij Jehova’s getuigen. “Niet alleen ex-leden, maar ook leden van Jehova’s getuigen hebben sindsdien contact opgenomen”, zegt IACSSO-directeur Kerstine Vanderput. “We onderzoeken die stuk voor stuk.”

    Lees dit premium artikel verder op demorgen.be of als lid van LSG in het ledendeel.

    #232644

    Mark
    Moderator

    ‘Vermoed jij dat je kind wordt misbruikt?
    VRAAG DOOR!

    GZ-psycholoog Harriet Hofstede werkt, al 25 jaar, met misbruikte kinderen en jongeren. Maandag, de Internationale Dag van de Rechten van het Kind, komt haar boek ‘Seksueel misbruik, wegkijken of weten hoe het werkt uit‘. “Als je weet hoe misbruikers werken, dan doorzie je het sneller.”

    Je hoop het nooit mee te maken, maar seksueel misbruik komt overal voor. Op school, op de voetbal of hockey, binnen de familie… Volgens Harriet Hofstede is het voor misbruikers essentieel dat hun slachtoffer(s) het geheim houden; zo kunnen ze hun gang blijven gaan. In haar boek laat ze zien hoe plegers van misbruik manipuleren en wat hun werkwijzen zijn.

    “Kennis is macht. Ik hoorde van een jongere dat toen hij las hoe misbruikers te werk gaan, alle puzzelstukjes op hun plaats vielen. Jarenlang had hij gedacht dat het aan hem lag. Toen hij snapte hoe hij gemanipuleerd werd, snapte hij ook hoe het hem kon overkomen en kon hij er iets aan doen.”

    PRIVÉLES
    Door te beschrijven hoe grooming (iemand langzaam beïnvloeden en bewerken zodat vroeger of later seks mogelijk is, red.) werkt kun je je veel beter wapenen, bijvoorbeeld tegen die ‘leuke’ leraar Engels waardoor hij niet steeds een stapje verder gaat.

    Harriet: “Diegene die groomt doet dat door het slachtoffer het gevoel te geven dat hij/zij er zelf voor kiest. Bijvoorbeeld door te zeggen: ‘Goh, jij bent zo goed. Ik kan jou weleens privéles geven.’ Het slachtoffer heeft dan het gevoel voor deze situatie gekozen te hebben.”

    GEZELLIGHEID
    “Of iemand wordt huisvriend en groomt de ouders. Of het is een oom of iemand die heel goed ligt binnen de familie. Dan moet je van goeden huize komen, wil je durven aangeven dat er dingen met je worden gedaan die je niet fijn vindt.

    Daders zeggen vaak dingen als ‘Je wou het zelf?’ of ‘Jij vond het spannend’. Soms is de jongere in de war daar over, omdat hij/zij wel wat warmte, aandacht en gezelligheid zocht. Maar dus iets anders kreeg.”

    VECHTSCHEIDING
    “Het zijn ook vaak jongeren die wat eenzaam zijn. Bijvoorbeeld omdat hun ouders veel ruzie maken en in een vechtscheiding zitten, of hard aan het werk zijn omdat ze schulden hebben. Dat maakt een jongere geïsoleerder en kwetsbaarder en een dader pikt dat op via internet of in real life. Die zegt dan ‘Ik snap waar je mee zit’ en gebruikt de situatie om de jongere te groomen. Als je die manier eenmaal herkent, kun je je er beter tegen wapenen.

    Als je weet hoe het werkt zul je het sneller doorzien en er niet (meer) intrappen. Het kan helpen te zien hoe ze te werk gaan. Ze brengen het zo dat jij je schuldig voelt, door bijvoorbeeld te zeggen ‘Jij zei geen nee’ of ‘Had je maar geen klein topje moeten dragen’.”

    MACHTSVERHOUDING
    “Een ander trucje is bijvoorbeeld te doen alsof het hun óók overkomt. Alsof ze er geen schuld aan hebben, dat het aan jou ligt. Of ze gaan het goedpraten, door te vertellen dat zij het ook heel moeilijk hebben. Maar als jij vanbinnen voelt dat je het niet wil, maar ook geen ‘Nee’ durft te zeggen dan begint er al iets fout te gaan.

    Vooral relaties met een machtsverhouding kloppen niet. Als een volwassene seks heeft met jouw dochter van 13. Of als iemand coach is, begeleider of leraar; dan is het sowieso fout. Zelfs als jouw dochter smoorverliefd is. Dan is het strafbaar, omdat iemand misbruik maakt van de professionele relatie.”

    DOORVRAGEN
    Harriet geeft in haar boek ook nog tips hoe je met je kind kan praten als je vermoedens hebt van misbruik: “Heb de wil om te weten wat er aan de hand is en durf door te vragen. Als je kind aangeeft dat het niet meer wil voetballen, zeg dan niet dat je al betaald hebt en dat je wil dat hij doorgaat, maar vraag waarom hij niet meer wil gaan. Natuurlijk hoop je dat het meevalt, maar praat erover en luister vooral. Houd je mening voor je, want voor je het weet versterk je gevoelens van schaamte en schuld.

    Ook is het belangrijk je kind te geloven. Schuld en schaamte maken dat slachtoffers niet praten. Drank wordt veel gebruikt als excuustruus, maar zelfs als iemand dronken was, dan nog geeft het niemand recht om te misbruiken.”

    TRUCS
    Dit zijn volgens Harriet trucs van plegers:

    1. Het slachtoffer de schuld geven: ‘Ze wou het zelf.’
    2. Het misbruik ontkennen: ‘Het was geen misbruik maar gewoon seksuele voorlichting.’
    3. Doen of de jongere liegt: ‘Je moet dat kind niet geloven.’
    4. Geen verantwoordelijkheid nemen: ‘Het overkwam me allemaal.’
    5. Het seksueel misbruik goedpraten: ‘Ik wilde haar helpen.’
    6. Doen alsof het allemaal niet zo erg is: ‘Het viel allemaal wel mee.’
    7. Geheimhouding eisen: ‘Dit is ons geheim, anderen zullen dit niet begrijpen.’
    8. Zielig doen: ‘Ik heb zoveel meegemaakt, jij bent voor mij de reden om verder te leven.
    9. Twee gezichten hebben en je zo in de war maken: ‘Het leek zo’n ontzettend aardige man.’
    10. Het misbruiken van macht en kracht: ‘Mijn broer is twee keer zo groot als ik.’

    Bron: vrouw.nl, 19 november 2017

    #232646

    Mark
    Moderator

    Ela Hutten werd misbruikt DOOR HAAR ZWEMCOACH

    Zij was 12 en droomde van een carrière als topsporter. Hij was 28 en wilde veel meer zijn dan alleen haar zwemcoach. Pas toen ze op haar 14e een nieuwe trainer kreeg, vond Ela Hutten (inmiddels 24) eindelijk de moed om over het misbruik te vertellen. Helaas liep het heel anders af dan ze had gehoopt. “Had ik maar nooit aangifte gedaan.”

    Vorige week kwam haar boek ‘Onder water‘ uit, waarin ze schrijft over hoe ze van haar 12e tot haar 14e seksueel misbruikt werd door haar zwemcoach Alfons (een gefingeerde naam).

    GROTER DOEL
    Eigenlijk schreef ze haar ervaringen alleen op voor haar eigen verwerking, met het idee het boek daarna diep weg te stoppen in de kast. Maar toen misbruik in de sport afgelopen jaar in het nieuws kwam, wist Ela dat het boek een groter doel diende.

    “Om te laten zien dat het veel vaker voorkomt dan iedereen denkt, is het belangrijk dat slachtoffers naar buiten treden”, zegt ze. “Alleen dán is er kans dat er ooit iets verandert. Eerst dacht ik wel even: ‘Waarom moet ik per se die persoon zijn? Maar als ik het niet doe, wie dan wel?'”

    IN DE AUTO
    ‘Alfons’ misbruikte Ela meestal als hij haar in de auto naar huis bracht, of tijdens looptrainingen in het bos. Dan zoende hij haar, verdwenen zijn handen onder haar kleren en zei hij dat hij verliefd op haar was. En hoe vaak ze ook zei dat ze dit niet wilde, dat ze pas 12 was; hij stopte niet. Hij ging juist steeds verder.

    Pas op haar 14e kwam onverwacht het hele verhaal eruit, tijdens een tienminutengesprekje met haar mentor. Dat ze er niet eerder over durfde te praten, ligt volgens haar onder andere aan de scheve machtsverhouding tussen coach en pupil.

    OP EEN BRUG
    “Ik leefde voor het zwemmen en hij was een goede trainer”, legt ze uit. “Als ik iets wilde bereiken in de sport, had ik hem voor mijn gevoel nodig. Ik zag geen andere mogelijkheid dan toelaten wat hij deed.”

    “Daarbij had ik ook ergens een beetje medelijden met hem”, verduidelijkt Ela. “Hij had geen vrienden en een slechte band met zijn ouders. Soms belde hij me huilend op, of stuurde hij een foto om te laten zien dat hij op een brug stond en wilde springen. Daarmee zette hij me onder druk. Maar ik vond het ook oprecht zielig. Ik haatte hem, maar wilde hem ook niet kwetsen door hem te verraden.”

    INGESTORT
    “Er wordt weleens gezegd dat als je een goede band met je ouders hebt, je zoiets niet verzwijgt”, vervolgt ze. “Maar, en dat hoor ik ook van andere slachtoffers, het is eerder andersom.”

    “Juist omdát we zo’n goede band hadden, wilde ik hen geen pijn doen. Hoe vaak ze ook bij me kwamen zitten en vroegen: ‘Wat is er, doet hij soms iets wat je niet wil?’. Ik kon het gewoon niet zeggen.”

    GENEESKUNDE
    Aan de ene kant is Ela het toonbeeld van iemand die, ondanks alles, succesvol is geworden. Ze studeert geneeskunde met het doel om kinderarts te worden, heeft net een huis gekocht met haar vriend en doet nog steeds op hoog niveau aan reddingszwemmen – nu met haar vader als trainer. Maar ze is er nog lang niet.

    Vorig jaar besloot ze zelfs tijdelijk haar studie op een laag pitje te zetten, omdat ze finaal was ingestort. “Ik zat niet lekker in mijn vel, kon me niet concentreren en sliep slecht. Dan werd ik zwetend en in paniek wakker omdat ik droomde dat hij me achtervolgde of vermoordde.”

    DORPJE VLAKBIJ
    “Hoewel ik weet dat hij me niets meer zal doen, ben ik onbewust blijkbaar nog steeds bang. Dat hij in een dorpje vlakbij is gaan wonen en ik hem dus altijd tegen kan komen, helpt niet mee.”

    In Onder water vertelt Ela ook over het desastreuze verloop van de rechtsgang: de dader wist de zaak vijf jaar te rekken, bijvoorbeeld door keer op keer niet op te komen dagen bij de zitting. En hoewel hij in hoger beroep opnieuw schuldig werd bevonden, werden de opgelegde vier maanden cel uiteindelijk omgezet in een taakstraf.

    NIEUW SLACHTOFFER
    Voor Ela voelt dat als een trap na. “Als ik dit had geweten, had ik nooit aangifte gedaan. Elke keer de urenlange verhoren, de mentale voorbereiding op een confrontatie in de rechtszaal, de teleurstelling als het wéér niet doorging… Dat is het me echt niet waard geweest.”

    “Ik deed aangifte omdat ik hem wilde stoppen, dat is niet gelukt. Ik weet vrij zeker dat hij meteen na mij een nieuw slachtoffer had. Maar Justitie gaf aan dat ze daar niets mee konden, zolang dat meisje zelf geen aangifte deed. Kortom: hij kan weer verder, maar ik heb levenslang.”

    SLACHTOFFER
    Ze hoopt dat haar boek iets teweegbrengt, zodat alles toch niet helemaal voor niets is geweest. “Ik hoop dat er kritisch gekeken wordt hoe slachtoffers beter beschermd kunnen worden. Vanuit mijn hart zou ik tegen iedereen die dit heeft meegemaakt willen zeggen: ‘Doe aangifte, want daders moeten gestraft worden.'”

    “Maar wetende wat het met mij en mijn familie heeft gedaan, zou ik het niemand aanraden. Ik had me liever vanaf mijn 14e meteen volledig op mijn verwerking gestort. Ik denk dat het dan nu een stuk beter met me was gegaan.”

    Bron: vrouw.nl, 9 oktober 2017

    #233020

    Luka
    Moderator

    BN’er aan het woord
    ‘Ik sliep ’s nachts stiekem op het conservatorium’

    Iris Hond (31) is nu een succesvol pianist, maar toen ze 14 jaar oud was, zag haar leven er heel anders uit. Na misbruik door een docent op het conservatorium, raakte ze dakloos. Zelfs haar ouders wisten dat niet. ‘Alleen en onveilig, zo voelde ik me.’

    ‘Als ik íets graag wilde, was het concertpianiste worden. Al sinds mijn 3de speel ik piano. Ik vind het heerlijk; muziek verbindt, neemt je mee, het is heel fijn om te spelen. Toen ik op mijn 14de werd aangenomen op het Koninklijk Conservatorium in Den Haag, was ik een stukje dichter bij die droom. Maar ik woonde met mijn heel leuke, lieve ouders en mijn broer in Harderwijk. De afstand naar Den Haag was te groot om elke dag op en neer te reizen.

    Ik bleek tijdelijk bij een docent van school te kunnen verblijven. Natuurlijk vond ik dat spannend, maar ik had er ook zin in. Een nieuwe stad, een nieuwe wereld, waarin ik heel veel tijd aan muziek mocht wijden. Mijn ouders hebben mij altijd veel vrijheid gegeven, dus was het vrij vanzelfsprekend dat ze me lieten gaan. We hebben er samen goed over gepraat. We zagen het alle drie zitten.’

    Heel wijs
    ‘Ik woonde al een tijdje bij die docent, toen hij me op een dag seksueel misbruikte. Ik was in paniek, heb meteen mijn spullen gepakt en ben vertrokken. Het was gek, maar op een bepaalde manier voelde ik me schuldig. Alsof het misbruik mijn verantwoordelijkheid was. Toen ik er veel later over ging lezen, las ik dat dit vaker voorkomt bij slachtoffers van seksueel misbruik. Ik voelde een loyaliteit naar die man en wilde hem niet verdrietig maken. Ik vond hem zielig. Raar hè? De enige die zielig was, was ik. Dat zie ik nu, toen niet.

    ‘Ik wilde die man niet verdrietig maken. Ik vond hem zielig’
    Ik vond mezelf met mijn 14 jaar heel wijs. Ik ben opgegroeid in een kunstenaarsgezin, met mensen als schilder Jan Cremer om me heen. Ik had zijn boeken ook gelezen. Ik dacht dat dit soort gebeurtenissen normaal waren. In films over artiesten gebeurden ook heftige dingen. Het hoort er gewoon bij, dát idee.’

    Dakloos
    ‘Ik durfde er met niemand over te praten. Zéker niet met mijn ouders. Ik was bang dat ze het niet zouden aankunnen. Dat mijn vader een hartaanval zou krijgen. Dat ze me terug zouden halen naar de Veluwe en ik geen concertpianiste meer kon worden. Dat wilde ik absoluut niet. Bovendien zit opgeven totaal niet in mijn karakter. Ik was aan dit avontuur begonnen en wilde er ook mee door.

    Nadat ik bij die man was weggevlucht, ben ik een maand of drie, vier dakloos geweest. Het conservatorium was gelukkig tot laat open, waardoor ik ergens in een kamer wat kon slapen voordat de deur op slot ging. Ik liep dan ’s nachts over straat. Later liet ik me ook wel stiekem insluiten. Ik verstopte me dan ergens in school en als iedereen weg was, zocht ik een plekje om te slapen. ’s Morgens kon ik daar douchen en ’s avonds speelde ik in restaurants, in ruil voor een maaltijd. Dan had ik meteen wat gezelligheid. Mijn ouders – die er geen idee van hadden dat ik niet meer bij die man woonde – maakten elke maand kleed- en zakgeld aan mij over. Daar leefde ik van, maar eigenlijk was het te weinig.’

    Zakken vol muntjes
    ‘Op een dag sprak een zwerver mij aan. Of ik geld voor hem had. “Mán, ik heb zelf niet eens geld voor eten!”, snauwde ik. Hij keek me aan en zei dat ik moest wachten. Een tijdje later kwam hij terug met zijn zakken vol muntjes die hij voor mij bij elkaar had gebedeld in de stad. Hij en nog een paar andere daklozen hebben me ontzettend gesteund. Ik was alleen, maar op elke straathoek van de stad kende ik wel een dakloze. Niet dat ik bij hen uithuilde, maar we begrepen van elkaar waar we doorheen gingen. Ook al was ik de enige ‘sane’ tussen al die mensen met psychische, alcohol- en drugsproblemen, ik voelde me een van hen. Ik hoorde bij een groep, daardoor voelde ik me wat minder alleen.’

    Nergens thuis
    ‘Na die paar maanden zonder huis, vond ik een kamer. Ik zei tegen mijn ouders dat ik liever daar wilde wonen dan bij die docent en zij vonden dat goed. Ik had dan wel een dak boven mijn hoofd, maar om de paar maanden verhuisde ik weer omdat ik me niet prettig voelde. Ik voelde me nergens thuis – alleen op straat, bij de daklozen die me begrepen.

    Een jaar of vijf geleden heb ik dit allemaal aan mijn ouders verteld. Het moest wel. Het is zo’n groot onderdeel van mijn leven en heeft me zo gevormd, dat het niet goed voelde dat zij het niet wisten. Natuurlijk schrokken ze. Misschien hebben ze ook wel wat last van schuldgevoel. Voor mij hoeft dat niet. Ik was geen gemakkelijk kind. Ik was over veel dingen heel open, maar hierover niet. Ze hebben wel gevoeld dat er iets niet in orde was, maar ik liet niks los. Dus gooiden ze het op het harde werken op school. Dat kan ik ze niet kwalijk nemen.’

    Vecht-of-vluchtmodus
    ‘Ik vertel dit verhaal ook in mijn theatertour en elke keer weer is het net of het niet over mij gaat. Al kan ik me het gevoel van toen nog heel goed herinneren. Vooral de eenzaamheid. Ik verloor de aansluiting met studenten die na school lekker naar huis gingen. Door wat ik meemaakte, was ik mentaal veel verder dan zij. Alleen en onveilig, zo voelde ik me.

    Het zijn thema’s waar ik nog steeds heel hard aan werk. Het gevoel van moeten overleven, de vecht-of-vluchtmodus, zit er nog steeds een beetje in. Ik heb moeten leren om te genieten en me veilig te voelen. Ik maakte vaak keuzes voor de korte termijn; nú een oplossing en weer door. Dat waren niet altijd de juiste beslissingen. Tegenwoordig heb ik een heel fijn team om me heen en durf ik keuzes te maken op basis van vertrouwen en duurzaamheid.

    Gisteravond trad ik op en zat ik na afloop met mijn team te eten. Ik had de hele tijd tranen in mijn ogen. Ik voelde me zó op mijn plek. Het was heel fijn en gezellig, ik weet heel goed dat dit helemaal niet vanzelfsprekend is. Als ik iets heb geleerd, is het dat heel kleine, fijne dingen groots kunnen voelen. Net als dat je niet zomaar kunt oordelen over mensen. Iedereen heeft een verhaal.’

    Iris’ tip aan professionele hulpverleners
    ‘Vraag altijd door. Er waren best docenten die aan me vroegen of het goed met me ging. Die zeiden dat ze me zo bleek en mager vonden. Dan antwoordde ik dat ik heel hard moest studeren. Dus natúúrlijk was ik moe en zag ik er niet zo goed uit. Het was dubbel. Ik vond het doodeng dat iemand achter mijn ware verhaal kwam, maar wilde dat ook heel graag. Het allerliefste wilde ik gered worden. Achteraf was dat ook veel beter geweest.’

    Bron: Augeo >>

    #233022

    Luka
    Moderator
    #233478

    Luka
    Moderator

    Misbruikdrama: sportwereld en strafrecht moeten samenwerken

    De overheid moet meer doen om misbruik binnen de sportwereld tegen te gaan. “Er moet nadrukkelijker worden samengewerkt tussen de sportbonden en het strafrecht.” Daarvoor pleit hoogleraar Sport en Recht Marjan Olfers.

    Olfers wil dat er een centraal meldsysteem komt dat het tuchtrecht van de sportbonden en het strafrecht met elkaar in verbinding brengt. Zo kan iemand die over de schreef gaat geen Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) meer krijgen. De Atletiekunie wil ook dat de wet snel wordt aangepast om zo ontuchtplegers uit de sportwereld te kunnen weren. Nu heeft alleen een strafrechtelijke uitspraak gevolgen voor het verkrijgen van zo’n Verklaring Omtrent het Gedrag.

    Bekentenis
    De roep om maatregelen komt nadat dit weekend het nieuws naar buiten kwam over een grote misbruikzaak binnen de sportwereld. Atletiektrainer Jerry M. uit Rotterdam misbruikte tientallen jaren meisjes tussen de 11 en 18 jaar oud. Dat gebeurde bij meerdere sportclubs. De man heeft afgelopen zomer een bekentenis afgelegd bij de tuchtcommissie van het Instituut Sportrechtspraak (ISR). Vervolgens is hij geroyeerd als lid van de Atletiekunie.

    Er is geen aangifte tegen hem gedaan en dus hoeft hij niet voor de rechter te verschijnen. Olfers: “De sport streeft een veilige sport na, maar strafrecht streeft maatschappelijk belang na. We hebben dat strafrecht niet voor niets, als jij een straf begaat hoort daar een sanctie op gevolg nu is dat deze man vrij rondloopt en dat is verschrikkelijk. En als je dat ziet vanuit een maatschappelijk oogpunt hoort daar straf uit te volgen.”

    Dader loopt vrij rond
    De zaak van deze Jerry M. legt de problemen van seksueel misbruik en intimidatie binnen de sportwereld opnieuw bloot. Ondanks verschillende meldingen en signalen kon hij jarenlang doorgaan met het seksueel misbruiken van minderjarige sporters. Veel ongeloof is er vooral over het feit dat hij ondanks eerdere meldingen gewoon weer aan de slag kon als coach bij een andere atletiekvereniging.

    Inmiddels is duidelijk geworden dat hij tenminste negen jonge meisjes seksueel heeft misbruikt, met in sommige gevallen zelfs zwangerschappen tot gevolg. Maar vermoedelijk zijn er meer slachtoffers. De Rotterdammer loopt vrij rond, omdat niemand aangifte tegen hem heeft gedaan. Ook is een aantal zaken verjaard.

    Onderzoek EenVandaag: seksuele intimidatie bij amateursporters van alle sporten
    EenVandaag hield eerder een groot onderzoek onder amateursporters over seksueel misbruik. Maar liefst 642 deelnemers vertelden dat zij te maken hebben gehad met seksuele intimidatie op hun sportclub, recent of in het verleden. Dit varieert van serieuze verbale intimidatie (60 procent) tot ongewenste aanraking (47 procent) en ernstiger misbruik zoals aanranding en verkrachting (14 procent). De slachtoffers doen aan allerlei soorten sporten. Voetbal, zwemmen en turnen worden het meest genoemd. Tweederde is minderjarig (67 procent), de helft (51 procent) is zelfs jonger dan 16 jaar.

    Uit het onderzoek van het Opiniepanel van EenVandaag blijkt ook dat slachtoffers zich schamen om over hun ervaring te vertellen. Eén op de tien (11 procent) heeft melding gemaakt bij de sportclub en slechts 1 procent heeft aangifte gedaan. De helft (47 procent) durft niemand over de seksuele intimidatie te vertellen. Ze zijn bang dat ze niet geloofd zullen worden. Of ze denken dat ‘het zo hoorde’, zeker bij gevallen van langer geleden. Veel sporters vertellen hun verhaal voor het eerst in het onderzoek van EenVandaag.

    Slachtoffers jarenlang niet goed beschermd
    Volgens Slachtofferhulp Nederland laat het misbruikdrama binnen de atletiek opnieuw zien dat vermeende slachtoffers van seksuele intimidatie en misbruik in de sportwereld jarenlang niet goed beschermd waren. “Wij zijn dan ook blij dat (naar aanleiding van de bevindingen van Commissie De Vries) NOC*NSF en de sportbonden gezamenlijk de structuur binnen sportclubs aanpassen om op die manier seksuele intimidatie en misbruik actiever te bestrijden. Dit zijn eerste stappen in de goede richting om (potentiële) slachtoffers te beschermen. De praktijk zal moeten uitwijzen of de nieuwe structuur effect sorteert.”

    Bron: EenVandaag >>

    #234186

    Mark
    Moderator

    Definitie seksueel misbruik van minderjarigen volgens Thekla Bosschaart op het congres over jongeren seksueel geweld

     

    Ik zou hieraan nog wel willen toevoegen dat seksueel spel van kinderen, ongeacht gelijke leeftijd en/of ontwikkelingsfase, niet automatisch hoeft te betekenen dat alle betrokken kinderen het ook echt willen. Misschien kun je dan niet van misbruik spreken, maar het kan wel degelijk schadelijk zijn.

    #236096

    Mark
    Moderator

    Het krijgen van een kind kan je trauma naar boven halen

    De mannen die in de documentaire ‘Leaving Neverland’ vertellen hoe ze jarenlang door Michael Jackson misbruikt zijn, noemen de komst van hun eigen kind als het moment dat ze braken. Daarom vertellen ze hun geheim nu pas voor het eerst.

    “Heel herkenbaar”, zegt Ivonne Meeuwsen, zelf slachtoffer van seksueel misbruik en als coach gespecialiseerd is in de langetermijneffecten van seksueel misbruik. “Het krijgen van een kind kan oude gevoelens ‘triggeren’. Het verleden komt dan in een vloedgolf terug. Als een bom in je hoofd.”

    Zwangerschap
    Bij vrouwen gebeurt dat vaak tijdens de zwangerschap, vertelt Meeuwsen. “De controle raken ze dan kwijt. Het lijf neemt het over. En juist die controle is waardoor ze jarenlang hebben kunnen overleven. Gevoelens die jarenlang onderdrukt zijn, komen dan boven.”

    Bij zowel mannen als vrouwen kan die trigger ook het moment zijn waarop hun eigen kind de leeftijd bereikt waarop de ouder misbruikt is.

    Loyaliteit
    Meeuwsen kan wel verklaren waarom de twee mannen in de documentaire, Wade Robson en James Safechuck, al die jaren gezwegen hebben over het misbruik. In een eerdere rechtszaak getuigde Robson zelfs in het voordeel van Michael Jackson. Het heeft alles te maken met gemengde loyaliteit. “Kinderen voelen zich vaak mede-verantwoordelijk voor wat er is gebeurd. Er treedt schaamte op. Ze hebben het idee dat ze verliefd zijn geweest op de dader en dat zij het misbruik zelf hebben uitgelokt.”

    De effecten van het misbruik kunnen groot en langdurig zijn, zegt Meeuwsen. “Gemiddeld zwijgt een slachtoffer 15 jaar voor hij of zij er over spreekt. Het kan tot in het bejaardentehuis last geven. Een broeder die op de dader lijkt en je op privéplaatsen wast, kan het trauma bijvoorbeeld opnieuw bovenhalen.”

    Ik heb bewust geen kinderen gekregen. Ik wilde mijn trauma eerst verwerken. En daarna was het te laat.

    Levenslange effecten
    Het kan levenslange effecten geven, vertelt Meeuwsen: bij het eerste vriendje, de eerste seksuele ervaring, kinderen krijgen, of kinderen zien opgroeien. “Omgaan met autoriteiten is vaak ook lastig voor slachtoffers. En dan is er nog de angst om zelf kinderen te krijgen, bang zijn misbruik bij hun eigen kind niet te herkennen.”

    Het zijn effecten die Meeuwsen ook in haar eigen leven terug ziet. “Ik heb bewust geen kinderen gekregen. Ik wilde mijn trauma eerst verwerken. Maar dat duurde zo’n 10 jaar. Daarna was het te laat, vond ik. Ook heb ik nooit onder een baas kunnen werken. Ik kan niet goed met autoriteit omgaan.”

    Bron: eenvandaag.avrotros.nl

    #236293

    Mark
    Moderator

    Door de schandalen in de kerk, de zaak rond atletiekcoach Jerry M. en alle commotie over de Michael Jackson-documentaire domineert kindermisbruik doorlopend de media. Het blijft echter, ook in Nederland, onmogelijk om een goed beeld van de omvang van het probleem te krijgen.

    Als het gaat om cijfers over kindermisbruik in Nederland, zijn de bevindingen van de Nationaal Rapporteur de betrouwbaarste graadmeter. De Nationaal Rapporteur brengt sinds 2012 in kaart hoeveel kinderen seksueel geweld ervaren en – tot op zekere hoogte – om wat voor vorm het gaat. Niet alleen aanranding of verkrachting vallen onder seksueel geweld, maar ook bijvoorbeeld misbruik via de webcam of het bezit (of vervaardigen) van kinderporno.

    De Nationaal Rapporteur meldde in 2014 dat één op de drie kinderen in Nederland ooit een vorm van seksueel geweld heeft meegemaakt; soortgelijke cijfers werden eerder ook genoemd in buitenlandse onderzoeken. Volgens de Nationaal Rapporteur worden elk jaar 62.000 kinderen voor het eerst slachtoffer van enige vorm van seksueel geweld.

    Helft van de kinderen houdt altijd problemen
    De gegronde schatting van één op de drie kinderen wordt bevestigd door Iva Bicanic, het hoofd van het Landelijk Centrum Seksueel Geweld. Bicanic is in Nederland de wetenschappelijke autoriteit op het gebied van dit onderwerp. Ze is klinisch psycholoog en verricht al meer dan twee decennia onderzoek naar misbruik van kinderen.

    “De frequentie of de duur van het misbruik kan enorm variëren”, stelt ze. “Sommige kinderen worden eenmaal betast. Andere kinderen worden jarenlang door iemand gedwongen om met regelmaat seksuele handelingen te verrichten of te ondergaan. Als ik iets heb geleerd van mijn werk als therapeut, is dat alles mogelijk is bij seksueel misbruik, ook wat je je niet kunt of wilt voorstellen.”

    De helft van alle slachtoffers houdt er de rest van zijn of haar leven significante problemen aan over. “Wat omvang en impact betreft kun je spreken van een epidemie”, beklemtoont Bicanic. “Bij sommigen gaat het dan om het hebben van nachtmerries, angsten of depressies. Anderen ervaren tot op hoge leeftijd problemen met intimiteit en het vertrouwen in andere mensen, zeker op het gebied van seksualiteit.”

    “Veel jonge kinderen herkennen misbruik ook niet.”
    Heleen Alders, De Kindertelefoon

    ‘Veel slachtoffers blijven hun hele leven zwijgen’
    Het blijft heel lastig om exacte cijfers boven tafel te krijgen, licht ook de woordvoerder van de Nationaal Rapporteur toe. “Zeer jonge kinderen die worden misbruikt, kunnen vaak zelf nog niet verbaal aangeven wat er is gebeurd”, legt ze uit. “En ook als ze wat ouder waren op het moment dat het heeft plaatsgevonden, treden veel kinderen niet naar voren uit schaamte of schuldgevoel.”

    Dit is ook de ervaring van De Kindertelefoon, die vorig jaar 8.450 gesprekken over seksueel misbruik voerde. Een kwart van de gesprekken ging over ongewenste intimiteiten en een kwart over verkrachtingen.

    “Veel jonge kinderen herkennen misbruik ook niet”, stelt woordvoerder Heleen Alders. “Ze hebben nog nooit van misbruik gehoord, ze weten simpelweg niet wat het is. En de dader presenteert wat er gebeurt als ‘normaal’.” Bij iets oudere kinderen en tieners is het vaak een combinatie van factoren. “Denk aan dreiging van of manipulatie door de dader, een gevoel van loyaliteit of afhankelijkheid en de angst dat je er zelf schuldig aan bent of dat je niet geloofd wordt.”

    Ouders zien af van aangifte omdat er geen bewijs is
    De Nationale Politie registreerde vorig jaar bijna achthonderd gevallen van mogelijk seksueel misbruik van kinderen. “Dan wordt er dus een slachtoffer of een verdachte in ons systeem gezet”, stelt woordvoerder Robbert Salome. “Maar er is dan nog niets onderzocht of aangetoond.”

    In 619 gevallen leidde dit tot een gesprek op het bureau. “Soms besluiten ouders daarna alsnog geen aangifte te doen, bijvoorbeeld omdat zij hun kind niet willen blootstellen aan de hele procedure die daarop volgt”, legt woordvoerder Salome uit.

    Het totaal aantal zaken waar daadwerkelijk aangifte van wordt gedaan, was vorig jaar 422. Hier vallen incest of misbruik van wilsonbekwamen (bijvoorbeeld mensen met een verstandelijke beperking) overigens niet onder. Hier werd vorig jaar 312 keer melding van gemaakt.

    ‘Deze cijfers zijn helaas topje van de ijsberg’
    Salome erkent dat deze cijfers hoogstwaarschijnlijk niet meer dan het topje van de ijsberg zijn. “Niet zelden spreken slachtoffers pas na jaren überhaupt met een ander persoon over het misbruik”, legt hij uit.

    Een bekende trigger is ook het moment waarop slachtoffers zelf kinderen krijgen. Dit was ook het geval met de twee mannen die getuigen in de documentaire over Michael Jackson. “Wij kunnen als politie alleen maar actie ondernemen als wij kennis kunnen nemen van een strafbaar feit, zoals een aangifte of de ontdekking van een filmpje op internet”, beklemtoont Salome. “We weten simpelweg niet hoeveel mensen zich niet bij ons melden, bijvoorbeeld omdat ze het gevoel hebben dat er geen bewijs is of dat de politie toch niets kan beginnen.”

    Het Openbaar Ministerie (OM) laat weten in 2018 in totaal 1.193 kindermisbruikzaken in behandeling te hebben genomen. In 57 procent van de zaken werd ook een verdachte gedagvaard. “De overige zaken werden geseponeerd, vaak wegens gebrek aan bewijs”, aldus een woordvoerder. De Raad voor de Rechtspraak kon op korte termijn niet uitzoeken hoe vaak verdachten vorig jaar daadwerkelijk werden veroordeeld voor kindermisbruik.

    ‘Veel slachtoffers blijven negatief over zichzelf denken’
    Een groot misverstand onder niet-slachtoffers is dat praten over misbruik gemakkelijker wordt naarmate de tijd verstrijkt, stelt klinisch psycholoog Bicanic met klem. “De meeste slachtoffers vertellen er nooit over”, legt ze uit. “Zelfs voor hun partner houden ze het geheim.”

    Natuurlijk mogen mensen ervoor kiezen nare gebeurtenissen uit het verleden voor zichzelf te houden. “Maar je merkt dat veel slachtoffers op een later moment in hun leven toch vastlopen door hun herinneringen. Veel kinderen en volwassenen blijven rondlopen met het gevoel dat het hun eigen schuld was, omdat ze niets deden om het te stoppen. Zulke gedachten voeden het idee dat je niets waard bent. Je kunt alleen nog maar negatief over jezelf denken.”

    Bicanic benadrukt dat er geen enkele situatie denkbaar is waarin dit verwijt terecht kan zijn. “Als kind kan jij niet op tegen een volwassene die jou ergens – subtiel of hardhandig – toe dwingt. Het verschil in leeftijd en macht is op geen enkele manier te overbruggen in zo’n situatie. Dat kinderen niets doen of meewerken is geen keuze, maar een manier om de situatie te overleven.”

    “Maar je merkt dat veel slachtoffers op een later moment in hun leven toch vastlopen door hun herinneringen.”
    Iva Bicanic, Landelijk Centrum Seksueel Geweld

    ‘Daders zijn juist géén enge mannen in bosjes’
    Orthopedagoog en psychotherapeut Sander van Arum van de Stichting Civil Care is gespecialiseerd in kindermishandeling en seksueel misbruik binnen het gezin. “De hardnekkigste mythe rond plegers van kindermisbruik is dat het enge mannen zijn die uit bosjes springen”, stelt hij. “Het merendeel van de daders zijn ‘gewone mensen’ van wie je het nooit zou verwachten: ooms, vaders, broers, buurjongens, artsen, sportdocenten, coaches.” Ruwe schattingen stellen dat in meer dan drie kwart van de zedendelicten de dader een bekende van het slachtoffer is.

    Volwassenen die kinderen misbruiken, kunnen door zeer diverse motieven worden gedreven tot hun acties. “Het zijn zeker niet alleen pedofielen, van wie de meesten overigens nooit tot seks met kinderen overgaan”, stelt Van Arum. “Vaak zijn het ook mannen die intimiteitsproblemen met leeftijdgenoten ervaren. Zij voelen zich veel meer op hun gemak bij kinderen en gaan in een relatie met een minderjarige gaandeweg de grens van sensualiteit of seksualiteit over.”

    Andere daders zijn bijvoorbeeld verslaafd aan seks, waardoor ze een steeds heftigere prikkel nodig hebben om hun verlangens te bevredigen. Ook kunnen het mensen met een antisociaal karakter zijn, die geen enkel schuldgevoel over welke handeling dan ook kennen. “Het helpt slachtoffers bij de verwerking van hun trauma vaak als zij beter snappen hoe een dader tot het misbruik is gekomen”, stelt Van Arum.

    ‘Breng misbruik meer in beeld, met een SIRE-reclame’
    De Nationaal Rapporteur pleitte er recent voor dat zedenrechercheurs intensiever gebruik gaan maken van digitale opsporing. Op bijvoorbeeld smartphones en laptops staat vaak veel informatie die zeer bruikbaar is in dit soort zaken.

    Therapeuten Van Arum en Bicanic denken dat het bestrijden van kindermisbruik vooral gebaat is bij meer openheid over het onderwerp, ook richting jonge kinderen. “Kinderen denken bij misbruik aan kinderlokkers, terwijl veruit de meeste daders bekenden zijn”, stellen zij. Alleen door misbruik meer in beeld te brengen en bespreekbaar te maken, kunnen kinderen herkennen wat er gebeurt als zij slachtoffer worden van dit soort praktijken, stellen de therapeuten. Dit kan bijvoorbeeld als onderdeel van de eerste lessen over verliefdheid en seksualiteit of met een SIRE-campagne die op kinderen is gericht.

    “De gevolgen van misbruik kun je zien als een chronische ziekte, die heel veel levens stuk maakt”, aldus Bicanic. “We zouden het daarom bovenaan de agenda van onze samenleving moeten plaatsen. Maar dat het zo vaak voorkomt, is voor veel mensen een ongemakkelijke realiteit. Als je erover begint, wenden mensen liever hun hoofd af. Ze willen er zo ver mogelijk vandaan blijven: ‘Dat gebeurt niet in mijn straat, in mijn familie of bij mijn voetbalclub.’ Je houdt jezelf met zulke gedachten voor de gek om de illusie van een veilige wereld vast te houden.”

    Bron: nu.nl

    #236585

    Luka
    Moderator

    Claudia Schoemacher over misbruik: ’Ik was ook zeven…’

    Vrijdagavond was Leaving Neverland, de veelbesproken documentaire over Michael Jacksons vermeende misbruik, op tv. Claudia Schoemacher keek ernaar met een gevoel van walging en herkenning. Zij werd als kind misbruikt door haar oom.

    Claudia: “Wat de slachtoffers van Michael Jackson in de documentaire vertellen, komt geloofwaardig en authentiek op mij over. En herkenbaar, helaas. Van mijn zesde tot mijn achtste ben ik misbruikt door mijn oom. Een van de slachtoffers vertelt dat hij als zevenjarige de volwassen, stijve piemel van Michael Jackson in zijn mond kreeg. Walgelijk, maar het gebeurt. Het maakt me kwaad dat deze jongens nu voor leugenaars uitgemaakt worden, net als veel andere slachtoffers van misbruik.

    Lees verder op de site van De Telegraaf >>

    #236631

    Luka
    Moderator

    Hoe praat je met kinderen over kindermishandeling?

    Evie Daniels is GZ-psycholoog en trainingsacteur. Ze werkte bij het Kinder- & Jeugdtraumacentrum (KJTC) in Haarlem en heeft nu haar eigen praktijk. In haar carrière sprak zij al veel kinderen die zijn mishandeld. Deze ervaring zet zij in als trainingsacteur. Bijvoorbeeld in Spits je oren!, een training die we vanuit TIMM Consultancy geven over praten met kinderen bij vermoedens van kindermishandeling. Hoe doe je dat? Evie geeft tips.

    1. Relax
    Kinderen voelen haarfijn aan hoe jij erbij zit. Als je bijvoorbeeld gespannen bent of met je hoofd ergens anders, dan werkt dat tegen je. Richt je aandacht volledig op het kind. Maak je hoofd vrij en neem de tijd. Dan geef je het kind de ruimte en vang je alle signalen op.

    2. Vertel wie je bent
    Maak duidelijk wie je bent en wat je komt doen. Vertel wie zich zorgen maken en waarom. Wees ook helder over wat je doet met de informatie die het kind geeft. In hoeverre er sprake is van geheimhouding en wat de uitzonderingen daarop zijn. En beloof niks dat je niet kunt waarmaken.

    3. Zet je mening uit
    Elk antwoord van het kind is oké. Zwijgen ook. Zorg dat je betrokken reageert, maar tegelijkertijd neutraal blijft. Zet je mening even uit. Het helpt niet als je van antwoorden schrikt of ze probeert te relativeren. En als het kind niet (verder) wil praten, respecteer je dat.

    4. Wees nieuwsgierig
    Moedig het kind aan om te vertellen door oprecht nieuwsgierig te zijn. Een eenvoudig ‘vertel eens?’ kan al genoeg zijn. Durf door te vragen en te checken of het klopt zoals jij het hebt begrepen. Hierbij vinden kinderen het vaak prima als je later nog eens terugkomt op iets dat al eerder is besproken.

    5. Vergeet niet te spelen
    Kinderen zijn niet gewend aan lange gesprekken, zeker niet over lastige onderwerpen. Dus zorg voor afleiding tussendoor. Dit verlaagt de spanning. Ga tekenen, gooi een balletje heen en weer, pak de Playmobil erbij, vertel iets leuks, ga een stuk lopen of laat je ergens mee helpen. Wees creatief!

    Bron: Timm Consultancy >>

    #236647

    Mark
    Moderator

    Toename misbruikmeldingen na documentaire Leaving Neverland

    Leaving Neverland over Michael Jackson is voor slachtoffers van seksueel misbruik herkenbaar. Bij hulpstanties kwamen veel meer meldingen binnen.

    Als ontucht lang duurt, kan er een hechte band ontstaan tussen de misbruiker en het kind. De minderjarige kan zich zelfs verliefd voelen. „Soms wordt die band gesmeed met cola, sigaretten of geld”, zegt Iva Bicanic, die als klinisch psycholoog slachtoffers van kindermisbruik behandelt. „Maar heel vaak ontstaat er een speciale connectie door de aandacht die het kind krijgt.” Als het misbruik stopt, wordt die belangstelling gemist. „Kinderen kunnen dan echt rouwen.”

    Lees dit premium artikel verder op nrc.nl of als lid van LSG in het ledendeel.

    #236953

    Mark
    Moderator

    Psychische gevolgen op oudere leeftijd van seksueel misbruik in de jeugd

    De laatste jaren is veel gepubliceerd over het vóórkomen van seksueel misbruik en de gevolgen daarvan in het volwassen leven. Met name de onderzoeken van Draijer hebben in Nederland duidelijk gemaakt hoe frequent seksueel geweld voorkomt. Zij vond dat 248 (24) van 1054 vrouwelijke respondenten tussen de 20 en 40 jaar uit de algemene bevolking bepaalde seksueel ongewenste ervaringen hadden meegemaakt vóór hun 16e jaar; bij 164 (16) van hen ging het om incest.1 Van 160 volwassen patiënten die waren opgenomen in een psychiatrische instelling rapporteerde desgevraagd 34 ervaringen met seksueel misbruik vóór hun 16e; de helft van hen was als kind verkracht.2 In een vergelijkbare setting was 44 (17/39) van de vrouwelijke en 21 (8/38) van de mannelijke patiënten seksueel misbruikt.3 Bij slechts 9 van deze 25 slachtoffers was het misbruik bekend uit het medisch dossier.

    Lees het hele artikel op ntvg.nl >>

25 berichten aan het bekijken - 51 tot 75 (van in totaal 75)

Je moet ingelogd zijn om een reactie op dit onderwerp te kunnen geven.

Gasten op de site: 17 - Leden op de site: 4
Ravenia, Mark, Stefan, Marit
Forum Statistieken
Aantal topics: 1.065, Gegeven reacties: 5.035, Actieve leden: 292