Kindermisbruik (algemeen)

  • Dit onderwerp bevat 95 reacties, 8 deelnemers, en is laatst geüpdatet op 22/06/2021 om 21:40 door Luka.
25 berichten aan het bekijken - 26 tot 50 (van in totaal 96)
  • Auteur
    Berichten
  • #225178
    LSG
    Beheer
    Topic starter

    Interview van Ruben Nicolai met vijf vrouwen, over kindermishandeling

    https://youtu.be/md3VAiHpuKg

    Bekijk deze video op Youtube

    #225734
    Luka
    Moderator

    Verschillende vormen van kindermishandeling

    De vormen van kindermishandeling
    Kindermishandeling kan verschillende vormen aannemen. Het valt op te delen in zes categorieën, die hieronder verder zullen worden toegelicht:

    • Seksueel misbruik;
    • Fysieke mishandeling;
    • Fysieke verwaarlozing;
    • Emotionele/psychische mishandeling;
    • Emotionele/psychische verwaarlozing;

    Overige vormen van mishandeling
    Kindermishandeling kan variëren van licht tot zeer ernstig. Hoe ernstig de mishandeling is, hangt onder andere af van hoelang en hoe vaak het heeft plaatsgevonden. Als een kind jarenlang wekelijks misbruikt is, is dit dus ernstiger dan wanneer dit gedurende een aantal maanden een aantal keer is voorgekomen. De ‘pedagogische tik’ of corrigerende tik wordt meestal niet gezien als mishandeling. Deze is echter wel bij wet verboden.

    Er wordt vaak gedacht dat ouders die als kind mishandeld zijn, een grotere kans hebben om later hun eigen kind te mishandelen.6 Dit zou niet alleen een risicofactor, maar zelfs een mogelijke oorzaak zijn. Inderdaad zijn er veel onderzoeken die dit resultaat hebben gevonden.

    Volgens een schatting is dit het geval bij ongeveer een derde van de ouders die als kind zelf werden mishandeld of opgroeiden in negatieve gezinsomstandigheden. Vergeleken met ouders die vroeger niet zelf mishandeld zijn, zouden zij dus een grotere kans hebben om hun eigen kind te mishandelen.

    Bij veel van deze studies was de onderzoeksmethode echter van slechte kwaliteit. De conclusie is dat er waarschijnlijk een verband is tussen zelf mishandeld zijn en later mishandelen. Op dit moment is er echter nog te weinig bewijs om een definitieve conclusie te kunnen trekken.

    Lees verder op depsycholoog.nl >>

    #225735
    Luka
    Moderator

    Dit is waarom het belangrijk is je kind de onderbroekregel te leren
    Een op de drie kinderen in Nederland wordt slachtoffer van seksueel geweld. Dat kan ieder kind overkomen. Als ouder kun je helpen seksueel misbruik te voorkomen. De onderbroekregel is daarbij een veilige en bruikbare hulpmiddel.

    De onderbroekregel helpt je als ouder om aan je kind uit te leggen waar anderen hem niet mogen aanraken, hoe hij moet reageren als dat toch gebeurt en waar hij hulp kan zoeken. Het helpt kinderen onderscheid te maken tussen fijne en foute aanrakingen, goede en slechte geheimpjes en, bovenal, dat hun lichaam van henzelf is.

    Zo werkt het
    De lichaamsdelen van je kind die worden bedekt door zijn onderbroek vallen onder de onderbroekregel. Kinderen zouden daar niet mogen worden aangeraakt door anderen. Zij zouden anderen daar zelf ook niet moeten aanraken.

    Lees verder op oudersvannu.nl >>

    #225987
    Luka
    Moderator

    Sensoa Vlaggensysteem
    Hoe reageren op seksueel (grensoverschrijdend) gedrag?

    Wat is het Vlaggensysteem?
    Het Sensoa Vlaggensysteem is een in Vlaanderen ontwikkelde methodiek om seksueel gedrag in te schatten en gepast te reageren. Aan de hand van 6 criteria kan je seksueel gedrag indelen in 4 categorieën, aangeduid met verschillende kleuren vlaggen. Bij elk type gedrag krijg je een aangepaste reactie voorgesteld.

    Meer informatie en de mogelijkheid tot het aanschaffen van een lespakket vind je op de site van Sensoa >>

    #226021
    MiraiMichi
    Lid LSG

    Hey luka!

    Goed om zoiets te zien. Ik ben zelf altijd bang dat ik niet op tijd zou ingrijpen bij seksueel misbruik of niet goed zou reageren omdat ik bang ben dat ik het niet goed herken. Dus dit helpt! Dank je!

    #226237
    Luka
    Moderator

     

    *De automatische vertaling van Youtube vertaalt enkele woorden verkeerd door het accent van deze vrouw. Maar het is goed te volgen verder.

    #228442
    Stijn
    Lid LSG

    Een op drie slachtoffers Robert M. vertoonde ‘zorgelijk seksueel gedrag’

    Studie: Ouders rapporteerden het gedrag in gesprekken met artsen van het Emma kinderziekenhuis van het AMC.

    Ruim eenderde van de kinderen die met kindermisbruiker Robert M. in aanraking zijn geweest, vertoonde daarna „zorgelijk seksueel gedrag”. Ouders rapporteerden dat in gesprekken met artsen van het Emma kinderziekenhuis van het AMC. Het ging onder meer om het nadoen van seksuele handelingen, seksuele uitspraken of juist angst voor seksualiteit.

    Dit blijkt uit een onderzoek waarop arts-onderzoeker Thekla Vrolijk-Bosschaart op 11 oktober hoopt te promoveren, Recognizing child sexual abuse. Het is de eerste keer dat er uitgebreid onderzoek wordt gepubliceerd over de gevolgen voor slachtoffers in de Amsterdamse zedenzaak.

    In 2010 bekende crèchemedewerker Robert M. dat hij 87 zeer jonge kinderen seksueel misbruikt had en daarvan opnamen maakte. Het jongste slachtoffer was enkele weken oud. M. werd in 2013 veroordeeld tot een celstraf van 19 jaar plus tbs. De zaak geldt qua aantal slachtoffers als de grootste bevestigde zedenzaak in de geschiedenis.

    In het AMC werd kort na de ontdekking van het misbruik een spoedpoli ingericht om onderzoek te doen en hulp te verlenen. 125 ouders gaven toestemming de dossiers van hun kind te gebruiken voor wetenschappelijk onderzoek.

    28 procent van de kinderen bij wie misbruik bewezen is, vertoonde theatraal, uitdagend of juist terugtrekkend gedrag tijdens onderzoek aan hun genitaliën en anus. Dit kan volgens Vrolijk-Bosschaart „een mogelijk waardevol element” zijn bij het opsporen van misbruik bij kinderen. Ze adviseert om voortaan een gedragswetenschapper bij lichamelijk onderzoek kinderen te laten observeren.

    De meeste kinderen lieten bij het onderzoek op de AMC-spoedpoli geen psychosociale of fysieke klachten zien. Ook hielden zij geen fysiek letsel over aan het misbruik.

    Het volledige promotieonderzoek wordt openbaar op 11 oktober.

    Bron: nrc.nl

    #228454
    Malinche
    Lid LSG

    heftig! en Schokkend.

    en: wisten we al… En de kinderen waarbij de onderzoekers niks bijzonders waarnemen? dat is dan nog verborgen….

    #228458
    Malinche
    Lid LSG

    praatoverkindermishandeling.nl

    Stichting Praat doorbreekt het zwijgen over kindermishandeling. Kindermishandeling gedijt op geheimhouding, dus is het belangrijk om het geheim te onthullen. Daarom staan in alle activiteiten van Stichting Praat de geschiedenissen van ervaringsdeskundigen van kindermishandeling centraal en komen de ervaringsdeskundigen zelf aan het woord.

    Train het signaleren van kindermishandeling met de Signalenwijzer
    De Signalenwijzer is een hulpmiddel om in gesprek te gaan over het signaleren van kindermishandeling.
    De Signalenwijzer is gemaakt om te helpen om van het signaleren teamwork te maken. Om ‘niet pluis gevoelens’ bespreekbaar te maken en om elkaar te helpen zo objectief mogelijk waar te nemen.
    Het helpt ook om uit een zogenaamde ‘tunnelvisie’ te blijven en om de periode tussen het opmerken van het eerste signaal en de eerste actie te verkorten. Met de Signalenwijzer kan iedereen zelf oefenen met casussen en signalen die kunnen wijzen op kindermishandeling. De Signalenwijzer is vooral bedoeld om in teamverband te worden ingezet; het signaleren en bespreken van kindermishandeling is immers teamwork.

    #228478
    Mark
    Moderator

    DE VERBORGEN SIGNALEN VAN SEKSUEEL MISBRUIK BIJ KINDEREN

    Uit de Amsterdamse zedenzaak rond Robert M. worden nog steeds lessen getrokken. De nieuwste bevinding is schrijnend: seksueel misbruik van jonge kinderen is heel moeilijk vast te stellen.

    Volwassenen voelen ook een hoge drempel om na seksueel misbruik hulp te zoeken. Maar jonge kinderen hebben er zelfs de woorden nog niet voor. ,,Ze vertellen bijna nooit direct, uit zichzelf, over het misbruik. Dus dan moet je op hele andere signalen letten”, zegt Thekla Bosschaart, arts-onderzoeker van Amsterdam UMC, locatie AMC.

    Maar wat zijn dan precies alarmerende woorden? Hoe geeft een jongetje van 3 jaar prijs dat hij seksueel is misbruikt? Dat is bij jonge kinderen bijna codetaal. Bosschaart wil die codetaal ontrafelen, zodat kinderartsen, psychologen en orthopedagogen weten hoe ze seksueel misbruik kunnen herkennen en vaststellen. In eerste instantie om de kinderen een juiste behandeling te kunnen geven. Al kan wat slachtoffers tegen hulpverleners zeggen ook in een strafzaak worden opgevraagd.

    Lees dit premium artikel verder op ad.nl of als lid van LSG in het ledendeel.

    #228709
    Luka
    Moderator

    “In die sekskelder moest mijn prinsessenjurk uit, en ik hoorde alleen het klikken van de camera”

    Toen Vicky 3 jaar oud was, werd ze misbruikt in de kelder van haar overbuurman, die er foto’s en video’s van maakte. “Het voelt als een stuk van mij dat is weggenomen: foto’s van mij, naakt en in een gruwelijke situatie. Ik ben nu dan wel volwassen, maar er wordt nóg misbruik van mij gemaakt.”

    “Als kind speelde ik vaak buiten. Tegenover ons woonde een heel mooi meisje: een prinsesje. Ik speelde vaak met haar en wilde heel graag bij haar thuis spelen. Op een dag waren we aan het hinkelen, toen haar moeder riep: “Wie wil er een snoepje?” Ik rende op haar af, en had het snoepje als eerst. Wie het eerst was, mocht naar binnen, “om mooi gemaakt te worden”, zei die moeder. Als een prinsesje.”

    “In de kelder hadden ze een soort speelkamer: er stonden bedden, en daar mochten we op springen. Ik kreeg een prinsessenjurk aan en ik dacht: “Nu word ik net zo mooi als mijn buurmeisje”. Daar, in de kelder, waren ook de vader (mijn overbuurman) en een oom aanwezig. Ze zeiden: “Je mooie jurk wordt verkreukeld. Je kunt ‘m beter uit doen.” Er ging steeds meer kleding uit. De mannen maakten foto’s van mij en mijn buurmeisje. En er werd gefilmd.”

    “We werden vastgebonden aan het bed. De mannen deden allerlei dingen met ons. Seksuele dingen, met hun handen. Ik wist niet goed wat er met me gebeurde… ik was drie jaar oud.”

    “De overbuurman praatte de hele tijd tegen me: ‘Je bent zo’n mooi meisje’. Zijn adem stonk, hij zat aan me, en ging steeds verder. Hij zei ‘ik ga je geen pijn doen’ en verkrachtte me. Het deed pijn, en al die tijd was er een grote camera bij. Ik hoorde alleen maar klik, klik, klik.”

    “Mijn buurmeisje begon hard te gillen en te huilen. Op een gegeven moment stopte het huilen, en was er paniek. Ze werd in lakens gerold en meegenomen. Ik dacht dat ze dood was. Er schoot door mijn hoofd: had ik maar niet dat snoepje moeten pakken, dan was zij misschien het prinsesje geweest, en was het met haar niet zo afgelopen.”

    “Tien jaar geleden pas kreeg ik te horen dat mijn buurmeisje toen niet was overleden. Wel had ze – net als ik – een zwaar leven gehad: ze was heroïnehoertje geworden en had al op jonge leeftijd zelfmoord gepleegd.”

    “Het misbruik door mijn overbuurman was eenmalig, maar toen ik acht was, ging het weer mis: een man die in de buurt van mijn school woonde, heeft me lange tijd misbruikt. Ik wist niet wat mijn grenzen waren en was erg in de war. Ik durfde het aan niemand te vertellen, want ik dacht dat hij dan ook mijn zusjes zou pakken.”

    “Ik groeide op met paniekaanvallen en nachtmerries. Mijn familie wist niet hoe ze met me om moesten gaan; mijn ouders hadden het altijd heel druk. Hun zaak ging failliet en mijn vader werkte veel, we hadden een groot gezin. Toen mijn moeder 26 was, had ze al 6 kinderen. Ik was een van de oudsten en voor mij was geen tijd.”

    “Op een dag kwam ik thuis en vertelde ik mijn moeder dat de buurman op me geplast had – toen wist ik nog niet dat het sperma was. Mijn moeder zei: ‘Ga weg, vies kind. Hoer!’ Ze was overspannen en wist niet wat ze deed, maar ik dacht: het is mijn eigen schuld. Ik ben een hoer.”

    “Al jong kwamen mijn eerste zelfmoordgedachten: als ik nou dood zou, zijn dan wordt alles misschien opgelost. Toen ik elf was, deed ik mijn eerste poging. Toch wilde ik het niet. Ik dacht: als ik er niet meer ben, wie zorgt er dan voor mijn broertjes en zusjes?”

    “Ik was 12 jaar toen ik pas doorkreeg dat wat deze mannen deden, fout is. Ik zag een documentaire op televisie, waarin werd verteld dat als een man een kind wat aandoet, de man fout is. Ik had altijd gedacht dat ik fout was, en dat als ik erover zou praten ik naar de gevangenis moest. In therapie heb ik dit trauma geprobeerd te verwerken. Ik splitste mijzelf ooit in zes personen: die had dit meegemaakt, die dat… enzovoort.”

    “Ik leef nog elke dag met de gevolgen van het misbruik. Er is best veel in het nieuws dat te maken heeft met #MeToo, waardoor het verleden als een film terug komt. Ik durf in het donker niet naar buiten, slaap met lichtje aan, en heb nog steeds paniekaanvallen.”

    “Ook heb ik er moeite mee om met mannen om te gaan. Ik heb zelf wel een lieve man, die vertrouw ik wel, maar met aanrakingen heb ik het soms moeilijk. Ik heb last van psychoses en slik medicijnen.”

    “Dat er misbruikbeelden zijn gemaakt van mij als klein meisje, blijft me achtervolgen. Dat is heel pijnlijk: soms schaam ik me zo. Ik zou het verschrikkelijk vinden als mensen naar me toe komen dat ze die foto’s hebben gezien.”

    Vicky werkt als vrijwilliger voor Project Speak Now. Deze stichting helpt slachtoffers van seksueel misbruik door te praten over hun ervaringen, onder meer in gespreksgroepen, en met coaching en training.

    Lees verder op brandpuntplus.kro-ncrv.nl >>

    #228724
    Stijn
    Lid LSG

    Ik heb huilend naar dit programma zitten kijken.

    Stijn

    #228818
    Luka
    Moderator

    Na #metoo: dit fotomodel komt in actie tegen ‘vunzografen’

    Fotomodel Megan Versteeg (20) komt in het geweer tegen zogenoemde ‘vunzografen’, fotografen die zich schuldig maken aan seksueel wangedrag tegen vaak heel jonge modellen.

    “Ik ben Megan Versteeg. Dit verhaal doe ik om jonge modellen wegwijs maken in de Nederlandse modewereld, waarin seksuele intimidatie en misbruik te vaak voorkomen. Ik werk pas een jaar als amateurmodel en heb al het nodige meegemaakt.”

    Meisjesdroom

    “Het is mijn meisjesdroom om model te worden. Ik wil er mijn werk ervan maken. Voor dit werk moet je wel de juiste lengtes en maten hebben. Ik kom een paar centimeter te kort. Maar voor commerciële fotoshoots is dat vaak geen probleem, dus daar probeer ik tussen te komen.”

    Van naaktfoto’s tot seks

    “Ik doe meestal TFP-shoots: Time for Print. Dat zijn gratis fotoshoots. Daarbij werken de amateurfotograaf en het amateurmodel vaak voor niets, om zo allebei hun portfolio te vullen. Er zijn prima TFP-fotografen, maar sommigen gaan te ver. Ze willen heel graag naaktfoto’s maken, onder het mom van ‘dan kom jij verder’. Ze zeggen dat ze dan zorgen voor connecties en dat je in de modellentop komt. Sommige fotografen vragen ook om met ze naar bed te gaan. Ik hoor veel modellen die denken dat ze zo inderdaad hoger in de top komen. Maar zo werkt het natuurlijk niet. Als jij laat zien dat je goede poses aanneemt en goed je werk doet, dan moet je verder komen. Niet omdat je met iemand naar bed gaat.”

    Vunzografen

    “Er zijn ook festivals of events met een bepaald thema, kostuumfestivals of fantasy fairs bijvoorbeeld. Daar lopen dan wat ze noemen ‘vunzografen’ rond. Die komen alleen maar om kiekjes te maken van de borsten en de inkijk van modellen. Op die evenementen lopen modellen en anderen rond in kostuums van elven, sprookjesfiguren of superhelden. Sommigen werken maanden aan een kostuum, soms zelf een jaar. Maar daar gaat het die vunzografen niet om.”

    “Er lopen hordes vunzografen rond die zo pikant mogelijke foto’s willen maken. Sommige leggen modellen zelfs in rare houdingen neer. Er zijn ook fotografen die ongevraagd foto’s maken en dat niet eens aan een model vragen. Je merkt dat het puur gaat om hun eigen perverse ideeën.”

    Onder je rok kruipen

    “Voor gewone fotografen die op deze evenementen zijn, is dit ook enorm vervelend. Zij lopen daar om het model in het mooie kostuum te fotograferen. En dan lopen al die vunzografen daartussen. Je haalt ze er makkelijk uit. Ze gaan op grond liggen, proberen modellen van onder te fotograferen of kruipen onder hun rok. Normale fotografen zijn vaak druk bezig met de belichting. Maar als ze opeens jouw borsten proberen te fotograferen, dan weet je het wel.”

    “Het is vrij bizar. De afgelopen tijd zijn de organisatoren van dit soort evenementen wel bezig om die vunzografen weg te houden. Vrouwen zouden dit niet moeten pikken, maar dat gebeurt wel. Je hebt het ook niet altijd onder controle. Als er dertig fotografen staan en er staan twee of drie vunzografen tussen, kun je niet zeggen ‘ga maar weg allemaal’.”

    Shoots in lingerie

    “Bij de TFP-shoots ging ik in het begin nog wel eens in lingerie en ook wel eens naakt. Ik wilde het uitproberen. Je wil kijken waar de grenzen liggen. Waar je je wel of niet prettig bij voelt. Ik heb dat altijd gedaan waar iemand bij was. Maar in mijn ogen zijn dat niet altijd de mooiste foto’s geworden. Voor mij zijn dat gewoon die in een leuke jurk en de beste poses.”

    #MeToo nog maar het begin

    “Ik vind de #metoo-beweging heel goed. Dit zijn zaken die naar buiten moeten komen. Ik denk dat dit nog maar een begin is en dat we er nog lang niet zijn. Er moet nog veel gebeuren wil je misstanden in de fotografiewereld zoveel mogelijk beperken.”

    “Ik probeer jonge meiden altijd te waarschuwen. Dat ze nooit alleen naar fotoshoots moeten gaan. Neem iemand mee die je vertrouwt. Als een fotograaf zegt dat je niemand bij je mag hebben, is het al verkeerde boel.”

    Schaam je niet

    “Modellen praten hier niet makkelijk over. Ze schamen zich snel dat ze erin zijn getrapt en dat ze toch tegen hun zin naakt op de foto zijn gegaan. Dat begrijp ik. Het is niet iets waar je makkelijk over praat. Ook zijn er modellen die al een carrière hebben opgebouwd die hun carrière niet omver willen helpen.”

    “Ik ben misschien een van de weinigen die mijn mond opendoet. Ik schaam me gewoon niet. Je moet erover kunnen praten, dat wil ik iedereen laten weten.”

    In onze tv-reportage op dinsdag 7 november 2017 komen naast Megan Versteeg twee topmodellen naar buiten met hun verhalen. Net als Megan willen zij daarmee opkomen voor minderjarige en jonge modellen die slachtoffer worden van ‘vunzografen’. Zij vertellen ook over misbruik binnen de professionele modellenwereld en hoe zij gelokt werden met seks-aanbiedingen in het escort-circuit.

    Bron: npo3.nl/brandpuntplus

    #229389
    Luka
    Moderator

    REPORTAGE MISBRUIK JEHOVA’S GETUIGEN

    ‘Het begon allemaal kalmpjes. Tijdens het bidden een handje vasthouden. Dicht tegen me aan staan’

    Minister Sander Dekker heeft al eerder Jehova’s getuigen gemaand tot een onderzoek naar misbruik in de geloofsgemeenschap. De kerk weigert dit, en nu onderzoekt het OM negen gevallen en voert Reclaimed Voices, zoals zaterdag in Emmen, campagne.

    Marianne de Voogd (54) staat in een rood shirt op een parkeerplaats in Emmen, waar een stuk of vijftig mensen naar haar verhaal luisteren. Het is zaterdagmiddag en Reclaimed Voices organiseert hier voor de deur van het Nederlandse hoofdkantoor van de Jehova’s Getuigen een vreedzaam protest. De stichting vindt dat het maar eens afgelopen moet zijn met het kindermisbruik binnen de gemeenschap.

    Lees verder op volkskrant.nl >>

    #229390
    Luka
    Moderator

    GEWELD HOORT NERGENS THUIS: LOKALE BESTUURDERS NÚ AAN ZET

    “Geweld hoort nergens thuis, zeker niet in je eigen huis, waar je veilig moet zijn en je je veilig moet voelen om jezelf te kunnen zijn, te groeien en je te ontwikkelen”.

    Een treffende eerste zin in het actieprogramma aanpak kindermishandeling en huiselijk geweld van de landelijke overheid. Geweld achter de voordeur komt nog veel te vaak voor. 119.000 kinderen hebben jaarlijks te maken met een vorm van mishandeling of verwaarlozing. Als oud-lid van de Jongerentaskforce heb ik het cijfer inmiddels vaak voorbij horen komen, maar het raakt iedere keer weer. Ik ben daarom blij dat er een integraal plan is, waarin alle belangrijke organisaties en overheden met elkaar samenwerken om geweld te voorkomen of te stoppen.

    ZORG DAT KINDEREN WETEN WAT WEL EN NIET NORMAAL IS IN DE OPVOEDING
    In 2013 sloot ik mij aan bij de Jongerentaskforce, omdat ik het onverteerbaar vind dat zoveel kinderen geen veilig thuis hebben. Ook als jong raadslid in de gemeente Zederik maak ik me sindsdien sterk om de aanpak van kindermishandeling te helpen verbeteren. Dat is in mijn ervaring een thema waar veel partijen en organisaties zich mee bezighouden. Vreemd genoeg wordt de directe doelgroep – kinderen en jongeren – hier nog veel te weinig bij betrokken. Dat is precies waar de Jongerentaskforce verandering in wil brengen.

    Als oud-lid van de Jongerentaskforce vind ik het mooi om te zien dat in het actieprogramma kinderen beter betrokken worden. Zo moet ieder kind geïnformeerd worden over zijn of haar rechten en verteld worden dat geweld in de opvoeding niet normaal is. Daarnaast zal er meer aandacht voor scholing en het gebruik van de meldcode komen. Het actieprogramma zet wat mij betreft dan ook een flinke stap in de goede richting.

    MAAK VAN AANPAK KINDERMISHANDELING PRIORITEIT
    Het is terecht dat in het plan ook de gemeenten genoemd worden. De lokale teams in de dorpen en wijken hebben intensief contact met ouders en kinderen en zijn daarom heel belangrijk om onveilige situaties te signaleren. Daarnaast worden veel meldingen na het onderzoek door Veilig Thuis afgeschaald naar de lokale teams. Het is dus belangrijk dat professionals in deze lokale teams voldoende kennis en expertise hebben over (on)veiligheid.

    Lokale bestuurders hebben hierin een grote verantwoordelijkheid. Tegen hen zeg ik: pak de handschoen van de overheid op en maak van de aanpak van kindermishandeling een prioriteit. Er zijn nog te veel kinderen die niet weten dat wat er bij hen thuis gebeurd niet normaal is, dat zij recht hebben op een veilige thuissituatie, of waar zij terecht kunnen met hun vragen of zorgen. Lokale bestuurders kunnen bijvoorbeeld voorlichting op scholen opnemen in het lokale preventieprogramma en zo zorgen dat kinderen dit wél weten.

    Ik hoop van harte dat lokale bestuurders deze kans grijpen. Met dit actieprogramma kunnen we écht het verschil maken voor de kinderen die opgroeien in onveiligheid. Als geen ander weten zij hoe belangrijk veiligheid is om jezelf te kunnen zijn, te groeien en je te ontwikkelen. En dat gunnen we elk kind.

    Bron: Augeo.nl >>

    #229434
    Luka
    Moderator

    De strijd tegen kinderporno
    ‘Wij zijn óók van slag’

    Internet heeft de wereld van kinderporno radicaal veranderd. Terwijl het aantal meldingen jaarlijks fors stijgt, richten politie en OM zich vooral op excessen. De overheid wil nu dat internetbedrijven en de samenleving hun verantwoordelijkheid nemen. ‘Het is tijd voor een Bob-achtige campagne.’

    Michelle Spoormaker zag de kinderpornowereld onder haar ogen veranderen. Als ze vroeger huiszoeking deed, zocht ze met haar team naar videobanden die een verdachte in een schimmige seksshop in Amsterdam had gekocht. Om kinderporno te kunnen bemachtigen had zo’n verdachte grote moeite gedaan. Hij had buitenshuis duistere contacten gelegd, zich in een illegale wereld begeven en was uiteindelijk naar die seksshop gegaan. ‘Mensen die dat deden waren echt pedofiel geaard of hadden ten minste uit zichzelf al die belangstelling’, zegt Spoormaker, die sinds 1999 zedenzaken doet en sinds 2009 landelijk officier van justitie kinderporno is. ‘Dat doe je niet even uit nieuwsgierigheid.’

    Juist dat is wat er nu volgens haar vaak gebeurt. De drempel is door het internet verlaagd. Kinderporno is verschoven van videobanden en boekjes naar het internet. Je hoeft thuis maar een paar zoektermen in te tikken en je bent er. Snellere verbindingen en de vergroting van opslagmogelijkheden zorgen ervoor dat mensen eenvoudiger dan ooit beeldmateriaal van seksueel kindermisbruik kunnen zoeken, uitwisselen en verspreiden. Daarnaast bieden webcams en live streaming oneindig veel mogelijkheden voor het maken van nieuwe beelden. Zelfs het dark web is toegankelijker. Vroeger konden alleen grote nerds daarin hun weg vinden, tegenwoordig kan iedereen anoniem surfen via het Tor-netwerk. ‘Je wilt wel eens weten wat het is, het is toch wel spannend’, zegt Spoormaker. ‘Het is zo makkelijk. In de trein log je even in, even wat kijken tijdens je werk, in de pauze, of thuis. Niemand die het merkt.’

    Het beleid om kinderporno aan te pakken is het laatste decennium verscherpt. Negen jaar geleden werd een landelijk officier van justitie kinderporno aangesteld, zes jaar geleden kwamen er teams Kinderpornografie en Kindersekstoerisme met 150 gespecialiseerde politiekrachten, drie jaar geleden benoemde de minister van Justitie voor het eerst de bestrijding van kinderporno tot een van de landelijke topprioriteiten. Maar het aantal meldingen groeit justitie en politie boven het hoofd. Voor 2018 wordt zelfs bijna een verdubbeling van vorig jaar verwacht. Dit jaar organiseerde de minister van Justitie en Veiligheid twee rondetafelgesprekken met het veld en private partijen om bij de aanpak van kinderporno een nieuwe stap te zetten. Kinderporno lijkt ver af te staan van de ‘gewone’ burger, als iets van misdadigers, maar het vindt juist plaats in de ‘gewone’ samenleving.

    Het aantal mensen dat naar kinderporno kijkt en downloadt, is groter geworden. ‘We hebben zoveel meldingen, dat kunnen niet allemaal pedoseksuelen zijn’, denkt Spoormaker. Vaak gaat het om mannen die afglijden in hun fantasie. Als Spoormaker en haar team iemand met kinderporno ‘vangen’, staan er op de computer vaak ook andere porno- of geweldsbeelden. Maar, waarschuwt de officier, niemand komt zomaar op een site met kinderporno terecht. ‘Het is welbewust op de computer surfen en aanklikken.’ En het is strafbaar. Het is een delict. ‘Je kijkt naar kindermisbruik’, zegt ze nog maar eens. Daarom vindt ze ‘online kindermisbruik’ een betere term dan kinderporno. Het gaat om foto’s, video’s, chatsessies maar ook webstreaming. ‘Alle zedenartikelen waar een online component in zit.’

    De aard van het internet ‘maakt het veel groter en ongrijpbaarder’, zegt Spoormaker. ‘Bij een aanranding achter het fietsenhok heb je een plaats, een dader en een slachtoffer, meestal zijn ze ook nog bekend. Maar in de online wereld van kinderporno verschuilen mensen zich achter een accountnaam, een avatar of wat dan ook. Je weet niet in welk land deze persoon zit, of wie het is. Je weet niet in welke richting je het moet zoeken. Iedereen kan zeggen dat hij vijftien jaar is, terwijl het een man van zestig kan zijn. Hij kan in Shanghai wonen terwijl hij zegt dat hij Amerikaan is. De opsporing is dus erg veranderd. Die is veel moeilijker geworden. Er is een heel nieuwe wereld bij gekomen.’

    De lawine van meldingen die de instanties krijgen groeit jaarlijks. De meeste gaan over websites op het gewone openbare internet. Mensen die al surfend beeldmateriaal van seksueel kindermisbruik tegenkomen, kunnen dit online en anoniem melden bij het Meldpunt Kinderporno, onderdeel van het Expertisebureau Online Kindermisbruik (EOKM). In 2017 bekeek het meldpunt 154.897 afbeeldingen, video’s en websites met vermoedelijk seksueel kindermisbruik, een stijging van 35 procent in vergelijking met het jaar daarvoor. Dit jaar is dat aantal al lang gepasseerd en verwacht EOKM-directeur Arda Gerkens op bijna een verdubbeling uit te komen van 225.000 meldingen. Gaat het om een URL die in Nederland wordt gehost, dan geeft het meldpunt het door aan de internet hosting provider zodat de afbeeldingen en video’s verwijderd worden – de Notice and Takedown-procedure. Staat het op een buitenlandse site, dan wordt het doorgegeven via INHOPE, de internationale organisatie van meldpunten.

    Wereldwijd neemt het online aanbod toe. Nederland is een grote spil. Uit de statistieken van INHOPE bleek in 2017 dat een vijfde van alle door de meldpunten geïdentificeerde beelden van kindermisbruik gehost stond in Nederland. Daarmee staat Nederland op de tweede plaats in de top-tien van landen ter wereld waar de meeste kinderporno gehost staat, en binnen Europa zelfs op de eerste plaats, aldus het EOKM. ‘We hebben snelle netwerken’, verduidelijkt Gerkens in haar kantoor in het centrum van Amsterdam. ‘Maar dat hebben wel meer landen.’ De politie zou volgens haar meer kunnen doen. ‘Er is weinig geld voor digitale opleidingen bij de politie. En te weinig capaciteit. Laaghangend fruit laten ze vaak lopen. Ze gaan vooral achter zware en ernstige gevallen aan.’

    Het Meldpunt Kinderporno richt zich op het schoonmaken van het openbare internet. ‘Hoe moeilijker het is om kinderporno te vinden, hoe beter’, zegt Gerkens. Dan is er minder kans dat mensen er eventueel toevallig op stuiten. Volgens Gerkens is vijftig procent van de downloaders niet per se pedofiel of pedoseksueel. Ze hebben, zoals ze zegt, ‘ergens een verkeerde afslag genomen’. Mensen willen het vaak niet doen, zegt ze, ze voelen zich er niet goed over. Dat is ook de kern van hun campagne. Wie naar de website Stop it now! surft en op het vakje ‘Ik kijk kinderporno’ klikt, krijgt een filmpje te zien. Een man kijkt naar een beeldscherm. ‘Voel ik me nu schuldig?’ zegt een stem. ‘Dit is toch geen kindermisbruik? Alle afbeeldingen bestaan al. Kijk die kinderen eens lachen. Gelukkig ziet niemand me, want als dit… dan raak ik echt alles kwijt… mijn baan, huis, relatie, kinderen… Ik moet hiermee stoppen, maar hoe…?’

    Het expertisecentrum heeft voor deze ‘lichte gevallen’ een anonieme hulplijn. ‘We willen dat ze ons gaan bellen’, zegt Arda Gerkens. ‘Mensen hebben zoveel porno gekeken, dat gaat om dopamine, je hebt steeds meer nodig.’ Sommigen willen steeds gewelddadiger, of steeds jonger. Afgelopen jaar had het expertisecentrum 580 ‘contactmomenten’. Gerkens: ‘Praat erover, ga hulp zoeken. Een internetverslaving is vrij makkelijk te stoppen.’

    Politie en justitie richten zich minder op dergelijke openbare websites – waar alleen ‘oud materiaal’ op wordt gedeeld. Zij houden zich vooral bezig met alles wat te koppelen is aan individuele personen. ‘Dat is een heel andere wereld’, zegt Michelle Spoormaker ter verduidelijking. ‘Wij proberen te kijken naar dingen die onder water blijven.’ Dus: mensen die onderling chatten en mailen, down- en uploaden en uitwisselen. Het gaat daarbij vooral om het opsporen van ‘nieuw materiaal’, de mensen die kinderen daartoe misbruiken, de figuren die deze misdrijven faciliteren en dark-webfora beheren.

    Bij het landelijk team Bestrijding Kinderporno (TBKK) in Zoetermeer komen de meldingen centraal voor het hele land binnen. Beeldspecialisten onderzoeken 24 uur per dag, zeven dagen in de week of het om nieuw materiaal gaat, vergelijken de beelden met nationale en internationale databases. ‘In een stuk of tien grote en kleine zalen zitten heel veel mensen achter heel veel computers en die voeren allemaal delen uit van de selectie en voorbewerking van alle informatie die binnenkomt’, zegt Spoormaker, die eindverantwoordelijk is voor de beslissing welke zaken verder te onderzoeken. Ook hier is sprake van een gigantische toename. Kwamen er in 2012 zo’n tweeduizend meldingen van up- en downloaden van kinderporno door (vermoedelijk) Nederlandse gebruikers binnen, in 2016 zat men op twaalfduizend en in 2017 waren het er achttienduizend. ‘Dit jaar koersen we af op dertigduizend meldingen’, zegt officier van justitie Spoormaker. Bijna een verdubbeling.

    Lees verder op de site van de Groene Amsterdammer >>

    #229437
    Luka
    Moderator

    Verbeterde Meldcode 1-1-19 >>

    Wat is de meldcode?

    Iedereen die met kinderen en volwassenen werkt, moet bij een vermoeden van kindermishandeling of huiselijk geweld handelen volgens de stappen van de meldcode. Dat geldt voor professionals die werken in het onderwijs, de kinderopvang, de jeugdzorg, de zorg, welzijn en justitie.

    DE WET VERPLICHTE MELDCODE
    Sinds 2013 is de Wet verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling van kracht. Die wet houdt in dat alle organisaties die werken met kinderen en volwassenen een meldcode moeten hebben en medewerkers in staat moeten stellen daarmee te werken. Het doel van de meldcode is professionals te helpen eerder en beter te handelen als zij vermoeden dat een gezinslid thuis mishandeld, verwaarloosd of seksueel misbruikt wordt. Uit onderzoek weten we namelijk dat professionals die met een meldcode werken drie keer vaker ingrijpen dan professionals die geen meldcode hebben.

    BASISMODEL MELDCODE
    De overheid heeft het basismodel meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling opgesteld. Sectoren en branches hebben dit voorbeeld vertaald naar hun achterban. Instellingen en organisaties op hun beurt maken een vertaling naar hun werkpraktijk: zij beschrijven wie welke stappen zet bij een vermoeden van kindermishandeling of huiselijk geweld. Elke meldcode omvat dezelfde 5 stappen zoals opgenomen in het basismodel. Dat vergemakkelijkt de samenwerking tussen professionals en organisaties.

    MELDRECHT
    De meldcode is nadrukkelijk geen meldplicht. Organisaties zijn verplicht een meldcode te hebben, professionals zijn verplicht te handelen volgens de stappen van de meldcode, maar het doorlopen van de meldcode hoeft niet te leiden tot een melding.

    In de Wet meldcode is wel opgenomen dat professionals het récht hebben te melden bij Veilig Thuis. Ook als gezinsleden daar geen toestemming voor geven. Het meldrecht houdt in dat professionals persoonsgegevens van volwassenen en kinderen mogen doorgeven aan Veilig Thuis, zodat Veilig Thuis een onderzoek naar de gezinssituatie kan starten. Bovendien mogen professionals informatie geven als Veilig Thuis daar vanwege haar onderzoek om vraagt.

    Bron: augeo.nl >>

     

    #229439
    Luka
    Moderator

    Het trauma van seksueel misbruik

    Het verleden leert dat we niet te makkelijk moeten denken dat een baby pijn of trauma’s wel zal vergeten.

    De discussies over de mogelijke gevolgen van het kindermisbruik door Robert M. volg ik met stijgende verbazing. Volgens sommige deskundigen en columnisten zouden die wel eens mee kunnen vallen. Zo stelde psycholoog Ruud Bullens in de Volkskrant dat een baby van tien maanden het verschil niet ervaart tussen een thermometer die in de anus wordt ingebracht of iets anders dat naar binnen gaat.

    Een medische handeling of seksueel misbruik leveren volgens deze denkwijze dezelfde fysieke stress op, want een baby maakt nog geen onderscheid in de betekenis van de gebeurtenis. De argumentatie van Bullens zal mogelijk ook de lijn zijn van de verdediging van Robert M.

    Baby’s kunnen blijkbaar ongestraft ‘ont-zield’ worden. Baby’s zijn klein dus reduceren we fysieke pijn, de schending van lichamelijke integriteit en de emotionele onveiligheid als gevolg van seksueel misbruik gemakshalve tot babyproporties.

    Lees verder op de site van Trouw >>

    #230245
    Luka
    Moderator

    ‘We leren te weinig van #metoo, geef kleuters al uitleg bij doktertje spelen’

    We hebben te weinig geleerd van de de #metoo-discussie van vorig jaar. Dat zegt Rutgers, het kenniscentrum seksualiteit. Rutgers-directeur Ton Coenen vindt dat er veel meer aandacht nodig is voor de preventie van ongewenst seksueel gedrag.

    Er wordt politiek te weinig gedaan, zegt hij. “In Scandinavië is bijvoorbeeld de wetgeving veranderd, hier doen we niks. Niemand is verantwoordelijk voor dit grote probleem.” De oplossing voor gedragsverandering ligt wat het kenniscentrum betreft in vroege preventie.

    Uitleg bij doktertje spelen
    “Wij vinden dat ouders en scholen meer moeten doen, meer voorlichting. Vanaf groep 1 zouden kinderen al moeten beginnen met seksuele vorming. Kinderen spelen vader-moedertje of doktertje. Leer ze aan de hand daarvan wat ongewenst gedrag is. Seksuele voorlichting is er wel, bespreken van ongewenst gedrag gebeurt nauwelijks. Daar besteedt maar een kwart van de scholen aandacht aan. Scholen hebben het al druk, maar het hoeft niet veel tijd te kosten.”

    Lees verder over de campagne van Rutgers op de site van RTL Nieuws >>

    #230261
    Luka
    Moderator

    Papa kijkt kinderporno
    Artikel VPRO Gids n.a.v. ‘De vrouw van een pedofiel’

    In de documentaire ‘De vrouw van een pedofiel’ (BNNVARA – Channel 4) vertellen vrouwen wat er met hun gezin gebeurde nadat hun man was opgepakt voor het bezit van kinderporno.

    Helen, 44 jaar getrouwd met Robert, heeft haar mooiste jurk aangetrokken voor wat een feestelijke dag moet worden. De afgelopen twee jaar zat Robert vast wegens bezit van kinderporno. Vandaag komt hij vrij.

    Helen is een van de echtgenotes die te zien zijn in de Britse documentaire Married to a Paedophile (Nederlandse titel: ‘De vrouw van een pedofiel’), die nu door BNNVARA wordt uitgezonden. De film is niet alleen uitzonderlijk vanwege het precaire onderwerp, maar ook door de inventieve vorm. De mensen die vertellen wat hen is overkomen, blijven onzichtbaar, maar hun stemmen zijn echt. Acteurs lipsyncen hun stemmen zo nauwkeurig dat het niet zichtbaar is voor wie het niet weet. Regisseur Colette Camden moest haar toevlucht nemen tot deze oplossing omdat niemand die te maken krijgt met kinderporno bereid is daar voor een camera over te vertellen. Geen zwarte balkjes, geblurde gezichten of vervormde stemmen dus, maar acteurs die de gebeurtenissen naspelen.

    Kate vertelt hoe ze haar man Alex de deur uitzette nadat de politie was binnengevallen, op zoek naar kinderporno. Hun twee dochters, begin twintig, hebben de relatie met hun vader niet verbroken. Hij is zijn baan kwijt, woont in een caravan en probeert van zijn pornoverslaving af te raken. Zij is afwisselend boos, verdrietig en verslagen.

    Helen is in de zestig en al vanaf haar achttiende getrouwd met Robert. Ze hebben twee kleinkinderen. De manier waarop zij met deze situatie omgaat, zal heel wat teweegbrengen bij kijkers. Want Helen laat Robert niet vallen. Ze houdt nog altijd van hem en kan zich geen leven zonder hem voorstellen. Dat hij niet in de buurt van zijn kleinkinderen mag komen, maakt het allemaal nog pijnlijker.

    In anderhalf uur krijg je een realistisch beeld van wat er gebeurt in een doorsnee gezin wanneer vader of opa gepakt wordt vanwege het bezit van kinderporno. Voor daders is er, behalve uiteraard straf, ook begeleiding en therapie. Maar welke gevolgen heeft dit voor hun vrouw en kinderen?

    Lees verder op 2doc.nl >>

    #230262
    Luka
    Moderator

    Herken een plastic boodschappentas, spoor een kindermisbruiker op

    ‘Digitale sherlocks, laten we kijken of we deze objecten kunnen identificeren om kindermisbruikers te vinden.’ Met die oproep helpt het onderzoekscollectief Bellingcat de opsporingsdienst Europol sinds vorig jaar in hun zoektocht. Via een crowdsourceplatform wordt het publiek ingezet om voorwerpen uit kinderpornografisch materiaal te herkennen.

    Brandpunt+ achterhaalde 82 Nederlandse downloaders van kinderporno. Maar de foto’s en video’s die door deze personen worden bekeken, moet ergens worden vervaardigd. Bellingcat en Europol speuren samen met burgers naar aanwijzingen om de producenten van strafbare bestanden te achterhalen.

    Met andere woorden: als je toevallig een plastic boodschappentas of jurkje herkent, kan dat de doorbraak zijn om een doorgewinterde kindermisbruiker te ontmaskeren. De teller staat inmiddels op 35 geverifieerde voorwerpen, maar er zijn nog zo’n honderd afbeeldingen die op goedkeuring wachten.

    Hoe zo’n aanwijzing precies tot de aanhouding van een kinderporno-producent kan leiden, dat moet een beetje in het midden blijven. ‘Die personen lezen ook mee, dus we gaan ze niet wijzer maken. Maar zoals Europol zegt: The smallest clue can crack a case.’ De zaak van Robert M. werd bijvoorbeeld ook opgelost omdat een knuffel van Nijntje werd herkend.

    ‘Mensen die hier niets van weten’
    Niet iedereen voelt zich een online detective. Volgens Christiaan Triebert kun je dan alsnog meehelpen. ‘Eigenlijk wil je juist mensen die hier helemaal niets van weten. Het belangrijkste is herkenning. Veel voorwerpen kunnen worden geverifieerd omdat je het toevallig herkent.’

    Ook als je niets concreets vindt, dan kun je alsnog bijdragen. Een vermoeden of hint kan andere personen op het juiste spoor zetten. ‘Laat het dan ook vooral via Twitter weten. Zo’n hint kan ons misschien aan het denken zetten om de oplossing te vinden.’

    NPO3 / Brandpunt Plus >>

    #230356
    Mark
    Moderator

    Als kind misbruikt

    ‘Ze zeggen dat het verdriet weer over gaat’

    SEKSUEEL GEWELD. LADY GAGA SCHREEF ER KORTGELEDEN EEN NUMMER OVER: TILL IT HAPPENS TO YOU. GAGA VRAAGT MET DEZE SONG AANDACHT VOOR DE VELE JONGEREN DIE JAARLIJKS SLACHTOFFER WORDEN VAN AANRANDING EN VERKRACHTING. IN NEDERLAND KUNNEN WE DAAR OVER MEEPRATEN. NAAR SCHATTING WORDEN IN ONS LAND IEDER JAAR 62.000 KINDEREN VOOR DE EERSTE KEER SLACHTOFFER VAN EEN VORM VAN SEKSUEEL GEWELD.

    Eén op de drie kinderen maakt ooit een vorm van seksueel misbruik mee, becijfert de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen. Emeritus hoogleraar kindermishandeling Francien Lamers is iets voorzichtiger in het geven van cijfers, maar van één ding is ze zeker: ‘Benadruk alsjeblieft dat de meeste plegers NIET de vader zijn’, zegt ze. ‘Dat is belangrijk, want die fabel blijft maar hangen, lijkt er niet uit te rammen.’ Lamers, die gedurende haar carrière veel misbruikte kinderen zag, vervolgt: ‘Ongeveer zestig procent van de plegers is bekend bij het kind, maar dat zijn géén gezins- of familieleden; het zijn vrienden van het gezin, babysitters, mensen van het kinderdagverblijf, coaches van de sportclub, de buren, noem maar op.’ Zo’n dertig procent van de plegers van seksueel geweld bij kinderen is wél gezins- of familielid. ‘Vaders, stiefvaders, moeders, opa’s, oma’s, broers, zussen, neefjes, nichtjes…’

    Lees verder op fier.nl >>

    #230988
    Luka
    Moderator

    Dadermonitor seksueel geweld tegen kinderen 2013-2017

    In strafzaken voor seksueel geweld tegen kinderen moet volgens Nationaal Rapporteur Seksueel Geweld tegen Kinderen Herman Bolhaar vaker gebruik worden gemaakt van digitale opsporingsmogelijkheden. ‘Drie van de tien zaken voor een zedendelict met een minderjarige wordt geseponeerd wegens te weinig bewijs. Een telefoon of laptop bevat veel informatie over ons leven. Daarom zouden die vaker onderzocht moeten worden om te kijken of er steunbewijs op te vinden is, zoals chatgesprekken met of over het slachtoffer.’ Dat staat in de Dadermonitor seksueel geweld tegen kinderen 2013-2017, waarin voor het eerst de hele strafrechtketen in beeld is gebracht.

    Van elke 1.000 meldingen die jaarlijks gemiddeld binnenkomen bij de politie wordt er in 480 gevallen aangifte gedaan. Dit leidt tot 138 strafzaken waaruit in 111 gevallen een veroordeling volgt. In 68 gevallen wordt er een onvoorwaardelijke gevangenisstraf opgelegd. In de afgelopen vijf jaar was een stijging te zien in het aantal meldingen: in 2013 waren er 2.900, in 2017 al 3.400. Toch leidde dit tot steeds minder ingeschreven zaken bij het Openbaar Ministerie (OM).

    Aangifte
    Na een melding bij de politie volgt in ongeveer de helft van de gevallen een informatief gesprek. Het doel van dit gesprek is onder meer om het slachtoffer of zijn ouders te informeren over het strafrechtelijke proces en de mogelijke impact daarvan. In 54 procent van de gevallen deed het slachtoffer na een informatief gesprek aangifte. Dat is aanzienlijk vaker dan de 30 procent die de Nationaal Rapporteur eerder rapporteerde over de periode 2011-2012. Bolhaar: ‘Het is belangrijk dat slachtoffers aangifte doen, maar er kunnen redenen zijn om dit niet te doen. Ik heb de politie aanbevolen om te registreren waarom slachtoffers geen aangifte willen doen en naar welke hulp slachtoffers worden doorverwezen, zodat we hier beter zicht op krijgen, en hun werkwijze daarop aan te laten sluiten.’

    Vervolging en berechting
    Waar de rechter in 2013 nog in ruim 800 zaken uitspraak deed, was dit in 2017 nog maar in 700 zaken. Het aandeel veroordelingen nam wel licht toe. Bovendien koos de rechter vaker voor een onvoorwaardelijke gevangenisstraf in plaats van een taakstraf of voorwaardelijke gevangenisstraf. Ook werd vaker een tbs-maatregel opgelegd. Eén op de vijf verdachten van een zedendelict tegen een minderjarige is zelf nog minderjarig. Zaken met minderjarige verdachten komen minder vaak voor de rechter. Als dit wel gebeurt krijgen ze aanzienlijk vaker dan volwassen daders een taakstraf opgelegd.

    Kinderpornografie
    Het aantal meldingen van kinderpornografie is in de afgelopen jaren verzesvoudigd. Toch worden er minder kinderpornografiezaken onderzocht door de politie en het Openbaar Ministerie. Zij verklaren dat de zaken complexer worden, en dat zij daardoor met dezelfde capaciteit minder zaken kunnen onderzoeken. Bolhaar: ‘Dat vind ik zorgelijk. Kinderpornografie moet optimaal bestreden kunnen worden. Alles moet op alles worden gezet om misbruik te stoppen, slachtoffers te beschermen en daders op te sporen en te vervolgen.’ Onlangs presenteerde het ministerie van Justitie en Veiligheid de hernieuwde aanpak online seksueel kindermisbruik, waarin onder andere internetbedrijven meewerken aan het verwijderen van kinderpornografie van het openbare internet. Bolhaar: ‘Die ontwikkeling is van groot belang. Daarnaast moet de politie zich echter blijven inspannen om slachtoffers te helpen en daders op te sporen.’

    Rapport + factsheet >>

    #231125
    Mark
    Moderator

    Toename in meldingen seksueel misbruik, ‘politie moet meer digitaal onderzoek doen’

    De politie moet vaker digitaal onderzoek doen bij een verdenking van kindermisbruik, vindt de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen. Uit een vandaag gepubliceerd rapport blijkt dat een derde van de zedenzaken met een minderjarig slachtoffer wordt geseponeerd wegens gebrek aan bewijs. Het gaat om bijna 500 zaken per jaar.

    ‘13.000 meisjes en 8.000 jongens werden in 2016 slachtoffer van seksueel geweld’

    “De politie doet veel digitaal onderzoek in online zaken, zoals kinderporno, maar bij fysiek seksueel misbruik is dat nog niet standaard”, zegt Nationaal Rapporteur Herman Bolhaar.

    Volgens hem zou dat wel moeten, om meer kans te maken op het vinden van bewijs. “Het is in dit soort zaken vaak het ene verhaal tegen het andere. Je hebt dan meer nodig dan een verklaring van het slachtoffer of een getuige. Daarom zou de politie nog meer naar aanknopingspunten moeten zoeken op smartphones, computers en op internet.”

    De politie erkent de kritiek van de Nationaal Rapporteur en zegt dat zedenafdelingen steeds meer digitaal rechercheurs krijgen. “We hebben al grote stappen gezet, maar willen in de toekomst nog meer digitaal opsporen”, zegt Walter van Kleef die bij de politie verantwoordelijk is voor zedenzaken.

    Zorgelijk
    Het aantal meldingen over seksueel misbruik van kinderen nam de laatste jaren toe, blijkt uit het onderzoek. In 2013 waren er 2900 meldingen, in 2017 waren het er 3400. Ongeveer de helft daarvan leidt tot een aangifte.

    Op het gebied van kinderporno explodeert het aantal tips. De Nationaal Rapporteur spreekt van een verzesvoudiging in een paar jaar tijd.

    Toch neemt het aantal zedenzaken dat voor de rechter wordt gebracht juist af. In 2013 stelde het Openbaar Ministerie nog 2000 keer vervolging in, in 2017 was dat aantal gezakt tot 1400. “Dat vind ik zorgelijk”, zegt rapporteur Bolhaar.

    Moeilijke onderzoeken
    Volgens de politie komt de daling door steeds ingewikkeldere kinderporno-onderzoeken. “Wij willen vooral de kinderen opsporen die slachtoffer zijn”, zegt Van Kleef. “Dat zijn lastige onderzoeken waar we veel tijd in stoppen, maar die vinden we belangrijker dan de relatief makkelijke onderzoeken naar downloaders van kinderporno.”

    De politie benadrukt ook dat opsporing het kindermisbruik maar ten dele oplost en dat meer geïnvesteerd moet worden in preventie. Verder kijkt de overheid met internetbedrijven hoe materiaal van seksueel misbruik van internet geweerd kan worden.

    Bron + uitzending beluisteren: nporadio1.nl

     

    #231176
    Luka
    Moderator

    Aangiftes tegen digitale kinderlokkers blijven uit, politie start campagne

    Het aantal minderjarige slachtoffers dat aangifte doet van digitaal kinderlokken, stijgt licht. Toch blijft het aantal relatief laag. Het vermoeden bestaat dat er veel meer slachtoffers zijn. De politie begint daarom binnenkort een campagne om slachtoffers te wijzen op het belang van aangifte doen.

    Tot en met september dit jaar hebben in Nederland 26 slachtoffers bij de politie aangifte gedaan van digitaal kinderlokken, het zogenoemde grooming. In 2016, het eerste jaar waarin deze meldingen apart zijn genoteerd in de politiesystemen, ging het landelijk om 21 aangiften, vorig jaar waren dat er 20. Een oorzaak van de stijging dit jaar kan de politie niet geven. ,,Het hoeft niet te betekenen dat het vaker voorkomt. Mogelijk zijn nu meer slachtoffers bereid aangifte te doen’’, zegt een woordvoerster van de politie.

    Lees verder op de site van De Gelderlander >>

25 berichten aan het bekijken - 26 tot 50 (van in totaal 96)
  • Je moet ingelogd zijn om een reactie op dit onderwerp te kunnen geven.
gasten online: 17 ▪︎ leden online: 0
No users are currently active
FORUM STATISTIEKEN
topics: 2.893, berichten: 15.413, leden: 1.734