Ouders, partners, familie en vrienden van misbruikslachtoffers

Forum Lotgenoten Seksueel Geweld Achtergrond & Informatie Informatieve websites & mediaberichten Ouders, partners, familie en vrienden van misbruikslachtoffers

  • Dit onderwerp bevat 92 reacties, 5 deelnemers, en is laatst geüpdatet op 18/05/2022 om 09:40 door Mark.
10 berichten aan het bekijken - 81 tot 90 (van in totaal 93)
  • Auteur
    Berichten
  • #269428
    Luka
    Moderator

    Deel 1
    Dianes dochter werd misbruikt door de gymleraar: ‘Ik heb nog nachtmerries van wat ik weet’

    In de zaak van de 22-jarige vrouw die aangifte heeft gedaan tegen Marco Borsato (54) wegens vermeend seksueel misbruik gaat veel berichtgeving gepaard met ongenuanceerde opmerkingen als ‘Wat raar dat het slachtoffer nu pas aangifte doet’. Verschrikkelijk, vindt Diane (59). Zij en haar dochter Daniëlle (nu 37) maakten precies hetzelfde mee. “Tijdens het eerste gesprek zei de schooldirecteur: ‘Weet u wel wat u zijn gezin aandoet?’”

    Oude wonden
    “Sinds de beschuldigingen tegen Marco Borsato in de openbaarheid zijn gekomen, worden oude wonden opengereten. Of misschien zijn ze wel nooit echt dichtgegroeid. Ook ik vond ooit een schriftje van mijn dochter waarin ze schreef wat haar was overkomen. En net als de moeder van Marco’s vermeende slachtoffer, werd ik geconfronteerd met opmerkingen als: ‘Als het mijn dochter was geweest, had ik direct bij de politie gezeten’. Als ik zoiets hoor, denk ik alleen maar: wees blij dat het jouw dochter niet was, en dat je niet elke dag opnieuw de beslissing hebt moeten maken om degene die je kind misbruikte niet eigenhandig iets aan te doen.
    Mijn dochter Daniëlle was nog maar elf toen ze naar de middelbare school ging. Ze was een hele vroege, vlotte leerling. Iets waar ik destijds enorm trots op was. Nu denk ik: had ik haar maar een jaar langer op de basisschool gelaten. Dan was dit misschien wel nooit gebeurd, of was ze in ieder geval wat weerbaarder geweest. Op haar lagere school was ik altijd bij alles betrokken geweest. Ik hielp mee als voorleesmoeder, als hulpmoeder, kwam pannenkoeken bakken en begeleidde elk schoolreisje.
    Toen ze naar de middelbare school ging, veranderde dat. Vanaf dat moment kreeg ik veel minder mee van wat er op school gebeurde en moest ik het doen met wat zij me vertelde. Ik weet nog dat ik op een donderdagmiddag mijn moeder aan de telefoon had. We hadden het over van alles, toen ze plotseling zei: ‘Wat is dat eigenlijk met die gymleraar?’ Ik vroeg wat ze bedoelde. Mijn moeder vertelde dat Danielle had laten vallen dat de gymleraar een beetje een rare man was. Dat maakte me natuurlijk niet veel wijzer.

    ‘Wat zie je er geil uit’
    Toen Danielle die middag uit school kwam, vroeg ik haar naar de gymleraar. Het was eigenlijk een geheimpje, zei ze, tussen haar en een vriendinnetje. Dit meisje had haar verteld dat haar ouders een klacht tegen de gymleraar hadden ingediend, maar ze mocht er niet over praten. ‘Waarover dan?’ vroeg ik. Danielle vertelde dat de gymleraar regelmatig rare dingen zei tegen de meisjes. Ook tegen haar. Ze had bijvoorbeeld een bepaald kort broekje waar ze soms in gymde, en dan maakte hij opmerkingen als: ‘Wat zie je er geil uit’. Ze wist nog niet eens wat het woord betekende!
    Ook pakte hij de meisjes vaak van achteren vast, zogenaamd om ze te helpen bij een oefening, en dan voelde ze zijn piemel tegen haar billen drukken. ‘Maar hij is altijd wel heel aardig…’ voegde ze eraan toe. Ik dacht dat ik ontplofte. Nu denk ik: ik had me rustig moeten houden, misschien had ze me dan meteen wel meer verteld. Ze schrok van mijn heftige reactie.

    Non actief
    Ik heb direct de school gebeld en een gesprek met de directeur geëist. De volgende ochtend kon ik komen. Ik vertelde wat ik van Danielle had gehoord en ook dat ik wist dat er een klacht was ingediend waar niet over mocht worden gesproken. De schooldirecteur beaamde dat, maar zei dat de klacht meer een melding was die intern zou worden behandeld. Ik had twee mogelijkheden: ook een melding indienen, of een officiële klacht. Dat laatste zou inhouden dat de gymleraar op non actief werd gezet, waarna er een officieel onderzoek zou volgen.
    Tegenwoordig is het verplicht om dit soort zaken bij de politie te melden, maar dat was destijds nog niet zo. Ik gaf aan dat ik voor de tweede optie koos en thuis zocht ik direct telefonisch contact met andere ouders. Van meerderen van hen begreep ik dat ook zij weleens wat wat vreemde verhalen over deze leraar hadden gehoord. Ook vriendinnetjes van Danielle die in die periode langskwamen, bevestigden haar verhaal.”

    Bron: Flair >>

    #269429
    Luka
    Moderator

    Deel 2

    Dianes dochter werd misbruikt door de gymleraar: ‘Hij pakte de meisjes vaak van achteren vast bij een oefening’

    In de zaak van de 22-jarige vrouw die aangifte heeft gedaan tegen Marco Borsato (54) wegens vermeend seksueel misbruik gaat veel berichtgeving gepaard met ongenuanceerde opmerkingen als ‘Wat raar dat het slachtoffer nu pas aangifte doet’. Verschrikkelijk, vindt Diane (59). Zij en haar dochter Daniëlle (nu 37) maakten precies hetzelfde mee. “Tijdens het eerste gesprek zei de schooldirecteur: ‘Weet u wel wat u zijn gezin aandoet?’”

    Smaad
    “Gedurende de zes weken dat de leraar geschorst was, moesten we meerdere keren op school komen. Tijdens het eerste gesprek zei de schooldirecteur: ‘Weet u wel wat u zijn gezin aandoet?’ Ik was volledig overrompeld. Ik vroeg wat hij precies bedoelde en zei dat de kinderen en hun veiligheid zijn prioriteit zouden moeten zijn. De directeur bleef echter stellig: dit was vooral heel erg voor de gymleraar. Ik voelde me vreselijk. Ik wilde zo graag mijn kind meegeven dat het niet normaal is dat een man je aanraakt en ik had verwacht steun te krijgen wat een duidelijk signaal zou zijn naar mijn dochter, zodat ze zich veilig zou voelen om dit soort dingen te vertellen. In plaats daarvan werd ik behandeld alsof ik iets verkeerd had gedaan.

    Niet veel later ontving ik een brief van de advocaat van de gymleraar. Daarin stond dat, als ik bleef doorgaan hierover te praten met andere ouders, hij me zou aanklagen wegens smaad. Weer een reden waarom de zaak rondom Marco Borsato me enorm triggert. Ik zie zoveel parallellen: mensen die zeggen dat het zielig is voor zijn kinderen en dat er daarom niet over mag worden gesproken, en hoe het slachtoffer verdacht wordt gemaakt. Natuurlijk is het zielig voor de kinderen van degene die van misbruik wordt verdacht, maar de verantwoordelijkheid voor hun welzijn mag nooit bij het – al dan niet vermeende – slachtoffer worden gelegd. Er is maar één iemand verantwoordelijk voor al het leed: de dader.

    Alles in twijfel getrokken
    Het onderzoek op school verliep warrig. Ik werd niet echt op de hoogte gehouden van wat er precies gebeurde. Ik weet nog wel dat Danielle een keer voor een commissie moest verschijnen. Dat moesten alle kinderen, maar wel apart van elkaar. Ouders mochten er bij zitten, maar niets zeggen. Die commissie bestond uit drie mannen en een vrouw aan wie ze haar verhaal moest vertellen. Danielle vertelde dat de gymleraar de meisjes tussen de benen greep als hij ze opving bij het bokspringen, maar daarop kreeg ze de vraag: deed hij het niet per ongeluk? Alles wat ze zei, werd in twijfel getrokken. Ook moest ze voordoen met een van die mannen hoe ze precies was vastgehouden. Hoe intimiderend is dat voor een meisje van elf?

    Het leek wel alsof er een draaiboek lag om alles te ontkrachten en in de doofpot te stoppen, en daardoor sloeg mijn dochter uiteindelijk helemaal dicht. Ze werd voor haar gevoel toch niet geloofd. Na zes weken kreeg ik een brief dat het onderzoek was afgerond. Er was gebleken dat de gymleraar in zijn hoofd nog ‘te jong’ was, waardoor hij niet helemaal doorhad wat een gepaste wijze was om met zulke jonge meisjes om te gaan. Hij zou daar begeleiding voor krijgen, en dat was dat. Natuurlijk was ik het er niet mee eens, maar ik wist op dat moment ook niet wat ik er verder nog aan kon doen. Danielle kwam de man nog steeds elke dag tegen en na een paar weken besloot ik haar om die reden van school te halen.

    ‘Raar’ en ‘vies’
    Het begin van het schooljaar daarop, op een nieuwe school, was een moeilijke periode. Er gingen roddels rond over seksueel misbruik, maar het verhaal was dusdanig verdraaid alsof Danielle het zelf zou hebben uitgelokt. Ze trok zich steeds meer in zichzelf terug en ik voelde me tussen twee vuren zitten. Mijn dochter werd onterecht als schuldige weggezet, maar ik had intussen de naam dat ik een onruststoker was. Ik wilde de situatie niet nog erger maken voor mijn meisje. In diezelfde periode vond ik ook nog een schriftje van Danielle waarin ze had geschreven dat haar gymleraar ‘raar’ en ‘vies’ was. Ik wist dat natuurlijk al, maar ik dacht ook dat het daarbij was gebleven.

    We beten ons door deze vervelende periode heen, zo goed en zo kwaad als het ging. Danielle stortte zich op de dressuur, ze reed op heel hoog niveau paard. Veel later vertelde ze me dat ze zich destijds alleen maar vrij voelde wanneer ze op een paard zat. Hoe moeilijker het paard, hoe vrijer ze zich voelde. Ze reed op de grootste hengsten, paarden die anderen niet aankonden, en het feit dat zij die machtige dieren kon bedwingen, gaf haar de controle die ze in andere situaties zo had gemist. Ik denk nu dat dat haar therapie was waardoor ze overeind bleef. Tenminste, tot het noodlot weer toesloeg.”

    Bron: Flair >>

    #269763
    Skye
    Moderator

    Zo kun je er zijn voor een slachtoffer van seksueel geweld

    Het enorme taboe dat rust op seksueel geweld lijkt eindelijk iets af te brokkelen. Toch weten veel mensen niet hoe ze moeten reageren als een bekende een nare ervaring met ze deelt. Met deze tips helpen we je op weg.

    Wie de cijfers over seksueel geweld in Nederland goed tot zich door laat dringen, knippert waarschijnlijk even met de ogen. Volgens de laatste gegevens heeft 22 procent van de vrouwen en 6 procent van de mannen ooit tegen hun wil in een seksuele handeling uitgevoerd of ondergaan. Een op de acht Nederlandse vrouwen is in haar leven verkracht. Wordt ongewild zoenen of aanraken meegerekend, dan heeft zelfs meer dan de helft van de vrouwen en een op de vijf mannen een ervaring met seksueel geweld.

    Mede dankzij de #MeToo-beweging en het activisme dat zich de laatste jaren heeft georganiseerd rondom de rechten van vrouwen en seksuele minderheden, lijkt het enorme taboe dat al eeuwen rust op seksueel geweld eindelijk iets af te brokkelen. Toch blijft het praten over zo’n complex en gevoelig onderwerp in praktijk vaak ingewikkeld. Komt iemand ervoor uit dat hij, zij of hen is aangerand, misbruikt, verkracht, of een andere vorm van seksueel geweld heeft meegemaakt, dan kan het flink zoeken zijn naar de juiste houding en woorden.

    Met welke reactie biedt je steun, en wat werkt juist averechts? Om je op weg te helpen, doken we in de beschikbare literatuur en vroegen we Sara Dekker (32) om advies. Sara is bestuursvoorzitter van Together We Rise, een stichting die ondersteuning biedt aan slachtoffers van seksueel geweld die (nog) niet in behandeling zijn voor traumatherapie.

    Zie hier de belangrijkste tips.

    Laat de ander praten en luister
    “Met het bieden van een luisterend oor kun je al heel veel voor een slachtoffer betekenen”, zegt Sara. Alle medewerkers van haar stichting zijn ervaringsdeskundigen. Zelf werd Sara als kind misbruikt, een ervaring die ze ruim twintig jaar later na een lang proces leerde verwerken.

    “Als iemand ervoor uitkomt te zijn misbruikt, zijn toehoorders vaak geneigd om heel veel vragen te stellen. Over wie de dader is, waar en wanneer het gebeurde en wat er allemaal aan vooraf ging”, licht de voorzitter toe. “Maar die details hoef je helemaal niet te kennen om support te kunnen bieden. Laat de ander zelf kiezen wat ‘ie kwijt wil en zeg om te beginnen dat je blij bent dat diegene het met je deelt.”

    Vraag of het oké is om je naaste aan te raken
    Wanneer iemand vertelt over een ervaring met seksueel geweld, roept dat bij die persoon vaak de nodige emoties en herinneringen op. Intuïtief kun je dan misschien een knuffel willen geven of een arm om iemand heen willen slaan, maar een aanraking kan soms juist triggerend werken. “Ren niet meteen op iemand af voor een knuffel”, zegt Sara. “Stel eerst de vraag: ‘vind je het goed als ik je aanraak?’ Geef ook daarin de ander de regie.”

    Wees geen victim-blamer
    Voor een groot deel van de slachtoffers is het moeilijk te accepteren dat ze daadwerkelijk slachtoffer zijn (geweest) van een vorm van seksueel geweld. Veel van hen worden geplaagd door innerlijke twijfel over of ze het geweld hadden kunnen voorkomen, waarom ze zich niet hebben verweerd en waarom ze niet eerder om hulp hebben gevraagd. “Zelfbeschuldiging en schaamte komen ontzettend veel voor”, zegt Sara. “Juist daarom is het zo belangrijk dat je als naaste geen dingen zegt die dat gevoel opwekken of versterken.”

    Dat doe je allereerst door de ervaring die iemand met je deelt niet in twijfel te trekken. “Laat merken dat je de ander gelooft en wees terughoudend met waarom-vragen”, adviseert Sara. “Zoals waarom iemand met de dader mee naar huis is gegaan of waarom diegene niet in verzet kwam toen er een eerste grens werd overschreden. Die vragen kunnen ervoor zorgen dat een slachtoffer zich onbedoeld verantwoordelijk voelt voor iets waar hij of zij helemaal niets aan kan doen.” Ook het bagatelliseren of relativeren van een verhaal is een no-go, zelfs al denk je dat je iemand daarmee troost.

    Want als er iets is dat onderzoek keer op keer laat zien, dan is het wel hoe ongelooflijk schadelijk het psychische effect van victim-blaming is. Victim-blaming staat voor alle direct of indirect beschuldigende reacties die een slachtoffer van seksueel geweld krijgt nadat hij, zij of hen een ervaring deelt. In deze presentatie van Iva Bicanic, hoofd van het Centrum Seksueel Geweld, maakt zij goed duidelijk welke beschuldigende reacties slachtoffers zoal krijgen en wat dat met ze doet.

    Begrijp dat het brein van iemand die seksueel geweld meemaakt meestal in een overlevingsmodus staat
    De welbekende fight-(vechten), flight-(vluchten) or freeze-(bevriezen) reactie die zich in onze hersenen voordoet wanneer acuut gevaar dreigt, speelt ook op bij seksueel geweld. In zeventig procent van de gevallen werkt een slachtoffer mee of is er sprake van ‘bevriezing’. De overlevingsstand die in het brein wordt aangewakkerd, maakt dat een lichaam verstijft of verslapt, iemand kan dissociëren (tijdelijk buiten zichzelf treedt) en een fysieke of verbale reactie überhaupt niet meer mogelijk is.

    “De gedachte dat je zelf ook in zo’n machteloze situatie terecht zou kunnen komen, is voor veel toehoorders beangstigend”, vertelt Sara. “De wereld waarvan je dacht dat het veilig is, blijkt ineens helemaal niet zo veilig. Daarom zijn mensen geneigd om al die waarom-vragen te stellen en soms onbedoeld aan victim-blaming te doen: zo blijft de illusie bestaan dat zij in dezelfde situatie anders hadden gehandeld. Dat ze geen slachtoffer waren geweest. Maar de realiteit is dat je nooit weet hoe jij je zou gedragen totdat je seksueel geweld zelf meemaakt.”

    Oordeel niet over de mentale impact
    De mentale impact of het trauma dat volgt op seksueel geweld kan lang niet altijd worden voorspeld op basis van de vorm, duur of de fysieke agressie. “Of je nou kort wordt betast op straat, aangerand in een club of bent verkracht binnen een relatie: de gevoelens van angst, schuld en schaamte zijn vaak hetzelfde”, zegt Sara. “Het verschil zit hem in de intensiteit waarmee de gevoelens worden ervaren en de tijd die nodig is om het te kunnen verwerken.”

    Ook is het goed mogelijk dat een trauma en bijbehorende gevoelens van angst, schaamte en somberte pas jaren na een gebeurtenis aan de oppervlakte komen. “Zelf kwam ik zo’n twintig jaar na het misbruik tot de realisatie dat het toch meer effect heeft gehad op mijn leven en persoon dan ik tot die tijd dacht”, vertelt Sara. Hou je oordeel dus achterwege als iemand zijn of haar psychische klachten met je deelt, en bagatelliseert ze niet.

    Zet de ander niet onder druk om actie te ondernemen
    Hoor je voor het eerst over het onrecht dat je vriend, vriendin, familielid of partner is aangedaan, dan kun je de neiging hebben om tot concrete actie over te gaan. “Informatie inwinnen bij organisaties, de contactgegevens van professionele hulpverleners noteren en je naaste aansporen om er iets mee te doen, is natuurlijk hartstikke goed bedoeld”, zegt Sara. “Maar lang niet iedereen is daar meteen aan toe. Het vertellen is al een enorme drempel, soms heeft iemand maanden of zelfs jaren nodig voor een volgende stap.”

    Dat geldt bijvoorbeeld ook voor traumatherapie. “Voor zo’n therapie moet je je emotioneel klaar voelen, dat kan soms even duren. En het blijft een onderdeel van een breder verwerkingsproces”, zegt de voorzitter. Vertelt iemand recent te zijn verkracht of misbruikt, dan doe je er volgens Sara wel goed aan om diegene te wijzen op de hulp die Centrum Seksueel Geweld in de eerste week kan bieden. “De eerste zeven dagen na het voorval kun je voorrang krijgen op psychische hulp. En binnen 72 uur kunnen ze je helpen met sporenonderzoek. Mocht je er later voor kiezen om aangifte te doen, dan kunnen de sporen van de dader die zijn veiliggesteld met jouw toestemming worden gebruikt.”

    Voel je eigen grenzen aan en spreek ze uit
    Steun bieden aan een slachtoffer van seksueel geweld kan emotioneel belastend zijn. Misschien heb je zelf wel een nare ervaring waar je steeds aan wordt herinnerd of heb je wat tijd en ruimte nodig om een gesprek te verwerken. “Wees daar dan open en eerlijk over”, adviseert Sara. “Neem niet zomaar afstand zonder te vertellen waarom en probeer te bedenken op welke manier je er voor de ander kan en wilt zijn.”

    Probeer ook geen beloftes te maken waar je later op terug moet komen. Bied dus enkel hulp aan bij het nemen van een bepaalde stap, zoals het vinden van een hulpverlener of het doen van aangifte, als je zeker weet dat je het kan bieden. “Anders kan een slachtoffer zich echt in de steek gelaten voelen”, zegt Sara.

    Speciaal voor de omgeving van slachtoffers van seksueel geweld heeft Slachtofferhulp Nederland hier een online community opgericht.

    Ga je naaste niet ineens anders behandelen
    Er zijn talloze manieren om er te zijn voor iemand die seksueel geweld heeft meegemaakt. “Niet alles hoeft te draaien om het trauma of het slachtofferschap. Samen wandelen en leuke activiteiten ondernemen is óók waardevol”, licht Sara toe. “Je ziet soms dat mensen na zo’n eerste gesprek over een misbruikverleden of geweldsincident ineens heel voorzichtig met de ander omgaan. Terwijl het juist goed is om de fijne relatie die er bestaat, voort te zetten. Ben je gewend om samen iedere vrijdag een borrel te drinken? Blijf dat dan vooral doen.”

    Bron: npo3.nl

    #269878
    LSG
    Beheer
    Topic starter

     

    Vind jij het ook zo moeilijk om met je partner te praten over wat jou overkomen is en hoe je je voelt? Download de toolkit!

     

    Bron: issuu.com

    #269943
    Luka
    Moderator

    Dit kun je doen als een zedenslachtoffer je in vertrouwen neemt

    Slechts 15 procent van de mensen die enige vorm van seksueel grensoverschrijdend gedrag hebben meegemaakt, deelt dat met anderen. Dat zegt Slachtofferhulp. Niet voor niets vonden de The Voice-slachtoffers het lastig om te vertellen wat er was gebeurd. Maar hoe help je iemand als diegene je in vertrouwen neemt?

    Bij delicten als seksueel misbruik spelen schaamte en schuldgevoel een enorme rol. “Besef goed dat slachtoffers hier last van kunnen hebben”, geeft Eva Verhoef, werkzaam bij Slachtofferhulp, als belangrijkste tip.

    Adequaat reageren en victim blaming vermijden
    Een belangrijk punt dat Verhoef noemt, is het luisteren naar slachtoffers zonder te oordelen. Het is voor hen meestal heel moeilijk om erover te praten, dus het geven van ruimte voor hun gevoelens en een open houding tegenover de situatie zijn erg belangrijk.

    Als je praat met iemand die seksueel grensoverschrijdend gedrag of seksueel geweld heeft meegemaakt, is het van belang om victim blaming te vermijden. Victim blaming houdt in dat de verantwoordelijkheid voor de situatie bij het slachtoffer wordt neergelegd.

    “Het beste voor het slachtoffer is als de omstander luistert zonder oordeel en emotioneel rustig blijft. Roep vooral niet dat het slachtoffer iets moet, bijvoorbeeld aangifte doen, maar laat de regie bij het slachtoffer”, vult Iva Bicanic, werkzaam bij het Centrum Seksueel Geweld, aan. Negatieve en beschuldigende reacties zoals ‘je had niet zo veel moeten drinken’, kunnen onbedoeld leiden tot schuldgevoelens en het idee dat diegene het had kunnen voorkomen.

    “Victim blaming gebeurt vaak met goede bedoelingen en komt voort uit onze eigen schrikreactie. Omdat we niet willen dat anderen zich zo voelen”, zegt Verhoef. Het is belangrijk om bewust te zijn wat dit bij de ander teweeg zou kunnen brengen.

    ‘Geef het slachtoffer de regie’
    “Geef het slachtoffer de regie”, tipt Verhoef. Verken samen de mogelijkheden die er zijn, maar laat het slachtoffer bepalen wat er gebeurt. Vaak is de drempel voor het zoeken van professionele hulp of het doen van aangifte te hoog en niet wat het slachtoffer wil. “De opties op tafel leggen kan erg verhelderend zijn”, aldus Verhoef.

    Elke vorm van seksueel grensoverschrijdend gedrag die wordt ervaren, kan leiden tot stressklachten zoals kortademigheid, hoofdpijn en slecht slapen. Houd in de gaten of het slachtoffer hier last van heeft. Als deze binnen vier weken niet afnemen, is het verstandig om, in samenspraak met het slachtoffer, de huisarts in te lichten.

    Het slachtoffer bepaalt
    Instanties als Slachtofferhulp en Centrum Seksueel Geweld zijn er ook om te helpen bij begeleiding van oriënterende gesprekken bij de politie, indien een slachtoffer aangifte wil doen. Zij kunnen vertellen hoe een aangifte en een proces in zijn werk gaan.

    Als omstander is jouw aanwezigheid hierbij vaak al een enorme steun. Het is belangrijk om te peilen bij het slachtoffer of diegene daar al klaar voor is. De politie vraagt vaak door naar details die voor het slachtoffer pijnlijk kunnen zijn om terug te halen.

    Toch is het soms prettig als er wel medische of emotionele hulp geboden wordt, met name als de ervaring met seksueel grensoverschrijdend gedrag korter dan zeven dagen geleden is. Dat kan bijvoorbeeld via de huisarts of de politie, maar uiteraard alleen als het slachtoffer dat wil. Verder kunnen instanties helpen bij mogelijke financiële vergoedingen en het in contact komen met lotgenoten.

    Omdat sociale steun van mensen die dichtbij slachtoffers staan zo belangrijk is, heeft Slachtofferhulp een platform opgezet waar bovengenoemde punten uitgebreid worden beschreven in verschillende checklists.

    Bron: NU.NL >>

    #270053
    Luka
    Moderator

    Saskia: ‘Daar hoorde ik wat er gebeurd was, wat van haar afgenomen was’

    Het ouder worden geeft mooie cadeaus. Je wordt milder, kijkt verder dan je neus lang is en stapt niet meer in zeven sloten tegelijk.

    Is te hopen.

    Naarmate je ouder wordt ben je niet meer zo snel van je stuk te brengen. In deze serie interviews praat ik met vrouwen die mij inspireren én die mij iets leren. Over het leven, ouder worden en alles wat daarmee samenhangt. Ze zijn heel verschillend en hebben ook weer veel gemeen. Ze zijn bijvoorbeeld onweerstaanbaar prachtig en delen graag. Ik sprak voor deze serie met Saskia. Saskia’s dochter kreeg te maken met seksueel geweld. Seksueel grensoverschrijdend gedrag komt overal en vaak voor, niet alleen in tv-studio 21 bij The Voice of Holland. ‘Als dat mijn dochter overkomt bel ik gelijk de politie’, hoort ze andere moeders wel eens zeggen. Zo eenvoudig ligt het niet. Absoluut niet. Daarom vertelt Saskia haar verhaal.

    Saskia (49): ‘Mijn dochter woont op kamers en kwam steeds minder vaak naar huis. Ik zocht daar niks achter. Ze heeft het gewoon erg naar haar zin en is druk met haar eigen leventje, dacht ik. Tot ik op een winterse ochtend een appje van haar kreeg waarin ze me vroeg om op een bepaalde dag en tijd naar een adres in haar woonplaats te komen. In het appje gaf ze duidelijk aan dat het niet goed met haar ging. Ze wilde hier niet over bellen. Ze vroeg of ik haar twee zussen mee wilde nemen en sloot af met ‘ik hou van je en ik ben nu in goede handen’.

    Bij het lezen van die laatste zin werd ik misselijk. Ik wist direct dat er iets vreselijks aan de hand was. Maar wat? Ik had niets aan haar gemerkt. Zou ze depressieve klachten hebben? Ze was wat magerder geworden, had ze eetproblemen? Of financiële problemen of iets met haar studie? Zou ze aangerand zijn of erger? Ik werd gek van de onzekerheid. Op van de zenuwen wachtte ik de afspraak af. Zoals afgesproken belde ik haar niet en dat vond ik heel moeilijk.

    Wat was er met mijn kind aan de hand? De laatste optie, seksueel geweld, duwde ik van me weg. Dan zou ik het vast gemerkt hebben, gevoeld hebben. Als je eigen kind zoiets meemaakt dan weet je dat als moeder. Daar ben je toch moeder voor? Uiteindelijk googelde ik het opgegeven adres. Het was een bureau voor jeugdhulpverlening.

    Op de afgesproken dag, een kleine week later, zag ik mijn dochter. We waren allemaal nerveus en gespannen. Een medewerker stelde zich voor, schonk thee in voor mij en mijn dochters en vertelde dat mijn dochter een brief had geschreven die ze graag wilde voorlezen. Daarna zouden we verder praten.

    Mijn kind zat rechtop. En las. Haar stem onvast maar vastberaden. Zo hoorde ik wat haar was overkomen. Ik hoorde wat er gebeurd was, wat van haar afgenomen was, hoe ze zich niet kon verweren, hoe ze verstijfde, hoe bang en eenzaam ze zich voelde. Ze schaamde zich en gaf zichzelf de schuld. Ze gaf ook aan dat ze zelf wilde bepalen wat ze wel en niet wilde delen met ons. Zo wilde ze niets vertellen over wanneer, waar en wie. En ze ging geen aangifte doen. Daar was ze heel stellig in.

    Mijn dochter is slachtoffer van seksueel geweld. Mijn dochter is verkracht. Ik bevroor vanbinnen. Ik wist niet eens wat ik voelde, het was te veel. De medewerker, een psychologe die mijn dochter al wekenlang begeleidde, vertelde ons dat een slachtoffer meestal zwijgt. Ze legde uit dat je letterlijk kunt bevriezen als er over je grenzen wordt heengegaan. Uit lijfsbehoud. In een overlevingsmodus. En dat juist deze fysieke reactie ervoor zorgt dat een slachtoffer zich later verantwoordelijk en schuldig voelt. Ik heb niet geschopt, geslagen en ben niet weggerend, dus is het mijn schuld. Door middel van trauma-therapie wordt slachtoffers onder andere duidelijk gemaakt hoe het brein, het lichaam reageert op fysieke dreiging en dat van eigen schuld geen sprake is. Nooit.

    Die middag hebben we veel gepraat en nog veel meer gehuild. We hebben elkaar geknuffeld en we hebben verhalen en ervaringen gedeeld. Voor het eerst heb ik mijn dochters verteld dat ik weet hoe het voelt als iemand over je grenzen heen gaat. Hoe vies, schuldig en beschaamd je je dan voelt. Al is het meer dan veertig jaar geleden. Ik weet het nog precies. Seksueel grensoverschrijdend gedrag doet dat met je: je geeft jezelf de schuld en zwijgt. Dat deed ik ook. Ik was zo blij en trots dat mijn dochter het heel anders aanpakte en hulp vroeg bij een professional.

    De dagen, weken, maanden na deze middag was ik afwisselend verdrietig, woedend, emotioneel, wraakzuchtig, boos. Ik voelde me schuldig. Ik had niets gemerkt, ik had haar niet kunnen beschermen, ik had gefaald. Wat ben je dan voor moeder? Het verdriet en de woede waren immens. Ik moest mijn dochter beloven er met niemand over te praten. Niemand mocht het weten, iets waar ik veel moeite mee had.

    Mijn dochter zocht gelukkig psychologische hulp. De impact van de verkrachting op haar leven was gigantisch. Slaapproblemen, concentratiestoornissen, angst- en paniekaanvallen en een gebrek aan zelfvertrouwen. Ze bleek een ernstige vorm van PTSS te hebben. Met behulp van EMDR-therapie en vele gesprekken met de psycholoog krabbelde ze heel langzaam op en werd ze maand naar maand sterker en levenslustiger.

    En ik? De eerste maanden wilde ik de dader pakken en straffen. Ik wist niet wie het was, ging op zoek maar wist niet naar wie. Het erge was dat ik iedereen van het mannelijk geslacht wantrouwde. Alle jongens en mannen die iets met mijn dochter te maken hadden scande ik. Ik verdacht jongens die al jaren bij ons over de vloer kwamen, ik bekeek elke man met andere ogen. Zou hij het kunnen zijn? Vervolgens voelde ik me daar weer schuldig over. Een hele nare tijd.

    De woede in mijn lijf ontnam me mijn slaap en mijn rust. Als ik niet woedend was huilde ik. Heel hard en veel. Ik was nerveus, gespannen en labiel. Met mijn partner kon ik er niet goed over praten. Ik zag mijn relatie de verkeerde kant op gaan want ik was zo vreselijk boos en verdrietig. Boos op alles en iedereen. Ik wilde er met hem over praten, hij had daar moeite mee. Voor hem was het denk ik te erg, te vreselijk. Hij voelde zich machteloos.

    Ik zou graag zeggen dat ik open en eerlijk met mijn dochter ben blijven praten over het seksueel geweld dat haar was aangedaan. Maar dat is niet zo. Mijn dochter leerde tijdens haar therapie heel goed haar grenzen bewaken. Dit vertel ik wel en dit niet. Ik was bang over haar grens heen te gaan door vragen te stellen. Als het goed met haar ging wilde ik niet vragen naar haar verwerkingsproces, bang haar verdrietig te maken. We konden elkaar moeilijk bereiken in die tijd al was en is onze band onverminderd sterk. Ik ben niet de troostende schouder geweest in haar genezingsproces al probeerde ik er met man en macht voor haar te zijn. We schreven elkaar lange berichtjes waarin we onze gevoelens deelden. Maar ik was niet haar eerste vertrouwenspersoon. Ik begreep dat en vond het tegelijk ook lastig.

    De verkrachting had ook voor ons gezinsleven grote gevolgen. Hoe praten we met elkaar hierover? Wanneer? Hoe helpen we elkaar en wat heeft iedereen nodig? Dit bleek een proces van vallen en opstaan. Dat mijn dochter geen aangifte wilde doen was vooral voor mijn partner heel moeilijk te accepteren. Ons kind had daar heel goed over nagedacht. Het is haar woord tegen het zijne en door het personeelstekort kan het jaren duren eer er daadwerkelijk onderzoek wordt ingesteld. ‘Moet ik me dan, als ik me weer beter en sterk voel, gaan bezighouden met wat er is gebeurd? Ik wil vooruit’, zei ze dan. Ik geef haar groot gelijk. Gelukkig heeft ze in een later stadium wel een melding gemaakt bij de politie zodat de naam van de dader bekend is. Mocht er een aangifte tegen hem komen dan is zijn naam dus al bekend bij justitie.

    We zijn nu een hele tijd verder en het gaat goed met mijn dochter. Ze is zo gegroeid en zo wijs en sterk. Haar veerkracht is een inspiratie voor me. Ik ben ongelooflijk trots op hoe zij dit trauma heeft aangepakt. Ik weet ondertussen wie de dader is maar ik kan niks doen met die informatie en dat is voor mij nog steeds heel moeilijk. Ik moet mijn dochter hierin respecteren. Pas als zij er klaar voor is, als dat ooit gebeurt, zal hij boeten voor wat hij haar heeft aangedaan. Met mij gaat het ook een stuk beter al heeft dit alles er ongelooflijk diep ingehakt. Als ik iemand hoor zeggen:

    Ik had gelijk de politie gebeld

    Het zal ook wel aan die vrouwen liggen

    Ja hallo, kijk eens hoe ze zich kleedt

    Ik geloof er niets van dat het zo gegaan is

    Ja maar het is ook heel lastig te oordelen want we waren er niet bij

    Er mag ook niks meer, je kunt ook niks meer zeggen tegenwoordig.

    Mij zou dat niet overkomen, ik geef ‘m een rechtse hoek!

    Dan denk ik diegene die dit zegt heeft werkelijk geen idee waar ie het over heeft. Deze reacties, of oordelen eigenlijk, hebben gigantische gevolgen. Vrouwen en meisjes (en jongens) die seksueel grensoverschrijdend gedrag, een aanranding of verkrachting meemaken zullen (blijven) zwijgen. Bang om niet gelooft te worden, voor victim blaming. Ik ben ervan overtuigd dat de meeste vrouwen (veel te lang) zwijgen. Mijn dochter heeft hulp gezocht, het gaat nu goed met haar. Ze draagt dit niet zoals vele vrouwen als een duister geheim met zich mee. Praten helpt. Moeders kunnen hiermee te maken krijgen, ik hoop dat mijn ervaring hen kan helpen te helpen.

    Saskia is een gefingeerde naam. Om de privacy van Saskia’s dochter te beschermen is dit verhaal geanonimiseerd.

    Bron: Coming of Age >>

    #270062
    Luka
    Moderator

    DIT KUN JIJ DOEN ALS JE SEKSUEEL GRENSOVERSCHRIJDEND GEDRAG ZIET GEBEUREN

    Voor jezelf opkomen als je te maken krijgt met seksueel grensoverschrijdend gedrag, of zelfs geweld, is ontzettend moeilijk. Des te belangrijker is het om als omstander van je te laten horen als je iets ziet gebeuren.

    Kenniscentrum Rutgers deelt een aantal tips met LINDA.nl: dit kun je doen in zo’n situatie.

    SEKSUEEL GRENSOVERSCHRIJDEND GEDRAG
    Grensoverschrijding, van welke aard dan ook, is nooit oké. Ook niet als het ‘alleen maar’ om een seksueel getinte opmerking of WhatsApp-bericht gaat. Voelt het niet oké? Dan is het niet oké.

    Het is tijd voor een cultuurverandering, eentje waar iedereen iets aan kan bijdragen. Door elkaar te helpen in een ongemakkelijke situatie zorg je ervoor dat het voor iedereen veiliger wordt.

    DIT KUN JE DOEN
    Ben jij een omstander en zie je dat iemand te maken heeft met seksueel grensoverschrijdend gedrag? Dan geeft Rutgers de volgende adviezen:

    1. Richt je tot de persoon die het overkomt

    2. Haal diegene uit de situatie en vraag of ze oké zijn
    Andere opties: ‘Ik hoorde net dat die opmerking tegen jou gemaakt werd, gaat het?’ of ‘Je bent stilletjes, gaat het?’

    3. Neem de situatie altijd serieus, oordeel niet
    Grensoverschrijding wordt vaak goedgepraat en weggewuifd, maar het allerbelangrijkste is: voelt het niet goed, dan ís het meestal niet goed. Het is heel belangrijk dat iemand zich gehoord voelt.

    4. Blijf kalm en bied een luisterend oor
    Begin niet over je eigen ervaringen, maar luister rustig naar het verhaal van de ander. Zeg dat wat er is gebeurd, niet hun eigen schuld is.

    5. Zoek samen naar een oplossing
    Heeft diegene behoefte aan een gesprek met een professional of vertrouwenspersoon? Wil diegene een klacht indienen of aangifte doen? Bied dan aan om mee te gaan naar een instantie.

    6. Blijf iemand steunen als dat kan
    Het is belangrijk dat je er voor de ander blijft zijn.

    Bron: Linda.NL >>

    #270580
    Luka
    Moderator

    Oordeel uit, aandacht aan

    ‘Waarom ga je dan ook met hem mee?’ of ‘Ik zou daar nooit ‘s nachts alleen lopen’. Slachtoffers krijgen regelmatig met dit soort reacties te maken. Meningen en adviezen die goed bedoeld zijn, kunnen pijnlijk en kwetsend zijn voor een slachtoffer. Zo wordt het slachtoffer dubbel geraakt. Passend reageren op iemand die iets vervelends heeft meegemaakt is niet altijd makkelijk. Bekijk hoe jij je oordeel uit kunt zetten en met aandacht kunt reageren.

    Staat jouw oordeel uit? Doe de test!
    Stel dat je vriend, zus of collega je vertelt dat er iets naars is gebeurd, zoals een misdrijf of een verkeersongeluk. Weet jij dan wat je kunt zeggen om iemand verder te helpen? Een opmerking komt soms anders over dan hoe die bedoeld is. Beantwoord 10 vragen en ontdek of jouw oordeel uit staat.

    Beter helpen met de gratis online cursus
    Als iemand in je omgeving slachtoffer wordt, is alles ineens anders. Je wil iemand zo goed mogelijk helpen, maar dat kan best lastig zijn. Hoe weet je of je het goed doet? En hoe sluit je echt aan op wat iemand nodig heeft? Met de online cursus leer je hoe je er voor iemand kan zijn op een manier die prettig is voor jezelf en de ander.

    Bron: Slachtofferhulp Nederland >>

    #271455
    Luka
    Moderator

    WAAROM EEN TRAUMA GENERATIES LANG KAN DOORWERKEN

    Een gelukkige jeugd, een fijn leven en toch een angststoornis of depressie ontwikkelen. Het kán zijn dat een trauma uit het familieverleden de oorzaak is. Hoe verwerk je verdriet dat niet van jezelf is?

    “Ik stond in de keuken een brunch voor te bereiden voor mijn schoonouders. Het aanrecht lag bezaaid met broodjes, verschillende soorten kaas, jam, paté… Ik keek ernaar en dacht: wat als er niet genoeg is? Ik voelde paniek opkomen, kreeg hartkloppingen en realiseerde me hoe bizar dit was. Ik leef in een van de rijkste landen ter wereld, heb nog nooit honger hoeven lijden, en ik kreeg een paniekaanval omdat er misschien niet genoeg broodbeleg zou zijn?”

    Aan het woord is Minki. Haar leven lang denkt ze dat ze gewoon een angstig kind is, tot ze een college volgt over PTSS (Post Traumatische Stress Stoornis). Het is alsof ze een profielschets leest van haar vader, die opgroeide tijdens de Tweede Wereldoorlog. De puzzel wordt compleet bij de volgende slide van de presentatie: ‘Symptomen bij kinderen van ouders met PTSS’. Behoefte aan controle, schrikachtigheid, angsten die niet passen bij levenservaringen… “Mijn adem stokte. Dit was ik!”

    Raadselachtig fenomeen
    Minki kreeg van haar vader een levende erfenis: zijn trauma. Bij zo’n transgenerationeel trauma wordt een trauma niet alleen door één persoon ervaren, maar ook doorgegeven aan de volgende generatie. Onbedoeld, soms zelfs zonder dat er ooit over is gesproken. Zo ging het ook bij Minki. Hoewel haar vader niet veel sprak over zijn jeugd, heeft hij onbewust stukjes trauma laten vallen die op haar pad terechtkwamen.
    Het transgenerationeel trauma is een raadselachtig fenomeen waar psychologen zich nog niet zo lang over buigen. De Canadese psychiater Vivian M. Rakoff ontdekte het al in 1966, toen hij een hoog percentage psychische problemen vaststelde bij kinderen van Holocaust-overlevers. Naast oorlogstrauma’s kunnen ook andere vormen van trauma worden doorgegeven én klachten veroorzaken, zoals angst, depressie en PTSS.

    Er is nog relatief weinig wetenschappelijk onderzoek gedaan naar dit type trauma, maar voorbeelden zijn er in overvloed. Dat ziet ook Jeannette Dijkstra, traumaseksuoloog bij praktijk Voelmoedig: “Regelmatig zie ik mensen die zelf geen seksueel misbruik hebben ervaren, maar wel precies deze klachten hebben. Bijvoorbeeld het gevoel nergens bij te horen, dissociatie en verwarring over de geaardheid. Negen van de tien keer blijkt dat een ouder te maken had met seksueel misbruik zonder dat het kind het wist.”

    VIJF GENERATIES
    Bij een transgenerationeel trauma wordt een trauma van generatie op generatie doorgegeven. Dit kan met elke vorm van trauma. Kinderen van traumaslachtoffers kunnen traumatische klachten ervaren terwijl zij zelf het trauma niet hebben meegemaakt. Dit effect kan tot vijf generaties doorwerken. Het kan doorbroken worden door het te verwerken alsof het een eigen trauma is.

    Duik in het verleden
    Ook Minki vertoonde klachten die vergelijkbaar waren met die van haar vader. Ze begreep haar klachten pas toen ze in zijn verleden dook. “Tijdens de oorlog zwierf mijn vader rond, zijn leven was onvoorspelbaar. Of hij genoeg te eten zou hebben, was altijd maar de vraag. Hoewel ik het zelf nooit heb meegemaakt, heb ik die angst voor onvoorspelbaarheid en honger overgenomen.”
    Volgens Hélène Dellucci, een van de weinige gespecialiseerde psychologen op het gebied van het transgenerationeel trauma, zijn er drie manieren waarop een trauma kan worden doorgegeven. “Allereerst kan de opvoeding een rol spelen. Een moeder met een misbruikverleden kan op haar dochters overbrengen dat mannen niet te vertrouwen zijn. Door dat traumagerelateerde wantrouwen in te prenten bij haar kinderen, kan ze zonder over het trauma te praten, toch stukjes overdragen.”

    Wiebke (60): “Mijn moeder stond zichzelf nooit toe om ergens van te genieten. Van kinds af aan probeerde ik haar blij te maken, en ondertussen zocht ik verklaringen voor haar gedrag. Was het de streng protestantse jeugd die haar had afgestompt? Zelf heb ik een mooi leven, maar toch heb ik altijd het gevoel gehad dat er iets niet goed zat. Ik heb sombere periodes en soms bekruipt me ineens de gedachte om uit het leven te stappen. Waarom, denk ik dan. Mijn leven is toch goed? Op het sterfbed van mijn moeder kreeg ik alle antwoorden. Door haar dementie kwamen herinneringen omhoog die ze lang had onderdrukt. Ze bleek haar hele jeugd seksueel misbruikt te zijn door haar vader, en al die tijd was haar het zwijgen opgelegd. Niet gek dat ze nooit had geleerd te staan voor wie ze was. Kort daarna is ze overleden. Sinds ik van haar trauma weet, kan ik mijn eigen klachten verklaren. Haar pijn, verdriet en gebrek aan levenslust zijn doorgesijpeld in mijn leven. Het is naar dat ik daar zo laat achter ben gekomen, maar ik ben blij dat ik het weet. Nu kan ik eindelijk mijn eigen klachten verwerken.”

    In haar praktijk ziet Dellucci ook dat een trauma op nog raadselachtigere wijze kan worden overgedragen. “Ik heb kinderen gezien die tekeningen maken van gevangenissen met schrikdraad zonder dat ze weten waarom. Achteraf blijkt dat ze het trauma van hun ouders letterlijk natekenen.” Naar hoe dat mogelijk is, gissen wetenschappers nog. “Wel weten we sinds kort dat een trauma ook kan worden overgedragen via epigenetische verandering.” Simpel gezegd houdt dat in dat langdurige stress of trauma kortsluiting kan veroorzaken en sommige genen aan of uit kan zetten. Dat kan ervoor zorgen dat iemand een grotere kans heeft om depressies, angststoornissen of andere klachten te ontwikkelen. Dat afwijkende gedrag van de genen is erfelijk. Zo kan het trauma van een voorouder direct na de geboorte al zichtbaar zijn.

    Ondergeschoven kind
    Yvonne (40) zag het bij haar pasgeboren dochter. “Ze kon uren schreeuwen. Ik dacht weleens: wat ís er toch met jou? Het lijkt alsof er meer speelt.” Yvonne kon haar kind op zo’n moment niet geven wat ze nodig had. “Mijn hele lijf ging in een paniekstand. Het triggerde mijn jeugdtrauma: mijn zusje kon ook zo gillen door haar gedragsproblemen. Als mijn dochter dat deed, verstarde ik.”
    Ook als tienjarige is Yvonnes dochter soms nog steeds moeilijk in de omgang. Ze zoekt grenzen op en probeert op een negatieve manier aandacht te trekken door te klieren en veel te huilen. Het kwartje viel toen Yvonne iets las over onveilige hechting, de derde manier waarop trauma kan worden overgedragen. “Door negatieve reacties van ouders kan een kind gehecht raken aan afwijzing. Dat maakt een kind wantrouwend, afstandelijk en soms eeuwig zoekend naar aandacht.”
    Yvonne herkent niet alleen haar dochter erin, maar ook zichzelf. “Door de gedragsproblemen van mijn zus liep ik een trauma op, maar kreeg ik ook te weinig positieve aandacht van mijn ouders. Daardoor raakte ik onveilig gehecht.” Opmerkelijk is dat Yvonnes moeder precies hetzelfde in elkaar zit. “Ook zij was in haar jeugd het ondergeschoven kindje. Dat liet dezelfde klap na. De onveilige hechting die mijn moeder had bij haar ouders, had ik bij haar en heeft mijn dochter bij mij.”

    Suraya (46): “Tijdens een cursus moest ik een familie-opstelling maken, een soort rollenspel met mensen die jouw familie uitbeelden. Zo krijg je meer inzicht in familieverbanden. De persoon die mij speelde, zei iets opmerkelijks: ‘Ik heb het gevoel dat ik voor tien personen moet leven. Ik voel zo veel druk.’ Dat was zo herkenbaar! Ik had altijd al het gevoel dat ik alles uit het leven moest halen en niet mocht falen. Ook voelde ik me altijd schuldig over mijn bestaan. Waarom had ik het recht om te leven en anderen niet? Ik durfde nooit echt plek in te nemen. Niemand wist dat. Maar uit de familie-opstelling bleek dat ze voortkomen uit mijn moeders verleden. Zij heeft verschillende mislukte IVF-pogingen en buitenbaarmoederlijke zwangerschappen gehad. Blijkbaar heeft dat invloed op mijn leven. Door haar heftige ervaringen had ik onbewust het idee gekregen dat ik iets goed moest maken. Ik zou graag mijn moeders ervaringen verwerken, maar dat hoeft allemaal niet nu meteen. Het inzicht dat ik bij de familieopstelling kreeg, heeft me al enorm geholpen om meer voor mezelf te kiezen.”

    Doorbreek de keten van trauma
    Er is vaak sprake van een schuldgevoel, zowel bij de ontvangers als bij de doorgevers van een trauma. Minki: “Ik heb me lang schuldig gevoeld toen ik erachter kwam dat ik mijn vaders trauma doorleefde. Het was niet mijn plek om te lijden. Híj had al die heftige dingen meegemaakt, ik niet. Het was alsof ik hem beledigde door mijn trauma te erkennen. Alsof ik zeg: zie je, pap, je hebt steken laten vallen in de opvoeding. Terwijl hij zijn best heeft gedaan.”

    Toch besloot Minki haar trauma aan te pakken. “Toen ik las dat een trauma tot vijf generaties kan doorwerken, dacht ik: het moet bij mij stoppen.”

    Volgens Dellucci is het goed mogelijk om de keten van trauma te doorbreken. De eerste stap is herkennen en erkennen dat het trauma dat wordt meegedragen misschien niet van jou is. Daarom is het belangrijk om goed na te gaan of de klachten vanuit jezelf te verklaren zijn. “Zo niet, denk dan eens na of iemand in de familie dezelfde problematiek heeft. Dezelfde angsttrigger, dezelfde dwang, dezelfde negatieve overtuiging.”
    Dit maakt het transgenerationeel trauma ook omstreden. Kunnen we niet voor ál onze klachten een verklaring vinden als we maar ver genoeg graven? Dellucci: “Zeker, maar er zijn cliënten die na jaren therapie dezelfde symptomen blijven houden. Dan kan het toch nuttig zijn om in de familie te kijken.”
    Het is effectiever om een probleem bij de oorsprong aan te pakken dan alleen symptomen te bestrijden. Daarom moet een transgenerationeel trauma behandeld worden alsof het een eigen trauma is, bijvoorbeeld met EMDR-therapie. Het voelt onwennig om iets te erkennen wat niet van jou is, maar het is nodig, volgens traumaseksuoloog Dijkstra: “Mensen na jou kunnen niet struikelen over de stenen die jij al hebt opgeruimd.” Tijd om het pad te vegen, dus.

    Ga na of u mentale klachten hebt die u niet kunt verklaren.

    1. Ga in gesprek met familie. Begin bij uw ouders, welke nare dingen hebben in hun leven een grote impact gehad? Als praten met familie moeilijk is,
    2. of als u vermoedt dat u meer generaties terug moet, kan een genogram of familie-opstelling helpen.
    3. Zoek op welke klachten mogelijk een gevolg kunnen zijn van de trauma’s van voorouders en ga na of u deze klachten herkent.
    4. Is dit het geval? Zoek hulp bij een traumapsycholoog om niet alleen aan eigen klachten te werken, maar ook aan het dieperliggende trauma.

    IN THERAPIE
    Sinai Centrum en Stichting Centrum ’45 zijn gespecialiseerd in traumatherapie voor eerste, tweede en derde generatie slachtoffers. Ze zijn gespecialiseerd in oorlogstrauma’s, maar mensen kunnen er ook met andere trauma’s terecht. sinaicentrum.nl, centrum45.nl

    Bron: Libelle.nl >>

    #271555
    Luka
    Moderator

    Ze heeft een rijk sociaal leven, een mooie carrière als operazangeres en toch bekruipt Wiebke (59) soms de gedachte om uit het leven te stappen. Waarom? Pas op het sterfbed van haar moeder komt ze daarachter: ze draagt het trauma van haar moeder.

    “Mijn moeder ligt in bed. Ze woelt en draait en trekt kermend aan haar kleding. ‘Au, au’, hoor ik haar zeggen. Ik kijk naar haar, machteloos. Ik heb de afgelopen maanden alles geprobeerd. Ik heb haar terug in haar huis geplaatst en ben bij haar ingetrokken, omdat ze in het verzorgingshuis niet durfde te slapen. Ik heb pluche kleding voor haar gekocht, in de hoop dat het minder pijn zou doen op haar huid. Maar nog altijd lijkt ze verstrikt, verstikt en gepijnigd.

    Uit de opleiding die ik heb gevolgd om te leren omgaan met mensen met dementie, weet ik dat het soms goed is om op dit soort momenten niet meteen naar oplossingen te zoeken, enkel te observeren. Ik observeer haar woelen, duwen en trekken. Ze begint met haar onderlip te bibberen, krimpt ineen, schopt in het niets en werpt met haar handen iets onzichtbaars van zich af. En ineens zie ik het. Mijn moeder duwt ‘iemand’ van haar af. ‘Iemand’ die haar in bed bezoekt. ‘Iemand’ die haar pijn geeft aan haar lijf. Mensen met dementie herbeleven vaak oude trauma’s die ze hun leven lang hebben weggedrukt, die ze in woorden vaak niet eens meer weten, maar die het brein en het lichaam vergeten te vergeten. En ik weet precies wie die ‘iemand’ is die mijn moeder zich hier herinnert.

    Ik probeerde haar blij te maken
    Altijd als ik wat lekkers voor mijn moeder meenam, kreeg ik kritiek. Het was te duur en te veel, dat moest ik niet doen. Nooit gunde mijn moeder zichzelf iets. Van kinds af aan probeerde ik haar blij te maken, ‘aan’ te zetten, maar tevergeefs. Was het haar streng protestantse jeugd?, vroeg ik me wel eens af.

    Met kleren aan naar bed
    Ondanks mijn moeders zware kant, ben ik altijd heel close met haar geweest. Als kind, als mijn vader tot ’s avonds laat vergaderde bij de voetbal of schaakclub, keken mijn we met z’n tweetjes televisie. Een normaal kind tussen de 6 en 12 gaat op tijd naar bed, maar mijn moeder hield me op tot mijn vader thuiskwam, ook al was dat om 12 uur ’s nachts. Als ik het tuinhekje hoorde opengaan, schoot ik de trap op en ging ik met mijn kleding aan in bed liggen, zodat het leek alsof ik sliep als mijn vader me een kus bracht. Ik begreep nooit waarom dat zo moest, maar als kind vond ik het leuk en spannend dat mama en ik samen dit geheim hadden.

    Ik moest mijn lichaam bedekken
    Mijn moeder was een jongensachtige vrouw. Ze droeg nooit vrouwelijke kleding, had nooit make-up op en sieraden waren uit den boze. Ik was een meisje-meisje en hield van roze. ‘Geen denken aan’, zei ze dan. Ik moest blauw aan, mijn lichaam bedekken en oppassen voor jongens.

    Achteraf zie ik dat het signalen waren die horen bij seksueel misbruiktrauma. Maar toen had ik het niet door. Wel merkte ik bij mezelf soms vreemde dingen. Zo viel ik altijd op mannen die slecht voor me waren, omdat ze narcistisch waren of verslaafd. Ik begreep nooit hoe ik vanuit mijn warme nest toch zo slecht in liefde kon zijn. Ik begon te twijfelen aan mijn seksualiteit en ging op zoek naar de liefde bij het andere geslacht. Maar ik vond precies hetzelfde, slechts in een andere verpakking.

    De gedachte om van een brug springen
    Ik bouwde een mooi leven op als operazangeres. Ik had veel vrienden, was gelukkig. En toch bekroop me soms zonder enige aanleiding de gedachte om van een brug te springen. Ik deed het nooit, maar voelde het wel. Waarom?, dacht ik dan. Mijn leven was toch goed? Mijn moeder zei het vroeger al tegen mijn vriendjes: ‘Pas op, hoor. Stel haar niet teleur. Dan springt ze van een brug af.’ Vreemd, vond ik het als ik dat van vriendjes hoorde. Ik liet het altijd gaan, maar nu denk ik: heeft mijn moeder me dat idee onbewust ingeprent?

    Seksueel misbruikt door vader
    Op mijn moeders sterfbed werden al mijn vragen beantwoord. Mijn moeder bleek seksueel misbruikt te zijn door haar vader. Dat zei ze niet met woorden, maar de signalen waren te duidelijk. Het slecht slapen, het niet alleen durven zijn, de pijn in haar lijf, het duwen. En dan waren er nog tal van vage verhalen die ik kende van vroeger. In het dorp gingen verhalen rond dat hij melkmeisjes in natura liet betalen in de schuur. Daarbij vertelden mijn moeder en tante dat ze ’s avonds moesten aanhoren hoe mijn opa mijn oma verkrachtte. Mijn opa was handtastelijk, zelfs op 97-jarige leeftijd greep hij de thuiszorg nog wel eens tussen de benen. En vlak na zijn overlijden nam een vriendin van me, die medium is, me apart. ‘Je opa biedt zijn excuses aan omdat hij aan je familieleden heeft gezeten’, zei ze me. Ze had geen idee van de voorgeschiedenis van mijn opa.

    Destijds dacht ik er niet aan dat ook mijn moeder een van opa’s slachtoffers was geweest. Het was alsof ik nu, aan mijn moeders sterfbed, het spelletje connect the dots moest doen. Er waren zo veel signalen, als ik ze nu niet aan elkaar kon verbinden, was ik een ontkenner. En zo kwam de waarheid na een zwijgend leven toch nog aan de oppervlakte. Mijn moeders geest moet gevoeld hebben dat het geheim boven de grond móést blijven. Ze overleed kort erna.

    Transgenerationeel trauma
    In eerste instantie was ik vooral bezig met hoe dit voor mijn moeder moest zijn geweest. Maar ik had wel eens gehoord dat ook kinderen van getraumatiseerde ouders klachten kunnen krijgen. Ik ben gaan zoeken en lezen en kwam zo in aanraking met het transgenerationeel trauma. Hierbij sijpelt een beetje trauma van ouders door in het leven van hun kinderen. Kinderen kunnen zelfs PTSS krijgen of traumaklachten die passen bij wat hun ouders hebben meegemaakt, zonder af te weten van het trauma van hun ouders. Ineens begreep ik mezelf. Mijn seksuele verwarring, bijvoorbeeld, is een typisch symptoom van seksueel misbruik. Ook mijn suïcidale gedachtes pasten niet bij mijn levenservaringen, maar bij die van mijn moeder. Langzamerhand zag ik in dat mijn klachten waarschijnlijk niet uit mijn eigen leven voortkwamen, maar uit dat van mijn moeder. Ik had haar trauma onbewust geërfd.

    Mijn moeders trauma verwerken
    Ik ben van plan om familieopstellingen te doen en bij gespecialiseerde traumacentra te onderzoeken hoe ik mijn moeders trauma kan verwerken. Ik heb zelf geen kinderen aan wie ik het trauma kan overdragen, maar mijn broer wel. Het is zo belangrijk om trauma op te ruimen, voordat het verder overspringt.

    Erkennen dat mijn pijn en verdriet misschien niet van mij, maar van mijn moeder is, was voor mij al een enorme eyeopener. Nog altijd is er een stem in mijn hoofd die zegt dat het onzin is. Dat je voor je klachten altijd wel een verklaring bij je ouders kunt verzinnen, als je maar hard genoeg zoekt. Maar misschien is dat ook wel mijn eigen ongemak. Het voelt raar om het trauma van iemand ‘op te eisen’ alsof het van jou is. Maar het geeft me wel de kans om het te gaan verwerken.”

    Bron: Libelle >>

10 berichten aan het bekijken - 81 tot 90 (van in totaal 93)
  • Je moet ingelogd zijn om een antwoord op dit onderwerp te kunnen geven.
gasten online: 22 ▪︎ leden online: 3
Colinda, Lily, Leentje
FORUM STATISTIEKEN
topics: 3.250, berichten: 17.550, leden: 2.084