Seksueel misbruikt door een vrouw

  • Dit onderwerp bevat 31 reacties, 3 deelnemers, en is laatst geüpdatet op 25/09/2021 om 20:57 door Luka.
10 berichten aan het bekijken - 21 tot 30 (van in totaal 32)
  • Auteur
    Reacties
  • #232640
    Mark
    Moderator

    Vrouw (38) die op kinderen past in basisschool verleidt zoontje (11) van haar vriend

    Het parket heeft voor de correctionele rechtbank van Luik een celstraf van 3 jaar met probatie-uitstel gevraagd voor een 38-jarige oppasser van een basisschool, voor aanranding van de eerbaarheid van een 11-jarige jongen. De vrouw had een liefdesrelatie ontwikkeld met het kind van haar partner.

    De relatie eindigde in augustus 2016, toen de jongen de feiten aan zijn grootmoeder toevertrouwde. De vrouw was een relatie gestart met de vader van het kind en raakte bevriend met de jongen, maar daarna werd ze verliefd.

    De vrouw pleegde aanrandingen van de eerbaarheid van het kind. In het dossier wordt melding gemaakt van liefkozingen en zoenen. Het kind werd ook naakt gefotografeerd op het bed van de beklaagde.

    Het kind, op zoek naar moederliefde na verkrachtingen die het tijdens zijn jeugd had ondergaan, wou geen liefdesrelatie met de beklaagde. Hij kreeg verschillende liefdesverklaringen van de beklaagde.

    Het parket vroeg 3 jaar cel, maar is niet gekant tegen uitstel. De advocaat van de beklaagde vroeg probatie-uitstel omdat ze een burn-out had en haar gevoelens voor de vader en het kind door elkaar had gehaald. Het vonnis volgt op 18 januari.

    Bron: hln.be

    #241572
    Mark
    Moderator

    Verhalen van vrouwen die verkracht zijn door vrouwen

    “Verkrachting van vrouw op vrouw is niet minder schadelijk. Het kan juist verwarrender zijn omdat het niet in het traditionele plaatje van seksueel geweld past.”

    Verkrachtingen komen het meest voor in heteroseksuele vorm: een mannelijke dader en een vrouwelijk slachtoffer. Vrouwen die verkracht worden door vrouwen voelen zich daarom vaak nog meer in de war en geïsoleerd.

    Toen Cassandra Perry wakker werd, was iedereen om haar heen nog in diepe slaap. Zonder geluid te maken liep ze op haar tenen langs de slapende lichamen op zoek naar haar spullen. Ze kon haar schoenen niet vinden, dus stal ze een paar slippers. Het laatste wat ze zich kon herinneren van de avond ervoor was een man die zei dat hij niet aan condooms deed en een vrouw die haar benen spreidde. Die avond hadden er twee mensen tegen haar zin seks met haar gehad. Perry wist wel dat iemand door een man verkracht kon worden, maar verkrachting door een vrouw, daar had ze nog nooit van gehoord.

    Hetzelfde gold voor Maria*, die op vierjarige leeftijd door een ouder meisje werd misbruikt; voor Sophie*, die tot seks werd gedwongen tijdens een gewelddadige relatie; en voor Emma*, die werd aangerand door twee vrouwen. Hun verhalen lijken niet op de traditionele slachtofferverhalen over verkrachting. Hun ervaringen blijven vaak ongehoord, onvermeld en doodgezwegen door anderen. Ze zijn vrouwelijke slachtoffers van vrouwelijke daders – slachtoffers van een seksuele misdaad waar bijna niemand bij stilstaat.

    Er zijn verschillende onderzoeken gedaan naar verkrachting en de statistieken verschillen nogal. In Nederland is er onduidelijkheid over de precieze cijfers, maar zou één op de vijf vrouwen in aanraking komen met verkrachting, aanranding of seksuele intimidatie. In de VS zou volgens het Amerikaanse Centrum voor Ziektebestrijding en Preventie (CDC) ook één op de vijf vrouwenin aanraking komen met verkrachting of een poging tot verkrachting. Volgens een rapport van het Amerikaanse Ministerie van Justitie zijn de daders van verkrachting grotendeels blanke mannen. Maar wat nou als de verkrachting niet in dit plaatje past?

    Jennifer Marsh, vice-voorzitter van het Rape Abuse and Incest National Network (RAINN), vertelt dat verkrachting door vrouwen zeker voorkomt, maar er zijn simpelweg veel meer meldingen van mannelijke verkrachters. “Verkrachting is een misdaad die vaak aan maar een soort gender wordt verbonden,” vertelt Marsh me aan de telefoon. “We zien verkrachters daardoor bijna altijd als man.”

    Personeel van RAINN is nu aangeleerd om geen aannames te doen over het geslacht van de aanvaller. “Onze telefoonlijn is genderneutraal,” zegt Marsh. Ze legt uit dat dat niet overal de norm is. “Mensen spreken het slachtoffer vaak aan als vrouw en gebruiken woorden als ‘hem’,’hij’ en ‘zijn’ als ze het hebben over de aanvaller. We proberen dit bewust niet te doen.”

    Ik kon het niet in woorden uitdrukken, ook omdat er niet de juiste woorden voor zijn.

    RAINN gebruikt de genderneutrale benamingen zodat het slachtoffer zich veilig voelt bij hen. “Er is niks ergers voor een slachtoffer dan het idee hebben dat je niet begrepen wordt,” zegt Marsh. “Het slachtoffer denkt vaak al: niemand begrijpt me, dit overkomt niemand; ik voel me alleen. Als we dan aannames maken over het geslacht van de aanvaller versterkt dat die negatieve gevoelens alleen maar.”

    Slachtoffers van vrouwelijke verkrachters kunnen zich meestal moeilijk identificeren met de meeste verkrachtingsverhalen. Lisa*, nu 48, was 11 toen ze werd aangerand door een nichtje. Ze wist niet hoe ze hiermee om moest gaan. “Ik wist niet eens dat dit kon,” vertelt Lisa aan de telefoon vanuit haar huis in Wisconsin. “Ik kon het niet in woorden uitdrukken, ook omdat er niet de juiste woorden voor zijn.”

    Als Lisa iets hoorde, las of zag over verkrachtingen, dan ging dat altijd over sterke, mannelijke en onbekende daders – niet over jonge meisjes die ze zelf kon kennen. Haar aanranding was niet ‘normaal’ of ‘geloofwaardig’. Ze had geen voorlichting hierover gehad, geen voorbeelden of daaraan verbonden hulp. Ze kon haar aanranding niet eens correct benoemen, laat staan verwerken. Het zou nog een grote invloed hebben op de rest van haar leven.

    Een verkrachting is altijd vreselijk lastig om te verwerken, maar vrouwen die verkracht zijn door vrouwen hebben veel unieke obstakels om te overwinnen, vertelt Laura Palumbo, hoofd communicatie bij het National Sexual Violence Resource Center. “Als je verkracht bent door een man, kun je steun zoeken in de verhalen van anderen die iets vergelijkbaars is overkomen.” Maar, zegt Palumbo, er zijn maar weinig verhalen van verkrachting door vrouwen waar slachtoffers zich in kunnen herkennen. “Slachtoffers van niet-heteroseksuele verkrachting kunnen zich niet vinden in het normale rehabilitatieproces, dat vooral gericht is op heteroseksuele verkrachtingen. Ook worden ze niet overal erkend of hebben ze geen plekken waar ze hun verhaal kwijt kunnen.”

    Angela Esquivel, verkrachtingstherapeut en oprichter van het As One Project, is het daarmee eens. “Mensen denken dat vrouwen altijd lief, verzorgend en gevoelig zijn,” observeert ze tijdens haar werk, “maar dat is niet altijd het geval.”

    Verkrachting van vrouw op vrouw is niet minder schadelijk. Het kan juist nog verwarrender zijn omdat het niet in het traditionele sociale script van seksueel geweld past.

    Macht of autoriteit is genderloos, vertelt ze. “Er zijn genoeg vrouwen die de macht naar zich willen toetrekken, die de controle willen hebben in hun relatie,” zegt ze. “Homoseksuele stellen zijn niet immuun voor machtsverschillen of machtsspelletjes binnen een relatie.”

    Het CDC lijkt dit te bevestigen. Lesbische en biseksuele vrouwen zijn vaker het slachtoffer van geweld door een partner. 44 procent van de lesbische en 61 procent van de biseksuele vrouwen is ooit het slachtoffer geweest van verkrachting, psychologische mishandeling en/of stalking door een partner. Dit staat tegenover 35 procent bij heteroseksuele vrouwen.

    Maar slachtoffers van vrouwelijke verkrachters zijn niet per se lesbisch of biseksueel. Bovendien zien we in deze cijfers niet specifiek terug of zij slachtoffer zijn van vrouwen, of het een eenmalige gebeurtenis is of dat er ook andere niet-traditionele vormen van verkrachting zijn.

    “Ik werk als advocaat en heb verschillende verhalen gehoord van meisjes en vrouwen die zijn aangerand door vrouwen. Soms gebeurde dit tijdens een afspraakje of toen ze nog kind waren. Maar er zijn ook lovergirls die jonge vrouwen uitbuiten,” zegt Brooke Axtell, directeur communicatie en slachtofferhulp bij Allies Against Slavery en oprichter van Survivor Healing and Empowerment.

    Volgens Axtell komen vrouwelijke daders minder dreigend over omdat ze niet in ons traditionele plaatje van een verkrachter passen. De invloed en impact van een niet-heteroseksuele verkrachting wordt daarmee teniet gedaan. “Verkrachting van vrouw op vrouw is niet minder schadelijk,” zegt Axtell. “Het kan juist nog verwarrender zijn omdat het niet in het traditionele sociale script van seksueel geweld past.”

    In de huidige statistieken missen we ook de verhalen van vrouwen die hun verhaal niet durven te vertellen. Volgens onderzoek maakte tussen 1992 en 2000 maar 34 procent van de vrouwelijke slachtoffers een melding van een poging tot verkrachting. 36 procent van de daadwerkelijke verkrachtingen en 26 procent van de aanrandingen werd aangegeven. Mensen hebben vaak veel redenen om verkrachting niet te melden.

    Sophie werd aangerand door een transvrouw en was bang dat melding ervan meer nadruk zou leggen op het geslacht van de aanvaller dan op de aanval zelf. “Ik was bang voor transfobe reacties, waardoor ik me absoluut niet gesteund zou voelen,” zegt Sophie. Sophie hield het dus stil. Het is al moeilijk om je uit te spreken over zo’n gebeurtenis en al helemaal als je je zorgen moet maken om het beschermen van je eigen gemeenschap. Zo wordt het alleen maar moeilijker om de juiste steun te bieden aan iemand in zo’n traumatische situatie.

    Kunnen we dan iets doen om het verwerkingsproces minder vreselijk te maken? Cassandra Perry vond het moeilijk om het misbruik goed te benoemen. Volgens haar is dat een veel groter probleem. “We hebben er geen vocabulaire voor. Zolang we dat niet hebben, kunnen we ook niet goed uitleggen wat er precies met ons is gebeurd, wat er bij anderen gebeurd en zullen we nooit goed begrijpen wat er precies gebeurt.”

    *Alle namen zijn gefingeerd.

    Bron: vice.com

    #241574
    Mark
    Moderator

    Op Vice.com kwam ik een Engelstalig artikel tegen over vrouwelijke daders wat ik erg interessant vond omdat het cijfers laat zien die het beeld dat vrouwelijke daders nauwelijks voorkomen, tegenspreekt. In dit artikel gaat het, in tegenstelling tot wat de titel suggereert, niet alleen over mannen, maar ook over vrouwen met een vrouwelijke dader. Ik heb de moeite genomen dit artikel zo goed mogelijk in het Nederlands te vertalen omdat ik denk dat het voor veel mensen belangrijke informatie bevat.

    Groet,
    Mark

     

    De verborgen problematiek van mannen die verkracht worden door vrouwen


    Foto door Rachel Bellinsky via Stocksy

    Het algemeen accepteerde idee is dat mannen door vrouwen niet seksueel misbruikt kunnen worden. Toch blijkt uit uitgebreid onderzoek dat ongeveer tweederde van de mannen die seksueel geweld meldt, aangeeft dat hun dader een vrouw was.

    Het Center for Disease Control and Prevention (CDC) doet veel goed werk op het gebied van onderzoek naar seksueel geweld, aldus UCLA-wet professor Lara Stemple. “Interviewers zijn erin getraind veel vragen te stellen en checken regelmatig of het nog gaat”, legt ze uit. “Het scheelt ook dat het om gezondheidsonderzoek gaat, want dat is voor mensen een goede context is om na te denken over hun lichaam en hun welzijn.”

    Maar als het gaat om rapporteren van resultaten van onderzoeken, doet het CDC mannen die gedwongen zijn iemand anders te penetreren — hetzij door dwang, fysieke kracht of gebrek aan instemming — toch tekort. Zij scharen gedwongen penetratie namelijk onder ‘overige delicten’, samen met minder ernstig seksuele delicten zoals ongewenste niet fysiek seksuele ervaringen.

    “Ze plaatsen het in dezelfde categorie waarin bijvoorbeeld ook nafluiten op straat door een onbekende geplaatst wordt,” zegt Stemple. “Zonder verdere context, waardoor de ernst van het misbruik afgezwakt wordt.”

    De manier waarop het CDC met mannelijke slachtoffers van seksueel geweld omgaat, laat een verontrustende tendens bij onderzoekers, verkrachters en justitie zien, zegt Stemple. Het impliceert: “Voor mannen is alle seks goede seks.”

    “De manier waarop we over mannen en seks praten, moet veranderen”, zegt Stemple. “Zolang we dit soort stereotype ideeën over mannen en seks hebben, blijft het voor hen moeilijk om als slachtoffer naar voren te komen.”

    Stemple heeft veel tijd besteed aan haar onderzoek naar onderrapportage van seksueel geweld tegen mannen. In 2014 bracht ze een rapport uit over mannelijke slachtoffers van seksueel geweld waarin ze verschillende onderzoeken mee heeft genomen. Zo ontdekte ze dat als je situaties waarin mannen door iemand anders gedwongen werden tot penetratie meerekent, de verhouding niet gewenst seksueel contact tussen mannen en vrouwen vrijwel gelijk was: 1,267 miljoen mannen zeiden dat ze het slachtoffer waren van seksueel geweld, tegenover 1,270 miljoen vrouwen.

    Als we het hebben over verkrachting, denken we niet aan gedwongen worden te penetreren, schreef Hanna Rosin in een artikel over het onderzoek van Stemple in 2014 op slate.com. Maar het kan dezelfde psychische en fysieke gevolgen hebben, waaronder seksuele problemen, depressie, gebrek aan zelfrespect en langdurige relatieproblemen.

    ”Ik heb een man ontmoet die als kind door een vrouw werd misbruik. Tot op de dag van vandaag is hij bang om alleen met een vrouw in een kamer te zijn.”

    Hoewel er nog veel werk verzet moet worden om de gevolgen van seksueel geweld voor mannelijke slachtoffers te begrijpen, richt Stemple zich met haar nieuwe onderzoek nu op daders. In haar onderzoek in 2016 analyseerde zij, samen met twee andere onderzoekers, vier grootschalige onderzoeken van de CDC en het ‘Bureau of Justice Statistics’ (BJS), om vrouwelijke plegers van seksueel geweld — met zowel mannelijke als vrouwelijke slachtoffers — beter te kunnen begrijpen. Hun bevindingen spreken het stereotype beeld dat het onwaarschijnlijk is dat vrouwen daders zijn tegen.

    “De meeste mensen denken dat vrouwelijke daders nauwelijks voorkomen”, zegt Stemple. ‘Ze zien het als uitzondering, een enkele lerares op een middelbare school met een leerling. Maar uit deze onderzoeken blijkt dat het heel veel voorkomt, alleen is niemand daarvan op de hoogte. Ik vond de uitkomsten verbijsterd.

    De dreiging die uitgaat van vrouwelijk daderschap is lang niet begrepen en werd door onderzoekers ook onderschat. Hoewel de mogelijkheid van vrouwelijk daderschap al voor het eerst werd geopperd in onderzoeksliteratuur in de jaren dertig, werd er tot in de jaren negentig geen gericht onderzoek naar seksueel geweld door vrouwen gedaan. En zelfs toen was het onderzoek beperkt omdat het zich vooral richtte op seksueel misbruik van kinderen. Eigenlijk begint onderzoek naar vrouwelijk daderschap pas de laatste tien jaar echt van de grond te komen.

    Stemple’s nieuwe, veelomvattende onderzoek toont de resultaten van het meest recente telefonische onderzoek van de CDC. Daaruit blijkt dat 68,6% van de mannen die seksueel geweld meldt, aangeeft een vrouwelijke dader te hebben. Van de mannen die aangeven gedwongen te zijn tot penetreren — de vorm van ongewenste seks waarvan de kans dat mannen er in hun leven mee te maken krijgen het grootste is — geeft volgens dit onderzoek 79,2% aan een vrouwelijke dader te hebben.

    “De meeste mensen denken dat vrouwelijke daders nauwelijks voorkomen. Ze zien het als uitzondering, een enkele lerares op een middelbare school met een leerling.”

    De auteurs van het onderzoek keken ook naar hoe veroordeelde vrouwelijke zedendelinquenten zich gedragen. Volgens een onderzoek van het BJS — dat in tegenstelling tot andere onderzoeken onomwonden termen zoals ‘pijpen’ gebruikt, iets wat volgens Stemple de nauwkeurigheid ten goede komt — is de kans dat vrouwelijke gedetineerden door andere vrouwelijke gedetineerden misbruikt worden veel groter dan de kans dat zij door mannelijke personeelsleden misbruikt worden. Van alle volwassen gedetineerden die door personeelsleden werden misbruikt, gaf 80% aan dat hun dader een vrouw was. Onder jongeren was dat percentage zelfs nog hoger, namelijk 89,3%. En misschien nog wel het meest verrassend — gezien het heersende beeld van het gevangenisleven — liet datzelfde onderzoek zien dat seksueel misbruik van vrouwelijke gedetineerden onder elkaar ongeveer drie keer zoveel voorkomt als seksueel misbruik van mannelijke gedetineerden onder elkaar.

    Gezien deze resultaten is het des te opvallender dat zo weinig vrouwen als zedendelinquent worden geregistreerd. Uit onderzoek in vijf staten blijkt dat slechts 0,8 tot 3% van alle geregistreerde zedendelinquenten vrouw is. Andere onderzoeken laten percentages zien die onder de 2% liggen.

    Toch is dit wel te verklaren. Voor mannen die slachtoffer worden van seksueel geweld is de drempel om dit te melden erg hoog. Uit het onderzoek van Stemple blijkt dat sommige mannen zich — door het stereotype beeld dat vrouwen geen bedreiging vormen — te beschaamd voelen. Anderen liegen en zeggen dat ze eigenlijk misbruikt zijn door een man of doen alsof ze er trots op zijn dat een vrouw seks met hen wilde. Uit onderzoek blijkt ook dat naarmate mannelijke slachtoffers ouder zijn, de kans dat ze zelf de schuld van het misbruik krijgen groter is dan bij vrouwelijk slachtoffers.

    Het stereotype idee dat mannen niet verkracht kunnen worden, draagt er ook niet toe bij dat mannen seksueel geweld melden. De meerderheid van ondervraagde studenten in 1992 zei bijvoorbeeld niet te geloven dat een “grote, sterke man door een vrouw verkracht kan worden” en in een meer recent onderzoek uit 2012 zeiden jongvolwassenen dat een man die door een vrouw verkracht wordt, dat niet heel erg zal vinden.

    Over seksueel misbruik van vrouwen door andere vrouwen is nog minder bekend, aldus het onderzoek. “Doordat heteroseksualiteit de norm is, blijven lesbische en biseksuele vrouwen met een vrouwelijke dader voor professionals vaak onzichtbaar”, stelt het onderzoek. “Hoewel een paar centra voor seksueel geweld kleine, op lesbische en biseksuele vrouwe gerichte programma’s hebben opzet, geven lesbische en biseksuele vrouwen aan dat opvang en hulpverlening hoofdzakelijk gericht is op vrouwen die slachtoffer zijn van mannen.”

    “Ik heb een man ontmoet die als kind door een vrouw werd misbruikt”, zegt Stemple. “Tot op de dag van vandaag is hij bang om alleen met een vrouw in een kamer te zijn. Hij werkt aan zijn problemen maar zoals je je kunt voorstellen, voelt hij zich er erg ongemakkelijk en beschaamd om dit met mensen te delen. Als overlever praat hij tegenwoordig wel over het misbruik maar hij is een uitzondering. Je kunt je voorstellen dat andere mannen dezelfde angst hebben om met misbruik naar voren te komen, zeker als de dader een vrouw was.

    Het originele artikel in het Engels vind je op vice.com >>

    #244371
    Mark
    Moderator

    Alicia getuigt over de juf die haar verleidde toen ze 17 was: “Ze komt er gewoon mee weg”

    Alicia Sanfilippo is nu 21, maar was pas 17 toen haar juf haar verleidde. “Fijn is het niet om met zo’n verhaal naar buiten te komen, maar ik ben bang dat er anders nog slachtoffers vallen.” ©VTM NIEUW

    In een secundaire school voor kinderen met een verstandelijke beperking en gedragsstoornissen in Beringen heeft een inmiddels 37-jarige juf een seksuele relatie gehad met twee leerlingen. Nadat de meisjes hun verhaal deden aan de directie van VIBO Sint-Barbara, werd de vrouw tijdelijk geschorst. Begin deze maand ging ze weer aan de slag. “Toen onze relatie leek uit te komen, verplichtte ze me snel naar een andere school te gaan.”

    Een stortvloed aan lieve berichtjes, hevige aandrang tot seksuele handelingen en één – de allerbelangrijkste – voorwaarde: totale geheimhouding. De verhalen van twee leerlingen van het buitengewoon onderwijs Sint-Barbara in Beringen over hoe ze – zonder dat van elkaar te weten – een seksuele relatie kregen met één en dezelfde juf lopen parallel. In 2015 was Alicia Sanfilippo – toen 17, nu 21 – de eerste die in het vizier kwam van een juf op haar nieuwe school.

    Lees dit premium artikel verder op hln.be of als lid van LSG in het ledendeel.

    #245449
    Luka
    Moderator

    Ik werd verkracht door mijn lesbische geliefde

    “Het was mijn eerste relatie, dus ik dacht dat het er gewoon bij hoorde – en ik had er nooit bij stilgestaan dat ook vrouwen gewelddadig kunnen zijn.”

    Mijn laatste relatie was een grote ramp. Het begon nog zo goed: ik had nog nooit iemand ontmoet die ik zo opwindend vond als Lydia, en als ik heel eerlijk ben was ik ook wel gevleid dat een dertigjarige vrouw geïnteresseerd in mij was. Zelf was ik achttien, toen ik haar op de universiteit ontmoette. Zij was dominant, ik verlegen. Ze was schrijver, en maakte indruk op me met haar zelfverzekerde, charmante karakter.

    Na twee à drie maanden besefte ik langzamerhand dat er iets mis was. Het begon toen ze op een avond dronken op een autoweg was gaan zitten, en weigerde daar weg te gaan. Ik probeerde haar weg te krijgen, maar dat negeerde ze. Als ik er nu op terugkijk had ik toen al moeten inzien dat ik beter bij haar weg kon gaan.

    Lydia had een ernstig alcohol- en drugsprobleem, maar ontkende dat zelf. Als er om drie uur ‘s nachts geen drank in huis was, stond ze erop dat we even naar het tankstation zouden gaan – we woonden toen inmiddels samen in een dorp bij Hannover. Ze kon zoveel drinken dat ze enorme black-outs kreeg, en ze zich een dag later niks meer kon herinneren. Ze fietste een keer vol het water in, en nadat ze eens dronken achter het stuur werd betrapt werd haar rijbewijs ingenomen. Ik dacht dat ik haar kon redden met mijn liefde. En dus bleven we twee jaar bij elkaar, in totale afhankelijkheid van elkaar.

    Lydia ontnam me al mijn rust. Als ze dronken thuiskwam, maakte ze me om allerlei redenen wakker: om meer drank te krijgen, iets te bespreken, een van haar essays te laten corrigeren of omdat ze seks wilde – ook als ik helemaal geen zin had.

    Lydia misbruikte me wel vaker als ze dronken was of drugs had gebruikt. Ik verzette me, maar dat was meestal tevergeefs. Op een gegeven moment gaf ik het op. Ik dacht dat het erbij hoorde als je een relatie hebt – dat als de ander wil, maar jij niet, je gewoon even door moet bijten. Dit soort avonden kwamen steeds weer terug, en ik accepteerde dat ze geen genoegen nam met het feit dat ik niet wilde. Terwijl ik natuurlijk mijn mond open had moeten trekken, om duidelijk te maken waar mijn grens lag.

    Maar ik heb nooit geleerd om boos te zijn, of voor mezelf op te komen. Ik had niet eens door dat Lydia me seksueel misbruikte.

    Dat had twee redenen: verkrachtingen of seksueel misbruik heb ik altijd met mannen geassocieerd, die al dan niet ‘s avonds laat vanuit een donker steegje tevoorschijn komen en je in de bosjes trekken. Ik dacht altijd dat het alleen mannen waren die geweld plegen, en vrouwen altijd het slachtoffer waren. Lydia kon helemaal niet gewelddadig zijn. Daarnaast had ik er nooit bij stilgestaan dat je ook misbruikt kunt worden door je eigen partner. Ik dacht dat het er gewoon bij hoorde – Lydia was mijn eerste liefde.

    Ik realiseerde me pas echt dat ik was verkracht in november 2017, toen het al twee jaar uit was. In de tussentijd was ik naar een psychosomatiek gegaan, en daar besefte ik dat deze verkrachtingen niet mijn schuld waren. Ik was niet “ziek in mijn hoofd”, zoals Lydia altijd zei. Want zo was onze relatie: als ik niet deed wat ze wilde, behandelde ze me als een stuk stront, en ze heeft me meerdere keren bedrogen.

    Ook toen onze relatie voorbij was bleef Lydia mijn leven verzieken. Ze overspoelde me met telefoontjes en berichten, en wachtte me op bij mijn voordeur. Soms durfde ik amper mijn huis te verlaten. Ik raakte in paniek als de telefoon ging. Naast mijn voordeur zat een raam, waardoor ik altijd kon zien wie eraan kwam – en als ik zag dat er iemand stond, verstopte ik me snel achter de bank. Ik deed alle lichten uit, om te doen alsof ik niet thuis was. En als ik toch buiten durfde te komen, vormde elke straathoek weer een nieuwe drempel.

    Ik vermeed altijd de buurt waarin zij woonde, zelfs als ik daarvoor een flinke omweg moest maken. Ik kwam niet meer naar de universiteit en zag mijn vrienden amper meer. Een jaar later vertrok Lydia, maar mijn angsten gingen niet weg. Daarom ben ik op een gegeven moment naar Wenen verhuisd – ik kon het er niet meer uithouden. Zelfs tegenwoordig word ik al bang als ik de deurbel hoor.

    Vier jaar later ben ik nog steeds niet in staat om een intieme relatie aan te gaan. Lydia heeft mijn liefdesleven voorgoed verpest – ik kan nog geen hand vasthouden. In eerste instantie leek me dat normaal, omdat je nu eenmaal tijd nodig hebt om zoiets te verwerken, maar ik ben nog steeds niet de oude. Ik verlang naar intimiteit, al is het maar eenmalig, maar ik kan het gewoon niet. Alleen al de gedachte brengt me in paniek. Ik worstel nog steeds met flashbacks, maar ik heb ook veel situaties met Lydia weggedrukt in mijn geheugen.

    Een paar weken geleden had ik mijn eerste tinderdate. Nadat we twee uur lang een leuk gesprek hadden gehad, wilde ik er zonder directe aanleiding ineens een punt achter zetten. Mijn verhouding tot liefde en intimiteit is helemaal verstoord, en dat is ook de reden dat ik weer in therapie ben.

    Dit alles maakt me boos, maar in tegenstelling tot hiervoor richt ik mijn woede niet op mezelf. Ik beeld me vaak in dat ik Lydia de deur uittrap – al weet ik dat dat misschien verspilde energie is. Ik had een schoenendoos vol herinneringen aan Lydia, en die heb ik weggegooid. En tijdens een therapiesessie verscheurde ik een van de boeken die ze heeft geschreven. Dat voelde bevrijdend, al weet ik zeker dat ze nog steeds niet eens beseft wat ze me heeft aangedaan. Ze kon zich de dag erna meestal niks meer herinneren, zelfs niet onze heftigste ruzies.

    Ik ben niet alleen boos op haar, maar ook op de hele samenleving – en dan vooral het heersende idee dat er helemaal geen geweld uit kan gaan van vrouwen. Ik snap ook wel dat mannen volgens de statistieken vaker gewelddadig zijn dan vrouwen, dat de machtsstructuren anders zijn en mannen een andere positie hebben in deze patriarchale maatschappij. Maar vrouwen zijn natuurlijk ook in staat om verbaal of psychologisch geweld te plegen, of te verkrachten. En als je zulke dingen niet beseft, kun je ook het gedrag van vrouwen als Lydia niet herkennen.

    We moeten vaker benoemen dat dit soort geweld ook plaats kan vinden binnen relaties, en vanuit hetzelfde geslacht. Zolang er nooit over wordt gepraat in de media of de politiek, zullen mensen als ik zich in de steek gelaten voelen. Als ik er vroeger over had kunnen lezen, of mijn leraren me erover hadden verteld, was ik misschien nooit in deze situatie beland. En had Lydia me nooit kunnen verkrachten.

    Bron: Vice.com >>

    #246176
    Luka
    Moderator

    Op z’n Duits | Als zij je dwingt

    Seksueel geweld draait om macht. Doorgaans zijn mannen machtiger dan vrouwen. Doorgaans zijn mannen de plegers van seksueel geweld. Maar doorgaans is niet altijd. Het wordt tijd dat we het gaan hebben over vrouwen als daders.

    Stereotypen over gender raken iedereen, het patriarchaat naait ons allemaal. Sommige stereotypen worden ingezet om genderongelijkheid te vergoelijken. Als vrouwen beter zijn in zorgen, is het vanzelfsprekend dat zij thuis blijven. Als mannen van nature agressief zijn is het logisch dat zij aan de top staan. Als feminist zie ik het daarom als mijn taak om genderaannames in twijfel te trekken, ook als dat voor vrouwen niet zo gunstig uitpakt.

    Seksueel geweld door vrouwen is een moeilijk thema, omdat mannen in de dominante manier van denken over mannelijkheid geen slachtoffers zijn. Het idee is dat als zoiets mannen al overkomt, andere mannen de schuldigen zijn. Recent Amerikaans onderzoek laat echter zien dat vrouwelijke daders minder zeldzaam zijn dan gedacht.

    De onderzoekers baseren zich op grote surveystudies, uitgevoerd door de Centers for Disease Control and Prevention en het Bureau of Justice Statistics. Bijzonder opmerkelijk is dat een even hoog aantal mannen als vrouwen in het laatste jaar seks tegen zijn of haar zin heeft gehad. Bij mannen gaat het dan om ‘gedwongen zijn te penetreren’. In bijna tachtig procent van deze gevallen was de pleger vrouw. Vrouwelijke daders komen meer voor bij heteroseksuele mannen én bij lesbische slachtoffers. Een andere survey laat zien dat daar ook vaak fysiek geweld bij wordt gebruikt: bij meer dan de helft van de mannelijke en 41 procent van de vrouwelijke slachtoffers.

    Meer dan twee miljoen Amerikanen zitten achter de tralies en het is common knowledge dat mannen daar anaal verkracht worden door andere gevangenen. Het blijkt echter dat vrouwelijke gedetineerden vaker misbruikt worden. De daders: andere vrouwelijke gevangenen. Het gaat om 13,7 procent van de vrouwen versus 4,2 procent onder mannen. Misbruik door bewakers is wel degelijk een probleem. Van alle volwassen gedetineerden die seksueel misbruik door de leiding rapporteerden, ging het bij 80 procent om alleen vrouwelijke daders. Dat komt niet omdat er zoveel vrouwen in de gevangenis werken: er werken juist drie keer meer mannen.

    Je hebt geen piemel nodig om iemand tot seks te dwingen. Het kan op vele manieren, van verbale druk tot slaan en bijten. Extra eng is dat (ander) onderzoek laat zien dat mensen een ‘nee’ van mannen minder serieus nemen: ongewenste seks wordt minder schadelijk gevonden als het slachtoffer man is. Hij zal het toch wel lekker vinden. Aangifte doen wordt daarom bemoeilijkt door schaamte. In het geval van vrouw-op-vrouw-geweld speelt stigma een andere rol: het doorbreekt het vermeend lesbisch Utopia.

    Vrouwen zijn daders van seksueel geweld. Dat druist zo in tegen onze ideeën over genderrollen dat we het er nauwelijks over hebben. Maar verkrachting is geen mannenzaak, het is een machtszaak. Dat mannen doorgaans meer macht hebben doet geen enkele afbreuk aan de ellende die sommige vrouwen de mensheid aandoen.

    Bron: Folia.nl

    #247793
    Mark
    Moderator

    Spreek ook vrouwelijke geweldsplegers aan

    ‘Ook na #MeToo blijven we halsstarrig blind voor de mannelijke slachtoffers en de vrouwe­lijke plegers van seksueel geweld. Al sinds de jaren 90 weten we dat mannen – net als vrouwen – slachtoffer worden, maar we doen er niets mee. Ze zijn weliswaar met minder, maar het gaat wel om veel mensen. Nederlands onderzoek geeft aan dat een op de vijf mannen tegen zijn wil gezoend of betast werd. Een op de zestien werd ooit gedwongen tot manuele, orale, vaginale of anale seks. Net als bij vrouwen dragen ze daar, bijna altijd in stilte, de gevolgen van.’

    Lees dit premium artikel verder op standaard.be of als lid van LSG in het ledendeel.

    #251887
    Mark
    Moderator

    Vrouwelijke zedendelinquenten bestaan, maar opereren vaak anders dan mannen


    Rechtbank in Rotterdam, foto ter illustratie Beeld © ANP

    Bij seksueel misbruik denken we vaak aan een oudere man met een jong meisje, maar dat beeld klopt lang niet altijd. Vrouwelijke daders bestaan wel degelijk, maar ze gedragen zich vaak anders dan mannen. “Het lijkt bij vrouwen minder vaak om lust of seksuele bevrediging te gaan, eerder over een gevoel van controle of macht.”

    In Den Haag staat vandaag een 49-jarige vrouw voor de rechter die wordt verdacht van jarenlang seksueel misbruik van een tiener. De jongen zou nog maar 13 zijn geweest toen het begon.

    5 procent
    Dit soort zaken zijn zeldzaam, als je kijkt naar de officiële cijfers. “Bij de zedenzaken die bij de politie en de rechter terechtkomen, is bij vijf procent een vrouw betrokken”, zegt criminoloog Miriam Wijkman van de VU. Zij deed het eerste grootschalige onderzoek naar vrouwelijke zedendelinquenten in Nederland.

    Niet alleen zijn vrouwen een stuk minder vaak dader, ook hun manier van doen is anders. Vrouwen zijn veel vaker medeplichtige dan initiatiefnemer.

    Wijkman kwam er in haar onderzoek achter dat twee derde van de vrouwen een of meerdere mannelijke medeplegers heeft. Mannen handelen juist meestal alleen.

    Bekende daders
    Hier zijn bekende voorbeelden van te noemen, zoals Michelle Martin, de vrouw van Marc Dutroux en meer recent Ghislaine Maxwell. Die laatste wordt ervan verdacht jarenlang minderjarige meisjes te hebben geronseld voor Jeffrey Epstein.

    Ook in Nederland speelt er dit jaar een zaak waarbij een vrouw elf jaar lang haar twee dochters en een vriendinnetje van hen liet misbruiken door haar vriend. Ze verklaarde doodsbang te zijn voor haar man en volledig in zijn macht te zijn.

    Wijkman legt uit dat er mogelijk meer vrouwelijke daders zijn, dan de cijfers laten zien. De reden is dat het voor slachtoffers vaak erg lastig is om aangifte te doen bij de politie, omdat ze zich ervoor schamen. “Voor mannelijke slachtoffers van vrouwen is het helemaal lastig”, zegt Wijkman. “Die vragen zich vaak af of ze het niet zelf gewild hebben. Zeker als het in hun puberteit is gebeurd.”

    Een ander belangrijk verschil met mannen is dat seksuele lust vaak niet of nauwelijks een rol speelt. Vrouwen kunnen wel iemand verkrachten met bijvoorbeeld hun handen of voorwerpen, zegt Wijkman, maar dat gebeurt niet heel vaak.

    “Vrouwen geven veel minder vaak dan mannen aan dat ze het doen omdat ze het leuk vinden”, zegt Wijkman. “Soms weten ze niet waarom ze het doen, en soms doen ze het onder druk van een man. Een andere reden kan zijn dat ze zelf een keer controle willen uitoefenen.”

    Soorten daders
    Natuurlijk zijn niet alle daders hetzelfde. In haar onderzoek wist Wijkman vier verschillende types van vrouwelijke daders te onderscheiden (zie kader voor meer info). Zo zijn er moeders die een oogje dichtknijpen bij het misbruik door haar man, jonge vrouwen die ‘experimenteren’ met kinderen, vrouwen met psychische problemen die samen met anderen misbruik plegen, maar ook echt zelfstandig opererende verkrachters.

    Allemaal heel verschillende categorieën, maar ze hebben allemaal gemeen dat ze niet passen in het beeld dat er vaak is bij misbruik van kinderen. “Het standaardverhaal wat we horen en lezen is een oudere man met een jonger meisje. Op het moment dat het verhaal daarvan afwijkt, vinden we het lastig.”

    Toch denkt Wijkman dat er door de aandacht voor seksueel geweld van de afgelopen jaren meer ruimte is gekomen voor slachtoffers van vrouwen om hun verhaal te doen. “Ik hoop dat er door #metoo ook voor deze groep meer begrip is gekomen.”

    Vier types daders

    1. De jonge aanranders. Vrouwen van tussen de 18 en 24 jaar die zelfstandig opereren en geen persoonlijkheidsstoornissen hebben. Vaak misbruiken zij kinderen in oppassituaties en zit het gedrag in de sfeer van betasting en/of orale seks. Het gaat vaak om een jong mannelijk slachtoffer dat een familielid is van de dader. De dader maakt gebruik van fysiek geweld.
    2. De verkrachter. Dit prototype valt op door de ernst van het delict. Het gaat bij deze groep vaak om delicten als gemeenschap en binnendringen, vaak bij oudere slachtoffers die niet tot hun familie behoren. Daders zijn vaak in hun jeugd seksueel misbruikt door iemand buiten hun familie.
    3. Psychisch belaste medeplegers. Deze groep wordt gekenmerkt door psychologische en/of psychiatrische stoornissen. De vrouwen zijn gemiddeld tussen de 30 en 35, en plegen de delicten met één of meerdere anderen. Soms zijn ze zelf misbruikt in hun jeugd, maar dat hoeft niet.
    4. Passieve moeders. Deze groep zit vaak in de hoogste leeftijdscategorie (ouder dan 41 jaar). Dit zijn vrouwen die toekijken bij misbruik of de gelegenheid geven tot misbruik. Ze spelen volgens hun verklaringen geen actieve rol bij het misbruik. De slachtoffers zijn vaak hun kinderen of stiefkinderen.

    Bron: ‘Zoiets doet een vrouw‘ niet door Miriam Wijkman, Catrien Bijleveld en Elisa Hoving.

    Vron: rtlnieuws.nl

    #252070
    Luka
    Moderator

    ‘IK WERD MISBRUIKT, MAAR NIET DOOR EEN MAN’

    Als we denken aan seksueel misbruik, dan verwachten we een mannelijke dader. Maar wat als de dader een vrouw is? Charlotte Knoors kon haar verhaal nergens kwijt en worstelde om haar misbruik onder ogen te komen: ‘Ik kon het niet accepteren, omdat mijn ervaring niet paste in het bekende verhaal.’

    6 oktober 2017. Mijn tijdlijn stroomt vol met berichten met de hashtag MeToo. Ze gaan over seksueel overschrijdend gedrag van mannen bij vrouwen. Terwijl ik de berichten lees, begint mijn lichaam overal te tintelen. Een groot probleem wordt eindelijk blootgelegd, denk ik: hoe vaak heb ik wel niet van vriendinnen gehoord dat ze door mannen zijn lastiggevallen, of erger?

    Er ligt een zware steen in mijn maag en ik heb moeite mijn ademhaling onder controle te houden. Ik wil schreeuwen, uit mijn vel springen. Dit heb ik ook meegemaakt. Maar ik kan geen ‘me too’ zeggen. Mijn stem blijft steken in mijn keel. De ervaring die ik heb met seksueel misbruik past niet in het bekende plaatje: mijn dader was namelijk geen man of jongen, maar een meisje.

    EEN DRAAIKOLK VAN EMOTIES
    Zolang ik me kan herinneren heb ik bepaalde flashbacks. Die bestaan uit beelden, geluiden en aanrakingen. Lange tijd kon ik ze niet goed plaatsen. Ik wist alleen dat ik de flashbacks niet fijn vond en probeerde ze te negeren. Pas op mijn 21ste viel het kwartje: wat dat tienermeisje mij als kind in mijn slaap seksueel had aangedaan, was misbruik.

    Ik viel in een draaikolk van emoties, voelde afwisselend boosheid, verdriet, angst en walging. Maar er was ook een stemmetje dat zei: ‘Zo erg was het toch niet? Het was toch niet gewelddadig?’ Mijn lichaam vertelde me echter een ander verhaal: ik voelde aanrakingen die ik niet wilde voelen, alsof het allemaal weer opnieuw gebeurde.

    In de maanden daarna zocht ik online naar verhalen van mensen die ook seksueel waren misbruikt door vrouwen of meisjes. Ik hunkerde naar herkenning, wilde me minder alleen voelen in mijn ervaring. Ik probeerde boeken en artikelen te vinden die mijn ervaringen omschreven, maar wat ik vond was op twee handen te tellen. Hoe kan dit? vroeg ik me af. Als mij dit is overkomen zijn er vast meer mensen die dit hebben meegemaakt.

    DE ONBEKENDE MAN IN DE BOSJES
    Het antwoord: ze zijn er zeker, en we zijn niet met weinig. Jan Hendriks, psycholoog en hoofd van de jeugdafdeling in de forensische polikliniek de Waag in Den Haag, stelt in Trouw dat jaarlijks duizenden meisjes seksueel misbruik plegen, variërend van billenknijpen tot (medeplichtigheid aan) verkrachting. Hendriks’ schatting is gebaseerd op buitenlandse cijfers en is moeilijk te peilen, omdat er bijna geen onderzoek wordt gedaan naar seksueel misbruik door vrouwen en meisjes. Volgens het Nederlandse Centrum voor Seksueel Geweld gaat het om zo’n 6 procent van de gevallen van seksueel misbruik.

    We kennen allemaal de mythe van de gewelddadige, onbekende man die midden in de nacht uit de bosjes springt en het op vrouwen heeft voorzien. Ik noem het een mythe, want in de meeste gevallen is de dader een bekende (zoals in drie kwart van de gevallen waarbij een kind het slachtoffer is). Bovendien vindt in lang niet alle gevallen van misbruik ook geweld plaats: er zijn mensen die emotioneel mishandeld worden of zozeer worden gemanipuleerd dat ze ‘instemmen’ met gedwongen seksuele handelingen.

    De mythe van de onbekende man in de bosjes creëert een blinde vlek voor andere vormen van seksueel misbruik. De Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen stelt dat nog geen 3 procent van de veroordeelde daders van seksueel misbruik vrouw is. Door gebrek aan onderzoek en aangiftes is het onduidelijk hoe groot hun aandeel daadwerkelijk is. Wie weet hoeveel mensen de afgelopen maanden in hun thuisquarantaine seksueel zijn misbruikt door een vrouw of meisje.

    GENDERROLLEN MAKEN ONS BLIND VOOR MISBRUIK DOOR VROUWEN
    Zulke verhalen blijven grotendeels onder de radar en worden weinig onderzocht, ziet criminoloog Miriam Wijkman, verbonden aan de Vrije Universiteit. Wijkman denkt dat het gebrek aan onderzoek komt door de aanname dat vrouwen en meisjes zich niet schuldig zouden maken aan seksueel misbruik. Het past niet in de genderrol die we toeschrijven aan witte vrouwen: zachtaardig en niet-gewelddadig.

    Die beeldvorming wordt mede beïnvloed door onze terminologie: we spreken nog vaak van seksueel geweld. De Latijns-Amerikaanse filosoof Linda Alcoff stelt in haar boek Rape and Resistance dat we beter de term ‘seksueel misbruik’ kunnen gebruiken, omdat slachtoffers die op niet-gewelddadige wijze zijn misbruikt niet altijd inzien dat wat zij hebben meegemaakt seksueel misbruik is. Mannelijke daders gebruiken lang niet altijd geweld, maar vrouwelijke daders gebruiken in vergelijking met mannen nog minder geweld. Ook daders van seksueel misbruik bij kinderen gebruiken lang niet altijd geweld, waardoor het moeilijker wordt om het misbruik te ontdekken. Kinderen die slachtoffer zijn, begrijpen überhaupt niet altijd dat ze seksueel zijn misbruikt, of weten niet hoe ze het moeten rapporteren – misleidende terminologie maakt het hun niet makkelijker.

    Lange tijd kon ik niet accepteren dat ik seksueel misbruikt was, omdat mijn ervaring niet voldeed aan de stereotiepe mythe van de man in de bosjes. Het feit dat mijn dader geen man of jongen was, maar een tienermeisje, én het feit dat er geen geweld aan te pas was gekomen, veranderde de manier waarop ik mijn trauma beleefde. Mijn misbruik voelde minder ‘echt’ en ‘valide’: ik dacht dat ik me aanstelde. Bovendien voelde ik me verraden door de belofte die de vrouwelijke genderrol maakt: vrouwen en meisjes plegen geen seksueel misbruik.

    De genderrol van de witte vrouw

    De zachtaardige en niet-gewelddadige genderrol is er een die we vooral toeschrijven aan witte vrouwen. Vanuit een Europees, koloniaal gedachtegoed worden zwarte vrouwen eerder gezien als promiscue, tegendraads en boos. Dat heeft gevolgen voor zowel daders als slachtoffers: zwarte vrouwelijke daders worden zwaarder veroordeeld dan witte vrouwelijke daders. Tegelijkertijd worden zwarte, vooral vrouwelijke, slachtoffers minder snel serieus genomen in vergelijking met witte vrouwelijke slachtoffers.

    Genderstereotypen staan niet los van huidskleur. Als we het hebben over ‘de’ vrouwelijke genderrol, bedoelen we impliciet de witte vrouwelijke genderrol: die is lief, puur en voorkomend. Er is dus niet alleen een gebrek aan onderzoek over seksueel misbruik gepleegd door vrouwen, maar vooral een gebrek aan intersectioneel onderzoek over dit probleem en hoe verschillende groepen worden geraakt.

    HOE HET MISBRUIK MIJN SEKSUALITEIT IN DE WAR SCHOPTE
    Ik ben niet de enige die een gevoel van verraad ervoer, zo blijkt uit het weinige onderzoek dat wel beschikbaar is over seksueel misbruik door vrouwen en meisjes. De Amerikaanse socioloog Lori Girshik kwam er tijdens haar onderzoek naar seksueel misbruik onder lesbische en biseksuele vrouwen achter dat meerdere slachtoffers het misbruik in eerste instantie niet eens herkenden, vanwege hun verwachting dat vrouwen zulke dingen niet zouden doen.

    Met name mannelijke slachtoffers hebben bovendien het gevoel dat ze het misbruik hadden moeten kunnen tegenhouden. Er is niet alleen schaamte over wát er is gebeurd, maar vooral over het feit dat de dader een vrouw of meisje was, die zij fysiek gezien ‘aan hadden moeten kunnen’. Deze schaamte wordt nog eens extra versterkt wanneer het slachtoffer opwinding ervaart of zelfs een orgasme krijgt. Het lichaam kan namelijk reageren op angst en stress op een manier die we associëren met instemmen, zelfs wanneer dit allesbehalve het geval is.

    Ik weet dat ik mijn seksueel misbruik niet had kunnen tegenhouden, maar toch herken ik de schaamte over de reactie van mijn lichaam: ik bevroor. Die schaamte gaat gepaard met boosheid: waarom heb ik mij niet verzet? Waarom heb ik het toegelaten? Als ik zulke dingen denk, lijkt het bijna alsof het misbruik mijn eigen schuld is, en een bewijs dat ik een slecht slachtoffer ben. Ook die beeldvorming – dat alle slachtoffers zich verzetten en aan de wereld vertellen wat er is gebeurd – moet op de schop, want ze draagt bij aan de stilte over het onderwerp.

    Daarbovenop komt de verwarring die het misbruik veroorzaakte over mijn seksualiteit. Ongeveer anderhalf jaar nadat ik me volledig bewust was van wat de flashbacks betekenden, realiseerde ik me dat ik niet hetero ben zoals ik altijd had aangenomen. Het misbruik zorgde voor een stortvloed aan bi- en homomisische gedachtes1 waar ik niet trots op ben. Bizarre gedachtes gingen door mijn hoofd: viel ik soms op vrouwen doordat ik seksueel misbruikt was door een meisje? Was ik alleen met mannen geweest om mezelf te beschermen? Was ik niet gewoon in de war? En hoe moest ik nu intiem worden met vrouwen? Uit de kast komen is sowieso niet makkelijk, maar onder deze specifieke omstandigheden schaamde ik mezelf des te meer en was ik bovendien bang voor de toekomst.

    WAAROM IK GEEN AANGIFTE HEB GEDAAN (OF GA DOEN)
    Ik krijg wel eens de vraag of ik aangifte heb gedaan of ga doen en het antwoord op beide vragen is nee. Mijn dader is een bekende. Ik geloof niet dat ik er veel mee zou bereiken haar aan te geven. Mijn trauma verdwijnt niet als zij schuldig wordt bevonden en een taakstraf krijgt. Bovendien zorgt zo’n straf er niet per se voor dat ze ervan leert en zichzelf betert. En ik ben niet het enige slachtoffer dat er zo over denkt: ruim 80 procent van de vrouwelijke, en bijna 95 procent van de mannelijke slachtoffers van seksueel misbruik doet nooit aangifte.

    Factoren die daarbij meespelen zijn het feit dat in veel gevallen de dader – zoals in mijn geval – een bekende is, dat slachtoffers van seksueel misbruik ‘bewijs’ moeten aandragen dat seksueel misbruik heeft plaatsgevonden en dat slachtoffers weinig vertrouwen hebben in het handelen van de politie. De nadruk op de bewijslast maakt dat ons rechtssysteem niet goed is ingesteld op slachtoffers van seksueel misbruik (het wordt al snel het woord van de een tegen dat van de ander), laat staan als de dader niet binnen het bekende profiel valt.

    Mensen vragen me ook of ik mijn misbruik helemaal heb verwerkt, maar ik denk niet dat je zoiets ooit helemaal achter je kunt laten. Het is als een litteken: altijd aanwezig, vaak nog gevoelig, hoewel dat laatste met de tijd minder intens wordt. Wel ben ik me langzaam maar zeker meer gaan uitspreken over seksueel misbruik en de langdurige effecten ervan. Daarbij ervaar ik hoe diep ons beeld van een dader van seksueel misbruik is geworteld: me specifiek uitspreken over seksueel misbruik door vrouwen en meisjes voelt als het bespreken van een taboe.

    Ik geloof dat we slachtoffers onrecht aandoen als er niet meer bewustwording en intersectioneel onderzoek komt naar seksueel misbruik gepleegd door vrouwen en meisjes. Immers: preventie staat of valt met de juiste kennis. Ieder slachtoffer van seksueel misbruik moet zich gezien en gehoord voelen. Met het intact houden van stereotiepe genderrollen verliezen we verschillende vormen van seksueel misbruik uit het oog en daarmee ook hun slachtoffers. Seksueel misbruik is seksueel misbruik, ongeacht het gender van het slachtoffer en de dader.

    1. Ik gebruik liever het woord homomisie dan homofobie, omdat ‘misie’ is afgeleid van het Griekse woord voor afkeur of haat, zoals in het woord misogynie (vrouwenhaat). ‘Fobie’ beschrijft een mentale of psychische aandoening. Haat en discriminatie zijn echter geen mentale aandoeningen, maar aangeleerd. 

    Bron: One World >>

    #252284
    Luka
    Moderator

    Charlotte werd misbruikt door een vrouw

    Charlotte Knoors hoort in 2017 over de #MeToo. Het gaat over seksueel overschrijdend gedrag van mannen bij vrouwen. Knoors is dan blij dat er aandacht is voor dit probleem. Alleen kan ze zich er niet in herkennen. Haar dader was namelijk geen man, maar een vrouw. Ze besluit haar verhaal naar buiten te brengen en vertelt erover aan tafel bij Humberto Tan.

    Deze week schreef Knoors een artikel over wat ze heeft meegemaakt. “Een aantal jaar geleden begreep ik wat de flashbacks betekenden die ik altijd had en ik ging op zoek naar mensen die dit ook is overkomen. En als je dan zoekt zie je verhalen met mannelijke daders. Maar je ziet bijna nooit vrouwen die vrouwen slachtoffer hebben gemaakt.”

    Narratief in de media
    Toen ze 21 was, viel bij haar het kwartje. Een tienermeisje misbruikte Knoors in haar slaap. Dat vrouwen over de schreef gaan komt vaker voor dan we misschien denken. Jaarlijks gaan enkele duizenden meisjes tussen de twaalf en achttien jaar over de schreef, zei Jan Hendriks, psycholoog en hoofd behandeling Jeugd van de forensische polikliniek De Waag, in 2006. “Ik vind het nu wel heel spannend om hier te praten. Want ik ben me er heel erg van bewust dat ik me nu toevoeg aan een narratief in de media. Dat narratief is seksueel misbruik door mannen”, vertelt Knoors.

    “Het is überhaupt al heel moeilijk over seksueel misbruik te praten. Maar als je seksueel misbruikt bent op een manier die niet veel werd beschreven, dan vraag je je af of het wel klopt wat je voelt. Of je je niet aanstelt en of je het wel echt hebt meegemaakt. Maar je lichaam laat je niet in de steek. Die vertelt wat je hebt meegemaakt”, vertelt Knoors.

    Er iets aan doen
    Knoors ging in therapie. “Ik heb het weinig mensen vertelt, een aantal. Want op een moment dat je het zegt, is het echt. Dan is het er. Maar toen ik het artikel aan het schrijven was, voelde ik mij wel heel erg gesterkt.”

    Knoors hoopt dat vrouwen die hetzelfde als haar hebben meegemaakt, zich ook durven uit te spreken. “Wat voor mij rechtvaardigheid is dat wij als maatschappij, als collectie, de verantwoordelijkheid nemen omdat dit niet oké is en dat wij daar iets aan gaan doen.”

    Bron + aflevering terug luisteren of kijken: NPO Radio 1 >>

10 berichten aan het bekijken - 21 tot 30 (van in totaal 32)
  • Je moet ingelogd zijn om een antwoord op dit onderwerp te kunnen geven.
gasten online: 19 ▪︎ leden online: 3
xxLilaa, Dina, Irjan3
FORUM STATISTIEKEN
topics: 3.303, reacties: 17.955, leden: 2.165