Relationele problemen

  • Dit onderwerp bevat 33 reacties, 3 deelnemers, en is laatst geüpdatet op 16/04/2022 om 21:25 door Luka.
10 berichten aan het bekijken - 11 tot 20 (van in totaal 34)
  • Auteur
    Berichten
  • #230246
    Luka
    Moderator

    Het is mijn missie om mijn KLEINKIND TE BESCHERMEN’

    In deze rubriek kunt u anoniem uw geheim delen. Deze keer biecht een lezeres op dat ze haar kleinkind wil beschermen tegen huiselijk geweld. “Mijn dochter is slachtoffer van huiselijk geweld en als beloning wordt de dader van dit geweld, extra munitie in handen gegeven.”

    “Mijn jongste dochter heeft een kortstondige relatie gehad, gekenmerkt door lichamelijke en emotionele mishandeling. Ze raakte zwanger en al snel daarna escaleerde de situatie zo, dat ze voor de veiligheid van haar kindje en zichzelf besloot hem te verlaten. Zijn reactie: ‘Je waagt het niet om bij me weg te gaan, want dan maak ik je kapot!’ En dat is zijn missie geworden.

    TE VROEG GEBOREN
    Vanaf dat moment stond haar leven in het teken van stalking, dreigementen, stress en angst. Haar prachtige kindje, mijn kleinkind (nu 2), werd door de stress een maand te vroeg geboren. Deze zogenaamde vader heeft gedreigd mijn kleinkind te ontvoeren, en hij gelooft in een harde opvoeding. Hij zou immers ook niets aan een pak slaag hebben overgehouden…

    Ondanks alles heeft mijn dochter getracht mee te werken aan een aantal bezoeken. Die zijn al snel gestaakt, omdat het te bedreigend en traumatisch was. Mijn dochter kan echt niet meewerken aan gedwongen omgang. Ze zou dan in een onmogelijk psychische spagaat terechtkomen, en dat zal ten koste gaan van haar kindje.

    KINDERMISHANDELING
    Er wordt door zijn advocaat gezegd dat mijn dochter zich schuldig maakt aan de zwaarste vorm van kindermishandeling. Tot deze kwalijke uitspraak kwam zij na een gesprek met de biologische vader. Een uitspraak die riekt naar laster en smaad, en die is gedaan na een gesprek met iemand die er groot belang bij heeft om in de slachtofferrol te zitten.

    Gezag en omgang geven aan een man die de moeder heeft getraumatiseerd, die het zijn missie heeft gemaakt om de moeder emotioneel met de grond gelijk te maken, iemand met wie geen communicatie meer mogelijk is, is dat werkelijk in het bestwil handelen van mijn kleinkind? Kan iemand mij uitleggen hoe dit dan ingevuld zou moeten worden?

    GIJZELING VAN EEN PEUTER
    Ik kan in elk geval met zekerheid zeggen dat mijn kleinkind hier de dupe van wordt en ik zie het als mijn missie om mijn die kleine veilig te houden. Om de liefdevolle, stabiele en veilige leefomgeving te bewaken en mijn kleinkind en dochter te beschermen tegen iedereen die hen bedreigt, intimideert of er op uit is de band te beschadigen.

    Want geloof me, daar zijn ze op uit. Gijzeling van een peuter om omgang af te dwingen… Omgang met een man die de stressor is in het leven van de moeder. Soms is omgang en gedeeld gezag gewoon niet mogelijk, en dit is zo’n situatie.

    EXTRA MUNITIE
    De verwekker doet alles om zijn gelijk te halen. Dat hij daarbij de moeder van zijn kind nog verder traumatiseert, en het kind gebruikt als inzet, schijnt allemaal te kunnen. Er ligt een aangifte tegen deze man, en die aangifte is gedaan met een reden, niet omdat het zo’n liefdevolle, respectvolle man is.

    Ons leven wordt al bijna twee jaar overschaduwd door rechtszaken, dreigementen, stalking, dwangsommen, deurwaarders. Mijn dochter is slachtoffer van huiselijk geweld en als beloning wordt de dader van dit geweld, extra munitie in handen gegeven.

    NIET ACCEPTABEL
    Door hem omgang en gezag te geven, kan hij nu legaal controle en macht blijven uitoefenen over mijn dochter en krijgt zij levenslang. Hoe kan zij een verdere toekomst met haar kindje opbouwen? Is het zo dat de heilige band tussen moeder en kind in dit land geen enkele betekenis meer heeft?

    Dat het geoorloofd is om deze band voor altijd te beschadigen, alleen voor het afdwingen van omgang? Dat een kind dus levenslang beschadigd raakt, getraumatiseerd wordt? Waar in onze wet staat het dat dit oké is? Deze oma vindt dat in elk geval niet acceptabel!”

    Bron: Vrouw.nl >>

    #232962
    Luka
    Moderator

    vertederdvernederd.be

    Herken emotioneel misbruik in relaties

    Vertedering en vernedering liggen dicht bij elkaar. Wat ooit begon als een tedere band, kan omslaan naar een relatie waarin verwijten, intimidatie en dominantie langzaam maar zeker een centrale plaats innemen.

    Deze psychische vorm van partnergeweld komt vaak voor – in 2016 registreerde de politie 15.802 voorvallen – en wordt door veel slachtoffers ervaren als de ergste. Het emotionele misbruik ondergraaft geleidelijk aan het normale functioneren en zelfvertrouwen van slachtoffers. De voortdurende dreiging is erg ingrijpend voor hun psychisch welzijn.

    De website behandelt deze onderwerpen:

    • Wat is emotioneel geweld?
    • Signalen van emotioneel geweld in je relatie
    • Vormen van emotioneel geweld
    • Verschillende vormen van geweld

    De website biedt ook een toolbox en zelftest aan en links waar je terecht kan om er over te praten en/of hulp te zoeken.

    Vertederd Vernederd is een campagne van VZW Zijn. De Beweging tegen Geweld – vzw Zijn brengt de samenleving in beweging tegen familiaal geweld en seksueel geweld om de spiraal van geweld te doorbreken.

    #235963
    Luka
    Moderator

    Dit is waarom narcisten en HSP’ers elkaar aantrekken

    Een HSP’er is vooral met anderen bezig, een narcist met zichzelf: het is een groot verschil. Toch krijgen narcisten en hoogsensitieven vaak een relatie met elkaar. Hoe komt dit? En wat zegt dit over beide partijen?

    1 op de 5 is een HSP’er, ofwel een Highly Sensitive Person. In Nederland wordt dit een hooggevoelig persoon of hoog sensitief persoon genoemd. Als je een HSP’er bent, heb je onder andere moeite bij jezelf te blijven, loop je vaak over van enthousiasme, ben je gevoelig voor prikkels en moet je deze diepgaander verwerken.

    Een persoon met narcisme of narcistische trekken is minder bezig met de ander, en vooral met zichzelf. Dit gedrag wordt vaak gekenmerkt met egoïsme, dominantie, een gebrek aan inlevingsvermogen en een gebrek aan empathie. Een HSP’er heeft dus een groot empathisch vermogen en narcisten hebben dat nu juist niet. Ondanks het gebrek aan empatisch vermogen, zijn narcisten geen ongevoelige mensen. Integendeel, ze kunnen juist heel gevoelig zijn. Ze kunnen zelfs kenmerken vertonen van HSP’ers, maar hebben duidelijk een gebrek aan emphatie. Dat maakt het verschil tussen een HSP’er en een narcististisch persoon.

    Een narcistisch persoon kan ook een HSP’er zijn
    Toch kan een narcistisch persoon in de kern heel goed óók een HSP’er zijn. Volgens HSP-coach Eveline Meijvogel heet dit in de psychologie: verborgen narcisme. Deze vorm van narcisme is een overcompensatie van diepe onzekerheid. Onveilige leefomstandigheden die vaak ten grondslag liggen aan de jeugd. Voorbeelden zijn een gebroken ouderlijk gezin en/of een onveilige jeugdsituatie, waarin bijvoorbeeld één of allebei de ouders narcistisch waren. Dit wordt in de psychologie als traumatiserend gezien, omdat wanneer opgroeiende kinderen blootgesteld worden aan dit voorbeeld van hun ouders er bij hen vaak storingen ontstaan.

    Bij een narcist houdt de storing in dat ze niet (meer) in staat zijn om empathische gevoelens te kunnen invoelen. Als deze trauma’s later niet (h)erkend worden, is de kans volgens Meijvogel dan erg groot dat een hoogsenstief persoon op latere leeftijd een verborgen narcistische persoonlijkheidsstoornis krijgt.

    Allebei een gebrek aan veiligheid
    Net als mensen met narcisme, missen HSP’ers in hun jeugd vaak veiligheid en geborgenheid, omdat zij de beschermde rol vanuit huis niet mee kregen (van vader of moeder). Hierdoor kiezen hoogsenstieve meestal voor dezelfde soort partner; zij vallen dan voor verborgen narcistische partners. Deze relatie lijkt vaak veilig en geborgen, maar niets is minder waar. Ze herkennen het om niet gezien te worden, en dat voelt veilig. Maar niet is minder waar.

    Ook lijkt zo’n relatie veilig omdat de narcistische partner snel als sterk aanvoelen, als ‘een rots in de branding’, want deze partner blijft immers vaak wél bij zichzelf. En als er een gebrek aan empathie is, kan de narcistische partner in een relatie in zijn/haar manipulatie op het gevoel van een HSP’er inspelen. Ze proberen daarmee de ander te overtuigen dat een probleem bij hen ligt. Ze leggen hierbij dus altijd het probleem buiten zichzelf. Simpelweg omdat ze vanuit huis hebben geleerd nooit verantwoordelijkheid te nemen voor hun eigen gedrag, omdat hun ouders dit ook niet deden. Daarom weten ze vaak niet beter en hebben ze dus geen tot weinig inlevingsvermogen. Dit is voor de partner vaak erg lastig om mee om te gaan.

    Zowel een narcist als een HSP’er hebben dus een gebrek aan veiligheid gekend in de jeugd, wat ze herkennen in elkaar en bij elkaar willen aanvullen. Echter leidt dit altijd tot een destructieve relatie, omdat ze op die manier afhankelijk worden en geen verantwoordelijkheid nemen voor hun eigen trauma’s. Als die niet (h)erkend worden bij beiden, wordt er een hoop geprojecteerd (door beiden!) met alle gevolgen van dien.

    Aantrekken en afstoten
    In de praktijk blijkt zo’n relatie dan ook vaak een aantrek- en afstootrelatie te zijn. Narcisten duwen diegenen die te dichtbij bij ze komen namelijk weer af, maar tegelijkertijd willen ze ook een diepe leegte opvullen. En als er iemand veel liefde en verbinding kan laten voelen is het de HSP’er weer, iets wat een narcistisch persoon dus vaak in zichzelf mist. Een HSP’er is daarin kwetsbaar, en als ze dit niet weten kan iemand zo de regie over hen krijgen. HSP’ers vinden dit verschrikkelijk, maar zodra ze weer aangetrokken worden en liefde krijgen voelt dit als een beloning en beschermd (en dus ‘veilig’). Je kan stellen dat dit voor beide partijen verslavend werkt.

    Tips voor de HSP’er in een relatie
    Als je als HSP’er denkt dat je in een relatie bent met iemand met narcisme, helpt het om afstand te nemen en om er met een HSP-specialist over te praten. Probeer de problemen van je partner bij diegene te laten en te kijken waarom je je tot deze persoon aangetrokken voelt. Deze situatie zegt iets over jou en dus ben jij de enige die het kan oplossen. Misschien bezit deze partner dus eigenschappen die jij mist, zoals bescherming, stelligheid, stevigheid, kracht: al is dit bij een narcist vaak overcompensatie vanuit onzekerheid.

    Probeer deze eigenschappen aan jezelf te geven – in een gezonde dosis – en probeer weg te lopen uit deze situatie. Want vaak herhalen oude patronen zich keer op keer zonder enige gezonde uitkomst, tenzij de narcist hiermee met zichzelf aan de slag gaat (alleen gebeurt dit niet snel omdat zij niet weten dat er interne trauma’s zijn, in plaats van externe). Ook hebben verborgen narcisten een onverzadigbare drang naar repetitief negatief gedrag, waardoor ze zich niet aan hun beloftes houden, zelfs als ze keer op keer beloven om hun slechte gedrag te verbeteren. De kans op herhaling van negatief gedrag is dan ook ontzettend groot, ook als narcisten besluiten om professionele therapeutische hulp in te schakelen.

    De narcist is niet je vijand, net zoals niemand de vijand is voor de narcist. Jullie mogen beide fouten bij jezelf leggen. Ga diegene niet helpen, want de narcist is dus een getraumatiseerd persoon, die dit niet in de gaten heeft. Voorkom dat je in een destructief web raakt waar je moeilijk uit kan komen. Ook al wil je hem of haar graag helpen, iemand kan dat alleen zelf doen.

    Jij mag je focussen op jouw pad en kijken wat je mist in jezelf, waarom je in zo’n relatie zat, wat diegene in jou opvulde en hoe je dat weer kan opvullen. Zo’n relatie werkt vaak niet, omdat jullie niet tegen elkaar vechten, maar tegen jezelf.

    Bron: Bedrock.nl

    #236251
    Mark
    Moderator

    De invloed van seksueel misbruik op je relatie

    Jij denkt misschien dat je verleden van seksueel misbruik jouw probleem is. Tot op zekere hoogte is dat waar, het is iets dat jij op te lossen hebt. Maar als je een partner hebt, is het óók het probleem van je partner. Want de dingen waar jij last van hebt, hebben ook hun weerslag op je relatie.

    Lees verder op helenvanseksueelmisbruik.nl>>

    #236253
    Mark
    Moderator

    Wat als beide partners seksueel misbruikt zijn?

    Als je een relatie begint met een andere overlever van seksueel misbruik is de eerste vraag: heb je het bespreekbaar? Niet iedereen weet het van elkaar én soms ook niet van zichzelf. Maar als je het weet, is het handig om van te voren te bekijken waar jij bent in je proces van helen en waar de ander is. Bespreek openlijk welke verwachtingen je van elkaar hebt. (goed advies voor willekeurig welke relatie trouwens)

    Lees het hele artikel op helenvanseksueelmisbruik.nl >>

    #239558
    Luka
    Moderator

    Gevangen in een ongezonde relatie

    Meerdere keren per week ging ik huilend naar bed. In mijn beleving maakten we ontzettend vaak ruzie, tot schreeuwens toe en dat terwijl ik normaal bijna nooit ruzie maak. Ik was nog niet zo lang samen met mijn toenmalige vriendin, maar de relatie kostte mij vrij snel al ontzettend veel energie. Toch heeft het ruim twee jaar geduurd voordat we uit elkaar gingen. In vergelijking met veel andere relaties is dat niet eens zo heel lang. Ik had het geluk dat ik nog jong was, dat we geen kinderen hadden samen of financiëel afhankelijk waren van elkaar. Samen met mijn vriendin van toen besloot ik dat de relatie niet goed was, voor ons beiden niet. We gingen uit elkaar.

    Het komt niet zelden voor dat twee mensen in een relatie zitten die voor geen van beiden goed is, maar dat de relatie toch in stand wordt gehouden. Van relaties waarin veel ruzie wordt gemaakt door beide partners tot partnergeweld en seksueel misbruik. Een ‘negatieve relatie’ kan veel verschillende betekenissen hebben. Het blijkt ontzettend lastig te zijn om een relatie te verbreken die niet goed voor je is. Misschien herken je het wel van een vriend of vriendin, je ouders, of misschien zit je zelf in zo’n relatie. Als buitenstaander is het vaak onbegrijpelijk waarom mensen nog bij elkaar blijven, maar als je er middenin zit voelt het allemaal heel anders. Soms zijn er praktische redenen die het extra lastig maken om uit elkaar te gaan, zoals kinderen of geld. Waarom is het los daarvan zo moeilijk om een relatie los te laten waar je eigenlijk alleen maar ongelukkig van wordt?

    Hechting
    Iedere keer als mijn vriendin en ik ruzie hadden en het daarna weer goed hadden gemaakt, voelde het extra goed. Samen hadden we iets overwonnen. Wij met z’n tweeën. Dit was heel fijn, maar toen we steeds vaker ruzie kregen, werd het ontzettend zwaar.

    Hoe jij als kind gehecht bent is van invloed op de relaties die jij in jouw leven aangaat. Jouw eigen hechting bepaald voor een deel hoe jij reageert op dingen die gebeuren, met name in relaties met andere mensen. Het kan hierdoor bijvoorbeeld zijn dat je heel erg naar iemand toe trekt die jou pijn doet, dat je heel erg veel bevestiging nodig hebt of juist heel erg onafhankelijk wilt zijn. Andersom heeft de hechting van jouw partner natuurlijk ook invloed op de realtie die jullie hebben. Wanneer je bijvoorbeeld onvelig gehecht bent en een ‘gepreocupeerde hechtingstijl’ hebt, heb je (kortgezegd) veel bevestiging nodig en ben je bang om verlaten te worden. Sommige mensen zullen er alles aan doen om geliefd te worden door hun partner en bevestiging te krijgen, ook als ze daarbij aan henzelf voorbij gaan.

    Angst
    Ik weet nog goed dat ik op de middelbare school een vriendinnetje had met een relatie waar ze op een gegeven moment niet meer gelukkig van werd. Als ik aan haar vroeg waarom ze het niet uit wilde maken, begon ze te huilen en zei ze dat ze bang was dat haar partner zelfmoord zou plegen.

    Angst kan een belangrijke reden zijn om niet uit een relatie te stappen. Angst voor jezelf of angst voor de ander. Zoals het voorbeeld hierboven kun je bang zijn dat je partner zichzelf iets aandoet wanneer jij de relatie verbreekt. Dat het alleen maar slechter zal gaan met die persoon, dat diegene niet zonder jou kan. Hoe lastig het ook is, zeker als je van iemand houdt, dit moet geen reden zijn om bij elkaar te blijven. Als iemand zich niet goed voelt is de enige die daar echt wat aan kan doen die persoon zelf en niet jij als partner.

    Ook kun je bang zijn dat jouw partner jou iets aandoet. Sommige partners zijn erg agressief of dreigend. Dit kan een reden zijn om niet bij iemand weg te durven gaan. Dit is natuurlijk erg verdrietig en gelukkig heb ik dit zelf nooit mee hoeven maken. Voor dit soort situaties bestaan ‘blijf van mijn lijf huizen’. Hier kunnen slachtoffers van een gewelddadige partner terecht om veiligheid en hulp te zoeken wanneer ze toch de stap hebben genomen om hun partner te verlaten.

    Onzekerheid
    Ik weet nog goed dat ik het heel erg moeilijk vond om bij mijn ex-vriendin weg te gaan omdat ik niet wist wat er daarna zou komen. Hoewel de relatie waarin ik op dat moment zat mij niet gelukkig maakte, wist ik in ieder geval wel waar ik aan toe was. Als het uit zou zijn lag alles open en dat vond ik doodeng. Daarnaast was ik onzeker over mijzelf. Kon ik het leven wel aan zonder haar? Zonder de steun en liefde die ze mij ook gaf? Wie was ik in mijn eentje? Ik durfde er niet op te vertrouwen dat ik het alleen zou kunnen omdat ik nog weinig zelfvertrouwen had.

    In sommige relaties wordt een van de partners (emotioneel) mishandeld. Wanneer keer op keer aan jou wordt duidelijk gemaakt dat je niet goed genoeg bent, wordt jouw onzekerheid alleen maar groter en gevoel van eigenwaarde kleiner. Ook zijn er mensen die het gevoel hebben liefde niet waard te zijn. Ze vinden dat ze het verdienen om slecht behandeld te worden.

    Uitputting
    Een negatieve relatie kost ontzettend veel energie. Om een relatie te verbreken heb je juist energie nodig. Het is iets waar je kracht voor moet hebben. Dit is tegenstrijdig en kan zorgen voor een negatieve spiraal: hoe slechter de relatie, hoe meer energie het kost. Daardoor wordt het steeds lastiger om uit de relatie te stappen, waardoor deze steeds slechter wordt en steeds meer energie gaat kosten.

    Voor mij was dit ook de afweging die ik maakte. Hierdoor was ik er uiteindelijk van overtuigd dat ik mijn relatie moest verbreken: het kostte mij meer energie dat ik er van terug kreeg.

    Stress gewend zijn
    Het klinkt misschien gek, maar je kunt zo gewend raken aan stressvolle situaties dat het niet meer prettig voelt om zonder stress te leven. Toen ik dit leerde ben ik lang bang geweest dat ik nooit een stabiele, fijne relatie zou kunnen hebben. Doordat ik van jongs af aan gewend was om stress te ervaren in mijn leven, werd ik onrustig op het moment dat er geen stress was. Dat voelde onwennig en onveilig. Ik dacht dat ik mij daardoor nooit vertrouwd zou kunnen voelen in een relatie die mij meer goede dingen bracht dan stress.

    Dit is ook een van de redenen waarom mensen die in een negatieve relatie hebben gezeten en hier uit zijn gekomen, vaak weer in een vergelijkbare relatie terecht komen. Ze zijn de stress, spanning en het negatieve zo gewend, vaak onbewust. Het is wel mogelijk om uit zo’n cirkel te breken. Bijvoorbeeld door over het stressvolle verleden te praten en het te verwerken. Dit heeft mij ook geholpen om stabieler te worden en meer rust te ervaren bij situaties en relaties die goed voor mij zijn.

    Het is niet altijd slecht
    Het is vaak zo dat er in een negatieve relatie ook mooie momenten zijn. Het is niet altijd slecht. De partners houden van elkaar en houden zich vast aan de mooie momenten. Zo was dit voor mij ook in mijn relatie. Op veel momenten was het lastig en verdrietig, maar vaak was het ook ontzettend fijn. Dit wilde ik niet laten gaan.

    Verantwoordelijkheid
    Veel mensen en vooral vrouwen hebben het gevoel dat zij verantwoordelijk zijn voor het geluk van hun partner. Ze denken dat zij degenen zijn die hun partner kunnen helpen en een beter mens kunnen maken. Vaak voelen mensen die slachtoffer zijn van geweld in een relatie zich schuldig over wat er gebeurt. Ook wanneer zij niet de dader zijn. Ze voelen het als hun eigen verantwoordelijkheid om de situatie of hun partner beter te maken en zullen daardoor de relatie minder snel verlaten.

    Schaamte
    Misbruik en geweld op welk vlak dan ook zijn altijd moeilijk om over te praten. Soms is makkelijker om naar de buitenwereld te doen alsof er niks aan de hand is. Het kan zijn dat je je schaamt voor wat er gebeurt in jouw relatie. Doordat er niet gesproken wordt over de moeilijkheden thuis, kun je lang doen alsof alles goed gaat. Daarbij is het zo dat wanneer je er met iemand over spreekt, het nog ‘echter’ wordt. Je kunt er niet meer omheen.

    Wanneer het samen niet lukt kan een relatietherapeut wonderen doen. Ook dit is iets waar veel mensen zich voor schamen. Je hoort niet vaak mensen tijdens de koffie vertellen dat ze die ochtend bij de relatietherapeut waren. Zonde eigenlijk, want zo gek is het helemaal niet. Een relatie is hard werken. Het kan erg helpend zijn als een derde, neutrale persoon met kennis van communicatie een tijdje met twee partners meekijkt wanneer ze vastzitten.

    Er kunnen nog veel meer redenen zijn waarom je een relatie niet verbreekt, ondanks dat de relatie niet goed voor je is. Het is ontzettend eng om een situatie die je kent in te ruilen voor iets wat helemaal open ligt. Om er alleen voor te staan. Om iemand van wie je houdt alleen te laten. Als ik zelf twijfel of iets goed voor mij is, zo ook bij een relatie, vraag ik mijzelf altijd af hoeveel energie ik ervan krijg. ‘Kost het mij meer dan het mij oplevert?’ Als het antwoord ‘ja’ is, dan gaat er iets niet goed. Uiteindelijk ben jij de belangrijkste persoon in je eigen leven en gaat het er om dat jijzelf gelukkig bent.

    Bron: proud2bme.nl

    #240634
    Luka
    Moderator

    Sara zag als kind veel huiselijk geweld: ‘Het ergst vond ik de avond dat de slaapkamerdeur op slot ging’

    ‘En toen ging de slaapkamerdeur op slot.’ Sara (*) was jarenlang getuige van ernstig partnergeweld. Haar vader sloeg en vernederde haar moeder, bijna elke dag. Op een congres in Antwerpen vertelt ze welke impact dat had en welke hulp ze miste.

    Dat haar moeder een hoer is. Die zin heeft ze honderden, nee, duizenden keren uit de mond van haar vader gehoord. Soms was hij dronken, als hij begon te roepen, maar het kon evengoed nuchter. “Ik heb geen herinneringen meer aan gewone gesprekken met hem.”

    Wat ze vooral herinnert, is dus die zin. Dat haar moeder een hoer is. En het geweld dat daar vaak op volgde. Een duw, een klap. “De details duw ik weg. Ik vind het te pijnlijk om ze terug op te roepen. Daar gaat het ook niet om.”

    Waar het wel om gaat, is om het congres dat het Antwerpse Vertrouwenscentrum Kindermishandeling donderdag en vrijdag organiseert, omdat het veertig jaar bestaat. Ik zie, ik zie wat jij niet ziet, heet dat congres. De focus ligt op de impact van partnergeweld op kinderen. Sara zal er aan meer dan honderd hulpverleners en welzijnswerkers vertellen hoe het is om in een huis met veel ruzie en agressie op te groeien. “Het ergst vond ik de avond dat de slaapkamerdeur op slot ging en ik niet meer bij hen raakte. Toen ben ik uit paniek beginnen hyperventileren. Ik had zoveel schrik dat dat mijn moeder dat niet zou overleven.”

    Lees verder op demorgen.be >>

    #240643
    Luka
    Moderator

    Psychologie: Wat is narcisme?

    Zijn er tegenwoordig meer narcistische mensen dan vroeger, en moeten we ons daar dan zorgen over maken? Dr. Sander Thomaes van de Universiteit Utrecht legt het uit tijdens Betweter Festival 2016.

    #240749
    Luka
    Moderator

    Je weet dat je in een slechte relatie zit, en toch negeer je die signalen. Hoe werkt dat?

    Weet je nog, die keer toen je hart gebroken werd door iemand en je pas achteraf dacht: ‘ik had moeten weten dat het fout zou lopen toen diegene voor de vierde keer op rij een afspraak niet nakwam’? Of toen bleek dat een vriend of vriendin lang niet zoveel om jou gaf als andersom, en je ineens terugdacht aan alle keren dat jij berichtjes stuurde en diegene nooit antwoordde?

    Als we in een slechte relatie zitten, of dat nu is met een partner, vriend(in) of iemand anders, negeren we vaak allerlei signalen die ons vertellen dat we ermee moeten stoppen, omdat we anders gekwetst zullen worden. Maar waarom eigenlijk?

    Hoop doet leven
    Het antwoord op die vraag is eigenlijk helemaal niet zo moeilijk, legt Dr. Susan Biali uit op Psychology Today. Als we luisteren naar onze intuïtie die zegt dat er toch iets niet klopt aan al die oppervlakkige berichtjes en het afwezige gedrag, betekent dat dat we iemand daarmee moeten confronteren, en dat is eng en ongemakkelijk.

    Liever luisteren we naar de stem, van onszelf maar vaak ook van onze partner die het goed probeert te maken, dat dat gedrag vanzelf verdwijnt. We kijken het liefst naar de mogelijkheden die er nog zijn, in plaats van toe te moeten geven dat er misschien geen toekomst meer zit in een relatie. Hoop doet leven, toch? Daarom vertellen we onszelf dat we ons waarschijnlijk aanstellen en dat we spoken zien, en geloven we mensen als ze zeggen dat ze het ‘echt niet zo bedoelden’.

    Een slechte relatie: korte vs lange termijn
    Het probleem is meestal dus niet dat we de signalen niet zien, maar dat we kiezen er niets mee te doen, legt Biali uit. Maar zolang je dat niet aanpast, zul je altijd blijven hangen in een patroon waarbij jij meer aandacht geeft aan anderen dan andersom en op een gegeven moment gekwetst wordt.

    De truc is dus om anders te kijken naar die korte en lange termijn. Je brein associeert het op korte termijn reageren op signalen met een onprettige confrontatie, en de hoop voor de lange termijn wel met iets prettigs. Maar als je je intuïtie volgt en écht realistisch bent, weet je zelf waarschijnlijk ook dat de confrontatie op de korte termijn weliswaar onprettig is, maar dat het nog onprettiger is als je de signalen negeert, de slechte relatie behoudt en dan later alleen maar erger gekwetst wordt.

    Uitstellen is verleidelijk, maar het is het niet waard. Luister naar je intuïtie, trek de pleister eraf en zoek vrienden of een partner bij wie je jezelf er niet van hoeft te overtuigen dat het ‘wel beter dan worden’ – want dat verdien je.

    Bron: Commen.nl

    #241792
    Luka
    Moderator

    Mannen die klappen oplopen

    Voor mishandelde vrouwen is begrip, beleid, aandacht en opvang. Maar voor mannen die thuis klappen oplopen is dat allemaal nog lang niet vanzelfsprekend.

    Het is een mooie dag. Renée zit met haar vriend en zijn twee dochters in de tuin. Als een van de dochters misselijk wordt en moet overgeven, loopt haar vriend mee naar binnen, maar zij blijft zitten en neemt nog een slok cola. Even later stormt haar vriend woedend naar buiten: ‘Als het jouw dochter was, had je wél wat gedaan!’ ‘Maar het heeft toch geen zin om met zijn allen eromheen te staan?’, zegt Renée. Bam, daar wordt ze met tuinstoel en al achterovergeslagen. Haar achterhoofd knalt op een betonnen randje.

    Jaarlijks worden 120 duizend vrouwen slachtoffer van ernstig huiselijk geweld: mishandeling door iemand uit de eigen omgeving. Treurig, maar ook bijna gewoon; we kennen de verhalen wel.

    Maar als Renée nu eens als René wordt gespeld – als hij dus een man zou zijn die een knal voor zijn kop krijgt – dan wordt de situatie ineens veel ongeloofwaardiger. Toch is dat de andere kant van huiselijk geweld: volgens onderzoek van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum en de universiteit van Tilburg uit 2010 worden er ieder jaar ook 80 duizend mannen ernstig mishandeld. In de helft van de gevallen door hun eigen partner. Met andere woorden: het slachtoffer van huiselijk geweld is in 40 procent van de gevallen een man. Hoe is dat mogelijk? Welke vent laat zich nou slaan?

    René, die in werkelijkheid anders heet, is een lange, pezige man van 44, met gemillimeterd haar en donkere kringen onder zijn ogen. Hij ziet er bepaald niet als een weerloos type uit. En dat klopt, zegt hij. ‘Toen de dochter van mijn vriendin niet werd uitbetaald bij haar bijbaantje, ben ik ernaartoe gegaan en ik ben pas weggegaan nadat het was geregeld.’

    Bloedverdunners
    Maar als hij van zijn tuinstoel wordt geslagen, speelt het geweld al jaren. ‘Ze was geen hond van een vrouw’, zegt hij nu over zijn ex-vriendin. ‘Soms was het gezellig, dan kookte ze lekker, pakten we een terrasje. Maar als de knop omging, had je de duivel tegenover je.’ Al na een maand in hun relatie heeft het stel grote ruzie, een paar weken later drukt ze zijn keel dicht. Dat gaat wel over, denkt René, ze hebben tenslotte alle twee een rugzak aan nare ervaringen uit eerdere relaties.

    Maar het wordt alleen maar erger, vooral als zijn vriendin stopt met het innemen van haar medicijnen tegen borderline. Ze lacht hem uit, scheldt en kleineert, net zo lang tot hij zelf ook gelooft dat hij niks waard is. Haar twee puberdochters doen met haar mee. Omdat hij een hartinfarct heeft gehad, slikt hij bloedverdunners. ‘Weet je wat jij moet doen’, zeiden ze tegen mij, ‘al je bloedverdunners innemen en zo zelfmoord plegen, dat is beter’. Omdat hij niet werkt, doet René het huishouden. Zijn vriendin legt expres stof neer om hem te controleren, en als ze ziet dat de boel niet goed is opgeruimd, dan is het hommeles. Ze stuurt hem steeds vaker het huis uit, hij slaapt soms in de daklozenopvang en een winter lang onder de dakpannen op zolder. Zijn zoon uit een eerdere relatie kan er niet meer tegen en verbreekt het contact. Hij schaamt zich. Bijna niemand weet hoe het er thuis aan toe gaat, en de paar vrienden die het wel weten, verliest hij een voor een: ze snappen niet dat hij bij haar blijft. Hij begrijpt hun onbegrip wel: ‘Wie laat zich nou mishandelen door zijn eigen vrouw? Jij spoort niet, denken ze. Maar ik had geen keuze. Ik kon nergens heen, en dus ging ik telkens maar terug. Misschien zou het beter worden als ik nog meer van haar zou pikken, dacht ik.’ Tien jaar na het begin van hun relatie neemt hij op een bankje in het bos daadwerkelijk dertig bloedverdunners. Een wandelaar ziet de lege medicijnendoosjes en belt het ziekenhuis. Daarna logeert René een tijdje bij zijn broer, maar daar kan hij niet blijven en ook het maatschappelijk werk heeft voor hem geen andere optie dan de daklozenopvang. Pas na eindeloos bellen komt René erachter dat hij al zeven jaar lang ergens naartoe had gekund: de mannenopvang.

    Netter
    In 2008 besluit het ministerie van Volksgezondheid onder leiding van minister Bussemaker dat er te weinig bekend is over geweld tegen mannen, en het begint met een proef om opvangplekken voor mannen in te richten. In Den Haag, Amsterdam, Rotterdam en Utrecht openen vier grote organisaties tegen huiselijk geweld ieder een opvanghuis met tien kamers, alleen bestemd voor ernstig mishandelde mannen.

    Voor mishandelde vrouwen waren er al 2.200 opvangplaatsen, maar voor mannen bestond er geen veilige plek. Wáren die mannen er eigenlijk wel, vroeg men zich af. De hulporganisaties zelf hadden in 2008 nog geen idee of er twee of honderd mannen op af zouden komen. Uiteindelijk bleken de veertig plekken bijna continu bezet te zijn. Gemiddeld verblijven er jaarlijks tussen de 70 en de 100 mannen in de opvang, waarbij iedere man een maand of zes blijft. In bijna 60 procent van de gevallen gaat het om huiselijk geweld, soms worden de mannen belaagd omdat ze de familie-eer hebben aangetast of ze hebben andere redenen om voor hun welzijn te vrezen.

    Van de veertig opvangplekken uit 2008 zitten er tussen de tien en de twintig op een geheim adres: huizen waar je niet zo naar binnen kan komen, en waarvan de bewoners op een ander adres staan ingeschreven. Op de deur van het opvanghuis in Den Haag hangt dan ook geen naambordje. Wel een grote camera. Binnen is het makkelijk om te verdwalen in het stelsel van gangen, badkamers en slaapkamers. Het gelige zeil ligt er al een tijdje, zo te zien, en de roze geverfde deuren stammen uit de tijd dat dit een vrouwenopvang was. Nu wonen er negen mannen in een soort studentenhuis, maar dan netter: alle drie de keukens zijn brandschoon. Toen René hier zes maanden geleden kwam wonen, heeft hij het meubilair in zijn kamer aangevuld met een rieten stoel en andere spullen van de kringloopwinkel. ‘Mannen in de opvang zijn veel netter dan vrouwen’, zegt Kirsten (35). Haar achternaam wil ze niet in de krant. Als ‘casemanager’ begeleidt Kirsten de mannen die hier binnenkomen en zorgt dat ze de hulp krijgen die ze nodig hebben. Dat varieert van een doorverwijzing naar de psycholoog en schuldhulpverlening tot een schildercursus, ‘als ze daarvan echt van tot rust komen’.

    Geen slachtoffer
    Hiervoor deed ze hetzelfde werk in de vrouwenopvang, maar met mannen kan ze nu eenmaal beter opschieten. Het valt haar op dat de groep hechter is. Misschien komt dat omdat ze zich schamen om nieuwe vrienden in de buitenwereld te maken zolang ze nog hier zitten, maar onderling helpen ze elkaar altijd, als er een probleem is. Er wordt ook veel gelachen, zegt ze. Om René bijvoorbeeld, die door de problemen met zijn korte termijngeheugen steeds van alles kwijt raakt. Bij hem thuis kwam er telkens ruzie van, hier maken ze grappen over het strijkijzer dat nog steeds spoorloos is. Bovendien blijven mannen minder hangen in het verleden; in tegenstelling tot vrouwelijke slachtoffers zijn ze vanaf het begin af aan gericht op een nieuw leven. Maar dat komt ook, zegt Kirsten, omdat de mannen hier pas komen als het te koud wordt om in hun auto te slapen. Als hun baas ze uit de afvalcontainer ziet eten en gaat doorvragen. Of als hun zelfmoordpoging mislukt is. Pas als ze álles hebben geprobeerd en het echt niet meer gaat, dan komen ze hier.

    Waarom wachten ze dan zo lang? Juist omdat het mannen zijn, zegt Adrie Vermeulen van Moviera, de hulpverleningsorganisatie die de mannenopvangplekken in Utrecht heeft georganiseerd. ‘In onze samenleving mogen mannen gewoon geen slachtoffer zijn.’ Al is Vermeulen (46) één van de pioniers in de mannenopvang, hij kan zich er nog steeds kwaad om maken: mannen moeten de sterksten zijn, en zijn ze dat niet, dan vinden we ze watjes. ‘Natuurlijk is dat een heel traditioneel en ook een heel hardnekkig idee. Ik zie het zelfs bij de jongere generatie mannen. Maar hun stoerheid heeft ook een schaduwkant. Ze hebben nooit geleerd om om hulp te vragen. En áls er dan klappen vallen, accepteren ze dat heel lang, met als gevolg dat ze in een isolement terecht komen.’ Mannen doen dan ook bijna nooit aangifte: slechts 3 procent stapt naar de politie. Een derde van de mannen praat er met helemaal niemand over. Om hulp vragen doen ze volgens Vermeulen dan ook pas als ze echt ten einde raad zijn. ‘Ze voelen zich geknakt, ze voldoen niet aan het manbeeld, het eerste dat ik daarom altijd zeg, is: wat goed dat je hulp vraagt.’

    Over het algemeen gebruiken vrouwen meer psychisch geweld: ze kleineren, stalken en bedreigen. Maar áls het fysiek wordt, grijpen ze vaker naar hulpmiddelen. ‘Ik heb wel eens een man ontmoet wiens vrouw de laptop op zijn hoofd kapot sloeg’, vertelt Vermeulen.

    Standaard-dader
    Maar waarom slaan die mannen dan niet gewoon terug? Ze zijn toch sterker? ‘Natuurlijk komt het wel in ze op, maar ze willen het principieel niet. Bovendien beseffen ze dat wanneer de vrouw vervolgens naar de politie gaat, zij de pineut zijn.’

    René kan daar over meepraten. ‘Toen mijn vriendin me met tuinstoel en al omver duwde, heb ik haar een klap gegeven. Meteen daarna belde ik zelf de politie. Ik schrok van mezelf. Zo’n man wilde ik helemaal niet zijn, als ik op straat geweld zag, sprong ik er het liefst tussen om het te laten ophouden. Dus toen ik op het politiebureau een folder zag liggen voor een anti-agressiecursus heb ik me meteen opgegeven. Het gevolg was dat ik heb geleerd om mijn grenzen nog verder te verleggen en nog meer van haar ben gaan accepteren.’

    Is er in die tien jaar dan nooit politie op het geweld afgekomen? Jawel, meerdere malen. ‘Op een keer haalde ze een slagersmes uit de keuken en kwam ze op me af. We worstelden en ik probeerde het mes af te pakken, maar toen dat niet lukte vluchtte ik naar de buren en belde ik 112. Binnen een mum van tijd stond de tuin vol politie. Ze keken naar binnen, zagen het mes en sloegen míj in de boeien. Ja, natuurlijk was ik boos: ik mocht 48 uur mijn eigen huis niet in. Maar zo werkt het nou eenmaal: ik ben een man, dus ik zal het wel gedaan hebben.’

    De man als standaard-dader. Marie-José Spithoven (58) herkent het verhaal. Ze is directeur van de Wende, de hulporganisatie die in Den Haag de mannenopvang coördineert, en werkt al meer dan vijfentwintig jaar in de hulpverlening, eerst vooral bij de vrouwenopvang. Dat beeld hebben we nou eenmaal van mannen, zegt ze. En veranderen kost veel tijd. Maar dat de overheid ondertussen tv-spotjes uitzendt (‘Het houdt niet op, niet vanzelf’) waarin geen enkel slachtoffer een man is, sterker nog, waarin een man alleen als dader te zien is – nee, dat helpt niet mee. ‘Een man is niet altijd de pleger’, zegt ze, ‘dat zouden ze anders moeten aanpakken. Bovendien bevordert het de schaamte en het taboe.’

    Straf
    Misschien speelt mee dat het voor veel mensen lastig te begrijpen is: waarom heb je het als man zo ver laten komen? Waarom ga je niet weg? Spithoven, droogjes: ‘Die vraag is ook heel lang aan mishandelde vrouwen gesteld hoor.’ Meer dan vijfentwintig jaar geleden ontstonden de eerste Blijf-van-mijn-lijfhuizen voor vrouwen, vertelt ze, maar pas de laatste vijftien jaar is vrouwenmishandeling echt een geaccepteerd onderwerp geworden. Met andere woorden: er is tijd voor nodig om duidelijk te maken dat mannenmishandeling ook bestaat.

    ‘Het is de omgekeerde wereld’, vindt Peter (49 jaar, niet zijn echte naam). ‘Mijn oudste zoon en ik waren altijd vier handen op één buik. We deden alles samen, zijn moeder deed niets. En nu zit hij bij haar.’

    Peter was eigenaar van een succesvol aannemersbedrijf. Hij was zeventien jaar getrouwd met een vrouw die haar paard belangrijker vond dan haar twee kinderen, wat ze ook tegen hen zei. Aan opvoeding of huishouden deed ze niet; als Peter thuiskwam van zijn werk als aannemer kookte hij, deed de afwas, speelde met de kinderen en bracht ze naar bed. Als je vraagt waarom hij toch bij haar bleef, zegt hij: ‘Het zal wel normaal zijn, dacht ik toen.’ Dat ze dagenlang apathisch op bed lag, de kinderen sloeg om niks, altijd ruziemaakte en hem met de dood bedreigde, alles werd langzaam normaal. Zelfs toen ze op vakantie alleen maar foto’s van zichzelf maakte – voor op de datingsite, verklaarde ze – werd dat op den duur ook normaal. Niet dat het leuk was, hij wist echt niet hoe lang hij het nog zou volhouden, maar een normale scheiding zou ze nooit accepteren. Als hij de kinderen zomaar zou meenemen, zou dat ontvoering zijn, en dan was hij ze kwijt. Het hielp ook niet mee dat haar familie in de buurt woonde en hem bedreigde. Dus probeerde hij uitbarstingen zoveel mogelijk te vermijden en ondertussen zijn bedrijf te leiden. Maar toen zijn vrouw ineens zei dat ze het wel snapte, als ouders hun eigen kinderen vermoordden, begon hij echt bang te worden. En toen zijn oudste huilend om een lieve stiefmoeder vroeg, was dat de druppel. Peter pakte wat spullen en verhuisde in april 2014 met de kinderen naar de mannenopvang in een andere stad. Daar deed hij aangifte van geestelijke mishandeling door zijn vrouw, Jeugdzorg legde een dossier aan. Zijn kinderen bloeiden op, ze vonden het leuk op hun nieuwe school, maakten vriendjes en wilden nooit meer naar hun moeder. Toch besloot de rechtbank na zeven weken dat de kinderen terug moesten. ‘Vanwege de vertrouwde omgeving, zei de rechter. Mijn oudste zoon heeft brieven geschreven naar de rechter, gebeld, op gesprek geweest; niets hielp. Kinderen horen bij hun moeder, zo werd er gedacht, maar zij geeft helemaal niets om die kinderen: ze wil ze alleen maar hebben om mij te straffen.’

    Het kortste eind
    Hij zwijgt en trekt zijn nette jasje recht. Omdat zijn bedrijf inmiddels failliet is, heeft hij zometeen een sollicitatiegesprek. ‘Ik heb altijd gedacht dat mannen en vrouwen net zo veel rechten hebben, maar als man trek ik nu toch aan het kortste eind. Ik ben mijn kinderen kwijt, hoewel ik ze heb opgevoed.’ Jeugdzorg in zijn oude woonplaats wilde het opgestelde dossier van Jeugdzorg in de nieuwe woonplaats niet overnemen; het zou alleen maar zijn verhaal bevatten. In plaats daarvan gingen zij langs bij zijn ex en kregen daar haar kant van het verhaal te horen. Dat werd geloofd, in tegenstelling tot het zijne. En nu zijn ex-vrouw zich niet aan de bezoekregeling houdt, kan Peter weinig doen. Ondertussen maakt hij zich zorgen. ‘Er zijn twee dingen die ik nog kan doen’, mailde mijn ex vorige week. Dan denk ik: ze bedoelt zelfmoord, of de kinderen vermoorden. Maar ik kan niets. Er moet altijd eerst iets gebeuren voor je gelijk krijgt. Ik kan alleen maar afwachten.’

    De situatie voor René ziet er inmiddels beter uit. Dankzij de hulp van zijn begeleider heeft hij sinds een maand zijn eigen huis. Hij heeft weer contact met zijn zoon, een aantal vrienden van vroeger is teruggekomen nadat hij ze het echte verhaal heeft verteld, hij doet vrijwilligerswerk. Zijn leven is weer van hem. ‘Maar als ik hier niet naartoe was gekomen, dan had ik weer bij haar gewoond’, zegt hij. ‘En dan was het misschien gegaan zoals je soms op tv ziet: moord en doodslag. Ik bij haar, of zij bij mij.’

    Slachtoffer, plegers en omstanders kunnen voor hulp en advies dag en nacht contact opnemen met Veilig Thuis via 0800 – 2000. Meer informatie is te vinden op vooreenveiligthuis.nl of op mannenmishandeling.nl.

    Bron: Volkskrant.nl >>

10 berichten aan het bekijken - 11 tot 20 (van in totaal 34)
  • Je moet ingelogd zijn om een antwoord op dit onderwerp te kunnen geven.
gasten online: 13 ▪︎ leden online: 0
No users are currently active
FORUM STATISTIEKEN
topics: 3.249, berichten: 17.538, leden: 2.083