Aangifte doen & juridische hulp

  • Dit onderwerp bevat 33 reacties, 3 deelnemers, en is laatst geüpdatet op 15/10/2022 om 20:06 door Luka.
10 berichten aan het bekijken - 1 tot 10 (van in totaal 34)
  • Auteur
    Reacties
  • #216071
    LSG
    Beheer
    Topic starter

      In dit topic vind je websites en online artikelen met informatie over:

      Aangifte doen & juridische hulp

      Wil je zelf een website of online artikel toevoegen? Plaats dan eerst de url en daaronder eventueel een korte beschrijving.

      #216506
      Luka
      Moderator

        Slachtofferwijzer.nl

        Huisverbod
        Als het seksueel misbruik thuis plaatsvindt, kan de politie de verdachte mogelijk een huisverbod opleggen. De politie kan je daar meer over vertellen. Zie ook: deze site van de overheid.

        Aangifte doen
        Als je seksueel bent misbruikt kan je aangifte doen tegen de dader. Dit kan een moeilijke beslissing zijn. Bijvoorbeeld omdat je de dader kent of omdat je je schaamt voor wat je is aangedaan. Wees je ervan bewust dat een verkrachting of aanranding strafbaar is en dat de dader kan worden vervolgd.

        Twijfel je of je aangifte wilt doen? De politie kan je helpen om een besluit te nemen. In deze animatie van de politie vind je een uitleg over wat de zedenpolitie voor je kan betekenen na seksueel misbruik. Benieuwd welke stappen je doorloopt van aangifte tot de uitspraak van de rechter? Je vindt alle stappen in deze infographic van LANGZS Advocaten.

        Anonieme aangifte
        In uitzonderlijke situaties kun je in Nederland anoniem aangifte doen. Wanneer de dader een bekende is zou je in plaats van je eigen adresgegevens een ander adres kunnen kiezen voor de aangifte. Dat kan bijvoorbeeld het adres van de politie of Slachtofferhulp Nederland zijn. Op de website  http://www.seksueelgeweld.info  vind je meer informatie over het doen van aangifte.

        Schadevergoeding
        Nadat je aangifte hebt gedaan beslist het Openbaar Ministerie of een verdachte wordt vervolgd. Als slachtoffer van seksueel misbruik kan je tijdens het strafproces om een schadevergoeding vragen. Je kunt dit schriftelijk aanvragen via het zogeheten voegingsformulier. Dit heet voegen, want je voegt jezelf in het strafproces. Dit formulier wordt automatisch naar je toegestuurd zodra een verdachte strafrechtelijk wordt vervolgd. Vul het nauwkeurig in. Een juridisch medewerker of een advocaat kan je hierbij helpen. Uiteindelijk doet de strafrechter een uitspraak over de schade.

        Meer informatie hierover vind je ook op de  website van de Rijksoverheid. Informatie over wat het Openbaar Ministerie voor je kan betekenen vind je op de  website van het Openbaar Ministerie.

        Rechten
        Tijdens een strafproces heb je als slachtoffer een aantal wettelijke rechten, zoals:

        • Het recht om goed bejegend te worden door de betrokken instanties
          Als burger mag je verwachten dat de overheid op een behoorlijke manier met je omgaat. De Nationale ombudsman heeft in eenvoudige  spelregels  uitgelegd wat dit betekent voor slachtoffers in het strafproces.
        • Het recht op informatie
          Als je bij de aangifte aangeeft dat je op de hoogte wilt worden gehouden van het verloop van het strafproces, krijg je op belangrijke momenten informatie. De politie informeert je bijvoorbeeld over de aanhouding van de verdachte.
        • Het spreekrecht
          Als je spreekrecht hebt, word je hierover geïnformeerd door het Openbaar Ministerie. Hiermee heb je het recht om tijdens de rechtszaak in een slachtofferverklaring te vertellen wat de lichamelijke, emotionele of economische gevolgen van het seksueel misbruik voor jou zijn. Een andere mogelijkheid is om, in plaats van te spreken, een schriftelijke verklaring op te stellen.
        • het recht op (gratis) rechtsbijstand
          Meer informatie hierover vind je op  http://www.rijksoverheid.nl.  Informatie over wat het Openbaar Ministerie voor je kan betekenen vind je op de  website van het Openbaar Ministerie.

        Rechtsbijstand
        Je kan juridische hulp inschakelen. Dit kan bestaan uit uitleg over het strafproces, jouw belangen en rechten in de gaten houden en hulp bij het vragen van een schadevergoeding (voegen).

        Je kan voor juridische ondersteuning terecht bij een juridisch medewerker van  Slachtofferhulp Nederland. Deze ondersteuning is gratis.

        Je kunt ook kiezen voor een advocaat. Als je slachtoffer bent van een geweld- of zedenmisdrijf bepaalt De Raad voor de Rechtsbijstand  of je gratis ondersteuning door een advocaat kan krijgen. Je inkomen speelt hierbij geen rol. Het  Juridisch Loket  of de advocaat die je overweegt in te schakelen kan je hierover meer informatie geven.

        Kom je niet in aanmerking voor gratis ondersteuning? Dan kan je nagaan of je rechtsbijstandsverzekering de kosten voor de advocaat vergoedt.

        Schakel je een advocaat in, maak dan een zorgvuldige keuze. Let er in ieder geval op dat je iemand kiest die is aangesloten bij  het Landelijke Advocaten Netwerk Gewelds- en Zedenslachtoffers (LANGZS)  en/of  de Vereniging van Letselschade Advocaten (LSA)  en/of  de Vereniging van Advocaten voor Slachtoffers van Personenschade (ASP). Overleg vooraf met de advocaat over wat je aan kosten kunt verwachten.

        Slachtofferloket
        De politie, het Openbaar Ministerie en Slachtofferhulp Nederland werken in het  Slachtofferloket  samen om slachtoffers van misdrijven beter te ondersteunen. Je kunt bij het Slachtofferloket terecht voor informatie, advies en ondersteuning tijdens het strafproces.

        Aansprakelijk stellen
        Is er geen strafproces? Dan kan je nog op een andere manier een schadevergoeding proberen te krijgen. Dit kan door de tegenpartij aansprakelijk te stellen. Voor advies hierover kan je onder andere terecht bij je rechtsbijstandsverzekeraar en bij het  Juridisch Loket. Informatie over andere mogelijkheden om schadevergoeding te krijgen, zoals via je verzekering, vind je op de pagina  financiële hulp vanwege seksueel misbruik.

        Bron: Slachtofferwijzer.nl >>

        #216507
        Luka
        Moderator

          Politie.nl

          Heeft u aanwijzingen dat iemand slachtoffer is van een zedendelict? Een vriendin, broer of zus? Of een kind bij u in de buurt of op de sportvereniging? Of bent u zelf slachtoffer van seksueel misbruik? Hier leest u wat de politie voor u kan doen en waar u verder hulp kunt vragen.

          Lees verder op politie.nl >>

          #216509
          Luka
          Moderator

            Seksueelmisbruik.info

            Naar de politie
            Slachtoffers van seksueel geweld kunnen op het politiebureau terecht om te vertellen wat er gebeurd is. Dit betekent niet dat er perse aangifte gedaan hoeft te worden. De politie heeft de taak om een slachtoffer goed op te vangen.

            Melding
            In principe maakt een informatief gesprek altijd deel uit van de opvang door de politie. In dit gesprek vertelt ze onder meer over de juridische mogelijkheden en de vereisten voor het doen van een melding of een aangifte Ook beschikt de politie over adressen in de regio waar het slachtoffer hulp kan krijgen. Bij een melding van seksueel geweld wordt er door de politie geen proces-verbaal opgemaakt. Dit betekent dat het vervolg, een politieonderzoek, achterwege blijft. Er vindt dus ook geen strafrechtelijke vervolging van de dader plaats.
            Een melding kan ook door iemand anders dan het slachtoffer worden gedaan. Het is bovendien mogelijk een anonieme melding te doen: het is namelijk niet verplicht om naam en adres van het slachtoffer op te geven.
            Voor de politie is het belangrijk dat seksueel geweld in ieder geval gemeld wordt. Deze informatie kan van belang zijn, als er andere aangiften of meldingen over dezelfde verdachte bij de politie binnenkomen.

            De aangifte
            In het geval van aangifte van seksueel geweld stelt de politie hiervan een verklaring op, die door het slachtoffer moet worden ondertekend. Op basis van deze verklaring wordt een proces-verbaal opgemaakt. Voor het politieonderzoek is het belangrijk dat het slachtoffer zo veel mogelijk details vertelt van wat er gebeurd is. De rechercheur zal erom vragen. Het kan soms lastig zijn daarop te antwoorden. Toch is het nodig.

            Aangifte betekent overigens niet dat het slachtoffer op iedere vraag in hoeft te gaan. Zo zijn vragen over het seksleven en de partners van het slachtoffer uit den boze. Die zijn namelijk niet van belang voor het bewijs.
            Nadat de politie een verklaring heeft opgesteld, krijgt u de tijd om de tekst nog eens rustig door te lezen en waar nodig aan te vullen, alvorens deze te ondertekenen.

            Verjaringstermijn
            Voor de bewijsvoering is het het beste dat er zo snel mogelijk aangifte wordt gedaan. De dader kan nog in de buurt zijn en er zijn misschien nog sporen. Maar het heeft zeker ook zin om aangifte te doen lange tijd na het gebeurde. Vooral slachtoffers van incest hebben soms jaren nodig voor ze aangifte kunnen of durven doen.
            Slachtoffers van seksueel geweld kunnen nog jaren na het gebeuren aangifte doen. De termijn is bij aanranding twaalf jaar en bij verkrachting vijftien jaar.
            Een minderjarige heeft nog meer tijd om aangifte te doen. De verjaringstermijn begint pas te lopen op het moment dat het slachtoffer achttien jaar is geworden. de termijn is vanaf dat moment weer twaalf jaar voor aanranding en vijftien jaar voor verkrachting.
            Op deze termijnen geldt één uitzondering. Wanneer de aanrander of verkrachter op het moment van het plegen van het delict jonger is dan achttien jaar, dan wordt de verjaringstermijn met de helft bekort. Voor aanranding is de termijn in dat geval zes jaar en voor verkrachting zeveneneenhalf jaar. Gaat het echter in dit uitzonderingsgeval om een minderjarig slachtoffer, dan wordt de leeftijdsgrens waarop de dader in aanmerking komt voor halvering van de verjaringstermijn teruggebracht van achttien naar zestien jaar.

            Welk politiebureau?
            In principe moet de aangifte plaatsvinden bij de politie in de gemeente waar het delict is gepleegd. Op een aantal politiebureaus bestaat een gespecialiseerde afdeling Jeugd- en Zedenzaken. Daar werken rechercheurs die regelmatig te maken hebben met slachtoffers van seksueel geweld. Op een bureau zonder zo’n speciale afdeling zijn echter ook agenten aanwezig die deskundig zijn in het opvangen van slachtoffers van seksueel geweld. Het kan zijn dat deze op het moment niet op het werk aanwezig zijn. Daarom is het raadzaam van tevoren te bellen voor een afspraak. Dit voorkomt de eventuele teleurstelling dat je niet direct geholpen kunt worden en op een later tijdstip terug moet komen.
            Maak bij de balie in het kort duidelijk waarover het gaat. Bijvoorbeeld door te zeggen: “Ik wil aangifte doen van seksueel geweld.” Of: “Ik wil praten over iets wat met seksueel geweld te maken heeft.”
            Een vriend of vriendin meenemen mag altijd. Ook is het mogelijk dat het gesprek met de politie bij het slachtoffer thuis plaatsvindt in plaats van op het politiebureau.

            Voorkeur vrouwelijke politieambtenaar
            Sommigen geven er de voorkeur aan om met een vrouwelijke politieambtenaar te spreken over het seksueel geweld dat hen is aangedaan. Die mogelijkheid bestaat.
            Wanneer er op een bepaald tijdstip geen vrouwelijke rechercheur is die dienst heeft, kan de politie misschien regelen dat zij alsnog komt. Als er op het bureau geen vrouwelijke rechercheur werkzaam is, heeft het slachtoffer het volste recht om naar een ander bureau te gaan.

            Het politieonderzoek
            Na de aangifte begint het politieonderzoek. De rechercheur gaat op zoek naar bewijsmateriaal. Hiervoor kan medewerking van het slachtoffer worden gevraagd. Als een onderzoek als te aangrijpend wordt ervaren, mag deze medewerking weigeren.

            Bewijsmateriaal
            Bij het vergaren van bewijsmateriaal zal de politie vooral baat hebben bij informatie uit medisch onderzoek, verklaringen van getuigen en aanvullende bewijsstukken.
            Informatie verkregen uit medisch onderzoek is belangrijk. Gegevens uit zo’n onderzoek mogen alleen voor het politieonderzoek gebruikt worden, als het slachtoffer hiervoor schriftelijk toestemming heeft gegeven.
            Voor de bewijsvoering kunnen ook allerlei andere bijzonderheden van belang zijn, zoals scheuren in de kleding, (politie)foto’s van het opgelopen letsel en bloed- en spermavlekken. Stop kleding die als bewijsmateriaal kan dienen, nooit in een afgesloten plastic zak. Als er geen lucht bijkomt, kunnen bloed- en spermavlekken namelijk onbruikbaar worden voor onderzoek.
            Ook verklaringen van getuigen die iets gezien of gehoord hebben, zijn waardevol. Meestal waren er op het moment zelf geen getuigen. Daarom zijn getuigen die het slachtoffer kort nà het gebeuren hebben gezien of gesproken, ook belangrijk.

            Verloop van het onderzoek
            Indien het slachtoffer er prijs op stelt, wordt hij of zij door de politie op de hoogte gehouden van het verloop van het onderzoek. Toch kan het gebeuren dat de politie na de aangifte lange tijd niets van zich laat horen. Dit betekent geenszins dat de politie niets met de aangifte doet. Wanneer je als slachtoffer meer wilt weten over het verloop van het onderzoek, informeer dan bij de behandelend rechercheur hoe de zaak ervoor staat.
            Het is mogelijk dat de rechercheur het onderzoek niet rond krijgt, bijvoorbeeld omdat de dader niet opgespoord kan worden, of omdat er onvoldoende bewijsmateriaal te vinden is.
            Waarschijnlijk besluit de politie dan om de zaak te laten rusten. Dit wil dus niet zeggen dat de politie het slachtoffer niet gelooft. Ze gaan er in principe vanuit dat het verhaal waar is, maar ze kan hiervoor geen of te weinig juridisch bewijs leveren. In dat geval komt het niet tot een rechtszaak. Als het slachtoffer daarover een andere mening heeft, kan hij of zij dit kenbaar maken bij de behandelend rechercheur, bij diens chef of een laatste instantie bij de officier van justitie.

            De verdachte
            In veel gevallen is de dader een bekende van het slachtoffer. Als de dader een onbekende is, kan de politie vragen foto’s van mogelijke verdachten te bekijken en een signalement van de dader te geven. Nadat de vermoedelijke dader is aangehouden, wordt het slachtoffer vaak verzocht naar het bureau te komen om te kijken of het de verdachte herkent. Dit gebeurt met een confrontatiespiegel, een spiegel waar aan één kant doorheen gekeken kan worden: het slachtoffer ziet wel de verdachte, maar de verdachte ziet alleen zijn eigen spiegelbeeld.

            Afronding van het onderzoek
            Als de recherche het onderzoek heeft afgerond en vindt dat er voldoende bewijsmateriaal tegen de verdacht is, wordt het dossier doorgestuurd naar de officier van justitie.

            Bron: seksueelmisbruik.info >>

            #225982
            Luka
            Moderator

              Een individuele beoordeling op kwetsbaarheid is vanaf 1 juni 2018 onderdeel van de aangifte

              Vanaf 1 juni starten politie, Openbaar Ministerie (OM) en Slachtofferhulp Nederland met een werkwijze waarbij meer aandacht is voor het beschermen van slachtoffers van een misdrijf.

              Vanaf het eerste persoonlijke contact met de politie wordt beoordeeld of er sprake is van een verhoogde kans op herhaling. Sommige slachtoffers lopen meer risico op herhaald slachtofferschap, secundaire victimisatie (slachtoffer van het systeem), intimidatie en vergelding dan andere slachtoffers. Deze werkwijze van beoordelen en beschermen komt voort uit de EU-richtlijn ‘Minimumnormen voor slachtoffers’ en helpt bij het beter kunnen beoordelen en beschermen van kwetsbare slachtoffers.

              Wat houdt de nieuwe werkwijze in?
              De politie beoordeelt vanaf 1 juni 2018 bij de fysieke aangifte of een slachtoffer kwetsbaar is en of er een beschermbehoefte is vanuit Slachtofferhulp Nederland nodig is. Bij bepaalde slachtoffers zijn extra maatregelen nodig, zoals afscherming van woon- of verblijfadres, contact- of gebiedsverbod, afspraak op locatie of bijstand bij verhoor. Vervolgens is in alle stappen van het rechtsproces aandacht voor het slachtoffer en werken de Politie, OM en Slachtofferhulp nauw samen.

              Deze werkwijze van beoordelen en beschermen van slachtoffers is de eerste mijlpaal in de Meerjarenagenda Slachtofferbeleid 2018-2021 die de minister voor Rechtsbescherming Sander Dekker op 22 februari jongstleden presenteerde. Minister Dekker: “De nieuwe werkwijze van politie, OM en Slachtofferhulp Nederland stelt het slachtoffer centraal. En biedt betere bescherming en begeleiding waar nodig. Dit kan veel extra leed voor slachtoffers voorkomen. Eén keer slachtoffer zijn is al erg genoeg.”

              Rol Slachtofferhulp Nederland
              In al onze cliënt contacten hebben wij straks structureel aandacht voor de beschermingsbehoefte van een slachtoffer door opgestelde criteria en verdiepingsvragen. En daarmee informatie welke aanleiding kan zijn tot wijzigen van een beschermingsmaatregel. Denk aan informatie over financieel/juridische, psychische, lichamelijke en sociaal/ maatschappelijke gevolgen van het delict voor het slachtoffer. En of het slachtoffer zelf van mening is dat er sprake is van een onveilige situatie of een risico is op herhaald slachtofferschap. Slachtofferhulp Nederland heeft een signalerende en monitorende functie en heeft een rol om het slachtoffer te informeren, adviseren en indien nodig het slachtoffer te ondersteunen om een (gewijzigde) beschermingsbehoefte kenbaar te maken aan de politie of het OM.

              Met deze implementatie van de richtlijn gaat het beoordelen en beschermen van alle slachtoffers die aangifte doen structureel en gestructureerd plaatsvinden. De werkwijze individuele beoordeling van slachtoffers is al op veel plekken getest in de praktijk.

              Bron: Slachtofferhulp.nl >>

              #227577
              Luka
              Moderator

                Als seksueel misbruik voor de rechter komt

                Per dag worden in België 8 aangiftes gedaan van verkrachting. Slechts 1 op de 10 slachtoffers doet effectief aangifte. Het werkelijke aantal ligt dan ook veel hoger; naar schatting 80 verkrachtingen per dag. Hoe gaat het verder als daar gevolg aan wordt gegeven met een gerechtelijke procedure? En hoe kan het dat daders vaak onbestraft blijven?

                Hoewel de grote psychologische en fysieke gevolgen van verkrachting bekend zijn, leiden in België slechts 120 van de 3.000 jaarlijkse aangiftes daadwerkelijk tot een veroordeling. Dat cijfer ligt lager dan het Europese gemiddelde. België behoort daarmee tot de zeven Europese landen waarbij een aangifte het minst vaak leidt tot veroordeling.

                Tussen 2009 en 2011 werd 44% van de verkrachtingszaken bij het parket geseponeerd zonder gevolg: daarvan 56% wegens gebrek aan bewijzen en 17% omdat de dader onbekend was. Als andere redenen waarom verkrachtingszaken geseponeerd worden, werden onder meer het gedrag van het slachtoffer, de beperkte maatschappelijke weerslag of het feit dat het ging om een misdrijf van relationele aard (terwijl verkrachting binnen het huwelijk wel degelijk strafbaar is) als reden aangehaald om een zaak te seponeren, blijkt uit onderzoek van Amnesty International.

                Ook blijkt uit nieuw onderzoek van rechtspsycholoog André de Sutter dat 95% van de aangiftes wel degelijk echt is en vooral dat de meeste verkrachtingen geen typische gewelddadige verkrachtingen zijn zoals we ze kennen uit Hollywoodfilms.

                Wij spraken met Yente Neelen, doctoraatstudent seksueel strafrecht aan de UGent, en vroegen haar hoe dit eigenlijk allemaal in zijn werk gaat op juridisch vlak.

                Laten we beginnen met de bewijzen. Wat voor bewijs kan er gebruikt worden als seksueel misbruik leidt tot een strafzaak?
                “In principe kunnen er in strafzaken allerlei soorten bewijs aangebracht worden. Voorbeelden die gebruikt kunnen worden zijn vaststellingen door een geneesheer, die het slachtoffer heeft onderzocht. Of resultaten van de SAS, dat is de zogenaamde ‘seksueel agressie set’, waarmee gekeken wordt of er sporen van geweld of dna zijn achtergebleven op het lichaam van een slachtoffer. Daarnaast zijn er de verklaringen van de beklaagde, het slachtoffer en eventuele getuigen. Wanneer de politie huiszoekingen heeft gedaan, dan kunnen de resultaten daarvan ook als bewijs dienen. Tot slot zijn er nog de psychologische onderzoeken van beklaagde en slachtoffer.”

                In sommige gevallen, bijvoorbeeld bij aanranding zonder getuigen, kan het echter zo zijn dat er geen bewijs is. Wat als het enkel jouw woord is tegen dat van een ander?
                “De magistraat beoordeelt de bewijswaarde van een verklaring. Het gebeurt niet vaak, maar er is een beperkt aantal zaken waarbij consistente verklaringen van het slachtoffer als voldoende werden beschouwd en een dader veroordeeld kon worden. Maar over het algemeen vindt de rechter enkel een verklaring van het slachtoffer niet voldoende bewijs om iemand te veroordelen. Of een zaak sterk genoeg is om ermee naar een rechter te stappen, wordt bepaald door het vervolgingsbeleid van het betrokken parket. We hebben geen overzicht van de klachten die uiteindelijk bij de rechtbank terechtkomen, die gegevens zijn niet openbaar. Het parket heeft hier zicht op.”

                Hoe gaat de rechter te werk bij het nemen van een beslissing in een zaak rond seksueel misbruik?
                “De rechter heeft altijd de bevoegdheid om te individualiseren. De rechter bekijkt per zaak welke elementen er precies hebben meegespeeld. Binnen de wet is er altijd een minimum- en maximumstraf, en de rechter gaat op zoek naar een passende straf binnen de minimum- en maximumstraf. Bepaalde factoren spelen een rol in het vaststellen van de strafmaat, of die hoger of lager zal uitvallen. Zo’n factor kan bijvoorbeeld de leeftijd van het slachtoffer zijn, maar het kan ook de band tussen slachtoffer en dader zijn. Als er bijvoorbeeld een bepaalde relatie is tussen dader en slachtoffer kan het zijn dat de rechter daar ook rekening mee gaat houden. Maar dat verschilt van zaak tot zaak. De rechter is een neutraal, onpartijdig en onafhankelijk persoon, die al de feiten in acht moet nemen.”

                Hoe kan het dat een verkrachtingszaak soms nog heel licht bestraft wordt?
                “Dat moet in een groter geheel gekaderd worden. Het is zo dat verkrachting op dit moment nog altijd automatisch gecorrectionaliseerd kan worden. Dat wil zeggen dat een misdrijf dat in ons strafwetboek als misdaad wordt gekwalificeerd, geherkwalificeerd wordt tot een wanbedrijf waardoor de minimumstraf in de wet de maximumstraf in de realiteit wordt. Dat gebeurt automatisch en is het beleid in België. Minister van Justitie Koen Geens heeft wel plannen om dit te veranderen.

                Anderzijds is het ook zo dat er het strafuitvoeringsbeleid is. Door de aard van het misdrijf kan het zijn dat er bepaalde voorwaarden worden gekoppeld aan de straf. Dat komt ook voor bij seksuele misdrijven waarbij er bijvoorbeeld probatievoorwaarden gekoppeld worden aan de gevangenisstraf. Dit houdt concreet in dat de uitvoering van de gevangenisstraf uitgesteld wordt mits de opgelegde voorwaarden nageleefd worden. Een voorbeeld van een voorwaarde kan het volgen van therapie zijn, maar evengoed ook het uitvoeren van vrijwilligerswerk, contactverbod met het slachtoffer of het zoeken van werk. De gevangenisstraf moet worden uitgezeten wanneer de maatregelen niet nageleefd worden.”

                Uit onderzoek blijkt dat in 75% van de gevallen de verkrachter een bekende is voor het slachtoffer. Bij minderjarige slachtoffers kent 85% de dader. Wordt dat in de juridische praktijk ook duidelijk?
                “Uit internationaal onderzoek blijkt dat bij gerechtelijke zaken het grootste aantal zaken over bekenden gaat, dus daders die het slachtoffer kent. Dat is ook niet geheel onlogisch omdat, het gemakkelijker is om te vervolgen als de dader bekend is. Wanneer de dader onbekend is, is het veel moeilijker om over te gaan tot vervolging. Er is ook juridisch gezien dus meer bekend van zaken waarbij de slachtoffers de daders kennen.”

                Waar kunnen slachtoffer vandaag terecht?
                “In 2017 zijn er drie proefcentra opgericht voor slachtoffers van seksueel geweld in Brussel, Gent en Luik. Hier kunnen zowel mannelijke als vrouwelijke slachtoffers van seksueel geweld terecht. Hulpverleners komen hier samen met politie en justitie onder een dak . Dus op een plaats kunnen ze de klacht neerleggen terwijl er ook de nodige medische en psychische toestand bekeken wordt. Studie heeft ook uitgewezen dat er een nauw contact moet zijn tussen de diensten die te maken krijgen met de slachtoffers.”

                De #MeToo-beweging begon een jaar geleden. Is er al iets veranderd?
                “Op juridisch vlak zijn er geen veranderingen op dit moment. In 2007 werd er een wet ingevoerd die specifiek over ongewenst seksueel gedrag op het werk gaat. Later, in 2014, kwam daar de seksismewet bij, die verder gaat dan de bestrijding van ongewenst seksueel gedrag op de werkvloer, maar ook betrekking heeft op straatintimidatie. Maar dat was dus voor MeToo.

                Op wetenschappelijk vlak is het heel moeilijk te zeggen of er veranderingen hebben plaatsgevonden. Wetenschappelijke onderzoeken starten eigenlijk nu pas, om te kijken of er iets veranderd is. Een voorbeeld van dergelijk onderzoek is het onderzoek naar de psychologisch impact op slachtoffers van seksueel geweld na de #MeToo-campagne.

                Er zijn natuurlijk wel maatschappelijke veranderingen, in die zin dat er meer getuigenissen aan het licht zijn gekomen en dat seksueel geweld meer aandacht krijgt. Maar juridisch zijn er dus geen veranderingen op dit moment. ”

                We weten nu iets meer over de juridische kant van seksueel geweld, maar seksueel geweld is uiteraard niet enkel een juridische zaak. Zoals Magda de Meyer, voorzitter van de Vrouwenraad een tijd geleden al tegen De Morgen zei: “Seksueel geweld is nog altijd een miskend probleem, omdat het vaak als een privézaak wordt afgedaan. Maar dat is het niet: het is een maatschappelijk probleem dat een dringende aanpak verlangt.”

                Op het nummer 1712 kan je terecht om situaties van seksueel geweld te melden of hulp te vragen. Je kan ook mailen en chatten met 1712. Meer info is ook op hun website te vinden.

                #229327
                Luka
                Moderator

                  Het is nog steeds zijn woord tegen het hare, #MeToo

                  Je bent slachtoffer van verkrachting en de rechter straft de dader. Zo gaat het dus vaak niet.
                  Het verhaal van Lisa, Ana en Miranda, die op zoek gingen naar gerechtigheid.

                  Ook in Nederland leiden ervaringen van seksueel geweld maar zelden tot de berechting van een dader.
                  De eerste hobbel is de aangifte zelf. In Nederland doet ongeveer 13 procent van de slachtoffers aangifte, meldt het Centrum Seksueel Geweld.

                  Onderzoeksbureau Regioplan onderzocht vorig jaar in opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid wat de motieven zijn om wel of niet aangifte te doen. Schuldgevoelens, schaamte en een perceptie van machteloosheid – ‘Ik heb toch geen bewijs’ – bleken veel mensen ervan te weerhouden naar de politie te stappen.

                  Die gevoelens worden versterkt doordat de verdachte in bijna 85 procent van de gevallen een bekende is – de ervaringen van Lisa en Ana op straat vormen de uitzondering.

                  Lees dit premium artikel op volkskrant.nl of als lid van LSG in het ledendeel.

                  #233752
                  Mark
                  Moderator

                    Hoe wordt een gepaste straf voor kindermisbruik bepaald?

                    Zedenzaken waarbij kinderen zijn betrokken zorgen vaak voor onderbuikgevoelens. Geen straf is hoog genoeg, maar wat zijn eigenlijk de geldende wetten en bijbehorende strafmaten voor seksueel misbruik van minderjarigen?

                    Het seksueel misbruiken van twee dochters vanaf hun geboorte, waaronder het seksueel binnendringen en masturberen in het bijzijn van de kinderen, leidde tot een celstraf van drie jaar, waarvan één voorwaardelijk. Een veelgehoorde reactie op het artikel over deze zaak was: waarom zo laag?

                    “Zedenmisdrijven en de daarbij horende wetgeving zijn uiterst complex”, geeft landelijk officier Huiselijk Geweld en Zedenzaken Eva Kwakman, onmiddellijk toe. “Je hebt met zo veel factoren te maken. Wat is er gebeurd? Hoe vaak? Wat is het bewijs? En welke straf moet iemand krijgen?”

                    Tel daarbij op dat dit vaak tegen de achtergrond van maatschappelijke onrust gebeurt. “Er is vaak sprake van heel veel begrijpelijke emotie, terwijl de politie neutraal onderzoek moet doen”, aldus Kwakman.

                    De officier wil wel gelijk duidelijk maken dat Nederland een van de zwaarst straffende landen in Europa is, ook als het om zedenmisdrijven gaat. “Er zijn weleens lezersjury’s (willekeurige mensen die zittingen bijwonen en beoordelen, red.) die vinden vaak dat we te streng straffen als ze alle details kennen.”

                    Naar type delict kijken om zedenzaak goed te begrijpen
                    Om een zedenzaak die om kindermisbruik en de vervolging hiervan draait goed te kunnen begrijpen, is het goed om naar het type delict te kijken.

                    Bij de meeste misdaden heeft er een misdrijf plaatsgevonden en is het aan de politie om de daders hiervan op te sporen.

                    Bij zedenzaken is er juist al een naam van de verdachte of verdachten, en richt het onderzoek zich op de vraag of er sprake was van een misdrijf. In dit geval ontucht, en zo ja: welke onvrijwillige seksuele handelingen er hebben plaatsgevonden.

                    Tel daarbij op dat de ontucht soms in een ver verleden heeft plaatsgevonden. “Er is dus vaak geen ondersteunend bewijs”, verduidelijkt Bart Swier, een in zedenmisdrijven gespecialiseerde advocaat. Dat zorgt ervoor dat hij cliënten duidelijk moet maken dat zaken moeilijk bewijsbaar zijn of sterker nog: dat het hem “enorm zou verbazen” als iemand ervoor veroordeeld wordt.

                    “Zedenmisdrijven en de daarbij horende wetgeving zijn uiterst complex”
                    Eva Kwakman, landelijk officier van justitie Huiselijk Geweld en Zeden

                    In zedenzaken wordt vaak afgezien van vervolging
                    Swiers verhaal vindt steun in een Kamerbrief (pdf) van minister Ferd Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) uit juni 2018. Daarin werd geconcludeerd dat in de periode 2015-2018 in gemiddeld 54 procent van de zedenzaken is afgezien van vervolging. In 75 procent van de gevallen was gebrek aan bewijs daarvoor de aanleiding.

                    Een harde conclusie, maar Swier wijst erop dat in het strafrecht geldt dat één verklaring niet telt. “Eén getuige is geen getuige”, verduidelijkt hij. “Seksueel misbruik is zeer moeilijk te bewijzen. Het is vrijwel kansloos als het jaren geleden is gebeurd. Zeker als een verdachte ontkent.”

                    Het is moeilijk om ontucht te bewijzen
                    Maar als het dan toch tot een vervolging komt, is de volgende stap het aantonen van de ontucht. Sporen van verkrachting zijn, los van een seksuele overdraagbare aandoening (soa), tot zeven dagen na de gebeurtenis nog veilig te stellen.

                    Maar wat als er sprake was van betasting of, zoals eerder gesteld, misbruik dat lang geleden heeft plaatsgevonden? Een belangrijk bewijsstuk in zaken die draaien om heel jonge kinderen is de verklaring van het slachtoffer zelf. “Want waarom zou een kind daarover liegen?”, verduidelijkt Swier.

                    “Het lastigste is wel dat de verklaring van het slachtoffer zo min mogelijk beïnvloed moet zijn door anderen”, voegt Kwakman daaraan toe. “Als ouders horen van het misbruik, gaan zij hun kinderen – heel voorstelbaar – vaak uitgebreid vragen stellen. Dit kan de verklaring beïnvloeden, terwijl er voor een veroordeling geen enkele twijfel mag zijn.”

                    Dankzij een beslissing van de Hoge Raad geldt de verklaring van een getuige die van het slachtoffer te horen heeft gekregen dat ze is misbruikt als ondersteunend bewijs.

                    Een goed voorbeeld hiervan is de veroordeling van een man die zijn kleindochter heeft misbruikt, van 24 januari jongstleden. Het meisje vertelde in de auto aan haar moeder dat ze was misbruikt. De verklaring van de vrouw en een derde medepassagier werden door de rechter gebruikt bij de veroordeling van de man.

                    De vier categorieën voor strafbepaling
                    Categorie 1: Ontuchtige handelingen waarbij de minderjarige wordt geconfronteerd met seksuele handelingen zonder aanraking.
                    Categorie 2: Ontuchtige handelingen waarbij er sprake is van aanraking.
                    Categorie 3: Ontuchtig aanraken van de naakte geslachtsdelen en het oraal, vaginaal of anaal binnendringen anders dan met een geslachtsdeel.
                    Categorie 4: Alle ontuchtige handelingen waarbij er sprake is van oraal, vaginaal of anaal binnendringen met een geslachtsdeel.

                    Welke straf past bij welk delict?
                    Het is aan de officier van justitie om de strafeis te bepalen. Ook hierbij gebruikt Kwakman het woord “complex”. “Er zijn seksuele handelingen die onder verschillende wetsartikelen vallen, met hun eigen strafmaximum. Daarom gaat de zedenwet ook aangepast worden. We gaan bij strafmaat zo veel mogelijk uit van de feitelijke gedraging.”

                    Waar Kwakman op doelt, zijn de vier categorieën uit de richtlijn die het OM hanteert, elk met hun eigen zogenoemde strafbandbreedtes, met de vierde categorie als zwaarste. De richtlijn omvat onder meer alle ontuchtige handelingen tegen minderjarigen waarbij er sprake is van oraal, vaginaal of anaal binnendringen met een geslachtsdeel.

                    Bij een oordeel wegen strafverhogende en verlagende factoren mee
                    De bandbreedte is daarbij minimaal vijftien maanden en een maximum van vier jaar. Deze gaat uit van eenmalig misbruik door een meerderjarige die niet eerder iemand heeft misbruikt.

                    Bij het oordeel wordt er vervolgens rekening gehouden met veel mogelijke strafverhogende en -verlagende factoren, zoals bijvoorbeeld recidive.

                    Andere strafverzwarende factoren zijn bijvoorbeeld de leeftijd van het kind. De frequentie van het misbruik . Was er sprake van dwang, geweld en wat was de positie van de meerderjarige ten opzichte van het slachtoffer.

                    Ter verduidelijking: de maximumstraf voor verkrachting van een minderjarige is twaalf jaar, en dat kan hoger worden door strafverzwarende omstandigheden.

                    Zo kreeg Robert M. in 2013 negentien jaar cel en tbs. De voormalige kinderoppas en crèchemedewerker werd schuldig bevonden aan het misbruik van 67 zeer jonge kinderen.

                    Robert M. werd in 2013 tot negentien jaar cel en tbs veroordeeld (Foto: ANP)

                    Omstandigheden van delict zijn belangrijk voor het oordeel
                    Juist de omstandigheden zijn belangrijk bij de strafeis, en bij het oordeel van de rechter.

                    In de zaak van de vader die zijn dochters heeft misbruikt, werd er vastgesteld dat hij een laag IQ had, niet over een eerder strafblad beschikte, spijt betuigde en onder behandeling stond. Dat alles zorgde voor een straf die lager is dan het wettelijke strafmaximum.

                    Mate van recidive is laag als het om misbruik gaat
                    “Je wilt bij een zedenmisdrijf weten of er kans op is herhaling. Je wilt dat als iemand vrijkomt, het niet nog een keer gebeurt”, legt Kwakman uit. “Dus je wilt behandelen als dat nodig is.”

                    “De mate van recidive bij zedenzaken is trouwens lager dan veel mensen denken. Zedendaders stoppen vaak als ze gepakt worden. Misbruik van kinderen komt ook lang niet altijd voort uit een stoornis, maar is in veel gevallen situationeel en een gevolg van andere problematiek.”

                    Wat Kwakman bedoelt, is dat een van de ouders zich soms aan hun kinderen vergrijpt omdat die ‘binnen bereik’ zijn.

                    De strafmaat in misbruikzaken zal daarmee altijd een onderwerp van gesprek zijn en is gebaat bij een heldere uitleg.

                    Bron: nu.nl

                    #234382
                    Luka
                    Moderator

                      Aangifte doen of melding maken van seksueel misbruik bij de politie, hoe gaat dat in Nederland?

                      #236942
                      Mark
                      Moderator

                        Van aangifte tot vonnis

                        Bron: langzs.nl >>

                      10 berichten aan het bekijken - 1 tot 10 (van in totaal 34)
                      • Je moet ingelogd zijn om een antwoord op dit onderwerp te kunnen geven.
                      gasten online: 14 ▪︎ leden online: 1
                      Chris
                      FORUM STATISTIEKEN
                      topics: 3.775, reacties: 21.206, leden: 2.838