Aangifte doen & juridische hulp

  • Dit onderwerp bevat 32 reacties, 3 deelnemers, en is laatst geüpdatet op 13/04/2022 om 21:09 door Luka.
10 berichten aan het bekijken - 1 tot 10 (van in totaal 33)
  • Auteur
    Berichten
  • #216071
    LSG
    Beheer
    Topic starter

    In dit topic vind je websites en online artikelen met informatie over:

    Aangifte doen & juridische hulp

    Wil je zelf een website of online artikel toevoegen? Plaats dan eerst de url en daaronder eventueel een korte beschrijving.

    #216506
    Luka
    Moderator

    Slachtofferwijzer.nl

    Als slachtoffer van seksueel misbruik kun je ervoor kiezen om aangifte te doen tegen de pleger. Dit is voor veel mensen een lastige beslissing. Wees je ervan bewust dat seksueel misbruik strafbaar is, ook als het blijft bij bedreigingen. De politie kan je helpen bij het nemen van een besluit. Mocht je aangifte willen doen en wil je voorkomen misschien lang op het politiebureau te moeten wachten, maak dan van tevoren een afspraak via 0900-8844.

    Lees verder op slachtofferwijzer.nl >>

    #216507
    Luka
    Moderator

    Politie.nl

    Heeft u aanwijzingen dat iemand slachtoffer is van een zedendelict? Een vriendin, broer of zus? Of een kind bij u in de buurt of op de sportvereniging? Of bent u zelf slachtoffer van seksueel misbruik? Hier leest u wat de politie voor u kan doen en waar u verder hulp kunt vragen.

    Lees verder op politie.nl >>

    #216509
    Luka
    Moderator

    Seksueelmisbruik.info

    Slachtoffers van seksueel geweld kunnen op het politiebureau terecht om te vertellen wat er gebeurd is. Dit betekent niet dat er perse aangifte gedaan hoeft te worden. De politie heeft de taak om een slachtoffer goed op te vangen.

    In principe maakt een informatief gesprek altijd deel uit van de opvang door de politie. In dit gesprek vertelt ze onder meer over de juridische mogelijkheden en de vereisten voor het doen van een melding of een aangifte Ook beschikt de politie over adressen in de regio waar het slachtoffer hulp kan krijgen. Bij een melding van seksueel geweld wordt er door de politie geen proces-verbaal opgemaakt. Dit betekent dat het vervolg, een politieonderzoek, achterwege blijft. Er vindt dus ook geen strafrechtelijke vervolging van de dader plaats.

    Een melding kan ook door iemand anders dan het slachtoffer worden gedaan. Het is bovendien mogelijk een anonieme melding te doen: het is namelijk niet verplicht om naam en adres van het slachtoffer op te geven.
    Voor de politie is het belangrijk dat seksueel geweld in ieder geval gemeld wordt. Deze informatie kan van belang zijn, als er andere aangiften of meldingen over dezelfde verdachte bij de politie binnenkomen.

    Lees verder op seksueelmisbruik.info >>

    #225982
    Luka
    Moderator

    Een individuele beoordeling op kwetsbaarheid is vanaf 1 juni 2018 onderdeel van de aangifte

    Vanaf 1 juni starten politie, Openbaar Ministerie (OM) en Slachtofferhulp Nederland met een werkwijze waarbij meer aandacht is voor het beschermen van slachtoffers van een misdrijf.

    Vanaf het eerste persoonlijke contact met de politie wordt beoordeeld of er sprake is van een verhoogde kans op herhaling. Sommige slachtoffers lopen meer risico op herhaald slachtofferschap, secundaire victimisatie (slachtoffer van het systeem), intimidatie en vergelding dan andere slachtoffers. Deze werkwijze van beoordelen en beschermen komt voort uit de EU-richtlijn ‘Minimumnormen voor slachtoffers’ en helpt bij het beter kunnen beoordelen en beschermen van kwetsbare slachtoffers.

    Wat houdt de nieuwe werkwijze in?
    De politie beoordeelt vanaf 1 juni 2018 bij de fysieke aangifte of een slachtoffer kwetsbaar is en of er een beschermbehoefte is vanuit Slachtofferhulp Nederland nodig is. Bij bepaalde slachtoffers zijn extra maatregelen nodig, zoals afscherming van woon- of verblijfadres, contact- of gebiedsverbod, afspraak op locatie of bijstand bij verhoor. Vervolgens is in alle stappen van het rechtsproces aandacht voor het slachtoffer en werken de Politie, OM en Slachtofferhulp nauw samen.

    Deze werkwijze van beoordelen en beschermen van slachtoffers is de eerste mijlpaal in de Meerjarenagenda Slachtofferbeleid 2018-2021 die de minister voor Rechtsbescherming Sander Dekker op 22 februari jongstleden presenteerde. Minister Dekker: “De nieuwe werkwijze van politie, OM en Slachtofferhulp Nederland stelt het slachtoffer centraal. En biedt betere bescherming en begeleiding waar nodig. Dit kan veel extra leed voor slachtoffers voorkomen. Eén keer slachtoffer zijn is al erg genoeg.”

    Rol Slachtofferhulp Nederland
    In al onze cliënt contacten hebben wij straks structureel aandacht voor de beschermingsbehoefte van een slachtoffer door opgestelde criteria en verdiepingsvragen. En daarmee informatie welke aanleiding kan zijn tot wijzigen van een beschermingsmaatregel. Denk aan informatie over financieel/juridische, psychische, lichamelijke en sociaal/ maatschappelijke gevolgen van het delict voor het slachtoffer. En of het slachtoffer zelf van mening is dat er sprake is van een onveilige situatie of een risico is op herhaald slachtofferschap. Slachtofferhulp Nederland heeft een signalerende en monitorende functie en heeft een rol om het slachtoffer te informeren, adviseren en indien nodig het slachtoffer te ondersteunen om een (gewijzigde) beschermingsbehoefte kenbaar te maken aan de politie of het OM.

    Met deze implementatie van de richtlijn gaat het beoordelen en beschermen van alle slachtoffers die aangifte doen structureel en gestructureerd plaatsvinden. De werkwijze individuele beoordeling van slachtoffers is al op veel plekken getest in de praktijk.

    Bron: Slachtofferhulp.nl >>

    #227577
    Luka
    Moderator

    Als seksueel misbruik voor de rechter komt

    Per dag worden in België 8 aangiftes gedaan van verkrachting. Slechts 1 op de 10 slachtoffers doet effectief aangifte. Het werkelijke aantal ligt dan ook veel hoger; naar schatting 80 verkrachtingen per dag. Hoe gaat het verder als daar gevolg aan wordt gegeven met een gerechtelijke procedure? En hoe kan het dat daders vaak onbestraft blijven?

    Hoewel de grote psychologische en fysieke gevolgen van verkrachting bekend zijn, leiden in België slechts 120 van de 3.000 jaarlijkse aangiftes daadwerkelijk tot een veroordeling. Dat cijfer ligt lager dan het Europese gemiddelde. België behoort daarmee tot de zeven Europese landen waarbij een aangifte het minst vaak leidt tot veroordeling.

    Tussen 2009 en 2011 werd 44% van de verkrachtingszaken bij het parket geseponeerd zonder gevolg: daarvan 56% wegens gebrek aan bewijzen en 17% omdat de dader onbekend was. Als andere redenen waarom verkrachtingszaken geseponeerd worden, werden onder meer het gedrag van het slachtoffer, de beperkte maatschappelijke weerslag of het feit dat het ging om een misdrijf van relationele aard (terwijl verkrachting binnen het huwelijk wel degelijk strafbaar is) als reden aangehaald om een zaak te seponeren, blijkt uit onderzoek van Amnesty International.

    Ook blijkt uit nieuw onderzoek van rechtspsycholoog André de Sutter dat 95% van de aangiftes wel degelijk echt is en vooral dat de meeste verkrachtingen geen typische gewelddadige verkrachtingen zijn zoals we ze kennen uit Hollywoodfilms.

    Wij spraken met Yente Neelen, doctoraatstudent seksueel strafrecht aan de UGent, en vroegen haar hoe dit eigenlijk allemaal in zijn werk gaat op juridisch vlak.

    Laten we beginnen met de bewijzen. Wat voor bewijs kan er gebruikt worden als seksueel misbruik leidt tot een strafzaak?
    “In principe kunnen er in strafzaken allerlei soorten bewijs aangebracht worden. Voorbeelden die gebruikt kunnen worden zijn vaststellingen door een geneesheer, die het slachtoffer heeft onderzocht. Of resultaten van de SAS, dat is de zogenaamde ‘seksueel agressie set’, waarmee gekeken wordt of er sporen van geweld of dna zijn achtergebleven op het lichaam van een slachtoffer. Daarnaast zijn er de verklaringen van de beklaagde, het slachtoffer en eventuele getuigen. Wanneer de politie huiszoekingen heeft gedaan, dan kunnen de resultaten daarvan ook als bewijs dienen. Tot slot zijn er nog de psychologische onderzoeken van beklaagde en slachtoffer.”

    In sommige gevallen, bijvoorbeeld bij aanranding zonder getuigen, kan het echter zo zijn dat er geen bewijs is. Wat als het enkel jouw woord is tegen dat van een ander?
    “De magistraat beoordeelt de bewijswaarde van een verklaring. Het gebeurt niet vaak, maar er is een beperkt aantal zaken waarbij consistente verklaringen van het slachtoffer als voldoende werden beschouwd en een dader veroordeeld kon worden. Maar over het algemeen vindt de rechter enkel een verklaring van het slachtoffer niet voldoende bewijs om iemand te veroordelen. Of een zaak sterk genoeg is om ermee naar een rechter te stappen, wordt bepaald door het vervolgingsbeleid van het betrokken parket. We hebben geen overzicht van de klachten die uiteindelijk bij de rechtbank terechtkomen, die gegevens zijn niet openbaar. Het parket heeft hier zicht op.”

    Hoe gaat de rechter te werk bij het nemen van een beslissing in een zaak rond seksueel misbruik?
    “De rechter heeft altijd de bevoegdheid om te individualiseren. De rechter bekijkt per zaak welke elementen er precies hebben meegespeeld. Binnen de wet is er altijd een minimum- en maximumstraf, en de rechter gaat op zoek naar een passende straf binnen de minimum- en maximumstraf. Bepaalde factoren spelen een rol in het vaststellen van de strafmaat, of die hoger of lager zal uitvallen. Zo’n factor kan bijvoorbeeld de leeftijd van het slachtoffer zijn, maar het kan ook de band tussen slachtoffer en dader zijn. Als er bijvoorbeeld een bepaalde relatie is tussen dader en slachtoffer kan het zijn dat de rechter daar ook rekening mee gaat houden. Maar dat verschilt van zaak tot zaak. De rechter is een neutraal, onpartijdig en onafhankelijk persoon, die al de feiten in acht moet nemen.”

    Hoe kan het dat een verkrachtingszaak soms nog heel licht bestraft wordt?
    “Dat moet in een groter geheel gekaderd worden. Het is zo dat verkrachting op dit moment nog altijd automatisch gecorrectionaliseerd kan worden. Dat wil zeggen dat een misdrijf dat in ons strafwetboek als misdaad wordt gekwalificeerd, geherkwalificeerd wordt tot een wanbedrijf waardoor de minimumstraf in de wet de maximumstraf in de realiteit wordt. Dat gebeurt automatisch en is het beleid in België. Minister van Justitie Koen Geens heeft wel plannen om dit te veranderen.

    Anderzijds is het ook zo dat er het strafuitvoeringsbeleid is. Door de aard van het misdrijf kan het zijn dat er bepaalde voorwaarden worden gekoppeld aan de straf. Dat komt ook voor bij seksuele misdrijven waarbij er bijvoorbeeld probatievoorwaarden gekoppeld worden aan de gevangenisstraf. Dit houdt concreet in dat de uitvoering van de gevangenisstraf uitgesteld wordt mits de opgelegde voorwaarden nageleefd worden. Een voorbeeld van een voorwaarde kan het volgen van therapie zijn, maar evengoed ook het uitvoeren van vrijwilligerswerk, contactverbod met het slachtoffer of het zoeken van werk. De gevangenisstraf moet worden uitgezeten wanneer de maatregelen niet nageleefd worden.”

    Uit onderzoek blijkt dat in 75% van de gevallen de verkrachter een bekende is voor het slachtoffer. Bij minderjarige slachtoffers kent 85% de dader. Wordt dat in de juridische praktijk ook duidelijk?
    “Uit internationaal onderzoek blijkt dat bij gerechtelijke zaken het grootste aantal zaken over bekenden gaat, dus daders die het slachtoffer kent. Dat is ook niet geheel onlogisch omdat, het gemakkelijker is om te vervolgen als de dader bekend is. Wanneer de dader onbekend is, is het veel moeilijker om over te gaan tot vervolging. Er is ook juridisch gezien dus meer bekend van zaken waarbij de slachtoffers de daders kennen.”

    Waar kunnen slachtoffer vandaag terecht?
    “In 2017 zijn er drie proefcentra opgericht voor slachtoffers van seksueel geweld in Brussel, Gent en Luik. Hier kunnen zowel mannelijke als vrouwelijke slachtoffers van seksueel geweld terecht. Hulpverleners komen hier samen met politie en justitie onder een dak . Dus op een plaats kunnen ze de klacht neerleggen terwijl er ook de nodige medische en psychische toestand bekeken wordt. Studie heeft ook uitgewezen dat er een nauw contact moet zijn tussen de diensten die te maken krijgen met de slachtoffers.”

    De #MeToo-beweging begon een jaar geleden. Is er al iets veranderd?
    “Op juridisch vlak zijn er geen veranderingen op dit moment. In 2007 werd er een wet ingevoerd die specifiek over ongewenst seksueel gedrag op het werk gaat. Later, in 2014, kwam daar de seksismewet bij, die verder gaat dan de bestrijding van ongewenst seksueel gedrag op de werkvloer, maar ook betrekking heeft op straatintimidatie. Maar dat was dus voor MeToo.

    Op wetenschappelijk vlak is het heel moeilijk te zeggen of er veranderingen hebben plaatsgevonden. Wetenschappelijke onderzoeken starten eigenlijk nu pas, om te kijken of er iets veranderd is. Een voorbeeld van dergelijk onderzoek is het onderzoek naar de psychologisch impact op slachtoffers van seksueel geweld na de #MeToo-campagne.

    Er zijn natuurlijk wel maatschappelijke veranderingen, in die zin dat er meer getuigenissen aan het licht zijn gekomen en dat seksueel geweld meer aandacht krijgt. Maar juridisch zijn er dus geen veranderingen op dit moment. ”

    We weten nu iets meer over de juridische kant van seksueel geweld, maar seksueel geweld is uiteraard niet enkel een juridische zaak. Zoals Magda de Meyer, voorzitter van de Vrouwenraad een tijd geleden al tegen De Morgen zei: “Seksueel geweld is nog altijd een miskend probleem, omdat het vaak als een privézaak wordt afgedaan. Maar dat is het niet: het is een maatschappelijk probleem dat een dringende aanpak verlangt.”

    Op het nummer 1712 (elke werkdag bereikbaar tussen 9 en 17 u) kan je terecht om situaties van seksueel geweld te melden of hulp te vragen. Meer info is ook op hun website te vinden.

    #229327
    Luka
    Moderator

    Het is nog steeds zijn woord tegen het hare, #MeToo

    Je bent slachtoffer van verkrachting en de rechter straft de dader. Zo gaat het dus vaak niet.
    Het verhaal van Lisa, Ana en Miranda, die op zoek gingen naar gerechtigheid.

    Ook in Nederland leiden ervaringen van seksueel geweld maar zelden tot de berechting van een dader.
    De eerste hobbel is de aangifte zelf. In Nederland doet ongeveer 13 procent van de slachtoffers aangifte, meldt het Centrum Seksueel Geweld.

    Onderzoeksbureau Regioplan onderzocht vorig jaar in opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid wat de motieven zijn om wel of niet aangifte te doen. Schuldgevoelens, schaamte en een perceptie van machteloosheid – ‘Ik heb toch geen bewijs’ – bleken veel mensen ervan te weerhouden naar de politie te stappen.

    Die gevoelens worden versterkt doordat de verdachte in bijna 85 procent van de gevallen een bekende is – de ervaringen van Lisa en Ana op straat vormen de uitzondering.

    Lees dit premium artikel op volkskrant.nl of als lid van LSG in het ledendeel.

    #233752
    Mark
    Moderator

    Hoe wordt een gepaste straf voor kindermisbruik bepaald?

    Zedenzaken waarbij kinderen zijn betrokken zorgen vaak voor onderbuikgevoelens. Geen straf is hoog genoeg, maar wat zijn eigenlijk de geldende wetten en bijbehorende strafmaten voor seksueel misbruik van minderjarigen?

    Het seksueel misbruiken van twee dochters vanaf hun geboorte, waaronder het seksueel binnendringen en masturberen in het bijzijn van de kinderen, leidde tot een celstraf van drie jaar, waarvan één voorwaardelijk. Een veelgehoorde reactie op het artikel over deze zaak was: waarom zo laag?

    “Zedenmisdrijven en de daarbij horende wetgeving zijn uiterst complex”, geeft landelijk officier Huiselijk Geweld en Zedenzaken Eva Kwakman, onmiddellijk toe. “Je hebt met zo veel factoren te maken. Wat is er gebeurd? Hoe vaak? Wat is het bewijs? En welke straf moet iemand krijgen?”

    Tel daarbij op dat dit vaak tegen de achtergrond van maatschappelijke onrust gebeurt. “Er is vaak sprake van heel veel begrijpelijke emotie, terwijl de politie neutraal onderzoek moet doen”, aldus Kwakman.

    De officier wil wel gelijk duidelijk maken dat Nederland een van de zwaarst straffende landen in Europa is, ook als het om zedenmisdrijven gaat. “Er zijn weleens lezersjury’s (willekeurige mensen die zittingen bijwonen en beoordelen, red.) die vinden vaak dat we te streng straffen als ze alle details kennen.”

    Naar type delict kijken om zedenzaak goed te begrijpen
    Om een zedenzaak die om kindermisbruik en de vervolging hiervan draait goed te kunnen begrijpen, is het goed om naar het type delict te kijken.

    Bij de meeste misdaden heeft er een misdrijf plaatsgevonden en is het aan de politie om de daders hiervan op te sporen.

    Bij zedenzaken is er juist al een naam van de verdachte of verdachten, en richt het onderzoek zich op de vraag of er sprake was van een misdrijf. In dit geval ontucht, en zo ja: welke onvrijwillige seksuele handelingen er hebben plaatsgevonden.

    Tel daarbij op dat de ontucht soms in een ver verleden heeft plaatsgevonden. “Er is dus vaak geen ondersteunend bewijs”, verduidelijkt Bart Swier, een in zedenmisdrijven gespecialiseerde advocaat. Dat zorgt ervoor dat hij cliënten duidelijk moet maken dat zaken moeilijk bewijsbaar zijn of sterker nog: dat het hem “enorm zou verbazen” als iemand ervoor veroordeeld wordt.

    “Zedenmisdrijven en de daarbij horende wetgeving zijn uiterst complex”
    Eva Kwakman, landelijk officier van justitie Huiselijk Geweld en Zeden

    In zedenzaken wordt vaak afgezien van vervolging
    Swiers verhaal vindt steun in een Kamerbrief (pdf) van minister Ferd Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) uit juni 2018. Daarin werd geconcludeerd dat in de periode 2015-2018 in gemiddeld 54 procent van de zedenzaken is afgezien van vervolging. In 75 procent van de gevallen was gebrek aan bewijs daarvoor de aanleiding.

    Een harde conclusie, maar Swier wijst erop dat in het strafrecht geldt dat één verklaring niet telt. “Eén getuige is geen getuige”, verduidelijkt hij. “Seksueel misbruik is zeer moeilijk te bewijzen. Het is vrijwel kansloos als het jaren geleden is gebeurd. Zeker als een verdachte ontkent.”

    Het is moeilijk om ontucht te bewijzen
    Maar als het dan toch tot een vervolging komt, is de volgende stap het aantonen van de ontucht. Sporen van verkrachting zijn, los van een seksuele overdraagbare aandoening (soa), tot zeven dagen na de gebeurtenis nog veilig te stellen.

    Maar wat als er sprake was van betasting of, zoals eerder gesteld, misbruik dat lang geleden heeft plaatsgevonden? Een belangrijk bewijsstuk in zaken die draaien om heel jonge kinderen is de verklaring van het slachtoffer zelf. “Want waarom zou een kind daarover liegen?”, verduidelijkt Swier.

    “Het lastigste is wel dat de verklaring van het slachtoffer zo min mogelijk beïnvloed moet zijn door anderen”, voegt Kwakman daaraan toe. “Als ouders horen van het misbruik, gaan zij hun kinderen – heel voorstelbaar – vaak uitgebreid vragen stellen. Dit kan de verklaring beïnvloeden, terwijl er voor een veroordeling geen enkele twijfel mag zijn.”

    Dankzij een beslissing van de Hoge Raad geldt de verklaring van een getuige die van het slachtoffer te horen heeft gekregen dat ze is misbruikt als ondersteunend bewijs.

    Een goed voorbeeld hiervan is de veroordeling van een man die zijn kleindochter heeft misbruikt, van 24 januari jongstleden. Het meisje vertelde in de auto aan haar moeder dat ze was misbruikt. De verklaring van de vrouw en een derde medepassagier werden door de rechter gebruikt bij de veroordeling van de man.

    De vier categorieën voor strafbepaling
    Categorie 1: Ontuchtige handelingen waarbij de minderjarige wordt geconfronteerd met seksuele handelingen zonder aanraking.
    Categorie 2: Ontuchtige handelingen waarbij er sprake is van aanraking.
    Categorie 3: Ontuchtig aanraken van de naakte geslachtsdelen en het oraal, vaginaal of anaal binnendringen anders dan met een geslachtsdeel.
    Categorie 4: Alle ontuchtige handelingen waarbij er sprake is van oraal, vaginaal of anaal binnendringen met een geslachtsdeel.

    Welke straf past bij welk delict?
    Het is aan de officier van justitie om de strafeis te bepalen. Ook hierbij gebruikt Kwakman het woord “complex”. “Er zijn seksuele handelingen die onder verschillende wetsartikelen vallen, met hun eigen strafmaximum. Daarom gaat de zedenwet ook aangepast worden. We gaan bij strafmaat zo veel mogelijk uit van de feitelijke gedraging.”

    Waar Kwakman op doelt, zijn de vier categorieën uit de richtlijn die het OM hanteert, elk met hun eigen zogenoemde strafbandbreedtes, met de vierde categorie als zwaarste. De richtlijn omvat onder meer alle ontuchtige handelingen tegen minderjarigen waarbij er sprake is van oraal, vaginaal of anaal binnendringen met een geslachtsdeel.

    Bij een oordeel wegen strafverhogende en verlagende factoren mee
    De bandbreedte is daarbij minimaal vijftien maanden en een maximum van vier jaar. Deze gaat uit van eenmalig misbruik door een meerderjarige die niet eerder iemand heeft misbruikt.

    Bij het oordeel wordt er vervolgens rekening gehouden met veel mogelijke strafverhogende en -verlagende factoren, zoals bijvoorbeeld recidive.

    Andere strafverzwarende factoren zijn bijvoorbeeld de leeftijd van het kind. De frequentie van het misbruik . Was er sprake van dwang, geweld en wat was de positie van de meerderjarige ten opzichte van het slachtoffer.

    Ter verduidelijking: de maximumstraf voor verkrachting van een minderjarige is twaalf jaar, en dat kan hoger worden door strafverzwarende omstandigheden.

    Zo kreeg Robert M. in 2013 negentien jaar cel en tbs. De voormalige kinderoppas en crèchemedewerker werd schuldig bevonden aan het misbruik van 67 zeer jonge kinderen.

    Robert M. werd in 2013 tot negentien jaar cel en tbs veroordeeld (Foto: ANP)

    Omstandigheden van delict zijn belangrijk voor het oordeel
    Juist de omstandigheden zijn belangrijk bij de strafeis, en bij het oordeel van de rechter.

    In de zaak van de vader die zijn dochters heeft misbruikt, werd er vastgesteld dat hij een laag IQ had, niet over een eerder strafblad beschikte, spijt betuigde en onder behandeling stond. Dat alles zorgde voor een straf die lager is dan het wettelijke strafmaximum.

    Mate van recidive is laag als het om misbruik gaat
    “Je wilt bij een zedenmisdrijf weten of er kans op is herhaling. Je wilt dat als iemand vrijkomt, het niet nog een keer gebeurt”, legt Kwakman uit. “Dus je wilt behandelen als dat nodig is.”

    “De mate van recidive bij zedenzaken is trouwens lager dan veel mensen denken. Zedendaders stoppen vaak als ze gepakt worden. Misbruik van kinderen komt ook lang niet altijd voort uit een stoornis, maar is in veel gevallen situationeel en een gevolg van andere problematiek.”

    Wat Kwakman bedoelt, is dat een van de ouders zich soms aan hun kinderen vergrijpt omdat die ‘binnen bereik’ zijn.

    De strafmaat in misbruikzaken zal daarmee altijd een onderwerp van gesprek zijn en is gebaat bij een heldere uitleg.

    Bron: nu.nl

    #233771
    Luka
    Moderator

    Rechter: Seksueel binnendringen kan ook digitaal gebeuren

    De rechtbank Limburg heeft een 55-jarige man uit Kerkrade veroordeeld voor het seksueel binnendringen van minderjarige meisjes, terwijl hij nooit fysiek contact had met zijn slachtoffers.

    De ontucht gebeurde via internet, waar hij meekeek via de webcam, terwijl hij zijn slachtoffers bij zichzelf handelingen liet verrichten.

    De uitspraak is opvallend, omdat minister Ferd Grapperhaus van justitie en veiligheid de Tweede Kamer eind 2017 nog liet weten dat ‘iemand dwingen tot het seksueel binnendringen bij zichzelf buiten de reikwijdte van het misdrijf verkrachting valt’. Wel zei de minister te werken aan een modernisering van de wet, zodat er meer duidelijkheid komt over die digitaal gepleegde zedenmisdrijven. Daar wordt nog steeds aan gewerkt op het ministerie.

    Bij de constatering dat digitale verkrachting niet kan, baseerde Grapperhaus zich op een rapport van de Rijksuniversiteit Groningen. De auteur daarvan, hoogleraar strafrecht Kai Lindenberg, noemt de beslissing van Limburgse rechtbank eveneens bijzonder. “De uitspraak ligt in mijn ogen niet voor de hand.” Maar toegegeven, aldus de hoogleraar, het is nog steeds niet duidelijk of de wet bij ontucht hetzelfde moet worden uitgelegd als bij verkrachting. “We zullen moeten wachten op het oordeel van de Hoge Raad of op nieuwe wetgeving.” Of de zaak ooit tot de Hoge Raad komt, hangt af van de vraag of het Openbaar Ministerie, dan wel de verdachte in hoger beroep gaat.

    Minderjarig
    Dat het in de Limburgse zaak gaat over ‘ontucht met seksueel binnendringen’ en niet over verkrachting zit hem vooral in het feit dat de slachtoffers minderjarig zijn. Bij verkrachting moet bewezen worden dat er dwang bij kwam kijken, bij ontucht hoeft dat niet.

    De man uit Kerkrade deed zich onder meer voor als zijn zoon om online contact te leggen met zijn slachtoffers. Tien van hen deden aangifte. Volgens de rechter zette hij de meisjes, die tussen de negen en vijftien jaar zijn, via ‘indringende manipulatie’ aan om met vingers of voorwerpen seksuele handelingen bij zichzelf te verrichten. Daarmee heeft hij volgens de rechtbank wel degelijk ontucht mét de slachtoffers gepleegd. Dat daar geen fysiek contact bij kwam kijken, doet daar niet aan af.

    Wel resulteert het uitblijven van fysiek contact in een lagere gevangenisstraf dan het Openbaar Ministerie had geëist: vier jaar cel in plaats van vijf jaar. De man moet zich ook psychiatrisch laten behandelen.

    Bron: Trouw.nl >>

    #234382
    Luka
    Moderator

    Aangifte doen of melding maken van seksueel misbruik bij de politie, hoe gaat dat in Nederland?

10 berichten aan het bekijken - 1 tot 10 (van in totaal 33)
  • Je moet ingelogd zijn om een antwoord op dit onderwerp te kunnen geven.
gasten online: 15 ▪︎ leden online: 0
No users are currently active
FORUM STATISTIEKEN
topics: 3.249, berichten: 17.538, leden: 2.083