Homoseksualiteit

  • Dit onderwerp bevat 28 reacties, 3 deelnemers, en is laatst bijgewerkt op 12/06/2021 om 18:12 door Luka.
4 berichten aan het bekijken - 26 tot 29 (van in totaal 29)
  • Auteur
    Berichten
  • #258877
    Luka
    Moderator

    Vier lhbt-jongeren over hoe onveilig ze zich voelden op school

    “Toen ik elf was, vroeg ik verkering aan een jongen. Daarna wilde de juf een gesprek met mijn ouders – ze vond dat dit absoluut niet kon of mocht. Volgens haar maakte ik de school een onveilige omgeving voor andere kinderen.”

    “Scholen mogen ouders een contract laten ondertekenen waarin staat dat de school homoseksualiteit afkeurt.”

    Dit is geen citaat uit een folder van een strenge kostschool uit de jaren vijftig, maar een uitspraak van Arie Slob, minister van onderwijs, gisteren in de Tweede Kamer. Daar werd namelijk gedebatteerd over of scholen mogen eisen dat ouders een verklaring tekenen waarin een homoseksuele levenswijze wordt afgekeurd – iets wat tot op de dag van vandaag nog steeds gebeurt op sommige reformatorische scholen.

    Een groot deel van de tweede-kamerleden vindt dat dit niet meer moet kunnen, maar volgens ChristenUnie-Slob is dit een onderdeel van de ‘vrijheid van onderwijs en religie’. Tegelijkertijd zijn scholen, volgens hem, wel verplicht om voor een veilig klimaat te zorgen. Hoe dat in hemelsnaam mogelijk is wanneer je seksualiteit er verboden wordt, daar had de minister geen antwoord op.

    Slobs uitspraak zorgde direct voor een hoop ophef, en een paar uur later krabbelde hij alweer terug. “Als die contracten in strijd zijn met een veilig klimaat op school, dan moeten ze op een goede manier worden aangepast,” zei hij. Slob mag dan wel van standpunt veranderd zijn, de treurige realiteit is dat er nog steeds bitterweinig bescherming is voor lhbti+-jongeren op middelbare scholen.

    Het COC, de Nederlandse belangenvereniging voor lhbti+-ers, vindt dat lhbti+’ers welkom moeten zijn op élke school en ook dat ze beschermd moeten worden. “Scholen moeten lhbti-leerlingen juist steunen,” schrijft COC-voorzitter Astrid Oosenbrug, “Want ‘homo’ is op scholen het meest gebruikte scheldwoord, lhbti-jongeren worden vier keer vaker dan gemiddeld gepest, en ze doen bijna vijf keer vaker een zelfmoordpoging.”

    VICE sprak vier jongeren over hun ervaringen als lhbti+’er op zowel een reformatorische, christelijke als openbare school, en waarom het volgens hen zo belangrijk is om je juist daar veilig te voelen.

    Elijah, 19

    Op mijn twaalfde kwam ik uit de kast. Mijn ouders hadden hier geen probleem mee: ze vonden het fijn dat ik mezelf durfde te zijn. Wel waarschuwde mijn moeder me dat ik me waarschijnlijk zou moeten verdedigen; ze dacht dat er een hele hoop mensen nog niet klaar waren om mij en mijn seksualiteit te aanvaarden. En inderdaad, op de middelbare school was dat ook zo.

    Wanneer ik in de klas uitgescholden werd, lachte de docent vaak gewoon mee. In het ‘beste geval’ negeerden ze het gewoon.

    Op mijn mijn school, een openbare school in Spijkenisse, wist iedereen meteen dat ik homoseksueel ben. Alhoewel een groot deel van de leerlingen dat accepteerde, waren er een paar die niet met mijn seksualiteit om konden gaan. Als ik over een jongen sprak, werd me gevraagd of ik me ‘lekker in mijn kont liet neuken’. Ik werd ook uitgescholden voor ‘flikker’, ‘zember’ of ‘kankerhomo’. Soms werd er tegen mijn hielen getrapt. En wanneer ik in de klas uitgescholden werd, lachte de docent vaak gewoon mee. In het ‘beste geval’ negeerden ze het gewoon.

    Toch heb ik me nooit onveilig gevoeld. Ik heb namelijk geleerd om voor mezelf op te komen. Als iemand me uitschold, stapte ik op die persoon af en zei ik hem dat hij me waarschijnlijk lekker vond. Of ik zei gewoon dat-ie z’n bek moest houden. Ik leerde vanaf een jonge leeftijd om respect af te dwingen. Anders zou ik het nooit halen. Sterker nog: die ervaringen hebben me sterker gemaakt. Nu ben ik een danser, en omdat ik altijd geleerd heb om mezelf niet te verloochenen, durf zonder schaamte op grote podiums te dansen en mijn kont eraf te twerken.

    Omdat ik een van de weinige openlijke homo’s van de school was, kreeg ik geregeld DM’s van jongeren die nog in de kast zaten. Ze vroegen me om raad, omdat ze geen idee hadden hoe ze om moesten gaan met hun geaardheid. Op school kregen we bijvoorbeeld nooit les over homoseksualiteit. En omdat er helemaal geen anti-pestbeleid was, voelden heel weinig lhbti-jongeren zich echt veilig op mijn school.

    Wim, 26

    Ik ben opgegroeid in de Biblebelt, op de Veluwe. Op de middelbare school ontdekte ik dat ik homoseksueel ben. Toch ben ik nog maar twee jaar geleden uit de kast gekomen.

    Doordat mijn leraren homoseksualiteit openlijk afkeurden, ontstond er ruimte voor pesterijen van mijn medeleerlingen.

    Op mijn reformatorische school was er namelijk absoluut geen ruimte voor mensen met een andere geaardheid dan heteroseksualiteit. We kregen wel lessen over seksualiteit, maar daarin werd er alleen maar gesproken over heteroseksuele relaties en hoe de Bijbel hier tegenover staat. In diezelfde lessen werd ons ook geleerd dat homoseksualiteit absoluut niet mag – en dat je in zonde leeft als je die gevoelens hebt en eraan zou toegeven.

    Doordat mijn leraren homoseksualiteit openlijk afkeurden, ontstond er ruimte voor pesterijen van mijn medeleerlingen. ‘Homo’ was een scheldwoord. Het is niet zo dat ik toen al meteen honderd procent zeker was dat ik per se homoseksueel was, maar ik wilde wel praten over dat sluimerende gevoel van verwarring. Dat durfde ik absoluut niet.

    Als ik terugdenk aan die tijd, voel ik vooral verdriet. Ik heb weinig foto’s van mijn tienertijd en de paar foto’s die ik wel heb, zie ik liever niet terug. Je ziet namelijk dat ik niet mezelf was.

    Nu, jaren later en ver verwijderd van de middelbare school, durf ik eindelijk wel mezelf te zijn. Toch zijn er ook nu nog zoveel jongeren die zich niet veilig voelen op hun school, omwille van hun geaardheid. Alhoewel we in een land leven waarin iedereen het recht heeft op een vrije meningsuiting, en scholen het recht hebben om te kiezen wat hun idealen en waarden zijn, vind ik dat het hun verantwoordelijkheid is om een open gesprek te creëren, waarbij elke student zich gehoord voelt.

    Daniel, 20

    Ik wist eigenlijk al vrij vroeg dat ik op jongens val. Mijn ouders, die dit ook snel doorhadden, besloten daarom om mij naar een openbare basisschool te sturen. Ze hoopten dat ik daar meer ruimte zou krijgen om mezelf te ontdekken.

    Toen ik elf was, vroeg ik verkering aan een jongen. Daarna wilde de juf een gesprek met mijn ouders – ze vond dat dit absoluut niet kon of mocht. Volgens haar maakte ik de school een onveilige omgeving voor andere kinderen.

    Toen ik elf was, vroeg ik verkering aan een jongen. Daarna wilde de juf een gesprek met mijn ouders – ze vond dat dit absoluut niet kon of mocht. Volgens haar maakte ik de school een onveilige omgeving voor andere kinderen. Mijn ouders vonden dat natuurlijk een vreselijke opmerking, maar toen ze naar de directie gingen om hierover te klagen, werd er weinig mee gedaan. Gelukkig hebben mijn ouders me altijd gesteund.

    Dat moment heeft me nog lang achtervolgd. De juf sloot me buiten van leuke activiteiten, en liet me nooit naar een hoger niveau gaan in de lessen. Ik voelde dat ze altijd al een hekel aan me had, en ik denk dat dit te maken heeft met het feit dat ik jongens leuk vind.

    Uiteindelijk ben ik naar een christelijke middelbare school gegaan. Daar heb ik meteen in de eerste klas verteld dat ik op jongens val. Een half jaar later ben ik van mentorklas verwisseld, omdat de mentor mij ‘te lastig’ vond. Later bleek dat hij me van klas had laten wisselen omdat ik homo ben. Het was niet de eerste keer dat hij een leerling uit z’n klas wilde omdat-ie niet hetero is: toen de school op onderzoek uit ging, bleek dat hij dit al jaren deed. Uiteindelijk is hij zelf gestopt met daar lesgeven.

    Het was wel een christelijke school, maar er waren een paar leraren openlijk gay. Dat was enerzijds een voordeel, omdat ik me begrepen voelde door de school. Maar anderzijds was er nog geen open gesprek over homoseksualiteit, of hoe je daar als medeleerling mee om kan gaan. Daardoor was er ook weinig oog voor pesterijen door medeleerlingen.

    Ik heb ontzettend veel geluk gehad met mijn ouders, die me altijd ondersteund hebben. Door hen hoefde ik nooit echt uit de kast te komen. Maar niet iedereen heeft dat geluk. Scholen die ‘de vrijheid’ krijgen om zelf te beslissen hoe ze omgaan met homoseksuele leerlingen, en er dan voor kiezen om het niet toe te laten, kunnen lhbti-leerlingen ontzettend beschadigen.

    Dante, 21

    Rond mijn zestiende kwam ik erachter dat ik panseksueel ben [panseksualiteit is de seksuele aantrekking naar personen van alle genderidentiteiten en geslachten, red.]. Dat is voor mij nooit een heel groot probleem geweest, en ook mijn omgeving en medeleerlingen vonden dit gewoon prima. Het ding wat wel complexer was, voor zowel mijzelf als mijn klasgenoten en de school, is het feit dat ik non-binair ben.

    In de lessen zelf werd er nooit gesproken over genderidentiteit, dus ik wist zelf niet goed wat er met me aan de hand was.

    Ik kwam daar zelf vrij laat achter, omdat ik nooit wist dat dit überhaupt bestond. Ik kreeg op school wel geregeld de vraag of ik nou een man of vrouw ben, maar vaak was dit op een lullige manier bedoeld en niet om hierover een oprecht gesprek aan te gaan. Die ongemakkelijke momenten herinner ik me nog goed – ondanks dat ze niet zo groots lijken, hebben ze wel een grote impact op me gehad. In de lessen zelf werd er nooit gesproken over genderidentiteit, dus ik wist zelf niet goed wat er met me aan de hand was.

    Toch heb ik me nooit onveilig gevoeld op school. Ik had bijvoorbeeld een paar lhbti-leraren, waardoor ik me altijd wel gezien voelde. Daarnaast hadden we ook Paarse Vrijdag, een dag waarin medeleerlingen paars dragen uit solidariteit naar lhbt’ers. Dat heeft me altijd wel geholpen, omdat ik zag dat een gigantisch deel van de school voor homorechten was en mij dus ook steunde. Er was ook een strikt anti-pestbeleid. Daardoor was de algemene sfeer op mijn school erg goed.

    Doordat mijn school zo open was, durf ik nu zonder schaamte mijn eigen identiteit te ontdekken. Ik ben nu nog wat aan het experimenteren met namen en pronouns. Als mijn school homoseksualiteit had verboden, had ik me zo ontzettend bedreigd gevoeld. Daardoor had ik nooit zo vroeg uit de kast durven komen en had het nog jaren geduurd voordat ik durfde ontdekken wie ik echt ben.

    Bron: Vice >>

    #258917
    Luka
    Moderator

    De bi+ gemeenschap staat op: “Ik wil niet dat mensen mij als hetero zien, want dat ben ik niet”

    Ongeveer één miljoen Nederlanders heeft biseksuele gevoelens en/of ervaringen. Uit recent onderzoek van Bi+ Nederland blijkt dat deze mensen vaak tegen de ‘monoseksuele’ norm aanlopen. Ariela is zelf ook queer en ging in gesprek met lotgenoten die dit probleem herkennen.

    Wanneer er wordt gesproken over seksuele oriëntatie denken veel mensen nog vaak aan de hokjes hetero en homo/lesbisch, oftewel: de monoseksuele norm, het idee dat mensen zich enkel tot één gender aangetrokken voelen. Maar personen buiten deze monoseksuele norm zijn lang ‘onzichtbaar’ geweest (en gemaakt), zowel in het dagelijks leven als in beleidstukken en wetgeving.

    Voor deze mensen is er de term bi+, dat is iedereen die zich identificeert als biseksueel, queer, panseksueel en/of fluïde, maar ook personen die zich identificeren als hetero- of homoseksueel en lesbisch, ondanks dat zij ook biseksuele gevoelens ervaren.

    Jantine van Lisdonk is antropoloog in seksuele- en genderdiversiteit en medeoprichter van Bi+ Nederland, een nieuwe organisatie die zich inzet voor iedereen die bi+ gevoelens en ervaringen heeft. Zij bevestigt dat bi+ personen lang onzichtbaar zijn geweest, ook onder onderzoekers en beleidsmakers: “De aanname was vaak dat je óf een heteroseksueel leven leidt óf een homo of lesbisch leven, met eventueel dezelfde problemen.”

    Uit de LHBT-monitor 2018 van het Sociaal en Cultureel Planbureau is gebleken dat dit niet het geval is. Een van de belangrijkste conclusies was dat met name transgender personen (man, vrouw en non-binair) en biseksuele personen meer gezondheidsproblemen krijgen dan anderen binnen de queer gemeenschap. Dat neemt natuurlijk niet weg dat ook andere personen binnen de LGBTQIA+-gemeenschap tegen gezondheidsproblemen aanlopen. Maar het geeft wel aan dat het belangrijk is om ook specifieke aandacht te geven aan bi+ personen.

    Uit het onderzoek van Bi+ Nederland is nu ook gebleken dat bi+ mannen (in vergelijking met bi+ vrouwen en non-binaire/genderfluïde personen) meer last hebben van geïnternaliseerd stigma, terwijl bi+ vrouwen en non-binaire/genderfluïde personen juist meer last hebben van bi-erasure, wat wil zeggen dat over de laatste groep vaker wordt gedacht dat ze in de war zouden zijn of dat ze in een fase zouden zitten.

    Ruim 80% van de bi+ vrouwen en non-binaire/genderfluïde personen wil dan ook dat hun seksuele oriëntatie serieuzer genomen wordt, en ruim 70% van hen zou willen dat hun seksuele oriëntatie zichtbaarder was. Daarnaast hebben bi+ vrouwen en non-binaire/genderfluïde personen vaker last van stigma’s van buitenaf. Zo krijgt ruim de helft van de bi+ vrouwen en non-binaire/genderfluïde personen regelmatig ongepaste vragen naar hun hoofd geslingerd, en ruim 30% van de non-binaire/genderfluïde heeft te maken met verbaal geweld.

    Een leven vol stigma’s
    Leroy Kxng (29) heeft veel te maken met stigma’s als Zwart non-binair persoon die zichzelf identificeert als seksueel fluïde en polyamoreus is. “Ik heb nu een relatie met iemand die zich identificeert als vrouw en dan denken mensen dat ik opeens heteroseksueel ben. Terwijl dat al niet kan omdat ik mezelf identificeer als non-binair”, vertelt Leroy.

    Hen is polyamoreus en vond het door alle vooroordelen die er zijn over biseksuelen aan het begin erg moeilijk om hiervoor uit te komen. “Mensen denken vaak dat biseksuelen altijd vreemdgaan of niet monogaam kunnen zijn. Ik was bang dat ik dat stereotype zou bevestigen en dat maakte het wel lastig om het te accepteren.” Daarnaast krijgt hen ook te maken met vooroordelen als non-binair persoon, maar is hen zich ook bewust van diens privileges.

    “Ik weet dat ik door een groot gedeelte van de wereld wordt gezien als een man, omdat ik masculien representerend ben. Het voelt soms alsof ik mezelf meer moet bewijzen, maar ik ben wie ik ben en ik weet wie ik ben. Maar als ik bijvoorbeeld in een omgeving ben waar ik me minder veilig voel, merk ik dat ik me meer masculien opstel. Daardoor weet ik ook dat ik ruimte moet maken binnen de queer community voor andere mensen. Die krijgen door de manier waarop zij zich uitdrukken of door hoe de wereld hen ziet met meer onderdrukking te maken. Zo krijgen zij ook de ruimte en de vrijheid die ik heb.”

    Daarnaast wil hen een voorbeeld geven aan diens nichtjes en neefjes. “Als mijn nichtjes en neefjes gevoelens hebben die buiten de heteronormatieve norm vallen, dan wil ik dat zij niet zo hoeven te worstelen als ik dat moest. Ik wil dat zij zien dat het er mag zijn en dat het er is in onze familie.”

    De monoseksuele norm
    Laura van der Heide is 26 jaar en loopt ook regelmatig tegen de monoseksuele norm aan. “Ik heb vanaf mijn 21ste vier jaar in een heterorelatie gezeten en daardoor heb ik heel erg getwijfeld over mijn seksualiteit, terwijl ik wel altijd heb geweten dat ik vrouwen ook leuk vind. Ik denk dat ik als tiener liever niet bi of gay wilde zijn, omdat ik het niet moeilijk wilde maken voor mezelf.”

    Laura had het in haar vorige relatie bijna nooit over haar seksualiteit, ook omdat haar toenmalige vriend het lastig vond. “Het is niet de reden dat het uitging, maar toen ik er opener over werd, zorgde dat wel voor wrijving. Hij was bang dat ik iets te kort zou komen in een heterorelatie. Achteraf gezien denk ik wel dat mijn vorige relatie me tot een bepaalde hoogte heeft tegengehouden, waardoor ik niet volledig mezelf kon zijn. Dat doet mentaal wel wat met je.”

    Sinds het uit is, voelt Laura zich veel vrijer binnen haar seksualiteit – al loopt ze tijdens het daten wel tegen vooroordelen aan, zowel binnen de queer gemeenschap als daarbuiten. “Mensen denken dat het een tussenstation is, een fase waarin ik van hetero naar lesbisch switch. Of ze twijfelen of ik wel echt queer ben, omdat ik er niet queer genoeg uitzie. Maar biseksualiteit mag er gewoon zijn, vind ik.”

    Laura merkt dat vrouwen en non-binaire personen soms terughoudend zijn wegens haar eerdere relatie met mannen. “Het voelt soms een beetje oneerlijk dat mensen niet met je willen daten, omdat je weinig ervaring hebt. Maar die ervaring komt er juist ook niet als mensen daarom niet met je willen daten. Ik begrijp het ook wel, zeker als je vaker gebruikt bent als ‘experimentje’. Dan word je natuurlijk voorzichtiger.” Ze pleit dan ook voor meer verhalen van verschillende soorten queer personen. “We leren niet dat queer mensen in alle maten en vormen voorkomen.”

    Zichtbare representatie
    Eén van die mensen die zich inzet voor zichtbare representatie is Bete van Meeuwen. De 27-jarige fotograaf zet zich zowel online als offline in tegen onrecht. Ze is Zwart, queer en proud, zoals ze zichzelf vaak omschrijft. “Het grootste gedeelte van mijn leven heb ik mij als biseksueel geïdentificeerd. Toen ik hoorde dat biseksuele mensen transfobisch zouden kunnen zijn, begon ik mij meer te identificeren als panseksueel”, vertelt Bete. “Dat betekent niet dat alle biseksuele personen transfobisch zijn”, voegt ze er nadrukkelijk aan toe.

    Ze vervolgt: “Later hoorde ik zelfs dat ook dat weer een vooroordeel is over de bi-community. Maar sinds ik me steeds meer uitspreek over maatschappelijke topics, gebruik ik het woord queer. Queer is ontstaan vanuit een politiek statement en dat past nu het beste bij me.”

    In een van haar stories op Instagram gaf Bete aan dat ze soms wil schreeuwen dat ze queer is sinds ze in een heteroseksuele relatie zit. Als ik haar vraag waar dat gevoel vandaan komt, begint ze te lachen. “Ik wil niet dat mensen mij als hetero zien, want dat ben ik niet. Ik was altijd overduidelijk queer, omdat ik bijna mijn hele leven serieus heb gedate met vrouwen. Nu ik in een relatie zit met een cisgender man kun je dat niet zien, maar mijn identiteit blijft hetzelfde.”

    Online voert ze veel gesprekken met mensen die in een heteroseksuele relatie zitten en die zich daardoor niet bi of queer genoeg voelen. Ze vindt het daarom belangrijk dat er meer representatie komt van verschillende bi+ mensen. “Ik denk dat er meer verhalen en ervaringen gedeeld moeten worden, maar ook gezichten. Zodat je kunt zien dat vooroordelen vaak niet kloppen, en soms ook wel, maar ook zodat je kunt zien dat er niet één soort biseksueel persoon bestaat.”

    Bron: NPO3 / Brandpunt + >>

    #258918
    Luka
    Moderator

    https://biplus.nl

    meer ruimte voor iedereen
    Ongeveer één miljoen Nederlanders hebben bi+ gevoelens of ervaringen. Je bent bi+ als je je aangetrokken voelt tot meer dan één geslacht of gender.Sommige mensen noemen zich bi, pan, queer, flex of fluïde, maar de meeste mensen benoemen hun bi+ kant niet.

    Bi+ Nederland is er voor jou
    Wij geloven dat mensen met bi+ gevoelens en ervaringen evenveel recht hebben op onvoorwaardelijke liefde en een goed en gelukkig leven als iedereen anders.

    Bi, pan, queer, flex en fluïde mensen, en mensen zonder label mogen er zijn!
    Of je nu zelf bi+ bent, of iemand in je naaste omgeving kent die bi+ is, iedereen heeft baat bij een bi+ inclusieve samenleving.
    Met een bi+ inclusieve samenleving bedoelen we een samenleving die mensen met bi+ gevoelens en ervaringen zo min mogelijk in de weg zit.

    Bi+ dag

    jouw leven,
    jouw avontuur!

    Het leven is één groot avontuur en dat geldt zeker voor mensen met bi+ gevoelens en ervaringen! Op de Bi+ Dag online kon je dan ook kiezen tussen verschillende interessante workshops die jouw persoonlijke avontuur inhoudelijk versterken.

    Daarnaast leerde je op de Bi+ Dag online ook andere mensen kennen die, net als jij, weten wat het is om bi+ gevoelens en ervaringen te hebben.

    bi+ onderzoek
    Het Bi+ Onderzoeksconsortium doet in opdracht van Bi+ Nederland onderzoek naar de ervaringen en het welzijn van bi+ mensen in Nederland.

    #259392
    Luka
    Moderator

    Mr. Gay Belgium Joren Houtevels over de gevolgen van verkrachting: “Het lukt niet om me bloot te geven bij iemand nieuw”

    De gruwelijke verkrachtingszaak in Gent — waarbij een 14-jarig meisje uit het leven stapte nadat ze was misbruikt en de beelden online waren gegooid — komt hard binnen bij huidig Mister Gay Belgium Joren Houtevels (21). Hij weet dan ook als geen ander wat het met een mens doet, want ook hij werd gechanteerd en verkracht. Hij getuigt over die vreselijke gebeurtenis en de gevolgen die hij tot vandaag met zich meedraagt. “Ik dacht dat ik het misbruik verwerkt had, maar besef nu dat ik het levenslang zal meesleuren.”

    Joren heeft lang gezwegen over wat hem is overkomen. Maar sinds hij verkozen is tot Mister Gay Belgium, voelt hij zich zelfverzekerd genoeg om te getuigen over het seksueel misbruik. Met maar één doel: hopen dat andere slachtoffers ook de moed vinden om erover te praten. “Toen ik in de kranten las wat dat meisje was overkomen, kwamen de emoties bij mij weer naar boven. Ik dacht dat ik het misbruik verwerkt had, maar besef nu dat ik het levenslang zal meesleuren. En dat zwijgen niet helpt. (stil) Ik wil niet weten wat er allemaal door het hoofd van dat meisje spookte de dagen na de verkrachting en bij het zien van de beelden op sociale media. Zoiets kan je niet alleen verwerken. Dat bewijst haar verhaal eens te meer”, klinkt het in ‘Dag Allemaal’.

    Jij weet zelf ook maar al te goed hoe het voelt.
    Joren Houtevels: “Ik was 15 toen ik via Facebook in contact kwam met een jongen van mijn leeftijd. Althans, zo deed hij zich voor. Ik was in die periode erg zoekende en was ook nog niet uit de kast gekomen. Die jongen worstelde schijnbaar met dezelfde gevoelens. Thuis vlotte het ook niet goed met zijn ouders en online konden we bij elkaar ons hart luchten. Er ontstond een vertrouwensband en na een paar weken chatten hing er in onze gesprekken een zekere seksuele spanning. (stil) Op een bepaald moment stelde hij voor naaktfoto’s uit te wisselen. En naïef als ik was, stuurde ik hem er één.”

    Toen vorig jaar de foto’s van ­Peter Van de Veire, Stan Van Samang en Sean Dhondt uitlekten, vroegen velen zich af waarom mensen naaktfoto’s van zichzelf naar wildvreemden sturen. Weet jij nog wat jou toen dreef?
    “Zoals ik al zei: er werd een zekere spanning opgebouwd. Ik heb mij vorig jaar behoorlijk druk gemaakt in de reacties op die naaktfoto’s. Die beelden zijn in vertrouwen verstuurd, hé, daar is niets crimineels aan. De fout zit bij degene die daar misbruik van maakt. Zo ging het ook bij mij. Ik had die jongen nog nooit fysiek ontmoet, maar ik kreeg wel het gevoel dat we bevriend waren. Er waren veel raakvlakken, hij begreep mij, dacht ik. Zodra ik die naaktfoto had gestuurd, sloeg de sfeer om.”

    Wat gebeurde er?
    “Hij wilde afspreken en drong aan op seks. Maar ik voelde mij daar nog niet klaar voor. En toen begon de chantage. Hij had screenshots gemaakt van de profielen van mijn familie en dreigde ermee mijn foto naar hen door te sturen als ik niet met hem afsprak. Wat ik, voor alle duidelijkheid, niet heb gedaan, hoe bang ik ook was dat m’n familie die foto’s zou zien.”

    Drie jaar later bleek mijn angst trouwens terecht. Toen ontdekte ik dat die ‘jongen’ geen leef­tijds­ge­noot was, maar een man van midden de dertig

    Joren Houtevels

    Wat gaat er door je heen op zo’n moment?
    “Mijn wereld stortte in. Mijn vertrouwen was geschonden, ik besefte dat mijn foto in verkeerde handen was terechtgekomen, maar wat kon ik doen? Je voelt je enorm machteloos. In de hoop weer controle te krijgen over mijn leven, deed ik mijn uiterste best om allemansvriend te worden. Ik zetelde in de school- en leerlingenraad, ik zat in de toneelvereniging van de school. Hopend dat, mochten die beelden ooit uitlekken, niemand ze zou doorsturen uit respect voor mij. Maar werd er in de klas gegiecheld of zat een groepje heimelijk naar iemands gsm-schermpje te turen, dan bekroop mij de angst dat de beelden gelekt waren.”

    Sprak je er met iemand over?
    “Nee, ik schaamde mij dood. Zelfs toen een vriendin hetzelfde meemaakte — haar foto ging wél rond op school — durfde ik het niet te vertellen. Ik maakte mijzelf en de buitenwereld wijs dat ik het perfecte leven had. Ik blokkeerde die jongen op mijn sociale media en probeerde verder te gaan met mijn leven.”

    Lukte dat?
    “Het was eerder overleven. Ik kampte met duistere gedachten. Om die te verdringen, probeerde ik mijn dagen zo vol mogelijk te stouwen. Soms sliep ik maar vier uur, uit angst voor de nacht. Want in bed komen de gedachten en de angst naar boven. Ook al had ik die jongen geblokkeerd, hij had wel nog altijd mijn foto. En ik wist begot niet wie hij was of wat hij ermee van plan was. Drie jaar later bleek mijn angst trouwens terecht. Toen ontdekte ik dat die ‘jongen’ geen leeftijdsgenoot was, maar een man van midden de dertig.”

    Hoe kwam je dat te weten?
    “In 2018 installeerde ik Grindr op mijn gsm, de datingapp voor homo’s. En diezelfde ‘leeftijdsgenoot’ zocht weer contact. Ik had het pas door na een aantal chatberichten, toen ik merkte dat hij veel meer wist over mij dan wat ik hem in onze gesprekken vertelde. Ik blokkeerde hem meteen, maar het kwaad was geschied: hij had mijn nieuw gsm-nummer gevonden en begon mij sms’en te sturen. Toevallig stond bij één bericht ook zijn mailadres, waardoor ik zijn echte identiteit kon achterhalen.”

    Een belangrijke ontdekking, toch?
    “Ja, maar ook toen durfde ik nog geen klacht in te dienen. Integendeel. Hij confronteerde mij meteen met mijn naaktfoto, stuurde mij screenshots van de Facebookprofielen van mijn familieleden en begon mij te stalken. Hij had ook mijn adres achterhaald. Ging ik met vrienden op stap, dan kreeg ik van hem een sms’je dat hij mijn nieuwe broek erg mooi vond.”

    Volgde hij jou dan?
    “Dat moet wel. Hij wist wanneer ik ging slapen, wanneer ik naar de bib ging… (stil) Op een gegeven moment wist ik niet meer wat ik moest doen, ik wilde gewoon dat het zou stoppen. Toen heb ik een knop omgedraaid en besloot ik om met die man af te spreken, in de hoop dat hij nadien zou ophouden.”

    Het draaide jammer genoeg anders uit.
    “Hij is mij ’s avonds hier in de buurt komen oppikken, reed met mij naar een bos en heeft mij daar misbruikt. (stilte, krijgt het moeilijk) Ik durf inmiddels toe te geven dat ik verkracht ben, maar vraag me niet om er gedetailleerd over te praten, dat lukt nog niet. Voor mij is dat één grote waas. Vanaf het moment dat ik hem zag, besefte ik: ‘Deze man gaat mij verkrachten.’ (stil) Elke seconde duurt dan uren, ik kan niet zeggen hoelang het geduurd heeft. Nadien heeft hij mij ergens in mijn buurt afgezet, ben ik naar huis gewandeld, de douche in gesprongen en gaan slapen. ’s Anderendaags ging ik gewoon naar school en speelde ik mijn vrolijke zelve. Ik heb tegenover mezelf lang proberen te ontkennen dat ik effectief verkracht was. Zoiets gebeurt in films, maar niet in je eigen leven.”

    Ik hoop dat hij op een dag alsnog gestraft wordt, maar veel jonge slacht­of­fers durven net als ik niet meteen naar de politie te stappen

    Joren Houtevels

    Zat je er ook mee gewrongen dat je uiteindelijk zelf had ingestemd met een afspraakje?
    “Ik heb daarmee geworsteld, ja. Wie twee keer nadenkt, wéét dat dit gaat gebeuren als je met zo’n type afspreekt. Maar ik zag het op dat moment als mijn enige optie om die stalking en chantage te stoppen.”

    En stopte het?
    “Nee. Na een paar dagen drong hij opnieuw aan op een afspraakje en foto’s. De nachtmerrie ging gewoon verder. Pas een dik jaar na de feiten nam ik een vriendin in vertrouwen. Het duurde dan nog een maand voor ik naar de politie durfde te stappen. Daar werd ik gelukkig heel goed opgevangen.”

    Wat gebeurde er met de dader?
    “Hij werd opgepakt voor verhoor, moest één nachtje in de cel en sindsdien loopt hij weer vrij rond. Mijn leven is om zeep en hij doet gewoon verder, zo voelt het echt. Ik hoop dat hij op een dag alsnog gestraft wordt, maar veel jonge slachtoffers durven net als ik niet meteen naar de politie te stappen.”

    Merkten jouw ouders al die tijd niets aan jou?
    “Ik moet bekennen dat de relatie met mijn ouders behoorlijk stroef liep in die periode. Sinds ik mij in 2017 had geout, leek het alsof Wereldoorlog III was uitgebroken in ons gezin. In mijn zoektocht naar mezelf droeg ik make-up, hoge hakken en wat anderen ‘vrouwelijke kledij’ noemen. Dat viel thuis in slechte aarde. In 2019 ben ik zelfs een jaar alleen gaan wonen. Net voor de corona-­uitbraak zocht m’n moeder weer contact en zijn we beginnen te praten. Inmiddels zijn mijn ouders trots op wie ik ben en steunen ze mij volledig, maar toen dat misbruik plaatsvond, kon ik niet met mijn gevoelens bij hen terecht.”

    Durf jij nog online te daten na alles wat jou overkwam?
    “Online daten hoort erbij, maar ik ben alerter voor valse profielen. Nu vraag ik bijvoorbeeld al bij één van de eerste contacten om te videochatten. En nog een tip: als je een eerste keer met iemand afspreekt, kies dan een druk café, of ga naar het stadscentrum. En laat aan je vrienden weten dat je een date hebt. Maar om aan te geven welke impact het op mij heeft: ik heb nog nooit een relatie gehad. Ik kan iemand graag hebben, maar dat diepgaande vertrouwen is zoek. Het lukt mij niet om mij bloot te geven bij iemand nieuw. Hopelijk komt dat ooit nog terug.”

    Bron: HLN >>

4 berichten aan het bekijken - 26 tot 29 (van in totaal 29)
  • Je moet ingelogd zijn om een reactie op dit onderwerp te kunnen geven.
gasten online: 26 ▪︎ leden online: 0
No users are currently active
FORUM STATISTIEKEN
topics: 2.759, berichten: 14.841, leden: 1.609
Scroll Up