Centrum Seksueel Geweld

Dit onderwerp bevat 23 reacties, heeft 4 stemmen, en is het laatst gewijzigd door Mark 25/07/2019 om 08:38.

24 berichten aan het bekijken - 1 tot 24 (van in totaal 24)
  • Auteur
    Berichten
  • #213989

    LSG
    Beheer

    Centrum Seksueel Geweld

    Bij het Centrum Seksueel Geweld kun je terecht als je hulp nodig hebt of vragen hebt omdat je kortgeleden aangerand of verkracht bent. Om de kans op medische en psychische problemen te verkleinen en de kans op het vinden van de dader te vergroten, is het belangrijk je zo snel mogelijk, bij voorkeur binnen een week, bij een Centrum Seksueel Geweld te melden.

    Bij elk Centrum Seksueel Geweld staat een team van artsen, verpleegkundigen, politie, psychologen, maatschappelijk werkers en seksuologen klaar om je de beste zorg te geven en te voorkomen dat jij je verhaal steeds opnieuw moet vertellen. Je krijgt medische hulp in de vorm van medicijnen om zwangerschap en besmetting met seksueel overdraagbare aandoeningen (SOA/HIV) te voorkomen en wordt behandeld als je pijn hebt of gewond bent. Als je overweegt aangifte te doen, kan sporenonderzoek worden gedaan, bewijsmateriaal worden vastgelegd en een afspraak op het politiebureau worden gemaakt om daadwerkelijk aangifte te doen. Na je bezoek aan het Centrum Seksueel Geweld neemt je persoonlijke begeleider regelmatig contact met je op om in de gaten te houden hoe het met je gaat. Indien nodig, kun je een traumabehandeling krijgen.

    Het Centrum Seksueel Geweld is dag en nacht bereikbaar op 0800-0188. 

    Wil je liever anoniem chatten, dan kun je op de volgende dagen en tijden terecht op de chat van Centrum Seksueel Geweld:

    • Maandag t/m vrijdag van 19.00 – 06.00 uur
    • Zaterdag en zondag van 20.00 – 06.00 uur
    • Feestdagen van 20.00 – 06.00 uur

     

    #215360

    Mark
    Moderator

    Het Amphia Ziekenhuis in Breda krijgt m.i.v. 22 januari 2018 ook een Centrum Seksueel Geweld. Meer over het Centrum Seksueel Geweld vind je in dit artikel in het AD.

    #215560

    Luka
    Moderator

    Bicanic: „De eerste week na seksueel geweld is cruciaal. Denk aan medicijnen die soa’s, hiv en zwangerschap voorkomen, maar ook aan acute psychologische zorg. En er kunnen dan eventuele sporen veilig gesteld worden. Als ze dan later aangifte doen, is dat tenminste al gedaan. Er is één landelijk telefoonnummer: 0800-0188. Het is goed geregeld, nu moeten meer mensen ons nog zien te vinden.”

    Lees het hele artikel in het AD.

    #216630

    Mark
    Moderator

    26 januari 2018: Landelijke dekking Centrum Seksueel Geweld een feit

    Vandaag heeft het Centrum Seksueel Geweld West en Midden Brabant zijn deuren officieel geopend in het Amphia Ziekenhuis in Breda. Hiermee beschikt het Centrum Seksueel Geweld (CSG) met 16 locaties nu over een landelijk dekkend netwerk. De eerste locatie werd zes jaar geleden geopend in het UMC Utrecht. Tot die tijd was de zorg en onderzoek voor acute slachtoffers van een aanranding of verkrachting versnipperd. Initiatiefnemers Iva Bicanic en Astrid Kremers introduceerden het concept waarin politie en (medische) hulpverlening samenwerken.

    Lees verder op boeddhistischdagblad.nl >>

    #219752

    Mark
    Moderator

    Iva Bicanic geeft uitleg over Victim Blaming

    […]In de #metoo periode leek het alsof iedereen met zijn of haar ervaringen naar buiten moest komen, en alsof slachtoffers die durven te praten sterker of moediger zijn dan mensen die er niks over zeggen. Maar uit onderzoek blijkt dat het niet per se beter gaat met mensen die openlijk verteld hebben over het misbruik vergeleken met mensen die zwijgen. Vertellen kan helpend zijn, als je een steunende reactie krijgt van je omgeving. Maar als je na een onthulling de schuld in de schoenen geschoven krijgt (victim blaming) of niet geloofd wordt of andere negatieve reacties krijgt, dan kan dat juist schadelijk zijn voor het slachtoffer. Dat is bijvoorbeeld het geval als de ‘ontvanger’ van de boodschap helemaal niks zegt, wegkijkt of snel van onderwerp verandert om het gesprek te ontlopen.

    Lees het hele artikel op centrumseksueelgeweld.nl >>

    #221368

    Mark
    Moderator

    SPECIALE ONDERZOEKSKAMER IN ENSCHEDE VOOR BETERE OPSPORING DNA VERKRACHTER 

    Centrum Seksueel Geweld richt speciale onderzoekskamer in om dna-sporen bij slachtoffers veilig te stellen. Het moet er aan bijdragen dat daders sneller worden veroordeeld.

    De bereidheid om aangifte te doen van verkrachting of aanranding neemt toe, maar het is lastig om de bewijslast tegen verdachten rond te krijgen. „Vaak zijn er geen getuigen en is er sprake van een één op één situatie, met sterk uiteenlopende verklaringen”, zegt Margot Vlutters, projectleider van het Centrum Seksueel Geweld Twente-Achterhoek. „Het bewijs moet veelal komen uit tactisch onderzoek op de plaats delict en op basis van dna-onderzoek bij het slachtoffer.”

    Lees verder op ad.nl >>

    #223617

    Mark
    Moderator

    Twee keer zo veel meldingen van seksueel geweld in Eindhoven als elders in Nederland

    EINDHOVEN – Het Centrum Seksueel Geweld in Eindhoven heeft gemiddeld twee keer zoveel meldingen als andere centra, elders in het land.

    Opmerkelijk is het zeker, vindt beleidsmedewerker Wil Saenen. Het Centrum Seksueel Geweld (CSG) in Eindhoven, werkgebied Oost-Brabant, is een van de drukst bezochte van het land. ,,Het kan zijn dat slachtoffers makkelijker de weg vinden om geweld te melden. Maar je kunt niet zeggen dat verkrachting en aanranding hier meer voorkomen. Daar is meer onderzoek voor nodig.”

    Er zijn zestien centra in het land en ze zijn relatief van recente datum. De oudste (Amsterdam, Utrecht) bestaan een jaar of vijf. Die in Eindhoven in het Catharinaziekenhuis opende in april vorig jaar. Bij alle centra meldden samen zich vorig jaar 1103 slachtoffers: gemiddeld bijna zeventig per centrum. Vijf procent van de meldingen betreft mannen.

    Lees verder op ed.nl >>

    #223621

    Mark
    Moderator

    VROUWEN ZOEKEN VAKER EN EERDER HULP NA VERKRACHTING

    Slachtoffers van aanranding en verkrachting zoeken steeds vaker én sneller hulp. Mede door alle publiciteit rond het #MeToo-schandaal kregen de vijftien Nederlandse rape centers vorig jaar een derde meer aanloop.

    Dit is het topje van de ijsberg. Jaarlijks zijn er 100.000 nieuwe slachtof­fers
    Iva Bicanic, landelijk coördinator Centrum Seksueel Geweld

    In een Centrum Seksueel Geweld (CSG) kunnen slachtoffers sinds 2012 medische en psychologische hulp krijgen na een recente verkrachting of aanranding. Ook kan bewijsmateriaal worden veiliggesteld voor latere aangifte. Dat gebeurt steeds meer: 1103 slachtoffers bezochten binnen een week na hun verkrachting of aanranding een Centrum Seksueel Geweld, blijkt uit het vanmiddag verschijnende jaarverslag over 2017. Dat waren er 833 een jaar eerder.

    Lees verder op ad.nl >

    #224945

    Mark
    Moderator
    #226046

    Mark
    Moderator

    Eerste hulp bij verkrachtingszaken

    In het Centrum Seksueel Geweld werkt medisch personeel met de politie samen. In Eindhoven melden zich opvallend veel slachtoffers.

    Op de spoedeisende hulp van het Eindhovense Catharina Ziekenhuis staat een doos, achter slot en grendel: de onderzoeksset zedendelicten. Daarin wattenstokjes, tien bakjes voor nagels met een klein schaartje, envelopjes voor de haren, een liniaal om verwondingen te meten en een grote papieren zak voor de kleren van het slachtoffer.

    Sinds april vorig jaar beschikt het Brabantse ziekenhuis over een Centrum Seksueel Geweld, waar slachtoffers van verkrachting of aanranding de eerste medische hulp krijgen. Hier ontfermen vier personen zich over het slachtoffer: een gespecialiseerde verpleegkundige, een forensisch arts, een forensisch rechercheur en een zedenrechercheur. Er worden ook sporen veiliggesteld die kunnen helpen bij een mogelijke aangifte. Alleen als het slachtoffer dat wil, wordt de politie ingeseind. Er komen allerlei soorten slachtoffers langs, al zijn jonge vrouwen oververtegenwoordigd. Het centrum is ook open voor slachtoffers van seksueel geweld dat langer geleden plaatsvond.

    Lees verder op nrc.nl >>

    #228284

    Mark
    Moderator

    Waarom het soms zo lang duurt voor iemand zich uitspreekt over #MeToo (Dus: #WhyIdidntreport)

    We spraken klinisch psycholoog Iva Bicanic over wat #MeToo met slachtoffers doet en vroegen haar hoe het komt dat het soms jaren duurt voor zij hun verhaal doen. “De reacties van anderen, nadat slachtoffers van seksueel geweld of seksuele intimidatie hun verhaal vertellen, zijn eigenlijk nog schadelijker dan het misbruik zelf.”

    “Schuld en schaamte”, zegt klinisch psycholoog Iva Bicanic. “Dat is de ongewenste erfenis van seksueel misbruik.” Bicanic is landelijk hoofd van het Centrum Seksueel Geweld en werkt al vijfentwintig jaar als trauma-expert op dat gebied. Ze ziet dat die schuld en schaamte maken dat slachtoffers jarenlang zwijgen. Als je een nbraak of overval meemaakt, dan vertel je dat aan anderen, legt ze uit. Zoiets kan iedereen overkomen. “Maar als iemand je lichaam inbreekt of je aanrandt, dan durf je dat niet goed. De meeste slachtoffers voelen zich overvallen: ‘Huh, wat is er gebeurd?’ Daarna douchen ze heel lang en kruipen onder een dekbed om het maar te vergeten. Een recept voor PTSS: een langdurig onverwerkt trauma.”

    Als de dader onbekend is – denk aan de man in de bosjes – iss de kansgroot dat het slachtoffer wel naar hulpverlening of politie stapt. Ook krijgen slachtoffers van een zogenaamde stranger rape vaker steun uit hun omgeving. Is de pleger een bekende, dan zwijgt het slachtoffer vaker, en zoekt hij of zij de schuld bij zichzelf: “Heb ik een aanleiding gegeven? Heb ik te vriendelijk gelachen, of ben ik te lang blijven hangen? Had ik dit kunnen voorkomen? Schaamte voor hun ‘falen’ en de angst voor de afwijzing die daarbij hoort, maakt dat ze het liever niet aan de grote klok hangen. ‘Wat zullen mensen denken als ze weten dat ik bij hem in huis was?’ Zeker als het slachtoffer deel uitmaakt van een soort cultuur waarbinnen iedereen elkaar een hand boven het hoofd houdt, voelt hij of zij zich heel alleen.”

    “Het gaat heel geraffineerd, zegt Bicanic over de misbruikdynamiek. “Vaak zie je dat daders het niet bij een persoon laten in hun leven. Ze raken er getraind in de ander te manipuleren. Met mooie woorden en beloften strooit de pleger zand in je ogen, en als je in die val bent gelokt, is er vaak geen weg terug. Dan heeft hij je het gevoel gegeven dat jij ook mee hebt gedaan, en dus mede schuldig bent.² Want hé: jij ging toch met hem mee naar huis? Je vond het toch fijn dat hij zei dat mooi was? Bovendien: “Bij een bekende dader zit er meestal ook ietspositiefs in de relatie. Een vertrouwensband, bijvoorbeeld, of dat het slachtoffer iets van hem kan leren.” Als het slachtoffer dan aangifte doet, of een ander vertelt van het misbruik, kan dat door die afhankelijkheidsrelatie voelen als verraad. “En de dader kan zijn slachtoffer onder een verwarrende psychische druk te zetten: aangifte doen of erover vertellen betekent dat ze elkaar nooit meer zullen zien. En dat betekent ook het verlies van al het goede van de relatie. Maar de meest gebruikte methode van de bekende daders is het simpele, verbale dreigen, zegt Bicanic. Je kent het wel: “Als jij je mond open doet, weet ik je te vinden.”

    In onze reportage over de seksuele intimidaties van dirigent Leusink, vertelt een van de geïnterviewden dat ze bevroor, toen hij haar betastte, bij hem thuis op de bank. Ze duwde hem niet weg, zei geen nee, maar verstijfde. Volgens Bicanic doet zeventig procent van de slachtoffers van seksueel geweld en seksuele intimidatie niets, of werkt mee. “Het plotselinge karakter van de gebeurtenis maakt dat mensen flabbergasted zijn en letterlijk verlammen van angst”, legt ze uit. “Het is een automatische respons van je lichaam.” Tonic Immobility, heet dit. Een overlevingsstrategie van het lichaam, waardoor het voelt alsof je spieren verlamd zijn. Je kunt niets anders dan het ondergaan, en bent niet in staat te zeggen “He, eikel: houd op!” Bicanic: “Als het achter de rug is, slaan deze mensen zichzelf voor de kop: ‘Waarom heb ik niets gedaan? Waarom kwam ik niet in actie? Dit heet hindsight bias. De kwelling van schuld wordt veroorzaakt doordat we met onze kennis over de uitkomst van de gebeurtenis de herinnering aan wat we ervoor wisten, gaan kleuren.Hierdoor geloven we ten onrechte dat onvoorziene uitkomsten te voorzien en dus te voorkomen waren.”

    Verlammen of meewerken, beiden zijn automatische overlevingsreacties. “Het idee daarachter is: liever aangerand of verkracht dan dood. Je probeert de dader te vriend te houden. Je wilt hem niet boos maken, want je denkt: ik moet hieruit zien te komen, levend. Want wat kan-ie nog meer doen?”

    Hoewel het vaak zo lijkt door films, benadrukt Bicanic, is nee zeggen of je fysiek verzetten als iemand een grens overgaat, dus niet vanzelfsprekend.

    Als slachtoffers maanden, of zelfs jaren na het misbruik hun verhaal vertellen, roept er altijd wel iemand dat het lange wachten ze ongeloofwaardig maakt. “Dus je komt er nu mee? Was het al die jaren niet erg voor je, dan? Je zegt het zeker nu omdat je carrière even niet zo lekker loopt.” Als het gaat om een situatie waarin het slachtoffer niet direct in verzet kwam, zijn er zelfs mensen die van het slachtoffer een medeplichtige maken in hun commentaren. “Wat deed je daar dan? Waarom zei je geen nee? Als je met hem mee naar huis gaat in zo¹n kort rokje, dan geef je zelf verkeerde signalen af.” De reacties van anderen, nadat slachtoffers van seksueel geweld of seksuele intimidatie hun verhaal vertellen, zijn eigenlijk nog schadelijker dan het misbruik zelf, zegt Bicanic. Het gaat om victim blaming. Waarom doen ze dat toch: het slachtoffer de schuld geven? “Over het algemeen vinden mensen seksueel geweld een ongemakkelijke realiteit”, legt Bicanic uit. “We willen gewoon niet geloven dat er docenten en trainers zijn die hun pupillen misbruiken. Zoiets vinden wij niet fijn om te weten, maar het is nou eenmaal waar. Om hun eigen schijnveiligheid intact te houden, praten mensen zichzelf aan dat het slachtoffer ‘dan wel een labiel type zal zijn¹, of dat ‘ze erom gevraagd heeft’.” Want, stel je voor dat dat niet zo is: dan zou het iedereen kunnen overkomen.

    Bicanic roept slachtoffers op hun verhaal te doen, ondanks de twijfels over schuld en het gevoel van schaamte. Alleen al omdat het verhaal van de een, de ander kan helpen bij het verwerken van eigen nare ervaringen: “Sommige slachtoffers denken: ik was de enige. Dan horen ze er nog zes,en dan gaat het schuiven in je hoofd. Kom ermee naar buiten. Er is een Centrum Seksueel Geweld in zestien plaatsen in Nederland, met een telefoonnummer dat 24/7 bereikbaar is. Zeker als het misbruik hooguit een week eerder plaatsvond, kan het centrum helpen. Die week is superbelangrijk: dan kun je nog sporen van de pleger veiligstellen, medische zorg verlenen aan het slachtoffer om besmetting van soa¹s tevoorkomen.”

    “Het is een ongemakkelijke realiteit, maar onbestaanbaar waar: iedereen kan slachtoffer van seksueel geweld worden. Gebeurt het? Meteen handelen: #belsnel: 0800 0188.”

    Bron: brandpuntplus.kro-ncrv.nl

    #230097

    Mark
    Moderator

    In Maastricht meer anonimiteit slachtoffers seksueel geweld

    Het Centrum Seksueel Geweld Limburg (CSG-Limburg) is vanaf donderdag in Maastricht gevestigd. Het komt over vanuit Roermond. Dit centraal meldpunt en hulpcentrum biedt dag en nacht hulp aan jaarlijks zo’n 100 tot 150 Limburgers die zijn aangerand of verkracht. De GGD coördineert de 24/7 bereikbaarheid van het meldpunt.

    Het CSG-Limburg is sinds september 2013 actief in de provincie (eerst Maastricht, daarna Roermond). Michel Limpens van de GGD: “Roermond ligt geografisch het gunstigst in Limburg, maar in het Maastrichtse ziekenhuis MUMC+ kunnen we de anonimiteit van de slachtoffers beter garanderen. Ook zijn dertig gespecialiseerde eerste hulp-verplegers opgeleid.”

    Zestien centra
    In Nederland zijn in totaal zestien van deze centra gevestigd. Het uitgangspunt: ‘Zo snel mogelijk hulp met zo min mogelijk professionals’. Ieder slachtoffer krijgt een casemanager toegewezen, die de zorg coördineert en het slachtoffer ondersteuning biedt. “We zorgen voor een warme opvang. Het slachtoffer hoeft maar één keer zijn gevoelige verhaal te doen”, vertelt Limpens.

    De politie is verantwoordelijk voor het forensisch onderzoek en het academisch ziekenhuis Maastricht UMC+ biedt (in het geval van CSG-Limburg) de medische zorg en faciliteert de ruimte. Bij het Centrum Seksueel Geweld Limburg zijn betrokken: de gemeenten Heerlen, Maastricht en Venlo, de GGD, XONAR Jeugdhulpverlening, politie en het academisch ziekenhuis MUMC+.

    Bron: limburger.nl

    #231489

    Mark
    Moderator

    Eerste 7 dagen na verkrachting cruciaal: ‘Ik kon het niet alleen aan’


    bekijk het fragment op rtlnieuws.nl

    Steeds meer acute slachtoffers van aanranding en verkrachting melden zich binnen een week bij het Centrum Seksueel Geweld (CSG). In het eerste halfjaar van 2018 waren dat er 723, een stijging van 13 procent met het halfjaar daarvoor.

    Mooie cijfers, maar het zijn er nog altijd veel te weinig. Minder dan 1 procent van de mensen die langs zou kunnen komen, komt daadwerkelijk. Waarom dat is? “Mensen zijn bang, voelen zich schuldig, ze schamen zich en ze zijn bang dat andere mensen er wat van vinden”, zegt Iva Bicanic, psycholoog en landelijk coördinator van CSG.

    Trots
    Toch is Bicanic trots. Ze zijn bij het CSG op de goede weg. Onder meer de Metoo-discussie en een betere samenwerking met de politie hebben volgens haar geleid tot deze stijging. Het aantal slachtoffers dat zich binnen een week meldt, kan volgens haar nog hoger worden als de kansen in de ‘gouden week’, zoals ze de eerste zeven dagen na een verkrachting of aanranding noemt, nog bekender worden.

    Nicky werd verkracht: ‘Die aangifte heeft me enorm gesterkt’
    “Er zijn zelfs hulpverleners die niet weten wat het is”, zegt Bicanic. In deze eerste week liggen er volgens het CSG kansen op medisch, forensisch en psychologisch vlak. Zo kunnen er ziektes voorkomen worden, op tijd een sporenonderzoek gedaan worden en een slachtoffer kan psychisch worden geholpen zodat zij of hij bijvoorbeeld geen zelfmoordgedachten krijgt. Bij het CSG vinden slachtoffers alle zorg bij elkaar: “Dat is een groot verschil met vroeger. Artsen, verpleegkundigen, psychologen en politie werken bij ons allemaal samen onder één dak.”

    Victim blaming
    Slachtoffers komen ook vaak niet met hun verhaal naar buiten omdat ze bang zijn voor vragen van anderen: ‘Waarom ben je niet gaan rennen, of gaan schreeuwen?’ “Dat noemen we victim blaming”, vertelt Bicanic. “Want eigenlijk is niks doen of meewerken tijdens verkrachting normaal gedrag, vanwege de angst.”

    De omgeving van het slachtoffer maakt de situatie daarom lang niet altijd makkelijker. Sterker nog: “Bij seksueel misbruik zien mensen zichzelf lang niet altijd als slachtoffer.”

    Gedrogeerd met MDMA
    Dat laatste herkent slachtoffer Nicky Zuiderveld. ”Het was voor mij erg belangrijk om te horen dat het niet mijn schuld was”, vertelt ze aan RTL Nieuws.

    Nicky werd in 2014 verkracht in een hotel in München. Ze had gedronken en kreeg van twee bekenden een pil met de boodschap: ‘hier word je kalm van’. Het bleek MDMA. De mannen hadden hele andere intenties en verkrachtten haar.

    ‘Ik besloot iedereen te bellen’
    ”Een paar dagen later reed ik in de auto richting huis. Ik stopte halverwege langs de weg en begon heel hard te schreeuwen. Ik besloot op dat moment iedereen om mij heen te bellen en te vertellen wat er was gebeurd. Ik kon het niet alleen aan”, vertelt Nicky. ”Ik verzamelde mensen om mij heen, een leger om de strijd aan te gaan.”

    ”Ik heb na twee dagen meteen slachtofferhulp ingeschakeld”, vertelt Nicky. Daar vertelde de therapeute dat het niet haar schuld was dat ze verkracht werd. Ook al had ze gedronken. En daar bleef het niet bij.

    Eigenwaarde teruggepakt
    “Zij hebben mij ook verteld dat ik contact moest opnemen met mijn huisarts voor een sporenonderzoek.” Ook moest Nicky zelf contact opnemen met de politie om aangifte te doen. Niet fijn, maar ze deed het. ”Doordat ikzelf alle deuren ging openen, moest ik elke keer over die drempel heen.”

    Bicanic vindt het belangrijk dat er zo snel mogelijk actie wordt ondernomen om het belang van de eerste zeven dagen verder onder de aandacht te brengen. En daar is Nicky het mee eens. “Dat ik die aangifte heb gedaan, dat heeft me zo enorm gesterkt. Op dat moment misschien nog niet. Maar achteraf kan ik dat wel zeggen. Ik heb m’n eigenwaarde teruggepakt en ik heb de verantwoordelijkheid van wat zij mij hebben aangedaan die nacht, teruggelegd bij hun.

    Bron: rtlnieuws.nl

    #231905

    Mark
    Moderator

    Studenten lopen meer risico op aanranding en verkrachting

    Studenten tussen de 18 en 24 jaar lopen vier keer meer kans om aangerand of verkracht te worden, dan in andere gevallen. Dat blijkt uit onderzoek. Omdat maar een klein aantal na zo’n ingrijpend voorval professionele hulp zoekt, komt het Centrum Seksueel Geweld (CSG) met een campagne. Het doel is studenten bewust te maken dat er goede hulp mogelijk is en dat die ook noodzakelijk is om trauma’s te voorkomen.

    “We zien ze te weinig”, zegt Gerda de Groot. Zij is projectleider van het CSG Fryslân. “Meestal zoeken ze hulp bij ouders, vrienden of familie. Maar de stap naar professionele hulp maken ze niet.” En dat is al noodzakelijk, zegt De Groot: “Je kunt er een levenslang trauma aan overhouden als je niets met de klachten doet.”

    Hulp van familie of vrienden is niet verkeerd, zegt Gerda de Groot. Het probleem is juist dat er ook wel eens een oordeel wordt gegeven: “Dan horen ze bijvoorbeeld van: je had ook best veel gedronken. Maar dat is nooit een vrijbrief voor een ander om aan jou te zitten.”

    Hogescholen weten nu hoe ze moeten helpen
    Bij hogeschool NHL Stenden zijn ze blij met de campagne. De decanen zijn vaak het eerste aanspreekpunt van studenten met problemen. Alle decanen hebben voorlichting gekregen van het centrum en weten nu wat ze moeten doen, mocht iemand zich melden. Decaan Frouk Froling: “Er zijn wel studenten die zich bij ons melden. We hebben goed contact met het CSG en kunnen mensen meteen goed doorsturen.”

    Slachtoffers schamen zich
    Toch durft niet iedereen zijn of haar verhaal daar neer te leggen. Dat is ook wel logisch, zegt Gerda de Groot: “Er is toch vaak een gevoel van schaamte: Hoe kan mij dat nu overkomen. Waarom ik? Dat verwijten ze zichzelf dan. Maar ze moeten beseffen dat ze slachtoffer zijn en dat niemand het recht heeft zomaar aan je lichaam te zitten.”

    Frouk Froling: “En juist voor die studenten moeten we goed inzichtelijk maken waar ze hulp kunnen vinden.” De impact van seksueel geweld is groot. Froling: “Het heeft zeker weerslag op de studie. Hoe moet je je studie weer goed oppakken? Dat is heel erg lastig.”

    Snel hulp zoeken
    Het CSG geeft aan dat het van groot belang is binnen een week na een aanranding of verkrachting hulp te zoeken. Dat is van belang voor het strafrechtelijk onderzoek, maar belangrijker nog voor het mentale herstel. “Des te eerder je hulp zoekt, des te beter. Veel mensen weten dat niet en daarom houden wij deze campagnes”, zegt Gerda de Groot.

    Maandag wordt gestart met de campagne onder studenten. Komend voorjaar volgt een campagne die meer gericht is op schoolkinderen van 12 tot 18 jaar.

    Bron: omropfryslan.nl

    #232210

    Mark
    Moderator

    Slachtoffers van verkrachting betalen hulp uit eigen risico

    Beluister het fragment op De Nieuws BV van BNNVARA op NPO Radio 1 >>

    Nederland telt zestien Centra Seksueel Geweld, waar slachtoffers van verkrachting of aanranding terecht kunnen. Deze centra bevinden zich vaak in de afdelingen Spoedeisende Hulp. Daar worden slachtoffers onderzocht op forensische sporen en krijgen ze medische hulp. Iva Bicanic is landelijk coördinator van de centra. Zij legt bij De Nieuws BV uit hoe belangrijk het is dat slachtoffers geen belemmeringen voelen om zich daar te melden. Maar als zij gebruik willen maken van medische hulp, dan wordt hun eigen risico aangesproken. Dat moet anders, meent Bicanic, want sommige mensen die bijvoorbeeld in de schulden zitten, haken af. Zij vindt CDA-Kamerlid Madeleine van Toorenburg aan haar zijde. Van Toorenburg wil dat de verantwoordelijke ministers met een oplossing komen en heeft inmiddels samen met D66 Kamervragen gesteld.

    #232219

    Mark
    Moderator

    In de spotlight: landelijk coördinator centrum seksueel geweld Iva Bicanic

    De rode draad in het werk van klinisch psycholoog Iva Bicanic is seksueel geweld en trauma. Ze is gepromoveerd op het onderwerp verkrachting bij pubermeisjes en jonge vrouwen en maakt elke dag mee wat voor effect seksueel gewelddadige ervaringen hebben. Ze is mede-initiatiefnemer van de inmiddels zestien Centra Seksueel Geweld in Nederland. “In heel Nederland kan je nu rekenen op goede zorg en onderzoek als je korter dan een week geleden bent aangerand of verkracht.”

    Iva maakt elke dag mee wat voor effect seksueel misbruik op mensen heeft, ook als het eenmalig heeft plaatsgevonden. “De impact van seksueel geweld kan zo groot zijn dat het levens kapotmaakt. Als mensen in een van onze centra komen, is dat positief. Het biedt een kans om sporen veilig te stellen en problemen op lange termijn te voorkomen. De meeste mensen komen echter niet. Die durven niet naar buiten te treden uit angst voor de gevolgen of ze vinden dat het hun eigen schuld is.”

    Seksueel geweld is gevoelig voor herhaling
    Aan het onderzoek voor haar proefschrift hebben in totaal 323 meisjes en jonge vrouwen meegedaan die allemaal één keer in hun leven een verkrachting hebben meegemaakt en daaraan een Post Traumatische Stress Stoornis (PTSS) hebben overgehouden. “De meeste mensen die zijn verkracht, hebben al eerder seksueel misbruik meegemaakt. Seksueel geweld is gevoelig voor herhaling. Het was dan ook niet eenvoudig om 323 slachtoffers van een first-time rape te vinden.”

    Wat Iva met haar onderzoek wilde aantonen, is dat ook als je zoiets één keer hebt meegemaakt en het duurt bijvoorbeeld maar tien minuten, dat dit veel teweeg kan brengen in je koppie en je lichaam. En dat is gelukt. “De ontregeling van het stress-systeem bij meisjes met PTSS als gevolg van een eenmalige ervaring uit zich in een verlaagde afgifte van het stresshormoon cortisol. Deze zogenaamde hypo-cortisolisme is ook gevonden bij slachtoffers van langdurig seksueel misbruik. Die overeenkomst in de gevolgen van eenmalig en langdurig misbruik geldt ook voor seksuele en bekkenbodemproblemen.”

    In 2012 heest Iva, samen met anderen, het model voor het Centrum Seksueel Geweld uit Denemarken naar Nederland gehaald. Inmiddels zijn er zestien centra, waardoor niemand langer dan een uur hoeft te rijden om hulp te krijgen in de acute fase. “Wij bieden medische, forensische en psychologische hulp en onderzoek. Er hebben zich in de eerste helft van dit jaar 723 acute slachtoffers gemeld. Dat is minder dan 1 procent van alle mensen die jaarlijks worden aangerand of verkracht. Dat is heel triest.”

    21 weken lang niets gezegd
    De meeste slachtoffers gaan na een aanranding of verkrachting naar huis, nemen een douche en willen het gebeuren vergeten. “De 323 meisjes die hebben meegedaan aan mijn onderzoek deden er gemiddeld 21 weken over om het tegen iemand te zeggen. En dit waren allemaal meisjes die niet door een familielid waren verkracht. We weten uit ander onderzoek dat hoe langer het misbruik duurt en als de dader uit de directe omgeving komt, des te langer het duurt voordat het slachtoffer ermee naar buiten komt.”

    Wat er momenteel online gebeurt met betrekking tot seksueel geweld, is volgens Iva zorgwekkend. “Kinderporno is in 2017 voor het eerst als nationale dreiging bestempeld door de politie. Het aantal meldingen is de afgelopen jaren verzesvoudigd. Online seksueel geweld heeft dezelfde psychische impact als offline geweld. Slachtoffers van online seksueel geweld zijn ook bang, schamen zich en hebben zelfmoordgedachtes. Het probleem met die foto’s en filmpjes is dat ze blijven circuleren. Je krijgt ze er moeilijk af, waardoor je het verwerkingsproces niet kan afronden.”

    Wij als hulpverleners lopen achter in kennis, aldus Iva. “We moeten meer willen weten wat kinderen online aan het doen zijn en of dit veilig is of niet. Dit geldt met name voor kinderen die al problemen hebben of al eerder in hun leven grensoverschrijdende ervaringen hebben meegemaakt. Elke vorm van interpersoonlijk trauma is een voorspeller voor een volgend trauma als de eerste keer onverwerkt blijft. Ik heb niet het idee dat we dit verband als samenleving goed snappen.”

    Bron: nieuws.nl

    #234016

    Mark
    Moderator

    Ook in JBZ nu een centrum voor slachtoffers seksueel geweld

    DEN BOSCH – In het Jeroen Bosch ziekenhuis is vanaf 1 februari een Centrum Seksueel Geweld Brabant-oost geopend. Slachtoffers van aanranding of verkrachting kunnen er snel terecht voor hulp.

    Het is de tweede locatie. Eerder werd een centrum in gebruik genomen in het Catharina Ziekenhuis in Eindhoven.

    In het CSG werken verschillende professionals (artsen, verpleegkundige, politie en psycholoog) samen om slachtoffers van aanranding en verkrachting hulp te kunnen bieden. Belangrijk daarbij is dat slachtoffers hun verhaal niet vaker hoeven te vertellen dan nodig is en zoveel mogelijk hun eigen keuzes maken.

    Volgens het CSG is het belangrijk dat slachtoffers zo snel mogelijk hulp zoeken. Dat is belangrijk vanwege het veilig stellen van sporen voor onderzoek. Snelle medische hulp is van belang om zwangerschap en geslachtsziekten te voorkomen.

    De reden om een tweede centrum te openen is het groot aantal slachtoffers dat zich in het Catharina Ziekenhuis meldde.

    Het CSG is dag en nacht te bereiken via het telefoonnummer 0800-0188.

    Bron: bd.nl

    #234582

    Mark
    Moderator

    Gratis zorg voor slachtoffers seksueel geweld


    Gespreksruimte in het Centrum Seksueel Geweld in het UMC Utrecht

     

    Slachtoffers van seksueel geweld hoeven niet meer hun eigen risico aan te spreken als ze medische kosten maken. Het kabinet wil met een proef van een jaar uitzoeken of dat de drempel verlaagt om hulp te zoeken.

    Slachtoffers kunnen terecht bij een Centrum Seksueel Geweld. Die zijn meestal verbonden aan een afdeling Spoedeisende Hulp van een ziekenhuis. Daar kan sporenonderzoek worden gedaan, maar ook onderzoek naar besmetting met geslachtsziektes. Ook bieden ze psychische hulp.

    Het sporenonderzoek om de dader te pakken is gratis, maar andere medische kosten die gemaakt worden vallen wel onder het eigen risico in de zorgverzekering. Slachtoffers kunnen wel een tegemoetkoming aanvragen, of de kosten verhalen op de dader.

    Geen gegevens
    CDA, D66 en PvdA wilden van het kabinet weten of dat geen onnodige drempel opwerpt voor slachtoffers van seksueel geweld om hulp te zoeken. De ministers Bruins en Dekker antwoorden dat daarover geen gegevens bekend zijn. Toch willen ze de toegang tot de zorg voor deze kwetsbare groep verbeteren.

    Daarom willen ze een tijdelijke voorziening in het leven roepen, waarbij slachtoffers die in de acute fase hulp zoeken bij een Centrum Seksueel Geweld een vergoeding krijgen van de gemaakte kosten in het eigen risico. De proef duurt een jaar.

    Bron: nos.nl

    #236363

    tinne
    Bijdrager

    Hoi,

    Ook ik ben met dit centra in aanraking gekomen.

    Nu het beloofden zoals op de site omschreven staat is niet helemaal waar. En dat steekt dan toch beetje tegen. In het ziekenhuis wel goed opgevangen geweest door de arts. Maar heb grootste deel van de tijd er helemaal alleen geweest. En er was niemand om mee te praten. Ze hebben ook niet gevraagd of ik meer hulp nodig had. Dus viel wel even tegen.

    De nazorg consulente die me de dag erna heeft gebeld die heeft denk ik twee keer contact gezocht waarvan een keer telefonisch echt gebeld en de andere keer via mail of appje (weet ik even niet goed meer). En verder heeft ze niets gedaan, dus bleef best beetje in de kou staan. Kon ook niet goed met mijn vragen bij haar terecht want vaak kreeg ik als antwoord dat ik ervoor bij mijn huisarts moest zijn. Dus het was niet zo’n fijne ervaring voor me.

    Dus denk dat er hier toch nog wel wat werk aan is.

    Nu heb met Iva Bicanic ook mail contact gehad en haar uitgelegd hoe het in dat centrum eraan toe ging. En ze betreurde het maar zij was wel degene die heel open naar mij toe was en me wel gerust heeft gesteld. En het desbetreffende centrum ook om uitleg heeft gevraagd. Wel fijn maar het heeft niet veel veranderd. En nadat ik een tweede keer van dat centrum gebruik heb moeten maken ben ik helemaal niet meer gecontacteerd. Toen hebben we me dus gewoon alleen gelaten en aan mijn lot over gelaten.

    Dus misschien kan hier alsnog wat aan gewerkt worden. Het kan zo mooi zijn om alles op een plek te hebben maar dan moet het er ook wel zijn.

    En daar zit een verschil met Belgie.  Maar daar in een ander berichtje meer.

    Maar laat het vooral je niet tegen houden om hulp te zoeken want het is echt belangrijk.

    Groeten.

    #236786

    Mark
    Moderator

    Denkt u dat uw kind iets is overkomen, bent u zelf slachtoffer geworden, wilt u hulp of wilt u meer informatie?

    Neem dan contact op met de politie via tel.nr. 0900-8844 of via een contactformulier op politie.nl. Ook kunt u voor hulp terecht bij het Centrum Seksueel Geweld: centrumseksueelgeweld.nl of bel met de frontoffice van de zedenpolitie via tel.nr. 088-1681070

    #238568

    Mark
    Moderator

    Toine Lagro-Janssen, hoofd van het Centrum Seksueel Geweld Gelderland-Zuid en -Midden, geeft uitleg over het Centrum Seksueel Geweld in Nijmegen. Het Centrum Seksueel Geweld is 24 uur per dag bereikbaar op 0800 0188.

     

    #240482

    Mark
    Moderator

    Interview met Iva Bicanic

    Iva Bicanic zet zich in voor jongeren die misbruikt zijn. Bicanic is klinisch psycholoog en geboren Nijmegen uit Kroatische ouders. Zij is Hoofd Landelijk Psychotraumacentrum & Seksueel Geweld. In 2018 werd zij uitgeroepen tot de meest invloedrijke persoon in de Publieke Gezondheid 2018. Dit werd mede mogelijk gemaakt door de Federatie voor Gezondheid en GGD, GHOR Nederland, die jaarlijks de verkiezing organiseren.

    #242204

    Luka
    Moderator

    Slachtoffers melden seksueel geweld vaker kort na het misdrijf

    Het Centrum Seksueel Geweld kreeg in 2018 bijna 50 procent meer acute meldingen dan het jaar daarvoor. Op zestien locaties meldden in totaal 1.641 slachtoffers van verkrachting en aanranding zich binnen zeven dagen na het misdrijf. Eenderde van hen was minderjarig.

    Het Centrum Seksueel Geweld (CSG) heeft de afgelopen jaren gehamerd op het belang van het snel melden van zedenmisdrijven. Als dat binnen zeven dagen gebeurt, kunnen op of in het lichaam soms nog sporen worden veiliggesteld, zoals haren, vingerafdrukken en sperma. Zo’n sporenonderzoek vond in 2018 in 870 gevallen plaats. De sporen kunnen dienen als bewijsmateriaal in een strafzaak als het slachtoffer later besluit aangifte te doen.

    Iva Bicanic, coördinator van het CSG, is blij met de toename van het aantal acute meldingen. Naast het veiligstellen van sporen, is dit ook van belang voor het snel in gang zetten van hulpverlening. ‘Ook kan er dan nog medicatie worden gegeven om besmetting met hiv en andere soa’s tegen te gaan en zwangerschap te voorkomen.’

    Lees verder op de site van: de Volkskrant >>

    #242923

    Mark
    Moderator

    Jaarverslag Landelijk Netwerk Centrum Seksueel Geweld 2018

    Voor u ligt het jaarverslag van het Landelijk Centrum Seksueel Geweld (CSG) 2018. 2018 was een jaar waarin het laatste CSG is geopend, en met deze ontwikkeling is de landelijke uitrol na zes jaar voltooid. Door het landelijk netwerk kunnen acute slachtoffers van seksueel geweld (≤ 7 dagen geleden) op 16 plaatsen in het land rekenen op 24/7 integrale medische en psychologische zorg, alsook forensisch-medisch onderzoek. Een belangrijke stap. Het CSG is dé plek voor kinderen en volwassenen geworden die ≤ 7 dagen geleden een aanranding of verkrachting hebben meegemaakt. In deze periode liggen kansen voor het slachtoffer die door de nauwe samenwerking tussen politie, (forensisch) artsen, verpleegkundigen en psychologen optimaal worden benut. Het is nu zaak dat het CSG alle kansen krijgt om zich verder te ontwikkelen en aan bekendheid te winnen. Seksueel geweld is helaas aan de orde van de dag. Zo lang er nog geen effectieve interventies zijn gevonden om misbruik te stoppen, dienen onze inspanningen gericht te zijn op het zo snel mogelijk inzetten van hulp door deskundigen nadat het kwaad is geschied om verder leed en herhaald slachtofferschap te voorkomen.

    De neiging van slachtoffers is nog steeds om direct na een aanranding of verkrachting te gaan douchen en erover te zwijgen. Ze hebben vaak last van angst, schuld en schaamte en beseffen mogelijk onvoldoende dat er in die eerste week kansen liggen voor hun gezondheid, de verwerking en het doen van aangifte. Onze schatting is dat wij nu minder dan 10% van het jaarlijks aantal acute slachtoffers in Nederland zien. Het is belangrijk dat meer mensen ons weten te vinden en bekend zijn met het gratis nummer 0800-0188. Dit is een van de PR- doelen van het CSG geweest in 2018.

    In 2018 hebben zich 1641 slachtoffers van seksueel geweld ≤ 7 dagen geleden aangemeld bij een CSG. In datzelfde jaar hebben zich daarnaast 1609 slachtoffers gemeld van seksueel geweld langer dan 7 dagen geleden. In totaal betrof het 3250 slachtoffers in 2018. Vergeleken met 2017 is het aantal acute slachtoffers in 2018 met maar liefst 48,8% gestegen. Deze toename geeft aan dat steeds meer mensen de weg naar het CSG weten te vinden in de acute fase. Het belang van de eerste 7 dagen en de waarde van het veiligstellen van sporen en het vastleggen van letsel lijkt steeds meer door te dringen. Ook blijkt de multidisciplinaire zorg op één plek in de behoefte van acute slachtoffers van seksueel geweld te voorzien, zo blijkt uit de cijfers: 83% ontving watchful waiting van de casemanager, 82% kreeg acute medische zorg en 53,5% stemde in met een sporenonderzoek in opdracht van de politie.

    Uit de werkbezoeken aan de CSG’s in 2018 blijkt dat alle centra adequaat functioneren en vanzelfsprekend dient dat zo te blijven. Verwacht wordt dat de stijgende lijn van aanmeldingen zal doorzetten in 2019. Dit zal ook consequenties hebben voor de financiering van de zestien centra door de 35 centrumgemeenten. Het personeel moet dezelfde kwaliteit van zorg en onderzoek – zoals omschreven in de landelijke kwaliteitscriteria – kunnen blijven bieden. Daar ligt een grote uitdaging voor 2019 en verder. Ook vraagt de groei om stevige landelijke coördinatie en het beleggen van de landelijke functies in de vorm van een stichting, die in 2019 zal worden opgericht. Verder zal een belangrijk agendapunt voor 2019 zijn hoe kan worden toegewerkt naar uniformiteit in het hulpaanbod van het CSG voor niet-acute slachtoffers en slachtoffers van online seksueel geweld.

    In dit jaarverslag worden doel, werkwijze en doelgroep van het CSG uiteengezet, alsook de cijfers en media-aandacht. Wanneer u naar aanleiding van dit jaarverslag vragen heeft, kunt u deze sturen naar info@centrumseksueelgeweld.nl

    dr. Iva Bicanic, klinisch psycholoog
    Landelijk coördinator Centrum Seksueel Geweld

    Lees het jaarverslag op centrumseksueelgeweld.nl >>

24 berichten aan het bekijken - 1 tot 24 (van in totaal 24)

Je moet ingelogd zijn om een reactie op dit onderwerp te kunnen geven.

gasten online: 18 ▪︎ leden online: 5
Luka, Mark, Lucky1959, Skye, Stefan
FORUM STATISTIEKEN
topics: 1.501, berichten: 8.629, actieve leden: 437