Aangerand buiten de spotlights. Seksuele intimidatie in de wereld van de latin dance

Forum Lotgenoten Seksueel Geweld Achtergrond & Informatie Opinie & actualiteit Aangerand buiten de spotlights. Seksuele intimidatie in de wereld van de latin dance

  • Dit onderwerp bevat 2 reacties, 1 deelnemer, en is laatst geüpdatet op 27/08/2021 om 20:50 door Luka.
3 berichten aan het bekijken - 1 tot 3 (van in totaal 3)
  • Auteur
    Berichten
  • #259692
    Luka
    Moderator

    Grensoverschrijdend gedrag zit in het latin dance verweven, stellen oud-dansers en een wetenschapper. Dat heeft te maken met het ’giftige klimaat’. „Er heerst een verkrachtingscultuur.”

    Aan de muur bij de trap naar de eerste verdieping hangen twee ingelijste krantenartikelen. Het zijn souvenirs uit vervlogen tijden. ’Dansend door het leven’ en ’Kim Koumans in wereld van glitter en glamour’ luiden de koppen.

    De artikelen dateren van kort na de eeuwwisseling. Een stralende glimlach spat van een foto af. Het is schone schijn en een façade, zegt Koumans nu, vier jaar nadat ze in 2017 na een danscarrière van bijna drie decennia stopte. Getraumatiseerd. „Van de buitenkant ziet het er zo mooi uit, binnenin is het verdorven. Er is te veel buitensporigheid. Ik was de klos. En ik was niet de enige, heb ik om me heen gezien.”

    Koumans werd slachtoffer van wangedrag. Dat spreidde zich uit over een langere periode en had een structureel karakter. Meerdere danstrainers, mannen en vrouwen, maakten zich er schuldig aan, verklaart zij. „Sluipenderwijs nam het in omvang toe. Niemand die zich om mij bekommerde, mijn inmiddels overleden ouders waren niet betrokken bij mijn loopbaan. Er was geen vangnet, houvast ontbrak. Ik stond er alleen voor.”

    Latin dance is in Nederland een kleine sport, met in totaal een paar duizend beoefenaren in officieel verband. Deze dansers zijn lid van een van de twee, met elkaar concurrerende, bonden: de Nederlandse tak van de World Dance Council of de Nederlandse Algemene Dans Bond die tot de World Dance Sport Federation behoort.

    In 1997 werd stijldansen door het Internationaal Olympisch Comité erkend als sport. Een olympisch debuut bleef tot nu toe uit, al staat latin dance wel op het programma van de Wereldspelen.

    Op het prestatieve vlak zijn Nederlanders in het latin dance doorgaans tot de kantlijn veroordeeld en is internationaal succes schaars, al werd Louis van Amstel in de jaren negentig van de vorige eeuw drie keer wereldkampioen. Oost-Europeanen en Amerikanen domineren het veld, terwijl Engeland en Italië eveneens tot de toonaangevende landen behoren. De sport leeft ook enorm in Azië. In die regio’s en landen is het een beroep, hier geldt het voor de meesten als een uit de hand gelopen hobby.

    Topsportbestaan

    Koumans leidde daarentegen ruim twintig jaar een topsportbestaan. Zij gaf alles ervoor op, nadat ze – geënthousiasmeerd door haar moeder, die zelf ooit ook danste – op vierjarige leeftijd met ballet was begonnen.

    Ze bleek getalenteerd. Haar bewegingsgevoel viel als kleuter meteen op, naast ballet ook tijdens moderne dans en jazzballet. Enkele jaren later ontfermde een trainster zich over haar. De aandacht verlegde zich naar het stijldansen. Op haar twaalfde koos zij definitief voor de latinvariant, nadat zij twee jaar eerder een eervolle uitnodiging voor de nationale balletacademie had laten schieten. Vanaf dat moment bepaalden samba, rumba, chachacha, paso doble en jive het dagritme.

    Schaduwzijde
    Koumans groeide in Nederland uit tot een bekende verschijning. Nestelde zich in de Nederlandse top, was internationaal actief en gewild als danspartner. Deed meerdere keren mee aan prestigieuze kampioenschappen als het Blackpool Dance Festival, ’s werelds bekendste stijldanswedstrijd. Werd geregeld gevraagd voor televisieklussen en workshops. Werkte met gerenommeerde trainers in binnen- en buitenland. Maar het dansen had een schaduwzijde. „Ik was slechts een gebruiksvoorwerp en wegwerpartikel.”

    Ze schetst wat haar overkwam. Van geslagen worden met de vlakke hand of een stok om tijdens trainingen de knieën te leren strekken tot seksistische taal. Van slechts in een slip op danshakken moeten dansen voor een trainer tot ongewenste massages. Van moeten doortrainen met blessures tot vileine opmerkingen over het gewicht. En van intimideren en kleineren tot aanranding en zelfs misbruik.

    „Al in de beginjaren waren er voorvallen waar je vragen bij kunt stellen”, blikt Koumans terug. „Dat zorgde ervoor dat ik als kind grenzen niet aanvoelde, dat ik uitwassen normaliseerde. Die excessen namen toe na mijn overstap naar het latin dance. Er kwam kwetsen bij in de trant van ’you are a scared little puppy’, ’weak bird’ en ’you must be a prostitute’. Schreeuwen en schelden (’trage trut’, ’dikke koe’). Betasten van kruis, billen en borsten zonder dat het om een technische aanwijzing ging. Manipulatie. De weegschaal kwam eraan te pas, ik werd belachelijk gemaakt en op rantsoen gezet. Uit het ondergewicht kwamen weer blessures voort, waarna ik de ene pijnstiller naar de andere moest slikken. En op twaalfjarige leeftijd werd ik na een training, in het toilet, voor de eerste keer door een trainer misbruikt.”

    De misdragingen vonden in een geïsoleerde omgeving plaats, aldus Koumans. „Het gebeurde meestal in een één-op-éénsituatie, al waren er in de zaal soms meerdere privésessies op hetzelfde moment. Ik verstijfde op zo’n moment, kon me er niet tegen verzetten. Ik schakelde mezelf uit, als overlevingsmechanisme.”

    Daarnaast pendelde ze tussen gemoedswisselingen. „Op de vloer, als ik met rust werd gelaten, genoot ik. Dan kon ik me uitleven, voelde ik me bevrijd. Die passie hield me overeind. Ik was een knokker, leergierig, kneedbaar en bovenal competitief ingesteld. Want hoe harder ik werd aangepakt, hoe groter het fanatisme. Alles was gericht op presteren, op maar niet willen falen.”

    Schaamtegevoel

    Met anderen praatte Koumans er nauwelijks over, uit schuld- en schaamtegevoel maar ook vanwege angst voor represailles. Terugblikkend: „Ik werd telkens misleid. Meegezogen in een psychologisch spel door personen die je afdanken als je niet meer interessant voor ze bent. Het was aantrekken en afstoten, op een geraffineerde wijze. Zeker als tiener, toen ik op zoek was naar mijn identiteit, bracht me dat in verwarring. Een stemmetje in mij zei dat het niet oké was, maar door het geleidelijke proces wist ik niet beter. Ik raakte daardoor innerlijk verscheurd, worstelde met een loyaliteitsconflict.”

    ’Be more sexy’
    Giulia Settomini herkent de indringende schets van Koumans. De Italiaanse, die eveneens internationaal actief was en – net als Koumans op latere leeftijd – vaak in Londen trainde, zegt zich ’seksueel geëxploiteerd’ te hebben gevoeld. „Ik werd gedwongen tot extreme expressie, alles draaide om sexappeal. ’Be more sexy’ is wat er bijna dagelijks tegen me werd gezegd. Nooit was het goed genoeg, kreeg ik te horen van trainers die het ook nog eens nodig vonden mij ongevraagd overal te betasten. Daarnaast werd constant de nadruk op mijn gewicht gelegd, waardoor ik een eetstoornis en lage zelfdunk ontwikkelde.”

    Door de tijd heen benoemde Koumans pijnlijke episodes. „Maar het werd weggewimpeld, victim blaming volgde. Door verwarring te zaaien en mij als fantast af te schilderen, werd mijn geloofwaardigheid onderuitgehaald. Juist omdat veel zich achter gesloten deuren afspeelde, werd ik monddood gemaakt. Je voelt je machteloos.”

    Nadat ze in 2017 stopte, wendde Koumans zich tot Menno Hogeveen. Met de voorzitter van de World Dance Council Dutch Amateur & Professional League voerde ze vele, soms urenlange gesprekken. Geen detail bleef tijdens hun conversaties onbesproken.

    In die sessies specificeerde ze ook het seksueel grensoverschrijdende deel, zoals het seksueel misbruik, het proberen dronken te voeren en meelokken naar hotelkamers tijdens buitenlandse trips plus de pogingen haar tijdens videobellen tot seksuele handelingen over te halen en seksueel getint chatgedrag. Er volgde geen actie van zijn kant. „Eerst zei Hogeveen het juiste moment af te willen wachten om het aan de orde te stellen. Die belofte kwam hij niet na. Later veranderde hij van toon, was er zelfs sprake van verbale agressie en intimidatiepraktijken.”

    Een generatiegenoot van Koumans, met wie voor dit artikel uitvoerig is gesproken maar die niet met haar naam naar buiten wil, ervoer hetzelfde toen zij bij Hogeveen melding deed van onzedelijke betasting door een medebestuurder van hem. „Onderling legden zij het bij, ik mocht er geen ruchtbaarheid aan geven. Zo werd het onder het tapijt geveegd. Omdat ik ook andere verhalen over grensoverschrijdend gedrag hoorde, signalen waarvan ik weet dat die rechtstreeks bij hem terechtkwamen of die hij heeft opgevangen, hield ik er een naar gevoel aan over. Plegers in bescherming nemen had kennelijk prioriteit.”

    Hogeveen ontkende in een eerste gesprek dat hij meldingen of signalen had gekregen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Na het ter inzage krijgen van dit artikel kwam hij daarop terug, maar zei hij niets te hebben kunnen doen omdat Koumans geen namen van plegers wilde geven. „Ik heb tegen haar gezegd: ’Help me alsjeblieft. Je moet dan ook iemand (plegers, red.) aanwijzen. Dat kan ik niet, zei ze’.”

    In een schriftelijke reactie laat het bestuur van de World Dance Council Dutch Amateur & Professional League, die vanuit de hoedanigheid van de Nederlandse Bond van Dansleraren reageert, weten dat ’de heer Hogeveen een indringend gesprek heeft gevoerd met de door mevrouw Koumans genoemde beschuldigden, waarin de aantijgingen ten stelligste werden ontkend’. Koumans: „De telkens veranderende versies, de ene verdraaiing na de andere, is precies de reden waarom ik me als slachtoffer nu al jarenlang geïntimideerd en onveilig voel. Die tegenstrijdigheden laten zien dat niet de waarheid wordt gesproken.”

    Obsessief

    Sommige danspartners merkten dat Koumans onder hoogspanning leefde. „De manier waarop een aantal mensen met Kim omging, heeft mij altijd een onbehaaglijk gevoel gegeven”, zegt Christian Klijs, die inmiddels werkzaam is als verpleegkundig specialist geestelijke gezondheidszorg. „Zo was er bijvoorbeeld een trainster die obsessief om haar heen hing en niet van haar kon afblijven, terwijl Kim nog een kind was. Dat zorgde voor een ongezonde dynamiek, mateloosheid en een onveilige omgeving.”

    Zelf kreeg Klijs, die in zijn jeugdjaren door een man seksueel werd misbruikt in het zwembad, allerlei toespelingen van een dansleraar. „Hij vroeg me telkens bij hem thuis langs te komen, liet me weten dat ik altijd bij hem kon blijven slapen. Ik was nog maar een tiener. Die uitnodigingen heb ik afgeslagen, maar het zegt iets over het zieke gedrag.”

    Een andere vroegere danspartner van Koumans, die anoniem wil blijven, ergerde zich aan de financiële belangen die steevast speelden – een facet dat ook vaak door anderen wordt aangehaald. „Geld is in het latin dance een allesbepalende factor. Ambitieuze dansers zijn een verdienmodel voor trainers. Om verder te komen, moet je flink investeren. Kun je het niet meer ophoesten, dan raak je uit de gratie en lig je eruit. Want trainers kunnen je maken of breken.”

    Uitbuiting

    Die geldelijke uitbuiting – tarieven van 200 euro per 45 minuten bij internationale trainers, veelal contant afgerekend, zijn niet ongebruikelijk, zeggen oud-dansers – en manipulatie waar hij over spreekt, ervoer ook de inmiddels gestopte danser Bram van Poppel. „Veel trainers zijn tevens jurylid, hebben dus een dubbele pet op. Je wordt onder druk gezet om in aanloop naar wedstrijden lessen bij ze te nemen, om zo een voorkeursbehandeling te krijgen. Want als jurylid bepalen zij of je voorronden overleeft, of je als paar wordt aangekruist. Het is een verkapte vorm van chantage. Maar door de sterke positie die ze hebben, is het lastig om je aan het systeem te onttrekken. Eigenlijk zet je jezelf dan buitenspel, word je een verschoppeling.”

    Het is de afrekencultuur die een profdanser, oud-deelnemer aan het televisieprogramma ’Dancing with the stars’, zo verafschuwt. „Er worden te veel machtsspelletjes gespeeld. Eigenbelang en persoonlijk gewin overheersen, rancune voert de boventoon. Je bent wie je kent, vriendjespolitiek en de gunfactor zijn bepalend. Te veel carrières zijn zo geruïneerd.”

    Hij vult zichzelf aan: „Het is zeker niet zo dat dit hele wereldje vergiftigd is, want zelf heb ik ook mogen werken met integere mensen waaraan ik veel, zo niet alles te danken heb. Maar een kleine groep heeft het voor het zeggen. De mores verandert daarom niet, het werkt een incestueuze cultuur in de hand.”

    Zelf werd hij overigens ook geconfronteerd met ongepast gedrag, zij het niet vanuit de trainershoek. „Bij showoptredens danste ik altijd schaars gekleed. Je wilt niet weten tot welk gedrag dat leidde. Het publiek dacht zich alles te kunnen veroorloven. Ik werd betast en aangeraakt, bijvoorbeeld in mijn kruis. Als ik er iets van zei, werd er lacherig over gedaan. ’Heeft hij weer, de mazzelaar’, kreeg ik dan geregeld te horen. De grenzeloosheid is dus wijdverbreid.”

    Voor oud-danser Natasja Haak – die vanaf haar vijftiende aan een opmars begon en het latin dance jarenlang combineerde met een opleiding aan de dansacademie – was het vooral de emotionele mishandeling die bij haar zijn sporen naliet. „Trainers kruipen in je hoofd, proberen je psyche te beïnvloeden. Je wordt telkens uit balans gebracht. Het ene moment complimenteren ze je, het andere ogenblik kafferen ze je uit of kleineren ze je. Dat doet iets met je zelfbeeld. En dat is wat ze willen bereiken, je breekbaar maken. Want zo hebben ze je in hun macht.”

    Ze krijgt bijval van een van de geanonimiseerde oud-dansers: „Mentaal had ik het altijd zwaar te verduren, ik werd afgebroken. Nu, na mijn danscarrière, heeft dit nog steeds zijn weerslag. Het knaagt aan me.”

    Haak ondervond ook aan den lijve dat zij als ’geldautomaat’ fungeerde. Nadat ze – na een periode in New York te hebben gewoond en gedanst – in Europa terugkeerde, liet ze zich verleiden tot een samenwerking met een trainster die aangaf haar te willen helpen om hogerop te komen. „Maar het bleek niet om mij te gaan, maar om haarzelf. Ik had veel sponsors, zij aasde slechts op het geld. Ze manipuleerde me, ik trapte erin. Zo kon ze haar eigen carrière bekostigen en haar ambities najagen.”

    Gesloten cultuur
    Wat het lastig maakt om onwelgevallige zaken te benoemen, is de gesloten cultuur. Dansscholen – doorgaans niet uitgerust met kleedkamers en een locatie waar alcohol geschonken mag worden – worden gekenschetst als ’clans’. Er heerst een, verklaren (ex-)dansers, door de trainers gecreëerd ’familiegevoel’ en ’sektarische cultuur’. Daarbij zou sprake zijn van een sterke hiërarchie en heerst er een omerta, de geheimhoudingstactiek van horen, zien en zwijgen. Ofwel: de vuile was hang je niet buiten.

    De gezagspositie van trainers, die geregeld profiteren van bezielde ouders die er alles voor over hebben om hun dochter of zoon te laten doorbreken, kan zodoende gemakkelijk uitmonden in machtsmisbruik. Het is dan alsof je in een fuik terechtkomt, van waaruit het moeilijk ontsnappen is.

    Een ex-danser, wiens naam op zijn verzoek is geanonimiseerd, zegt dat daarbij ’snel fysieke grenzen worden overschreden’. „Er wordt door trainers soms ongegeneerd aan dansers gezeten. Ze tasten af hoe ver ze kunnen gaan. Daarnaast zijn er opmerkingen die echt niet kunnen, zoals: ’Gooi je pik naar voren’ of ’doe maar net of je klaarkomt’.”

    Ergens kun je het vergelijken met grooming, vult een gestopte danser aan die eveneens niet met haar naam naar buiten wil treden. „Eerst wordt het vertrouwen gewonnen, vervolgens wordt dat vertrouwen beschaamd. Dat de escalaties al snel seksueel getint zijn, heeft alles te maken met het DNA van de sport. Aanrakingen, ook op intieme delen, kun je niet altijd voorkomen. Maar je kunt wel duidelijk maken dat er geen bijbedoelingen achter zitten, toestemming vragen. Dit respect voor de lichamelijke integriteit ontbreekt te vaak.”

    Bram van Poppel valt het tweetal bij. „Ik werk zelf in het onderwijs. Daar kan ik me dit soort taal of gedrag niet veroorloven, want dan kan ik mijn biezen pakken. Net als dat het niet acceptabel is om iemand ten overstaan van de groep de grond in te stampen of te kakken te zetten, iets wat in het latin dance ook veel gebeurt.”

    Het was ook door het groomingproces dat Kim Koumans in een vicieuze cirkel terechtkwam, reconstrueert ze voor zichzelf. „Natuurlijk waren er trainers die met mij en andere dansers integer omgingen en die ons in hun waarde lieten. Maar een aantal ontpopte zich tot een wolf in schaapskleren.”

    Ethische grenzen

    Barbara Nagode Ambroz, een gerenommeerde Sloveense trainer die met vele internationale kampioenen werkte, erkent de gevaren die in de sport verscholen zitten. „Ongelijkheid is nooit een goede basis voor een relatie. We moeten daarom doordrongen zijn van onze machtspositie, de mogelijke gevolgen overzien. De vraag durven stellen: waardoor voelen anderen zich ongemakkelijk of onveilig? Dat bespreekbaar maken en blijven communiceren heeft prioriteit, alleen dan kunnen we de ethische grenzen bewaken en voor menswaardigheid zorgen. Want onderdrukking of uitbuiting is onacceptabel.”

    Maximiliaan Winkelhuis – als prestatiecoach begeleidt hij al 26 jaar wereldtoppers en hij bracht twee Engelstalige coachingboeken voor de danssector uit – vindt dat er, zeker als het om geslachtsbeleving gaat, nog stappen te zetten zijn. „Zo wordt er nog altijd gesproken van men’s steps en ladies steps, waarbij van de vrouw passiviteit wordt verwacht. Dat is discriminerend, want er zou sprake moeten zijn van wederkerigheid. In partnerschappen tussen dansers zie ik de verandering al ontstaan en ik stimuleer dat, maar in de bredere context is het nog missionariswerk.”

    Door het huidige jurystelsel ligt machtsmisbruik op de loer, erkent Winkelhuis. „Met Ruud Vermeij (een van de gezaghebbende trainers in het latin dance, red.) heb ik geprobeerd vastgelegd te krijgen dat trainers niet ook kunnen jureren. Dat is niet gelukt. Een gemiste kans, want het zou de objectivering ten goede zijn gekomen.”

    Koumans, die met de danswereld heeft gebroken, hoopt met haar openhartigheid het taboe op misstanden en seksueel grensoverschrijdend gedrag in de sport te doorbreken. „Ik stap naar voren om de slachtoffers een gezicht te geven. Zo hoop ik een discussie op gang te brengen die zich niet alleen tot latin dance beperkt. Het dansen heeft zoveel moois in zich, maar de cultuur is doorgeschoten. Er is te veel leed aangericht, met psychische, emotionele en fysieke schade tot gevolg. Daar moet een einde aan komen. Nieuwe generaties moet bespaard blijven wat mij en anderen is overkomen.”

    Wetenschapper: ’Latin dance verheerlijkt seksueel geweld’

    De Franse wetenschapper Valentin Meneau gelooft dat het grensoverschrijdend gedrag binnen de danssport te maken heeft met de wijze waarop in latin dance naar vrouwen wordt gekeken. „In latin dance is de vrouw een lustobject, ze moet aantrekkelijk zijn en er mooi uitzien”, zegt Meneau, die is afgestudeerd in genderstudies en momenteel bezig is met zijn doctoraat in dansstudies. „Latin dance stimuleert het recht van mannen op het vrouwelijk lichaam en verheerlijkt seksueel geweld in de choreografie. Zo ontstaat de illusie van mannelijke dominantie en vrouwelijke onderwerping.”

    Dat zie je bijvoorbeeld terugkomen in de rumba, nota bene aangeduid als de dans van de liefde – analyseert Meneau, zelf een latin danser. „Als de vrouw zich als een femme fatale gedraagt, moet de mannelijke hegemonie worden hersteld. Dat neigt naar sadisme: haar overgave wordt op een gewelddadige manier benadrukt in diverse dansposes, alsof het gerechtvaardigd en legitiem is. De gelijkwaardigheid ontbreekt.”

    Eind vorig jaar publiceerde de Fransman, verbonden aan de Universiteit van Salzburg in Oostenrijk, het onderzoeksartikel ’Coding sexual violence as love – choreographed heteronormative gender performances in Latin American competition dancing’. Daarin stelt Meneau dat de danskunst deel uitmaakt van een ’cultuur van verkrachting’. „Het is in de choreografie gemeengoed: de man staat achter de vrouw, manoeuvreert haar in kwetsbare posities, bekijkt en betast haar. Daarnaast moet de vrouw voldoen aan een bepaald verlangen: in de manier hoe ze zich kleedt, zich gedraagt en zich opstelt. In de dagelijkse omgang in de danszaal kan zich dat vertalen in een toxisch klimaat. Iets wat ook geregeld gebeurt, weet ik uit ervaring.”

    Meneau had gehoopt dat #MeToo het debat over ethiek in het latin dance zou aanzwengelen. „Het is helaas geen gespreksonderwerp gebleken, de scheidslijn tussen wat kan en wat niet wordt vanuit de federaties niet afgebakend. Dat terwijl de bewustwording en het verantwoordelijkheidsbesef bij velen ontbreken. Door betastingen, opmerkingen en omgangsvormen is er een dagelijkse portie misbruik, zullen veel dansers beamen als je hen ernaar vraagt. Een gedragscode zou dat deels kunnen ondervangen, maar die ontbreekt. Ik zie bovendien nauwelijks reflectie.”

    De angstcultuur bemoeilijkt herstelwerkzaamheden, stelt Meneau. „Kritiek hebben of de aandacht op misbruiksituaties vestigen, leidt tot afwijzing. Je verliest alles wat je hebt opgebouwd. Die vrees resulteert in een collectief zwijgen.”

    Deskundigen: Taboe rond grensoverschrijdend gedrag in de sport is groot

    Het taboe van grensoverschrijdend gedrag in de sport is groot, zeker bij seksuele intimidatie en misbruik.

    „Lichamelijk contact in de sport is heel normaal”, zegt criminologe Tine Vertommen, auteur van ’Ongelijk spel. Seksueel geweld in de kinder- en jeugdsport’. „Dat maakt dat er meer gelegenheid tot misbruik is, zeker wanneer je als sporter in een ondergeschikte positie zit en te maken hebt met een autoriteitsfiguur. Instinctief voel je dat het misschien niet oké is wat er gebeurt, maar toch vraag je je af: hoort het erbij of niet?”

    Klinisch psycholoog Mariel Meewisse wijst eveneens op het ’schemergebied’. „Waar ligt de grens bij aanraking, wanneer gaat het te ver? In de sport, waar je geacht wordt tegen een stootje te kunnen, niet terug te deinzen en pijn te verdragen, voltrekt zich al snel een normalisatieproces. De ongelijkwaardigheid die in elke afhankelijkheidsrelatie zit, werkt dit in de hand. Het besef dat iets niet in de haak is, daalt vaak pas later in.”

    „Vergeet niet dat het een geleidelijk verloop kent”, benadrukt Iva Bicanic, hoofd van het Landelijke Traumacentrum UMC Utrecht en het Centrum Seksueel Geweld. „Misbruik is er niet van de ene dag op de andere, het ontstaat vaak vanuit een vertrouwensband. Je wordt door de pleger in verwarring gebracht, het gaat vaak gepaard met mindfuck. Dan lijkt het alsof er door het slachtoffer geen weerstand is geboden. De drempel om vervolgens naar buiten te treden, is hoog.”

    Lang niet altijd gaat er een vooropgezet plan bij de pleger aan vooraf, stelt Meewisse, lid van de raad van bestuur van Abate, het expertisecentrum voor angst en trauma. „De trainer of coach die het contact met de sporter vertrouwelijk houdt en aanmoedigt tot topprestaties, wordt gaandeweg toenemend grensoverschrijdend. De sporter voelt zich niet bij machte om dit kenbaar te maken, en de trainer of coach wordt niet door een derde teruggefloten. Dan gaat het van kwaad tot erger, totdat het niet mis te verstaan is door het slachtoffer. Pressie volgt dan vanuit de pleger die veel te verliezen heeft. Het slachtoffer wordt onder druk gezet om er geen ruchtbaarheid aan te geven.”

    Als je het wel met anderen deelt, is er het risico dat je als slachtoffer nog meer problemen krijgt, zegt Bicanic. „Niet iedereen is op jouw hand. Je krijgt te maken met believers en non-believers, er ontstaat polarisatie en is victim blaming. Ook dat kan een traumatiserend effect hebben.”

    Vertommen valt haar bij: „Waar kun je terecht met een klacht, op welke instantie kun je vertrouwen? Vaak kom je bedrogen uit. Wat ik merk is dat het verwachtingspatroon van melders niet overeenkomt met wat men binnen justitie en het tuchtrechtelijk systeem kan bieden. Vaak weegt het belang van de pleger of het imago van de sportorganisatie zwaarder door dan dat van de melder.”

    Bicanic zou graag zien dat er één centraal meldpunt voor seksueel grensoverschrijdend gedrag komt. „Je krijgt als professionals één kans om het goed te doen, om extra beschadiging te voorkomen. Bundel daarom de expertise, zodat je slachtoffers bij alle stappen in het vervolgtraject kundig kunt adviseren en begeleiden.”

    Volgens Meewisse begint het met bewustwording en verantwoordingsbesef. „Een betere bondssturing is nodig. Zeker in sporten waar ook nog eens van subjectieve beoordeling sprake is, moet er onafhankelijk toezicht en corrigerend vermogen aanwezig zijn. Zo vergroot je de sociale veiligheid en verklein je de kans op excessen.”

    Schriftelijke reactie van de twee dansbonden
    Nederlandse Algemene Dans Bond:

    De NADB heeft met afschuw het artikel gelezen en betreurt het zeer dat ernstig grensoverschrijdend gedrag ook in de danswereld voor komt.

    Iedere keer weer zijn wij getroffen door het immense leed dat slachtoffers van seksueel misbruik wordt aangedaan. Het is voor de slachtoffers bijzonder ingrijpend, in veel gevallen gaan zij daar jarenlang, en misschien wel hun hele leven onder gebukt. Wij hebben veel respect voor degenen die met hun ervaringen naar buiten durven te komen. De NADB neemt dit signaal uitermate serieus en het helpt ons om misstanden aan te pakken.

    Binnen de danssport is geen plaats voor grensoverschrijdend gedrag. Deze ervaring roept ons op de reeds ingeslagen weg om dit gedrag tegen te gaan met kracht te vervolgen. Dansers die grensoverschrijdend gedrag meemaken of met zorgen over een veilig en eerlijk sportklimaat in hun omgeving rondlopen kunnen terecht bij onze vertrouwenscontactpersoon. Deze biedt een luisterend oor, geeft raad en advies en is bovendien de eerste opvang voor leden met een klacht bij concrete incidenten. Natuurlijk kunnen zij ook terecht bij het Centrum Veilige Sport Nederland, ook voor vragen over pesten, matchfixing, doping, integriteit en discriminatie.

    De NADB onderschrijft de Gedragscode Sport en brengt deze actief onder de aandacht van de dansers, hun ouders, juryleden en trainers, zoals recentelijk nog via een serie van webinars. Zie ook op onze website: Veilige sport omgeving – NADB

    In het artikel in deze krant wordt specifiek aandacht besteed aan latin dance. De NADB hecht er aan duidelijk te maken dat dansen – en dat geldt ook voor latin dance – op geen enkele wijze ongelijkheid tussen partners mag creëren; de vrouw of man moet binnen de dans met respect benaderd worden en dansen mag op geen enkele manier bijdragen aan grensoverschrijdend gedrag. Wij moedigen daarom aan dat dansers en trainers gezamenlijk tot een choreografie komen waarin de betrokken dansers zich veilig voelen.

    De NADB heeft veel waardering voor de personen die het aangedurfd hebben met hun persoonlijke verhaal naar buiten te komen. Wij wensen hun veel sterkte bij het verwerken van deze ervaringen. Graag nodigen wij hen uit met ons in gesprek te gaan om te bekijken waar wij kunnen ondersteunen, op welke wijze wij de ervaren praktijk aan kunnen pakken en te onderzoeken hoe wij misstanden in de toekomst kunnen voorkomen.

    World Dance Council Dutch Amateur & Professional League/Nederlandse Bond van Dansleraren:

    Allereerst willen wij stellen dat het bestuur van de Nederlandse Bond van Dansleraren elke vorm van aanranding of seksuele intimidatie binnen de danswereld altijd zal bestrijden en dat wij staan voor een cultuur waar onze dansers, juryleden en leraren zich veilig voelen. Elke melding die wij op dit vlak krijgen nemen wij daarom zeer serieus en wij herkennen ons dan ook niet in het beeld van het artikel.

    De Nederlandse Bond van Dansleraren kent reeds enige jaren een officiële vertrouwenspersoon. Dit biedt de mogelijkheid om ten alle tijden contact op te nemen en kwesties te melden. Dit is duidelijk vermeld in onze brochure en op de website. We moeten vaststellen dat dit niet voor iedereen duidelijk blijkt te zijn en hier trekken wij lering uit. Gezien de aard van het door u gestelde, hebben wij er voor gekozen om een vrouw te benoemen als extra vertrouwenspersoon. Deze staat inmiddels vermeld op onze website. We zullen dit opnieuw en nog duidelijker communiceren met alle dansers en ook onze leraren/trainers vragen om dit nogmaals onder de aandacht te brengen.

    Tevens besteden wij in onze opleiding tot dansleraar/trainer al decennia nadrukkelijk aandacht aan het fysieke aspect tussen danser en trainer. Als er sprake is van fysiek contact, moet dat met terughoudendheid gebeuren en altijd in overleg met de danser. Onze leerkrachten kennen hun verantwoordelijkheid. Ook hier geldt dat klachten zonder aanziens des persoons in behandeling worden genomen. Hiervoor wordt in voorkomende gevallen een speciale onderzoekscommissie aangesteld.

    Tenslotte bespreekt u de bredere cultuur binnen het stijldansen. Ook hier wordt binnen onze opleiding uitgebreid aandacht aan besteed. Zo wordt er speciaal gekeken naar de relatie tussen leraar, danser en jurylid. Om deze relatie ook formeel zuiver te houden heeft de WDC voor haar geregistreerde juryleden een ’code of conduct’ en zijn de door u genoemde fenomenen herhaaldelijk onderwerp van gesprek.

    Samenvattend is het beeld dat u schetst beduidend anders dan onze eigen ervaring. Juist vanwege de vorm van de activiteit en de traditionele samenstelling van een danspaar zijn ’omgangsvormen’ altijd een centraal thema geweest en is de rolverdeling binnen een paar gebaseerd op wederzijds respect. We nemen uw onderzoek echter serieus. Daarom starten we een eigen onderzoek en zullen onze leden vragen om zich te melden bij misstanden en klachten. Wij wijzen er op dat een ieder het recht heeft om aangifte te doen en raden dat ook aan.

    Verantwoording
    De basis van deze onderzoekspublicatie wordt gevormd door achtergrondgesprekken met 16 betrokkenen uit het latin dance, onder wie tien (voormalig) dansers. Een aantal van hen wilde uitsluitend op voorwaarde van anonimiteit praten. Hun namen zijn bij de hoofdredactie bekend.

    Met verschillende personen is meerdere keren gesproken. Waar mogelijk zijn beweringen nagetrokken. Kim Koumans gaf toestemming om inzage te krijgen in (delen van) haar medisch dossier.

    De keuze om geen namen van plegers te noemen, is een bewuste. De meeste beschuldigden zijn geen publieke figuren, waardoor naamsvermelding een (te) grote inbreuk op de levenssfeer zou zijn. Bovendien gaven de betrokkenen aan vooral de cultuur te willen schetsen en aan de kaak te stellen.

    Bron: Leidsch Dagblad >>

    #259693
    Luka
    Moderator
    Topic starter

    Dansbond stopt #MeToo-meldingen in doofpot. ’Mijn kruis, billen en borsten werden betast, ik moest in slechts een slip en op danshakken voor de trainer dansen’


    Kim Koumans

    Meldingen van jarenlange seksuele intimidatie en misbruik in het latin dance zijn door de voorzitter van de Nederlandse tak van de World Dance Council in de doofpot gestopt. Ook met een klacht over aanranding is door hem niets gedaan. Die beschuldiging uiten twee oud-dansers.

    Als gevolg van beschuldigingen van aanranding en verkrachting tegen de Amerikaanse filmproducent Harvey Weinstein ontstond eind 2017 wereldwijd de #MeToo-beweging. In Nederland kwamen sindsdien schandalen naar buiten rond theateropleidingen en -gezelschappen, een castingbureau en kunstinstellingen. Vanuit de danswereld bleef het daarentegen stil, in tegenstelling tot België.

    Een onderzoek naar seksisme in de danssector leidde daar tot een stroom van (anonieme) getuigenissen. Daaruit kwam Engagement voort, het collectief dat seksisme, grensoverschrijdend gedrag en machtsmisbruik binnen de Belgische kunst- en culturele sector wil aanpakken.

    In Nederland doorbreekt Kim Koumans nu het stilzwijgen. De danseres die decennialang internationaal actief was, geeft aan tijdens haar carrière seksueel geïntimideerd en misbruikt te zijn. ,,Mijn kruis, billen en borsten werden betast, ik moest in slechts een slip en op danshakken voor de trainer dansen. Op twaalfjarige leeftijd werd ik na een training voor de eerste keer op het toilet misbruikt.’’

    Ze verklaart in de afgelopen drie jaar meerdere keren hierover met voorzitter Menno Hogeveen van de World Dance Council Dutch Amateur & Professional League (WDC) te hebben gesproken. Er volgde geen actie. ,,In die gesprekken leek het slechts om damage control voor de bond te draaien’’, aldus Koumans.

    Haar aantijging wordt ondersteund door een geanonimiseerde ex-danser, met wie ook uitvoerig is gesproken en van wie de naam bij de redactie bekend is. Zij gaf bij Hogeveen aan onzedelijk te zijn betast, maar haar klacht werd evenmin serieus genomen. ,,Het is onder het tapijt geveegd.’’

    Koumans stapte in februari 2018 met haar verhaal naar de zedenpolitie. Het bleef destijds bij een melding. Dit voorjaar bracht zij het Centrum Veilige Sport Nederland, het meldpunt van sportkoepel NOC NSF, op de hoogte. Ook sprak zij, informeel, met een politiek adviseur van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en enkele Tweede Kamerleden.

    Het Centrum Veilige Sport informeerde de twee bij het latin dance in Nederland betrokken bonden: naast de WDC ook de Nederlandse Algemene Danssport Bond (NADB), de bij NOC NSF aangesloten federatie waarbinnen zich volgens getuigenissen ook wanpraktijken hebben voorgedaan.

    Vanuit de NADB volgde een naar de meldster doorgestuurde reactie per e-mail waarin de afschuw werd uitgesproken en werd aangegeven dat ’we altijd openstaan voor een gesprek’. De WDC liet niets van zich horen.

    Hogeveen ontkende in een eerste gesprek dat hij meldingen of signalen had gekregen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Na het ter inzage krijgen van dit artikel komt hij daarop terug, maar zegt hij geen actie te hebben ondernomen omdat Koumans geen namen van plegers wilde geven. „Ik heb tegen haar gezegd: ’Help me alsjeblieft. Je moet dan ook iemand (plegers, red.) aanwijzen. Dat kan ik niet, zei ze’.”

    In een schriftelijke reactie laat het WDC-bestuur (dat ook namens de Nederlandse Bond van Dansleraren reageert) daarentegen weten dat ’de heer Hogeveen een indringend gesprek heeft gevoerd met de door mevrouw Koumans genoemde beschuldigden, waarin de aantijgingen ten stelligste werden ontkend’. Koumans: „De telkens veranderende versies, de ene verdraaiing na de andere, is precies de reden waarom ik me als slachtoffer nu al jarenlang geïntimideerd en onveilig voel. Die tegenstrijdigheden laten zien dat niet de waarheid wordt gesproken.”

    In dezelfde reactie staat dat de WDC/NBD ’reeds enkele jaren een officiële vertrouwenspersoon kent’ en dat ’ervoor is gekozen om een vrouw te benoemen als tweede vertrouwenspersoon’. Beide vertrouwenspersonen maken deel uit van het bestuur. Die vermenging van functies is ongebruikelijk en wordt als onwenselijk gezien. Doorgaans werken (sport)organisaties met een autonome vertrouwenscontactpersoon als aanspreekpunt.

    Bron: Noord Hollands Dagblad >>

    #260356
    Luka
    Moderator
    Topic starter

    Misbruik in de danswereld: ‘Ik ging geloven dat ik een seksobject was’

    Seksueel misbruik Klokkenluider Kim Koumans kaart wangedrag in de danswereld aan. „De basis van latin dance is seksualiteit en dat moet helemaal anders.”


    De bijval was enorm. Kim Koumans (39) ontving via sociale media, telefoon en e-mail meer dan zestig berichten van dansers die grensoverschrijdend gedrag – van seksueel misbruik tot schreeuwende trainers – hebben meegemaakt of nog steeds meemaken.

    De stroom berichten kwam op gang nadat Koumans in het Noordhollands Dagblad vertelde over seksueel misbruik dat zij heeft meegemaakt binnen de danswereld. Zestien andere mensen, slachtoffers en deskundigen, vertellen in het artikel over grensoverschrijdend gedrag, maar zij is de klokkenluider en kwam het uitgebreidst aan het woord. En dus is zij het gezicht geworden van een beweging die het wangedrag in de danswereld wil aanpakken.

    Ze is blij dat haar verhaal is opgepikt. Een debat in de Tweede Kamer dat over grensoverschrijdend gedrag in de turnwereld zou gaan, gaat nu óók over dans. Maar ze vindt het ook emotioneel zwaar erover te praten en expliciete voorbeelden te geven. „Ik doe het toch omdat de ernst van de misstanden alleen dán echt duidelijk wordt.”

    Koumans begon met danslessen en dagelijks trainen toen zij vier was, specialiseerde zich later in latin dance en verdiende een deel van haar inkomen lange tijd met optredens en wedstrijden. „Vooral in mijn begintijd was stijldansen (waar latin dance onder valt) heel hot. Er stonden rijen met kinderen voor de deuren van dansscholen. Het hoorde bij de opvoeding.”

    Begin jaren negentig kreeg Koumans voor het eerst met seksueel grensoverschrijdend gedrag in de latin dance te maken, vertelt ze in haar huis in het Brabantse Oosterhout. Dwergpapegaai Jive kwettert in zijn kooi. Kat Toby nestelt zich op de bank. Op de tv speelt een documentairereeks over Tina Turner. „Die vrouw danst als de beste.”

    Er zijn in Nederland enkele duizenden mensen die net als Koumans latin dance – een verzamelnaam voor samba, rumba, paso doble, Cha Cha Cha en Jive – uitoefenen op het hoogste niveau.

    Alles draaide om dansen
    Haar leven heeft ruim dertig jaar lang vrijwel alleen om dans gedraaid, in 2017 stopte ze ermee. „Al die jaren ben ik als een gebruiksvoorwerp behandeld. Het ging niet meer.” Wanneer werd ze voor het eerst slecht behandeld in de latin dance? „In mijn allereerste privéles, ik was twaalf, werden mijn kruis, billen en borst al betast. Kun je nagaan.” Om een bepaalde danstechniek goed uit te voeren, is het bijvoorbeeld van belang dat het bekken van een danser naar voren kantelt. Kim Koumans heeft heel vaak meegemaakt dat trainers dit uitlegden op een manier die haar veel te ver ging.

    „Ik en andere dansers zijn heel vaak, ook door vrouwen trouwens, vanachteren vastgepakt totdat hun kruis tegen jouw billen aankomt en jij tegen hun borst aangedrukt zit.” Zij voelde in deze positie van „zeker tien trainers” de erectie.

    Om het bekken in positie te duwen, reiken veel trainers tussen de benen door naar het kruis. „Het is niet nodig, je kunt het ook anders uitleggen”, zegt Koumans. Waarom doen ze het dan? „Omdat het kan, denk ik.” Het bekkenkantelen staat ook op de agenda van Centrum Veilige Sport, een meldpunt van sportorganisatie NOC*NSF, dat in samenwerking met de Nederlandse Algemene Danssport Bond (NADB) presentaties heeft gegeven aan onder meer dansschoolhouders, trainers en ouders van jonge danser. Daarin wordt onder meer uitgelegd dat er van tevoren met studenten of hun ouders moet worden besproken welke aanrakingen zijn toegestaan.

    In de carrière van Kim Koumans stapelden de slechte ervaringen zich op. Ze herinnert zich dat ze in het begin van haar tienerjaren voor het eerst seksueel werd misbruikt. „Na een training moest ik mezelf uitkleden in het toilet om een wedstrijdjurk te passen. De trainer, een vrouw, heeft me vastgepakt en is toen met haar vingers bij mij naar binnen gegaan. Ik weet nog goed dat ik helemaal verstijfde.” Koumans vertelt dat ze gedurende haar dansperiode meermaals seksueel is misbruikt. „Het ging door tot het einde van mijn carrière.”

    Het Noordhollands Dagblad laat één van Koumans danspartners aan het woord, die opmerkt dat de manier waarop een aantal mensen met haar omging, hem altijd een „onbehaaglijk gevoel” heeft gegeven.

    Mensen vragen haar wel eens waarom ze niet eerder is gestopt. „Dansen was al vanaf mijn kindertijd het belangrijkste in mijn leven. Het wordt je identiteit. Ik keek ontzettend tegen sommige trainers op. Ik ging geloven dat ik een seksobject en een wegwerpartikel was, en kampte ook met schuld- en schaamtegevoelens. Je raakte er helemaal in vast.”

    Losse sfeer
    In de danswereld die Koumans schetst, was een groot gebrek aan professionele distantie, en het is nog steeds een kleine informele wereld. Dat tekent zich af bij de eerste clublessen. Veel dansscholen hebben een bar. Koumans herinnert zich dat de dansleraar daar alcohol dronk. Er is een losse sfeer. In die setting worden regelmatig talenten gescout door professionele trainers die met hen aan de slag willen. Daarna volgen privélessen en kleinschalige dansworkshops, die in een zelfde informele sfeer plaatsvinden. „Je wordt onderdeel van een ‘dansfamilie’”, zegt Koumans. „Trainers noemen zichzelf ‘dansvaders- of moeders’.”

    De machtsverhouding kan daardoor uit balans raken, des te meer omdat veel trainers ook juryleden bij wedstrijden zijn – iets waar binnen de danswereld al lang discussie over is. Koumans herinnert zich ook schreeuwende en scheldende trainers. „‘Dikke koe’ of trage trut hoorde ik het vaakst.” De weegschalen werden er volgens haar te pas en te onpas bij gehaald – dansers moesten volgens haar afvallen om beter te presteren. In het Noordhollands Dagblad zegt een danser dat er door trainers werd gespeeld met haar psyche: „Het ene moment complimenteren ze je, het andere ogenblik kafferen ze je uit.”

    Omdat seksualiteit in de sport en de choreografie verweven zit, is het voor buitenstaanders soms moeilijk te begrijpen dat er ook dan grenzen overschreden kunnen worden. „Laatst zei iemand weer zoiets: ‘Bij latin dance moet de vrouw toch heel vurig en verleidelijk zijn? Die dans gáát toch over het veroveren van de vrouw?” Dat is de kern van probleem, zegt Koumans. „De basis van latin dance is seksualiteit en dat moet helemaal anders.”

    Vragenuurtje
    In juli, net voor het zomerreces, werd in het vragenuurtje van de Tweede Kamer naar aanleiding van het artikel in het Noordhollands Dagblad gesproken over misstanden in de danswereld. „Ook hier (in de danswereld) zien we weer dat de sportbonden in kwestie niet goed reageren en dat ze geen veilige omgeving creëren voor jonge kinderen en jongeren”, stelde GroenLinks-kamerlid Lisa Westerveld tijdens het vragenuurtje in juli. Minister Tamara van Ark, even later tijdens datzelfde vragenuurtje: „Ik gun het iedereen die gaat dansen om dansend door het leven te gaan.”

    Wat in de Tweede Kamer gebeurt, vindt Koumans „geweldig”. „Eindelijk erkenning.”

    Maar ze hoopt dat er nog meer aandacht voor komt. Sinds ze de danswereld gedesillusioneerd achter zich heeft gelaten, wil ze het grensoverschrijdende gedrag dat ze zelf heeft meegemaakt en zien gebeuren publiekelijk maken, om zo de danswereld hopelijk te veranderen.

    Vier jaar geleden trok Kim Koumans al aan de bel bij de World Dance Council, een van haar dansbonden. Ze voerde meerdere gesprekken met de voorzitter, maar de bond zette al die jaren geen concrete stappen. Het WDC zegt dat er inderdaad persoonlijke gesprekken zijn gevoerd met Koumans maar zegt omwille van haar privacy niet dieper in te willen gaan op vragen van NRC.

    Melding bij de zedenpolitie
    In 2018 deed Koumans een melding over het misbruik dat zij meemaakte bij de zedenpolitie. Tot een aangifte is het nog niet gekomen. Samen met haar zedenadvocaat Willem van der Voet, is Kim Koumans nu aan het bepalen welke juridische stappen zij kunnen zetten. Koumans heeft intensief contact met andere dansers die zeggen slachtoffer van misbruik te zijn. Ze is in gesprek met het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Instituut Sport Rechtspraak (ISR) voor tuchtrecht in de sport heeft contact met haar opgenomen.

    Grensoverschrijdend gedrag komt in de hele maatschappij voor, „dus wellicht ook in de danssport”, zegt Jeffrey van Meerkerk, voorzitter van de NADB. Hij is zich „rotgeschrokken” van de verhalen van Koumans. Het grensoverschrijdende gedrag in de turnwereld, waar al jaren over gesproken wordt en waar afgelopen april een uitgebreid onderzoek over verscheen, was voor de NADB ook aanleiding om naar de eigen sector te kijken, zegt hij. De gedragscode wordt, samen met experts van het Centrum voor Veilige Sport, sindsdien bijvoorbeeld aangescherpt. „We benadrukken dat er van te voren heldere afspraken moeten worden gemaakt tussen trainers en dansers over hoe je aangeraakt wil worden.” In de gedragscode wordt ook geadviseerd dat er bij privélessen aan minderjarigen derden aanwezig zijn.

    Trauma
    De danswereld wordt versnipperd bestuurd: alleen al voor de enkele duizenden latin dansers zijn er bijvoorbeeld al twee dansbonden, die met elkaar concurreren. De NADB is aangesloten bij sportorganisatie NOC*NSF. Dansers van de NADB die grensoverschrijdend gedrag meemaken, kunnen met hun ervaringen terecht bij Centrum Veilige Sport. De andere bond, World Dance Council (WDC), ziet dans vooral als een artistieke uiting en heeft geen officieel meldpunt. Koumans denkt dat er behoefte is aan een onafhankelijk en overkoepeld meldpunt voor de hele danssector, en probeert daar werk van te maken. „Een veilige en duidelijk plek voor slachtoffers met korte lijnen naar de juiste hulp op meerdere terreinen.”

    Kim Koumans valt even stil. „Het is moeilijk om dat hele verhaal weer te vertellen.” Ze werkt hard aan het verwerken van het trauma dat ze heeft opgelopen, en reist twee keer per week voor haar therapie van Brabant naar Grootebroek in West-Friesland. „Om iets te veranderen moet er iemand opstaan, iemand moet het verhaal van de slachtoffers vertellen.”

    RECHTSZAAK MISBRUIK DANSSCHOOL
    Deze week staat de Groningse dansschoolhouder Khalid A. voor de rechter. De 38-jarige man wordt verdacht van het misbruiken van leerlingen. A. staat terecht voor twaalf strafbare feiten: twee verkrachtingen, een poging daartoe, ontucht en verschillende (structurele) aanrandingen. Dertien leerlingen, meestal minderjarige meisjes, hebben aangifte gedaan.

    A. zou volgens de officier van justitie misbruik hebben gemaakt van zijn positie als leerkracht, bijvoorbeeld door sommige meisjes niet uit hun stretch- of spagaatpositie te halen terwijl ze dat zonder zijn hulp niet konden. De zedendelicten zouden zijn gepleegd tussen 2015 en augustus 2020. Khalid A. werd in september vorig jaar gearresteerd. Zelf ontkent hij zijn leerlingen te hebben misbruikt.

    Bron: NRC.NL >>

3 berichten aan het bekijken - 1 tot 3 (van in totaal 3)
  • Je moet ingelogd zijn om een reactie op dit onderwerp te kunnen geven.
gasten online: 14 ▪︎ leden online: 1
LSG
FORUM STATISTIEKEN
topics: 2.927, berichten: 15.555, leden: 1.769