Seksueel misbruik en seksueel geweld (algemeen)

Forum Lotgenoten Seksueel Geweld Achtergrond & Informatie Informatieve websites & mediaberichten Seksueel misbruik en seksueel geweld (algemeen)

  • Dit onderwerp bevat 118 reacties, 6 deelnemers, en is laatst bijgewerkt op 18/04/2020 om 19:42 door Luka.
19 berichten aan het bekijken - 101 tot 119 (van in totaal 119)
  • Auteur
    Berichten
  • #244748
    Luka
    Moderator

    Nederlandse vrouwen vertellen over bazen en docenten die te ver gingen

    De werkvloer en het klaslokaal zijn vruchtbare plekken gebleken voor grensoverschrijdend gedrag en machtsmisbruik.

    Er lijkt een internationale revolutie gaande in de wereld van seksueel geweld tegen vrouwen. De hashtag #metoo, waarmee vrouwen aangeven dat ze ervaring hebben met seksueel grensoverschrijdend gedrag – van intimidatie tot aanranding en zelfs verkrachting – domineert al een paar dagen Twitter, de praatprogramma’s op Nederlandse en internationale televisie, en het gesprek op de werkvloer.

    Die werkvloer is een vruchtbare plek gebleken voor verwerpelijk gedrag en machtsmisbruik, net als het klaslokaal van universiteiten en academies. In bijna alle sectoren zijn wel verhalen te vinden van (vooral) mannen die grenzen opzoeken en overgaan: van oneerbare voorstellen tot kruisgrijpen tot aanranding. Verwerpelijk is het sowieso, en in sommige gevallen gewoon hartstikke strafbaar. Maar de vraag ‘waar de grens dan precies ligt’ lijkt een vast onderdeel van het debat te zijn, net als het argument ‘of er dan niets meer mag’.

    Maar als je seksuele intimidatie of geweld overkomt, voel je precies waar die grens ligt – doordat-ie wordt overschreden. We spraken drie vrouwen die in de begindagen van hun carrière in de cultuursector (film, muziek en kunst) te maken kregen met bazen en docenten die (veel) te ver gingen en hun macht misbruikten.

    Iris*, 33, werkt in film- en televisiewereld
    Tijdens mijn studie liep ik stage bij een filmproducent. Van tevoren werd ik al gewaarschuwd, een vader van een vriendin kende deze man en zei dat ik uit moest kijken omdat de producent een ‘vrouwenverslinder’ zou zijn, iemand ‘die er wel van houdt’. Ik dacht: die man is 55, twee keer zo oud als ik, en hij is vader en getrouwd, dus deze waarschuwing geldt niet voor mij. Maar ik was dus wel direct op mijn hoede. Overdag was hij heel aardig en professioneel, maar als er alcohol in het spel was vermeed ik hem een beetje.

    Na afloop probeerde hij me plotseling te zoenen en zei hij: “Ik wil je al neuken sinds je voor het eerst bij ons kwam.”

    Na mijn stage kreeg ik vrij snel een baan, ergens anders, en hij nodigde me uit voor een première om dit te vieren. In de filmwereld zijn sowieso veel feestjes en daar wordt veel geflirt en gezoend, maar dat zijn mensen van dezelfde leeftijd of met een gelijke status. De producent vroeg nadat het feest was afgelopen of ik nog ergens wat wilde drinken, en ik ging daarop in, ook omdat ik veel met hem had samengewerkt en dat goed was gegaan.

    Toen we na afloop buiten stonden probeerde hij me plotseling te zoenen. Ik gaf aan dat ik niet wilde, en toen zei hij: “Ik wil je al neuken sinds je voor het eerst bij ons kwam.” Later die nacht stuurde hij nog twee berichtjes, of ik zeker wist dat ik niet wilde en of ik geen spijt had van mijn beslissing.

    Door deze gebeurtenis begon ik te twijfelen aan mijn competenties: had hij me alleen aangenomen omdat hij met me naar bed wilde? En ik begon te twijfelen aan mijn rol hierin: had ik het uitgelokt, bijvoorbeeld door nog wat met hem te gaan drinken? Waar ligt de grens van dit soort gedrag? Maar nu weet ik: dit doe je niet. De grofheid van het voorstel laat het ook zien, je bent niet iemand aan het versieren als je zegt dat je ‘iemand wil neuken vanaf het eerste moment’.

    De Nederlandse filmwereld is klein en ik wil het risico niet lopen dat het me kwalijk wordt genomen, daarom wil ik niet zeggen wie het is. Ook is het verneukeratief dat ik als vrouw twijfel aan mijn eigen verantwoordelijkheid van zijn gedrag, en dat ik denk: overdag is hij een aardige baas, hij is niet een slecht iemand, dus laat maar zitten. Het is natuurlijk geen aanranding, maar vanuit zijn machtspositie seksuele relaties aanknopen is net zo goed verwerpelijk.

    Eline*, 30, werkt in de klassieke-muziekwereld
    Door twee van mijn docenten heb ik persoonlijke ervaringen met seksueel grensoverschrijdend gedrag. Het gebeurt veel in de wereld van klassieke muziek, maar de mannen wordt een hand boven het hoofd gehouden. Toen ik uiteindelijk de moed had om het aan de vertrouwenspersoon op mijn conservatorium te vertellen, zei zij: “Ja, dat is allemaal heel erg, maar wat wil je dat wij eraan doen? Wil je soms dat we hem ontslaan?”

    Het is een kleine wereld en voor je reputatie en carrière ben je afhankelijk van je leraar en hoe zo’n man met jou omgaat. Tijdens de opleiding loop je stage in een orkest, en het is de bedoeling dat je schnabbels krijgt aangeboden via hem. Er is dus zeker sprake van een machtsverhouding, en ik vraag me af of de mannen die hier misbruik van maken instinctief kiezen voor fragiele meisjes, waar ik er een van was.

    Deze man stond er al om bekend, maar bij mij is hij veel verder gegaan dan bij andere vrouwen.

    De sfeer in mijn groep was altijd dat ‘een drankje drinken met je leraar in de kroeg’ heel normaal was. Maar vanaf het moment dat ik 18 was, begon mijn bachelor-docent me een glas wijn aan te bieden na de les bij hem thuis. Ik vond het spannend: hij was iemand tegen wie ik opkeek, en deze man was geïnteresseerd in mij en wilde mij beter leren kennen. Hij heeft het heel sneaky gedaan, hij heeft me echt gegroomed [vertrouwen winnen van minderjarigen om er seks mee te kunnen hebben, red.]. Het werd steeds erger – op een gegeven moment was het zo dat hij tijdens de les zijn hand op de bank legde op de plek waar ik moest gaan zitten, waardoor ik dus óp zijn hand moest gaan zitten.

    Deze man stond er al om bekend, maar bij mij is hij veel verder gegaan dan bij andere vrouwen. Ik had al een laag zelfbeeld en was bang dat als ik hem zou afwijzen, dat ik hém daardoor zou vernederen en niet meer naar de les zou mogen komen. Daarom durfde ik niks te zeggen, ik durfde niet eens te bewegen. Toen het echt heel erg werd, had ik geen zelfrespect meer. Ik had het idee dat ik mijn hele studie vergooide en ik begon steeds slechter te spelen.

    Maar toen ik er uiteindelijk melding van maakte bij de school, gebeurde precies waar ik bang voor was: ze deden niks en bagatelliseerde mijn verhaal. Ik wil dit nu anoniem vertellen en ik wil geen aangifte doen, omdat ik niet dát meisje wil zijn. Ik wil niet dat andere vrouwen zeggen: ‘Maar zag je hoe kort haar rokje was, hoeveel wijn ze met hem dronk.’

    Ik heb mijn leraar er later op aangesproken, en zijn antwoord was: “Wat erg dat je het zo hebt ervaren, want ik vond het wél gezellig.” Ik vroeg hem of hij dan niet snapte dat hij boven mij stond en macht had, en dat ik daarom niets durfde te zeggen – toen beweerde hij dat hij mij als gelijke zag, wat natuurlijk onzin is. In een nieuw conservatorium-gebouw zijn alle muren van de klaslokalen van glas gemaakt – mij is ter ore gekomen dat dit mede is gedaan zodat docenten zich niet meer geborgen voelen en hun gang kunnen gaan.

    Ik weet dat ik me voor eeuwig bezoedeld voel, en beschaamd. En eigenlijk wil ik alleen maar dat hij doodgaat.

    Ik ben iemand die sowieso moeilijk grenzen aangeeft, maar dat zou niet moeten uitmaken: die man mag dit überhaupt niet doen. Natuurlijk vond ik het in het begin vleiend dat hij mij aantrekkelijk vond, dat vind ik van zo veel mannen – maar ik wilde natuurlijk niet dat hij aan me aan ging zitten. Ik weet nog steeds niet precies wat hij heeft aangericht met zijn gedrag en hoe dit mij heeft gevormd. Wel heb ik bij de volgende docent, die hetzelfde probeerde, veel sneller aangegeven dat hij moest stoppen. Ik weet wel dat ik me voor eeuwig bezoedeld voel, en beschaamd. En eigenlijk wil ik alleen maar dat hij doodgaat.

    Een ander meisje bij wie hij dit heeft gedaan heeft ook de schoolleiding erop aangesproken, en de enige consequentie is dat hij leerlingen nu niet meer thuis les mag geven. Hij heeft ook mijn zus geprobeerd te zoenen en een andere collega vertelde dat hij op de dansvloer een keer zijn hand in haar broek heeft gestopt. Waarom is deze man nog aan het werk?

    Xaviera*, 31, werkt in de kunstwereld
    Ik was net klaar met de kunstacademie. Dat is een periode waarin de vraag wat je erna gaat doen onderwerp van gesprek is. Heel gewild zijn de residenties aan de Rijksacademie, waar je een atelier, werkbudget en een stipendium krijgt. Maar ik was niet van plan om daar direct toelating voor te doen, omdat ik met alleen mijn bachelor op zak weinig kans maakte.

    Op een avond zat ik met een paar andere net afgestudeerden in een café, aan een grote ronde tafel. Aan de andere kant van de tafel zat een aantal docenten van onze voormalige opleiding, en schuin tegenover mij zat een van de afdelingshoofden. Onze groepjes waren niet met elkaar in gesprek, maar we kenden elkaar natuurlijk wel. Op een gegeven moment voelde ik iemand onder tafel telkens met zijn been tegen het mijne aan schuren. In eerste instantie dacht ik er niets van en schoof ik telkens een beetje op naar rechts. Maar het bleef doorgaan, want hij schoof steeds mee, mijn richting op. Nog steeds dacht ik er niet iets verkeerds van, ik dacht: hij is een man met lange benen, het gaat per ongeluk. Ook omdat ik dit zelf gewoon nooit zou doen: met iemand met wie je niet in gesprek bent onder tafel gaan voetje vrijen. Dat is gewoon gek en heel brutaal.

    Toen het gebeurde was ik nog best jong en bleu, maar nu weet ik dat dit er niet ‘gewoon bij hoort’.

    Het café ging dicht, en zoals het dan gaat sta je met z’n allen nog een beetje voor de deur afscheid te nemen. Toen kwam het afdelingshoofd naar me toe en sprak hij me aan. Hij vroeg of ik al wist wat ik wilde gaan doen, en of ik anders niet bij hem langs wilde komen wánt hij zat in de toelatingscommissie van de Rijksacademie. Ik zei hem dat ik daar nu geen toelating voor wilde doen en ben daarna vrij snel weggegaan. Achteraf heb ik er lang over nagedacht – hoe erg het is dat zo iemand dat zo ondoorzichtig inzet als machtsmiddel. Iedereen wil naar die vervolgopleiding, je krijgt er nota bene ook een dikke beurs voor.

    Ik heb er spijt van dat ik hem niet heb gevraagd wat hij precies bedoelde met zijn opmerking, en of hij dat zelf ook niet nogal onbehoorlijk vond. Hij heeft niet duidelijk uitgesproken dat hij er seks voor wilde, maar het wel geïnsinueerd: ‘je komt bij mij langs wánt ik zit in de commissie’. Tegenwoordig zit ik zelf regelmatig in de positie dat ik beslis over wie er op de kunstacademies waar ik lesgeef wordt toegelaten, en dat is een hele gevoelige en bevoorrechte plek. Ik doe er alles aan om te voorkomen dat ik me door vooroordelen laat leiden in zo’n toelatingsprocedure. Dat zo’n man zo’n mooie plek dan op deze manier misbruikt, dat is vreselijk.

    #Metoo vind ik een goed initiatief, maar eigenlijk vind ik #balancetonporc, waarbij je opgeroepen wordt om de naam van ‘het zwijn’ te noemen, nog beter. Toch durf ik het niet zo goed. Ik heb dit verhaal wel eens verteld aan mensen van mijn opleiding, en toen kwamen er wel meer geruchten over hem naar boven, over dat hij jonge studenten probeert te verleiden. Maar hij heeft een vrouw en jonge kinderen, en ik wil hem niet aan de schandpaal nagelen als ik niet heel zeker weet wat zijn bedoeling was.

    Toch vind ik het belangrijk om mijn verhaal te vertellen, omdat jonge vrouwen zich ook in dit schemergebied moeten kunnen uitspreken. Toen het gebeurde was ik nog best jong en bleu, maar nu weet ik dat dit er niet ‘gewoon bij hoort’. Het is sluw en kwalijk gedrag – mannen die dit doen maken het niet helemaal expliciet, waardoor ze niets strafbaars doen en waarschijnlijk wel best vaak krijgen wat ze willen. Zolang we niets zeggen, blijft het gewoon bestaan. Ik denk dat er ook veel mannen zijn die het niet doorhebben, en met #metoo creëer je in ieder geval bewustzijn. Ik denk dat er best veel mannen zijn geschrokken.

    *Alle namen zijn gefingeerd maar bekend bij de redactie

    Bron: Vice.com >>

    #245336
    Luka
    Moderator

    ZOEK HULP NA AANRANDING OF VERKRACHTING. JE BENT NIET ALLEEN!

    1 op de 8 vrouwen en 1 op de 25 mannen is slachtoffer van aanranding of verkrachting. Het Centrum Seksueel Geweld Groningen-Drenthe biedt 24/7 hulp. Claudia is slachtoffer van verkrachting en dankzij de hulp die zij kreeg kan ze verder met haar leven. Daarom deelt ze haar verhaal.

    Mijn naam is Claudia, ik ben een internationale student in Groningen. Begin 2019 ontmoette ik een jongen, waarvan ik dacht dat hij een goede vriend kon worden. Ik hielp hem met het vinden van een huis, net als iemand mij hielp toen ik in de stad kwam wonen. Geen van mijn vrienden mocht hem.

    Hij is arrogant, laat altijd onnodig zijn spieren zien en vertelt graag hoeveel vrouwen er geïnteresseerd in hem zijn. Ik moet eerlijk zeggen dat ik dat ook niet leuk vond, maar ik had medelijden met hem omdat hij geen vrienden had.

    Op een dag nodigde hij me uit bij hem thuis. Ik wilde eigenlijk niet gaan, want ik moest nog studeren en ik had onlangs een schaatsongeluk gehad, waardoor ik me niet goed kon bewegen. Maar hij stond erop dat ik langskwam en beloofde dat we samen zouden werken en eten. Ik ben niet goed in ‘nee’ zeggen, dus ik pakte mijn laptop en ging.

    Zodra ik bij hem aan kwam, bood hij me een nekmassage aan. Omdat het alleen mijn nek was, zag ik niet in waarom niet. Hij vroeg me op bed te gaan liggen en mijn schoenen uit te doen. Ik zei dat het ook wel in de stoel kon, maar hij stond erop dat ik ging liggen. Toen drukte hij met één hand mijn gezicht in het kussen en met zijn andere hand trok hij mijn rok, legging en ondergoed naar beneden. Hij verkrachtte me zeven keer. Ik wil niet in detail vertellen over de blauwe plekken die ik had op mijn rug, de bijtplekken op mijn benen, het bloed, of hoeveel pijn het deed om te fietsen en te lopen de volgende dag. Ik wil vertellen over de andere consequenties, want fysieke littekens verdwijnen.

    De dagen erna lag ik huilend op de vloer, niet in staat om met iemand te praten. Ik kon me niet meer focussen op mijn werk of studie, was doodsbang dat ik een SOA zou hebben. En omdat hij weet waar ik woon, was ik iedere keer als ik mijn fiets wegzette zo bang: ik voelde me gevolgd, geobserveerd, kleiner dan ik werkelijk ben: powerless.

    Ik heb mijn verhaal aan weinig mensen verteld. Ik dacht dat ze mij niet zouden geloven, want om eerlijk te zijn: wie is nou zo stom om iemand als hem te vertrouwen? Om zijn kamer in te gaan en nog steeds vertrouwen te hebben, ondanks alle signalen? Nou ik was dat, en waarschijnlijk ben ik dat nog steeds… Ik ben opgegroeid met liefde en ik vertrouw mensen makkelijk.

    Ik ben blij dat ik mijn beste vriendin mijn verhaal toevertrouwde. Zij was er voor mij en nam contact op met het Centrum Seksueel Geweld, want ik kon dat niet zelf. Ik kreeg medische en psychologische hulp. Ik ben zo dankbaar dat, na de eerste shock, toen ik eindelijk kon reflecteren op wat er gebeurd was, ik zoveel hulp en steun kreeg. Ik realiseerde me dat ik mezelf niet de schuld moet geven door te denken dat ik ‘stom’ ben geweest of ‘te veel vertrouwen’ heb.

    Ik ben een slachtoffer van verkrachting, maar ik ben niet alleen. En ik weiger om mijn leven als slachtoffer te leven. Als ik één advies aan andere slachtoffers mag geven: ‘Ga op zoek naar hulp, je bent niet alleen.’

    Bron: Studentenkrant.net

    #245740
    Mark
    Moderator

    In vertrouwen: ‘Mijn ex dwong mij tot ruwe sex’

    Seksueel geweld in relaties is een vorm van partnergeweld.

    Het ex-vriendje van Roos (31) dwong haar tot seksuele handelingen die zij verschrikkelijk vond, ondanks dat zij hem smeekte te stoppen. Dat geweld trok haar leven overhoop.

    Relatie
    Ik was achttien toen ik een relatie kreeg met Mart. Ik kende hem sinds mijn zestiende; we hadden toen eens een keer gezoend, maar ik vond hem een beetje een creep, dus ik heb het toen bij die ene keer zoenen gelaten. Op mijn achttiende zag ik hem weer. In mijn stamkroeg, in mijn geboortedorp waar ik alleen nog in de weekenden kwam. Doordeweeks woonde ik op kamers aan de andere kant van het land. Mijn verkering was net uit. Dat wist de hele community daar. En Mart dus ook. Hij zocht die avond toenadering en we begonnen wat te flirten. Halverwege de avond vroeg hij of ik zin had om met hem mee te gaan, ergens een pizzaatje halen. We sprongen samen op één fiets en reden zo door de straten. De pizzeria was al gesloten. Achteraf vertelde Mart me dat hij dat al wist en dat hij op deze manier hoopte mij bij hem thuis te krijgen. Dat lukte, ik ging met hem mee. We gingen naar zijn slaapkamer en begonnen te vrijen. Tijdens die eerste vrijpartij gebeurden er al dingen die ik niet prettig vond: Mart bracht zijn hand steeds naar mijn billen en anus. Ik duwde telkens zijn hand weg, maar na een tijdje zei hij: ‘Shhh… laat het maar gebeuren,’ en ging hij door. Ik bevroor onder zijn aanrakingen. Ik nam me voor dat het bij deze onenightstand zou blijven.

    We hielden wel contact, via MSN. Hij vroeg of ik er spijt van had dat ik met hem naar bed was geweest. Ik zei van niet, maar zei wel meteen dat het niet nog een keer zou gebeuren, waarop hij allerlei zielige emoticons stuurde en vroeg of ik nog wel een keer met hem uit eten wilde. Dat deed ik en zo kreeg ik toch een relatie met Mart. Ik had gevoelens voor hem. Ik kreeg met de tijd meer gevoelens voor Mart. We konden leuk praten samen, hadden dezelfde humor en deelde de liefde voor muziek. Zo kregen we een relatie. Achteraf gezien, denk ik dat ik zo niet heel bewust voor Mart heb gekozen, ik was 18 en ben er een beetje ingerold. Zo van, we zien het wel. Maar er was zeker een bepaalde chemie tussen ons.

    Twee meter kracht
    Mart was 23. In de weekenden en vakanties logeerde ik vaak bij hem. Onze vrijpartijen begonnen altijd op dezelfde manier: we lagen in bed televisie te kijken of te praten en opeens sprong hij dan boven op me en begon hij me overal aan te raken en te kussen. Het was zo overweldigend. Ik kreeg zo weinig lucht en ruimte dat ik amper kon ademhalen. Instinctief probeerde ik hem met handen, voeten en knieën van me af te duwen, maar hij zette steevast door, hoezeer ik ook tegenstribbelde. Mart was sterk en bijna twee meter lang, ik kon niet tegen hem op. Er klonk dan een stemmetje in mij dat zei: ‘Laat hem zijn gang maar gaan, des te sneller ben je er vanaf.’ En ik liet hem toe, hoewel het veel te heftig, te intimiderend voor mij was en hij steeds verder over mijn grenzen ging. Ik wilde heus graag sex met Mart, maar dan wel op een manier die ook voor mij goed voelde. Het klopte toch ook niet dat hij totaal niet naar mij luisterde of polste of dingen voor mij ook fijn waren? Of lag het aan mij? Gek genoeg legde ik de schuld nooit bij hem. Ik dacht oprecht dat het allemaal aan mij lag en dat ik het kon oplossen door anders te reageren. Soms bedacht ik op de fiets naar hem toe al dat het heel redelijk was als ik zou zeggen dat ik een keertje geen sex wilde hebben. Dan schoor ik mijn bikinilijn opzettelijk niet, zodat ik mezelf minder aantrekkelijk zou vinden en hopelijk meer weerstand kon bieden aan zijn pogingen me over te halen Maar Mart was nooit te stoppen en mijn nee’s werden totaal niet gerespecteerd.

    “Ik ging vaak uit tijdens de sex, net of ik er niet bij was”
    Na verloop van tijd merkte ik dat ik steeds vaker ‘uit’ ging tijdens de sex, met name als hij dingen bij mij deed die ik pijnlijk vond of eng. Zo vond hij het opwindend om mij te vingeren, maar dan wel met meerdere vingers tegelijk, het liefst zo veel mogelijk. Ook als het eigenlijk niet ging of paste. Hiermee deed hij me echt pijn, dat zag en wist hij, en toch ging hij door. Hij deed het veel te hard en te diep. Ik voelde pijnscheuten in mijn vagina, maar durfde niks te zeggen omdat ik me daarvoor schaamde. Dit was zogenaamd om mij te bevredigen en ik vond het als 18-jarige nog moeilijk om te zeggen op welke manier ik dat wilde. Hij bleef ook erg gefixeerd op anale sex. Ondanks dat ik zijn handen meerdere keren weg duwde, ging hij met zijn vingers naar en in mijn anus. Hij bleef hier zo op aandringen, dat ik uiteindelijk opgaf, met als gevolg dat hij me op allerlei plekken aan het ‘bevredigen’ was, en ik alleen maar pijn had. Ik kon die situatie niet aan. Vanuit het lichamelijke oerinstinct, om te overleven, kwam mijn lichaam in een freeze stand. Ik tunede als het ware uit, dissocieerde zelfs. Alsof ik er niet bij was en alles een zwarte waas werd. Als ik ‘bijkwam’ uit die zwarte waas focuste ik op leuke dingen, op zaken die in het verschiet lagen, op wat ik die dag verder nog allemaal zou gaan doen. Kennelijk was dit mijn escape, omdat het allemaal te heftig voor me was. De dingen die hij bij mij deed en die ik als zeer onplezierig heb ervaren, vind ik ook nu nog moeilijk om te benoemen, maar ik doe het toch, zodat het hopelijk anderen vrouwen sterkt in hun besef dat pijn of weerstand of iets gewoon niet willen altijd reden genoeg zijn om te zeggen: ‘Dit niet.’ En dat het heel normaal is dat je partner dan naar je luistert, en je je nooit schuldig hoeft te voelen als je ergens niet voor in bent.

    Wurgseks
    Een keer werd het extra eng, toen hij tijdens de sex mijn keel dichtkneep en ik amper lucht kreeg. Ik ben zelfs echt even helemaal weggeweest. Naderhand vroeg hij: ‘En wat vond je ervan dat ik je keeltje dichtkneep?’ Het gekke is dat ik me pas weer herinnerde dat hij dat gedaan had, toen hij me die vraag de volgende ochtend stelde. Zover heen was ik. Doordat ik me dit zo slecht kon herinneren, kon ik geen antwoord geven op zijn vraag. Het was heel verwarrend. Ik weet nog dat ik hem gevraagd heb waarom hij altijd maar doorging tijdens de sex, ook als aangaf dat ik iets niet wilde.

    “Wat vond je ervan dat ik je keeltje dichtkneep?”
    Uit dagboekfragmenten uit die tijd blijkt dat ik hem wel gevraagd heb waarom hij altijd doorging, zelfs als ik aangaf iets niet te willen. Zijn antwoord was: ‘Omdat je je verzet uiteindelijk toch altijd opgeeft.’ Hij had er duidelijk schik in om dit machtspelletje met mij te spelen. Veel van de dingen die hij in bed met mij deed, gaven hem ook niet direct lichamelijk genot, toch genoot hij ervan. Hij had zeker sadistische trekken.

    Nooit goed genoeg
    Het lijkt nu misschien alsof onze relatie enkel kommer en kwel was, maar dat was niet zo. We konden samen enorm lachen, speelden allebei in een band en deelden die passie voor muziek. Ik voelde zeker wat voor hem. Toch was het duidelijk dat hij weinig om mij gaf. Zo liet hij me bijvoorbeeld gerust alleen door een stuk donker bos fietsen. Ook zei hij dat ik een borstvergroting moest nemen en dat mijn zangstem niet goed genoeg was. Hij vergeleek me voortdurend met zijn ex, zijn grote liefde, en ik kwam er slecht vanaf. Door de manier waarop hij me behandelde, voelde ik me eigenlijk nooit goed genoeg.

    “Ik ging alles vanuit zijn perspectief bekijken”
    Je vraagt je misschien af waarom ik bij hem ben gebleven. Ik denk aan de ene kant dat onze relatie stand hield omdat ik er met niemand over sprak, niemand in mijn omgeving wist hoe hij mij behandelde en hoe vreemd hij zich soms gedroeg. Het was iets van ons tweeën, dat schepte een soort verbond. Daarnaast, en dat is lastig uitleggen, waren mijn gevoelens bij hem zo rauw en heftig, dat ik me daarin met hem verbonden voelde, Ik ging alles vanuit zijn perspectief bekijken, kreeg zelfs empathie voor hem. Heel vaak dacht ik: als ik dit niet toelaat, ontneem ik hem zijn genot. En ik was er heel sterk in gaan geloven dat zijn genot het allerbelangrijkst was. Mijn veiligheid hing daarvan af. Dingen vanuit zijn oogpunt bekijken voelde van levensbelang. Ik had niet door dat het voor mij zo destructief was en dat het bijzonder traumatisch kan zijn als iemand constant over je grenzen heen gaat. De reden waarom ik er destijds niet aan onderdoor ben gegaan, is omdat ik alles wegstopte en doordeweeks in mijn studentenstad afstand van hem nam en me met mijn studie bezighield. Dan was dit probleem er gewoon niet.

    Smeekbedes
    Mart bleef aandringen op anale sex. Hij wilde dat echt een keer proberen. Ik gaf hem zijn zin. Zonder glijmiddel of enige voorbereiding probeerde hij me te penetreren, waarop ik wanhopig zei dat het niet ging en dat het te veel pijn deed. Hij zei dat ik me meer moest ontspannen en ging gewoon door. Hij drong bij me binnen. Ik schreeuwde zonder geluid. Ik wilde dit niet. Ik smeekte hem te stoppen. Het deed hem niks. Op een of andere manier heb ik hem toch van me af weten te duwen en ervoor gezorgd dat hij ‘gewoon’ verder ging, vaginaal dus. Toen het hele drama voorbij was, merkten we dat het condoom gescheurd was. Daar schrok ik enorm van, omdat het bevestigde dat er iets was gebeurd dat niet had mogen gebeuren. Iemand anaal penetreren zonder glijmiddel kan helemaal niet, daarmee breng je iemand lichamelijk schade toe! Waarom was hij niet zuiniger met mij omgesprongen? Ik ging meteen naar de wc, durfde niks van mezelf ‘daar’ aan te raken. Ik voelde me enorm vies en wist niet wat ik moest doen om mezelf weer schoon te krijgen. Ik moest heel erg huilen. Het voelde alsof hij me verkracht had.

    “Hij kwam niet eens even checken of ik wel oké was”
    Op een gegeven moment werd ik bang dat hij zich zorgen zou maken over mij, dus raapte ik mezelf bij elkaar. Eenmaal weer op de kamer zag ik dat Mart vredig lag te slapen. Ook dat kwam hard aan, dat hij niet eens even wilde checken of ik wel oké was. Ik kon het niet opbrengen om naast hem te slapen, dus ging ik op een ander bed in de kamer liggen en huilde mezelf in slaap. De volgende ochtend zag Mart dat ik niet naast hem lag. Hij zette zijn zieligste stemmetje op en vroeg verbaasd waarom ik niet bij hem in bed lag, alsof ik hem iets had aangedaan, in plaats van andersom. Ik stond op en liep naar zijn bed om weer naast hem te gaan liggen. Zo veel macht had hij over mij. Ik deed wat hij wilde. Het was zijn schuld niet… Ik dacht opnieuw dat ik fout zat, niet hij.

    Anale verkrachting
    Na dit voorval heb ik hulp gezocht op een online forum waar ik over de anale verkrachting vertelde, in de hoop wat steun of advies te krijgen. Maar in plaats van support of medeleven kreeg ik als reactie dat ik dom was geweest. Ik had van de wisseling van anale sex naar vaginale sex ook nog een infectie opgelopen. Volgens de meiden die dit lazen, was dat mijn eigen schuld, ik had echt beter moeten weten. Zij vonden bovendien dat ik Mart ten onrechte van verkrachting beschuldigde. Ik had toch zelf ‘a’ gezegd. Door deze reacties werden mijn gevoelens van schuld en schaamte alleen nog maar groter. Ik kon met mijn verhaal bij niemand terecht. Hierdoor kwam ik nog meer in een isolement en kreeg ik nog meer het idee dat het aan mij lag.

    Na tien maanden verkering trok Mart de stekker uit onze relatie. Hij was niet meer verliefd, zei hij. Ik ben tot op de dag van vandaag blij dat hij dat gedaan heeft. Ik had die beslissing waarschijnlijk niet snel genomen. Sterker nog, ik had zelfs liefdesverdriet van onze breuk, ook al klinkt dat gek.

    Therapie
    Na een poosje kreeg ik een nieuwe relatie, met mijn huidige vriendin (ik ben biseksueel). Het viel haar al snel op dat ik moeite had met intimiteit en erg moest huilen en raar reageerde als ik haar wilde vertellen dat ik een keertje geen zin in seks had, omdat ik bijvoorbeeld moe was of niet lekker. Ik was er zo aan gewend geraakt hem altijd zijn zin te geven, dat ik al dat geven heel gewoon was gaan vinden. Een vanzelfsprekendheid naar de ander, die ik van mezelf verwachtte. Er kwam een moment waarop ik voor de eerste keer met haar praatte over mijn meest traumatische ervaring. Door niet langer te zwijgen was de geest uit de fles en werd het in mijn hoofd een grote wirwar, een eindeloze film waarin ik alles herbeleefde. Er ontstonden hele discussies in mijn hoofd. Waarom had ik me niet meer verzet? Waarom had ik dit toegelaten? Wat was mijn eigen aandeel geweest? En wat als ik mijn verhaal met anderen zou delen, dan zouden zij toch ook op z’n minst antwoord willen op die waaromvragen? Ik was mensen toch een verklaring schuldig? Ik moest toch kunnen uitleggen hoe het zat? Ik kreeg de hele situatie maar niet scherp in mijn hoofd en belandde in een depressie.

    Na veel zelfonderzoek en met behulp van verschillende therapieën ben ik gaan begrijpen wat er lichamelijk en emotioneel allemaal met me gebeurd was. Dat ik bepaalde escapes had ontwikkeld omdat ik niet met de situatie om kon gaan, en dat het makkelijker was te denken dat het aan mij lag dan toe te geven dat ik een partner had die continu zijn zin doordrukte. Ik heb antwoorden gevonden op vragen als: waarom ben ik niet weggelopen? Waarom heeft dit tien maanden voortgeduurd? Waarom heb ik hem zijn gang laten gaan? Ik kan eindelijk tegen mezelf zeggen dat het nooit mijn schuld geweest is. Ik heb gedaan wat ik kon, want als ik destijds anders of beter had gekund, had ik dat zeker niet nagelaten. Hij was fout, niet ik.

    Hulp nodig?
    Sinds 1 april 2019 is er een nieuw online platform voor vrouwen die te maken hebben met partnergeweld: safewomen.nl. Ongeveer een op de drie vrouwen maakt partnergeweld mee; seksueel geweld in relaties is een vorm van partnergeweld. Vaak is het ontzettend moeilijk om daar met iemand over te praten of hulp te zoeken. Bijvoorbeeld door schaamte, door angst voor de gevolgen, omdat vrouwen niet weten dat ze met partnergeweld te maken hebben of omdat ze niet weten waar ze terecht kunnen voor hulp. SAFE biedt met de website een laagdrempelige plek voor vrouwen om anoniem en op eigen tempo uit te zoeken in welke situatie ze precies zitten en welke hulpopties er zijn. De website is ontwikkeld met hulp van ervaringsdeskundige, vrouwen die zelf partnergeweld hebben meegemaakt.

    Wil je meer weten over SAFE? Kijk op http://www.safewomen.nl of mail naar safe.elg@radboudumc.nl. SAFE is een initiatief van de afdeling Eerstelijnsgeneeskunde van het Radboudumc (met subsidie van ZonMw). Je kunt ook terecht bij het Centrum Seksueel Geweld als je met seksueel geweld te maken hebt of hebt gehad, of dit nu in een relatie is of niet.

    Bron: marieclaire.nl

    #245934
    Skye
    Moderator

    Rebecca’s verhaal

    DEPRESSIEF… maar waarom eigenlijk?


    Gedrogeerd & misbruikt


    18 jaar & zwanger na misbruik

    #246086
    Lucky1959
    Lid LSG

    SEKSUELE VERWAARLOZING EVENZEER EEN PROBLEEM ALS MISBRUIK

    Maarten Ghysels is enerzijds psychiater, relatietherapeut en seksuoloog, maar anderzijds ook lichaamsgericht psychotherapeut en seksueel psychotherapeut. Hij is een van de sprekers op het jaarlijks congres over seksueel geweld, waarvan Blik op Hulp mediapartner is. Hij waardeert naar eigen zeggen de waarde van zowel de klassieke als de meer holistische benadering van hulpverlening. “Het zijn twee volwaardige vakgebieden die veel aan elkaar te geven en van elkaar te leren hebben. Helaas is er een kloof tussen beide kennisgebieden. Dat zorgt ervoor dat in de klassieke hulpverlening een aantal aspecten rond seksueel geweld onderbelicht blijven”. In dit exclusieve interview legt hij uit welke zaken dat zijn en hoe je er in de hulpverleningspraktijk mee om kunt gaan.

    SCHRIKKEND LICHAAM
    Bij elk geweld schrikt ons lichaam, maar zeker bij seksueel geweld. Uit onderzoek blijkt dat hoe jonger dit gebeurt, hoe groter de schade. Ghysels: “Het lichaam trekt samen, krimpt in elkaar, we houden onze adem in. Als we niet kunnen vechten of vluchten, treedt er een bevriezingsreactie op. Als de dreiging blijft – en dat is praktisch altijd het geval bij seksueel geweld, omdat de macht van de dader bezit van ons heeft genomen – dan blijven we in deze stresstoestand verder leven. Zonder dat we dat beseffen. Onze weefsels blijven gespannen en verkrampt en we ademen niet meer in het gebied waarin onze integriteit geschonden is. Onze buik en onderbuik is gespannen of leeg en onze onderrug zit op slot. Eigenlijk is ons bekken dan één groot bekkenpantser. Deze samengedrukte toestand is terug te vinden tot op celnivo”.

    ADEMHALING
    Een herstel van het seksueel misbruik is volgens Ghysels pas compleet als ook de weefselschade hersteld is. “Daar bedoel ik mee: als het slachtoffer opnieuw volop tot in zijn bekken ademt, als er geen verkrampingen meer in zijn bekken zijn en daar weer een vrije stroming is. Ik heb vele slachtoffers van seksueel geweld begeleid die vertelden dat ze hun misbruik verwerkt hadden. Maar aan de manier van ademen, aan hun gespannenheid in hun lichaam en vooral hun bekken werd duidelijk, dat dit misbruik slechts ten dele verwerkt was. Vaak kwamen ze naar mij omdat ze zich niet volwaardig seksueel voelden. Dat kan ook niet zolang de weefsels niet hersteld zijn.

    HECHTINGSTHEORIE
    De deskundigheid van Ghysels richt zich de laatste jaren vooral op het gebied van de vroegtijdige seksuele ontwikkeling. Deze blijkt als onderbouw van ons volwassen liefdesleven veel belangrijker dan mensen in de regel denken. Ghysels legt uit: “De hechtingstheorie heeft het verband al gelegd tussen hechting in de prille kinderjaren en hechting in volwassen intieme relaties. Maar dit verband is veel omvattender en dat beschrijf ik in mijn werk. In die vroegtijdige ontwikkeling, dus vanaf de geboorte tot zes jaar, vindt heel veel seksueel misbruik plaats. Het overgrote deel van dit misbruik wordt niet als misbruik gezien. Dat heeft natuurlijk ook met de definitie te maken. Voor mij is seksueel misbruik elke vorm van grensoverschrijdend gedrag dat de seksuele integriteit van het kleine kind schendt. De gezonde seksuele ontwikkeling wordt beschadigd. Dit is een bredere kijk dan de bekende manier van kijken in de maatschappij en de hulpverlening”.

    VERLANGENS, ANGSTEN EN AFKEER
    “De grens naar de gezonde ontwikkeling van het kind wordt zowel overschreden door de prille seksuele ontwikkeling van het kindje te overspoelen met volwassen verlangens als door het te overspoelen met volwassen angsten en afkeer”, gaat Ghysels verder. “Om dat goed te kunnen plaatsen hebben we een nieuw begripskader nodig: de juiste seksuele spiegel. Voor een gezonde ontwikkeling heeft een kind een juiste seksuele spiegeling nodig, in elke fase van zijn kinderlijke ontwikkeling. Een juiste seksuele spiegeling ligt in het midden tussen twee uitersten: seksueel misbruik aan de ene kant en seksuele verwaarlozing aan de andere”.

    SPIEGELING
    Van een juiste spiegeling is volgens de Vlaamse psychiater sprake als een klein kindje uitreikt met zijn seksuele gevoelens, het recht heeft om daar welkom mee te zijn, bij ouders die hem daarin zien en verwelkomen. “Hij heeft ouders nodig die hem zien in zijn prille seksuele gevoelens en niet door de ogen van volwassenen die naar zijn seksueel uitreiken kijken. Dit is voor vele ouders niet zo gemakkelijk. In vele aspecten in de opvoeding kijken ze met volwassen ogen, in plaats van zich te verplaatsen in de leefwereld van een kindje”.

    MISBRUIK
    “Wanneer een klein kindje met zijn seksuele gevoelens uitreikt en een ouder vermengt dit met zijn volwassen begeerte dan is dit een ernstige vorm van seksueel misbruik”, vervolgt Ghysels. “Deze seksuele begeerte is veel te heftig en te groot voor een kind. Het voelt zich overspoeld door volwassen gevoelens. Het verstijft en verlamt en geeft ernstige weefselschade in het geslacht zelf, maar ook rondom in de botten en spieren. Ook alle bekkenbodemspieren, de spieren in de onderrug en de onderbuik. Een dergelijke situatie is meestal zo heftig dat het kindje gedwongen wordt niet meer in zijn bekken en zijn gevoelens aanwezig te blijven. Vaak zien we dan dat een kind naar zijn hoofd of zelfs buiten zijn lichaam vlucht. We hebben het dan over de bekende vorm van seksueel misbruik”.

    AFKEER
    Volgens Ghysels is er echter ook een minder bekende vorm van misbruik: misbruik door volwassen afkeer. “Deze zelfde schade treedt ook op als een ouder niet zijn seksuele begeerte, maar zijn afkeer, walging en angst vermengt met de leefwereld en het uitreiken van het kleine kindje. De afkeer die het kindje voelt in de ogen van deze ouder of in zijn aanraking dringt heel diep in zijn weefsels binnen. Dit is een zeer penetrerende energie die op dezelfde manier schade aan de weefsels geeft. We kennen allemaal het gezegde, een blik kan doden, wel dit is hier het geval. De blik van Medusa veranderde omstaanders in steen. Een klein kindje versteent in zijn weefsels als een ouder zo kijkt of met die zelfde energie aanraakt”.

    OVEREENKOMSTEN
    “Ik heb de kans gehad om clienten te begeleiden met beide vormen van misbruik en heb heel grote overeenkomsten gezien. Deze vorm van seksueel misbruik blijft buiten het aandachtsveld van de hulpverlening en media. Het is verborgen seksueel misbruik. Alleen in de seksuele lichaamspyschotherapie wordt er op deze manier aandacht aan gegeven. Zowel een kind misbruiken door seksuele begeerte als door seksuele afkeer is seksueel misbruik”, aldus Ghysels.

    VERWAARLOZING
    Van seksuele verwaarlozing is sprake als ouders het seksuele uitreiken van het jonge kind totaal negeren. “En dat is iets dat in deze tijd steeds meer voorkomt”, stelt Ghysels vast. “Vele jonge ouders zijn bang dat hun kindje op de kleuterklas zou vertellen dat een ouder met hun penisje of spleetje is bezig geweest. Om dit te voorkomen, raken ze het geslacht van hun kindje nog amper aan. Ze denken dat ze op deze manier geen schade geven. Maar het tegendeel is waar. Het kindje dat in zijn seksueel uitreiken zich genegeerd voelt, gaat zich ook onzeker voelen, zich schuldig voelen en schamen. Zijn weefsels gaan zich ook samentrekken. Dat gebeurt ook bij ons als volwassene als we ons genegeerd voelen. We trekken samen, verstijven en worden onzeker. Hier maak ik me heel veel zorgen over. We beseffen collectief nog niet hoeveel schade dit geeft. Het is heel belangrijk dat ouders dit weten en dat ook hulpverleners die weten.

    VLAGGENSYSTEEM
    De juiste seksuele spiegel ligt volgens Ghysels in het midden tussen de beide uitersten van seksueel misbruik en seksuele verwaarlozing. Instanties als Sensoa hebben een vlaggensysteem voor ouders en scholen ontwikkeld waarbij ze interacties als gezond, gevaarlijk en schadelijk benoemen. “Een zeer goede stap in de goede richting”, stelt Ghysels. “Maar natuurlijk is een juiste seksuele spiegel voor elke maatschappij en cultuur verschillend”.

    GROTER KADER
    Maar hoe kun je als hulpverlener dan de kwaliteit van zorg voor plegers en slachtoffers van seksueel geweld zo goed mogelijk bieden? “Daar kan ik geen universeel antwoord op geven, want elke vorm van hulpverlening heeft zijn eigen grenzen en beperkingen. Maar wat wel goed is om voor ogen te houden is dat je als hulpverlener over het algemeen met een cliënt te maken hebt waar je je aandacht op richt. Je biedt hulp aan een slachtoffer van seksueel geweld of aan een dader van seksueel geweld. Maar het is belangrijk dat je het grotere kader ook blijft zien. Het is bekend dat elk trauma dat de vorige generatie niet geheeld heeft, nagenoeg automatisch overgaat op de volgende generatie. Dit geldt ook zeker voor seksueel trauma”.

    HERHALING
    In zijn boek Traumaseksualiteit beschrijft Peter John Schouten hoe slachtoffers van seksueel geweld vanaf het moment dat het geweld plaatsvond, handelen vanuit de macht van de dader. Ghysels: “Die macht blijft tot de wond van het geweld helemaal geheeld is. Ik wil elke hulpverlener dit boek aanraden ook al is het geschreven voor mannen die slachtoffer zijn van mannen of van vrouwen. Hij beschrijft ook hoe het seksueel geweld zich herhaalt. Het is bekend dat het domein waarin het trauma zich heeft voorgedaan, ook het domein is waarin slachtoffers heling zoeken. Daarin zijn ze immers gebroken. Bij seksueel misbruik door te heftig verlangen of afkeer, is het slachtoffer zichzelf kwijt geraakt via zijn seksualiteit. Hij zal naar seksuele wegen zoeken, maar heeft daar geen volwassen vermogens toe. Omdat hij zo beschadigd is, zal hij ofwel in herhaling vallen als slachtoffer ofwel dader worden. Om zichzelf te helen wordt hij grensoverschrijdend naar anderen waar hij macht over heeft. Helaas zijn kleine kinderen daarbij een zeer gemakkelijk slachtoffer.

    CIRKEL
    Door het begrip seksueel misbruik uit te breiden tot misbruik vanuit begeerte of vanuit afkeer wordt de dader-slachtoffer cirkel ook meer zichtbaar. “Een slachtoffer kan dader worden door zijn lust te vermengen met de prille ontwikkeling van het kind”, stelt Ghysels. “Of door met afschuw en afkeer het geslacht van zijn eigen kind aan te raken, vaak het kind met het tegenovergestelde geslacht, het geslacht van de eigen misbruiker. Bij niet verwerkt misbruik tot op weefselniveau kan dit laatste gemakkelijk gebeuren. Op deze manier zien we dat een slachtoffer op zijn of haar beurt dader kan worden. Ik denk dat het heel belangrijk is dat er aan de dader slachtoffer cirkel meer zorg en aandacht wordt gegeven zonder een vorm van veroordeling”.

    VERWACHTINGEN VAN DE HULPVERLENING
    Slachtoffers van seksueel misbruik verwachten dat ze zich veilig voelen in de relatie met hun hulpverlener. Ghysels: “Ze willen zich gezien voelen in alle aspecten van hun mens-zijn en niet dat ze gediagnosticeerd worden in een bepaalde categorie die hun problemen maar gedeeltelijk ziet. Tegelijk hebben deze mensen geen enkele reden om hulpverleners te vertrouwen. Ze zijn immers juist in een vertrouwensrelatie misbruikt. Daarnaast hebben ze ook allerlei andere dingen in hun leven meegemaakt. Ze zijn dan ook veel meer dan alleen slachtoffer van seksueel geweld. Op het congres over seksueel geweld zal hij uitvoeriger op al deze thema’s ingaan.

    Drs. Maarten Ghysels
    Maarten Ghysels spreekt op het jaarlijks congres over seksueel geweld. Hij is psychiater, relatietherapeut en seksuoloog. Hij werkt ook als lichaamsgericht psychotherapeut en sexual-grounding therapeut (seksueel lichaamspsycho-therapeut). Hij is onder meer schrijver van “De vroegkinderlijke seksuele ontwikkeling en haar invloed op ons volwassen liefdesleven”. Ook schreef hij diverse andere boeken, studie bundels en artikelen in kranten en tijdschriften.

    Bron: blikophulp.nl

    #246125
    Mark
    Moderator

    Misbruik verwoestte het gelukkige leven van Gabi (19): ‘Ik dacht echt, ik kom hier nooit levend uit’

    Twintig keer is Gabi (19) opgenomen geweest vanwege haar trauma’s, depressie en eetstoornis. Ze heeft drie klinieken van binnen gezien. Ze zat dagen in een isoleercel. “Ik dacht: nu ben ik definitief gek geworden.” Maar nu vertelt ze haar verhaal. Over vallen, doorgaan, vallen en doorgaan.

    Er is een oude Gabi en een nieuwe Gabi. De oude Gabi was een wat ze zelf noemt ‘meisje-meisje’. Jurken, rokjes, spontaan, sociaal, enthousiast. De nieuwe Gabi draagt broeken, grote truien en is stil, rustig, onzeker zelfs. Doet alles om maar niet op te vallen. “Ik wil onzichtbaar zijn voor de mensen die me pijn kunnen doen.”

    Nooit alleen
    Gabi Schulenberg (19) vertelt haar verhaal aan de keukentafel in het Brabantse Zevenbergen, in het huis waar ze werd geboren en nu nog steeds met haar ouders en broertje woont. Het is koud buiten, maar de zon schijnt. Ze is vandaag even naar buiten geweest.

    “En dat ging goed”, zegt ze, “dankzij hem.” Ze wijst naar haar bruin-witte hondje dat kwispelend aan haar voeten ligt. Mellow heet-ie. Mellow maakt haar leven weer ‘een beetje leefbaar’. “Hij laat me nooit alleen. Zelfs niet als ik naar de wc ga.”

    Gelukkig
    “Mijn ellende begon toen ik tien was. Daarvoor was alles goed.” Ze komt uit een ‘warm nest’, heeft een leuk broertje, lieve ouders, had op de basisschool altijd vriendinnetjes. Of ze gelukkig was? “Ja”, zegt ze. “Ik was echt heel gelukkig. Als ik er nu aan terugdenk, denk ik: what the fúck is er allemaal gebeurd, daarna?”

    Er heel erg over uitweiden wil Gabi niet – want het is een onderwerp waarover ze niet graag praat, en ze denkt bovendien dat mensen er ook niet graag over willen lezen. In het kort: Gabi is langere tijd seksueel misbruikt. Door wie, waarom en hoe, dat doet er niet toe voor dit verhaal, vindt ze.

    “Ik wil vooral vertellen wat het met me heeft gedaan. En hoe belangrijk goede hulp is voor mensen zoals ik.”

    Zelfverkozen stilte
    De 10-jarige Gabi voelde: wat hier gebeurt, is niet goed. “Ik had donders goed door dat het niet hoorde, maar ik schaamde me en dacht dat het misbruik door mij kwam. Er was een stemmetje dat tegen me zei: ‘Ja, Gabi, jíj hebt het laten gebeuren’.”

    Die zelfverkozen stilte was niet goed, zegt Gabi nu. Doordat ze niet over haar problemen sprak, haar verdriet en woede niet kon uiten, implodeerde ze. “Ik richtte al mijn gevoel naar binnen toe. Ik werd onzeker, voelde me kwetsbaar.”

    Gezicht in de wc
    Toen ze naar de middelbare school ging, was het misbruik al gestopt, maar kwam er een nieuw probleem bij. Ze werd gepest. Het begon met buitensluiten – haar tafel werd dan weggeschoven als er groepjes in de klas moesten worden gemaakt. Het eindigde met een boterham naar haar hoofd, haar schooltas incluis boeken in de sloot, iemand die haar met haar gezicht in de wc-pot duwde.

    “Het dieptepunt was dat een groepje me na schooltijd vanaf het perron voor de trein probeerde te duwen.”

    Ongelukkig en onzeker
    Ook in een andere klas ging het pesten door. “Ik denk dat mijn klasgenoten voelden hoe ongelukkig en onzeker ik was. Ik was een makkelijk slachtoffer.” Ze weet zeker: als ze niet misbruikt zou zijn, zou dat pesten haar niet zijn overkomen. “De oude Gabi was dit niet overkomen, die had een grote bek opgezet.” Ze glimlacht bij de woorden ‘grote bek’.

    Maar de nieuwe Gabi ging steeds minder eten. “Eerst kwam het omdat ik door de stress en angst voor het gepest geen hap meer door mijn keel kreeg. Maar toen besefte ik dat mijn eetpatroon iets was waar ík controle over had. Het was veilig: ik hoefde me niet meer bezig te houden met mijn klasgenoten, maar met calorieën. Bovendien was dat afvallen ideaal in mijn ogen: ik werd letterlijk onzichtbaar.”

    Muizenhapjes
    Soms at ze de hele dag niets. Soms at ze wel tijdens het avondeten – muizenhapjes. “Mijn ouders hebben alles geprobeerd. Van lekkere broodjes smeren en meegeven naar school, tot taart halen, mijn lievelingseten maken, en dreigementen: je mag pas van tafel als je bord leeg is.”

    Gabi lacht als ze eraan terugdenkt. Ze ziet zichzelf nog de aardappelen hier door de keuken gooien.

    In de derde klas werd ze door een zorgcoördinator naar de GGZ doorgestuurd. Ze biechtte aan haar ouders op dat ze een eetstoornis had – voor hen een bevestiging van wat ze al vreesden. Ook het pestverhaal kwam boven tafel.

    Kern van het probleem
    “Ik denk wel dat ze zijn geschrokken. Maar ik was niet meer bezig met andere mensen. Ik was ver weg. Dat zie je wel vaker bij depressieve mensen: die zien niet meer echt wat er om hen heen gebeurt.”

    Ze belandde in een kliniek voor jongeren met een eetstoornis. “Ik zat daar voor een deel op mijn plek, maar ik had natuurlijk ook een trauma en een depressie.” De kern van haar probleem – de trauma’s – werden volgens Gabi lang over het hoofd gezien.

    In totaal zat ze in drie klinieken. Bij de tweede kliniek ging het mis. Vorig jaar. Als Gabi eraan terugdenkt, schiet maar één woord door haar hoofd: gekte. Pure gekte. “Ik dacht echt: ik kom hier nooit meer levend uit. En dat wílde ik ook helemaal niet. Ik greep alles aan om mezelf pijn te doen. Ik wilde niet meer bestaan.”

    In de isoleercel
    “Ik kreeg ook van die scheurkleding aan, wat je ook altijd in films ziet in gevangenissen. Daar zitten geen ritsjes of knopen aan waar mensen zichzelf iets mee kunnen aandoen. Ze hebben me zelfs een keer in een isoleercel gestopt omdat ze me met drie man niet meer konden houden. Zo wild was ik. Tien dagen lang alleen maar met je eigen gedachten in een kamer. Dat is lang hoor.”

    Een toekomst zag Gabi niet meer. Vroeger wilde ze graag een gezinnetje. En rechercheur worden. Of psycholoog. Ze grijnst. “Dat wordt hem niet meer, psycholoog. Ik heb er nu zelf zó veel gezien…”

    De derde kliniek was een plek waar ze voor haar gevoel pas echt terechtkon. “Ik was een paar jaar verder en heel veel ellende verder, hè, en pas toen was ik ergens waar ik dacht: hier kunnen ze me helpen.”

    Lange wachttijden
    De lange wachttijden in de jeugdzorg hebben haar, denkt ze, de das om gedaan. Voor de eerste opname moest ze drie maanden wachten. “Dat klinkt misschien niet heel lang, maar als elke dag zwart en leeg is, dan is zelfs een uur al eindeloos lang.”

    Tijdens haar opnames is Gabi gaan schrijven. Gedichten, korte hoofdstukjes. Over hoe ze zich voelt, hoe het eraan toe gaat in de kliniek, hoe de buitenwereld naar haar kijkt, maar ook over hoe jeugdzorg beter zou kunnen.

    De hele Gabi
    Daar is nu haar boek over verschenen, Stille tranen. “Ik heb me door die wachttijden heel lang ongezien gevoeld, en daarna ook bij de behandelaars. Ze behandelden elke keer maar een stukje van mijn problemen, maar niet álles. Niet de hele Gabi.”

    “Maar Jeugdzorg doet ook heel veel goede dingen. De kliniek waar ik nu zit, luistert naar wat ík wil. Dat heb ik aan Jeugdzorg te danken. Ze pakken hier álles aan.”

    Sinds maart is Gabi thuis. Zonder langdurige opnames tussendoor. “En komt ook door Mellow. Die is nu precies negen maanden bij mij, hij is een hulphond en waarschuwt me als ik ergens ben waar te veel prikkels zijn. Als hij dat niet zou doen, dan kan ik zo out gaan.”

    Ze slaat zachtjes met haar vlakke hand op de keukentafel. “Gewoon naar de grond. M’n kop kan het dan niet aan.”

    Gevoel niet veranderd
    Vraag haar hoe het nu met haar ‘kop’ is, en ze haalt haar schouders op. “Mensen denken: ze is weer thuis, ze heeft een hond, gaat naar buiten, dus het is goed. Maar mijn gedrag is dan wel veranderd, maar mijn gevoel niet. Ik flip niet meer, maar ben nog steeds somber, ondanks die hele apotheek aan medicijnen die ik slik.”

    Het maakt, vertelt Gabi op zachtere toon, dat ze gesprekken heeft bij de Levenseindekliniek. Zodat die, mocht het Gabi niet meer lukken het leven te leven, haar wens tot euthanasie in vervulling kan laten gaan.

    Het geeft rust. “Sommige mensen snappen dat niet. Die zeggen dan: ‘Maar je bent toch beter nu!’ Maar mijn hoofd is niet gezond. Ik weet ook niet of mijn ouders het zullen accepteren als hun dochter zou gaan, maar ze kunnen het wel respecteren. Ik wil gelukkig worden, maar als dat niet lukt, wil ik in rust en liefde kunnen gaan met mijn vriendinnen en familie om me heen. We hebben er gesprekken over.”

    Genieten van de zon
    “Weet je?” Ze kijkt even naar buiten. Zon. Daar kan ze af en toe weer van genieten. “Het is niet zo dat ik morgen euthanasie wil. Er zijn nog traumabehandelingen die ik kan doen. Hoop sterft als laatste.”

    Wat haar de meeste hoop geeft? Dat soms, heel soms, een sprankje van de oude Gabi weer terug is. “Inclusief die grote bek.”

    Bron: rtlnieuws.nl

    #246816
    mara
    Lid LSG

    Rebecca werd 2 keer verkracht: Ik bevroor compleet

    „Op mijn achttiende liep ik zeven maanden stage in Amerika. Tijdens deze stage ben ik verkracht op een huisfeestje van een goede vriend. In Amerika is het normaal dat je blijft slapen tijdens een feestje, dus zo geschiedde. Het was een groot huis met meerdere slaapkamers.”

    „De volgende ochtend wilde ik vertrekken om te gaan werken. Ik werd echter hard aan mijn arm een van de kamers in getrokken. De jongen die het deed was ook blijven slapen maar ik kende hem verder niet. Hij duwde me op het bed en verkrachtte me. Ik wist dat er anderen in de woonkamer zaten, maar ik durfde niet te gillen. Daarnaast durfde ik me niet te verzetten uit angst dat de jongen agressiever zou worden. Woorden kwamen mijn keel niet uit en mijn lichaam deed niet mee. Ik bevroor compleet.”

    „Na afloop liep de jongen de kamer uit en zag ik hem in de keuken doodnormaal een ontbijtje maken. Ik zei gedag en liep de deur uit alsof er niets aan de hand was. De woede kwam pas toen ik thuis kwam. Ik voelde me vies en ontzettend boos. Niet eens op hem, maar op mezelf.”

    Gedrogeerd
    „De tweede verkrachting was vijf jaar later, ook in Amerika. Ik was met een vriendin op vakantie in Las Vegas. We zaten in een hotel met een eigen club en tijdens een avondje uit werd ik in die club gedrogeerd. Ik weet niets meer van de verkrachting. Achteraf zijn we er via camerabeelden achter gekomen dat ik ben meegenomen naar een hotelkamer.”

    „De dag erna werd ik wakker in bed met een onbekende man. Mijn lichaam deed heel veel pijn, maar ik wist niet wat er was gebeurd. Naarmate de tijd verstreek, kreeg ik meer flashbacks en kwam het besef. Ook die ervaring ging voor mij gepaard met schaamte en ik hield opnieuw mijn mond. Ik heb zeven jaar met mijn geheimen rondgelopen en gaf mezelf de schuld. ’Ik ben hiervoor op de wereld gezet’, dacht ik.”

    Taxi
    „Dat mijn lichaam totaal bevroor en me elke keer in de steek liet, maakte mij angstig. Tot ik in 2015 in een taxi zat met een jongen. Hij wilde seks en ik wilde niet, maar in tegenstelling tot de vorige twee keer werd ik woedend. Het werd zwart voor mijn ogen en ik schopte hem met alle macht weg. Ik kwam in de overlevingsstand: niet een derde keer! Ik wist de taxi uit te komen zonder dat hij me kon aanraken.”

    Ouders
    „Na deze ervaringen is mijn leven wel veranderd. Ik ben na die laatste ervaring letterlijk dingen gaan vermijden: ik ging niet meer uit, wilde niet meer met de trein en niet meer alleen naar de supermarkt. Ik heb bijna een half jaar thuis gezeten uit angst voor wat er kon gebeuren als ik buiten zou komen. Mijn ouders wisten ondertussen van niets.”

    „Pas drie jaar geleden ben ik hulp gaan zoeken. Omdat ik zo lang met mijn ervaringen heb rondgelopen had ik mezelf wijsgemaakt dat niemand me zou geloven. Ook dacht ik dat mensen mij een aandachtszoeker zouden vinden. Pas toen de huisarts me direct doorverwees naar de psycholoog was ik opgelucht: ik werd eindelijk gehoord!”

    Paniekaanval
    „Ik ken mijn vriend al tien jaar: vanuit vriendschap zijn we we langzaam een relatie begonnen. We hebben nu 3,5 jaar een relatie en hij is mijn eerste vriendje. Mannen duwde ik uit angst altijd weg als ze te dichtbij komen. Seks met hem lukte in het begin niet. Mijn vriend wist niets van mijn verleden en elke keer tijdens de seks kreeg ik een enorme paniekaanval en moest ik huilen. Seks riep bij mij immers herinneringen op die ik juist wilde vergeten.”

    „Ik was bang en had een grote afkeer tegen seks. Mijn vriend schrok elke keer heel erg als ik een paniekaanval kreeg. Hij nam de schuld op zich en vroeg wat hij fout deed. Toen ik hem mijn verhaal vertelde, luchtte dat ontzettend op. Langzaam ontdekten we manieren waardoor de seks voor mij wel fijn en veilig voelt.”

    Depressie
    „Mijn angst is dankzij therapie weggenomen, al kamp ik met een complexe vorm van PTSS. Daarnaast zit ik momenteel – met mijn zoontje – intern in een kliniek vanwege een postnatale depressie. Ik kreeg na de bevalling afgelopen oktober namelijk een afkeer jegens hem, nam hem alles kwalijk. Waarschijnlijk komt dat omdat ik te vroeg ben gestopt met traumatherapie.”

    „Mijn ervaringen houden me niet meer elke dag bezig: ik kan nu weer prima alleen naar de supermarkt. De angst zit me niet meer dwars, maar zit er nog wel. Ik heb met name angst voor onbekende mannen en de urgentie voor zelfbescherming. Naar Amerika wil ik nog wel terug, maar dit keer met mijn vriend. En alleen als hij me belooft dat hij me geen seconde loslaat.”

    Deze week is de campagne ’Wat kan mij helpen’ van het Ministerie van Justitie en Veiligheid gestart. De campagne wil mensen die tegen hun wil seks hebben gehad, motiveren zo snel mogelijk professionele hulp te zoeken. Maar liefst 70% van de vrouwen bevriest – net als Rebecca – tijdens een heftige gebeurtenis. Die freeze levert vaak een schuldgevoel op, terwijl het een natuurlijke reactie van het lichaam is. Zo snel mogelijk hulp vragen, helpt om na zo’n ingrijpende seksuele ervaring verder te kunnen. Rebecca zelf vraagt met #freeze op Instagram aandacht voor het feit dat zoveel mensen bevriezen tijdens een nare seksuele ervaring.

    Bron: De Telegraaf >>

    #247195
    Luka
    Moderator

    Vice – Deze Belgische fotograaf verbreekt de stilte rond onze verkrachtingscultuur

    “Bij een verkrachter denken we nog te vaak aan iemand die je opwacht in een donker steegje. Terwijl de meeste verkrachters juist mensen zijn die het slachtoffer kent of vertrouwt, zoals een vriend of partner.”

    Elise Dervichian (23) maakte haar eindwerk Fotografie over iets wat nog steeds een taboeonderwerp is in België: de verkrachtingscultuur (ook bekend als ‘rape culture’). Haar project portretteert een aantal vrouwen die het lef hadden om hun ervaringen met seksueel geweld te delen, en zichzelf daarbij te laten fotograferen. We spraken met Elise over hoe ze te werk ging en de moeilijkheden die dat met zich meebracht. Ze legt ons ook uit hoe ze de manier waarop wij als maatschappij kijken naar verkrachtingen en seksueel geweld wil veranderen.

    Alice

    DE VERANDERING IS RADICAAL: JE GAAT VAN OPWINDING NAAR HAAT. JE GAAT VAN “DIT IS LEUK”, DIT IS “NICE”, NAAR “WAAR BEN IK MEE BEGONNEN”. JE WILT HEM DUIDELIJK MAKEN DAT JE HET NIET MEER WILT, MAAR JE BENT JONG EN ONZEKER. JE SLUIT JE MOND EN WACHT TOT HET VOORBIJ IS. IN EVEN WEINIG TIJD ALS HET DUURT OM DIT TE VERTELLEN, HEEFT EEN LUL DE LOOP VAN MIJN LEVEN RADICAAL VERANDERD.

    VICE: Hey Elise, wat dreef je om aan dit project te beginnen?
    Elise: Ik ben drie jaar geleden zelf verkracht geweest, en voor mijn eindproject aan de Brusselse kunsthogeschool Le Septantecinq moest ik een persoonlijk project maken. Ik wist meteen wat ik wilde doen: meisjes vinden die hetzelfde als ik hadden meegemaakt, en ze fotograferen.

    “De verkrachtingen die deze vrouwen meemaakten worden nooit besproken in de media.”

    De verkrachtingen die deze vrouwen meemaakten worden nooit besproken in de media. Dat gebeurt enkel in extreme gevallen zoals dat van Julie van Espen, waarbij het slachtoffer verkracht en vermoord werd. Bij een verkrachter denken we nog te vaak aan iemand die je opwacht in een donker steegje. Terwijl de meeste verkrachtingen juist worden gepleegd door iemand die het slachtoffer kent en vertrouwt, zoals een vriend of partner. Ik wil met dit project een conversatie starten over dit soort misbruik, dat door onze samenleving niet serieus genomen en bijna als normaal wordt gezien.

    Het belangrijkste in dit project zijn de getuigenissen en de problematiek die wordt aangekaart. De foto’s zijn eerder een extraatje die de getuigenissen nog krachtiger maken. Het gezicht van een slachtoffer te zien is confronterend, maar de grote hoeveelheid getuigenissen en foto’s in deze reeks is dat ook.

    Hoe ben je in contact gekomen met deze vrouwen?
    Velen van hen zijn vriendinnen van me. Daarna heb ik een oproep op Facebook geplaatst, en de rest gebeurde via mond-tot-mond.

    “Seksueel misbruik is een van de misdrijven die het moeilijkst wordt erkend, omdat mensen altijd de daden van het slachtoffer in vraag stellen, en niet die van de dader.”

    Je komt zelf ook voor in deze reeks.
    Dat klopt. Het was niet makkelijk om over mijn verkrachting te vertellen, dat was ook voor mij een hele opdracht.

    Elise

    IK BEN IN MIAMI MET MIJN NICHT. IK ONTMOET EEN JONGEN DIE MET ME FLIRT EN ME ZIJN GLAS WIJN AANBIEDT. PLOTS KRIJG IK EEN BLACK-OUT EN HERINNER ME NIET MEER WAT ER VERVOLGENS ALLEMAAL GEBEURDE. WANNEER IK LATER WEER BIJ BEWUSTZIJN KOM, BEN IK HELEMAAL ALLEEN OP HET FEESTJE. ER ZIJN MISSCHIEN NOG VIJF MENSEN, INCLUSIEF DIE ENE JONGEN. IK KRIJG EEN DRANKJE EN HET BEGINT OPNIEUW. IK BEN VERLAMD. IK BELAND IN EEN APPARTEMENT DAT TOEBEHOORT AAN EEN MAN DIE IK NOG NOOIT EERDER HAD GEZIEN. IK WORD LATER WAKKER IN HET BED VAN DEZE MAN. HIJ IS OUD EN DOET ME WALGEN. HIJ KNUFFELT ME. IK WEET DAT DEZE MAN ME HEEFT VERKRACHT, IK WEET NIET WAT DE ANDEREN HEBBEN GEDAAN EN IK ZAL HET NOOIT WETEN. IK WAS EEN VRIJE EN ZELFZEKERE VROUW, MAAR IK BEGRIJP NU DAT WIJ VROUWEN NIET VRIJ ZIJN, NIET KUNNEN DOEN WAT WE WILLEN. ANDERE MENSEN KUNNEN IN ONZE PLAATS BESLISSINGEN NEMEN.

    Hoe was het om aan dit project te werken?
    Het voelde alsof ik een intiem deel van mijn leven moest blootgeven toen ik die simpele oproep op Facebook plaatste. Maar daardoor hebben er ook meisjes die ik niet rechtstreeks kende contact met me opgenomen. Ik hoop dat ik mijn serie kan blijven voortzetten en uitbreiden, en nog meer vrouwen kan bereiken.

    Na mijn verkrachting zocht ik naar gespreksgroepen waarbij ik in contact kon komen met mensen die hetzelfde hadden meegemaakt als ik. Maar die bestaan praktisch helemaal niet in Brussel. Dus besloot ik om via dit project zelf op zoek te gaan naar die mensen. Toegegeven: het was emotioneel behoorlijk zwaar, en heeft me veel energie gekost.

    Hoeveel vrouwen heb je in totaal gefotografeerd en geïnterviewd?
    Dertig. Daar heb ik ongeveer vijf maanden over gedaan.

    “Veel te veel vrouwen hebben dit meegemaakt, en we moeten ons er niet meer voor schamen.”

    Sommige vrouwen trokken na jullie ontmoeting hun getuigenis toch weer in. Was het voor de vrouwen die je vastlegde moeilijk om je te vertrouwen?
    Eerlijk gezegd: nee. Alle vrouwen waarmee ik heb gewerkt waren heel gemotiveerd om te praten over wat ze hadden meegemaakt. Er heerste een gevoel van solidariteit. Ik besloot me eerder te focussen op het aantal verhalen dan op de details van één specifiek verhaal, om te benadrukken hoe gangbaar dit soort misbruik is. Veel te veel vrouwen hebben dit meegemaakt, en we moeten ons er niet meer voor schamen.

    Anna

    IK HUILDE DIE DAG OP VENICE BEACH. IK WAS ERHEEN GEGAAN OM MEZELF TE TROOSTEN. DIE DAG WAS IK ZWAKKER DAN NORMAAL, EN HIJ HAD DAT OPGEMERKT. DE MAN DIE MIJ HEEFT MISHANDELD, HEEFT MIJ GEHYPNOTISEERD. IK HERINNER ME DAT IK OVER DE TIJDSPANNE VAN ENKELE UREN VERSCHILLENDE KEREN “NEE” ZEI. DAARNA HEB IK MEZELF LATEN DOEN, BEETJE BIJ BEETJE.

    Na de getuigenissen zelf, was ook de publicatie een moment waarop deze vrouwen – waaronder jijzelf – moedig moesten zijn. Hoe voelde het om je werk te presenteren?
    Dat was moeilijk. Net zoals de gedachte dat dit interview gelezen zal worden me bang maakt. We hebben altijd de indruk dat mensen ons niet zullen geloven. Seksueel misbruik is een van de misdrijven die het moeilijkst wordt erkend, omdat mensen altijd de daden van het slachtoffer in vraag stellen, en niet die van de dader. “Tja, maar ze was dronken”, zeggen ze dan, of “ze was te uitdagend gekleed.”

    “De meeste mannen die deze verkrachtingen hebben begaan, beseffen het misschien niet eens!”

    Je project draagt als titel Culture du viol [Verkrachtingscultuur, red.], een nogal controversiële term…
    Ik denk dat het juist heel belangrijk is om deze term te gebruiken, omdat het dit soort verkrachtingen perfect definieert. Ze zitten diep geworteld in onze samenleving, omdat we er nooit over praten. De meeste mannen die deze verkrachtingen hebben begaan, beseffen het misschien niet eens!

    Tijdens mijn evaluatie vloog één van de juryleden tegen me uit omdat ik volgens hem álle mannen de schuld gaf door de term ‘verkrachtingscultuur’ te gebruiken. Maar voor mij was die keuze juist heel bewust en super belangrijk, omdat die verkrachtingscultuur nu eenmaal bestaat en we erover moeten praten. Ik heb fotoprojecten gezien die op visueel vlak veel extremer waren, maar mensen toch niet zo wisten te verontrusten als het mijne. Ik heb mensen die naar mijn werk keken zien huilen.

    Verkrachtingscultuur is ook een erkend sociologisch begrip.
    Ja, maar toch verontrust het heel wat mensen. Terwijl deze verkrachtingen door onze maatschappij zelfs niet als misdaden worden erkend. De meeste meisjes die ik sprak hebben geen klacht ingediend, omdat er toch niets zou gebeuren. Een winkeldiefstal wordt nog steeds sneller als misdaad gezien dan dit soort verkrachtingen.

    Ophelie

    IN MINDER DAN EEN KWARTIER WAS HIJ KLAAR EN BEGON HET ALLEMAAL: DE LUGUBERE GEDACHTEN, DE STIGMATISERING WAARMEE JE GECONFRONTEERD WORDT ALS SLACHTOFFER – OF BETER GEZEGD, ALS OVERLEVENDE. HET TRAUMA ZELF IS NIET HET ZWAARSTE, MAAR DE CONSTANTE STRIJD OM ERVOOR TE ZORGEN DAT ZULKE VOORVALLEN SERIEUS WORDEN GENOMEN, EN BEHANDELD WORDEN MET DE NODIGE RESPECT. TOEN DE MENSEN RONDOM MIJ TE HOREN KREGEN WAT ER MET MIJ WAS GEBEURD, VONDEN ZE DAT HET MIJN EIGEN SCHULD WAS, OMDAT IK EXTRAVERT WAS EN COMFORTABEL MET MIJN SEKSUALITEIT. WAT HIJ DEED DUURDE AMPER EEN KWARTIER, MAAR HET ZAL ME MIJN HELE LEVEN BLIJVEN ACHTERVOLGEN.

    Verkrachtingen door ‘doodnormale’ mannen die de slachtoffers vertrouwden: is dat waar je werk dan vooral om draait?
    Ik wil mensen er vooral van bewust maken dat we zulke verkrachtingen niet mogen verzwijgen, maar ze serieus moeten nemen en erover moeten praten, zodat we er uiteindelijk anders mee leren omgaan. Iedereen moeten erkennen dat deze daden verkrachtingen zijn – sommigen betwijfelen dat blijkbaar nog steeds.

    Voor jou ligt het probleem dus vooral bij hoe mensen kijken naar dit soort verkrachtingen?
    Ja. Seksuele voorlichting moet op een geheel andere manier worden gegeven op school, met extra veel aandacht voor het onderwerp ‘toestemming’. In feite heeft het allemaal met elkaar te maken: zolang er seksisme is en vrouwelijke lichamen geseksualiseerd worden, zal er altijd misbruik zijn. Alleen al het feit dat Instagram tepels censureert, is een probleem. Het betekent dat een vrouw haar volledige borsten niet mag laten zien, omdat dat onvermijdelijk seksueel is. Al die aspecten dragen bij aan de verkrachtingscultuur, en daarom moeten we dit probleem op veel verschillende niveaus aanpakken.

    Voor meer getuigenissen, klik hier >>

    #247325
    mara
    Lid LSG

    TESS MILNE OPEN OVER NARE SEKSUELE ERVARING: ‘WE MOETEN MEER PRATEN OVER SEX’

    Presentatrice Tess Milne (31) vertelt in de LINDA.original ‘Erotisch borduren’ waarom het belangrijk is dat we opener leren praten over sex.

    Zij durfde er namelijk lange tijd niet over te praten.

    TESS MILNE
    Met Bho Roosterman praat Tess over de nare seksuele ervaring die zij in haar jeugd had. Op de vraag hoe dat haar seksleven heeft gevormd, antwoordt ze: “Het zet je in een vertraging. Sex, wat eigenlijk iets leuks en gezelligs is, wordt opeens traumatisch en eng.” De presentatrice laat weten dat ze lang heeft geworsteld met misplaatste schuldgevoelens.

    Lees ook Tess Milne overweldigd door lieve reacties na openheid over verkrachting

    IN GESPREK
    Milne laat weten dat ze heel lang niet durfde te praten over het seksuele misbruik. “Dat heeft mijn herstel wel in een time-out gezet.” Toen ze eenmaal met iemand erover sprak, voelde ze opluchting. “Omdat je erachter komt dat je niet de enige bent die zoiets meemaakt.” Daarom vindt ze het zo belangrijk dat er meer gepraat wordt over sex, zodat er bij een nare ervaring ook sneller over gepraat wordt.

    Bron: linda.nl

    #248049
    Luka
    Moderator

    Ik werd verkracht door mijn vriend maar besefte dat pas veel later

    Inmiddels weet ik dat als je íets in iemand steekt die dat niet wil, het onder de noemer ‘verkrachting’ valt.

    Opgelet: dit artikel bevat beschrijvingen van seksueel geweld

    Ik wist niet dat ik verkracht was tot ik anderhalf jaar later aan mijn moeder vertelde wat er gebeurd was. “Hij heeft je verkracht, dit is verkrachting,” was het enige wat ze kon uitstamelen. Dat het niet in de haak was wist ik natuurlijk maar al te goed – de klappen die ervoor kwamen waren een goede hint, net als de dwang en het kotsen en huilen tijdens de daad.

    Maar dat een verkrachting niet alleen gaat over een ongewenste ‘piemel in kut’, was mij onbekend. Dat die piemel van alles kan zijn, en die kut ook een ander gat, was mij onbekend. Inmiddels weet ik dat als je íets in iemand steekt die dat niet wil, het onder de noemer ‘verkrachting’ valt – dus valt de pijpbeurt waar hij mij toe dwong daar ook onder. De anale verkrachting waar hij de volgende ochtend mee dreigde, heb ik gelukkig weten te ontwijken.

    Het was niet de eerste keer dat ik seksueel geweld mee maakte. Op mijn zestiende ben ik aangerand door mijn toenmalige beste vriend. Hij stak herhaaldelijk zijn hand in mijn onderbroek, ik zei ‘nee’, hij zette een plaat van Norah Jones op in de hoop dat ik dan wel zou willen, ik bleef angstig ‘nee’ zeggen en hij bleef zijn hand in mijn onderbroek steken.

    Dit was duidelijk: hij stak zijn hand in mijn onderbroek + ik wilde niet en zei nee = aanranding.

    Het geweld van mijn ex daarentegen was wat minder duidelijk. Het was een stuk agressiever en ik was doodsbang, maar kan iets een verkrachting zijn als je er zelf aan mee doet? Het leek me geen aanranding, maar was het dan misbruik? Dat de man van wie ik dacht dat het de liefde van mijn leven was in staat was mij dit aan te doen, was al erg genoeg. Het label ‘verkrachting’ kon ik er op dat moment niet bij hebben.

    Vanaf dat moment was het ‘uit’, maar toch bleven we nog een tijd lang krampachtig bij elkaar komen. Soms zat ik om vijf uur ‘s nachts ineens op de fiets in de hoop dat we het goed konden maken, maar meestal resulteerde dit in scheldpartijen. Soms keken we een film alsof er niks gebeurd was – en zodat we geen ruzie konden maken –, maar dan lag ik in zijn armen en hoorde ik hem toch uit het niets zeggen: “Je bent een hoer.” Ik kan het nu bijna niet geloven, maar ik heb zelfs nog seks met hem gehad. Ik blokkeerde alle beelden in mijn hoofd, maar meestal haalde mijn lichaam mijn gedachten in, met plotselinge huilbuien en paniekreacties als gevolg.

    We waren vier jaar samen voor de bom explodeerde. Na drie jaar ging ik vreemd, en een jaar lang hield ik dat voor me. Ik vond het al erg genoeg dat ik het had gedaan en wilde hem geen pijn doen. Ik wist zelf ook niet wat het allemaal betekende, dus voordat ik hem er eventueel mee zou lastig vallen, wilde ik daar eerst achterkomen. Toch ontfutselde hij dat er iets was gebeurd, maar het duurde nog lang voor ik de hele waarheid op tafel durfde te leggen. Dat maakte hem alleen maar wanhopiger. We maakten nachtenlang ruzie en stonden om acht uur ’s ochtends in de rij van de supermarkt om nog meer drank en peuken te halen. Hij scheurde een poster die ik voor hem had gemaakt in duizend stukjes, en nadat ik die weer in elkaar had geplakt, zette hij ‘m in de fik.

    Ook de buren konden meegenieten van onze ellende. In één van die nachten kwamen drie verschillende buren naar buiten om te vragen of het zachter mocht, maar het is nooit bij iemand opgekomen om even de politie te bellen. Iets wat ik met terugwerkende kracht erg graag had gewild, en nu dan ook zelf altijd doe als ik hoor dat het ergens niet pluis is.

    Hij verzon plannetjes om mij net zo vies en bedrogen te laten voelen als hij zich voelde. Een van die plannen ging als volgt: hij zou een sekswerker bezoeken en vervolgens ‘liefdevolle’ seks met mij hebben. Daarna pas zou hij mij vertellen dat hij zich daarvoor door iemand anders had laten pijpen. Maar het liep een beetje anders: hij liet zich pijpen door een sekswerker, maar toen hij thuis kwam stapte hij af van zijn originele idee. In plaats van liefdevolle seks, begon hij gelijk ruzie met mij te maken. Hij kneep me fijn, zat bovenop me, sloeg me en dirigeerde me van het matrasje in de woonkamer naar zijn bed; iets wat ik al niet wilde. Hij dwong me hem te pijpen. Zijn brute pornofantasieën, waar hij blijkbaar van hield, liet hij op mij los. Al huilend en bijna kotsend, forceerde hij mij om door te blijven gaan.

    De volgende ochtend vertelde hij wie de beurt voor mij had gehad. Later liet hij mij in zijn opschrijfboekje lezen dat zijn plan echt was geweest om liefdevolle seks met me te hebben. Zijn plan om ‘mij vies te laten voelen’: geslaagd.

    Twee jaar later confronteerde ik hem met wat mijn moeder mij duidelijk had gemaakt. We hadden elkaar toen een half jaar helemaal niet gezien of gesproken, maar toen ik na hard ploeteren mijn masterdiploma behaalde was hij eigenlijk de enige met wie ik dit wilde delen. In mijn dronken staat van zijn won het idee dat ik ooit van hem hield van mijn verstand en alle narigheid die zich tussen ons had afgespeeld. Ik belde hem op om mijn feestelijke nieuws te delen. “Dus je komt je zwemdiploma laten zien. Bel maar terug als je nuchter bent,” zei hij.

    We spraken voor wat later af, maar mijn nuchtere-ik was het er eigenlijk al niet meer mee eens. Om hem niet een nieuwe reden te geven om boos op mij te worden, ben ik toch gegaan. “Weet je dat je mij verkracht hebt?” vroeg ik hem. “Ja,” zei hij. “Maar wat maakt het nou uit hoe je het noemt? Het is niet ineens erger geworden, ofzo.”

    Er ging een hele hoop narigheid aan vooraf, maar dit was het moment dat bij mij eindelijk het kwartje viel. Doordat hij zo rustig reageerde op mijn vraag of hij zich bewust was van wat er gebeurd was, zag ik ineens met wie ik te maken had: een man die mij met voorbedachte rade verkracht heeft. Een man die vreemdgaan erger vindt dan verkrachting. Ook begreep ik op dat moment dat hij dondersgoed weet wat hij gedaan heeft, maar dat ík de enige was die het niet wilde zien. Nog steeds vind ik het af en toe moeilijk om te zien dat de twee personen die hij naar mijn beleving is – de man van wie ik hield én de man met het vuur in de ogen – eigenlijk maar één iemand is. Hij is die twee mensen samen.

    Deze confrontatie was de laatste keer dat ik hem zag, maar dat wil niet zeggen dat hij mij vervolgens met rust liet. Dat wij elkaar weer hadden gezien en dat ik in eerste instantie degene was die contact had gezocht, was voor hem een vrijbrief om mij continu te bestoken met nare woorden en cryptische teksten. Een periode van ruim een half jaar volgde waarin hij aan een medium versie van stalken deed, en ik zweeg. Hij stuurde mij brieven, dronken sms’jes en e-mails. Wanneer ik zijn nummer blokkeerde, belde hij me met een andere telefoon. Ik kreeg brieven waaruit bleek dat hij voor mijn deur had gestaan. Hij stuurde mij dialogen met zichzelf, waarin hij precies beschreef wat hij met mij gedaan had, in de vorm van zelfverzonnen sessies met een zelfverzonnen psycholoog. Ik reageerde nergens meer op. Het was geen stortvloed aan contact, maar ik was altijd bang voor wat er kon komen – dat ik weer moest lezen wat voor kankerhoer ik wel niet was.

    Telkens als ik hoopte dat hij mijn zwijgen eindelijk begrepen had, en ik even adem kon halen, kwam er weer iets. Ik heb hier een aantal keer een melding van gemaakt bij de politie, tot ik er niet meer tegen kon en besloot aangifte te doen. Bij de politie werden al mijn politienachtmerries werkelijkheid. Toen ik eindelijk mijn moed bij elkaar had geraapt om naar het bureau te gaan, met een stapeltje brieven onder de arm, werd mij verteld dat ik een keuze moest maken of ik aangifte deed voor de verkrachting of voor het stalken. Die twee vallen onder verschillende afdelingen – ik kon niet alles op een grote hoop gooien.

    De verkrachting vond ik erger, dus ik kon m’n brieven weer mee naar huis nemen en een nieuwe afspraak maken. De agent die ik over de brieven sprak was nog wel aardig, alleen kon hij “helemaal niks” met mijn verhaal. De vrouw die ik daarna aan de lijn kreeg van de afdeling zedenmisdrijven, bevestigde precies waarom ik al die jaren niet naar de politie durfde te gaan – ze nam me alles behalve serieus. Sceptisch vroeg ze waarom ik nooit eerder was gekomen, waarom ik nooit eerder aangifte had gedaan en waarom ik zo lang bij hem was gebleven. Ze zei dat ze niet zo veel voor me kon doen en raadde me sterk af om door te gaan met de aangifte, omdat het een vreselijke traumatische ervaring is en ze me nu al kon vertellen dat er niet genoeg bewijs was. De brief waarin hij precies beschrijft wat hij met mij gedaan heeft, zou volgens haar ook niet als bewijs kunnen dienen.

    Natuurlijk is het heel goed dat je onschuldig bent tot het tegendeel bewezen is, maar nadat ik de telefoon ophing kreeg ik het gevoel dat ík een leugenaar ben tot het tegendeel bewezen is.

    Mijn moeder liet het er niet bij zitten en nam me mee naar een feministische advocaat, een vrouw die veel van dit soort zaken behandelt. In een kwartier vertelde ik mijn verhaal – tijd is geld bij advocaten, dacht ik –, maar ook zij raadde me af om naar de politie te gaan. “Je hebt je verhaal nu in een kwartier verteld, en een verhoor bij de politie duurt uren,” waarschuwde ze me. Volgens haar zou het herbeleven van de verkrachting, waarin ik alle details keer op keer zou moeten herhalen, vreselijk traumatisch zijn. “Het is naar om te zeggen, maar ik heb ergere zaken behandeld die ook op niets uitliepen,” vertelde ze me.

    De moed zakte me in de schoenen. “Maar,” zei de advocaat, “ik kan wel een toverbrief sturen.” De ‘toverbrief’ was een brief aan mijn ex, waarin ze schreef dat hij mij met rust moest laten en wel om deze, deze en deze reden, en dat als hij dat niet doet dat er dan een civiele zaak zou komen. Met deze brief leek de zaak die vlak daarvoor nog zo hopeloos leek, ineens niet meer zo hopeloos.

    Helaas was de bevrijding uiteindelijk maar van korte duur: een heel jaar lang liet hij niks van zich horen, tot het moment dat de man zonder smartphone ineens WhatsApp had en daarmee een nieuwe ingang had om mij te bereiken. Hij stuurde me een cryptisch gedicht. Het was maar een kort berichtje, maar zodra hij iets van zich laat horen voelt het alsof hij mij uit het niets tackelt. Alsof ik nooit van hem af kom en gedoemd ben om aan hem vast te zitten.

    Ik blokkeerde hem direct en krabbelde weer overeind. Weer een jaar later vond hij toch nog een manier om de geblokkeerde wegen te omzeilen, en kort geleden stuurde hij mij een nachtelijke mail. Voor het eerst in 2,5 jaar tijd heb ik daarop gereageerd: een laatste smeekbede om me alsjeblieft met rust te laten. Ik vroeg hem het me te gunnen om deze strijd verder alleen te voeren, zonder dat ik constant in mijn achteruitkijkspiegel hoef te kijken. Wonder boven wonder zei hij dat hij dat zou doen, hopelijk houdt hij zich daaraan.

    In het jaar na de toverbrief, waarin hij eindelijk zijn mond hield, kon ik mijn weg richting zelfliefde beginnen. Lange tijd hoorde ik bij alles wat ik deed zijn stem door mijn hoofd galmen: ‘kankerhoer’, of zijn lievelingstekst: ‘wat kan je wel’. Maar op een gegeven moment merkte ik dat het niet zijn stem was die ik hoorde, maar mijn eigen. Ik had hem niet meer nodig om slecht over mezelf te denken.

    Aangezien hij niet meer in de buurt was om die dingen tegen mij te zeggen, besefte ik dat ik zelf deze narigheid uit mijn hoofd moest krijgen. De enige manier waarop dat kon gebeuren, was door controle te nemen over mijn eigen gedachten, en dus ook over mijn eigen geluk.

    Ik deed alles wat hij verboden had. Verfde mijn haren, neukte er op los. Het plezier van seks liet ik me niet zomaar afnemen. Maar die avontuurtjes gingen ook vaak gepaard met paniekaanvallen wanneer ik een piemel te dicht bij mijn gezicht zag komen of alleen maar kon denken ‘hijwildatikhempijphijwildatikhempijp’.

    Ik besloot toch een beetje voorzichtiger met mijn lijf om te gaan. Een fijne therapeut liet me inzien hoe mijn ex mij klein probeerde te houden om zelf groot te lijken. Ik leerde dat niet alleen de nacht van de verkrachting traumatisch was, maar dat ik door van alles en nog wat een ‘complex trauma’ te pakken heb en het dus niet zo gek is dat ik er zo lang pijn van heb.

    Soms heb ik het gevoel alsof ik op het randje van de afgrond sta, en zie ik hem als een verslaving waar ik maar niet van afkom, maar ik weet dat ik nooit meer terug zal gaan. Ik leef een creatief bestaan en mijn werk en identiteit zijn lang doordrenkt geweest van deze ellende. Dankzij de therapie weet ik nu dat ik niet bén wat er gebeurd is, en dat voelt als een gigantische bevrijding. Ik voel me eindelijk niet meer ‘de verkrachting’ en kan weer aan nieuwe dingen beginnen. Eindelijk voel ik meer liefde voor mezelf, dan de hoop dat iemand anders me dat gaat geven.

    Bron: Vice.com >>

    #248453
    Mark
    Moderator

    ‘Jij zat aan me, maar de school geloofde me niet’

    In deze rubriek schrijven lezers een brief aan iemand die een belangrijke rol in hun leven heeft gespeeld, positief of negatief. Dit keer Fleur (30). Ze schrijft een brief aan de docent die haar op het conservatorium aanrandde en verkrachtte.

    Ha M.,

    17 jaar was ik, toen ik terechtkwam op het conservatorium. Ik was streng christelijk opgevoed, had op een reformatorische basisschool en middelbare school gezeten en daar zat ik, in een wereld die niet verder vandaan kon liggen dan de wereld die ik kende. Een enorme sprong in het diepe. Ik was ontzettend naïef, daar heb jij misbruik van gemaakt.

    Jij gaf het vak waar ik slecht in was en wilde me wel bijles geven, zei je. Prima, natuurlijk, graag. Hoe kon ik vermoeden dat je intenties niet zuiver waren? Je was al vanaf het begin best aanrakerig. Een arm om mijn schouder, een hand op mijn been. Het zal wel normaal zijn in deze muziekwereld, dacht ik. Ik zag overal om me heen mensen knuffelen, kennelijk ging dat hier zo. Ik zocht er niets achter.

    ‘Hoe vaker ik bij je thuis kwam, hoe verder je ging’

    Op een dag kon je geen lokaal regelen voor de bijles en stelde je voor om het dan maar bij jou thuis te doen. Ik ben er met open ogen ingelopen. Vanaf het moment dat je niet meer het risico liep dat iemand het zag, liep het uit de hand. Met je vlotte babbel praatte je zo op me in dat ik in eerste instantie het gevoel had dat het er allemaal bij hoorde. Mijn gevoel schreeuwde dat dat helemaal niet zo was, dat je moest oprotten, maar je chanteerde me. ‘Als je niet meewerkt, dan geef ik je een onvoldoende.’ Je kwam met je vingers op plaatsen waar je nooit had mogen komen. Hoe haal je het in je botte harses om dat te doen met een meisje van 17?

    Hoe vaker ik bij je thuis kwam, hoe verder je ging. Met lood in mijn schoenen ging ik naar je toe. Je was niet zozeer fysiek beangstigend, maar vooral heel manipulatief. Ik had het gevoel dat ik geen keus had. Later werd het: ‘Je houdt je bek, anders zorg ik dat je niet verder kunt studeren.’ Maar ik hield mijn bek niet. Na drie keer was het genoeg. Ik vertelde het tegen de coördinator van de opleiding. Jij werd op het matje geroepen, ontkende alles en de school geloofde jou.

    ‘Een paar maanden geleden had je het gore lef om me een bericht te sturen via Facebook’

    Uiteindelijk heb ik mijn propedeuse niet gehaald en heb ik door jou moeten stoppen met mijn studie. Je maakte me wijs dat muziek niets voor mij was en dat ik niet geschikt was voor de opleiding, maar op een andere locatie heb ik het conservatorium toch kunnen afmaken. Dat voelde als een soort wraak naar jou.

    Ik wil dat je je goed realiseert wat je nou eigenlijk hebt aangericht. Je zult het niet beseffen, maar je hebt 13 jaar lang macht uitgeoefend op mijn leven. Ik was bang voor mannen, durfde ‘s avonds niet alleen over straat om de hond uit te laten. Nu is dat klaar. Ik heb met hulp met de situatie en het verleden leren omgaan en kan en wil het nu achter me laten.

    Een paar maanden geleden had je het gore lef om me een bericht te sturen via Facebook. Daar heb ik uiteraard niet op gereageerd, maar via deze brief wil ik toch even mijn hart luchten. Als je dit leest – en dat hoop ik heel hard – dan weet je dondersgoed dat het over jou gaat. Je blijft met je poten van de rest van mijn leven af, M.

    Je geeft nog steeds les aan het conservatorium. Het liefst zou ik met terugwerkende kracht naar het bestuur van de school gaan, nu ik veel sterker in mijn schoenen sta. Zeker weten doe ik het niet, maar ik vermoed dat ik niet de enige was. Ik hoop dat je een keer door de mand valt.

    Fleur

    Bron: rtlnieuws.nl

    #248460
    Luka
    Moderator

    Hoe het is om aangerand te worden als je alleen op reis bent

    “Ik ben naar een ander hostel gegaan en heb me daar een paar dagen verstopt. Aangifte heb ik niet gedaan – in Panama wil je niet in aanraking komen met de politie.”

    Let op: dit artikel bevat beschrijvingen van seksueel geweld. Onderaan vind je meer informatie over wat je kan doen als jou dit is overkomen.

    Seksueel geweld en intimidatie kan je overal overkomen, ook op reis. Hoe vaak Nederlandse backpackers, soloreizigers of vakantiegangers hiermee te maken krijgen, is niet bekend – bij het ministerie van Buitenlandse Zaken zijn er geen cijfers bekend.

    In Engeland werden in de afgelopen vier jaar duizend slachtoffers van seksueel geweld op reis gemeld. Maar of dit getal in de buurt komt van de daadwerkelijke incidenten, is lastig te zeggen; van aanranding of seksueel geweld doen veel mensen helemaal geen aangifte, en het is best voor te stellen dat dit nog lastiger is als je (alleen) op reis bent in een land dat je niet goed kent.

    Zelf werd ik aangerand in een hostel in Colombia: het was vroeg in de morgen toen ik naar de wc moest en ik onderweg een paar backpackers passeerde die aan het feesten waren en duidelijk nog niet hadden geslapen. Net voor ik het toiletgebouw binnen wilde stappen, stond er een jongen voor mijn neus die me de weg versperde. Ik zei gelijk “fuck off”, maar hij pakte me beet en duwde me een douchecabine in. Hij begon me te betasten, drukte zijn mond op de mijne en zijn handen waren overal, ook op mijn borsten en op mijn vagina. Ik verzamelde al mijn kracht en zei: “I said fuck off!”, gaf hem een zet naar buiten en smeet de deur snel dicht. Ik hoor mezelf nog denken: ben ik nou zojuist aangerand?

    Toen ik mijn verhaal aan anderen vertelden, bleek ik niet de enige. Tijdens het backpacken en daarna hoorde ik meerdere verhalen van vrouwelijke medereizigers over seksuele intimidatie, geweld en stalking. De meesten deden daarna net als ik geen aangifte, en de redenen hiervoor varieerden: een taalbarrière, het corrupte imago van de lokale overheid of schaamte.

    Hieronder lees je de verhalen van vier vrouwen die ik hierover sprak. Ze deelden hun ervaringen niet eerder met hun omgeving, en wilden om privacyredenen niet met hun eigen naam in het artikel.

    Elise* (27) Groningen
    Toen ik aankwam in de hoofdstad van Panama was ik al een jaar alleen op wereldreis. Ik had een bed geboekt in een gemengde slaapzaal. Midden in de nacht werd ik wakker van een man die blijkbaar mijn ondergoed opzij had geschoven en met zijn tong in mijn kruis zat. Het was zó ranzig. Ik ben compleet overstuur de badkamer in gerend. De receptionist van het hostel vroeg wat er was. Mijn Spaans is niet goed, dus alles moest met Google Translate. De dader had blijkbaar tegen de receptionist gezegd dat ik “het zelf wilde” – ik schrok daar enorm van en voelde veel woede. Ik wilde zo snel mogelijk weg.

    Ik ben naar een ander hostel gegaan en heb me daar een paar dagen verstopt. Ik heb nooit aangifte gedaan. Panama is niet bepaald een land waar ik in aanraking wil komen met de politie. En daarbij: wat begin ik tegen een aanrander die zich er waarschijnlijk in het Spaans vloeiend uit lult? Ik heb het zelfs nooit aan m’n ouders verteld; ze zouden alleen maar ongerust worden. Mijn moeder had denk ik direct een vliegticket naar huis voor me geboekt.

    Ik heb het mezelf in de tijd daarna kwalijk genomen dat ik bevroor toen het me overkwam – ik had verwacht dat ik iemand totaal naar de grond zou slaan. Ik heb met mezelf afgesproken dat dit me nooit meer overkomt.

    Gaby* (25) Enschede
    Ik verbleef in een gemengde kamer in een hostel in Australië, waar de bewuste jongen uit India ook sliep. Op een ochtend was ik met mijn schoenen bezig toen hij ineens bij me op bed kwam zitten. Hij pakte zomaar mijn hand, en ik heb meteen gezegd dat ik daar geen behoefte aan had. De dagen erna achtervolgde hij me overal naartoe. Als ik naar het strand ging, kwam hij bij me zitten; als ik de wc uitstapte, stond hij plotseling voor me, en zelfs toen ik na twee dagen naar een andere stad ging, was hij daar ook ineens – zonder dat ik had gezegd dat ik daarheen ging.

    Hij hield niet op, het was heel frustrerend en intimiderend. Hij vond het normaal wat-ie deed, hij vond West-Europese vrouwen het aantrekkelijkst, vertelde hij me. Na een week heb ik gedreigd dat ik de politie erbij zou halen. Uiteindelijk heeft de hosteleigenaar hem uit het hostel gezet. Daarna heb ik hem niet meer gezien, maar ik was als de dood dat hij me zou volgen naar Nieuw-Zeeland.

    Helen* (28) Diemen
    In 2016 logeerde ik in een hostel in Chicago. Ik lag te slapen op het onderste bed van een stapelbed. Boven mij sliep een jongen die ik niet kende en nog nooit gesproken had. Het was ochtend en de rest van de kamergenoten waren allemaal al weg. Opeens klom de jongen naar beneden en kwam hij bij me op bed zitten. Hij legde zijn hand op mijn been en maakte me zo wakker. Ik zei dat hij weg moest gaan, maar dat deed hij niet – hij begon over mijn been te wrijven. Ik lag toen nog onder de dekens, maar wilde uit bed stappen om weg te kunnen gaan. Maar het bed stond in een hoek, en de jongen zat zo dat ik er niet uit kon. Hij bleef maar doorgaan met mij betasten en ik verstijfde helemaal. Ik wist niet wat ik moest doen.

    Ik weet niet meer precies hoe het toen ging, maar plotseling werd ik gered door een kamergenoot die weer binnenkwam. Ik vond het zo intimiderend, en toch heb ik het nooit verteld aan het hostel of zo. Ik twijfelde of ik moest vragen om een andere kamer, maar ik wilde er geen gedoe van maken.

    Nabi* (22) Eindhoven
    Ik was alleen op reis en wandelde in de Colombiaanse stad Santa Marta naar een supermarkt. Toen ik een hoek omging, werd ik plotseling door een man bij mijn arm gegrepen. Hij duwde me met zijn onderarm op mijn hals tegen de muur. Ik hoorde en voelde zijn adem in mijn nek en hij drukte zo hard tegen mijn keel dat ik het benauwd kreeg. Hij probeerde mijn broek naar beneden te trekken, maar gelukkig had ik een jumpsuit aan.

    Ik schrok zo erg en het duurde even voordat ik me realiseerde dat ik de man die me aanviel moest slaan. Gelukkig heb ik jarenlang aan vechtsport gedaan. Ik heb zijn arm omgedraaid en hem een elleboog en het hardste knietje ooit gegeven. Het geluid wat hij toen maakte zal ik nooit vergeten. Vervolgens rende ik zo snel als ik kon naar mijn hostel.

    Ik heb geen aangifte gedaan – dat heeft daar toch geen zin omdat de politie enorm corrupt is. Ik was bang dat ik zelf zou worden opgepakt, want als je geen sterk bewijs hebt, kunnen ze je aanklagen voor smaad. Ook mijn ouders heb ik nooit iets verteld. Die waren er al op tegen dat ik alleen op reis zou gaan, want ze vonden me te jong; ik was toen 20. Als ze mijn verhaal horen, ben ik bang dat ik helemaal niet meer alleen weg mag.

    Die man dacht dat hij wel even een klein, blond, Nederlands meisje kon aanranden. Ik denk er nog regelmatig aan terug: als ik hem eerder had kunnen stoppen, had ik dan andere herinneringen gehad aan deze stad?

    *De echte namen van de vrouwen zijn bekend bij de redactie

    Slachtoffers van seksueel geweld in het buitenland kunnen een beroep doen op consulaire bijstand van het ministerie van Buitenlandse Zaken, laat een woordvoerder weten. Er is een noodnummer dat 24/7 bereikbaar is: +31 247 247 247 . “Aangifte kunnen wij niet voor je doen, maar we kunnen wel adviseren over hoe het werkt in dat land, en vaak hebben we een lijst met namen van lokale advocaten. Buitenlandse Zaken kan erop toezien of het incident wordt opgepakt door de lokale autoriteiten.”

    Iva Bicanic van Centrum Seksueel Geweld vertelt dat het belangrijk is om melding te maken van wat je is overkomen, ook al zit je in het buitenland. “Het liefst binnen zeven dagen nadat het is gebeurd. Dan is het misdrijf nog het verst en kunnen niet alleen sporen, maar ook de ziel worden veiliggesteld. Na zo’n gebeurtenis kan je eerst verdwaasd zijn, maar al snel kunnen er negatieve gedachten door je hoofd kruipen. En dan zit je daar in je eentje aan de andere kant van de wereld met de stress. Door vroeg te kijken wat we voor je kunnen doen, proberen we later leed te voorkomen. Zet ons telefoonnummer voor de zekerheid in je telefoon: 0800-0188.”

    Bron: Vice.com >>

    #248623
    Luka
    Moderator

    Hoe zit het eigenlijk met seksueel geweld op Nederlandse festivals?

    Augustus 2017
    “Het is bewezen dat drank ervoor zorgt dat grenzen minder goed aangegeven worden én minder goed gevoeld worden door de ander; dit bedoel ik niet als victim blaming, want seksueel geweld mag gewoon niet.”

    We horen weinig over seksueel geweld op Nederlandse festivals, maar dit betekent niet dat het niet voorkomt. Broadly sprak met beveiligers, beleidsmakers, slachtoffers en festivaldirecteurenover hun ervaringen en kijk op de zaak.

    Op een festivalterrein wordt behalve muziek ook een hele hoop drugs en alcohol geconsumeerd, en verdovende middelen verhogen het risico op geweld – daar zijn onderzoekers het al jaren over eens. Het Trimbos Instituut stelde vast dat 32 tot 50 procent van de geweldsdelicten in Nederland alcohol-gerelateerd is, en seksueel geweld hoort daar ook bij. Maar hoe het precies zit met seksueel geweld op Nederlandse festivals, daar is nooit specifiek onderzoek naar gedaan en cijfers zijn er dus niet.

    Seksueel geweld op internationale festivals
    Toch verschijnen er steeds meer internationale berichten in de media over dit onderwerp: deze zomer werden op het grootste festival van Zweden, Bråvalla, 4 mensen verkracht en er werden 23 meldingen gedaan van seksuele agressie. De organisatie besloot daarom het festival in 2018 niet door te laten gaan. De Zweedse comédienne Emma Knyckare had een ander idee: een festival waar alleen niet-mannen mogen komen, “totdat ALLE mannen zich weten te gedragen.” Ze kreeg direct veel bijval, en op Instagram zei ze een paar dagen later dat het man-vrije rockfestival er inderdaad gaat komen, in 2018.

    Ook op Glastonbury in Groot-Brittannië waren er net als bij voorgaande edities dit jaar meldingen van seksueel geweld, en de Belgische festivals Dour en Pukkelpop riepen naar aanleiding van het geweld in Zweden op om “extra waakzaam te zijn”. In een interview met De Standaard zei David Salomonowicz van de communicatieafdeling van Dour: “We nemen al jarenlang maatregelen om de veiligheid van de festivalgangers te garanderen. Die gaan we nu verder aanscherpen.”

    Als ik hem spreek aan de telefoon vertelt hij dat er op het terrein, waar 200.000 bezoekers komen, speciale preventieteams rondlopen die zich richten op slachtoffers van drugs én seksuele intimidatie. “Maar het is onmogelijk om ieder individu in de gaten te houden, dus we adviseren onze bezoekers om vooral je eigen vrienden goed in de gaten te houden – je maten bieden de beste veiligheid.” Op de takecare-pagina van de site staat inderdaad welke verschillende partijen er zijn voor jouw veiligheid, maar ‘seksueel geweld’ wordt niet expliciet genoemd als probleem – wel waar je moet zijn als je een soa hebt of als je een condoom nodig hebt, “in het geval van leuke kennismaking”.

    Salomonowicz vertelt dat er behalve preventieteams ook psychologische hulp en mensen van het Rode Kruis aanwezig zijn, maar officieel heeft Dour nog nooit klachten binnengekregen over aanrandingen of verkrachtingen. Maar, zegt hij in het interview met De Standaard: “Als het in Zweden gebeurt, dan is het een beetje naïef om te denken dat het hier niet zou gebeuren.”

    In Nederland wordt er beleidsmatig weinig gedaan aan seksueel geweld op festivals, blijkt uit de gesprekken die we hebben gevoerd met festivaldirecteuren, en uit de huisregels die op veel festivalwebsites staan: daar wordt seksueel geweld in de meeste gevallen niet expliciet benoemd, of er wordt in algemene zin gesproken van ‘respectvol omgaan met elkaar’.

    Berichten over aanrandingen en verkrachtingen op Nederlandse festivals zijn bijna niet te vinden, maar in juni van dit jaar verscheen er wel een nieuwsbericht over vrouwen die waren betast op Parkpop, en die hiervan melding hadden gemaakt bij de politie. Woordvoerder Yvette Verboon van de Politie Den Haag vertelt me hoe het met deze zaak is afgelopen, namelijk dat het bij die meldingen is gebleven: “Er is verder geen aangifte uit voortgekomen.”

    Wat weten we wel?
    Over seksueel geweld in Nederland in het algemeen is wel wat meer bekend, onder meer door uitgebreid en jaarlijks onderzoek van Rutgers, het Kenniscentrum op gebied van seksualiteit. Bijvoorbeeld dat seksueel grensoverschrijdend gedrag onder jongeren iets is afgenomen in 2017, ten opzichte van 2012: voor mensen tot 25 jaar geldt dat 14 procent van de meisjes en 3 procent van de jongens ooit seksuele handelingen heeft moeten verrichten of seks heeft gehad tegen haar of zijn zin in. Een kwart van de meisjes, en bijna 40 procent van de jongens praat hier niet over, en als ze dat wel doen, is dat eerder met vrienden dan met de politie bijvoorbeeld.

    Dat je er niets over hoort, betekent dus zeker niet dat het niet gebeurt. Zo spraken we met twee meisjes die werden aangerand op Nederlandse festivals, en uit interviews met beveiligers blijkt dat zij meerdere ervaringen hebben met (vooral) meisjes die werden aangerand of verkracht tijdens verschillende festivals.

    Uit eerder onderzoek van Rutgers naar volwassenen tussen de 25 en 70, blijkt dat 13 procent van de mannen en 42 procent van de vrouwen ooit te maken heeft gehad met seksueel geweld. In 12 tot 15 procent van de gevallen gaat dit over verkrachting, dus waarbij het lichaam wordt binnengedrongen, en 90 procent hiervan gebeurt door een bekende. Het CBS toonde daarnaast aan dat aangiftes van verkrachting in de laatste tien jaar met de helft zijn afgenomen, terwijl het aantal slachtoffers hetzelfde was gebleven.

    Hoe dit komt dat er steeds minder aangiftes worden gedaan is niet duidelijk, maar het zou wel een verklaring kunnen zijn voor het feit dat festivalorganisaties geen meldingen binnenkrijgen van seksueel grensoverschrijdend gedrag, terwijl uit ervaringsverhalen van zowel beveiligers als slachtoffers blijkt dat het wel gebeurt.

    Rutgers heeft recent wel een steekproef gedaan waarin aan de 1001 online ondervraagden werd gevraagd naar ervaringen met seksueel geweld in het uitgaansleven: daaruit is gebleken dat 42 procent van de vrouwen tussen de 18 en 30 jaar seksueel intimiderend gedrag heeft meegemaakt in een kroeg of club, zoals vastgepakt worden of gezoend worden.

    Over seksueel geweld in het (nachtelijk) uitgaansleven verschijnen wat meer nieuwsberichten: eerder deze maand werd duidelijk dat de Rotterdamse club Vie 3 maanden dicht moet, omdat er in het afgelopen jaar 11 vrouwen zouden zijn gedrogeerd, aangerand of verkracht. En eerder deze maand werd er een artikel over seksuele intimidatie in het uitgaansleven gepubliceerd door DJ Broadcast, waaruit blijkt dat ook op de sites van de meeste Nederlandse clubs geen huisregels te vinden zijn over wat je moet doen als je slachtoffer wordt van seksueel geweld, of wat het beleid is dat een club of bar daarover voert.

    Maar wat zegt dit over seksueel geweld op festivals in Nederland?
    Wat we zeker weten, is dat een festival een plek is waar er verschrikkelijk veel bierfusten worden opgezopen en er een heleboel lege pillenzakjes worden gevonden. Jellinek geeft antwoord op de vraag ‘hoeveel Nederlanders drinken’, en op party’s, festivals of clubs heeft ruim 98 procent van de ondervraagden alcohol gedronken. Wat xtc betreft gaat het om 55 procent van mensen die ooit een pil heeft gebruikt op een festival of feest. Dit is voor de meeste mensen geen probleem, en zelfs een belangrijke reden om een festival te bezoeken. Het leven vieren met chemische middelen of alcohol, pakt voor veel mensen prima uit.

    Maar dat grenzen hierdoor vervagen, kan wel een gevaar opleveren: “Uit een Deens onderzoek onder 2500 jonge vrouwen die zich meldden bij een rape center, bleek dat er in 60% van de gevallen alcohol in het spel was,” vertelt Iva Bicanic van Centrum Seksueel Geweld door de telefoon. “Het is wel bewezen dat drank ervoor zorgt dat grenzen minder goed aangegeven worden én minder goed gevoeld worden door de ander; dit bedoel ik niet als victim blaming, want seksueel geweld mag gewoon niet.”

    Bicanic is psycholoog in het UMC Utrecht en richtte Centrum Seksueel Geweldop, een rape center waarvan er inmiddels 15 zijn in Nederland. “Het zijn plekken waar vrouwen direct na een verkrachting naartoe kunnen en waar politie, verpleegkundigen, psychologen en hulpverleners allemaal samenwerken.”

    Bicanic kan niet zeggen of er in het festivalseizoen meer of specifieke slachtoffers van seksueel geweld op festivals binnenkomen. Maar dat er statistisch weinig bekend is over seksueel geweld op festivals, betekent volgens haar niet dat het daar niet of minder voorkomt. “Er komen bij ons in de rape centers twee gevallen per week binnen waarvan het incident korter dan zeven dagen geleden is – dat is relatief weinig, maar de rest gaat eerst naar huis om te douchen, of die krijgen we helemaal niet te zien. Je hebt acknowledged en unacknowledged seksueel geweld.”

    Met unacknowledged doelt de psycholoog op aanrandingen en verkrachtingen die door de slachtoffers niet direct als zodanig erkend worden, omdat het niet gebeurt doordat een onbekende je van je fiets trekt en in de bosjes sleurt, maar bijvoorbeeld door iemand met wie je al de hele avond hebt staan zoenen en flirten, en die in een benevelde sfeer van drank of drugs verdergaat dat je eigenlijk wilde, of op een andere manier over je grenzen heen gaat.

    Wat zouden festivals wel kunnen doen?
    Als laatste spreek ik met Barbara van Dam, van het bedrijf Event Safety Institute, dat festivals adviseert en helpt om ze veiliger te maken. Ze is daar werkzaam als adviseur evenementenveiligheid, en tijdens mijn research stuitte ik op een blog van haar, die ze eind juli publiceerde, met de titel Veiligheid van vrouwen op evenementen. Daarin kaart ze het probleem aan van seksueel geweld tegen vrouwen op festivals, ook naar aanleiding van de berichten uit Zweden en van Parkpop in Nederland. “De organisatie van een festival start met een risicoanalyse als basis voor een veiligheidsplan, en ik vind het vreemd dat seksueel geweld bij die voorbereidingen nergens wordt genoemd. Alles wordt doorgerekend: een warm-weerscenario en of er wel genoeg wc’s zijn, maar er wordt niet uitgezocht hoe we ervoor zorgen dat meisjes en vrouwen veilig naar een festival kunnen blijven gaan?”

    Als ik haar vraag hoe ze denkt dat dat komt, zegt ze: “Omdat het niet wordt erkend als probleem – festivalorganisaties worden vanuit de gemeente niet verplicht om hierover na te denken. Ik zou dat wel graag willen. Op het moment dat het nog niet geëscaleerd is, moeten we ervoor zorgen dat het ook niet gebeurt. We moeten het gewoon voor zijn, want elk slachtoffer is er één teveel.”

    Van Dam heeft al nagedacht wat festivals zouden kunnen doen om wel een agendapunt te maken van seksueel geweld, en zo speciaal beleid te voeren dat zowel preventief als na afloop kan helpen voor slachtoffers: “Het begint bij de veiligheidsplannen die festivals van tevoren moeten maken; daarin zou de veiligheid van vrouwen ook meegenomen moeten worden. En daar weer een onderdeel van is het informeren van de beveiligers, dat ze bewust omgaan met dit soort incidenten en weten welke stappen ze daarna kunnen ondernemen. En bij het inrichten van het festivalterrein, inclusief de route naar en van de camping, moet gekeken worden naar (persoonlijke) veiligheid en sociale controle.”

    De plannen die vooraf gemaakt worden voor de veiligheid van vrouwen, zouden volgens haar ook gecommuniceerd moeten worden richting de bezoekers: “Het is essentieel dat slachtoffers weten dat ze op een vertrouwelijke en veilige manier kunnen worden opgevangen door beveiligers, politie en de organisatie.” En als je als omstander getuige bent van intimidatie, een aanranding of verkrachting, maar zelf niet durft te handelen, raadt ze aan om een foto te maken of een beveiliger om hulp te vragen.

    Als afsluiter heeft Van Dam nog één heldere oplossing: “Kom gewoon niet aan vrouwen.”

    Het omdraaien van de oplossing, en het probleem dus niet neerleggen bij festivals en de slachtoffers maar bij de daders, is een mooi maar voorlopig nog utopisch idee. Maar na alle gesprekken en research wordt wel duidelijk dat we te maken hebben met een vicieuze cirkel als het om dit onderwerp gaat: festivals krijgen geen officiële meldingen van aanrandingen en verkrachtingen binnen van slachtoffers, en denken daarom dat het niet gebeurt op hun festivalterrein. Daarom lijken ze het onnodig te vinden om hier speciaal beleid voor te maken, en daardoor weten omstanders, beveiligers en medewerkers vaak niet precies wat ze met dit soort situaties aanmoeten. Bovendien is het voor de slachtoffers zelf onduidelijk waar ze naartoe kunnen, behalve naar beveiligers of de EHBO, die voor het moment misschien een oplossing kunnen bieden, maar niet structureel en niet inhakend op de juridische of psychologische gevolgen van seksueel geweld. Bovendien blijkt uit cijfers over seksueel geweld in het algemeen dat slachtoffers überhaupt maar nauwelijks aangifte doen van aanranding of verkrachting – terwijl het overal voorkomt, en in behoorlijke cijfers.

    Ook voor Bicanic van Centrum Seksueel Geweld is het zo snel mogelijk melden van seksueel geweld een van de belangrijkste dingen die je als slachtoffer kan doen, zei ze afgelopen juni nog in Trouw, nadat ze een belangrijke prijs kreeg voor haar werk van de afgelopen twintig jaar: “Verstop het niet, maar meld het als je verkracht bent.”

    De grenzeloosheid van een goed festival is natuurlijk een van de beste redenen om er naartoe te gaan – maar daar mogen mensen geen misbruik van maken door over de grenzen van een ander heen te gaan.

    Ben je slachtoffer geworden van seksueel geweld, op een festival of elders? Het telefoonnummer van Centrum Seksueel Geweld is 0800-0188, en dit nummer is 24 uur per dag bereikbaar en gratis.

    Bron: Vice.com >>

    #249499
    mara
    Lid LSG

    Yvonne werd seksueel misbruikt: Hij zei dat het ons geheimpje was

    Yvonne van Galen (42) werd op jonge leeftijd drie jaar lang seksueel misbruikt. Wie haar dit leed heeft aangedaan, houdt ze voor zich. Vandaag deelt zij haar verhaal en hoe ze er weer bovenop is gekomen.

    ,,Het begon geleidelijk aan. We speelden spelletjes op zijn spelcomputer en op een gegeven moment wilde hij dat ik ging voorspellen of we een bepaald level zouden bereiken. Als ik het goed had, vond hij dat we dat moesten vieren. Dat hield in dat ik een opdracht moest uitvoeren of ondergaan. De opdrachten waren allemaal seksueel getint, denk aan tepels aanraken, elkaar in het kruis betasten, orale bevrediging, etc. Ik denk dat het gemiddeld twee keer per maand plaatsvond. Ik zat in de bovenbouw van de basisschool toen het begon. Hij zei dat het ons geheimpje was.’’

    Onderdrukken
    ,,De eerste opdracht die ik kreeg, vond ik op zich nog spannend: het was nieuw voor mij, maar daarna voelde ik me eigenlijk heel onbehaaglijk. Ik heb mezelf diverse keren verzet door hem een knietje te geven of te bijten, maar dan drukte hij mij tegen de muur of tegen de grond. Ik moest dan beloven dat ik weer rustig zou doen. Om het goed te maken, moest ik dan een extra opdracht uitvoeren.’’

    ,,Ik onderdrukte mijn emoties. Als ik pijn had of voelde dat ik moest huilen, beet ik op mijn tanden en probeerde ik het maar te ondergaan. Ik dacht dat het anders alleen maar langdradiger zou worden en ik wilde er snel vanaf zijn. Dat het niet goed voelde en niet klopte, wist ik natuurlijk wel, maar ik kon er niks mee op dat moment. Ik heb het mezelf heel lang kwalijk genomen dat ik niet anders heb gehandeld door het bijvoorbeeld aan iemand te vertellen. Het heeft heel lang geduurd voordat ik mezelf daarvoor heb kunnen vergeven.’’

    ,,Toen ik naar de middelbare school ging, ben ik gevlucht in drugs. Het begon met softdrugs, maar al snel zat ik aan de harddrugs, zoals speed en cocaïne. Toen ik het uitgaansleven begon te ontdekken, combineerde ik drugs met alcohol en propte ik XTC-pillen naar binnen alsof het snoepjes waren. Op een gegeven moment begon ik ook thuis te gebruiken. Ik was boos op het leven en voelde me machteloos. Als ik drugs gebruikte, raakte ik in een andere state of mind en hoefde ik niet zoveel met mijn emoties bezig te zijn. Ik werd depressief en had zelfmoordgedachten. Ik dacht altijd: ‘Als ik maar genoeg chemische troep tot me neem, dan blijf ik er vanzelf wel een keertje in.’’

    ,,Toen ik 17 jaar was, ben ik van school gestuurd vanwege mijn gedrag. Mijn ouders vroegen zich af waarom ik zo onhandelbaar was. Ik moest ineens antwoorden geven, dus toen heb ik eruit gegooid dat ik misbruikt was. Ik heb het daardoor ook niet als opluchting ervaren. Ze waren in shock, omdat ze helemaal niks in de gaten hebben gehad. Ze probeerden met mij te praten en wilde hulp inschakelen, maar dat wilde ik niet. Ik had al zo’n muur om mij heen gebouwd. Ik ging gewoon door met waar ik mee bezig was.’’

    Dieptepunt
    ,,Toen ik 24 was, heb ik na een feestje onder invloed van drank en drugs een wildvreemde man mee naar huis genomen. Die avond ben ik mijn autosleutel en huissleutels kwijtgeraakt. Ik heb toen mijn keukenraam ingeslagen om binnen te komen. De volgende dag had ik geen idee meer wat er die avond was gebeurd. Al de sporen in huis maakten wel het een en ander duidelijk. Ik ben toen in paniek een hiv-test gaan doen en heb mijn sloten laten veranderen. Gelukkig was de test negatief. De situatie hakte erin en toen besefte ik dat het tijd was om af te kicken van drugs.’’

    ,,Ik heb therapie gehad en daar ben ik onder begeleiding gaan praten over alles. Toen ik eenmaal clean was, kon ik het leven positiever inzien. Hetgeen dat mij het meest heeft geholpen in het proces is de ommekeer in mijzelf: het besef dat het zo niet verder kon, dat er iets moest gebeuren, dat ik het niet alleen kon en moest gaan praten. Mijn zelfbeeld was ontzettend laag en ik heb hard moeten werken om dat weer op peil te krijgen. Het is een heel proces geweest dat jaren heeft geduurd en daar heb ik echt voor in de spiegel moeten kijken.’’

    ,,Ik ben vorig jaar begonnen mijn verhaal op te schrijven voor mijn eigen verwerkingsproces. In dat schrijfproces zijn er ook weer een aantal dingen gaan spelen, zoals herinneringen en blokkades op seksueel gebied. Toen het op papier stond, voelde ik voor het eerst in mijn leven opluchting: geheimen vreten je immers toch op vanbinnen. Ik heb het manuscript als eerst aan mijn man laten lezen. Hij reageerde positief.’’

    ,,Alles wat ik heb meegemaakt, heeft mij sterker gemaakt. De ervaringen die ik heb opgedaan, hebben mij geleid naar het punt waar ik nu ben. Het leven is te kort om blijven hangen in een negatief verleden. Het misbruik beperkt mij niet meer. Ik ben een sterke vrouw en sta midden in het leven. Ik ben bezig met mijn dromen te verwezenlijken. Ik heb geleerd dat ik de enige ben die mij gelukkig kan maken.”

    Bron: telegraaf.nl

    #249603
    Luka
    Moderator

    OPINIE SEKSUALITEIT ONLINE
    Bij seksuele voorlichting hoort ook de telefoon

    De onlinewereld speelt onder jongeren een grote rol in de beleving van seksualiteit. Hoogste tijd om aandacht te besteden aan de geneugten én risico’s, stellen Tineke Hendrikse en Krista Schram.

    Sinds januari is wraakporno strafbaar gesteld in het Wetboek van Strafrecht. De wetgever beoogt hiermee de bescherming van de persoonlijke levenssfeer een nieuwe dimensie te geven: ook online moet men worden beschermd tegen seksueel misbruik. Het is een positieve ontwikkeling dat de wetgever op deze manier het schenden van privacy strafbaar stelt en daarmee opkomt voor de rechten van de slachtoffers van wraakporno.

    Tegelijkertijd moet deze strafbaarstelling ook gepaard gaan met andere interventies. Het wordt hoog tijd dat wij ons gaan realiseren dat de online- en offlinewereld, ook op seksueel ­gebied, niet langer ­gescheiden zijn, maar onlosmakelijk met elkaar zijn verbonden.

    Een typisch voorbeeld van het ­online-beleven van seksualiteit is (vrijwillige) sexting, dat wil zeggen het vertrouwelijk delen van naaktfoto’s of -filmpjes met een geliefde. Onder jongeren is dit inmiddels een geaccepteerde manier om een seksuele relatie vorm te geven, zo blijkt uit ons onderzoek vanuit Hogeschool Inholland onder hbo-studenten in de Randstad.

    Slachtoffer van exposen
    Deze ogenschijnlijk veilige vorm van seksueel contact kan achteraf tóch niet zo veilig blijken als degene naar wie jij foto’s of filmpjes hebt gestuurd deze zonder jouw toestemming naar derden doorstuurt. Dan ben je plotseling slachtoffer van ‘exposen’, zoals het onder jongeren en in de media wordt genoemd.

    Uit verschillende onderzoeken blijkt dat exposen iemand levenslang kan beschadigen. Jongeren kunnen psychische klachten ontwikkelen of een negatief zelfbeeld vormen. Bovendien kan het voor jonge vrouwen van Marokkaanse, Turkse en Hindoestaanse afkomst leiden tot blijvende uitsluiting, waardoor de banden met de eigen familie worden verbroken en de kans op een huwelijkspartner binnen de gemeenschap is verkeken.

    Deze invloed blijkt tevens uit ons onderzoek waarvoor wij met 82 studenten spraken en 24 hbo-professionals en experts interviewden.

    Onderbelicht
    Helaas is het besef dat men ook online onveilige seks kan hebben nog een onderbelicht onderwerp bij zowel jongeren als volwassenen. Dit is zorgelijk, zeker omdat onlineseks een steeds groter onderdeel wordt van iemands seksuele leven. Daardoor wordt ook de kans op slachtofferschap van onveilige seks online groter. Een goed begin om meer bewustwording van de risico’s te creëren, is door het onderdeel te maken van seksuele voorlichting op scholen.

    Seksvoorlichter Kim Holland voorziet inmiddels in die behoefte, want zij besteedt er aandacht aan in haar programma ‘Kim licht voor’, waarin ook de geneugten en de risico’s van sexting aan bod komen. Haar initiatief verdient in onze ogen meer navolging. Want, in de woorden van een van de studenten:

    ‘Waar je eerder uitleg kreeg over tampons, maandverband en condooms, zou nu ook een ­telefoon in het rijtje moeten liggen. De telefoon is nu namelijk ook belangrijk in seksualiteit.’

    Tineke Hendrikse en Krista Schram, docent-onderzoeker en ­associate lector publiek vertrouwen in veiligheid Hogeschool Inholland

    Bron: de Volkskrant >>

    #249616
    mara
    Lid LSG

    NATHALIE WERD MISBRUIKT: ‘ZIJN OUDERS ZATEN GEZELLIG BENEDEN’

    Dat sex tegen je wil diepe sporen achterlaat, weet Nathalie als geen ander. Ze werd drie jaar lang misbruikt door de zoon van vrienden van haar ouders. Als tiener kampte ze daardoor met depressieve klachten.

    Haar mentor merkte dat ze niet lekker in haar vel zat en stimuleerde haar hulp te zoeken. Nathalie deelt haar verhaal nu om anderen te helpen professionele hulp te zoeken.

    ONS GEHEIM
    De eerste keer dat Nathalie betast werd door de zoon van de beste vrienden van haar ouders, was ze tien jaar. Stefan was drie jaar ouder. “Het gebeurde op zijn kamer. Onze ouders waren beneden en hadden geen idee wat er zich boven afspeelde. Hij zei dat ik er niets over mocht zeggen. Het was ons geheim.”

    Het betasten ging steeds verder. “Keer op keer. Hij deed me pijn, maar hij trok zich hier niets van aan als ik dit tegen hem zei. Als beschermingsreactie trad ik buiten mezelf. Ook ging ik enorm aan mezelf twijfelen. Was het allemaal wel zo erg? Vond ik het ook niet fijn om aandacht te krijgen van iemand? In plaats van dat ik om hulp vroeg, ben ik alles gaan verdringen. Ik deed alsof er niets was gebeurd en ging door met mijn leven.”

    PSYCHOLOOG
    Het misbruik stopt na drie jaar, als Stefan een vriendin heeft. Nathalie zit inmiddels op de middelbare school, waar een mentor in de gaten heeft dat het niet goed gaat met Nathalie en haar adviseert met een psycholoog te gaan praten. Na een jaar vertelt Nathalie pas wat er gebeurd is.

    Ze is blij dat haar mentor er destijds voor gezorgd heeft dat het balletje is gaan rollen. Ze vertelde uiteindelijk, samen met haar psycholoog, ook haar ouders over het misbruik. “Mijn ouders reageerden heel fijn. Ze waren vooral verdrietig en namen het zichzelf kwalijk dat ze het nooit hadden opgemerkt. Ook ben ik onderzocht door de gynaecoloog. Ik heb me tijdens het misbruik vaak zorgen gemaakt. Was ik zwanger? Heeft hij iets beschadigd? Het was fijn om van een professional te horen dat ik helemaal gezond was.”

    SPOREN
    Nathalie is nog dagelijks bezig met de gevolgen van het misbruik, maar weet inmiddels wat professionele hulp kan betekenen: “Ik blijf zoeken naar de juiste hulp. En dat adviseer ik anderen ook. Op advies van mijn ggz-instelling heb ik mijn verhaal gedeeld met Slachtofferhulp Nederland. Ik heb ook toegang gekregen tot hun online community, zodat ik in contact kan komen met lotgenoten. Dat is heel prettig. De stap om hulp te vragen is moeilijk, dus als je de kracht hebt gevonden om dat te doen, vind dan ook de kracht de hulp te vinden die bij jou past.”

    NIET OKÉ? JE KUNT ER DIRECT IETS MEE
    Achteraf had Nathalie gewild dat ze eerder hulp had gevraagd. Wat er ook is gebeurd, hoe je ook twijfelt, als je sex tegen je wil hebt meegemaakt, heb je reden om hulp te zoeken, het liefst zo snel mogelijk. Om antwoorden te vinden op je vragen en je weer rust te geven. Dus voelt voor jou een seksuele ervaring niet oké? Je kunt er direct iets mee.

    Bekijk hier wat anderen heeft geholpen. 

    Dit verhaal is waargebeurd. Om privacyredenen zijn de naam en foto niet van de werkelijke persoon.
    Dit artikel kwam tot stand in samenwerking met de Rijksoverheid.

    Link: Linda >>

    #250009
    Luka
    Moderator

    Lindsay werd verkracht en strijdt nu voor openheid bij seksueel geweld: ‘Het is niet je eigen schuld’

    Als twintiger hoort daten er voor velen bij. En als het goed is, is dat – op een gebroken hart hier en daar na – vooral heel erg leuk. Lindsay Arts kent echter ook de andere kant van daten. Na een date werd ze in 2016 slachtoffer van seksueel geweld. “Ik dacht altijd dat je door een onbekende in een donker steegje van je fiets werd getrokken.”

    Via Tinder scoort de vrolijke Lindsay (27) een date. “Op de app hadden we al best wat gepraat, daarna via WhatsApp ook”, vertelt ze. “Dan komt natuurlijk de vraag: gaan we afspreken?” De klik is er, dus Lindsay gaat met de jongen op stap. “Ik breng altijd iemand op de hoogte met wie ik ben en waar. Na een half uur laat ik altijd even weten hoe het gaat.” Ook dit keer. Het is gezellig, dat geeft ze door aan de vriendin in kwestie. Na de date vraagt Lindsay of hij nog even thuis wat wil komen drinken. “Het was immers heel gezellig.”

    Bevroren in eigen huis
    Eenmaal thuis gaat het mis. “We zoenden, ik wist niet zo goed wat ik daarvan vond. Hij wilde verder, ik gaf aan dat ik dat niet wilde. Voor ik het wist had hij zijn handen om mijn nek en bevroor ik volledig.” Twee maanden lang vertelt Lindsay aan niemand wat er is gebeurd. “Ik was in shock. In mijn beleving is verkrachting door een wildvreemde in het park van je fiets worden getrokken.”

    Ze krijgt paniekaanvallen en besluit dan toch een vriendin op te bellen. “Het kwam er hortend en stotend uit. Daarna ben ik hulp gaan zoeken, ik moest zorgen dat ik er bovenop kwam. Maar door zolang te wachten heb ik wel een posttraumatische stressstoornis ontwikkeld.”

    Inmiddels is het 3,5 jaar later en probeert Lindsay haar nare ervaring om te zetten in een positieve les voor anderen. Zo is ze een van de gezichten van een campagne om mensen bewuster te maken van seksueel geweld. “We willen zorgen dat iedereen die hiermee te maken heeft gehad, de juiste hulp kan vinden en krijgen.”

    Daarnaast wil Lindsay taboes doorbreken. “Veel mensen doen aan victim blaming; het slachtoffer de schuld geven. Wanneer je vertelt dat je bent verkracht, komt dat heel dichtbij voor mensen. Verkrachting, dat is iets dat in grote steden gebeurt. Als het jou is overkomen, dan zal het vast je eigen schuld zijn.” Je kunt dat mensen niet kwalijk nemen, aldus Lindsay. “Verkrachting is lastig te begrijpen en er is vaak geen dader waar je je op af kunt reageren.”

    Tinderen voor de seks
    Ook Lindsay had last van die vooroordelen. “Mensen vonden me naïef, ik had beter moeten weten. Tinder draait toch alleen om seks? Maar het is niet eerlijk om zo makkelijk te oordelen, je weet namelijk niet wat erachter zit.” Mensen gaan er daarnaast vaak vanuit dat je wel terugvecht. “Terwijl de meeste mensen bevriezen. Dat is geen keuze die je maakt, dat is een reactie van je lichaam. Sommigen werken soms mee; in dat geval is het een reactie van je lijf om te zorgen dat je blijft leven.”

    Inmiddels durft Lindsay te stellen dat ze na heel wat moeilijke jaren haar leven weer op de rit heeft. “Ik mag meewerken aan een campagne, kan mijn verhaal op veel plekken vertellen en ik ben bezig met een boek. Maar er blijft altijd iets knagen. Heel soms denk ik: was het maar anders gegaan. Ik vind het zo kak dat ik bevroor, terwijl ik er niets aan kan doen. Ik weet niet wat er was gebeurd als ik wél was gaan vechten. Die onmacht, daar heb ik soms last van.”

    De schaamte voorbij
    Ze wil andere slachtoffers – mannen én vrouwen – meegeven zo snel mogelijk te praten. “Je moet die schaamte voorbij. De kans op PTSS neemt ook af als je snel hulp krijgt. Maar ik begrijp dat het heel lastig is.” Daarin je eigen tempo bepalen, is van belang. “Het hielp dat niemand bij mij ooit heeft gepusht alles tot in detail te vertellen. Ik mocht het op mijn tempo doen. Veel mensen luisterden gelukkig zonder oordeel, wat het ook makkelijker maakte. Het was oké.”

    De dader
    En de dader, hoe zit het daarmee? Lindsay wilde aangifte doen, maar door een fout werd die niet in behandeling genomen. In maart 2019 kon ze dankzij haar deelname aan een uitzending van Zembla alsnog aangifte doen van de verkrachting. De verdachte is verhoord, maar het is niet tot een strafzaak gekomen.

    Bron: In de buurt – Amersfoort >>

    #250021
    Luka
    Moderator

    Duffy doet haar verhaal: Verkracht worden is alsof je doorleeft na moord

    In een lang en emotioneel bericht op haar website heeft Duffy (35) dan toch details gedeeld over de vreselijke periode die ze heeft doorstaan. Eerder dit jaar verklaarde de zangeres haar jarenlange afwezigheid van het podium met een schokkend bericht over haar ontvoering en verkrachting, zonder in detail te treden. Nu deelt de popster uit Wales wel het hele verhaal.

    ,,Tijdens mijn verjaardag jaren geleden werd ik gedrogeerd in een restaurant, om vervolgens vier weken lang gedrogeerd te worden en naar het buitenland te worden ontvoerd. Ik herinner me helemaal niets van de vliegreis en bevond me opeens achterin een auto. Ik werd in een hotelkamer gestopt, waar de dader mij verkrachtte. Ik was doodsbang en durfde niet te vluchten. Ik heb geen idee hoe ik de kracht heb gevonden om die dagen door te komen, maar ik voelde een soort overlevingsdrang,” aldus Duffy op haar website.

    Mensenrechten
    Uiteindelijk vloog haar verkrachter terug met haar naar het Verenigd Koninkrijk, waar hij haar opnieuw drogeerde, nota bene in haar eigen huis. ,,Ik weet niet of hij mij toen ook weer verkracht heeft. Ik voelde me een zombie. Ik weet wel dat ik niet naar de politie durfde te stappen, omdat ik dacht dat ik anders vermoord zou worden. Ik kon het risico niet lopen om ‘nieuwswaardig’ te worden in verband met mijn veiligheid. Dus ik moest mijn instinct volgen. Ik vluchtte en vond een plek waar hij me niet kon vinden.”

    De traumatische gebeurtenissen zijn van grote invloed geweest op het leven van de zangeres. Ze was zo ondersteboven van wat er was gebeurd, dat ze denkt dat het haar 90.000 uur heeft gekost om zich weer enigszins stabiel te voelen. ,,Ik wilde het liefst mijn naam veranderen en naar een ver land verdwijnen. Het voelde alsof ik was beroofd van mijn mensenrechten. Maar een derde van mijn leven is al verwoest door dit incident en ik wilde mezelf, en alles wat ik in de muziek heb bereikt, niet zomaar uitvlakken. Verkracht worden is alsof je doorleeft nadat je bent vermoord. Je leeft, maar je bent dood. Maar ik schaam me niet langer voor dat wat er gebeurd is.”

    Politie
    Twee keer heeft Duffy haar verhaal bij de politie gedaan, al was dat niet geheel uit eigen beweging. Iemand dreigde haar verhaal wereldkundig te maken, en die afpersing maakte haar zo angstig dat ze besloot een vrouwelijke agent in vertrouwen te nemen. Een tweede keer vertelde ze een andere agente over hetgeen haar was overkomen, na een incident waarbij drie mannen haar huis probeerden binnen te dringen. ,,De identiteit van de verkrachter is iets tussen mij en de politie.”

    De zangeres, die in 2008 doorbrak met de hit Mercy, is geholpen door een psycholoog gespecialiseerd in trauma en seksueel geweld. ,,Zonder haar was ik hier nooit doorheen gekomen. In de nasleep ben ik een gevaar voor mezelf geweest. Het duurde acht sessies voordat ik oogcontact met haar kon hebben, daar worstelde ik zo mee.” Ze was zo bang voor haar verkrachter, dat ze in de drie jaar die erop volgden vijf keer verhuisde voor ze een plek had gevonden waar ze zich veilig voelde.

    Opvallend genoeg wil ze juist nu, in een tijd dat mensen vanwege de coronacrisis thuis zitten, haar verhaal doen. ,,Ik heb bijna tien jaar in mijn eentje doorgebracht. Soms zag ik wekenlang niemand, geen levende ziel. Mijn haar was vol klitten”, schrijft ze. ,,Ik voel me verplicht om te vertellen hoe moeizaam het was om te herstellen. Ik hoop dat je je door mijn verhaal minder schaamt als je je eenzaam voelt.”

    Ik heb bijna tien jaar in mijn eentje doorgebracht. Soms zag ik wekenlang niemand, geen levende ziel

    ,,Je zal je afvragen: waar was je familie? Degenen die wilden helpen waren gewoon te ver weg. dat is de tol die ik heb betaald door mezelf schuil te houden. Dat zorgde ervoor dat ze van me vervreemden. Wat mij overkwam was niet alleen een aanslag op mijn leven, het had ook impact op vele anderen. Het duurde extreem lang om de scherven weer op te rapen.”

    Duffy wil weer kunnen zingen, het geeft haar vrijheid. Hoe of wat weet ze nog niet precies. ,,Ik zal nu weer terugkeren naar de stilte. Ik vind dat ik het verdien om ooit weer werk uit te brengen, maar ik betwijfel of ik ooit nog de zangeres zal zijn zoals mensen mij hebben leren kennen.”

    ,,Ik hoop dat ik door het delen van mijn verhaal weer een lach in mijn ogen krijg, licht in mijn leven, dat zolang afwezig is geweest”, besluit Duffy. ,,Ik kan dit decennium nu achter me laten. Hopelijk krijg ik nu nooit meer ‘Wat is er met Duffy gebeurd-vragen’. Nu ben ik vrij.”

    Twee weken geleden liet Duffy het liedje Something Beautiful horen op de Britse radio, als een hart onder de riem in de moeilijke tijden. Ze heeft geen plannen om het officieel uit te brengen, maar is hieronder wel te beluisteren:

    Bron: AD >>

    #250121
    Luka
    Moderator

    Wat betekent het grijze gebied bij seksuele intimidatie nou eigenlijk?
    Een groot probleem is dat daders hun seksueel grensoverschrijdend gedrag vaak anders ervaren dan hun slachtoffers.

    Seksueel grensoverschrijdend gedrag is vaak ongelooflijk alledaags. Het kan iets zijn als een goedmoedige collega die tijdens het poseren voor een groepsfoto ineens een warme hand op je billen legt, een eenzame man op een bankje die verlekkerde dingen over je benen begint te lispelen zodra je langsloopt, of een sekspartner die verbeten doorgaat terwijl je zelf al een tijdje geen zin meer hebt.

    Het is ronduit vervelend – soms zelfs beangstigend en vernederend – als zoiets je overkomt. Tegelijkertijd kan het lastig zijn om er iets tegen te ondernemen. Want ook al is iemand keihard over je grens gegaan, buiten de context van je eigen gevoelens is dat soms moeilijk hard te maken. Als het over seksueel wangedrag gaat, valt al snel de term ‘grijs gebied’ – alsof er een vetvlekje op ons morele kompas zit, waardoor we niet meer kunnen aflezen wie er schuldig is. “Bedoelde die collega het niet gewoon als grapje?” is zo’n vraag die zich opdringt. “Maak ik problemen die er eigenlijk niet zijn? Lokte ik die smerige opmerking niet een beetje uit met mijn opzichtige benen?”

    Het is moeilijk om in helder zwart-wit over seksueel grensoverschrijdend gedrag te praten, omdat het onduidelijk is waar die grens ligt. “Ik worstel met het idee van spreken over een grijs gebied,” zegt psycholoog en hoogleraar seksuologie Ellen Laan. “Bij iets als straatintimidatie geldt dat of iets vervelend is of niet, vaak helemaal afhangt van de context. Als een ontzettend aantrekkelijk iemand jou op straat tegenkomt en zegt “wow gorgeous, mag ik je telefoonnummer”, dan kan dat best leuk zijn. Maar als een type met slechte tanden en een bierbuik hetzelfde doet, is het misschien juist erg vervelend. Die context bestaat uit meerdere dingen: de omgeving waar het zich afspeelt, wie het is die aan het roepen is, wat voor eerdere ervaringen de persoon die het ondergaat heeft gehad. Het is ingewikkeld om universele uitspraken over te doen of wat wel of niet kan. Een democratisch principe, waarbij iets fout is als de meerderheid het als vervelend beschouwt, helpt hierbij niet.”

    “Bij straatintimidatie gaat het al heel snel over de vraag wat acceptabel is en wat niet,” zegt ook socioloog Mischa Dekker. Hij onderzoekt hoe intimidatie op straat in Frankrijk en Nederland een politiek probleem geworden is, en komt de notie van een ‘grijs gebied’ daarbij dikwijls tegen.

    De discussie over dat grijze gebied is niet nieuw, benadrukt Dekker. In de jaren zestig en zeventig waren feministische activisten er in elk geval al heel stellig over: straatintimidatie gaat over macht, niet over seks. Als mannen op straat naar vrouwen roepen, fluiten of grijnzen is dat geen onbeholpen poging tot sjans, maar een uiting van macht en dominantie. Een grijs gebied was er wat hen betreft dus niet. “Die stelligheid was een reactie op de victim precipitation theory die in de jaren vijftig in zwang was geraakt. Bij die theorie wordt er vooral gekeken naar hoe een slachtoffer van een misdrijf zich gedragen heeft: heb je bijvoorbeeld meer kans om verkracht te worden als je op een bepaalde manier loopt of praat. Door die benadering kwam de schuld voor een aanzienlijk deel bij het slachtoffer te liggen, het nodigde uit tot victim blaming. Feministen waren het daar niet mee eens, en wilden zich daar heel erg tegen afzetten.”

    Dat leidde tot de opvatting dat elke vorm van ongewenste toenadering in de publieke ruimte per definitie een vorm van seksisme is. In Frankrijk wordt deze manier van denken aangehouden bij voorlichting over straatintimidatie op middelbare scholen, vertelt Dekker. Aan de meisjes in de klas wordt verteld dat ze slachtoffer zijn van mannelijk machtsvertoon, de jongens wordt opgeroepen om vooral op te houden met die dominantie. Het is een duidelijke boodschap, maar hij ziet ook dat het bij leerlingen voor vervreemding kan zorgen.

    “Leerlingen op scholen in de voorsteden van Parijs zien die voorlichting bijvoorbeeld als iets elitairs, iets wat afkomstig is van hoogopgeleide, witte mensen uit de binnenstad,” legt hij uit. Culturele achtergrond en klasse spelen ook mee als het gaat om de vraag welk gedrag acceptabel is, wat het in de praktijk moeilijker maakt om een harde grens te bepalen.

    “Ik snap zo’n zwart-wit benadering vanuit activistisch oogpunt, want het gaat relativering van straatintimidatie tegen – mensen die “ach, het was maar een grapje” zeggen. Maar om bij mannen daadwerkelijk een gedragsverandering teweeg te brengen, moet je ze duidelijk maken dat er verschillende interpretaties mogelijk zijn. Je moet dat grijze gebied serieus nemen,” aldus Dekker.

    “Dat probeert bijvoorbeeld het team van Qpido, een stichting die voorlichting over seksualiteit en weerbaarheid organiseert in Amsterdam. Zij zeggen: voor een deel komt straatintimidatie voort uit mannelijke dominantie en vervelende intenties, maar een groot deel is het ook simpelweg sociale onhandigheid, zeker bij jongeren. Daarom geven zij bijvoorbeeld flirtles aan jongens en meisjes, om ze te leren hoe ze om een leuke manier contact kunnen leggen met anderen. Het is een compleet andere aanpak dan in Frankrijk, veel minder ideologisch. Maar als we door middel van educatie een cultuurverandering willen bewerkstelligen, is het belangrijk om bij te houden wat in de praktijk het beste werkt.”

    Als het om straatintimidatie gaat, lijkt het er dus op dat het grijze gebied zich uitstrekt tussen twee parallelle waarheden: de perceptie van het slachtoffer en de perceptie van de dader. De één voelt zich geïntimideerd en ongemakkelijk, de ander waant zich een ouderwetse casanova die met welgemeende complimentjes de levens van passerende vrouwen probeert op te vrolijken.

    Laan is het er mee eens dat zo’n verschil in perceptie kan bijdragen aan het ontstaan van grijze gebied. Ze voegt daar aan toe dat de manier waarop verreweg de meesten van ons seksueel gesocialiseerd zijn, ertoe leidt dat vrouwen vaker slachtoffer worden van seksuele intimidatie, terwijl de meeste plegers mannen zijn.

    “We worden allemaal opgevoed met het idee dat mannen van nature een onuitputtelijke zin in seks hebben, waardoor ze bijna wel de fout in moéten gaan”, aldus Laan. “Ik zie dat ook bij jonge, vaak hoogopgeleide vrouwen in mijn spreekkamer, die bij mij komen omdat ze pijnklachten hebben tijdens seks. Dat ze pijn krijgen, betekent dat ze dingen doen waar ze niet voldoende opgewonden voor zijn. Toch heerst bij hen heel sterk het idee dat ze hun mannelijke sekspartner hun zin moeten geven, of ze dat nou zelf willen of niet, vanuit een soort heilig ontzag voor de mannelijke seksuele drift. Het komt niet bij ze op om te zeggen ‘dit doet pijn, laten we iets anders doen’, nee, dat neuken moet gebeuren.”

    Voor vrouwen is seksualiteit gecompliceerd, zegt Laan. “In seksuele voorlichting wordt bij meiden vaak de nadruk gelegd op weerbaarheid, en op het voorkomen van zwangerschap en soa’s. Zo is het net of seks voor meiden veel gevaarlijker is dan voor jongens. En als je als vrouw openlijk seksueel bent, loop je het risico dat je een slet wordt gevonden, door zowel mannen als vrouwen.”

    “Tegelijkertijd zie je overal hoogst geseksualiseerde beelden van vrouwen, die juist heel veel plezier in seks lijken te hebben. In porno hoef je maar de grote teen van een vrouw aan te raken, of ze ligt al in extase. Die verwarring voel je als vrouw ook op straat: je hoort er mooi en vrouwelijk uit te zien, maar ook weer niet té, want dan verlies je het recht om het vervelend te vinden als je wordt nageroepen. We vinden dat vrouwen de hele tijd op de rem moeten trappen, terwijl mannen volop gas mogen geven.”

    Laan benadrukt dat de vrouwelijke en de mannelijke seksualiteit in feite juist helemaal niet zo van elkaar verschillen. “Maar zowel mannen als vrouwen hebben het beeld dat het wel zo is.”

    Een verschil in perceptie, oftewel het grijze gebied, maakt het lastig om straatintimidatie, en seksueel grensoverschrijdend gedrag in het algemeen, strafbaar te stellen. Volgens strafjurist Stéphanie Heinerman, die werkt als strategisch juridisch adviseur is bij Bureau Clara Wichmann, is ons strafrecht eigenlijk niet goed ingericht om met seksueel wangedrag om te gaan. “Wat volgens het recht strafbaar is, is veel nauwer en kleiner dan wat we als maatschappij als grensoverschrijdend beschouwen”.

    Dat komt onder andere omdat binnen het strafrecht de intentie van de pleger erg zwaar weegt. Als iemand niet de opzet heeft gehad om een misdrijf te begaan, is het al een stuk minder waarschijnlijk dat hij of zij strafbaar gedrag heeft vertoond. Seksueel wangedrag is al lastig te bewijzen, omdat het zich over het algemeen tussen twee personen afspeelt en er geen getuigen bij zijn, maar het wordt al helemaal moeilijk als een dader kan volhouden niet door te hebben gehad dat het slachtoffer er niet van gediend was.

    Heinerman noemt wetgeving ‘het sluitstuk van de maatschappij’. “Het hobbelt altijd een beetje achter maatschappelijke ontwikkelingen aan”, zegt ze. “En in het strafrecht ben je gebonden aan wat er in de wet staat.”

    “Voordat seksueel grensoverschrijdend gedrag strafbaar is, moet er sprake zijn van dwang, een overduidelijk machtsverschil, of het slachtoffer moet in een hulpeloze toestand hebben verkeerd”, legt Heinerman uit. “Dwang veronderstelt dat het slachtoffer zich moet hebben verzet, maar dat is niet per se een veelvoorkomende reactie van slachtoffers. Wat vaak voorkomt is dat een slachtoffer van grensoverschrijdend gedrag juist verstijft, vanuit een overlevingsimpuls.”

    Het is nu zo dat veel seksueel grensoverschrijdend gedrag zo vaak voorkomt, dat we het als normaal en daarom niet strafbaar zijn gaan beschouwen. “Betast worden in het uitgaansleven bijvoorbeeld; voor veel vrouwen hoort dat er gewoon een beetje bij. Terwijl het toch echt grensoverschrijdend gedrag is.”

    Wel ziet Heinerman dat er verandering op komst is, en dat er sinds de #MeToo-beweging binnen het strafrecht steeds meer oog komt voor de maatschappelijke veranderingen. Vorig jaar schreef de minister van Justitie en Veiligheid een brief aan de Kamer, met daarin het voornemen om het Wetboek van Strafrecht meer in lijn te brengen met de maatschappij. “Het voorstel is om bij seksuele misdrijven niet meer zozeer te kijken naar de opzet van de pleger, maar ook naar de wil van het slachtoffer. Dat zou een enorme verruiming betekenen van wat er strafbaar is, niet alleen qua fysiek seksueel overschrijdend gedrag, maar ook qua verbale en non-verbale intimidatie op straat en online.” Plegers zouden dus strafbaar zijn als ze hadden kunnen weten dat wat ze deden tegen de zin van de ander was – net zoals je ook strafbaar kan zijn wegens heling als je in de vroege ochtend op straat een fiets koopt voor tien euro.

    Laan denkt ook dat deze verandering in het Wetboek van Strafrecht wenselijk is. “Al krijg je natuurlijk wel het probleem van mannen die zeggen dat ze dan niet eens meer mogen flirten zonder een overtreding aan hun broek te krijgen. Dat vind ik een ontzettende bagatellisering van het probleem, trouwens, als je zo reageert wil je het gewoon niet begrijpen.”

    Voor Laan bestaat de weg naar minder seksuele problemen en grijze gebieden uit meer begrip en kennis. “Met de Stichting voor Seksueel Welzijn pleit ik voor het idee van seksuele gelijkwaardigheid. Er blijkt steeds meer uit wetenschappelijk onderzoek dat vrouwen en mannen in hun vermogen tot lustgevoelens, opwinding en klaarkomen helemaal niet veel van elkaar verschillen. Maar er is wel een verschil in hoe ze hun seksualiteit uitvoeren. Als seks alleen maar om penetratie draait, dan is het logisch dat vrouwen minder klaarkomen, en dat het voor hen dus minder leuk is. Maar we accepteren dat, omdat we denken dat het zo hoort.”

    Meer seksuele gelijkwaardigheid lost het probleem van seksuele intimidatie wellicht niet helemaal op, maar zou seks voor vrouwen in ieder geval een stuk minder gecompliceerd en bedreigend maken.”Ik vind het onzinnig idee dat je altijd maar moet benadrukken dat er voor mannen ook een voordeel is”, zegt Laan, “maar het is natuurlijk wel zo: als het voor vrouwen leuker wordt, is het dat voor mannen ongetwijfeld ook.”

    Bron: Vice.com >>

19 berichten aan het bekijken - 101 tot 119 (van in totaal 119)
  • Je moet ingelogd zijn om een reactie op dit onderwerp te kunnen geven.
gasten online: 11 ▪︎ leden online: 0
No users are currently active
FORUM STATISTIEKEN
topics: 2.214, reacties: 12.365, actieve leden: 1.013